This document is an excerpt from the EUR-Lex website
Document 62009CN0068
Case C-68/09 P: Appeal brought on 16 February 2009 by Georgios Karatzoglou against the judgment of the Court of First Instance (First Chamber) delivered on 2 December 2008 in Case T-471/04 Georgios Karatzoglou v European Agency for Reconstruction (EAR)
Zaak C-68/09 P: Hogere voorziening ingesteld op 16 februari 2009 door Georgios Karatzoglou tegen het arrest van het Gerecht van eerste aanleg (Eerste kamer) van 2 december 2008 in zaak T-471/04, Georgios Karatzoglou/Europees Bureau voor wederopbouw (EBW)
Zaak C-68/09 P: Hogere voorziening ingesteld op 16 februari 2009 door Georgios Karatzoglou tegen het arrest van het Gerecht van eerste aanleg (Eerste kamer) van 2 december 2008 in zaak T-471/04, Georgios Karatzoglou/Europees Bureau voor wederopbouw (EBW)
PB C 82 van 4.4.2009, p. 21–21
(BG, ES, CS, DA, DE, ET, EL, EN, FR, IT, LV, LT, HU, MT, NL, PL, PT, RO, SK, SL, FI, SV)
|
4.4.2009 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
C 82/21 |
Hogere voorziening ingesteld op 16 februari 2009 door Georgios Karatzoglou tegen het arrest van het Gerecht van eerste aanleg (Eerste kamer) van 2 december 2008 in zaak T-471/04, Georgios Karatzoglou/Europees Bureau voor wederopbouw (EBW)
(Zaak C-68/09 P)
(2009/C 82/38)
Procestaal: Engels
Partijen
Rekwirant: Georgios Karatzoglou (vertegenwoordiger: S. A. Pappas, dikigoros)
Andere partij bij de procedure: Europees Bureau voor wederopbouw (EBW)
Conclusies
|
— |
het bestreden arrest vernietigen; |
|
— |
het litigieuze besluit van het tot het aangaan van aanstellingsovereenkomsten bevoegd gezag nietig verklaren; |
|
— |
de verwerende partij verwijzen in de kosten. |
Middelen en voornaamste argumenten
Rekwirant stelt dat het Gerecht van eerste aanleg, door te oordelen dat het ontslag van tijdelijk personeel niet behoeft te worden gemotiveerd, geen rekening heeft gehouden met de recente rechtspraak van het Hof van Justitie, het internationale recht heeft geschonden alsmede artikel 253 EG-Verdrag, dat een algemene motiveringsplicht bevat.
Het Gerecht van eerste aanleg heeft ten onrechte verklaard dat rekwirant geen bewijs voor het bestaan van misbruik van bevoegdheid had aangevoerd. Ook betwist hij het oordeel van dat Gerecht dat er geen sprake was van schending van het beginsel van behoorlijk bestuur.