This document is an excerpt from the EUR-Lex website
Document 32003D0586
2003/586/EC: Council Decision of 28 July 2003 on the amendment of Annex 3, Part I, of the Common Consular Instructions and Annex 5a, Part I, of the Common Manual on third country nationals subject to airport visa requirements
2003/586/EG: Beschikking van de Raad van 28 juli 2003 houdende wijziging van bijlage 3, deel I, van de Gemeenschappelijke Visuminstructies en van bijlage 5 a, deel 1, van het Gemeenschappelijk Handboek betreffende onderdanen van derde landen die aan de transitvisumplicht voor luchthavens onderworpen zijn
2003/586/EG: Beschikking van de Raad van 28 juli 2003 houdende wijziging van bijlage 3, deel I, van de Gemeenschappelijke Visuminstructies en van bijlage 5 a, deel 1, van het Gemeenschappelijk Handboek betreffende onderdanen van derde landen die aan de transitvisumplicht voor luchthavens onderworpen zijn
PB L 198 van 6.8.2003, pp. 15–16
(ES, DA, DE, EL, EN, FR, IT, NL, PT, FI, SV) Dit document is verschenen in een speciale editie.
(CS, ET, LV, LT, HU, MT, PL, SK, SL, BG, RO, HR)
No longer in force, Date of end of validity: 04/04/2010; stilzwijgende opheffing door 32009R0810
2003/586/EG: Beschikking van de Raad van 28 juli 2003 houdende wijziging van bijlage 3, deel I, van de Gemeenschappelijke Visuminstructies en van bijlage 5 a, deel 1, van het Gemeenschappelijk Handboek betreffende onderdanen van derde landen die aan de transitvisumplicht voor luchthavens onderworpen zijn
Publicatieblad Nr. L 198 van 06/08/2003 blz. 0015 - 0016
Beschikking van de Raad van 28 juli 2003 houdende wijziging van bijlage 3, deel I, van de Gemeenschappelijke Visuminstructies en van bijlage 5 a, deel 1, van het Gemeenschappelijk Handboek betreffende onderdanen van derde landen die aan de transitvisumplicht voor luchthavens onderworpen zijn (2003/586/EG) DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE, Gelet op Verordening (EG) nr. 789/2001 van de Raad van 24 april 2001 tot verlening van uitvoeringsbevoegdheden aan de Raad met betrekking tot bepaalde gedetailleerde voorschriften en praktische procedures voor de behandeling van visumaanvragen(1), Gelet op Verordening (EG) nr. 790/2001 van de Raad van 24 april 2001 tot verlening van uitvoeringsbevoegdheden aan de Raad met betrekking tot bepaalde gedetailleerde voorschriften en praktische procedures inzake de uitvoering van de controle en de bewaking aan de grenzen(2), Gezien het initiatief van de Italiaanse Republiek, Overwegende hetgeen volgt: (1) Bijlage 3, deel I, van de Gemeenschappelijke Visuminstructies en bijlage 5 a, deel 1, van het Gemeenschappelijk Handboek bevatten de gemeenschappelijke lijst van derde landen waarvan de onderdanen door alle lidstaten aan de transitvisumplicht voor luchthavens (TVL) onderworpen zijn. (2) De Italiaanse Republiek wenst deze transitvisumplicht voor luchthavens te beperken tot Eritrese onderdanen die geen houder zijn van een geldig visum of een geldige verblijfstitel voor de lidstaten van de Europese Unie of voor een staat die partij is bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte van 2 mei 1992, dan wel voor Canada, Zwitserland of de Verenigde Staten. Derhalve moeten de Gemeenschappelijke Visuminstructies en het Gemeenschappelijk Handboek dienovereenkomstig worden gewijzigd. (3) Overeenkomstig de artikelen 1 en 2 van het Protocol betreffende de positie van Denemarken, dat is gehecht aan het Verdrag betreffende de Europese Unie en het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap, neemt Denemarken niet deel aan de vaststelling van deze beschikking en is het niet gebonden door of onderworpen aan de toepassing ervan. Aangezien er met deze beschikking wordt beoogd voort te bouwen op het Schengenacquis krachtens de bepalingen van titel IV van het derde deel van het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap, beslist Denemarken op grond van artikel 5 van genoemd protocol binnen een termijn van zes maanden nadat de Raad deze beschikking heeft vastgesteld, of het deze in zijn nationale wetgeving zal omzetten. (4) Wat IJsland en Noorwegen betreft, vormt deze beschikking een ontwikkeling van de bepalingen van het Schengenacquis zoals bedoeld in de door de Raad van de Europese Unie, de Republiek IJsland en het Koninkrijk Noorwegen gesloten overeenkomst inzake de wijze waarop deze twee staten worden betrokken bij de uitvoering, de toepassing en de ontwikkeling van het Schengenacquis(3), die vallen onder artikel 1, punt A, van Besluit 1999/437/EG(4) inzake bepaalde toepassingsbepalingen van die overeenkomst. (5) Deze beschikking vormt een ontwikkeling van bepalingen van het Schengenacquis waaraan het Verenigd Koninkrijk niet deelneemt, overeenkomstig Besluit 2000/365/EG van de Raad van 29 mei 2000 betreffende het verzoek van het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland deel te mogen nemen aan bepalingen van het Schengenacquis(5); het Verenigd Koninkrijk neemt derhalve niet deel aan de vaststelling van deze beschikking en is hieraan niet gebonden, noch onderworpen aan de toepassing ervan. (6) Deze beschikking vormt een ontwikkeling van bepalingen van het Schengenacquis waaraan Ierland niet deelneemt, overeenkomstig Besluit 2002/192/EG van de Raad van 28 februari 2002 betreffende het verzoek van Ierland deel te mogen nemen aan bepalingen van het Schengenacquis(6); Ierland neemt derhalve niet deel aan de vaststelling van deze beschikking en is hieraan niet gebonden noch onderworpen aan de toepassing ervan. (7) Deze beschikking is een rechtshandeling die voortbouwt op het Schengenacquis of daaraan is verbonden zoals bedoeld in artikel 3, lid 2, van de Toetredingsakte van 2003, HEEFT DE VOLGENDE BESCHIKKING VASTGESTELD: Artikel 1 Voetnoot 4 met betrekking tot Eritrea in bijlage 3, deel I, van de Gemeenschappelijke Visuminstructies en in bijlage 5 a, deel I, van het Gemeenschappelijk Handboek dient als volgt te luiden: "(4) Voor Duitsland en Italië Alleen indien de onderdanen niet beschikken over een geldig visum of een geldige verblijfstitel voor een lidstaat van de Europese Unie of voor een staat die partij is bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte van 2 mei 1992, dan wel voor Canada, Zwitserland of de Verenigde Staten.". Artikel 2 Deze beschikking is van toepassing met ingang van 1 september 2003. Artikel 3 Deze beschikking is gericht tot de lidstaten, overeenkomstig het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap. Gedaan te Brussel, 28 juli 2003. Voor de Raad De voorzitter F. Frattini (1) PB L 116 van 26.4.2001, blz. 2. (2) PB L 116 van 26.4.2001, blz. 5. (3) PB L 176 van 10.7.1999, blz. 36. (4) PB L 176 van 10.7.1999, blz. 31. (5) PB L 131 van 1.6.2000, blz. 43. (6) PB L 64 van 7.3.2002, blz. 20.