Choose the experimental features you want to try

This document is an excerpt from the EUR-Lex website

Veilige verwerking van levensmiddelen: gemeenschappelijke normen voor extractiemiddelen

Veilige verwerking van levensmiddelen: gemeenschappelijke normen voor extractiemiddelen

SAMENVATTING VAN:

Richtlijn 2009/32/EG betreffende de onderlinge aanpassing van de wetgevingen der lidstaten inzake het gebruik van extractiemiddelen bij de productie van levensmiddelen en bestanddelen daarvan

WAT IS HET DOEL VAN DE RICHTLIJN?

Richtlijn 2009/32/EG vervangt eerdere wetgeving en stelt één lijst van extractiemiddelen1 vast die bij een verantwoord productieprocedé kunnen worden gebruikt voor de verwerking van levensmiddelen, bestanddelen daarvan en grondstoffen.

KERNPUNTEN

Extractiemiddelen die met inachtneming van goede productieprocedés voor alle doeleinden mogen worden gebruikt, zijn:

  • water, waaraan stoffen ter regeling van de aciditeit of de alkaliciteit kunnen zijn toegevoegd, en andere voedingsstoffen die als oplosmiddel kunnen dienen
  • propaan
  • butaan
  • ethylacetaat
  • ethanol
  • kooldioxide
  • aceton en
  • distikstofoxide.

Extractiemiddelen waarvoor gedetailleerde gebruiksvoorwaarden zijn gespecificeerd in bijlage I bij Richtlijn 2009/32/EG:

  • hexaan
  • 2-methyloxolaan
  • methylacetaat
  • ethylmethylketon
  • dichloormethaan
  • methanol
  • 2-propanol
  • dimethylether
  • diëthylether
  • cyclohexaan
  • 1-butanol
  • 2-butanol
  • 1-propanol
  • 1,1,1,2-tetrafluorethaan.

Lidstaten van de Europese Unie (EU) mogen het in de handel brengen van levensmiddelen of bestanddelen daarvan niet verbieden, beperken of belemmeren indien deze extractiemiddelen zijn gebruikt overeenkomstig de bepalingen van deze richtlijn.

Lidstaten mogen het gebruik van andere stoffen of materialen als extractiemiddel niet toestaan.

Nationale autoriteiten kunnen het gebruik van een toegestaan extractiemiddel tijdelijk schorsen of beperken indien zij gegronde redenen hebben om aan te nemen dat het gebruik ervan in levensmiddelen een gevaar voor de gezondheid van de mens kan opleveren.

Zij moeten de andere lidstaten en de Europese Commissie onverwijld daarvan in kennis stellen, waarna de redenen die tot het besluit hebben geleid, zullen worden onderzocht.

Indien stoffen als extractiemiddel worden gebruikt, moeten gemakkelijk zichtbare, duidelijk leesbare en onuitwisbare vermeldingen zijn aangebracht op de verpakkingen, recipiënten of etiketten. Deze omvatten:

  • een verkoopbenaming;
  • een duidelijke vermelding dat de kwaliteit van de stof het gebruik ervan als extractiemiddel in levensmiddelen of bestanddelen daarvan toelaat en
  • eventuele bijzondere aanwijzingen voor bewaring.

VANAF WANNEER TREDEN DE REGELS IN WERKING?

De richtlijn is van toepassing sinds .

KERNBEGRIPPEN

  1. Extractiemiddel. Een stof die wordt gebruikt tijdens de verwerking van levensmiddelen en die vervolgens wordt verwijderd. Extractiemiddelen kunnen onbedoelde, maar technisch onvermijdelijke residuen of derivaten in de levensmiddelen achterlaten.

BELANGRIJKSTE DOCUMENT

Richtlijn 2009/32/EG van het Europees Parlement en de Raad van betreffende de onderlinge aanpassing van de wetgevingen der lidstaten inzake het gebruik van extractiemiddelen bij de productie van levensmiddelen en bestanddelen daarvan (herschikking) (PB L 141 van , blz. 3-11).

Achtereenvolgende wijzigingen aan Richtlijn 2009/32/EG werden in de basistekst opgenomen. Deze geconsolideerde versie is enkel van documentaire waarde.

laatste bijwerking

Top