This document is an excerpt from the EUR-Lex website
Voedselveiligheid — Van boer tot bord
Het kernbeginsel is dat iedereen die in de levensmiddelensector werkzaam is, ervoor moet zorgen dat levensmiddelen in elke fase van het productieproces op hygiënische en veilige wijze worden behandeld, d.w.z. vrij van verontreiniging van door voedsel overgedragen gevaren. Dit wordt bereikt door:
Bijlage I bevat goede hygiënepraktijken die van toepassing zijn op de primaire productie (d.w.z. landbouw, jacht of visserij) en op het vervoer, het hanteren en de opslag van primaire producten en het vervoer van levende dieren.
De goede hygiënepraktijken in bijlage II zijn van toepassing op exploitanten van levensmiddelenbedrijven na de primaire productie (slachthuizen, verwerkingsbedrijven, detailhandelaren enz.) en omvatten gebieden zoals:
Bedrijven in de levensmiddelensector (behalve die welke betrokken zijn bij de primaire productie) moeten procedures toepassen die gebaseerd zijn op de HACCP-beginselen overeenkomstig de algemene beginselen van levensmiddelenhygiëne van de Codex Alimentarius. Deze beginselen omvatten:
De ontwikkeling van nationale en EU-richtsnoeren voor de uitvoering van goede hygiënepraktijken en HACCP-procedures in een specifieke levensmiddelensector wordt aangemoedigd.
Indien vereist door de nationale of EU-wetgeving moeten bedrijven in de levensmiddelensector worden erkend door en moeten alle ruimten worden geregistreerd bij de bevoegde autoriteit, zodat deze autoriteit deze kan bezoeken en de naleving van de hygiënevoorschriften kan controleren.
Levensmiddelen die in de EU worden ingevoerd en uitgevoerde levensmiddelen van dierlijke oorsprong moeten aan de EU-normen of aan gelijkwaardige voorschriften voldoen, alsook aan de eisen die het invoerende land eventueel oplegt.
Verordening (EG) nr. 853/2004 (zie samenvatting) bevat specifieke hygiënevoorschriften voor levensmiddelen van dierlijke oorsprong, bijvoorbeeld vlees, visserijproducten en kaas.
Verordening (EG) nr. 178/2002 betreffende de algemene beginselen en voorschriften van de EU-levensmiddelenwetgeving (zie samenvatting) vormt ook een aanvulling op de hygiënevoorschriften door voorschriften inzake de traceerbaarheid1 van levensmiddelen vast te stellen en te eisen dat een levensmiddelenbedrijf na de ontdekking dat een zending levensmiddelen een ernstig risico voor de gezondheid vormt, dat levensmiddel onmiddellijk uit de handel neemt en de gebruikers en de bevoegde autoriteit op de hoogte brengt.
De verordening is verschillende keren gewijzigd, onder meer door de volgende verordeningen.
De verordening is van toepassing sinds .
Zie voor meer informatie:
Verordening (EG) nr. 852/2004 van het Europees Parlement en de Raad van inzake levensmiddelenhygiëne (PB L 139 van , blz. 1–54). Tekst opnieuw gepubliceerd in rectificatie (PB L 226 van , blz. 3–21)
Achtereenvolgende wijzigingen in en correcties van Verordening (EG) nr. 852/2004 werden in de basistekst opgenomen. Deze geconsolideerde versie is enkel van documentaire waarde.
laatste bijwerking