This document is an excerpt from the EUR-Lex website
Document 31991R3676
Commission Regulation (EEC) No 3676/91 of 17 December 1991 amending Regulation (EEC) No 2385/91 laying down detailed rules for certain special cases regarding the definition of sheepmeat and goatmeal producers and producer groups
Verordening (EEG) nr. 3676/91 van de Commissie van 17 december 1991 tot wijziging van Verordening (EEG) nr. 2385/91 houdende nadere voorschriften voor een aantal bijzondere gevallen in verband met de definitie van producenten en producentengroeperingen in de sector schape- en geitevlees
Verordening (EEG) nr. 3676/91 van de Commissie van 17 december 1991 tot wijziging van Verordening (EEG) nr. 2385/91 houdende nadere voorschriften voor een aantal bijzondere gevallen in verband met de definitie van producenten en producentengroeperingen in de sector schape- en geitevlees
PB L 349 van 18.12.1991, pp. 14–17
(ES, DA, DE, EL, EN, FR, IT, NL, PT) Dit document is verschenen in een speciale editie.
(FI, SV)
No longer in force, Date of end of validity: 31/12/2001
Verordening (EEG) nr. 3676/91 van de Commissie van 17 december 1991 tot wijziging van Verordening (EEG) nr. 2385/91 houdende nadere voorschriften voor een aantal bijzondere gevallen in verband met de definitie van producenten en producentengroeperingen in de sector schape- en geitevlees
Publicatieblad Nr. L 349 van 18/12/1991 blz. 0014 - 0017
Bijzondere uitgave in het Fins: Hoofdstuk 3 Deel 39 blz. 0215
Bijzondere uitgave in het Zweeds: Hoofdstuk 3 Deel 39 blz. 0215
VERORDENING (EEG) Nr. 3676/91 VAN DE COMMISSIE van 17 december 1991 tot wijziging van Verordening (EEG) nr. 2385/91 houdende nadere voorschriften voor een aantal bijzondere gevallen in verband met de definitie van producenten en producentengroeperingen in de sector schape- en geitevlees DE COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN, Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Economische Gemeenschap, Gelet op Verordening (EEG) nr. 3013/89 van de Raad van 25 september 1989 houdende een gemeenschappelijke ordening der markten in de sector schape- en geitevlees (1), laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EEG) nr. 1741/91 (2), en met name op artikel 5, lid 9, Gelet op Verordening (EEG) nr. 3493/90 van de Raad van 27 november 1990 tot vaststelling van de algemene voorschriften voor de toekenning van de premie aan de producenten van schape- en geitevlees (3), en met name op artikel 1, en op artikel 2, lid 4, Overwegende dat in Verordening (EEG) nr. 3493/90 de begrippen "producent van schape- en/of geitevlees" en "producentengroepering" zijn omschreven; dat de Commissie volgens de procedure van artikel 30 van Verordening (EEG) nr. 3013/89 bij Verordening (EEG) nr. 2385/91 (4) nadere voorschriften in verband met deze definities heeft vastgesteld, met name die met betrekking tot de in artikel 5, lid 7, van Verordening (EEG) nr. 3013/89 bedoelde maxima voor de producentengroeperingen en die betreffende de "transhumance" in de in artikel 2, lid 3, tweede streepje, van Verordening (EEG) nr. 3493/90 bedoelde gebieden; Overwegende dat in Verordening (EEG) nr. 2385/91 is bepaald dat de producentengroeperingen voor de verdeling van het bestand over de leden een sleutel vaststellen; dat, voor de volgende verkoopseizoenen, de verdeelsleutel slechts wordt gewijzigd als de samenstelling van de producentengroepering grondig is veranderd; dat een nadere precisering van hetgeen onder een "grondige verandering" moet worden verstaan de toepassing van de voor de producentengroeperingen geldende voorschriften zou vergemakkelijken en meer uniform zou maken; Overwegende dat in Verordening (EEG) nr. 2385/91 bovendien is bepaald in welke gevallen de leden van producentengroeperingen niet in aanmerking komen voor toepassing van het bepaalde in artikel 5, lid 7, van Verordening (EEG) nr. 3013/89; dat tot deze gevallen ook moeten worden gerekend, de gevallen waarin zou worden geconstateerd dat producentengroeperingen zijn opgericht om op onrechtmatige wijze van de betrokken bepalingen profijt te trekken; Overwegende dat bij Verordening (EEG) nr. 2385/91 eveneens de bepalingen zijn vastgesteld inzake de toepassing van de bijzondere maatregelen met betrekking tot de "transhumance"; dat het in verband met moeilijkheden bij de controle ter zake dienstig is te bepalen welke gegevens in de desbetreffende certificaten moeten worden opgenomen; Overwegende dat het na een aanvullend onderzoek dienstig is gebleken de lijst van geografische gebieden in de bijlage bij Verordening (EEG) nr. 2385/91 aan te vullen; Overwegende dat het Comité van beheer "schapen en geiten" geen advies heeft uitgebracht binnen de door zijn voorzitter vastgestelde termijn, HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD: Artikel 1 Verordening (EEG) nr. 2385/91 wordt als volgt gewijzigd: 1. Artikel 2, lid 2, tweede alinea, wordt gelezen: "Wanneer de groepering echter zodanig is opgezet dat het bestand van elke individuele producent niet kan worden bepaald, wordt in de statuten of in het huishoudelijk reglement van de groepering een sleutel aangegeven voor de verdeling van het gezamenlijke schapen- en/of geitenbestand over de betrokken producenten in de zin van artikel 1, eerste alinea, punt 1, van Verordening (EEG) nr. 3493/90. De verdeelsleutel dient te beantwoorden aan de verdeling van de activa van de groepering over de aangesloten producenten die bij ontbinding van de groepering wordt toegepast; deze wordt aan de bevoegde autoriteit medegedeeld. Deze verdeelsleutel blijft in de volgende verkoopseizoenen ongewijzigd, tenzij de samenstelling van de groepering die aan de voor de toekenning van de premie bevoegde autoriteit is medegedeeld, wezenlijk verandert: - hetzij door de toe- of de uittreding van leden; - hetzij doordat de verdeling van de totale activa van de producentengroepering over de leden ten minste 10 % verandert. In de jaarlijkse premie-aanvraag wordt vermeld hoeveel ooien volgens de genoemde verdeelsleutel aan iedere producent zijn toegewezen.". 2. Artikel 2, lid 3, punt a), wordt gelezen: "a) Aangesloten producenten die in loondienst staan van een andere aangesloten producent of van de producentengroepering.". 3. Aan artikel 2 wordt het volgende lid 4 toegevoegd: "4. Producentengroeperingen die na de inwerkingtreding van Verordening (EEG) nr. 3013/89 zijn gevormd naar aanleiding van de verdeling van het beslag van een bestaand bedrijf, eventueel door toepassing van de in artikel 2, lid 2, bedoelde verdeelsleutel, kunnen niet als producentengroepering worden aangemerkt als zij vooral zijn opgericht om de in artikel 5, lid 7, van Verordening (EEG) nr. 3013/89 bepaalde individuele maximumaantallen te omzeilen. Het bepaalde in de vorige alinea is derhalve niet van toepassing ingeval de betrokken producenten kunnen aantonen dat de materiële of financiële structuur van het bedrijf een verandering ondergaat die dermate ingrijpend is dat zij op zichzelf reeds de vorming van een producentengroepering zou kunnen rechtvaardigen.". 4. Aan artikel 3, lid 3, worden de volgende alinea's toegevoegd: "De Lid-Staten stellen de Commissie in kennis van de door hen vastgestelde bepalingen inzake de aanwijzing of de erkenning van de plaatselijke overheid die voor de afgifte van de in de eerste alinea bedoelde certificaten bevoegd is. In deze certificaten moeten zijn vermeld: - de plaats van de "transhumance"; - de data van aankomst en vertrek van de bij de "transhumance" begrepen dieren.". 5. In de bijlage worden de punten IV en V vervangen door de punten IV en V van de bijlage bij de onderhavige verordening. Artikel 2 Deze verordening treedt in werking op de derde dag volgende op die van haar bekendmaking in het Publikatieblad van de Europese Gemeenschappen. Het bepaalde in artikel 1, punten 1 en 5, is van toepassing op de voor het verkoopseizoen 1991 ingediende premieaanvragen. Het bepaalde in artikel 1, punt 3, is van toepassing op de voor het verkoopseizoen 1992 en voor de daaropvolgende verkoopseizoenen ingediende premie-aanvragen. Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke Lid-Staat. Gedaan te Brussel, 17 december 1991. Voor de Commissie Ray MAC SHARRY Lid van de Commissie (1) PB nr. L 289 van 7. 10. 1989, blz. 1. (2) PB nr. L 163 van 26. 6. 1991, blz. 41. (3) PB nr. L 337 van 4. 12. 1990, blz. 7. (4) PB nr. L 219 van 7. 8. 1991, blz. 15. BIJLAGE IV. DUITSLAND Baden-Wuerttemberg (de volgende Stadt- en Landkreisen) Stuttgart (Stadt) Boeblingen Esslingen Goeppingen Ludwigsburg Rems-Murr-Kreis Heilbronn (Stadt) Heilbronn Hohenlohekreis Schwaebisch Hall Main-Tauber-Kreis Heidenheim Ostalbkreis Baden-Baden (Stadt) Rastatt Karlsruhe (Stadt) Karlsruhe Heidelberg (Stadt) Mannheim (Stadt) Sigmaringen Rhein-Neckar-Kreis Neckar-Odenwald-Kreis Pforzheim (Stadt) Enzkreis Calw Freudenstadt Freiburg im Breisgau (Stadt) Breisgau Hochschwarzwald Emmendingen Ortenaukreis Konstanz Loerrach Waldshut Reutlingen Tuebingen Zollernalbkreis Ulm Stadt Alb-Donau-Kreis Biberach Bodenseekreis Ravensburg Bayern (de volgende Stadt- en Landkreisen) Alchach-Friedberg Altoetting Ansbach (noordwestelijk gebied) Aschaffenburg Augsburg Bad Tolz-Wolfratshausen (noordelijk gebied) Berchtesgadener Land (noordelijk gebied) Dachau Deggendorf Dilligen Dingolfing-Landau Donau-Ries Ebersberg Eichstaett (zuidelijk gebied) Erding Erlangen (zuidelijk gebied) Freising Fuerstenfeldbruck Fuerth Guenzburg Kelheim Kitzingen Landsberg/Lech Landshut Lindau (westelijk gebied) Main-Spessart (zuidelijk gebied) Miesbach (noordelijk gebied) Miltenberg Muehldorf Muenchen Neuburg-Schrobenhausen Neustadt/Aisch - Bad Windsheim (westelijk gebied) Neu Ulm Nuernberger Land (westelijk gebied) Ostallgaeu (noordelijk gebied) Passau (zuidwestelijk gebied) Pfaffenhofen Regensburg Rosenheim (noordelijk gebied) Rottal-Inn Starnberg Straubing-Bogen Schweinfurt Traunstein (noordelijk gebied) Unterallgaeu Wuerzburg Hessen (de volgende Landkreisen) Wetteraukreis Giessen Marburg-Biedenkopf Fulda Kassel Limburg-Weilburg Niedersachsen (de volgende Stadt- en Landkreisen) Gifhorn Goettingen Peine Hannover Hildesheim Holzminden Hameln Nienburg Schaumburg Uelzen Verden Rheinland-Pfalz (de volgende Landkreisen en "kreisfreie" steden) Koblenz Ahrweiler Bad Kreuznach Cochem-Zell Mayen-Koblenz Neuwied Rhein-Lahn-Kreis Trier Bernkastel-Wittlich Trier-Saarburg Frankenthal Kaiserslautern (kreisfreie Stadt en Landkreis) Landau i.d. Pfalz Ludwigshafen (kreisfreie Stadt en Landkreis) Mainz Neustadt a.d.W. Speyer Worms Zweibruecken Alzey-Worms Bad-Duerkheim Germersheim Suedliche Weinstrasse Mainz-Bingen Pirmasens Donnerbergkreis V. ITALIË Niet als probleemgebied aangemerkte zones in Toscana Umbria Marche Sicilia Sardegna Lazio Abbruzzo Molise Campania Basilicata Puglia Calabria Niet als probleemgebied aangemerkte zones in de provincies Cuneo Vercelli Bergamo Brescia Treviso Pavia Parma Reggio Emilia Modena Bologna Forlì