This document is an excerpt from the EUR-Lex website
Document 22017D0958
Decision No 2/2015 of the EU-Chile Association Committee of 30 November 2015 replacing Article 12 of Title III of Annex III to the Agreement establishing an association between the European Community and its Member States, of the one part, and the Republic of Chile, of the other part concerning direct transport [2017/958]
Besluit nr. 2/2015 van het Associatiecomité EU-Chili van 30 november 2015 ter vervanging van artikel 12 van titel III van bijlage III bij de overeenkomst waarbij een associatie tot stand wordt gebracht tussen de Europese Gemeenschap en haar lidstaten, enerzijds, en de Republiek Chili, anderzijds, betreffende rechtstreeks vervoer [2017/958]
Besluit nr. 2/2015 van het Associatiecomité EU-Chili van 30 november 2015 ter vervanging van artikel 12 van titel III van bijlage III bij de overeenkomst waarbij een associatie tot stand wordt gebracht tussen de Europese Gemeenschap en haar lidstaten, enerzijds, en de Republiek Chili, anderzijds, betreffende rechtstreeks vervoer [2017/958]
PB L 144 van 7.6.2017, pp. 35–36
(BG, ES, CS, DA, DE, ET, EL, EN, FR, HR, IT, LV, LT, HU, MT, NL, PL, PT, RO, SK, SL, FI, SV)
Date of entry into force unknown (pending notification) or not yet in force.
|
7.6.2017 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
L 144/35 |
BESLUIT Nr. 2/2015 VAN HET ASSOCIATIECOMITÉ EU-CHILI
van 30 november 2015
ter vervanging van artikel 12 van titel III van bijlage III bij de overeenkomst waarbij een associatie tot stand wordt gebracht tussen de Europese Gemeenschap en haar lidstaten, enerzijds, en de Republiek Chili, anderzijds, betreffende rechtstreeks vervoer [2017/958]
HET ASSOCIATIECOMITÉ EU-CHILI,
Gezien de overeenkomst waarbij een associatie tot stand wordt gebracht tussen de Europese Gemeenschap en haar lidstaten, enerzijds, en de Republiek Chili, anderzijds (1), en met name artikel 38 van bijlage III,
Overwegende hetgeen volgt:
|
(1) |
In artikel 12 van titel III van bijlage III bij de overeenkomst waarbij een associatie tot stand wordt gebracht tussen de Europese Gemeenschap en haar lidstaten, enerzijds, en de Republiek Chili, anderzijds (hierna „de overeenkomst” genoemd), is vastgelegd dat de preferentiële regeling uitsluitend van toepassing is op goederen die aan de vereisten van bijlage III voldoen en die rechtstreeks tussen de Republiek Chili (hierna „Chili” genoemd) en de Europese Unie zijn vervoerd. |
|
(2) |
Chili en de Europese Unie hebben sinds de inwerkingtreding van de overeenkomst tal van overeenkomsten inzake handel gesloten die marktdeelnemers de mogelijkheid boden hun exportstrategie aan te passen om kosten te besparen en beter in te spelen op de marktvraag. |
|
(3) |
Chili en de Europese Unie zijn overeengekomen artikel 12 van titel III van bijlage III bij de overeenkomst te wijzigen om marktdeelnemers meer flexibiliteit te bieden, |
HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:
Artikel 1
Artikel 12 van titel III van bijlage III bij de overeenkomst betreffende rechtstreeks vervoer wordt vervangen door de tekst in de bijlage bij dit besluit.
Artikel 2
Dit besluit treedt in werking negentig dagen na de dag van de laatste kennisgeving waarbij de partijen meedelen dat de noodzakelijke binnenlandse wettelijke procedures zijn vervuld.
Gedaan te Brussel, 30 november 2015.
Voor het Associatiecomité EU-Chili
Edgardo RIVEROS
Viceminister van Buitenlandse Zaken, Republiek Chili
Roland SCHAEFER
Adjunct-directeur Amerika, EEAS
BIJLAGE
„Artikel 12
Rechtstreeks vervoer
1. De bij deze overeenkomst vastgestelde preferentiële regeling is uitsluitend van toepassing op producten die aan de vereisten van deze bijlage voldoen en die rechtstreeks tussen de Europese Unie en Chili zijn vervoerd. De producten kunnen echter via een ander grondgebied worden vervoerd met overlading of tijdelijke opslag op dit grondgebied, op voorwaarde dat ze in het land van doorvoer of opslag onder toezicht van de douaneautoriteiten blijven en aldaar geen andere behandelingen ondergaan dan het toevoegen of aanbrengen van merktekens, etiketten of zegels, en het lossen en opnieuw laden of het splitsen van zendingen of een andere behandeling om ze in goede staat te bewaren.
2. Aan lid 1 wordt geacht te zijn voldaan, tenzij de douaneautoriteiten redenen hebben om het tegendeel aan te nemen. In dergelijke gevallen kunnen de douaneautoriteiten de importeur verzoeken te bewijzen dat hij aan de voorwaarden voldoet, welk bewijs op enigerlei wijze kan worden geleverd, onder meer aan de hand van vervoersovereenkomsten zoals cognossementen of feitelijk of concreet bewijsmateriaal zoals merktekens of nummering van de colli of ander bewijsmateriaal betreffende de goederen zelf.”.