This document is an excerpt from the EUR-Lex website
Document 62019CA0776
Joined Cases C-776/19 to C-782/19: Judgment of the Court (First Chamber) of 10 June 2021 (requests for a preliminary ruling from the Tribunal de grande instance de Paris — France) — VB, WA (C-776/19), XZ, YY (C-777/19), ZX (C-778/19), DY, EX (C-781/19) v BNP Paribas Personal Finance SA and AV (C-779/19), BW, CX (C-780/19), FA (C-782/19) v BNP Paribas Personal Finance SA, Procureur de la République (Reference for a preliminary ruling — Consumer protection — Directive 93/13/EEC — Unfair terms in consumer contracts — Mortgage loan agreements denominated in a foreign currency (Swiss francs) — Limitation — Article 4(2) — Main subject matter of the contract — Terms exposing the borrower to a foreign exchange risk — Requirements of intelligibility and transparency — Burden of proof — Article 3(1) — Significant imbalance — Article 5 — Contractual term that is in plain, intelligible language — Principle of effectiveness)
Gevoegde zaken C-776/19 tot en met C-782/19: Arrest van het Hof (Eerste kamer) van 10 juni 2021 (verzoeken om een prejudiciële beslissing ingediend door de tribunal de grande instance de Paris — Frankrijk) — VB, WA (C-776/19), XZ, YY (C-777/19), ZX (C-778/19), DY, EX (C-781/19)/BNP Paribas Personal Finance SA en AV (C-779/19), BW, CX (C-780/19), FA (C-782/19)/BNP Paribas Personal Finance SA, Procureur de la République [Prejudiciële verwijzing – Consumentenbescherming – Richtlijn 93/13/EEG – Oneerlijke bedingen in consumentenovereenkomsten – In een vreemde valuta luidende hypothecaire leenovereenkomsten (Zwitserse frank) – Verjaring – Artikel 4, lid 2 – Eigenlijk voorwerp van de overeenkomst – Bedingen die de kredietnemer blootstellen aan een wisselkoersrisico – Vereisten van begrijpelijkheid en transparantie – Bewijslast – Artikel 3, lid 1 – Aanzienlijke verstoring van het evenwicht – Artikel 5 – Duidelijke en begrijpelijke formulering van een beding van een overeenkomst – Doeltreffendheidsbeginsel]
Gevoegde zaken C-776/19 tot en met C-782/19: Arrest van het Hof (Eerste kamer) van 10 juni 2021 (verzoeken om een prejudiciële beslissing ingediend door de tribunal de grande instance de Paris — Frankrijk) — VB, WA (C-776/19), XZ, YY (C-777/19), ZX (C-778/19), DY, EX (C-781/19)/BNP Paribas Personal Finance SA en AV (C-779/19), BW, CX (C-780/19), FA (C-782/19)/BNP Paribas Personal Finance SA, Procureur de la République [Prejudiciële verwijzing – Consumentenbescherming – Richtlijn 93/13/EEG – Oneerlijke bedingen in consumentenovereenkomsten – In een vreemde valuta luidende hypothecaire leenovereenkomsten (Zwitserse frank) – Verjaring – Artikel 4, lid 2 – Eigenlijk voorwerp van de overeenkomst – Bedingen die de kredietnemer blootstellen aan een wisselkoersrisico – Vereisten van begrijpelijkheid en transparantie – Bewijslast – Artikel 3, lid 1 – Aanzienlijke verstoring van het evenwicht – Artikel 5 – Duidelijke en begrijpelijke formulering van een beding van een overeenkomst – Doeltreffendheidsbeginsel]
PB C 297 van 26.7.2021, pp. 8–9
(BG, ES, CS, DA, DE, ET, EL, EN, FR, HR, IT, LV, LT, HU, MT, NL, PL, PT, RO, SK, SL, FI, SV)
|
26.7.2021 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
C 297/8 |
Arrest van het Hof (Eerste kamer) van 10 juni 2021 (verzoeken om een prejudiciële beslissing ingediend door de tribunal de grande instance de Paris — Frankrijk) — VB, WA (C-776/19), XZ, YY (C-777/19), ZX (C-778/19), DY, EX (C-781/19)/BNP Paribas Personal Finance SA en AV (C-779/19), BW, CX (C-780/19), FA (C-782/19)/BNP Paribas Personal Finance SA, Procureur de la République
(Gevoegde zaken C-776/19 tot en met C-782/19) (1)
(Prejudiciële verwijzing - Consumentenbescherming - Richtlijn 93/13/EEG - Oneerlijke bedingen in consumentenovereenkomsten - In een vreemde valuta luidende hypothecaire leenovereenkomsten (Zwitserse frank) - Verjaring - Artikel 4, lid 2 - Eigenlijk voorwerp van de overeenkomst - Bedingen die de kredietnemer blootstellen aan een wisselkoersrisico - Vereisten van begrijpelijkheid en transparantie - Bewijslast - Artikel 3, lid 1 - Aanzienlijke verstoring van het evenwicht - Artikel 5 - Duidelijke en begrijpelijke formulering van een beding van een overeenkomst - Doeltreffendheidsbeginsel)
(2021/C 297/06)
Procestaal: Frans
Verwijzende rechter
Tribunal de grande instance de Paris
Partijen in het hoofdgeding
Verzoekende partijen: VB, WA (C-776/19), XZ, YY (C-777/19), ZX (C-778/19), DY, EX (C-781/19), AV (C-779/19), BW, CX (C-780/19), FA (C-782/19)
Verwerende partijen: BNP Paribas Personal Finance SA, Procureur de la République
Dictum
|
1) |
Artikel 6, lid 1, en artikel 7, lid 1, van richtlijn 93/13/EEG van de Raad van 5 april 1993 betreffende oneerlijke bedingen in consumentenovereenkomsten, gelezen in het licht van het doeltreffendheidsbeginsel, moeten aldus worden uitgelegd dat zij zich verzetten tegen een nationale regeling op grond waarvan er voor een vordering van een consument:
|
|
2) |
Artikel 4, lid 2, van richtlijn 93/13 moet aldus worden uitgelegd dat bedingen van de leenovereenkomst waarin is bepaald dat de buitenlandse valuta de rekenmunt en de euro de betaalmunt is, waardoor het wisselkoersrisico bij de kredietnemer komt te liggen, onder die bepaling vallen wanneer deze bedingen een essentieel element vastleggen dat kenmerkend is voor die overeenkomst. |
|
3) |
Artikel 4, lid 2, van richtlijn 93/13 moet aldus worden uitgelegd dat in geval van een in een vreemde valuta luidende leenovereenkomst is voldaan aan het vereiste van transparantie van de bedingen in die overeenkomst waarin wordt bepaald dat de vreemde valuta de rekenmunt en de euro de betaalmunt is en waardoor het wisselkoersrisico bij de kredietnemer komt te liggen, wanneer de verkoper de consument voldoende en juiste informatie heeft verstrekt die een normaal geïnformeerde en redelijk omzichtige en oplettende gemiddelde consument in staat stelt te begrijpen hoe het financiële mechanisme in kwestie concreet werkt en aldus het risico van — mogelijk aanzienlijke — negatieve economische gevolgen van die bedingen voor zijn financiële verplichtingen tijdens de hele looptijd van die overeenkomst in te schatten. |
|
4) |
Richtlijn 93/13 moet aldus worden uitgelegd dat zij eraan in de weg staat dat de bewijslast voor de duidelijke en begrijpelijke formulering van een beding van de overeenkomst in de zin van artikel 4, lid 2, van deze richtlijn op de consument rust. |
|
5) |
Artikel 3, lid 1, van richtlijn 93/13 moet aldus worden uitgelegd dat bedingen in een leenovereenkomst die bepalen dat de vreemde valuta de rekenmunt en de euro de betaalmunt is, en die tot gevolg hebben dat het niet aan een bovengrens gebonden wisselkoersrisico bij de kredietnemer komt te liggen, het evenwicht tussen de uit die overeenkomst voortvloeiende rechten en verplichtingen van de partijen aanzienlijk kunnen verstoren ten nadele van de consument, aangezien de verkoper er met inachtneming van het transparantievereiste ten aanzien van de consument niet redelijkerwijs van kon uitgaan dat de consument een uit dergelijke bedingen voortvloeiend onevenredig wisselkoersrisico zou aanvaarden nadat daarover afzonderlijk was onderhandeld. |