Choose the experimental features you want to try

This document is an excerpt from the EUR-Lex website

Document 32018D1789

Besluit (GBVB) 2018/1789 van de Raad van 19 november 2018 ter ondersteuning van de bestrijding van de illegale handel in en de verspreiding van handvuurwapens en lichte wapens in de lidstaten van de Liga van Arabische Staten

ST/13273/2018/INIT

PB L 293 van 20.11.2018, pp. 24–31 (BG, ES, CS, DA, DE, ET, EL, EN, FR, HR, IT, LV, LT, HU, MT, NL, PL, PT, RO, SK, SL, FI, SV)

Legal status of the document In force: This act has been changed. Current consolidated version: 17/12/2020

ELI: http://data.europa.eu/eli/dec/2018/1789/oj

20.11.2018   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 293/24


BESLUIT (GBVB) 2018/1789 VAN DE RAAD

van 19 november 2018

ter ondersteuning van de bestrijding van de illegale handel in en de verspreiding van handvuurwapens en lichte wapens in de lidstaten van de Liga van Arabische Staten

DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE,

Gezien het Verdrag betreffende de Europese Unie, en met name artikel 28, lid 1, en artikel 31, lid 1,

Gezien het voorstel van de hoge vertegenwoordiger van de Unie voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

De Europese Raad heeft op 16 december 2005 de strategie van de EU ter bestrijding van de illegale accumulatie van en handel in SALW en munitie daarvoor aangenomen („de EU SALW-strategie”); deze in 2018 herziene strategie bevat richtsnoeren voor het optreden van de Unie op het gebied van handvuurwapens en lichte wapens (SALW). In de SALW-strategie van de Unie werd aangekondigd dat de EU bij voorrang regionale initiatieven zal steunen ter bestrijding van illegale SALW en munitie daarvoor, waarbij financiële en technische steun wordt verleend aan regionale en nationale organisaties die verantwoordelijk zijn voor de uitvoering van desbetreffende regionale instrumenten.

(2)

De Europese Commissie en de hoge vertegenwoordiger van de Unie voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid („de hoge vertegenwoordiger”) hebben op 13 juni 2018 bij het Europees Parlement en de Raad een gemeenschappelijke mededeling ingediend met betrekking tot elementen ten behoeve van een EU-strategie tegen illegale vuurwapens, handvuurwapens en lichte wapens en munitie met als titel „Wapens beveiligen, burgers beschermen”.

(3)

De Agenda 2030 voor duurzame ontwikkeling van de Verenigde Naties (VN), vastgesteld op 25 september 2015, bevestigde dat duurzame ontwikkeling niet kan worden gerealiseerd zonder vrede en veiligheid en dat illegale wapenhandel een van de factoren is die leiden tot geweld, onveiligheid en onrechtvaardigheid.

(4)

In de Ontwapeningsagenda van de VN van 2018 over het veiligstellen van onze gezamenlijke toekomst, waar op 24 mei 2018 een begin mee is gemaakt, pleit de VN-secretaris-generaal voor een inclusieve, integrale en participatieve aanpak van handvuurwapensbeheersing op landniveau, en in bepaalde omstandigheden, op subregionaal niveau.

(5)

Tijdens de derde VN-toetsingsconferentie van juni 2018 betreffende de uitvoering van het actieprogramma ter preventie, bestrijding en uitbanning van de illegale handel in handvuurwapens en lichte wapens in al zijn aspecten (PoA), hebben de VN-lidstaten toegezegd om waar mogelijk, bij het voorkomen en bestrijden van de illegale handel in SALW, partnerschappen en samenwerking op alle niveaus te zullen versterken, met name bij grenscontroles, voorraadbeheer en veiligheid, vernietiging en verwijdering, markering, registratie en tracering, en illegale tussenhandel. Zij hebben ook toegezegd hechter samen te werken met de betrokken subregionale en regionale organisaties bij het versterken van het PoA en het internationaal traceringsinstrument.

(6)

De Liga van Arabische Staten (LAS) is een regionale organisatie die alle Arabische landen verenigt, met als doel de samenwerking tussen de leden te bevorderen en versterken.

(7)

De Unie en de LAS hebben in 2016 met elkaar een strategische dialoog opgezet en een aantal groepen opgericht.

(8)

De Groep massavernietigingswapen en wapenbeheersing heeft in het kader van die dialoog prioritaire gebieden voor mogelijke concrete samenwerking vastgesteld,

HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:

Artikel 1

1.   Teneinde de LAS-lidstaten te ondersteunen bij de uitvoering van het PoA van de VN en van het internationaal traceringsinstrument (ITI), streeft de Unie de volgende doelstellingen na:

—

duurzaam opbouwen van het nationale vermogen van LAS-lidstaten om de illegale verspreiding van SALW tegen te gaan, terrorisme te bestrijden en na conflictsituaties de veiligheid te verbeteren, met volledige eerbiediging van de internationale mensenrechtennormen;

—

duurzaam opbouwen van het regionale vermogen van LAS-lidstaten om dezelfde problemen aan te pakken;

—

versterken van de nationale controle van LAS-lidstaten op SALW in de belangrijkste stadia van hun levenscyclus;

—

uitwisseling van beste praktijken en getrokken lering.

2.   Teneinde de in lid 1 genoemde doelstellingen te bereiken, steunt de Unie door middel van dit besluit acties op de volgende gebieden:

—

controle op de internationale overdracht van SALW(bestrijding van illegale wapenstromen);

—

in kaart brengen en verstoren van de bronnen van illegale handvuurwapens (capaciteitsopbouw voor wetshandhavingsdiensten);

—

overige maatregelen in verband met handvuurwapenbeheersing, waaronder voorraadbeheer, controle van voorraden in dat verband, en veiligheid;

—

ontwapening, demobilisatie en re-integratie (ODR);

—

verstrekken van informatie over illegale SALW, en verscherpte beheersing van SALW.

3.   Een gedetailleerde beschrijving van het in leden 1 en 2 bedoelde project staat in de bijlage bij dit besluit.

Artikel 2

1.   De hoge vertegenwoordiger is belast met de uitvoering van dit besluit.

2.   De technische uitvoering van het in artikel 1 bedoelde project berust bij het Small Arms Survey („SAS”), vertegenwoordigd door het Graduate Institute of International and Development Studies met bijstand van de Internationale Criminele Politieorganisatie (Interpol) en de Werelddouaneorganisatie (WDO), en in nauwe samenwerking met het LAS-secretariaat.

3.   Het SAS, bijgestaan door Interpol en de WDO, voert zijn taken uit onder de verantwoordelijkheid van de hoge vertegenwoordiger. De hoge vertegenwoordiger treft hiertoe de nodige regelingen met het SAS.

Artikel 3

1.   Het financieel referentiebedrag voor de uitvoering van het in artikel 1 bedoelde, door de Unie gefinancierde project bedraagt 2 858 550 EUR.

2.   Voor het beheer van de uitgaven die worden gefinancierd uit het in lid 2 genoemde referentiebedrag gelden de procedures en voorschriften die van toepassing zijn op de begroting van de Unie.

3.   De Commissie houdt toezicht op het correcte beheer van de in lid 2 bedoelde uitgaven. Hiertoe sluit zij de nodige overeenkomst met het SAS. In de overeenkomst wordt bepaald dat het SAS er zorg voor moet dragen dat de bijdrage van de Unie zichtbaar is in een mate die overeenstemt met de omvang ervan.

4.   De Commissie tracht de in lid 3 bedoelde overeenkomst zo spoedig mogelijk na de inwerkingtreding van dit besluit te sluiten. Zij stelt de Raad in kennis van eventuele moeilijkheden die zich daarbij voordoen en van de datum van sluiting van de overeenkomst.

Artikel 4

1.   De hoge vertegenwoordiger brengt verslag uit aan de Raad over de uitvoering van dit besluit, op basis van regelmatige kwartaalverslagen die door het SAS worden opgesteld. Deze verslagen vormen de basis voor de evaluatie door de Raad.

2.   De Commissie brengt verslag uit over de financiële aspecten van het in artikel 1 bedoelde project.

Artikel 5

1.   Dit besluit treedt in werking op de datum waarop het wordt vastgesteld.

2.   Dit besluit verstrijkt 24 maanden na de datum van sluiting van de in artikel 3, lid 3, bedoelde overeenkomst. Het verstrijkt echter zes maanden na de datum van inwerkingtreding, indien er binnen die termijn nog geen overeenkomst is gesloten.

Gedaan te Brussel, 19 november 2018.

Voor de Raad

De voorzitter

F. MOGHERINI


BIJLAGE

Bestrijding van de illegale handel in en de verspreiding van handvuurwapens en lichte wapens in de lidstaten van de Liga van Arabische Staten (2018-2020)

1.   Achtergrond en motivering van de GBVB-steun

Dit project bouwt voort op eerdere inspanningen van de Liga van Arabische Staten (LAS) en de Unie om de LAS-lidstaten bij te staan bij de bestrijding van illegale handvuurwapens en lichte wapens (SALW) in de Arabische regio. De uitroeiing van illegale handvuurwapens in de Arabische regio is van cruciaal belang voor het terugdringen van alle vormen van geweld en de bevordering van duurzame ontwikkeling en welvaart in overeenstemming met de doelstellingen voor duurzame ontwikkeling (SDG's) van de Verenigde Naties (VN) — zowel in de Arabische regio als in naburige regio's, Europa inbegrepen.

Meer specifiek is het project gericht op het versterken van de capaciteit van de LAS-lidstaten om uitvoering te geven aan het VN-actieprogramma ter voorkoming, bestrijding en uitroeiing van de illegale handel in handvuurwapens en lichte wapens in al zijn aspecten (PoA) en aan het internationaal traceringsinstrument (ITI), aan de hand van de door de LAS-lidstaten vastgestelde prioriteiten en behoeften. Het normatieve kader voor het project omvat ook de Agenda 2030 voor duurzame ontwikkeling, en met name doelstelling 16.4. Afhankelijk van de voorkeuren van de ontvangende LAS-lidstaat, kunnen het VN-Vuurwapenprotocol en het Wapenhandelsverdrag tevens dienen als referentiepunt voor projectgerelateerde inspanningen voor capaciteitsopbouw (uitvoer/invoercontroles, voorkomen van de omleiding van wapens enz.).

2.   Projectdoelstellingen en duurzaamheid op lange termijn

De onderliggende doelstelling van het project is het duurzaam versterken van de capaciteit van de LAS-lidstaten ter uitvoering van het actieprogramma en het ITI en ter bestrijding van illegale handvuurwapens en terrorisme, overeenkomstig de door de LAS-lidstaten in kaart gebrachte prioriteiten en behoeften. Ten einde dat doel te bereiken, heeft het project de volgende hoofddoelstellingen:

a)

het duurzaam opbouwen van de nationale capaciteit van de LAS-lidstaten om de illegale verspreiding van SALW tegen te gaan, terrorisme te bestrijden en na conflictsituaties de veiligheid te verbeteren;

b)

het duurzaam opbouwen van het regionale vermogen van de betrokken LAS-personeelsleden om dezelfde problemen aan te pakken;

c)

het versterken van de nationale controle van de LAS-lidstaten op SALW in de belangrijkste stadia van hun levenscyclus;

d)

het bevorderen van de uitwisseling van beste praktijken en getrokken lering.

Uit raadplegingen van de LAS-lidstaten blijkt dat zij op specifieke gebieden hulp en steun nodig hebben. Centraal staat hierbij de opbouw van nationale capaciteit voor de bestrijding van illegale wapenstromen (zie punt 3 voor verdere details). Alle onderdelen van het project, ook die welke betrekking hebben op de beoordeling van de behoeften en de evaluatie na de uitvoering, moeten er eigenlijk voor zorgen dat het project duurzame capaciteit verleent aan de beoogde begunstigden, namelijk de overheidsinstanties en ambtenaren in de LAS-lidstaten, en het LAS-secretariaat (afdeling wapenbeheersing en ontwapening).

3.   Beschrijving van de actie

Het project van de Unie ter bestrijding van de illegale handel in en verspreiding van SALW in de LAS-lidstaten (2018-2020) moet beantwoorden aan de behoeften die de LAS-lidstaten op de volgende prioritaire gebieden in kaart hebben gebracht:

Gebied 1:

het controleren van de internationale overdracht van SALW (bestrijding van illegale wapenstromen)

1.1.   Uitvoer/invoer/doorvoervergunningen en -controle (risicobeoordeling enz.)

1.2.   Voorkomen dat SALW terechtkomen bij onbevoegde ontvangers

1.3.   Opsporing van SALW en onderdelen daarvan tijdens de inspectie van de vervoerde goederen en vracht (inspectiemethoden, technieken, uitrusting enz.)

Gebied 2:

het identificeren en verstoren van de bronnen van illegale handvuurwapens (capaciteitsopbouw voor wetshandhavingsdiensten)

2.1.   Controle van de land-, lucht- en zeegrenzen, met inbegrip van de overdracht van technologie

2.2.   Markering, registratie en tracering

2.3.   Aanvullende technieken en methoden voor onderzoek en inspectie van wapens (gebruik van ballistische informatie, identificatie/verstoring van smokkelroutes en -methodes enz.)

Gebied 3:

andere maatregelen voor de beheersing van handvuurwapens

3.1.   Voorraadbeheer en veiligheid

Gebied 4:

ontwapening, demobilisatie en re-integratie (DDR)

4.1.   Uitwisseling van expertise, beste praktijken en geleerde lessen in verband met DDR

4.2.   Hulp bij het opzetten van nationale DDR-programma's

4.3.   Andere vormen van ondersteuning van LAS-lidstaten na conflictsituaties

Opgemerkt zij dat een aantal LAS-lidstaten om de opneming van dit onderdeel had verzocht, maar dat er in vergelijking met de andere onder dit punt vermelde gebieden in het algemeen minder belangstelling voor was. Daarom staat het niet centraal in het project.

Gebied 5:

het verstrekken van informatie over illegale SALW, en verscherpte controle op SALW:

5.1.   Evaluatie van de wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen van de LAS-lidstaten; advies over mogelijke wijzigingen en herzieningen.

5.2.   Vertaling van relevant onderzoek, gepubliceerde studies en andere documenten in het Arabisch

Om in te spelen op bovenstaande behoeften, bevat het project de volgende elementen:

1.

regionale coördinatie: eerste vergadering in Caïro

2.

subregionale coördinatie: subregionale workshops

3.

beoordelingsmissies

4.

opleiding in het land

5.

bijstand op wetgevingsgebied

6.

verstrekken van informatie in het Arabisch

7.

regionale coördinatie: slotvergadering in Caïro

8.

toezicht op en evaluatie van het project (met inbegrip van een financiële audit)

3.1.   Regionale coördinatie: eerste vergadering in Caïro

3.1.1.   Doelstelling: de bekendheid met het project vergroten, contact met LAS-lidstaten aanknopen, en een aanvang maken met het in kaart brengen van de specifieke behoeften van landen (eerste beoordeling van de behoeften) (prioritaire gebieden 1tot 5).

3.1.2.   Activiteiten: één week durende eerste vergadering in Caïro, die alle aspecten van het project (prioritaire gebieden 1 tot 5) omvat en bedoeld is voor hoge ambtenaren uit de LAS-lidstaten en LAS-personeelsleden die verantwoordelijk zijn voor projectgerelateerde kwesties.

3.1.3.   Resultaten van de actie: het aanknopen van contact met LAS-lidstaten; het in kaart brengen van specifieke behoeften van landen; het opstellen van een beknopt verslag over de vergadering.

3.2.   Subregionale coördinatie: subregionale workshops

3.2.1.   Doelstelling: de LAS-lidstaten de mogelijkheid geven om op subregionaal niveau ervaringen en goede praktijken te delen, en om op gebieden die verband houden met het project (prioritaire gebieden 1 tot 4) uitvoeringsprioriteiten vast te stellen.

3.2.2.   Activiteiten: Eén week durende workshops, ongeveer halverwege het project, in drie verschillende subregio's (voorlopig: de Maghreb, de Sahel en Oost-Afrika; de Mashrek; het Arabisch Schiereiland en Irak) (drie weken in totaal). De LAS-lidstaten die aan elke workshop deelnemen, zouden tijdens de eerste vergadering in Caïro (punt 3.1) of kort daarna worden gekozen.

3.2.3.   Resultaten van de actie: uitwisseling van ervaringen en goede praktijken op gebieden die verband houden met het project; vaststelling van uitvoeringsprioriteiten; het opstellen van een beknopt verslag over de workshop.

3.3.   Beoordelingsmissies

3.3.1.   Doelstelling: de specifieke behoeften van een land vaststellen en werken aan de follow-up van opleidingen en bijstand in het land (prioritaire gebieden 1 tot 5).

3.3.2.   Activiteiten: bezoeken ter plaatse aan de LAS-lidstaten die om bijstand verzoeken.

3.3.3.   Resultaten van de actie: voltooiing van beoordelingsmissies; opstelling van een kort verslag over elke missie, dat vertrouwelijk is voor de ontvangende LAS-lidstaat en dat de specifieke behoeften van dit land moet bepalen (identificatie van bestaande beleidsmaatregelen, normatieve of andere lacunes en belemmeringen voor het aanpakken van dergelijke lacunes).

3.4.   Opleiding in het land

3.4.1.   Doelstelling: opbouwen van duurzame capaciteit voor de beheersing van handvuurwapens in de ontvangende LAS-lidstaat, en wel in functie van de belangen en behoeften van die lidstaat (prioritaire gebieden 1 tot 4).

3.4.2.   Activiteiten:

Binnenlandse opleidingssessies voor de LAS-lidstaten die om bijstand verzoeken. De opleidingssessies kunnen ten goede komen aan alle 22 LAS-lidstaten (één week per staat) of een kleiner aantal LAS-lidstaten (meerdere bezoeken aan die lidstaten; bijv. twee weken opleiding voor 11 LAS-lidstaten).

Elke opleidingssessie omvat: a) een eerstekennismakingsdag waarop hoge regeringsfunctionarissen worden ingelicht over alle aspecten van het project die van belang/relevant zijn voor de LAS-lidstaat; b) twee dagen opleiding voor eerstelijnsmanagers (projectdeskundigen werken parallel op gebieden die van belang/relevant zijn voor de LAS-lidstaat); c) twee dagen praktische opleiding voor uitvoerend personeel (projectdeskundigen werken parallel op gebieden die van belang/relevant zijn voor de LAS-lidstaat).

Bij meerdere bezoeken wordt getracht de nationale inbreng te vergroten door de opleiding tijdens het eerste bezoek te verruimen en te versterken, met name op de gebieden die door de ontvangende LAS-lidstaat als topprioriteiten zijn aangemerkt.

3.4.3.   Resultaten van de actie: de impact van de opleidingssessies zal worden beoordeeld om te bepalen in hoeverre aan de doelstellingen inzake capaciteitsopbouw is voldaan.

3.5.   Bijstand op wetgevingsgebied

3.5.1.   Doelstelling: beoordeling van met handvuurwapens verband houdende wetgeving in de LAS-lidstaten die om een dergelijke bijstand hebben verzocht; mogelijke wetgevende wijzigingen en herzieningen in kaart brengen (prioritaire gebieden 1-4).

3.5.2.   Activiteiten: onderzoek op basis van stukken en overleg met de verzoekende LAS-lidstaat; bezoek ter plaatse (één week); en voortgangsverslag en overleg met de verzoekende LAS-lidstaat.

3.5.3.   Resultaten van de actie: opstelling van een kort verslag, vertrouwelijk voor de ontvangende LAS-lidstaat, met mogelijke wetgevende wijzigingen en herzieningen.

3.6.   Verstrekken van informatie in het Arabisch

3.6.1.   Doelstelling: inspelen op de behoefte van de LAS-lidstaten aan onafhankelijke en betrouwbare informatie over handvuurwapens en gewapend geweld in het Arabisch (prioritair gebied 5)

3.6.2.   Activiteiten: vertaling van belangrijke publicaties en documenten in het Arabisch (gepubliceerde verslagen, richtsnoeren inzake beste praktijken enz.). Voorbeelden zijn de Small Arms Survey's Guide bij de Small Arms Process and its Physical Security and Stockpile Management (PSSM) Matrix van de VN.

3.6.3.   Resultaten van de actie: specifieke outputs zouden zijn de vertaling van belangrijke boeken, verslagen en briefingdocumenten, alsook de productie van podcasts en blogberichten in het Arabisch. Deze actie zou resulteren in een veel grotere beschikbaarheid van onafhankelijke en betrouwbare informatie over handvuurwapens en gewapend geweld in het Arabisch.

3.7.   Regionale coördinatie: slotvergadering in Caïro

3.7.1.   Doelstelling: het project evalueren en de toekomstige samenwerking plannen (prioritaire gebieden 1 tot 5).

3.7.2.   Activiteiten: een tweedaagse vergadering in Caïro aan het einde van het project, bedoeld voor hoge ambtenaren uit de LAS-lidstaten en LAS-personeelsleden die verantwoordelijk zijn voor projectgerelateerde kwesties.

3.7.3.   Resultaten van de actie: bespreking en evaluatie van het project; opstelling van plannen voor toekomstige samenwerking inzake de beheersing van handvuurwapens; opstelling van een beknopt verslag over de vergadering.

3.8.   Toezicht op en evaluatie van het project

3.8.1.   Doelstelling: ervoor zorgen dat het project aan zijn doelstellingen voldoet, en dat de projectuitgaven in overeenstemming met de overeengekomen begroting worden/zijn gedaan.

3.8.2.   Activiteiten: met het oog op het meten van de impact van de verschillende onderdelen van het project, omvat het project een intern en een extern controlemechanisme. Het intern controlemechanisme zal worden aangestuurd door de Results-based Management (RBM) Specialist, ondersteund door het projectpersoneel. De externe evaluatie vergt een extern evaluatieteam dat op het einde van het project naar de tweedaagse vergadering in Caïro zal reizen, geselecteerde deelnemende LAS-lidstaten (tot 8) en het hoofdkantoor van de belangrijkste projectuitvoerders: het Small Arms Survey, de Internationale Criminele Politieorganisatie en de Werelddouaneorganisatie. Het project zal ook een financiële audit behelzen, in overeenstemming met de voorschriften van de Unie.

3.8.3.   Resultaten van de actie: voltooiing van een beoordeling van de impact van het project; voltooiing van de financiële audit.

4.   Uitvoerende agentschappen en partnerschappen

Het Small Arms Survey (SAS), een onderzoekscentrum bij het Graduate Institute of International and Development Studies in Genève, Zwitserland, zal het leidende uitvoerend agentschap zijn. Bij de uitvoering van het project bouwt het onderzoekscentrum met name voort op de bijdragen van de Internationale Criminele Politieorganisatie (Interpol) en de Werelddouaneorganisatie (WDO). Interpol zal de primaire verantwoordelijkheid hebben voor prioritaire gebieden 2.2 en 2.3 (capaciteitsopbouw voor rechtshandhavingsinstanties), de WDO voor prioritaire gebieden 1 en 2.1 (internationale controles op overdracht, met inbegrip van grenscontroles).

Indien nodig zal het SAS andere organisaties verzoeken om bij andere onderdelen van het project (eventueel ook de onderdelen voorraadbeheer en beveiliging) te helpen. Afhankelijk van de behoeften en voorkeuren van de deelnemende LAS-lidstaten, zouden andere organisaties, zoals maatschappelijke organisaties, en bepaalde gespecialiseerde LAS-agentschappen kunnen bijdragen tot de uitvoering van het project.

De uitvoerende agentschappen zullen ook zorgen voor coördinatie met gouvernementele en niet-gouvernementele organisaties die in de LAS-lidstaten actief zijn, en met programma's van de Unie, zodat alle activiteiten die in het kader van het project worden ondernomen, een aanvulling vormen op en voortbouwen op bestaande initiatieven.

Het SAS en zijn uitvoerende partners zullen tevens passende maatregelen nemen om de zichtbaarheid van het project in overeenstemming met de richtsnoeren van de Unie te verzekeren.

5.   Looptijd

Een looptijd van 24 maanden wordt voor het project overwogen. Afhankelijk van de belangstelling van de LAS-lidstaten en de beschikbare middelen, zou het project na de eerste periode van twee jaar kunnen worden verlengd, zodat de inspanningen voor capaciteitsopbouw uit de eerste fase van het project worden voortgezet en geconsolideerd. Zo kan de opleiding die in de eerste fase aan een bepaald land wordt gegeven, worden herhaald, uitgebreid en getest, waarbij meer personeel wordt ingezet om de duurzaamheid te waarborgen. LAS-lidstaten die niet alle opleiding of bijstand op wetgevingsgebied hebben gekregen die zij in de eerste fase van het project hadden aangevraagd, zouden die in de tweede fase kunnen ontvangen. LAS-lidstaten die nieuwe behoeften of prioriteiten in verband met wapenbeheersing hebben vastgesteld — bijvoorbeeld voortbouwend op de capaciteiten die in de eerste fase van het project zijn verworven — zouden in de tweede fase bijstand kunnen verkrijgen op deze gebieden.


Top