This document is an excerpt from the EUR-Lex website
Document 32005R2036
Commission Regulation (EC) No 2036/2005 of 14 December 2005 concerning the permanent authorisations of certain additives in feedingstuffs and the provisional authorisation of a new use of certain additives already authorised in feedingstuffs (Text with EEA relevance)
Verordening (EG) nr. 2036/2005 van de Commissie van 14 december 2005 tot verlening van een permanente vergunning voor bepaalde toevoegingsmiddelen in de diervoeding en een voorlopige vergunning voor een nieuwe toepassing van al toegelaten toevoegingsmiddelen in de diervoeding (Voor de EER relevante tekst)
Verordening (EG) nr. 2036/2005 van de Commissie van 14 december 2005 tot verlening van een permanente vergunning voor bepaalde toevoegingsmiddelen in de diervoeding en een voorlopige vergunning voor een nieuwe toepassing van al toegelaten toevoegingsmiddelen in de diervoeding (Voor de EER relevante tekst)
PB L 328 van 15.12.2005, pp. 13–20
(ES, CS, DA, DE, ET, EL, EN, FR, IT, LV, LT, HU, NL, PL, PT, SK, SL, FI, SV) Dit document is verschenen in een speciale editie.
(BG, RO, HR)
PB L 321M van 21.11.2006, pp. 350–357
(MT)
In force: This act has been changed. Current consolidated version:
29/03/2018
|
15.12.2005 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
L 328/13 |
VERORDENING (EG) Nr. 2036/2005 VAN DE COMMISSIE
van 14 december 2005
tot verlening van een permanente vergunning voor bepaalde toevoegingsmiddelen in de diervoeding en een voorlopige vergunning voor een nieuwe toepassing van al toegelaten toevoegingsmiddelen in de diervoeding
(Voor de EER relevante tekst)
DE COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN,
Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap,
Gelet op Richtlijn 70/524/EEG van de Raad van 23 november 1970 betreffende toevoegingsmiddelen in de diervoeding (1), en met name op artikel 3, artikel 9.D, lid 1, en artikel 9.E, lid 1,
Gelet op Verordening (EG) nr. 1831/2003 van het Europees Parlement en de Raad van 22 september 2003 betreffende toevoegingsmiddelen voor diervoeding (2), en met name op artikel 25,
Overwegende hetgeen volgt:
|
(1) |
Verordening (EG) nr. 1831/2003 voorziet in de toelating van toevoegingsmiddelen voor diervoeding. |
|
(2) |
Artikel 25 van Verordening (EG) nr. 1831/2003 bevat overgangsmaatregelen voor vergunningsaanvragen betreffende toevoegingsmiddelen die vóór de datum van toepassing van Verordening (EG) nr. 1831/2003 overeenkomstig Richtlijn 70/524/EEG zijn ingediend. |
|
(3) |
De aanvragen voor de in de bijlagen bij deze verordening genoemde toevoegingsmiddelen zijn vóór de datum van toepassing van Verordening (EG) nr. 1831/2003 ingediend. |
|
(4) |
De eerste opmerkingen betreffende deze aanvragen zijn krachtens artikel 4, lid 4, van Richtlijn 70/524/EEG vóór de datum van toepassing van Verordening (EG) nr. 1831/2003 aan de Commissie toegezonden. Die aanvragen moeten daarom nog overeenkomstig artikel 4 van Richtlijn 70/524/EEG worden behandeld. |
|
(5) |
Voor het gebruik van het preparaat van micro-organismen Saccharomyces cerevisiae (CNCM I-1079) is bij Verordening (EG) nr. 1436/98 van de Commissie (3) voor het eerst een voorlopige vergunning verleend voor zeugen. Er zijn nieuwe gegevens ingediend ter staving van een aanvraag van een vergunning zonder tijdsbeperking voor dit preparaat van micro-organismen. Uit de beoordeling blijkt dat aan de voorwaarden van artikel 3.A van Richtlijn 70/524/EEG voor een dergelijke vergunning wordt voldaan. Het gebruik van dit preparaat van micro-organismen, zoals omschreven in bijlage I, moet daarom voor onbeperkte duur worden toegestaan. |
|
(6) |
Voor het gebruik van het micro-organisme Pediococcus acidilactici (CNCM MA 18/5M) is bij Verordening (EG) nr. 866/1999 van de Commissie (4) voor het eerst een voorlopige vergunning verleend voor mestvarkens. Er zijn nieuwe gegevens ingediend ter staving van een aanvraag van een vergunning zonder tijdsbeperking voor dit preparaat van micro-organismen. Uit de beoordeling blijkt dat aan de voorwaarden van artikel 3.A van Richtlijn 70/524/EEG voor een dergelijke vergunning wordt voldaan. Het gebruik van dit preparaat van micro-organismen, zoals omschreven in bijlage I, moet daarom voor onbeperkte duur worden toegestaan. |
|
(7) |
Voor het gebruik van het preparaat van micro-organismen Enterococcus faecium (CECT 4515) is bij Verordening (EG) nr. 654/2000 van de Commissie (5) voor het eerst een voorlopige vergunning verleend voor biggen. Er zijn nieuwe gegevens ingediend ter staving van een aanvraag van een vergunning zonder tijdsbeperking voor dit preparaat van micro-organismen. Uit de beoordeling blijkt dat aan de voorwaarden van artikel 3.A van Richtlijn 70/524/EEG voor een dergelijke vergunning wordt voldaan. Het gebruik van dit preparaat van micro-organismen, zoals omschreven in bijlage I, moet daarom voor onbeperkte duur worden toegestaan. |
|
(8) |
Voor het gebruik van het enzympreparaat endo-1,3(4)-bèta-glucanase, geproduceerd door Trichoderma reesei (CBS 526.94), is bij Verordening (EG) nr. 2374/98 van de Commissie (6) voor het eerst een voorlopige vergunning verleend voor mestkippen. Er zijn nieuwe gegevens ingediend ter staving van een aanvraag van een vergunning zonder tijdsbeperking voor dit enzympreparaat. Uit de beoordeling blijkt dat aan de voorwaarden van artikel 3.A van Richtlijn 70/524/EEG voor een dergelijke vergunning wordt voldaan. Het gebruik van dit enzympreparaat, zoals omschreven in bijlage II, moet daarom voor onbeperkte duur worden toegestaan. |
|
(9) |
Voor het gebruik van het enzympreparaat endo-1,4-bèta-xylanase, geproduceerd door Trichoderma longibrachiatum (ATCC 2105), endo-1,3(4)-bèta-glucanase en alfa-amylase, geproduceerd door Bacillus amyloliquefaciens (DSM 9553), subtilisine, geproduceerd door Bacillus subtilis (ATCC 2107), en polygalacturonase, geproduceerd door Aspergillus aculeatus (CBS 589.94), is bij Verordening (EG) nr. 418/2001 van de Commissie (7) voor het eerst een voorlopige vergunning verleend voor mestkippen. Er zijn nieuwe gegevens ingediend ter staving van een aanvraag van een vergunning zonder tijdsbeperking voor dit enzympreparaat. Uit de beoordeling blijkt dat aan de voorwaarden van artikel 3.A van Richtlijn 70/524/EEG voor een dergelijke vergunning wordt voldaan. Het gebruik van dit enzympreparaat, zoals omschreven in bijlage II, moet daarom voor onbeperkte duur worden toegestaan. |
|
(10) |
Voor het gebruik van het enzympreparaat endo-1,4-bèta-xylanase, geproduceerd door Aspergillus oryzae (DSM 10287), is bij Verordening (EG) nr. 1332/2004 van de Commissie (8) een vergunning zonder tijdsbeperking verleend voor mestkippen, mestkalkoenen en biggen. Er zijn nieuwe gegevens ingediend ter staving van de aanvraag om uitbreiding van de vergunning voor het gebruik van dit enzympreparaat tot eenden en mestvarkens. De Europese Autoriteit voor voedselveiligheid (EFSA) heeft een advies uitgebracht over het gebruik van dit preparaat, waarin geconcludeerd wordt dat het voor deze nieuwe diercategorieën geen risico inhoudt. Uit de beoordeling blijkt dat aan de voorwaarden van artikel 9.E, lid 1, van Richtlijn 70/524/EEG voor een vergunning voor een dergelijk preparaat wordt voldaan. Voor het gebruik van dit enzympreparaat, zoals omschreven in bijlage III, moet daarom een vergunning voor vier jaar worden verleend. |
|
(11) |
Voor het gebruik van het enzympreparaat endo-1,4-bèta-xylanase, geproduceerd door Trichoderma longibrachiatum (ATCC 2105), en subtilisine, geproduceerd door Bacillus subtilis (ATCC 2107), is bij Verordening (EG) nr. 943/2005 van de Commissie (9) een vergunning zonder tijdsbeperking verleend voor mestkippen. Er zijn nieuwe gegevens ingediend ter staving van de aanvraag om uitbreiding van de vergunning voor het gebruik van dit enzympreparaat tot eenden. De EFSA heeft een advies uitgebracht over het gebruik van dit preparaat, waarin geconcludeerd wordt dat het voor deze nieuwe diercategorie geen risico inhoudt. Uit de beoordeling blijkt dat aan de voorwaarden van artikel 9.E, lid 1, van Richtlijn 70/524/EEG voor een vergunning voor een dergelijk preparaat wordt voldaan. Voor het gebruik van dit enzympreparaat, zoals omschreven in bijlage III, moet daarom een vergunning voor vier jaar worden verleend. |
|
(12) |
Voor het gebruik van het enzympreparaat endo-1,4-bèta-xylanase, geproduceerd door Trichoderma longibrachiatum (ATCC 2105), endo-1,3(4)-bèta-glucanase en alfa-amylase, geproduceerd door Bacillus amyloliquefaciens (DSM 9553), subtilisine, geproduceerd door Bacillus subtilis (ATCC 2107), en polygalacturonase, geproduceerd door Aspergillus aculeatus (CBS 589.94), is bij Verordening (EG) nr. 418/2001 een voorlopige vergunning verleend voor mestkippen. Er zijn nieuwe gegevens ingediend ter staving van twee aanvragen om uitbreiding van de vergunning voor het gebruik van dit enzympreparaat tot eenden en legkippen. De EFSA heeft een advies uitgebracht over het gebruik van dit preparaat voor elk van beide diercategorieën, waarin in beide gevallen geconcludeerd wordt dat het geen risico inhoudt. Uit de beoordeling blijkt dat aan de voorwaarden van artikel 9.E, lid 1, van Richtlijn 70/524/EEG voor een vergunning voor een dergelijk preparaat wordt voldaan. Voor het gebruik van dit enzympreparaat voor eenden en legkippen, zoals omschreven in bijlage III, moet daarom een vergunning voor vier jaar worden verleend. |
|
(13) |
Uit de beoordeling van deze aanvragen blijkt dat er bepaalde procedures nodig zijn om werknemers tegen blootstelling aan de in de bijlagen opgenomen toevoegingsmiddelen te beschermen. Die bescherming dient te worden gewaarborgd door toepassing van Richtlijn 89/391/EEG van de Raad van 12 juni 1989 betreffende de tenuitvoerlegging van maatregelen ter bevordering van de verbetering van de veiligheid en de gezondheid van de werknemers op het werk (10). |
|
(14) |
De in deze verordening vervatte maatregelen zijn in overeenstemming met het advies van het Permanent Comité voor de voedselketen en de diergezondheid, |
HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:
Artikel 1
Voor de tot de groep „Micro-organismen” behorende preparaten die in bijlage I worden vermeld, wordt onder de in die bijlage vastgestelde voorwaarden een vergunning zonder tijdsbeperking voor gebruik als toevoegingsmiddel in de diervoeding verleend.
Artikel 2
Voor de tot de groep „Enzymen” behorende preparaten die in bijlage II worden vermeld, wordt onder de in die bijlage vastgestelde voorwaarden een vergunning zonder tijdsbeperking voor gebruik als toevoegingsmiddel in de diervoeding verleend.
Artikel 3
Voor de tot de groep „Enzymen” behorende preparaten die in bijlage III worden vermeld, wordt onder de in die bijlage vastgestelde voorwaarden een vergunning voor vier jaar voor gebruik als toevoegingsmiddel in de diervoeding verleend.
Artikel 4
Deze verordening treedt in werking op de twintigste dag volgende op die van haar bekendmaking in het Publicatieblad van de Europese Unie.
Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.
Gedaan te Brussel, 14 december 2005.
Voor de Commissie
Markos KYPRIANOU
Lid van de Commissie
(1) PB L 270 van 14.12.1970, blz. 1. Richtlijn laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 1800/2004 van de Commissie (PB L 317 van 16.10.2004, blz. 37).
(2) PB L 268 van 18.10.2003, blz. 29. Verordening gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 378/2005 van de Commissie (PB L 59 van 5.3.2005, blz. 8).
(3) PB L 191 van 7.7.1998, blz. 15.
(4) PB L 108 van 27.4.1999, blz. 21.
(5) PB L 79 van 30.3.2000, blz. 26.
(6) PB L 295 van 4.11.1998, blz. 3.
(7) PB L 62 van 2.3.2001, blz. 3.
(8) PB L 247 van 21.7.2004, blz. 8.
(9) PB L 159 van 22.6.2005, blz. 6.
(10) PB L 183 van 29.6.1989, blz. 1. Richtlijn gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 1882/2003 van het Europees Parlement en de Raad (PB L 284 van 31.10.2003, blz. 1).
BIJLAGE I
|
EG-nr. |
Toevoegingsmiddel |
Chemische formule, beschrijving |
Diersoort of -categorie |
Maximumleeftijd |
Minimum |
Maximum |
Overige bepalingen |
Einde van de vergunningsperiode |
||||
|
CFU/kg volledig diervoeder |
||||||||||||
|
Micro-organismen |
||||||||||||
|
E 1703 |
Saccharomyces cerevisiae CNCM I-1079 |
Bereiding van Saccharomyces cerevisiae met ten minste 2 × 1010 CFU/g toevoegingsmiddel |
Zeugen |
— |
1 × 109 |
6 × 109 |
In de gebruiksaanwijzing voor het toevoegingsmiddel en het voormengsel de opslagtemperatuur, de houdbaarheid en de stabiliteit bij verwerking tot pellets vermelden. |
Zonder tijdsbeperking |
||||
|
E 1712 |
Pediococcus acidilactici CNCM MA 18/5M |
Bereiding van Pediococcus acidilactici met ten minste 1 × 1010 CFU/g toevoegingsmiddel |
Mestvarkens |
— |
1 × 109 |
1 × 109 |
In de gebruiksaanwijzing van het toevoegingsmiddel en het voormengsel de opslagtemperatuur, de maximale opslagduur en de stabiliteit bij verwerking tot pellets vermelden. |
Zonder tijdsbeperking |
||||
|
E 1713 |
Enterococcus faecium CECT 4515 |
Bereiding van Enterococcus faecium met ten minste 1 × 109 CFU/g toevoegingsmiddel |
Biggen (gespeend) |
— |
1 × 109 |
1 × 109 |
|
Zonder tijdsbeperking |
||||
BIJLAGE II
|
EG-nr. |
Toevoegingsmiddel |
Chemische formule, beschrijving |
Diersoort of -categorie |
Maximumleeftijd |
Minimum |
Maximum |
Overige bepalingen |
Einde van de vergunningsperiode |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Aantal activiteitseenheden/kg volledig diervoeder |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Enzymen |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
E 1636 |
Endo-1,3(4)-bèta-glucanase EC 3.2.1.6 |
Bereiding van endo-1,3(4)-bèta-glucanase, geproduceerd door Trichoderma reesei (CBS 526.94), met een minimale activiteit van:
|
Mestkippen |
— |
17 500 BU |
— |
|
Zonder tijdsbeperking |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
E 1637 |
|
Bereiding van endo-1,4-bèta-xylanase, geproduceerd door Trichoderma longibrachiatum (ATCC 2105), endo-1,3(4)-bèta-glucanase en alfa-amylase, geproduceerd door Bacillus amyloliquefaciens (DSM 9553), subtilisine, geproduceerd door Bacillus subtilis (ATCC 2107), en polygalacturonase, geproduceerd door Aspergillus aculeatus (CBS 589.94), met een minimale activiteit van:
|
Mestkippen |
— |
endo-1,4-bèta-xylanase: 300 U |
— |
|
Zonder tijdsbeperking |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
endo-1,3(4)-bèta-glucanase: 150 U |
— |
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
subtilisine: 4 000 U |
— |
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
alfa-amylase: 400 U |
— |
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
polygalacturonase: 25 U |
— |
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
(1) 1 BU is de hoeveelheid enzym die bij een pH van 4,8 en een temperatuur van 50 °C 0,06 micromol reducerende suikers (glucose-equivalent) per minuut vrijmaakt uit bèta-glucaan van gerst.
(2) 1 U is de hoeveelheid enzym die bij een pH van 5,3 en een temperatuur van 50 °C 1 micromol reducerende suikers (xylose-equivalent) per minuut vrijmaakt uit xylaan van haverkaf.
(3) 1 U is de hoeveelheid enzym die bij een pH van 5,0 en een temperatuur van 30 °C 1 micromol reducerende suikers (glucose-equivalent) per minuut vrijmaakt uit bèta-glucaan van gerst.
(4) 1 U is de hoeveelheid enzym die bij een pH van 7,5 en een temperatuur van 40 °C 1 microgram fenolverbinding (tyrosine-equivalent) per minuut vrijmaakt uit caseïnesubstraat.
(5) 1 U is de hoeveelheid enzym die bij een pH van 6,5 en een temperatuur van 37 °C 1 micromol glucosidebindingen per minuut hydrolyseert uit in water onoplosbaar vernet zetmeelpolymeersubstraat.
(6) 1 U is de hoeveelheid enzym die bij een pH van 5,0 en een temperatuur van 40 °C 1 micromol reducerend materiaal (galacturonzuur-equivalent) per minuut vrijmaakt uit poly-D-galacturonsubstraat.
BIJLAGE III
|
EG-nr. of nr. |
Toevoegingsmiddel |
Chemische formule, beschrijving |
Diersoort of categorie |
Maximumleeftijd |
Minimum |
Maximum |
Overige bepalingen |
Einde van de vergunningsperiode |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Aantal activiteitseenheden/kg volledig diervoeder |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Enzymen |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
5 |
Endo-1,4-bèta-xylanase EC 3.2.1.8 |
Bereiding van endo-1,4-bèta-xylanase, geproduceerd door Aspergillus oryzae (DSM 10287), met een minimale activiteit van:
|
Mestvarkens |
— |
200 FXU |
— |
|
4.1.2010 |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Eenden |
— |
100 FXU |
— |
|
4.1.2010 |
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
37 |
|
Bereiding van endo-1,4-bèta-xylanase, geproduceerd door Trichoderma longibrachiatum (ATCC 2105), en subtilisine, geproduceerd door Bacillus subtilis (ATCC 2107), met een minimale activiteit van:
|
Eenden |
— |
endo-1,4-bèta-xylanase: 2 500 U |
— |
|
4.1.2010 |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
subtilisine: 800 U |
— |
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
59 |
|
Bereiding van endo-1,4-bèta-xylanase, geproduceerd door Trichoderma longibrachiatum (ATCC 2105), endo-1,3(4)-bèta-glucanase en alfa-amylase, geproduceerd door Bacillus amyloliquefaciens (DSM 9553), subtilisine, geproduceerd door Bacillus subtilis (ATCC 2107), en polygalacturonase, geproduceerd door Aspergillus aculeatus (CBS 589.94), met een minimale activiteit van:
|
Eenden |
— |
endo-1,4-bèta-xylanase: 300 U |
— |
|
4.1.2010 |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
endo-1,3(4)-bèta-glucanase: 150 U |
— |
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
subtilisine: 4 000 U |
— |
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
alfa-amylase: 400 U |
— |
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
polygalacturonase: 25 U |
— |
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Legkippen |
— |
endo-1,4-bèta-xylanase: 225 U |
— |
|
4.1.2010 |
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
endo-1,3(4)-bèta-glucanase: 112 U |
— |
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
subtilisine: 3 000 U |
— |
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
alfa-amylase: 300 U |
— |
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
polygalacturonase: 18 U |
— |
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
(1) 1 FXU is de hoeveelheid enzym die bij een pH van 6,0 en een temperatuur van 50 °C 7,8 micromol reducerende suikers (xylose-equivalent) per minuut vrijmaakt uit azo-tarwe-arabinoxylaan.
(2) 1 U is de hoeveelheid enzym die bij een pH van 5,3 en een temperatuur van 50 °C 1 micromol reducerende suikers (xylose-equivalent) per minuut vrijmaakt uit xylaan van haverkaf.
(3) 1 U is de hoeveelheid enzym die bij een pH van 7,5 en een temperatuur van 40 °C 1 microgram fenolverbinding (tyrosine-equivalent) per minuut vrijmaakt uit caseïnesubstraat.
(4) U is de hoeveelheid enzym die bij een pH van 5,0 en een temperatuur van 30 °C 1 micromol reducerende suikers (glucose-equivalent) uit bèta-glucaan van gerst.
(5) 1 U is de hoeveelheid enzym die bij een pH van 6,5 en een temperatuur van 37 °C 1 micromol glucosidebindingen per minuut hydrolyseert uit in water onoplosbaar vernet zetmeelpolymeersubstraat.
(6) 1 U is de hoeveelheid enzym die bij een pH van 5,0 en een temperatuur van 40 °C 1 micromol reducerend materiaal (galacturonzuur-equivalent) per minuut vrijmaakt uit poly-D-galacturonsubstraat.