This document is an excerpt from the EUR-Lex website
Document 32019R2131
Commission Implementing Regulation (EU) 2019/2131 of 28 November 2019 amending Implementing Regulation (EU) 2019/1198 imposing a definitive anti-dumping duty on imports of ceramic tableware and kitchenware originating in the People’s Republic of China following an expiry review pursuant to Article 11(2) of Regulation (EU) 2016/1036 of the European Parliament and of the Council
Uitvoeringsverordening (EU) 2019/2131 van de Commissie van 28 november 2019 tot wijziging van Uitvoeringsverordening (EU) 2019/1198 tot instelling van een definitief antidumpingrecht op tafel- en keukengerei van keramiek van oorsprong uit de Volksrepubliek China naar aanleiding van een nieuw onderzoek in verband met het vervallen van de maatregelen op grond van artikel 11, lid 2, van Verordening (EU) 2016/1036 van het Europees Parlement en de Raad
Uitvoeringsverordening (EU) 2019/2131 van de Commissie van 28 november 2019 tot wijziging van Uitvoeringsverordening (EU) 2019/1198 tot instelling van een definitief antidumpingrecht op tafel- en keukengerei van keramiek van oorsprong uit de Volksrepubliek China naar aanleiding van een nieuw onderzoek in verband met het vervallen van de maatregelen op grond van artikel 11, lid 2, van Verordening (EU) 2016/1036 van het Europees Parlement en de Raad
C/2019/8550
PB L 321 van 12.12.2019, pp. 139–167
(BG, ES, CS, DA, DE, ET, EL, EN, FR, HR, IT, LV, LT, HU, MT, NL, PL, PT, RO, SK, SL, FI, SV)
No longer in force, Date of end of validity: 08/10/2025: This act has been changed. Current consolidated version:
05/08/2023
| Relation | Act | Comment | Subdivision concerned | From | To |
|---|---|---|---|---|---|
| Modifies | 32019R1198 | wijziging | 13/12/2019 | ||
| Modifies | 32019R1198 | vervanging | bijlage I | 13/12/2019 | |
| Modifies | 32019R1198 | vervanging | bijlage II | 13/12/2019 | |
| Modifies | 32019R1198 | vervanging | artikel 1 lid 2 tabel | 13/12/2019 |
| Relation | Act | Comment | Subdivision concerned | From | To |
|---|---|---|---|---|---|
| Corrected by | 32019R2131R(01) | (DA) | |||
| Corrected by | 32019R2131R(02) | (FR) | |||
| Corrected by | 32019R2131R(03) | (SL) | |||
| Modified by | 32022R0269 | toevoeging | bijlage 1 tekst | 25/02/2022 | |
| Modified by | 32023R0711 | toevoeging | bijlage 1 tekst | 01/04/2023 | |
| Modified by | 32023R1595 | toevoeging | bijlage 1 tekst | 05/08/2023 | |
| Modified by | 32023R1596 | toevoeging | bijlage 1 tekst | 05/08/2023 |
|
12.12.2019 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
L 321/139 |
UITVOERINGSVERORDENING (EU) 2019/2131 VAN DE COMMISSIE
van 28 november 2019
tot wijziging van Uitvoeringsverordening (EU) 2019/1198 tot instelling van een definitief antidumpingrecht op tafel- en keukengerei van keramiek van oorsprong uit de Volksrepubliek China naar aanleiding van een nieuw onderzoek in verband met het vervallen van de maatregelen op grond van artikel 11, lid 2, van Verordening (EU) 2016/1036 van het Europees Parlement en de Raad
DE EUROPESE COMMISSIE,
Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,
Gezien Verordening (EU) 2016/1036 van het Europees Parlement en de Raad van 8 juni 2016 betreffende beschermende maatregelen tegen invoer met dumping uit landen die geen lid zijn van de Europese Unie (1) (“de basisverordening”), en met name artikel 13, lid 3, en artikel 14, lid 5,
Overwegende hetgeen volgt:
1. PROCEDURE
1.1. Bestaande maatregelen
|
(1) |
Bij Uitvoeringsverordening (EU) nr. 412/2013 (2) (“de oorspronkelijke verordening”), zoals gewijzigd bij Uitvoeringsverordening (EU) 2017/1932 van de Commissie (3), heeft de Raad een definitief antidumpingrecht ingesteld op keuken- en tafelgerei van keramiek van oorsprong uit de Volksrepubliek China (“VRC”). De individuele antidumpingrechten die van toepassing zijn, variëren van 13,1 % tot 23,4 %. Voor alle niet in de steekproef opgenomen medewerkende producenten-exporteurs die zijn vermeld in een bijlage bij die verordening, is een recht van 17,9 % vastgesteld en voor alle overige producenten-exporteurs het residueel recht van 36,1 %. Deze maatregelen worden hierna “de oorspronkelijke maatregelen” genoemd; het onderzoek dat tot de bij de oorspronkelijke verordening ingestelde maatregelen heeft geleid, wordt hierna “het oorspronkelijke onderzoek” genoemd. |
|
(2) |
Bij Uitvoeringsverordening (EU) nr. 803/2014 van de Commissie (4) is voor vier Chinese producenten-exporteurs het recht van 17,9 % voor niet in de steekproef opgenomen medewerkende producenten-exporteurs vastgesteld, en zijn zij toegevoegd aan de lijst van producenten-exporteurs uit de VRC in de bijlage bij de oorspronkelijke verordening. |
|
(3) |
Bij Uitvoeringsverordening (EU) 2017/2207 van de Commissie (5) is voor nog eens vier Chinese producenten-exporteurs het recht van 17,9 % voor niet in de steekproef opgenomen medewerkende producenten-exporteurs vastgesteld, en zijn ook zij toegevoegd aan de lijst van producenten-exporteurs uit de VRC in de bijlage bij de oorspronkelijke verordening. |
|
(4) |
Bij Uitvoeringsverordening (EU) 2019/1198 (6) heeft de Commissie de oorspronkelijke maatregelen overeenkomstig artikel 11, lid 2, van de basisverordening gehandhaafd. Deze maatregelen worden hierna “de geldende maatregelen” genoemd; het nieuwe onderzoek in verband met het vervallen van de maatregelen wordt hierna “het laatste onderzoek” genoemd. |
1.2. Ambtshalve inleiding
|
(5) |
Begin 2019 heeft de Commissie de beschikbare informatie over de sinds de instelling van de oorspronkelijke maatregelen bestaande verkoopkanalen en afzetmethoden van tafel- en keukengerei van keramiek onderzocht. De vergelijking van de cijfers over de uitvoer in de jaren 2014 tot en met 2018 gaf een sterke stijging respectievelijk daling van de uitvoer van bepaalde producenten-exporteurs te zien, wat een aanwijzing voor kanaliseringspraktijken was. Bovendien overschreed de daadwerkelijke uitvoer van bepaalde producenten-exporteurs in sommige gevallen de opgegeven productie. Tevens was er sprake van misbruik van ondernemingsspecifieke aanvullende Taric-codes. |
|
(6) |
Uit deze aanwijzingen bleek dat bepaalde producenten-exporteurs waarvoor momenteel het residueel recht van 36,1 % geldt en producenten-exporteurs waarvoor een individueel recht geldt, hun keuken- en tafelgerei van keramiek verkochten via andere producenten-exporteurs waarvoor een lager recht geldt. |
|
(7) |
De na de instelling van de oorspronkelijke maatregelen opgetreden verandering in de structuur van het handelsverkeer wat betreft de uitvoer uit de VRC van keuken- en tafelgerei van keramiek waarvoor, afgezien van de instelling van het recht, onvoldoende reden of economische rechtvaardiging bestond, lijkt het gevolg te zijn van de bovengenoemde kanaliseringspraktijken. Voorts beschikte de Commissie over aanwijzingen dat de corrigerende werking van de bestaande antidumpingmaatregelen ten aanzien van het betrokken product, gezien zowel de hoeveelheden als de prijzen, werd ondermijnd. De invoer van het onderzochte product als gedefinieerd in overweging 15 is voor bepaalde producenten-exporteurs in de periode 2014-2018 inderdaad aanzienlijk gestegen. Bovendien overschreed de daadwerkelijke uitvoer van bepaalde producenten-exporteurs in sommige gevallen hun opgegeven productie. Daarnaast was er voldoende bewijsmateriaal waaruit bleek dat de invoer van het onderzochte product plaatsvond tegen lagere prijzen dan de geen schade veroorzakende prijs die was vastgesteld in het kader van het onderzoek dat tot de bestaande maatregelen heeft geleid. |
|
(8) |
Tot slot beschikte de Commissie over voldoende bewijsmateriaal dat het onderzochte product met dumping werd uitgevoerd vergeleken met de eerder vastgestelde normale waarde. |
|
(9) |
Derhalve heeft de Commissie, na de lidstaten te hebben geïnformeerd, vastgesteld dat er voldoende bewijsmateriaal was om een onderzoek te openen op grond van artikel 13 van de basisverordening. Bijgevolg heeft de Commissie Verordening (EU) 2019/464 (7) (de “openingsverordening”) vastgesteld, waarbij zij op eigen initiatief een onderzoek is gestart naar de mogelijke ontwijking van de antidumpingmaatregelen ten aanzien van keuken- en tafelgerei van keramiek van oorsprong uit de VRC dat wordt ingevoerd onder de 50 aanvullende Taric-codes die zijn vermeld in de bijlage bij de openingsverordening. Deze aanvullende Taric-codes zijn toegekend aan 50 producenten-exporteurs, die ofwel groepen van ondernemingen ofwel individuele ondernemingen uit de VRC (“ondernemingen”) zijn. |
|
(10) |
De Commissie heeft de douaneautoriteiten eveneens opgedragen de invoer van keuken- en tafelgerei van keramiek onder de in de bijlage bij de openingsverordening vermelde 50 aanvullende Taric-codes te registreren. |
1.3. Onderzoek
|
(11) |
De Commissie heeft de autoriteiten van de VRC, de 50 producenten-exporteurs die zijn opgenomen in de bijlage bij de openingsverordening en de bedrijfstak van de Unie van de opening van het onderzoek in kennis gesteld. Zij heeft de 50 in deze bijlage opgenomen producenten-exporteurs ook een vragenlijst toegezonden, met daarin eveneens het verzoek om informatie met betrekking tot eventuele, in de VRC gevestigde verbonden ondernemingen. De belanghebbenden zijn in de gelegenheid gesteld hun standpunt schriftelijk kenbaar te maken en een hoorzitting aan te vragen. |
|
(12) |
Op de bovenbedoelde 50 in de bijlage bij de openingsverordening opgenomen producenten-exporteurs waren de volgende antidumpingrechten van toepassing:
|
1.4. Verslagperiode en onderzoektijdvak
|
(13) |
Het onderzoektijdvak (“het OT”) liep van 1 januari 2015 tot en met 31 december 2018. Voor het OT werden gegevens verzameld om onder meer na te gaan of zich inderdaad een verandering in de structuur van het handelsverkeer heeft voorgedaan en om de praktijken, processen of werkzaamheden erachter te onderzoeken. Voor de periode van 1 januari 2018 tot en met 31 december 2018 (“de verslagperiode” of “de VP”) werden gedetailleerdere gegevens verzameld om te onderzoeken of de corrigerende werking van de geldende maatregelen mogelijk werd ondermijnd en of er sprake was van invoer met dumping. |
2. RESULTATEN VAN HET ONDERZOEK
2.1. Algemene overwegingen
|
(14) |
Overeenkomstig artikel 13, lid 1, van de basisverordening heeft de Commissie onderzocht of er sprake was van een verandering in de structuur van het handelsverkeer met betrekking tot individuele producenten-exporteurs in de VRC, of deze verandering het gevolg was van praktijken, processen of werkzaamheden waarvoor, afgezien van de instelling van het recht, onvoldoende reden of economische rechtvaardiging bestond, of uit bewijsmateriaal bleek dat er sprake was van schade of dat de corrigerende werking van het recht, gezien de prijzen en/of de hoeveelheden van het onderzochte product, werd ondermijnd, en of er bewijs was dat nog steeds invoer met dumping plaatsvindt. |
2.2. Betrokken product en onderzocht product
|
(15) |
Het betrokken product betreft keuken- en tafelgerei van keramiek, momenteel ingedeeld onder de GN-codes ex 6911 10 00, ex 6912 00 21, ex 6912 00 23, ex 6912 00 25 en ex 6912 00 29 (Taric-codes 6911100090, 6912002111, 6912002191, 6912002310, 6912002510 en 6912002910), van oorsprong uit de Volksrepubliek China (“het betrokken product”). De volgende producten blijven buiten beschouwing:
|
|
(16) |
Het onderzochte product is hetzelfde als “het betrokken product” dat in de vorige overweging is gedefinieerd; het is momenteel ingedeeld onder dezelfde GN- en Taric-codes als het betrokken product en wordt ingevoerd onder de in de bijlage bij de openingsverordening vermelde aanvullende Taric-codes (“het onderzochte product”). |
2.3. Gedetailleerde bevindingen van het onderzoek met betrekking tot de 50 producenten-exporteurs
2.3.1. De 13 ondernemingen die de vragenlijst niet hebben beantwoord
|
(17) |
13 van de 50 producenten-exporteurs hebben de vragenlijst niet beantwoord. |
|
(18) |
De Commissie heeft deze 13 producenten-exporteurs op grond van artikel 18, lid 1, van de basisverordening als niet-medewerkende producenten-exporteurs aangemerkt en bijgevolg haar bevindingen ten aanzien van hen op de beschikbare gegevens gebaseerd (zie de volgende overweging). |
|
(19) |
Alle 13 producenten-exporteurs, waarvoor een recht van 17,9 % gold, hadden in de periode 2014-2018 hun uitvoer sterk opgevoerd of boven hun capaciteitsniveau uitgevoerd, zoals aangegeven in het kader van de steekproef tijdens het laatste nieuwe onderzoek in verband met het vervallen van de maatregelen. Aangezien een andere economische rechtvaardiging dan het ontwijken van rechten ontbreekt, is de Commissie tot de conclusie gekomen dat deze producenten-exporteurs bij kanaliseringspraktijken betrokken zijn. Daarom is het passend de ondernemingsspecifieke aanvullende Taric-codes van deze producenten-exporteurs in te trekken en hun het residueel recht van 36,1 % op te leggen. |
|
(20) |
Bovendien waren drie van de 13 producenten-exporteurs verbonden met drie andere producenten-exporteurs die op grond van de aan hen toegekende individuele aanvullende Taric-code waren onderworpen aan het recht van 17,9 % voor niet in de steekproef opgenomen medewerkende producenten-exporteurs. |
|
(21) |
Om het risico van kanalisering via deze verbonden ondernemingen te voorkomen, heeft de Commissie derhalve vóór de mededeling van feiten en overwegingen voorlopig geconcludeerd dat het passend was hun ondernemingsspecifieke aanvullende Taric-code in te trekken. Het residueel recht van 36,1 % moet ook worden toegepast op de drie verbonden producenten-exporteurs. |
|
(22) |
Na de mededeling van feiten en overwegingen heeft een van de drie ondernemingen zich gemeld en aangevoerd dat zij niet verbonden was met een van de ondernemingen die de vragenlijst niet hebben beantwoord. Tijdens een hoorzitting op 10 oktober 2019 en in een daaropvolgende brief van 21 oktober 2019 heeft zij toegelicht dat haar antwoord in het kader van de steekproef van het nieuwe onderzoek in verband met het vervallen van de maatregelen ten onrechte vermeldde dat beide ondernemingen met elkaar verbonden waren, hoewel zij in werkelijkheid slechts zakenpartners waren. Op verzoek van de Commissie heeft de onderneming documenten over haar ondernemingsstructuur en aandeelhouders verstrekt, waaruit bleek dat er inderdaad geen sprake was van verbonden ondernemingen. Nu de ondernemingen niet met elkaar verbonden zijn en de betrokken onderneming heeft aangetoond dat de toename van haar uitvoeractiviteit gelijke tred hield met de uitbreiding van haar productiecapaciteit in 2016, is de Commissie tot de conclusie gekomen dat het niet nodig was om de ondernemingsspecifieke aanvullende Taric-code van deze onderneming in te trekken. |
|
(23) |
Derhalve is zij na de mededeling van feiten en overwegingen tot de definitieve conclusie gekomen dat het residueel recht van 36,1 % moet worden toegepast op:
|
2.3.2. De 18 producenten-exporteurs die zeer ontoereikende antwoorden op de vragenlijst hebben ingediend
|
(24) |
Bij de analyse van de antwoorden op de vragenlijst van de 37 producenten-exporteurs die hebben geantwoord, heeft de Commissie vastgesteld dat 18 van hen zeer ontoereikende antwoorden hebben ingediend (zie de volgende overwegingen). |
|
(25) |
Een eerste producent-exporteur heeft alleen gedeeltelijke informatie verstrekt en heeft op 28 april 2019 verklaard de productie van het betrokken product in augustus 2018 te hebben gestaakt. De Commissie heeft de onderneming op 3 juni 2019 laten weten dat uitsluitend producenten-exporteurs in aanmerking komen voor een individuele aanvullende Taric-code. Derhalve was zij voornemens de aan deze onderneming toegekende aanvullende Taric-code te schrappen en haar voortaan te behandelen als elke andere onderneming waarvoor de aanvullende Taric-code “B999” geldt. De onderneming heeft geen nadere opmerkingen ingediend. |
|
(26) |
Een tweede producent-exporteur, die eveneens onderworpen was aan een antidumpingrecht van 17,9 %, heeft de vragenlijst beantwoord via meerdere, in april en mei 2019 gemaakte opmerkingen. Blijkens dit antwoord had de producent-exporteur slechts één verbonden onderneming. De Commissie heeft dat antwoord getoetst aan andere algemeen toegankelijke informatiebronnen. Zij heeft vastgesteld dat deze groep nog andere verbonden ondernemingen omvatte, waarvan de onderneming in haar antwoord op de vragenlijst geen gewag had gemaakt. De producent-exporteur werd daarvan in kennis gesteld in een brief van 24 juni 2019 waarin werd verzocht om de ontbrekende gegevens aan te leveren. Vervolgens heeft de producent-exporteur op 28 juni 2019 toegegeven dat hij ook verbonden was met een andere onderneming. De groep van producenten-exporteurs heeft de gevraagde antwoorden op de vragenlijst voor laatstbedoelde onderneming echter niet binnen de gestelde termijn verstrekt. Daarom heeft de Commissie de producent-exporteur op 8 juli 2019 meegedeeld dat zij haar bevindingen op de beschikbare gegevens zou baseren (8) en dat de onderneming het recht had om een hoorzitting met de raadadviseur-auditeur in handelsprocedures aan te vragen. De producent-exporteur heeft geen nadere opmerkingen ingediend. |
|
(27) |
Een derde producent-exporteur heeft de Commissie op 5 juli 2019 meegedeeld dat hij haar brief waarin om de ontbrekende gegevens werd verzocht, niet kon beantwoorden en dat hij zich terdege bewust was van de negatieve gevolgen van het niet beantwoorden van deze brief. Daarom heeft de Commissie de producent-exporteur op 9 juli 2019 meegedeeld dat zij haar bevindingen op de beschikbare gegevens zou baseren (9) en dat de onderneming het recht had om een hoorzitting met de raadadviseur-auditeur in handelsprocedures aan te vragen. De producent-exporteur heeft geen nadere opmerkingen ingediend. |
|
(28) |
De 15 overige producenten-exporteurs die zeer ontoereikende antwoorden hadden verstrekt, hebben in de periode van 27 mei tot en met 18 juli 2019 elk een brief ontvangen waarin de Commissie de redenen uiteenzet waarom zij voorlopig heeft geconcludeerd dat hun antwoorden zeer ontoereikend waren. De terugkerende problemen op grond waarvan de Commissie tot de voorlopige beoordeling is gekomen dat deze 15 antwoorden zeer ontoereikend waren, zijn onder meer:
|
|
(29) |
Elk van deze 15 producenten-exporteurs is er via dezelfde brief ook van in kennis gesteld dat:
|
|
(30) |
Vervolgens:
|
|
(31) |
Twee andere producenten-exporteurs (uit deze groep van 15) hebben vervolgens enkele aanvullende documenten verstrekt, maar hun antwoorden konden nog steeds niet als helemaal volledig worden beschouwd. De Commissie heeft evenwel besloten bij deze twee producenten-exporteurs een controle ter plaatse uit te voeren. Tijdens deze controlebezoeken heeft de Commissie bij beide producenten-exporteurs problemen vastgesteld: één producent-exporteur had geen informatie over verbonden ondernemingen verschaft, terwijl de andere producent-exporteur onjuiste verklaringen over de verwerking van bepaalde soorten van het betrokken product had afgelegd. Daarom heeft de Commissie beide producenten-exporteurs op 7 augustus 2019 meegedeeld dat zij zou vasthouden aan haar voornemen om artikel 18 van de basisverordening toe te passen. Zij heeft erop gewezen dat de producenten-exporteurs geen andere economische rechtvaardiging voor hun uitvoer in 2018 konden aantonen dan het kanaliseren van de productie van andere Chinese producenten-exporteurs. In dezelfde brief heeft de Commissie beide producenten-exporteurs ook meegedeeld dat zij uiterlijk tot en met 16 augustus 2019 een hoorzitting met de raadadviseur-auditeur in handelsprocedures konden aanvragen. Beide ondernemingen hebben binnen de gestelde termijn geen hoorzitting aangevraagd. |
|
(32) |
Op 1 augustus 2019 heeft een andere producent-exporteur aanvullende informatie verstrekt in reactie op de voorlopige beoordeling van de Commissie dat zijn antwoord op de vragenlijst ontoereikend was. De Commissie heeft deze aanvullende informatie geanalyseerd. Sommige problemen, zoals het verzuim om volledige informatie over al zijn verbonden ondernemingen te verstrekken, bleven echter bestaan. Daarom heeft de Commissie de producent-exporteur op 13 augustus 2019 meegedeeld dat zij zou vasthouden aan haar voornemen om artikel 18 van de basisverordening toe te passen. Zij heeft er in dit verband op gewezen dat de producent-exporteur geen bewijsmateriaal had overgelegd met betrekking tot zijn uitvoer in 2018, die meer dan vier keer zo veel bedroeg als de door hem tijdens dezelfde periode daadwerkelijk geproduceerde hoeveelheid. In dezelfde brief heeft de Commissie de producent-exporteur ook meegedeeld dat hij uiterlijk tot en met 23 augustus 2019 een hoorzitting met de raadadviseur-auditeur in handelsprocedures kon aanvragen. De producent-exporteur heeft niet binnen de gestelde termijn geantwoord. |
|
(33) |
Bij brieven van 18 mei en 26 juni 2019 heeft de Commissie een andere producent-exporteur laten weten dat zijn antwoorden met betrekking tot de vereiste documenten ontoereikend waren en deze in kennis gesteld van haar voornemen om artikel 18 van de basisverordening toe te passen. Op 2 juli 2019 heeft de producent-exporteur verklaard alle vereiste informatie te hebben verstrekt en heeft hij opnieuw zijn jaarrekeningen voor de periode 2015-2018 overgelegd, maar de vragenlijst met betrekking tot zijn verbonden onderneming niet ingevuld. Op 12 en 22 augustus 2019 heeft hij de kwestie voorgelegd aan de raadadviseur-auditeur. Bij brief van 27 augustus 2019 heeft de Commissie de producent-exporteur meegedeeld waarom zijn aanvullende informatie van 2 juli nog steeds zeer onvolledig was, zodat zij vasthield aan haar voornemen om artikel 18 van de basisverordening toe te passen. Zij heeft erop gewezen dat deze producent-exporteur geen andere economische rechtvaardiging voor zijn uitvoer in 2018 kon aantonen dan het kanaliseren van de productie van andere Chinese producenten-exporteurs. In dezelfde brief heeft de Commissie de producent-exporteur geïnformeerd omtrent de mogelijkheid om uiterlijk tot en met 2 september 2019 een hoorzitting aan te vragen. De producent-exporteur heeft niet binnen de gestelde termijn geantwoord. Op 10 september 2019 heeft hij de Commissie een e-mail gestuurd met een aanhangsel betreffende de ontbinding van zijn verbonden onderneming. Bij brief van 13 september 2019 heeft de Commissie er nogmaals op gewezen dat zij vasthield aan haar voornemen om artikel 18 van de basisverordening toe te passen, aangezien de laatst verstrekte gegevens geen nieuwe informatie bevatten en het antwoord nog steeds zeer onvolledig was. Bijgevolg heeft zij geconcludeerd dat deze producent-exporteur voor zijn uitvoer in 2018 geen andere economische rechtvaardiging kon aantonen dan kanalisering. |
|
(34) |
Tot slot heeft één producent-exporteur een hoorzitting met de diensten van de Commissie aangevraagd; die hoorzitting vond plaats op 18 juli 2019. Tijdens deze hoorzitting diende de producent-exporteur het antwoord van zijn handelaar in Hongkong op de vragenlijst in en verstrekte hij aanvullende documenten en nadere toelichtingen. Na de hoorzitting legde deze producent-exporteur op specifiek verzoek van de Commissie alle gevraagde documenten over waaruit bleek dat hij niet bij kanaliseringspraktijken betrokken was door onder zijn eigen aanvullende Taric-code het betrokken product van andere niet-verbonden producenten-exporteurs te verkopen. Bijgevolg heeft de Commissie haar voornemen om ten aanzien van deze producent-exporteur artikel 18 van de basisverordening toe te passen, laten varen. |
|
(35) |
Samenvattend zijn 17 van de 18 producenten-exporteurs naar behoren geïnformeerd over de gevolgen van het niet of slechts gedeeltelijk verlenen van medewerking als bedoeld in de overwegingen 21 tot en met 23 van de openingsverordening. Daarom heeft de Commissie haar bevindingen ten aanzien van deze 17 ondernemingen op grond van artikel 18, lid 1, van de basisverordening op de beschikbare gegevens gebaseerd, onder meer op de gegevens met betrekking tot de ontwikkeling van de uitvoer naar de Unie (zie voor meer bijzonderheden overweging 36) en op haar beoordeling van de mate waarin sprake was van ontoereikende antwoorden op de vragenlijst. |
|
(36) |
Voor:
Aangezien een andere economische rechtvaardiging dan het ontwijken van rechten ontbreekt, is de Commissie tot de conclusie gekomen dat deze producenten-exporteurs bij kanaliseringspraktijken betrokken zijn. |
|
(37) |
Bijgevolg is het passend dat het residueel recht van 36,1 % wordt toegepast op deze 17 producenten-exporteurs waarvoor oorspronkelijk een lager recht gold, zoals uiteengezet in overweging 12, en moeten hun ondernemingsspecifieke aanvullende Taric-codes worden ingetrokken. Slechts één producent-exporteur bleek niet bij ontwijkingspraktijken betrokken te zijn, zoals uiteengezet in overweging 34, en hij moet daarom zijn individuele aanvullende Taric-code en zijn recht van 17,9 % behouden. |
|
(38) |
Na de mededeling van feiten en overwegingen hebben drie van deze 17 ondernemingen opmerkingen ingediend, die de Commissie om de in de overwegingen 39 tot en met 41 uiteengezette redenen niet heeft aanvaard. |
|
(39) |
Eén onderneming heeft aangevoerd de vragenlijst niet naar behoren te hebben ingevuld vanwege “onduidelijkheden in de vragenlijst” en “te weinig inzicht in de werkzaamheden van de productieafdeling van de onderneming”. Zij heeft daarom gevraagd de vragenlijst opnieuw te mogen beantwoorden. In dit verband moet worden opgemerkt dat de onderneming ruimschoots gelegenheid heeft gehad zich tijdens het onderzoek te melden. Op 3 juni 2019 heeft de Commissie haar meegedeeld voornemens te zijn om, gezien de ontoereikende antwoorden, de ondernemingsspecifieke aanvullende Taric-code in te trekken. Zij heeft de onderneming laten weten dat deze het recht had nadere toelichtingen te verstrekken. Omdat zij geen antwoord heeft ontvangen, heeft zij de onderneming op 26 juni 2019 meegedeeld dat “uw onderneming de benodigde informatie over onder meer de financiële gegevens en de productiegegevens in de antwoorden op de vragenlijst niet binnen de voorgeschreven termijn heeft verstrekt”. Na de mededeling van feiten en overwegingen had de onderneming nogmaals drie weken de tijd om de vereiste gegevens en opmerkingen in te dienen. Er is binnen deze termijn geen aanvullende informatie ontvangen. Het is derhalve passend de ondernemingsspecifieke aanvullende Taric-code in te trekken, zoals die onderneming reeds op 3 en 26 juni 2019 is meegedeeld. |
|
(40) |
Na de mededeling van feiten en overwegingen heeft de tweede onderneming in een e-mail van 11 oktober 2019 gesteld volledige medewerking te hebben verleend, en zij heeft in dit verband verwezen naar haar eerdere opmerkingen op 28 april en 6 juni 2019. In deze e-mail heeft zij ook bevestigd dat de onderneming conform haar bedrijfsvergunning een handelsonderneming is en dat zij zich in geen geval aan kanaliseringspraktijken schuldig heeft gemaakt. In dit verband moet worden opgemerkt dat uitsluitend producenten-exporteurs een ondernemingsspecifieke aanvullende Taric-code toegewezen kunnen krijgen. Aangezien de onderneming zelf heeft erkend een handelaar te zijn, is het passend de ondernemingsspecifieke aanvullende Taric-code in te trekken, zoals die onderneming reeds op 3 en 26 juni 2019 is meegedeeld. |
|
(41) |
Ten slotte heeft de derde onderneming aangevoerd dat zij volledig heeft meegewerkt en dat zij niet bij kanaliseringspraktijken betrokken is. In dit verband moet eraan worden herinnerd dat de Commissie de onderneming reeds op 28 mei en 26 juni 2019 heeft geïnformeerd omtrent haar ontoereikende antwoorden op de vragenlijst. Bovendien heeft de Commissie de onderneming op 27 augustus 2019 opnieuw laten weten dat veel andere kwesties zoals vermeld in de eerste brief van 28 mei, onbeantwoord zijn gebleven. Na het verstrijken van de laatste uiterste termijn heeft de Commissie de onderneming op 13 september 2019 meegedeeld dat zij de gevraagde documenten niet had verstrekt. Bijgevolg heeft de onderneming het bestaan van een andere economische rechtvaardiging voor haar toegenomen uitvoer naar de Unie in 2018 dan het kanaliseren van de productie van andere Chinese producenten van tafelgerei, onvoldoende aangetoond. Het is derhalve passend de ondernemingsspecifieke aanvullende Taric-code in te trekken, zoals die onderneming reeds op 28 mei, 26 juni en 13 augustus 2019 is meegedeeld. |
|
(42) |
Daarnaast heeft de Commissie vóór de mededeling van feiten en overwegingen opgemerkt dat drie van de 17 producenten-exporteurs verbonden waren met vier andere ondernemingen die elk hun eigen individuele aanvullende Taric-code hadden en waarvoor dus het recht van 17,9 % voor niet in de steekproef opgenomen medewerkende producenten-exporteurs gold. |
|
(43) |
Om het risico van kanalisering via deze verbonden ondernemingen te voorkomen, heeft de Commissie derhalve in dat stadium geconcludeerd dat het passend was hun ondernemingsspecifieke aanvullende Taric-code in te trekken. Het residueel recht van 36,1 % moet ook worden toegepast op de vier verbonden ondernemingen waarvoor oorspronkelijk het lagere recht van 17,9 % voor niet in de steekproef opgenomen medewerkende producenten-exporteurs gold. |
|
(44) |
Na de mededeling van feiten en overwegingen hebben alle vier verbonden ondernemingen opmerkingen ingediend over de voorlopige beoordeling van de Commissie dat zij verbonden waren met ondernemingen die zeer ontoereikende antwoorden op de vragenlijst hebben ingediend (zie de overwegingen 45 en 46). |
|
(45) |
Drie van deze vier ondernemingen hebben bewijsmateriaal verstrekt waaruit blijkt dat zij niet verbonden waren met de ondernemingen die zeer ontoereikende antwoorden hebben ingediend. De Commissie heeft de documenten geanalyseerd en geconcludeerd dat de drie ondernemingen inderdaad niet verbonden zijn met deze ondernemingen die ontoereikende antwoorden hebben ingediend. Het is derhalve passend de ondernemingsspecifieke aanvullende Taric-code van deze drie ondernemingen niet in te trekken. |
|
(46) |
Ook de vierde onderneming (onderneming A) heeft zich gemeld. Tijdens een hoorzitting op 10 oktober 2019 en in een daaropvolgende brief van 18 oktober 2019 heeft zij aangevoerd dat de intrekking van haar ondernemingsspecifieke aanvullende Taric-code juridisch gegrond noch feitelijk gerechtvaardigd is. Zij heeft eveneens gesteld dat er geen gevaar voor onderlinge kanaliseringspraktijken tussen haar en de met haar verbonden ondernemingen (onder meer de ondernemingen B en C (10)) is. Voorts heeft zij geïnformeerd naar aanvullende garanties en toezeggingen die het de Commissie mogelijk zouden maken toezicht te houden op het tafelgerei van keramiek dat door de onderneming wordt geproduceerd en dat onder haar ondernemingsspecifieke aanvullende Taric-code wordt ingevoerd. |
|
(47) |
De Commissie heeft dit argument afgewezen. Volgens de definitie van verbonden ondernemingen in artikel 127 van Uitvoeringsverordening (EU) 2015/2447 van de Commissie (11) is de vierde onderneming (onderneming A) verbonden met de onderneming die zeer ontoereikende antwoorden op de vragenlijst heeft ingediend (onderneming B). Ten tijde van de opening van het onderzoek bestond er een sterke financiële band, en toen korte tijd later de deelneming werd afgestoten werd de relatie voortgezet op grond van familiebanden. Bovendien schreef onderneming A in haar brief van 18 oktober 2019 dat “er nog steeds sprake is van een familieband (d.w.z. echtgenoot en echtgenote)” tussen een van de huidige aandeelhouders van die onderneming en een van de huidige aandeelhouders van de andere ondernemingen, waarmee wordt bevestigd dat deze ondernemingen met elkaar verbonden zijn. Hieruit volgt dat het verzuim van onderneming B om in een antwoord op de vragenlijst alle verbonden ondernemingen te vermelden, ook aan onderneming A kan worden toegerekend. Samen hebben beide ondernemingen de gelegenheid voorbij laten gaan om aan de Commissie relevante feiten te bezorgen, ondanks de brief met het verzoek daartoe die de Commissie op 28 mei 2019 aan onderneming B heeft gericht. Voorts wijst het eerdere gedrag van onderneming A erop dat het gevaar voor kanaliseringspraktijken tussen de verbonden ondernemingen onderling groot is. Die onderneming verhoogde haar uitvoer van 1 657 ton in 2014 tot 3 929 ton in 2018, zonder dat daarvoor een economische rechtvaardiging bestond. Tot slot heeft de Commissie opgemerkt dat de mogelijkheid om een verbintenis aan te bieden als bedoeld in artikel 8 van de basisverordening niet bestaat voor antiontwijkingszaken overeenkomstig artikel 13 van de basisverordening. Het is dan ook passend de ondernemingsspecifieke aanvullende Taric-code van onderneming A in te trekken. |
|
(48) |
Bovendien heeft na de mededeling van feiten en overwegingen één (onderneming C) van de twee ondernemingen (ondernemingen B en C) die zeer ontoereikende antwoorden hadden ingediend en die verbonden waren met de in overweging 46 bedoelde vierde onderneming (A), zich ook gemeld. Zij heeft de Commissie verzocht haar voornemen om artikel 18 van de basisverordening toe te passen, te heroverwegen. Zij heeft in dit verband aangevoerd dat de voornaamste rechtsgrondslag voor de Commissie om artikel 18 van de basisverordening toe te passen, was dat zij een andere verbonden onderneming had opgespoord. Bovendien was er volgens haar slechts sprake van een zijdelings verband tussen beide ondernemingen. |
|
(49) |
Om de in overweging 47 genoemde redenen heeft onderneming C ook de gelegenheid voorbij laten gaan om aan de Commissie relevante feiten te bezorgen, ondanks de brief met het verzoek daartoe die de Commissie op 28 mei 2019 aan de onderneming heeft gericht. Bovendien is het onjuist om in het kader van artikel 18 van de basisverordening te stellen dat de specifieke mededeling van feiten en overwegingen van 27 september 2019 hoofdzakelijk betrekking had op de banden tussen de ondernemingen A en C. In de mededeling wordt met name opgemerkt dat de voornaamste redenen voor de toepassing van artikel 18 van de basisverordening zijn vermeld in de aan de onderneming gerichte brieven van 28 mei 2019 en 11 juni 2019, waarin is gewezen op het ontbreken van ieder bewijs van niet-ontwijking. |
|
(50) |
Om het risico van kanalisering via verbonden ondernemingen te voorkomen, is de Commissie derhalve na de mededeling van feiten en overwegingen tot de definitieve conclusie gekomen dat het passend is ook de ondernemingsspecifieke aanvullende Taric-code van de in overweging 46 genoemde onderneming in te trekken. Het residueel recht van 36,1 % moet ook worden toegepast op de resterende verbonden onderneming waarvoor oorspronkelijk het lagere recht van 17,9 % voor niet in de steekproef opgenomen medewerkende producenten-exporteurs gold. |
2.3.3. De 19 producenten-exporteurs die de vragenlijst volledig hebben ingevuld
|
(51) |
De overige 19 producenten-exporteurs hebben de vragenlijst volledig ingevuld, en vervolgens zijn in de periode juli-september 2019 bij hen controlebezoeken uitgevoerd. |
|
(52) |
17 van deze 19 producenten-exporteurs bleken niet bij ontwijkingspraktijken betrokken te zijn. Veel van deze ondernemingen werden opgericht alvorens de maatregelen ten aanzien van de VRC zijn ingesteld. De antwoorden op de vragenlijst en de ter plaatse verrichte controles betreffende onder meer de productie- en capaciteitsgegevens, de productiefaciliteiten, de productiekosten, de aankoop van grondstoffen, de halfafgewerkte en afgewerkte producten alsmede de uitvoer naar de Unie hebben bevestigd dat alle 17 producenten-exporteurs uitsluitend door hen vervaardigde producten uitvoerden. |
|
(53) |
Wat de twee overige producenten-exporteurs betreft, heeft de Commissie niet vastgesteld dat zij bij ontwijkingspraktijken betrokken waren, maar heeft zij de volgende problemen in kaart gebracht (zie de overwegingen 54 en 55). |
|
(54) |
De eerste groep bestond volgens Commissie uit één handelsonderneming, die de moedermaatschappij is, en twee producenten-exporteurs, die alle drie in dezelfde bedrijfslocatie in de VRC zijn gevestigd. Zij merkte ook op dat de individuele aanvullende Taric-code (met een recht van 17,9 %) uitsluitend aan de moedermaatschappij was toegekend. Aangezien aanvullende Taric-codes aan producenten-exporteurs moeten worden toegekend, is het passend dat de Commissie de aanvullende Taric-code van de moedermaatschappij aan de twee producenten-exporteurs van de groep overdraagt overeenkomstig artikel 2, lid 1, en artikel 9, lid 5, van de basisverordening. |
|
(55) |
Bij de tweede groep, waarvan ook een andere verbonden onderneming met een eigen individuele aanvullende Taric-code (met een recht van 17,9 %) deel uitmaakte, heeft de Commissie tijdens haar controlebezoek in de opslagplaats systematisch onjuiste oorsprongsvermeldingen vastgesteld. Werknemers verpakten het betrokken product in binnen- en buitendozen waarop misleidende informatie over het land van oorsprong en de producent was gedrukt. Het daarop vermelde land van oorsprong was Singapore en de daarop vermelde producent een in dat land gevestigde onderneming. De bestelling was afkomstig van een in Hongkong gevestigde handelaar. De zending zelf was bestemd voor een derde land buiten de EU, waar ook antidumpingmaatregelen van toepassing zijn bij de invoer van tafelgerei van oorsprong uit de VRC. De Commissie heeft ter plaatse bij de ondernemingen alle bewijsstukken met betrekking tot een aantal geselecteerde uitvoertransacties naar de Unie onderzocht en daarnaast de gegevens over de uitvoer uit Singapore naar de Unie geanalyseerd. Zij kon dergelijk illegaal gedrag niet vaststellen wat de voor de EU bestemde uitvoer betreft. Nu er geen bewijs van fraude met betrekking tot de EU-markt is aangetroffen, is de Commissie derhalve tot de conclusie gekomen dat voor de door beide producenten-exporteurs vervaardigde en voor de EU bestemde producten de oorsprong uit de VRC correct is aangegeven, zodat er geen sprake was van ontwijking van de geldende antidumpingrechten van de EU. |
|
(56) |
Bijgevolg is het passend dat 18 van de 19 producenten-exporteurs die de vragenlijst volledig hebben ingevuld en waar controlebezoeken hebben plaatsgevonden, hun recht van 17,9 % behouden. Bovendien is het passend dat de Commissie, zoals uiteengezet in overweging 54, voor een van deze 19 producenten-exporteurs de aanvullende Taric-code van de moedermaatschappij aan de twee producenten-exporteurs van de groep overdraagt overeenkomstig artikel 2, lid 1, en artikel 9, lid 5, van de basisverordening. |
2.4. Verandering in de structuur van het handelsverkeer
2.4.1. Mate van medewerking en vaststelling van het handelsvolume in de VRC
|
(57) |
In het recente nieuwe onderzoek in verband met het vervallen van de maatregelen heeft de Commissie de ontwikkeling van het volume van de invoer uit de VRC in de Unie geanalyseerd aan de hand van gegevens van Eurostat, die voor het gehele land geldende cijfers bevatten. In het kader van het onderhavige onderzoek naar ontwijking was het nodig om ondernemingsspecifieke gegevens te beoordelen. Dergelijke gegevens zijn beschikbaar in de databank die is opgezet overeenkomstig artikel 14, lid 6, van de basisverordening. Deze databank wordt gevoed met de data die de lidstaten maandelijks aan de Commissie rapporteren over de invoer onder elke aanvullende Taric-code van producten die voorwerp van onderzoek zijn, alsmede met informatie over de vastgestelde maatregelen, waaronder die tot registratie. De Commissie heeft zich daarom op de gegevens van de databank overeenkomstig artikel 14, lid 6, gebaseerd om veranderingen in de structuur van het handelsverkeer op te sporen; daartoe heeft zij ten behoeve van dit onderzoek een vergelijking gemaakt tussen producenten-exporteurs waarvoor hogere rechten en die waarvoor lagere rechten gelden. |
|
(58) |
Blijkens de databank overeenkomstig artikel 14, lid 6, waren de bij dit onderzoek betrokken producenten-exporteurs goed voor 26 % van de totale uitvoer van het onderzochte product uit de VRC naar de Unie in de VP. Voor 48 van hen was het recht van 17,9 % voor niet in de steekproef opgenomen medewerkende producenten-exporteurs vastgesteld. |
|
(59) |
Zoals vermeld in overweging 51, hebben slechts 19 producenten-exporteurs medewerking verleend door de vragenlijst volledig in te vullen. Bovendien behield, zoals vermeld in overweging 34, nog een andere producent-exporteur, die aanvankelijk zeer ontoereikende antwoorden op de vragenlijst had ingediend, uiteindelijk zijn individuele recht van 17,9 %. Deze 20 producenten-exporteurs, waarvoor het recht van 17,9 % voor niet in de steekproef opgenomen medewerkende producenten-exporteurs gold, waren goed voor 10 % van de totale invoer uit de VRC tijdens de VP. |
2.4.2. Verandering in de structuur van het handelsverkeer in de VRC
|
(60) |
Tabel 1 toont de totale hoeveelheden van het betrokken product die van 1 januari 2015 tot het einde van de verslagperiode uit de VRC in de Unie zijn ingevoerd. Tabel 1 Totale omvang van de invoer uit de VRC (in ton) in de Unie
|
||||||||||||||||||||
|
(61) |
De totale invoer uit de VRC nam op geaggregeerde basis met 11 % toe in het OT en steeg van 348 003 ton in 2015 tot 383 460 ton in de VP. |
|
(62) |
Zoals vermeld in de punten 2.3.1 en 2.3.2, heeft de Commissie vastgesteld dat de producenten-exporteurs in de periode 2014-2018 ofwel hun uitvoer sterk hadden opgevoerd ofwel boven hun capaciteitsniveau hadden uitgevoerd, zoals aangegeven in het kader van de steekproef tijdens het laatste nieuwe onderzoek in verband met het vervallen van de maatregelen. Aangezien een andere economische rechtvaardiging dan het ontwijken van rechten ontbreekt, heeft de Commissie haar bevindingen ten aanzien van deze 30 producenten-exporteurs overeenkomstig artikel 18, lid 1, van de basisverordening gebaseerd op de beschikbare gegevens, onder meer op gegevens over de ontwikkeling van hun uitvoer naar de Unie en de mate waarin sprake was van ontoereikende antwoorden op de vragenlijst, en heeft zij geconcludeerd dat alle producenten-exporteurs bij ontwijkingspraktijken betrokken zijn. Deze 30 producenten-exporteurs waren in de VP goed voor 16 % van de totale invoer uit de VRC. |
|
(63) |
De verkoop van de 30 bij ontwijkingspraktijken betrokken producenten-exporteurs op de markt van de Unie is toegenomen van 52 497 ton in 2015 tot 63 227 ton in 2018. Deze verhoging met meer dan 20 % staat in schril contrast met de stijging van de totale invoer uit de VRC in de Unie met ongeveer 11 %, zoals die blijkt uit de tabel in overweging 60 van deze verordening. |
|
(64) |
Bij differentiatie tussen deze 30 producenten-exporteurs op basis van het voor hen toepasselijke recht is bovendien de volgende verandering in de structuur van het handelsverkeer in de periode 2015-2018 gebleken:
|
|
(65) |
Deze veranderingen in de handelsstromen naar de Unie vormen een verandering in de structuur van het handelsverkeer tussen individuele producenten-exporteurs in een land waarop maatregelen van toepassing zijn en de Unie als gevolg van praktijken, processen of werkzaamheden waarvoor het onderzoek geen andere reden of economische rechtvaardiging aan het licht heeft gebracht dan het ontwijken van het geldende residueel recht of het geldende hogere recht dat van toepassing is op tafel- en keukengerei van oorsprong uit de VRC. |
2.4.3. Aard van de ontwijkingspraktijken in de VRC
|
(66) |
Artikel 13, lid 1, van de basisverordening bepaalt dat de verandering in de structuur van het handelsverkeer het gevolg moet zijn van praktijken, processen of werkzaamheden waarvoor, afgezien van de instelling van het recht, onvoldoende reden of economische rechtvaardiging bestaat. De praktijken, processen of werkzaamheden omvatten onder andere het reorganiseren door exporteurs of producenten van hun verkoopkanalen en afzetmethoden in het land waarop maatregelen van toepassing zijn, zodat zij hun producten naar de Unie kunnen uitvoeren via producenten waarvoor een individueel recht geldt dat lager is dan het op de producten van de producenten toepasselijke recht. |
|
(67) |
Zoals vermeld in de punten 2.3.1 en 2.3.2, heeft de Commissie geconcludeerd dat 30 van de 50 producenten-exporteurs bij kanaliseringspraktijken betrokken zijn. Blijkens de databank overeenkomstig artikel 14, lid 6, waren deze 30 producenten-exporteurs goed voor 16 % van de totale invoer in de Unie tijdens de verslagperiode. |
|
(68) |
De Commissie heeft in 2018 van de Sloveense douaneautoriteiten eveneens bewijsmateriaal ontvangen waaruit blijkt dat het betrokken product naar de Unie werd uitgevoerd door een andere producent-exporteur (waarvoor een lager recht gold) dan de producent-exporteur die het product daadwerkelijk heeft vervaardigd (waarvoor een hoger recht gold). Bovendien heeft de Commissie tijdens haar analyse in het kader van een nieuw onderzoek ten behoeve van een nieuwe exporteur ook bewijs verzameld van een vergelijkbare kanaliseringspraktijk waarbij het betrokken product op basis van de etikettering van de verpakking naar de Unie werd uitgevoerd door een andere producent-exporteur (waarvoor een lager recht gold) dan de producent-exporteur die het product daadwerkelijk heeft vervaardigd (waarvoor een hoger recht gold). Dit bevestigt de bevindingen van het onderzoek. |
|
(69) |
In het licht van de bovenstaande overwegingen heeft de Commissie vastgesteld dat met betrekking tot het onderzochte product op grote schaal kanaliseringspraktijken plaatsvonden. |
2.5. Onvoldoende reden of economische rechtvaardiging anders dan de instelling van het antidumpingrecht
|
(70) |
Het onderzoek heeft geen andere reden of economische rechtvaardiging voor de kanaliseringspraktijken aan het licht gebracht dan het ontwijken van het geldende residueel recht of het geldende hogere recht dat van toepassing is op tafel- en keukengerei van oorsprong uit de VRC. |
2.6. Bewijs van dumping
|
(71) |
Overeenkomstig artikel 13, lid 1, van de basisverordening heeft de Commissie onderzocht of er bewijs was van dumping ten aanzien van de voor het soortgelijke product eerder vastgestelde normale waarde. |
|
(72) |
Zowel in het kader van de oorspronkelijke verordening als in het kader van het laatste, meest recente nieuwe onderzoek in verband met het vervallen van de maatregelen werd dumping vastgesteld. De Commissie heeft besloten om zich voor de vaststelling van de normale waarde te baseren op de gegevens uit het recentere nieuwe onderzoek in verband met het vervallen van de maatregelen. |
|
(73) |
Overeenkomstig artikel 2, leden 11 en 12, van de basisverordening werd de gemiddelde normale waarde die was vastgesteld in de verordening betreffende het nieuwe onderzoek in verband met het vervallen van de maatregelen (“de NOVM-verordening”), vergeleken met de gewogen gemiddelde uitvoerprijzen tijdens de VP van de 30 producenten die de maatregelen bleken te ontwijken, zoals gerapporteerd door de databank overeenkomstig artikel 14, lid 6. |
|
(74) |
Aangezien deze uitvoerprijzen onder de normale waarde lagen, werd het bestaan van dumping bevestigd. |
2.7. Ondermijning van de corrigerende werking van het antidumpingrecht
|
(75) |
Ten slotte heeft de Commissie overeenkomstig artikel 13, lid 1, van de basisverordening onderzocht of de producten die werden ingevoerd van de 30 producenten-exporteurs die bij ontwijkingspraktijken betrokken bleken te zijn, gezien de hoeveelheden en de prijzen, de corrigerende werking van de geldende maatregelen ondermijnden. |
|
(76) |
In overweging 205 van de laatste NOVM-verordening als vermeld in overweging 4 heeft de Commissie vastgesteld dat het verbruik in de Unie in het tijdvak van het nieuwe onderzoek in verband met het vervallen van de maatregelen (1 april 2017 tot en met 31 maart 2018) 634 255 ton bedroeg; dit is het meest recente cijfer voor het verbruik in de Unie waarover de Commissie beschikt en een nuttige indicator voor het verbruik in de Unie in 2018. Op basis van dit cijfer komt het marktaandeel van de invoer van de 30 producenten-exporteurs die bij ontwijkingspraktijken betrokken waren — volgens de databank overeenkomstig artikel 14, lid 6, in 2018 63 227 ton — uit op ongeveer 10 % van de totale markt van de Unie, wat een aanzienlijk percentage is. |
|
(77) |
Wat de prijzen betreft, werd in het kader van het nieuwe onderzoek in verband met het vervallen van de maatregelen niet de gemiddelde, geen schade veroorzakende prijs vastgesteld. Daarom werden de gemiddelde productiekosten van de bedrijfstak van de Unie als vastgesteld in het nieuwe onderzoek in verband met het vervallen van de maatregelen vergeleken met de gewogen gemiddelde cif-prijzen van de 30 producenten die de maatregelen tijdens de VP van dit onderzoek bleken te ontwijken, zoals gerapporteerd door de databank overeenkomstig artikel 14, lid 6. |
|
(78) |
Aangezien de cif-prijzen lager waren dan de gemiddelde productiekosten van de bedrijfstak van de Unie, werd de corrigerende werking van het recht, gezien de prijzen, door de ontwijkende invoer ondermijnd. |
|
(79) |
De Commissie heeft derhalve geconcludeerd dat de hierboven beschreven kanaliseringspraktijken de corrigerende werking van de geldende maatregelen, gezien zowel de hoeveelheden als de prijzen, ondermijnden. |
3. MAATREGELEN
|
(80) |
Gezien het bovenstaande is de Commissie tot de conclusie gekomen dat het definitieve antidumpingrecht op keuken- en tafelgerei van keramiek van oorsprong uit de VRC is ontweken door middel van kanaliseringspraktijken via een aantal Chinese producenten-exporteurs waarvoor een lager recht gold. |
|
(81) |
Overeenkomstig artikel 13, lid 1, van de basisverordening moet het residuele antidumpingrecht op het betrokken product van oorsprong uit de VRC derhalve worden uitgebreid tot de invoer van hetzelfde product dat wordt aangegeven als vervaardigd door bepaalde ondernemingen waarop een lager recht van toepassing is, aangezien het product in werkelijkheid wordt vervaardigd door ondernemingen die onderworpen zijn aan een hoger individueel recht of aan het residueel recht van 36,1 %. |
|
(82) |
Het is derhalve passend het in artikel 1, lid 2, van Uitvoeringsverordening (EU) 2019/1198 van de Commissie (13) voor “alle andere ondernemingen” vastgestelde recht, dat wil zeggen een definitief antidumpingrecht van 36,1 %, dat van toepassing is op de nettoprijs, franco grens Unie, vóór inklaring, uit te breiden. |
|
(83) |
Overeenkomstig artikel 13, lid 3, en artikel 14, lid 5, van de basisverordening, waarin is bepaald dat de uitgebreide maatregelen moeten worden toegepast op producten waarvan de invoer in de Unie overeenkomstig de openingsverordening is geregistreerd, moeten rechten worden geïnd op keuken- en tafelgerei van keramiek van oorsprong uit de VRC dat in de Unie werd ingevoerd onder de aanvullende Taric-codes van de 30 producenten waarvoor kanaliseringspraktijken werden vastgesteld, en waarvan de invoer werd geregistreerd. Het bedrag van de met terugwerkende kracht te innen antidumpingrechten moet gelijk zijn aan het verschil tussen het residueel recht van 36,1 % en het bedrag dat die onderneming heeft betaald. |
4. STRIKTERE INVOERVOORSCHRIFTEN EN MONITORING
|
(84) |
De Commissie heeft de in de antwoorden op de vragenlijst verstrekte gegevens over de uitvoer vergeleken met de gegevens als gerapporteerd in de databank overeenkomstig artikel 14, lid 6. Zij heeft opgemerkt dat voor sommige Chinese producenten-exporteurs de gerapporteerde cijfers in de databank overeenkomstig artikel 14, lid 6, hoger waren dan de in de antwoorden op de vragenlijst verstrekte cijfers. |
|
(85) |
De Commissie heeft laatstgenoemde cijfers tijdens de controles ter plaatse ook met andere bronnen vergeleken, zoals de aangiften vennootschapsbelasting en de btw-aangiften. In veel gevallen heeft zij verschillen geconstateerd tussen de in de antwoorden op de vragenlijst verstrekte en vervolgens geverifieerde uitvoergegevens enerzijds en de gerapporteerde gegevens in de databank overeenkomstig artikel 14, lid 6, anderzijds. |
|
(86) |
In overweging 5 heeft de Commissie gewezen op het misbruik van de aanvullende Taric-codes, die ondernemingsspecifiek zijn. Dergelijk misbruik zou een verklaring kunnen zijn voor de bovengenoemde verschillen tussen de uitvoergegevens (zie de overwegingen 71 en 72). |
|
(87) |
De Commissie heeft de kwestie van het mogelijke misbruik van de ondernemingsspecifieke aanvullende Taric-codes derhalve aangekaart bij vertegenwoordigers van die producenten-exporteurs wanneer zij op basis van de door haar verrichte verificaties van oordeel was dat het andere ondernemingen waren die misbruik van die aanvullende Taric-codes maakten, en niet de producenten-exporteurs zelf die bij kanaliseringspraktijken betrokken waren. |
|
(88) |
Op 4 juli 2019 is de kwestie van het mogelijke misbruik van de aanvullende Taric-codes ook besproken met de Chinese autoriteiten en de Chinese Kamer van Koophandel voor de in- en uitvoer van lichte industriële en ambachtelijke producten (China Chamber of Commerce for Import and Export of Light Industrial Products & Arts-Crafts, hierna “de CCCLA”). |
|
(89) |
Op basis van deze besprekingen is de Commissie van oordeel dat er speciale maatregelen nodig zijn om het risico van misbruik van de ondernemingsspecifieke aanvullende Taric-codes te beperken, met name striktere voorschriften voor en monitoring van de invoer van keuken- en tafelgerei uit de VRC in de EU. Aangezien veel Chinese producenten uitsluitend via niet-verbonden handelaren naar de EU uitvoeren, is het passend het huidige systeem als volgt te versterken. |
|
(90) |
De importeur moet verplicht worden de volgende documenten aan de douaneautoriteiten van de lidstaten te verstrekken:
|
|
(91) |
Hoewel de douaneautoriteiten van de lidstaten over deze documenten moeten beschikken om ten aanzien van de invoer de individuele antidumpingrechten te kunnen toepassen, zijn deze documenten niet de enige factor waarmee de douaneautoriteiten rekening moeten houden. Zelfs als zij deze documenten hebben ontvangen en die documenten aan alle voorschriften voldoen, moeten de douaneautoriteiten van de lidstaten namelijk hun gebruikelijke controles uitvoeren en kunnen zij, net als in alle andere gevallen, aanvullende documenten (vervoersdocumenten enz.) verlangen om de juistheid van de gegevens in de aangifte na te gaan en te waarborgen dat het lagere recht vervolgens terecht wordt toegepast, in overeenstemming met de douanewetgeving. |
|
(92) |
Voorts heeft de Commissie, naar aanleiding van de besprekingen als bedoeld in overweging 88, de Chinese autoriteiten en de CCCLA op 9 augustus 2019 een brief gestuurd waarin zij voorstelt samen te werken met het oog op striktere invoervoorschriften en een striktere monitoringregeling. Op 1 september 2019 hebben de Chinese autoriteiten en de CCCLA zich bereid verklaard deel te nemen aan een nieuw handhavingsmechanisme dat er als volgt uitziet: elke producent-exporteur waarvoor een ander recht dan 36,1 % geldt, wordt verzocht een kopie van zijn handelsfactuur naar de CCCLA te sturen, die op haar beurt bij de Commissie een jaarverslag indient met gegevens over de uitvoer van deze producenten-exporteurs naar de EU. |
|
(93) |
Na de mededeling van feiten en overwegingen heeft de European Ceramic Industry Association opgemerkt dat zij de gedetailleerde bevindingen in het algemene informatiedocument toejuicht en dat zij de voorgestelde maatregelen steunt, zoals het toezicht op de invoer en het voorschrijven van een reeks documenten die de lidstaten bij hun douaneautoriteiten zullen verzamelen. |
5. MEDEDELING VAN FEITEN EN OVERWEGINGEN
|
(94) |
De Commissie heeft alle belanghebbenden op de hoogte gebracht van de belangrijkste feiten en overwegingen die tot de bovenstaande conclusies hebben geleid, en heeft de belanghebbenden verzocht om opmerkingen in te dienen. Met de mondelinge en schriftelijke opmerkingen van de belanghebbenden is rekening gehouden. Geen van de aangevoerde argumenten heeft aanleiding gegeven tot wijziging van de definitieve bevindingen. |
|
(95) |
De in deze verordening vervatte maatregelen zijn in overeenstemming met het advies van het bij artikel 15, lid 1, van Verordening (EU) 2016/1036 ingestelde comité, |
HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:
Artikel 1
1. Het voor “alle andere ondernemingen” geldende definitieve antidumpingrecht van 36,1 % dat bij artikel 1, lid 2, van Uitvoeringsverordening (EU) 2019/1198 van de Commissie is ingesteld op keuken- en tafelgerei van keramiek, met uitzondering van keramische kruiden- of specerijmolens en hun keramische maalonderdelen, keramische koffiemolens, keramische messenslijpers, keramische slijpers, keramische keukeninstrumenten voor het snijden, malen, raspen, in plakken snijden, schrapen en schillen, en pizzastenen van cordieriet-keramiek van een soort die wordt gebruikt voor het bakken van pizza of brood, momenteel ingedeeld onder de GN-codes ex 6911 10 00, ex 6912 00 21, ex 6912 00 23, ex 6912 00 25 en ex 6912 00 29 (Taric-codes 6911100090, 6912002111, 6912002191, 6912002310, 6912002510 en 6912002910), van oorsprong uit de Volksrepubliek China, wordt met ingang van 23 maart 2019 uitgebreid tot de invoer die door de in de onderstaande tabel vermelde ondernemingen wordt aangegeven. Hun in de volgende tabel opgenomen aanvullende Taric-codes die worden vermeld in artikel 1, lid 2, van en bijlage I bij Uitvoeringsverordening (EU) 2019/1198, worden ingetrokken en vervangen door de aanvullende Taric-code B999.
|
Onderneming |
Aanvullende Taric-code (ingetrokken en vervangen) |
|
CHL Porcelain Industries Ltd. |
B351 |
|
Guangxi Province Beiliu City Laotian Ceramics Co., Ltd. |
B353 |
|
Beiliu Chengda Ceramic Co., Ltd. |
B360 |
|
Beiliu Jiasheng Porcelain Co., Ltd. |
B362 |
|
Chaozhou Lianjun Ceramics Co., Ltd. |
B446 |
|
Chaozhou Xinde Ceramics Craft Factory |
B484 |
|
Chaozhou Yaran Ceramics Craft Making Co., Ltd. |
B492 |
|
Evershine Fine China Co., Ltd. |
B514 |
|
Far East (Boluo) Ceramics Factory, Co. Ltd. |
B517 |
|
Fujian Dehua Rongxin Ceramic Co., Ltd. |
B543 |
|
Fujian Dehua Xingye Ceramic Co., Ltd. |
B548 |
|
Profit Cultural & Creative Group Corporation |
B556 |
|
Guangxi Beiliu Guixin Porcelain Co., Ltd. |
B579 |
|
Guangxi Beiliu Rili Porcelain Co., Ltd. |
B583 |
|
Hunan Huawei China Industry Co., Ltd. |
B602 |
|
Hunan Wing Star Ceramic Co., Ltd. |
B610 |
|
Joyye Arts & Crafts Co. Ltd. |
B619 |
|
Liling Rongxiang Ceramic Co., Ltd. |
B639 |
|
Meizhou Gaoyu Ceramics Co., Ltd. |
B656 |
|
Ronghui Ceramic Co., Ltd Liling Hunan China |
B678 |
|
Shenzhen Donglin Industry Co., Ltd. |
B687 |
|
Shenzhen Fuxingjiayun Ceramics Co., Ltd. |
B692 |
|
Shenzhen Good-Always Imp. & Exp. Co. Ltd. |
B693 |
|
Tangshan Daxin Ceramics Co., Ltd. |
B712 |
|
Tangshan Redrose Porcelain Products Co., Ltd. |
B724 |
|
Xuchang Jianxing Porcelain Products Co., Ltd. |
B742 |
|
Yuzhou Huixiang Ceramics Co., Ltd. |
B751 |
|
Yuzhou Ruilong Ceramics Co., Ltd |
B752 |
|
Zibo Fuxin Porcelain Co., Ltd. |
B759 |
|
Liling Taiyu Porcelain Industries Co., Ltd. |
B956 |
2. Aangezien zij verbonden zijn met de in bovenstaande tabel vermelde ondernemingen, wordt het voor “alle andere ondernemingen” geldende definitieve antidumpingrecht van 36,1 % dat bij artikel 1, lid 2, van Uitvoeringsverordening (EU) 2019/1198 is ingesteld op keuken- en tafelgerei van keramiek, met uitzondering van keramische kruiden- of specerijmolens en hun keramische maalonderdelen, keramische koffiemolens, keramische messenslijpers, keramische slijpers, keramische keukeninstrumenten voor het snijden, malen, raspen, in plakken snijden, schrapen en schillen, en pizzastenen van cordieriet-keramiek van een soort die wordt gebruikt voor het bakken van pizza of brood, momenteel ingedeeld onder de GN-codes ex 6911 10 00, ex 6912 00 21, ex 6912 00 23, ex 6912 00 25 en ex 6912 00 29 (Taric-codes 6911100090, 6912002111, 6912002191, 6912002310, 6912002510 en 6912002910), van oorsprong uit de Volksrepubliek China, met ingang van 23 maart 2019 eveneens uitgebreid tot de invoer die door de in de onderstaande tabel vermelde ondernemingen wordt aangegeven. Hun aanvullende Taric-codes die worden vermeld in bijlage I bij Uitvoeringsverordening (EU) 2019/1198 en die zijn opgenomen in de volgende tabel, worden ingetrokken en vervangen door de aanvullende Taric-code B999.
|
Onderneming |
Aanvullende Taric-code (ingetrokken en vervangen) |
|
Guandong Songfa Ceramics Co., Ltd. |
B573 |
|
Guangxi Xin Fu Yuan Co., Ltd. |
B588 |
|
Liling Jiaxing Ceramic Industrial Co., Ltd. |
B632 |
3. De tabel in artikel 1, lid 2, van Uitvoeringsverordening (EU) 2019/1198 van de Commissie wordt vervangen door de volgende tabel:
|
Onderneming |
Recht (%) |
Aanvullende Taric-code |
|
Hunan Hualian China Industry Co., Ltd; Hunan Hualian Ebillion Industry Co., Ltd; Hunan Liling Hongguanyao China Industry Co., Ltd; Hunan Hualian Yuxiang China Industry Co., Ltd |
18,3 |
B349 |
|
Guangxi Sanhuan Enterprise Group Holding Co., Ltd. |
13,1 |
B350 |
|
Shandong Zibo Niceton-Marck Huaguang Ceramics Limited; Zibo Huatong Ceramics Co., Ltd; Shandong Silver Phoenix Co., Ltd; Niceton Ceramics (Linyi) Co., Ltd; Linyi Jingshi Ceramics Co., Ltd; Linyi Silver Phoenix Ceramics Co., Ltd; Linyi Chunguang Ceramics Co., Ltd; Linyi Zefeng Ceramics Co., Ltd. |
17,6 |
B352 |
|
In bijlage 1 vermelde ondernemingen |
17,9 |
|
|
Alle andere ondernemingen |
36,1 |
B999 |
4. Bijlage I bij Uitvoeringsverordening (EU) 2019/1198 wordt vervangen door bijlage 1 bij de onderhavige verordening.
5. Het bij lid 1 van dit artikel uitgebreide recht wordt voor alle in de tabel in lid 1 van dit artikel vermelde ondernemingen geïnd op de invoer die overeenkomstig artikel 2 van Uitvoeringsverordening (EU) 2019/464, en artikel 13, lid 3, en artikel 14, lid 5, van Verordening (EU) 2016/1036 is geregistreerd.
Het bedrag van de met terugwerkende kracht te innen antidumpingrechten is gelijk aan het verschil tussen het residueel recht van 36,1 % en het daadwerkelijk betaalde bedrag.
6. Bijlage II bij Uitvoeringsverordening (EU) 2019/1198 wordt vervangen door de bijlagen 2 en 3 bij de onderhavige verordening. De individuele antidumpingrechten voor de in lid 3 vermelde ondernemingen zijn uitsluitend van toepassing indien aan de douaneautoriteiten van de lidstaten de volgende documenten worden overgelegd:
|
a) |
als de importeur de producten rechtstreeks van de Chinese producent-exporteur koopt: de invoeraangifte tezamen met de handelsfactuur die een verklaring van de producent-exporteur overeenkomstig bijlage 2 (“verklaring fabrikant betreffende rechtstreekse uitvoer”) bevat; |
|
b) |
als de importeur de producten van een handelaar of een andere tussengeschoven rechtspersoon, al dan niet op het Chinese vasteland gevestigd, koopt: de invoeraangifte tezamen met de handelsfactuur van de fabrikant voor de handelaar die een verklaring van de fabrikant overeenkomstig bijlage 3 (“verklaring fabrikant betreffende onrechtstreekse uitvoer”) bevat en de handelsfactuur van de handelaar voor de importeur. |
7. Tenzij anders vermeld, zijn de geldende bepalingen inzake douanerechten van toepassing.
Artikel 2
De douaneautoriteiten wordt opgedragen de bij artikel 2 van Uitvoeringsverordening (EU) 2019/464 ingestelde registratie van de invoer te beëindigen.
Artikel 3
Deze verordening treedt in werking op de dag na die van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie.
Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.
Gedaan te Brussel, 28 november 2019.
Voor de Commissie
De voorzitter
Jean-Claude JUNCKER
(1) PB L 176 van 30.6.2016, blz. 21.
(2) Uitvoeringsverordening (EU) nr. 412/2013 van de Raad van 13 mei 2013 tot instelling van een definitief antidumpingrecht en tot definitieve inning van het voorlopige recht op keuken- en tafelgerei van keramiek van oorsprong uit de Volksrepubliek China (PB L 131 van 15.5.2013, blz. 1).
(3) Uitvoeringsverordening (EU) 2017/1932 van de Commissie van 23 oktober 2017 tot wijziging van Uitvoeringsverordening (EU) nr. 412/2013 van de Raad tot instelling van een definitief antidumpingrecht en tot definitieve inning van het voorlopige recht op keuken- en tafelgerei van keramiek van oorsprong uit de Volksrepubliek China (PB L 273 van 24.10.2017, blz. 4).
(4) Uitvoeringsverordening (EU) nr. 803/2014 van de Commissie van 24 juli 2014 tot wijziging van Uitvoeringsverordening (EU) nr. 412/2013 van de Raad tot instelling van een definitief antidumpingrecht en tot definitieve inning van het voorlopige recht op keuken- en tafelgerei van keramiek van oorsprong uit de Volksrepubliek China (PB L 219 van 25.7.2014, blz. 33).
(5) Uitvoeringsverordening (EU) 2017/2207 van de Commissie van 29 november 2017 tot wijziging van Uitvoeringsverordening (EU) nr. 412/2013 van de Raad tot instelling van een definitief antidumpingrecht en tot definitieve inning van het voorlopige recht op keuken- en tafelgerei van keramiek van oorsprong uit de Volksrepubliek China (PB L 314 van 30.11.2017, blz. 31).
(6) Uitvoeringsverordening (EU) 2019/1198 van de Commissie van 12 juli 2019 tot instelling van een definitief antidumpingrecht op tafel- en keukengerei van keramiek van oorsprong uit de Volksrepubliek China naar aanleiding van een nieuw onderzoek in verband met het vervallen van de maatregelen op grond van artikel 11, lid 2, van Verordening (EU) 2016/1036 (PB L 189 van 15.7.2019, blz. 8).
(7) Uitvoeringsverordening (EU) 2019/464 van de Commissie van 21 maart 2019 tot opening van een onderzoek naar de mogelijke ontwijking van de bij Uitvoeringsverordening (EU) nr. 412/2013 van de Raad ingestelde antidumpingmaatregelen ten aanzien van keuken- en tafelgerei van keramiek van oorsprong uit de Volksrepubliek China, en tot registratie van deze invoer (PB L 80 van 22.3.2019, blz. 18).
(8) Deze producent-exporteur kon geen andere economische rechtvaardiging voor zijn uitvoer in 2018 aantonen dan het kanaliseren van het door andere Chinese producenten-exporteurs vervaardigde betrokken product.
(9) De onderneming verstrekte de benodigde informatie over onder meer de financiële, de verkoop- en de productiegegevens in de antwoorden op de vragenlijst niet binnen de voorgeschreven termijn. Bijgevolg kon deze producent-exporteur voor zijn uitvoer in 2018 geen andere economische rechtvaardiging aantonen dan kanalisering.
(10) Er moet worden opgemerkt dat de brief van onderneming A van 18 oktober 2019 hoofdzakelijk betrekking heeft op haar banden met onderneming B en in mindere mate op haar banden met onderneming C.
(11) Uitvoeringsverordening (EU) 2015/2447 van de Commissie van 24 november 2015 houdende nadere uitvoeringsvoorschriften voor enkele bepalingen van Verordening (EU) nr. 952/2013 van het Europees Parlement en de Raad tot vaststelling van het douanewetboek van de Unie (PB L 343 van 29.12.2015, blz. 558).
(12) Zoals vermeld in voetnoot 4, geldt voor meer dan 400 producenten-exporteurs het recht van 17,9 % voor niet in de steekproef opgenomen medewerkende producenten-exporteurs.
(13) Uitvoeringsverordening (EU) 2019/1198 van de Commissie van 12 juli 2019 tot instelling van een definitief antidumpingrecht op tafel- en keukengerei van keramiek van oorsprong uit de Volksrepubliek China naar aanleiding van een nieuw onderzoek in verband met het vervallen van de maatregelen op grond van artikel 11, lid 2, van Verordening (EU) 2016/1036 (PB L 189 van 15.7.2019, blz. 8).
BIJLAGE 1
Niet in de steekproef opgenomen medewerkende producenten-exporteurs in de VRC
|
Onderneming |
Aanvullende Taric-code |
|
Amaida Ceramic Product Co., Ltd. |
B357 |
|
Asianera Porcelain (Tangshan) Ltd. |
B358 |
|
Beiliu Changlong Ceramics Co., Ltd. |
B359 |
|
Beiliu City Heyun Building Materials Co., Ltd. |
B361 |
|
Beiliu Quanli Ceramic Co., Ltd. |
B363 |
|
Beiliu Shimin Porcelain Co., Ltd. |
B364 |
|
Beiliu Windview Industries Ltd. |
B365 |
|
Cameo China (Fengfeng) Co., Ltd. |
B366 |
|
Changsha Happy Go Products Developing Co., Ltd. |
B367 |
|
Chao An Huadayu Craftwork Factory |
B368 |
|
Chaoan County Fengtang Town HaoYe Ceramic Fty |
B369 |
|
Chao’an Lian Xing Yuan Ceramics Co., Ltd. |
B370 |
|
Chaoan Oh Yeah Ceramics Industrial Co., Ltd. |
B371 |
|
Chaoan Shengyang Crafts Industrial Co., Ltd. |
B372 |
|
Chaoan Xin Yuan Ceramics Factory |
B373 |
|
Chao’an Yongsheng Ceramic Industry Co., Ltd. |
B374 |
|
Guangdong Baodayi Porcelain Co., Ltd. |
B375 |
|
Chaozhou Baode Ceramics Co., Ltd, |
B376 |
|
Chaozhou Baolian Ceramics Co., Ltd. |
B377 |
|
Chaozhou Big Arrow Ceramics Industrial Co., Ltd. |
B378 |
|
Chaozhou Boshifa Ceramics Making Co., Ltd. |
B379 |
|
Chaozhou Cantake Craft Co., Ltd. |
B380 |
|
Chaozhou Ceramics Industry and Trade General Corp. |
B381 |
|
Chaozhou Chaofeng Ceramic Making Co., Ltd. |
B382 |
|
Chaozhou Chengxi Jijie Art & Craft Painted Porcelain Fty. |
B383 |
|
Chaozhou Chengxinda Ceramics Industry Co., Ltd. |
B384 |
|
Chaozhou Chenhui Ceramics Co., Ltd. |
B385 |
|
Chaozhou Chonvson Ceramics Industry Co., Ltd. |
B386 |
|
Chaozhou Daxin Arts & Crafts Co., Ltd. |
B387 |
|
Chaozhou DaXing Ceramics Manufactory Co., Ltd. |
B388 |
|
Chaozhou Dayi Ceramics Industries Co., Ltd. |
B389 |
|
Chaozhou Dehong Ceramics Making Co., Ltd. |
B390 |
|
Chaozhou Deko Ceramic Co., Ltd. |
B391 |
|
Chaozhou Diamond Ceramics Industrial Co., Ltd. |
B392 |
|
Chaozhou Dongyi Ceramics Co., Ltd. |
B393 |
|
Chaozhou Dragon Porcelain Industrial Co., Ltd. |
B394 |
|
Chaozhou Fairway Ceramics Manufacturing Co., Ltd. |
B395 |
|
Chaozhou Feida Ceramics Industries Co., Ltd. |
B396 |
|
Chaozhou Fengxi Baita Ceramics Fty. |
B397 |
|
Chaozhou Fengxi Dongtian Porcelain Fty. No.2 |
B398 |
|
Chaozhou Fengxi Fenger Ceramics Craft Fty. |
B399 |
|
Chaozhou Fengxi Hongrong Color Porcelain Fty. |
B400 |
|
Chaozhou Fengxi Jiaxiang Ceramic Manufactory |
B401 |
|
Guangdong GMT Foreign Trade Service Corp. |
B402 |
|
Chaozhou Fengxi Shengshui Porcelain Art Factory |
B403 |
|
Chaozhou Fengxi Zone Jinbaichuan Porcelain Crafts Factory |
B404 |
|
Chaozhou Fromone Ceramic Co., Ltd. |
B405 |
|
Chaozhou Genol Ceramics Manufacture Co., Ltd. |
B406 |
|
Chaozhou Good Concept Ceramics Co., Ltd. |
B407 |
|
Chaozhou Grand Collection Ceramics Manufacturing Co. Ltd. |
B408 |
|
Chaozhou Guangjia Ceramics Manufacture Co., Ltd. |
B409 |
|
Chaozhou Guidu Ceramics Co., Ltd. |
B410 |
|
Chaozhou Haihong Ceramics Making Co., Ltd. |
B411 |
|
Chaozhou Hengchuang Porcelain Co., Ltd. |
B412 |
|
Chaozhou Henglibao Porcelain Industrial Co., Ltd. |
B413 |
|
Chaozhou Hongbo Ceramics Industrial Co., Ltd. |
B414 |
|
Chaozhou Hongjia Ceramics Making Co., Ltd. |
B415 |
|
Chaozhou Hongye Ceramics Manufactory Co., Ltd. |
B416 |
|
Chaozhou Hongye Porcelain Development Co., Ltd. |
B417 |
|
Chaozhou Hongyue Porcelain Industry Co., Ltd. |
B418 |
|
Chaozhou Hongzhan Ceramic Manufacture Co., Ltd. |
B419 |
|
Chaozhou Hua Da Ceramics Making Co., Ltd. |
B420 |
|
Chaozhou Huabo Ceramic Co., Ltd. |
B421 |
|
Chaozhou Huade Ceramics Manufacture Co., Ltd. |
B422 |
|
Chaozhou Huashan Industrial Co., Ltd. |
B423 |
|
Chaozhou Huayu Ceramics Co., Ltd. |
B424 |
|
Chaozhou Huazhong Ceramics Industries Co., Ltd. |
B425 |
|
Chaozhou Huifeng Ceramics Craft Making Co., Ltd. |
B426 |
|
Chaozhou J&M Ceramics Industrial Co., Ltd. |
B427 |
|
Chaozhou Jencymic Co., Ltd. |
B428 |
|
Chaozhou Jiahua Ceramics Co., Ltd. |
B429 |
|
Chaozhou Jiahuabao Ceramics Industrial Co., Ltd. |
B430 |
|
Chaozhou JiaHui Ceramic Factory |
B431 |
|
Chaozhou Jiaye Ceramics Making Co., Ltd. |
B432 |
|
Chaozhou Jiayi Ceramics Making Co., Ltd. |
B433 |
|
Chaozhou Jiayu Ceramics Making Co., Ltd. |
B434 |
|
Chaozhou Jin Jia Da Porcelain Industry Co., Ltd. |
B435 |
|
Chaozhou Jingfeng Ceramics Craft Co., Ltd. |
B436 |
|
Guangdong Jinqiangyi Ceramics Co., Ltd. |
B437 |
|
Chaozhou Jinxin Ceramics Making Co., Ltd. |
B438 |
|
Chaozhou Jinyuanli Ceramics Manufacture Co., Ltd. |
B439 |
|
Chaozhou Kaibo Ceramics Making Co., Ltd. |
B440 |
|
Chaozhou Kedali Porcelain Industrial Co., Ltd. |
B441 |
|
Chaozhou King’s Porcelain Industry Co., Ltd. |
B442 |
|
Chaozhou Kingwave Porcelain & Pigment Co., Ltd. |
B443 |
|
Chaozhou Lemontree Tableware Co., Ltd. |
B444 |
|
Chaozhou Lianfeng Porcelain Co., Ltd. |
B445 |
|
Chaozhou Lianyu Ceramics Co., Ltd. |
B447 |
|
ChaoZhou Lianyuan Ceramic Making Co., Ltd. |
B448 |
|
Chaozhou Lisheng Ceramics Co., Ltd. |
B449 |
|
Chaozhou Loving Home Porcelain Co., Ltd. |
B450 |
|
Chaozhou Maocheng Industry Dve. Co., Ltd. |
B451 |
|
Chaozhou MBB Porcelain Factory |
B452 |
|
Guangdong Mingyu Technology Joint Stock Limited Company |
B453 |
|
Chaozhou New Power Co., Ltd. |
B454 |
|
Chaozhou Ohga Porcelain Co.,Ltd. |
B455 |
|
Chaozhou Oubo Ceramics Co., Ltd. |
B456 |
|
Chaozhou Pengfa Ceramics Manufactory Co., Ltd. |
B457 |
|
Chaozhou Pengxing Ceramics Co., Ltd. |
B458 |
|
Chaozhou Qingfa Ceramics Co., Ltd. |
B459 |
|
Chaozhou Ronghua Ceramics Making Co., Ltd. |
B460 |
|
Guangdong Ronglibao Homeware Co., Ltd. |
B461 |
|
Chaozhou Rui Cheng Porcelain Industry Co., Ltd. |
B462 |
|
Chaozhou Rui Xiang Porcelain Industrial Co., Ltd. |
B463 |
|
Chaozhou Ruilong Ceramics Co., Ltd. |
B464 |
|
Chaozhou Sanhua Ceramics Industrial Co., Ltd. |
B465 |
|
Chaozhou Sanming Industrial Co., Ltd. |
B466 |
|
Chaozhou Santai Porcelain Co., Ltd. |
B467 |
|
Chaozhou Shuntai Ceramic Manufactory Co., Ltd. |
B468 |
|
Chaozhou Songfa Ceramics Co.,Ltd. |
B469 |
|
Chaozhou Sundisk Ceramics Making Co., Ltd. |
B470 |
|
Chaozhou Teemjade Ceramics Co., Ltd. |
B471 |
|
Chaozhou Thyme Ceramics Co., Ltd. |
B472 |
|
Chaozhou Tongxing Huajiang Ceramics Making Co., Ltd. |
B473 |
|
Guangdong Totye Ceramics Industrial Co., Ltd. |
B474 |
|
Chaozhou Trend Arts & Crafts Co., Ltd. |
B475 |
|
Chaozhou Uncommon Craft Industrial Co., Ltd. |
B476 |
|
Chaozhou Weida Ceramic Making Co., Ltd. |
B477 |
|
Chaozhou Weigao Ceramic Craft Co., Ltd. |
B478 |
|
Chaozhou Wingoal Ceramics Industrial Co., Ltd. |
B479 |
|
Chaozhou Wood House Porcelain Co., Ltd. |
B480 |
|
Chaozhou Xiangye Ceramics Craft Making Co., Ltd. |
B481 |
|
Chaozhou Xin Weicheng Co., Ltd. |
B482 |
|
Chaozhou Xincheng Ceramics Co., Ltd. |
B483 |
|
Chaozhou Xingguang Ceramics Co., Ltd. |
B485 |
|
Chaozhou Wenhui Porcelain Co., Ltd. |
B486 |
|
Chaozhou Xinkai Porcelain Co., Ltd. |
B487 |
|
Chaozhou Xinlong Porcelain Industrial Co., Ltd. |
B488 |
|
Chaozhou Xinyu Porcelain Industrial Co., Ltd. |
B489 |
|
Chaozhou Xinyue Ceramics Manufacture Co., Ltd. |
B490 |
|
Chaozhou Yangguang Ceramics Co., Ltd. |
B491 |
|
Chaozhou Yinhe Ceramics Co., Ltd. |
B493 |
|
Chaozhou Yongsheng Ceramics Manufacturing Co., Ltd. |
B494 |
|
Chaozhou Yongxuan Domestic Ceramics Manufactory Co., Ltd. |
B495 |
|
Chaozhou Yu Ri Ceramics Making Co., Ltd. |
B496 |
|
Chaozhou Yuefeng Ceramics Ind. Co., Ltd. |
B497 |
|
Chaozhou Yufeng Ceramics Making Factory |
B498 |
|
Chaozhou Zhongxia Porcelain Factory Co., Ltd. |
B499 |
|
Chaozhou Zhongye Ceramics Co., Ltd. |
B500 |
|
Dabu Yongxingxiang Ceramics Co., Ltd. |
B501 |
|
Dapu Fuda Ceramics Co., Ltd. |
B502 |
|
Dapu Taoyuan Porcelain Factory |
B503 |
|
Dasheng Ceramics Co., Ltd Dehua |
B504 |
|
De Hua Hongshun Ceramic Co., Ltd. |
B505 |
|
Dehua Hongsheng Ceramic Co., Ltd. |
B506 |
|
Dehua Jianyi Porcelain Industry Co., Ltd. |
B507 |
|
Dehua Kaiyuan Porcelain Industry Co., Ltd. |
B508 |
|
Dehua Ruyuan Gifts Co., Ltd. |
B509 |
|
Dehua Xinmei Ceramics Co., Ltd. |
B510 |
|
Dongguan Kennex Ceramic Ltd. |
B511 |
|
Dongguan Shilong Kyocera Co., Ltd. |
B512 |
|
Dongguan Yongfuda Ceramics Co., Ltd. |
B513 |
|
Excellent Porcelain Co., Ltd. |
B515 |
|
Fair-Link Limited (Xiamen) |
B516 |
|
Far East (chaozhou) Ceramics Factory Co., Ltd. |
B518 |
|
Fengfeng Mining District Yuhang Ceramic Co. Ltd (“Yuhang”) |
B519 |
|
Foshan Metart Company Limited |
B520 |
|
Fujian Jiashun Art&Crafts Co., Ltd. |
B521 |
|
Fujian Dehua Chengyi Ceramics Co., Ltd. |
B522 |
|
Fujian Dehua Five Continents Ceramic Manufacturing Co., Ltd. |
B523 |
|
Fujian Dehua Fujue Ceramics Co., Ltd. |
B524 |
|
Fujian Dehua Full Win Crafts Co., Ltd. |
B525 |
|
Fujian Dehua Fusheng Ceramics Co., Ltd. |
B526 |
|
Fujian Dehua Gentle Porcelain Co., Ltd. |
B527 |
|
Fujian Dehua Guanhong Ceramic Co., Ltd. |
B528 |
|
Fujian Dehua Guanjie Ceramics Co., Ltd. |
B529 |
|
Luzerne (Fujian) Group Co., Ltd. |
B530 |
|
Fujian Dehua Hongda Ceramics Co., Ltd. |
B531 |
|
Fujian Dehua Hongsheng Arts & Crafts Co., Ltd. |
B532 |
|
Fujian Dehua Hongyu Ceramic Co., Ltd. |
B533 |
|
Fujian Dehua Huachen Ceramics Co., Ltd. |
B534 |
|
Fujian Dehua Huaxia Ceramics Co., Ltd. |
B535 |
|
Fujian Dehua Huilong Ceramic Co., Ltd. |
B536 |
|
Fujian Dehua Jingyi Ceramics Co., Ltd. |
B537 |
|
Fujian Dehua Jinhua Porcelain Co., Ltd. |
B538 |
|
Fujian Dehua Jinzhu Ceramics Co., Ltd. |
B539 |
|
Fujian Dehua Lianda Ceramic Co., Ltd. |
B540 |
|
Fujian Dehua Myinghua Ceramics Co., Ltd. |
B541 |
|
Fujian Dehua Pengxin Ceramics Co., Ltd. |
B542 |
|
Fujian Dehua Shisheng Ceramics Co., Ltd. |
B544 |
|
Fujian Dehua Will Ceramic Co., Ltd. |
B545 |
|
Fujian Dehua Xianda Ceramic Factory |
B546 |
|
Fujian Dehua Xianghui Ceramic Co., Ltd. |
B547 |
|
Fujian Dehua Yonghuang Ceramic Co., Ltd. |
B549 |
|
Fujian Dehua Yousheng Ceramics Co., Ltd. |
B550 |
|
Fujian Dehua You-Young Crafts Co., Ltd. |
B551 |
|
Fujian Dehua Zhenfeng Ceramics Co., Ltd. |
B552 |
|
Fujian Dehua Zhennan Ceramics Co., Ltd. |
B553 |
|
Fujian Jackson Arts and Crafts Co., Ltd. |
B554 |
|
Fujian Jiamei Group Corporation |
B555 |
|
Fujian Province Dehua County Beatrot Ceramic Co., Ltd. |
B557 |
|
Fujian Province Yongchun County Foreign Processing and Assembling Corporation |
B558 |
|
Fujian Quanzhou Longpeng Group Co., Ltd. |
B559 |
|
Fujian Dehua S&M Arts Co., Ltd, and Fujian Taigu Ceramics Co., Ltd. |
B560 |
|
Fung Lin Wah Group |
B561 |
|
Ganzhou Koin Structure Ceramics Co., Ltd. |
B562 |
|
Global Housewares Factory |
B563 |
|
Guangdong Baofeng Ceramic Technology Development Co., Ltd. |
B564 |
|
Guangdong Bening Ceramics Industries Co., Ltd. |
B565 |
|
Guangdong Daye Porcelain Co., Ltd. |
B566 |
|
Guangdong Dongbao Group Co., Ltd. |
B567 |
|
Guangdong Huaxing Ceramics Co., Ltd. |
B568 |
|
Guangdong Quanfu Ceramics Ind. Co., Ltd. |
B569 |
|
Guangdong Shunqiang Ceramics Co., Ltd. |
B570 |
|
Guangdong Shunxiang Porcelain Co., Ltd. |
B571 |
|
Guangdong Sitong Group Co., Ltd. |
B572 |
|
GuangDong XingTaiYi Porcelain Co., Ltd. |
B574 |
|
Guangdong Yutai Porcelain Co., Ltd. |
B575 |
|
Guangdong Zhentong Ceramics Co., Ltd. |
B576 |
|
Guangxi Baian Ceramic Co. Ltd. |
B577 |
|
Guangxi Beiliu City Ming Chao Porcelain Co., Ltd. |
B578 |
|
Guangxi Beiliu Huasheng Porcelain Ltd. |
B580 |
|
Guangxi Beiliu Newcentury Ceramic Llc. |
B581 |
|
Guangxi Beiliu Qinglang Porcelain Trade Co., Ltd. |
B582 |
|
Guangxi Beiliu Xiongfa Ceramics Co., Ltd. |
B584 |
|
Guangxi Beiliu Yujie Porcelain Co., Ltd. |
B585 |
|
Guangxi Beiliu Zhongli Ceramics Co., Ltd. |
B586 |
|
Guangxi Nanshan Porcelain Co., Ltd. |
B587 |
|
Guangxi Yulin Rongxing Ceramics Co., Ltd. |
B589 |
|
Guangzhou Chaintime Porcelain Co., Ltd. |
B590 |
|
Haofa Ceramics Co., Ltd of Dehua Fujian |
B591 |
|
Hebei Dersun Ceramic Co., Ltd. |
B592 |
|
Hebei Great Wall Ceramic Co., Ltd. |
B593 |
|
Henan Ruilong Ceramics Co., Ltd. |
B594 |
|
Henghui Porcelain Plant Liling Hunan China |
B595 |
|
Huanyu Ceramic Industrial Co., Ltd Liling Hunan China |
B596 |
|
Hunan Baihua Ceramics Co., Ltd. |
B597 |
|
Hunan Eka Ceramics Co., Ltd. |
B598 |
|
Hunan Fungdeli Ceramics Co., Ltd. |
B599 |
|
Hunan Gaofeng Ceramic Manufacturing Co., Ltd. |
B600 |
|
Hunan Huari Ceramic Industry Co., Ltd. |
B601 |
|
Hunan Huayun Ceramics Factory Co., Ltd. |
B603 |
|
Hunan Liling Tianxin China Industry Ltd. |
B604 |
|
Hunan Provincial Liling Chuhua Ceramic Industrial Co., Ltd. |
B605 |
|
Hunan Quanxiang Ceramics Corp. Ltd. |
B606 |
|
Hunan Rslee Ceramics Co., Ltd. |
B607 |
|
Hunan Taisun Ceramics Co., Ltd. |
B608 |
|
Hunan Victor Imp. & Exp. Co., Ltd. |
B609 |
|
Hunan Xianfeng Ceramic Industry Co.,Ltd. |
B611 |
|
Jiangsu Gaochun Ceramics Co., Ltd. |
B612 |
|
Jiangsu Yixing Fine Pottery Corp., Ltd. |
B613 |
|
Jiangxi Global Ceramic Co., Ltd. |
B614 |
|
Jiangxi Kangshu Porcelain Co.,Ltd. |
B615 |
|
Jingdezhen F&B Porcelain Co., Ltd. |
B616 |
|
Jingdezhen Yuanjing Porcelain Industry Co., Ltd. |
B617 |
|
Jiyuan Jukang Xinxing Ceramics Co., Ltd. |
B618 |
|
Junior Star Ent’s Co., Ltd. |
B620 |
|
K&T Ceramics International Co., Ltd. |
B621 |
|
Kam Lee (Xing Guo) Metal and Plastic Fty. Co., Ltd. |
B622 |
|
Karpery Industrial Co., Ltd Hunan China |
B623 |
|
Kilncraft Ceramics Ltd. |
B624 |
|
Lian Jiang Golden Faith Porcelain Co., Ltd. |
B625 |
|
Liling Gaojia Ceramic Industry Co., Ltd. |
B626 |
|
Liling GuanQian Ceramic Manufacture Co., Ltd. |
B627 |
|
Liling Huahui Ceramic Manufacturing Co., Ltd. |
B628 |
|
Liling Huawang Ceramics Manufacturing Co., Ltd. |
B629 |
|
Liling Jiahua Porcelain Manufacturing Co., Ltd. |
B630 |
|
Liling Jialong Porcelain Industry Co., Ltd. |
B631 |
|
Liling Kaiwei Ceramic Co., Ltd. |
B633 |
|
Liling Liangsheng Ceramic Manufacture Co., Ltd. |
B634 |
|
Liling Liuxingtan Ceramics Co., Ltd. |
B635 |
|
Liling Minghui Ceramics Factory |
B636 |
|
Liling Pengxing Ceramic Factory |
B637 |
|
Liling Quanhu Industries General Company |
B638 |
|
Liling Ruixiang Ceramics Industrial Co., Ltd. |
B640 |
|
Liling Santang Ceramics Manufacturing Co., Ltd. |
B641 |
|
Liling Shenghua Industrial Co., Ltd. |
B642 |
|
Liling Spring Ceramic Industry Co., Ltd. |
B643 |
|
Liling Tengrui Industrial and Trading Co.,Ltd. |
B644 |
|
Liling Top Collection Industrial Co., Ltd. |
B645 |
|
Liling United Ceramic-Ware Manufacturing Co., Ltd. |
B646 |
|
Liling Yonghe Porcelain Factory |
B647 |
|
Liling Yucha Ceramics Co., Ltd. |
B648 |
|
Liling Zhengcai Ceramic Manufacturing Co., Ltd. |
B649 |
|
Linyi Jinli Ceramics Co., Ltd. |
B650 |
|
Linyi Pengcheng Industry Co., Ltd. |
B651 |
|
Linyi Wanqiang Ceramics Co., Ltd. |
B652 |
|
Linyi Zhaogang Ceramics Co., Ltd. |
B653 |
|
Liveon Industrial Co., Ltd. |
B654 |
|
Long Da Bone China Co., Ltd. |
B655 |
|
Meizhou Lianshunchang Trading Co., Ltd. |
B657 |
|
Meizhou Xinma Ceramics Co., Ltd. |
B658 |
|
Meizhou Yuanfeng Ceramic Industry Co., Ltd. |
B659 |
|
Meizhou Zhong Guang Industrial Co., Ltd. |
B660 |
|
Miracle Dynasty Fine Bone China (Shanghai) Co., Ltd. |
B661 |
|
Photo USA Electronic Graphic Inc. |
B662 |
|
Quanzhou Allen Light Industry Co., Ltd. |
B663 |
|
Quanzhou Chuangli Craft Co., Ltd. |
B664 |
|
Quanzhou Dehua Fangsheng Arts Co., Ltd. |
B665 |
|
Quanzhou Haofu Gifts Co., Ltd. |
B666 |
|
Quanzhou Hongsheng Group Corporation |
B667 |
|
Quanzhou Jianwen Craft Co., Ltd. |
B668 |
|
Quanzhou Kunda Gifts Co., Ltd. |
B669 |
|
Quanzhou Yongchun Shengyi Ceramics Co., Ltd. |
B670 |
|
Raoping Bright Future Porcelain Factory (“RBF”) |
B671 |
|
Raoping Sanrao Yicheng Porcelain Factory |
B672 |
|
Raoping Sanyi Industrial Co., Ltd. |
B673 |
|
Raoping Suifeng Ceramics and Glass Factory |
B674 |
|
Raoping Xinfeng Yangda Colour Porcelain FTY |
B675 |
|
Red Star Ceramics Limited |
B676 |
|
Rong Lin Wah Industrial (Shenzhen) Co., Ltd. |
B677 |
|
Shandong Futai Ceramics Co., Ltd. |
B679 |
|
Shandong Gaode Hongye Ceramics Co., Ltd. |
B680 |
|
Shandong Kunlun Ceramic Co., Ltd. |
B681 |
|
Shandong Zhaoding Porcelain Co., Ltd. |
B682 |
|
Shantou Ceramics Industry Supply & Marketing Corp. |
B683 |
|
Sheng Hua Ceramics Co., Ltd. |
B684 |
|
Shenzhen Baoshengfeng Imp. & Exp. Co., Ltd. |
B685 |
|
Shenzhen Bright Future Industry Co., Ltd (“SBF”) |
B686 |
|
Shenzhen Ehome Enterprise Ltd. |
B688 |
|
Shenzhen Ever Nice Industry Co., Ltd. |
B689 |
|
Shenzhen Fuliyuan Porcelain Co., Ltd. |
B690 |
|
Shenzhen Full Amass Ind. Dev. Co. Ltd. |
B691 |
|
Shenzhen Gottawa Industrial Ltd. |
B694 |
|
Shenzhen Hiker Housewares Ltd. |
B695 |
|
Shenzhen Hua Mei Industry Development Ltd. |
B696 |
|
Shenzhen Mingsheng Ceramic Ltd. |
B697 |
|
Shenzhen Senyi Porcelain Industry Co. Ltd. |
B698 |
|
Shenzhen SMF Investment Co., Ltd. |
B699 |
|
Shenzhen Tao Hui Industrial Co., Ltd. |
B700 |
|
Shenzhen Topchoice Industries Limited |
B701 |
|
Shenzhen Trueland Industrial Co., Ltd. |
B702 |
|
Shenzhen Universal Industrial Co., Ltd. |
B703 |
|
Shenzhen Zhan Peng Xiang Industrial Co., Ltd. |
B704 |
|
Shijiazhuang Kuangqu Huakang Porcelain Co., Ltd. |
B705 |
|
Shun Sheng Da Group Co., Ltd Quanzhou Fujian |
B706 |
|
Stechcol Ceramic Crafts Development (Shenzhen) Co., Ltd. |
B707 |
|
Taiyu Ceramic Co., Ltd Liling Hunan China |
B708 |
|
Tangshan Beifangcidu Ceramic Group Co., Ltd. |
B709 |
|
Tangshan Boyu Osseous Ceramic Co., Ltd. |
B710 |
|
Tangshan Chinawares Trading Co., Ltd. |
B711 |
|
Tangshan Golden Ceramic Co., Ltd. |
B713 |
|
Tangshan Haigelei Fine Bone Porcelain Co., Ltd. |
B714 |
|
Tangshan Hengrui Porcelain Industry Co., Ltd. |
B715 |
|
Tangshan Huamei Porcelain Co., Ltd. |
B716 |
|
Tangshan Huaxincheng Ceramic Products Co., Ltd. |
B717 |
|
Tangshan Huyuan Bone China Co., Ltd. |
B718 |
|
Tangshan Imperial-Hero Ceramics Co., Ltd. |
B719 |
|
Tangshan Jinfangyuan Bone China Manufacturing Co., Ltd. |
B720 |
|
Tangshan Keyhandle Ceramic Co., Ltd. |
B721 |
|
Tangshan Longchang Ceramics Co., Ltd. |
B722 |
|
Tangshan Masterwell Ceramic Co., Ltd. |
B723 |
|
Tangshan Shiyu Commerce Co., Ltd. |
B725 |
|
Tangshan Xueyan Industrial Co., Ltd. |
B726 |
|
Tangshan Yida Industrial Corp. |
B727 |
|
Tao Yuan Porcelain Factory |
B728 |
|
Teammann Co., Ltd. |
B729 |
|
The China & Hongkong Resources Co., Ltd. |
B730 |
|
The Great Wall of Culture Group Holding Co., Ltd Guangdong |
B731 |
|
Tienshan (Handan) Tableware Co., Ltd (“Tienshan”) |
B732 |
|
Topking Industry (China) Ltd. |
B733 |
|
Weijian Ceramic Industrial Co., Ltd. |
B734 |
|
Weiye Ceramics Co., Ltd. |
B735 |
|
Winpat Industrial Co., Ltd. |
B736 |
|
Xiamen Acrobat Splendor Ceramics Co., Ltd. |
B737 |
|
Xiamen Johnchina Fine Polishing Tech Co., Ltd. |
B738 |
|
Xiangqiang Ceramic Manufacturing Co., Ltd Liling City Hunan |
B739 |
|
Xin Xing Xian XinJiang Pottery Co., Ltd. |
B740 |
|
Xinhua County Huayang Porcelain Co., Ltd. |
B741 |
|
Yangjiang Shi Ba Zi Kitchen Ware Manufacturing Co., Ltd. |
B743 |
|
Yanling Hongyi Import N Export Trade Co., Ltd. |
B744 |
|
Ying-Hai (Shenzhen) Industry Dev. Co., Ltd. |
B745 |
|
Yiyang Red Star Ceramics Ltd. |
B746 |
|
China Yong Feng Yuan Co., Ltd. |
B747 |
|
Yongchun Dahui Crafts Co., Ltd. |
B748 |
|
Yu Yuan Ceramics Co., Ltd. |
B749 |
|
Yuzhou City Kongjia Porcelain Co., Ltd. |
B750 |
|
Zeal Ceramics Development Co., Ltd, Shenzhen, China |
B753 |
|
Zhangjiakou Xuanhua Yici Ceramics Co., Ltd (“Xuanhua Yici”) |
B754 |
|
Zhejiang Nansong Ceramics Co., Ltd. |
B755 |
|
Zibo Boshan Shantou Ceramic Factory |
B756 |
|
Zibo CAC Chinaware Co., Ltd. |
B757 |
|
Zibo Fortune Light Industrial Products Co., Ltd. |
B758 |
|
Zibo GaoDe Ceramic Technology & Development Co., Ltd. |
B760 |
|
Zibo Hongda Ceramics Co., Ltd. |
B761 |
|
Zibo Jinxin Light Industrial Products Co., Ltd. |
B762 |
|
Zibo Kunyang Ceramic Corporation Limited |
B763 |
|
Liling Xinyi Ceramics Industry Ltd. |
B957 |
|
Gemmi (Shantou) Industrial Co., Ltd. |
B958 |
|
Jing He Ceramics Co., Ltd. |
B959 |
|
Fujian Dehua Huamao Ceramics Co., Ltd. |
C303 |
|
Fujian Dehua Jiawei Ceramics Co., Ltd. |
C304 |
|
Fujian Dehua New Qili Arts Co., Ltd. |
C305 |
|
Quanzhou Dehua Hengfeng Ceramics Co., Ltd. |
C306 |
|
Fujian Dehua Sanfeng Ceramics Co. Ltd. |
C485 |
BIJLAGE 2
Verklaring fabrikant betreffende rechtstreekse uitvoer
De in artikel 1, lid 6, onder a), bedoelde geldige handelsfactuur moet een verklaring, ondertekend door een daartoe bevoegde medewerker van de fabrikant, bevatten met de volgende gegevens:
|
1) |
de naam en de functie van de bevoegde medewerker van de fabrikant; |
|
2) |
de volgende verklaring: “Ondergetekende verklaart dat de (hoeveelheid in kg) keuken- en tafelgerei van keramiek die naar de Europese Unie wordt uitgevoerd en waarop deze factuur betrekking heeft, is vervaardigd door (naam en adres van de onderneming) (aanvullende Taric-code) in de Volksrepubliek China. Ondergetekende verklaart dat de in deze factuur verstrekte informatie juist en volledig is.”; |
|
3) |
datum en handtekening. |
BIJLAGE 3
Verklaring fabrikant betreffende onrechtstreekse uitvoer
De in artikel 1, lid 6, onder b), bedoelde handelsfactuur van de fabrikant voor de handelaar moet een verklaring van de fabrikant in de VRC, ondertekend door een daartoe bevoegde medewerker van de fabrikant die de factuur met betrekking tot deze transactie voor de handelaar uitschrijft, bevatten met de volgende gegevens:
|
1) |
de naam en de functie van de bevoegde medewerker van de fabrikant; |
|
2) |
de volgende verklaring: “Ondergetekende verklaart dat de (hoeveelheid in kg) keuken- en tafelgerei die aan de handelaar (naam van de handelaar) (land van de handelaar) wordt verkocht en waarop deze factuur betrekking heeft, is vervaardigd door onze onderneming (naam en adres van de onderneming) (aanvullende Taric-code) in de Volksrepubliek China. Ondergetekende verklaart dat de in deze factuur verstrekte informatie juist en volledig is.”; |
|
3) |
datum en handtekening. |