Choose the experimental features you want to try

This document is an excerpt from the EUR-Lex website

Document 32013D0748

2013/748/EU, Euratom: Uitvoeringsbesluit van de Commissie van 10 december 2013 waarbij Kroatië wordt gemachtigd om gebruik te maken van ramingen voor de berekening van de grondslag van de eigen middelen uit de btw (Kennisgeving geschied onder nummer C(2013) 8688)

PB L 333 van 12.12.2013, p. 80–80 (BG, ES, CS, DA, DE, ET, EL, EN, FR, HR, IT, LV, LT, HU, MT, NL, PL, PT, RO, SK, SL, FI, SV)

Legal status of the document No longer in force, Date of end of validity: 31/12/2014

ELI: http://data.europa.eu/eli/dec_impl/2013/748/oj

12.12.2013   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 333/80


UITVOERINGSBESLUIT VAN DE COMMISSIE

van 10 december 2013

waarbij Kroatië wordt gemachtigd om gebruik te maken van ramingen voor de berekening van de grondslag van de eigen middelen uit de btw

(Kennisgeving geschied onder nummer C(2013) 8688)

(Slechts de tekst in de Kroatische taal is authentiek)

(2013/748/EU, Euratom)

DE EUROPESE COMMISSIE,

Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

Gezien het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap voor Atoomenergie,

Gezien Verordening (EEG, Euratom) nr. 1553/89 van de Raad van 29 mei 1989 betreffende de definitieve uniforme regeling voor de inning van de eigen middelen uit de belasting over de toegevoegde waarde (1), en met name artikel 13,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

Krachtens artikel 390 ter van Richtlijn 2006/112/EG van de Raad van 28 november 2006 betreffende het gemeenschappelijke stelsel van belasting over de toegevoegde waarde (2), zoals bepaald in punt 2, onder e), van rubriek 8. Belasting van bijlage V waarnaar wordt verwezen in artikel 18 van de Akte betreffende de voorwaarden voor de toetreding van de Republiek Kroatië en de aanpassing van het Verdrag betreffende de Europese Unie, het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie en het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap voor Atoomenergie (3), mag Kroatië onder de voorwaarden die in deze lidstaat op de datum van zijn toetreding bestonden, vrijstelling blijven verlenen voor de levering van bebouwde of onbebouwde bouwterreinen als omschreven in artikel 135, lid 1, punt j), en bijlage X, deel B, punt 9, van Richtlijn 2006/112/EG tot en met 31 december 2014, niet verlengbaar, en internationaal personenvervoer als omschreven in bijlage X, deel B, punt 10, van Richtlijn 2006/112/EG, zolang dezelfde vrijstelling wordt toegepast in één van de lidstaten die voor de toetreding van Kroatië lid van de Unie waren; die handelingen moeten in aanmerking worden genomen voor de bepaling van de btw-middelengrondslag.

(2)

Kroatië heeft de Commissie verzocht om voor de berekening van de btw-grondslag van de eigen middelen ramingen te mogen gebruiken van 1 januari 2013 tot 31 december 2014, aangezien het onmogelijk is de btw-grondslag van de eigen middelen voor handelingen zoals omschreven in bijlage X, deel B, punt 9, van Richtlijn 2006/112/EG precies te berekenen. Een dergelijke berekening zou wellicht een inspanning van de administratie vergen die buiten verhouding staat tot de impact van de betrokken handelingen op de totale btw-middelengrondslag van Kroatië. Kroatië kan deze categorie handelingen becijferen aan de hand van ramingen. Kroatië moet derhalve worden gemachtigd om van 1 januari 2013 tot 31 december 2014 de btw-grondslag van de eigen middelen te berekenen aan de hand van ramingen, overeenkomstig artikel 6, lid 3, tweede streepje, van Verordening (EEG, Euratom) nr. 1553/89.

(3)

De maatregelen waarin dit besluit voorziet, zijn in overeenstemming met het advies van het Raadgevend Comité eigen middelen,

HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:

Artikel 1

Kroatië wordt gemachtigd de grondslag van de btw-middelen met ingang van 1 januari 2013 tot 31 december 2014 te berekenen aan de hand van ramingen voor de volgende categorie handelingen zoals omschreven in bijlage X, deel B, bij Richtlijn 2006/112/EG van de Raad:

De levering van een bouwterrein (punt 9).

Artikel 2

Dit besluit is van toepassing van 1 januari 2013 tot en met 31 december 2014.

Artikel 3

Dit besluit is gericht tot de Republiek Kroatië.

Gedaan te Brussel, 10 december 2013.

Voor de Commissie

Janusz LEWANDOWSKI

Lid van de Commissie


(1)   PB L 155 van 7.6.1989, blz. 9.

(2)   PB L 347 van 11.12.2006, blz. 1.

(3)   PB L 112 van 24.4.2012, blz. 21.


Top