This document is an excerpt from the EUR-Lex website
Document 52012IE0638
Opinion of the European Economic and Social Committee on ‘The contribution of migrant entrepreneurs to the EU economy’ (own-initiative opinion)
Advies van het Europees Economisch en Sociaal Comité over de bijdrage van migrantenondernemers aan de economie van de EU (initiatiefadvies)
Advies van het Europees Economisch en Sociaal Comité over de bijdrage van migrantenondernemers aan de economie van de EU (initiatiefadvies)
PB C 351 van 15.11.2012, pp. 16–20
(BG, ES, CS, DA, DE, ET, EL, EN, FR, IT, LV, LT, HU, MT, NL, PL, PT, RO, SK, SL, FI, SV)
|
15.11.2012 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
C 351/16 |
Advies van het Europees Economisch en Sociaal Comité over de bijdrage van migrantenondernemers aan de economie van de EU (initiatiefadvies)
2012/C 351/04
Rapporteur: mevrouw KING
Op 19 januari 2012 heeft het Europees Economisch en Sociaal Comité, op grond van artikel 29, lid 2, van zijn reglement van orde, besloten een initiatiefadvies op te stellen over:
De bijdrage van migrantenondernemers aan de economie van de EU.
De afdeling Werkgelegenheid, Sociale Zaken en Burgerschap, die met de voorbereidende werkzaamheden was belast, heeft haar advies op 3 september 2012 goedgekeurd.
Het Comité heeft tijdens zijn op 18 en 19 september 2012 gehouden 483e zitting (vergadering van 18 september 2012) het volgende advies uitgebracht, dat met 135 stemmen vóór en 2 stemmen tegen, bij 10 onthoudingen, is goedgekeurd.
1. Samenvatting en aanbevelingen
1.1 Het aantal ondernemers met een migrantenachtergrond in de Europese Unie is de laatste tien jaar gestegen. Zij dragen bij tot economische groei en werkgelegenheid, doordat ze vaak zorgen voor een heropleving van ambachten en neringen die in de vergetelheid zijn geraakt. Ook hebben ze een groeiend aandeel in de levering van goederen en diensten met toegevoegde waarde. Ze vormen een niet te onderschatten bruggenhoofd naar internationale markten en door de arbeidsplaatsen die zij voor zichzelf en in toenemende mate ook voor immigranten en de oorspronkelijke bevolking scheppen (1), spelen zij bovendien een belangrijke rol bij de integratie van migranten op de arbeidsmarkt.
1.2 De EU heeft uitdrukkelijk erkend dat migrantenondernemers een cruciale bijdrage kunnen leveren aan duurzame groei en werkgelegenheid. Belangrijk is dat deze erkenning niet los van de andere onmiddellijke prioriteiten van EU-beleidsmakers wordt gezien. Een dynamische, duurzame, op groei gerichte ondernemersactiviteit van migranten mag als onderdeel niet ontbreken in de strategie voor groei en werkgelegenheid, de Small Business Act, de Europa 2020-strategie en het nieuwe programma COSME. In al deze beleidsinitiatieven wordt het centrale belang van een sterk groeiend, meerwaarde genererend midden- en kleinbedrijf voor een op duurzame groei gerichte EU-economie erkend.
1.3 Migrantenondernemers vergroten daarnaast de sociale kansen van migranten, vervullen een voorbeeldfunctie voor met name jongeren en dragen door de revitalisering van straten en buurten bij tot een sterker sociaal leiderschap, een groter gevoel van eigenwaarde en meer sociale samenhang.
1.4 Het Comité is ingenomen met de Mededeling van de Commissie (2) waarin "de belangrijke rol van migranten als ondernemers" wordt erkend en benadrukt wordt dat "hun creativiteit en innovatievermogen [moet worden versterkt]". Ook staat het achter de uitspraak dat "een meer dynamische strategie ter bevordering van grensoverschrijdend ondernemerschap […] ondernemers die zowel in de EU-lidstaten als in de partnerlanden actief zijn, ten goede [zou] komen. Dergelijke ondernemingen kunnen zorgen voor meer werkgelegenheid in de landen van herkomst en bevorderlijk zijn voor zowel de integratie van migranten als de handel tussen de betrokken landen".
1.5 De werkloosheidscijfers blijven stijgen. Het scheppen van hoogwaardige banen is daarom prioriteit nummer 1 voor de EU. Des te belangrijker is het dat EU-beleidsmakers inzien welke troef zij met de migrantenondernemingen in handen hebben, zowel vanuit het oogpunt van de lokale economie als in toenemende mate ook vanuit het oogpunt van de internationale markt, waar nog steeds vraag is naar goederen en diensten uit de EU. Dit sluit aan bij de strategie van de Commissie om kleine en middelgrote ondernemingen te helpen om ook buiten de EU zakelijke activiteiten te ontplooien. Internationale activiteiten zijn immers goed voor de groei en het concurrentievermogen en dragen ertoe bij dat bedrijven in de EU zich op de lange termijn staande weten te houden.
1.6 Om, zoals in de Commissiemededeling wordt bepleit, "de creativiteit en het innovatievermogen" van migrantenondernemers te versterken, beveelt het Comité speciale maatregelen op Europees, nationaal en lokaal niveau aan. Deze zijn nodig om een einde te maken aan discriminatie en om voor iedereen gelijke voorwaarden te creëren, zodat eenieder kan bijdragen tot inclusieve groei en hoogwaardige banen.
|
1.6.1 |
Beleidsmakers op EU-niveau dienen:
|
|
1.6.2 |
De EU-lidstaten dienen:
|
|
1.6.3 |
De lokale overheden en het maatschappelijk middenveld, m.i.v. de sociale partners, dienen:
|
2. Algemene opmerkingen
2.1 De Europese Unie staat voor ingrijpende demografische veranderingen: in tal van regio's loopt de bevolking aanzienlijk terug, de samenleving vergrijst in toenemende mate en de geboortecijfers dalen. Dit neemt niet weg dat de totale bevolking in de EU tussen 2004 en 2008 een jaarlijkse aanwas van twee miljoen mensen kon optekenen. Dit is vooral te danken aan de netto-migratie. Migranten dragen op tal van manieren bij tot de economische groei van hun gastlanden: zij brengen nieuwe vaardigheden en talenten mee, helpen tekorten op de arbeidsmarkt opvullen en richten nieuwe ondernemingen en bedrijven op.
2.2 De bijdrage die migranten leveren aan de economie door het oprichten van eigen ondernemingen is een aspect dat tot dusverre onderbelicht is gebleven. Dit advies heeft tot doel om de kennis omtrent de activiteiten van migrantenondernemers te vergroten. Ook worden hierin aanbevelingen geformuleerd over de wijze waarop de successen van migrantenondernemingen kunnen worden bevorderd en onder de aandacht kunnen worden gebracht en over de manier waarop hun bijdrage aan de economische groei kan worden vergroot.
2.3 Het is geen sinecure om het ondernemerschap van migranten en de door hen gecreëerde werkgelegenheid in de verschillende EU-landen met elkaar te vergelijken. Voor elk land zijn er namelijk weer andere gegevensbronnen voorhanden. Bovendien ontbreekt het aan een internationaal overeengekomen definitie van migrantenondernemer.
2.4 Voor het onderhavige document wordt hoofdzakelijk uitgegaan van de presentaties van de vaste EESC-studiegroep "Immigratie en integratie" tijdens de op 24 november 2011 gehouden hoorzitting over de bijdrage van migrantenondernemers aan de EU-economie (4).
2.5 Een migrantenondernemer is een ondernemer die buiten de EU is geboren en "die waarde probeert te creëren door economische activiteiten op te zetten of uit te breiden" (5). Zo'n ondernemer kan een zelfstandige zijn, die geen of juist wel personeel in dienst heeft (6).
2.6 In dit advies draait het om zelfstandige ondernemers. Met behulp van gegevens uit arbeidskrachtenenquêtes worden er vergelijkingen gemaakt tussen lidstaten en tussen migrantenondernemers en autochtone ondernemers. Overeenkomstig de bij onderzoek naar ondernemerschap gehanteerde regels gaat het bij deze analyse bovendien om niet-agrarische ondernemers.
3. Kenmerken van migrantenondernemers
3.1 Migranten zijn ondernemender
|
3.1.1 |
Uit de arbeidskrachtenenquête in de EU (7) blijkt dat het migrantenondernemerschap in de EU een uiteenlopende trend laat zien: in het Verenigd Koninkrijk, Frankrijk, België, Denemarken en Zweden ligt het aantal migrantenondernemers 1,5 tot 2,9 procentpunt hoger dan het aantal autochtone ondernemers. In Portugal, Spanje, Italië, Griekenland, Ierland, Duitsland en Oostenrijk zijn er daarentegen procentueel gezien minder migrantenondernemers dan autochtone ondernemers. |
|
3.1.2 |
Op regionaal niveau zijn er in Zuid-Europa en Centraal- en Oost-Europa over het algemeen meer zelfstandigen (van autochtone en migrantenafkomst). Over het algemeen beginnen migranten in Centraal- en Oost-Europa eerder voor zichzelf dan autochtonen. In Zuid-Europa is juist het omgekeerde het geval. |
|
3.1.3 |
Het grotere aantal zelfstandigen onder migranten in Polen, Slowakije, Tsjechië en Hongarije is deels het gevolg van de relatief soepele visumvoorschriften voor migrantenondernemers en van de werkgelegenheidssituatie in deze landen. Het lagere percentage migrantenondernemers in Zuid-Europese landen is wellicht een gevolg van het feit dat migranten in deze landen misschien niet de tijd hebben gehad om het menselijke, fysieke en maatschappelijke kapitaal te ontwikkelen dat nodig is om een bedrijf te starten, omdat ze de landstaal nog niet vloeiend spreken of omdat ze problemen ondervinden bij de erkenning van hun kwalificaties. |
|
3.1.4 |
Uit de gegevens over het aantal nieuwe ondernemers in een bepaald jaar kan ook worden opgemaakt dat migranten zich over het algemeen ondernemender opstellen dan autochtonen. In de periode tussen 1998 en 2008 verdubbelde het gemiddelde aantal nieuwe migrantenondernemers per jaar in Duitsland (tot meer dan 100 000 per jaar) en het Verenigd Koninkrijk (tot bijna 90 000 per jaar). In Spanje en Italië stegen de gemiddelde aantallen per jaar respectievelijk met een factor zes (tot meer dan 75 000 per jaar) en acht (tot 46 000). In Frankrijk was er gedurende dezelfde periode een lichte toename (tot 35 000) te zien (8). |
|
3.1.5 |
Daar komt bij dat migranten ten opzichte van hun eigen bevolking naar verhouding ondernemender zijn dan autochtonen. Zo vertegenwoordigen migranten 8 % van de bevolking in het Verenigd Koninkrijk, maar bezitten ze 12 % van de kleine en middelgrote ondernemingen in het land. |
|
3.1.6 |
Deze bevindingen sluiten aan op een recent Amerikaans onderzoek, waaruit blijkt dat 18 % van de kleine ondernemingen in handen is van immigranten, terwijl zij slechts 13 % van de bevolking en 16 % van de beroepsbevolking uitmaken (9). |
3.2 De overlevingskansen van migrantenondernemingen
|
3.2.1 |
Hoewel er elk jaar meer migranten dan autochtonen voor zichzelf beginnen, is het aantal migrantenondernemers dat ermee stopt, ook hoger. Het feit dat minder migrantenondernemingen overleven, kan erop wijzen dat het ondernemerschap een manier is om de overstap te maken naar een baan in loondienst, of juist een teken zijn dat migrantenondernemingen vaker op een mislukking uitlopen. In Frankrijk was bijvoorbeeld vijf jaar na de oprichting nog slechts 40 % van de ondernemingen van buitenlandse onderdanen actief, tegenover 54 % van de door Franse onderdanen opgezette bedrijven (10). Uit de OESO-studie (11) blijkt dat migrantenondernemingen zelfs na controle van kwalificaties, ervaring en andere factoren 27 % minder kans hebben om te overleven dan bedrijven van autochtonen. |
3.3 Sectoren met een hoge toegevoegde waarde
|
3.3.1 |
Migrantenondernemers ontplooien in hun gastland een even grote verscheidenheid aan activiteiten als autochtonen. Deze overgang van bedrijven die oorspronkelijk vooral hun eigen bevolkingsgroep bedienden, is deels het gevolg van het stijgende opleidingsniveau van veel migranten, maar ook van de veranderingen in de economische structuren van postindustriële samenlevingen. |
|
3.3.2 |
Hoewel in Europa naar verhouding een groot aantal in het buitenland geboren ondernemers werkzaam is in sectoren die traditioneel gezien meer met migrantenondernemingen worden geassocieerd (d.w.z. groot- en detailhandel), zijn velen juist daarbuiten actief. Zo is bijna 18 % van de migrantenondernemers actief in de bouw, circa 8 % in de wetenschappelijke en technische beroepssector, circa 6 % in de verwerkende industrie en nog eens 6 % in de gezondheidszorg en de sociale hulpverlening. |
3.4 Profiel
|
3.4.1 |
Qua algemeen profiel komen migrantenondernemers en autochtone ondernemers overeen: beiden zijn goed opgeleid en man, en meer dan drie op de vier zijn ouder dan 35. Migrantenondernemers en autochtone ondernemers zijn gemiddeld ouder dan werknemers en mensen in loondienst. Een mogelijke verklaring hiervoor is dat men pas een bedrijf kan beginnen als men voldoende maatschappelijk en fysiek kapitaal heeft vergaard en de nodige ervaring heeft opgedaan. |
|
3.4.2 |
Migrantenondernemers zijn gemiddeld hoger opgeleid dan hun autochtone evenknieën. Zo'n 30 tot 40 % van de migrantenondernemers heeft hoger onderwijs genoten. |
|
3.4.3 |
Bijna twee derde van de migrantenondernemers verblijft al meer dan tien jaar in het gastland. Voor de migrantenwerknemers in loondienst is dat slechts iets meer dan 50 %. |
|
3.4.4 |
Er zijn verschillen in de mate waarin migranten uit diverse gebieden geneigd zijn om voor zichzelf te beginnen. Aziatische migranten kiezen het meest en Latijns-Amerikaanse en Afrikaanse migranten het minst voor ondernemerschap. De verschillen in houding ten aanzien van het ondernemerschap tussen migrantengroepen kan voor een belangrijk deel worden toegeschreven aan de verschillen in opleiding en welvaart. Een aanvullende verklaring is dat de economieën van sommige landen van herkomst een groter percentage ondernemers kent en dat mensen uit die landen sneller een bedrijf beginnen in het gastland. |
|
3.4.4.1 |
Toch is de situatie van migranten uit dezelfde regio verre van homogeen. Uit de officiële cijfers uit het Verenigd Koninkrijk blijkt bijvoorbeeld dat als de arbeidsparticipatie van Pakistaanse migranten gelijk zou zijn aan die van de Indiase migranten, het percentage mannelijke en vrouwelijke arbeidskrachten in deze groep met respectievelijk 24 en 136 % zou stijgen. Dit zou neerkomen op 96 000 extra arbeidskrachten. |
4. De EU-context
4.1 In het programma van Stockholm is de agenda vastgelegd voor het beleid van de Europese Unie op het gebied van justitie en binnenlandse zaken voor de periode 2010-2014. Een van de aspecten daaruit is de succesvolle integratie van migranten met het oog op de versterking van democratische waarden en sociale cohesie en ter bevordering van de interculturele dialoog op alle niveaus.
4.2 Het Europees Integratiefonds ondersteunt met een begroting van 825 miljoen EUR voor de periode 2007-2013 nationale en EU-initiatieven voor de integratie van migranten uit niet-EU-landen in de Europese samenlevingen en is onder meer bedoeld voor projecten op het gebied van ondernemerschap onder migranten en onderwijs over ondernemerschap aan migranten (12).
4.3 In de Commissiemededeling (13)"Europese agenda voor de integratie van onderdanen van derde landen" wordt weliswaar erkend dat migrantenondernemers een belangrijke rol vervullen, toch wordt er in vlaggenschipinitiatieven als de Europa 2020-strategie met geen woord gerept over hun potentiële bijdrage aan duurzame groei en werkgelegenheid.
4.4 Het werkgelegenheidspakket van de EU richt zich op betaald werk als een middel om de integratie van migranten te bevorderen. Er wordt echter volledig voorbijgegaan aan de rol van migrantenondernemers, die kunnen bijdragen tot het scheppen van hoogwaardige en duurzame banen en de economische en maatschappelijke integratie van migranten en autochtonen dichterbij kunnen helpen.
4.5 EU-beleidsmakers dienen in hun strategieën op actieve en coherente wijze een vaste plaats in te ruimen voor het ondernemerschap van migranten. Bovendien moet er erkenning en steun komen voor de rol van migrantenondernemers in de integratiestrategie voor migranten.
5. Bijdrage van migrantenondernemers
5.1 Arbeidsmarkt
|
5.1.1 |
Uit de arbeidskrachtenenquête in de EU (1998-2008) blijkt dat migrantenondernemers een positieve bijdrage leveren aan de werkgelegenheid, ook al zijn de meeste ondernemers (van autochtone en migrantenafkomst) zelfstandigen zonder personeel. |
|
5.1.2 |
Gemiddeld scheppen zij 1,4 tot 2,1 extra banen. In vergelijking met autochtone ondernemers blijkt echter dat migrantenondernemers naar verhouding minder werkgelegenheid creëren. Dit geldt niet voor Tsjechië, Hongarije, Slowakije en het Verenigd Koninkrijk, waar migrantenondernemers meer banen creëren dan hun autochtone evenknieën. |
|
5.1.3 |
Deze bijdrage aan de algemene werkgelegenheid is in de loop van de tijd toegenomen. Tussen 1998 en 2008 steeg in Spanje, Italië, Oostenrijk, Duitsland en Nederland het aantal werknemers bij migrantenondernemers, terwijl hun bijdrage aan de werkgelegenheid in het Verenigd Koninkrijk en Frankrijk in diezelfde periode op hetzelfde hoge niveau bleef steken. Zo namen migrantenondernemers in Duitsland in zowel 2007 als 2008 meer dan 750 000 mensen in dienst. Voor het Verenigd Koninkrijk en Spanje bedroeg dat aantal circa een half miljoen, voor Frankrijk bijna 400 000 en voor Italië circa 300 000. |
|
5.1.4 |
Relatief gezien komt deze bijdrage overeen met 1,5 tot 3 % van de gehele beroepsbevolking. Luxemburg (8,5 %) en Ierland (4,9 %) zijn de landen waar migranten de grootste bijdrage leveren aan de algemene werkgelegenheid. Op basis van de beschikbare gegevens kan niet worden vastgesteld of migranten hoofdzakelijk andere migranten in dienst hebben. Toch wijzen sommige studies uit dat migranten werk verschaffen aan zowel autochtonen als andere migranten. |
5.2 Economie
|
5.2.1 |
Migrantenondernemers scheppen niet alleen nieuwe banen, ook dragen ze in hun gastland bij tot een algehele groei van de economie. Het is bijzonder lastig om concrete empirische bewijzen te verzamelen voor hun daadwerkelijke bijdrage aan de EU-economie. Gegevens uit het Verenigd Koninkrijk wijzen echter uit dat hun bijdrage aan de economie van dat land jaarlijks op 25 miljard GBP wordt geraamd, d.w.z. 6 % van de door kleine en middelgrote ondernemingen gegenereerde bruto toegevoegde waarde (430 miljard GBP in 2007) (14). |
|
5.2.2 |
Dit komt overeen met een Amerikaans onderzoek waaruit blijkt dat kleine bedrijven die voor de helft of meer in handen zijn van immigranten, jaarlijks voor 776 miljard USD, d.w.z. 13 % van de totale bijdrage van kleine bedrijven (6 biljoen USD in 2007), bijdragen aan de economie. |
|
5.2.3 |
Gegevens uit Frankrijk wijzen uit dat immigranten in dat land in 2009 47,9 miljard EUR van de Franse staat ontvingen (uitkeringen, huisvesting, onderwijs enz.), maar 60,3 miljard EUR in het laatje brachten. Daarmee leverden zij de schatkist netto 12,4 miljard EUR op (15). |
|
5.2.4 |
Het Comité denkt dat er een grotere bijdrage aan de EU zou kunnen worden geleverd als migrantenondernemers in de informele economie de noodzakelijke ondersteuning zouden kunnen krijgen om de overstap te maken naar de formele economie. |
5.3 Handel
|
5.3.1 |
Het is ook gebleken dat migrantenondernemers werkgelegenheidskansen helpen creëren in hun gastland. Door gebruik te maken van hun contacten, netwerken en kennis over de markt in hun landen van herkomst dragen ze namelijk bij aan een verlaging van de transactiekosten voor de handel met diezelfde landen. Zo richt bijvoorbeeld 22 % van de Zweedse ondernemingen in buitenlandse handen zich met zijn goederen en diensten in ieder geval gedeeltelijk op de internationale markt (tegenover 15 % van de autochtone ondernemingen) (16). Ook is aangetoond dat de 10 % stijging van het aantal migranten die in Zweden is geconstateerd, gepaard ging met een gemiddelde toename van de export met 6 % en van de import met 9 % (17). Dit duidt er wellicht op dat migranten impliciete handelsbarrières met hun land van herkomst kunnen helpen beslechten en zo een belangrijke rol kunnen spelen bij de bevordering van de buitenlandse handel. |
|
5.3.2 |
Een ander voorbeeld is het Verenigd Koninkrijk. Migrantenondernemers bieden direct toegang tot een groeiende diasporagemeenschap met een geschat beschikbaar inkomen van meer dan 30 miljoen EUR. Ook maken ze het mogelijk dat er nieuwe zakelijke kansen kunnen worden aangeboord op internationale markten als India, China, Afrika, het Caribische gebied en Latijns-Amerika. |
5.4 Bij het ondernemerschap van migranten gaat het echter om meer dan alleen werkgelegenheid en economie. Het kan ook de sociale kansen van migranten vergroten en door de revitalisering van straten en buurten bijdragen tot een sterker sociaal leiderschap, een groter gevoel van eigenwaarde en meer sociale samenhang.
Brussel, 18 september 2012
De voorzitter van het Europees Economisch en Sociaal Comité
Staffan NILSSON
(1) Rath, J., Eurofound (2011), "Promoting ethnic entrepreneurship in European cities", Bureau voor publicaties van de Europese Unie, Luxemburg.
(2) "Europese agenda voor de integratie van onderdanen van derde landen" – COM(2011) 455 final en SEC(2011) 957 final.
(3) http://eur-lex.europa.eu/LexUriServ/LexUriServ.do?uri=OJ:L:2009:168:0024:0032:NL:PDF.
(4) http://www.eesc.europa.eu/?i=portal.en.events-and-activities-migrant-entrepreneurs-contribution-present.
(5) Definitie van ondernemer van de OESO, 2008.
(6) Rath, J., Eurofound (2011), "Promoting ethnic entrepreneurship in European cities", Bureau voor publicaties van de Europese Unie, Luxemburg.
(7) http://epp.eurostat.ec.europa.eu/portal/page/portal/employment_unemployment_lfs/data/database.
(8) Zie http://dx.doi.org/10.1787/888932442104.
(9) http://www.fiscalpolicy.org/immigrant-small-business-owners-FPI-20120614.pdf.
(10) Breem, Y. (2009), "Les entreprises créées en 2002 par des ressortissants des pays tiers: de plus grandes difficultés à survivre", Infos Migrations, No. 13, Département des statistiques, des études et de la documentation (DSED), Franse ministerie van Immigratie, Integratie, Nationale Identiteit en Solidaire Ontwikkeling.
(11) "Open for Business: Migrant Entrepreneurship in OECD Countries", 2010.
(12) http://ec.europa.eu/dgs/home-affairs/financing/fundings/migration-asylum-borders/integration-fund/index_en.htm.
(13) COM(2011) 455 final en SEC(2011) 957 final.
(14) http://www.bis.gov.uk/assets/biscore/enterprise/docs/b/11-515-bigger-better-business-helping-small-firms.
(15) http://www.europeanvoice.com/article/imported/time-to-value-migrants-contribution/74527.aspx
(16) Zweeds agentschap voor economische en regionale groei (2007).
(17) Hatzigeorgiou in OESO (2010).