Choose the experimental features you want to try

This document is an excerpt from the EUR-Lex website

Document 52012PC0372

Voorstel voor een RICHTLIJN VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD betreffende het collectieve beheer van auteursrechten en naburige rechten en de multiterritoriale licentieverlening van rechten inzake muziekwerken voor onlinegebruik op de interne markt

/* COM/2012/0372 final - 2012/0180 (COD) */

52012PC0372

Voorstel voor een RICHTLIJN VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD betreffende het collectieve beheer van auteursrechten en naburige rechten en de multiterritoriale licentieverlening van rechten inzake muziekwerken voor onlinegebruik op de interne markt /* COM/2012/0372 final - 2012/0180 (COD) */


TOELICHTING

1.           ACHTERGROND VAN HET VOORSTEL

1.1.        Gronden voor en doeleinden van het voorstel

Met dit voorstel voor een richtlijn wordt beoogd een passend wettelijk kader voor het collectieve beheer van rechten die namens de rechthebbenden worden beheerd door rechtenbeheerders tot stand te brengen door regels vast te stellen die beter bestuur en grotere transparantie van alle rechtenbeheerders waarborgen en door de multiterritoriale licentieverlening voor auteursrechten inzake muziekwerken door de rechtenbeheerders die de auteurs van die werken vertegenwoordigen, te bevorderen en te vereenvoudigen.

Een licentie van de relevante houder van de auteursrechten of naburige rechten is vereist wanneer een dienst wordt verleend die de exploitatie van het beschermde werk van een auteur, bijvoorbeeld een lied of muziekcompositie of ander beschermd materiaal, zoals een fonogram of uitvoering, omvat. Dergelijke diensten kunnen offline, bijvoorbeeld door een filmvertoning in een bioscoop of een muziekuitvoering in een concertzaal, maar in toenemende mate ook online worden verleend. Er is een licentie vereist van alle verschillende rechthebbenden (auteurs, uitvoerenden, producenten). In sommige sectoren worden licenties meestal rechtstreeks door individuele rechthebbenden (bijvoorbeeld filmproducenten) verleend, in andere sectoren speelt het collectieve rechtenbeheer een zeer belangrijke rol, met name bij de auteursrechten inzake muziekwerken. Bepaalde vormen van exploitatie zijn bovendien bijzonder afhankelijk van collectief beheer, bijvoorbeeld voor de rechten op vergoeding van uitvoerders en producenten voor de uitzendingen en openbare uitvoeringen van fonogrammen.

Rechthebbenden vertrouwen hun rechten toe aan een rechtenbeheerder die de rechten namens hen beheert. Ook verrichten deze maatschappijen diensten voor rechthebbenden en gebruikers, waaronder de licentieverlening aan gebruikers, de administratie van de opbrengsten van de rechten, de betalingen aan de rechthebbenden en de handhaving van de rechten. Rechtenbeheerders spelen een zeer belangrijke rol, met name wanneer onderhandelingen met individuele makers onpraktisch zouden zijn en zeer hoge transactiekosten zouden meebrengen. Ze spelen ook een belangrijke rol bij de bescherming en bevordering van de diversiteit van cultuuruitingen doordat ze de markt ook toegankelijk maken voor het kleinste en minst populaire repertoire.

Maatregelen worden op twee gebieden noodzakelijk geacht.

Ten eerste moeten de doelmatigheid, nauwkeurigheid, transparantie en verantwoording van de dienstverlening bij het collectieve rechtenbeheer in alle sectoren worden verbeterd. Een buitensporig traag moderniseringstempo heeft negatieve gevolgen voor de beschikbaarheid van nieuwe diensten voor consumenten en dienstverleners doordat innovatieve diensten vooral in de onlineomgeving worden gehinderd. Om een toereikende dienstverlening met door auteursrechten of naburige rechten beschermde werken of andere materie op de interne markt te waarborgen, moeten rechtenbeheerders ertoe worden gebracht hun bedrijfsvoering aan te passen ten gunste van makers, dienstenaanbieders, consumenten en de Europese economie als geheel. Doordat de maatschappijen licentierechten verlenen namens binnenlandse en buitenlandse rechthebbenden, heeft hun functioneren een fundamentele uitwerking op de exploitatie van die rechten op de gehele interne markt. Dit functioneren heeft in bepaalde gevallen aanleiding gegeven tot bezorgdheid over de transparantie, het bestuur en de behandeling van rechteninkomsten die worden geïnd namens rechthebbenden. Met name zijn zorgen uitgesproken ten aanzien van de verantwoording door bepaalde maatschappijen aan hun leden in het algemeen en in het bijzonder over het beheer van hun financiën. Een aantal rechtenbeheerders is nog niet opgewassen tegen de uitdaging om zich aan te passen aan de werkelijkheid en de behoeften van de eengemaakte markt.

Ten tweede heeft de ontwikkeling van een interne markt voor culturele onlinecontent geleid tot de roep om wijzigingen in de licentieverlening van auteursrechten, met name de licentieverlening van de rechten van auteurs van muziekwerken omdat aanbieders van onlinemuziekdiensten problemen ondervinden bij het verwerven van licenties met samengevoegd repertoire voor het grondgebied van meer dan één lidstaat. Een aantal factoren draagt bij aan de territoriale versplintering van onlinemuziekdiensten, waaronder de commerciële keuzes van de aanbieders, en de problemen bij het verkrijgen van multiterritoriale licenties mogen dan ook niet worden onderschat. Deze situatie leidt tot versplintering van de EU-markt voor deze diensten, waardoor het aanbod van onlinemuziekdiensten wordt beperkt en daardoor muziekwerken van auteurs niet op een zodanig brede schaal in licentie zijn gegeven of financieel beloond als het geval had kunnen zijn. Deze versplintering verhindert tevens dat consumenten de ruimst mogelijke toegang hebben tot de grote diversiteit aan muziekrepertoires. Hoewel het collectieve rechtenbeheer op andere terreinen niet heeft geleid tot problemen die in dit verband moeten worden aangepakt, is dat wel het geval met het collectieve beheer van de rechten van auteurs van muziekwerken. Een oplossing voor deze situatie is van cruciaal belang voor de bevordering van het wettige onlineaanbod van muziek in de EU.

Met dit voorstel wordt derhalve beoogd om: (a) de normen van goed bestuur en transparantie bij rechtenbeheerders te verbeteren, zodat rechthebbenden een doeltreffender controle op deze maatschappijen kunnen uitoefenen en kunnen bijdragen aan de verbetering van de doelmatigheid van het beheer, en (b) de multiterritoriale licentieverlening door rechtenbeheerders van de rechten van auteurs van muziekwerken ten behoeve van onlinediensten te vereenvoudigen.

1.2.        Algemene achtergrond

Dit voorstel wordt gepresenteerd in het kader van de digitale agenda voor Europa[1] en de Europa 2020-strategie die gericht is op slimme, duurzame en inclusieve groei[2]. In haar wetgevingspakket voor de eengemaakte markt[3] heeft de Commissie intellectuele eigendom aangewezen als een van de gebieden waarop actie vereist is en onderstreept dat in het internettijdperk collectief beheer moet kunnen uitgroeien tot meer transnationale, mogelijk EU-brede licentiemodellen die het grondgebied van meerdere lidstaten bestrijken. In haar mededeling 'Een eengemaakte markt voor intellectuele-eigendomsrechten'[4] heeft de Commissie aangekondigd een wettelijk kader te zullen voorstellen voor het collectieve beheer van auteursrechten en naburige rechten. Het belang van dit wetgevingsvoorstel is ook onderstreept in de 'Europese consumentenagenda' van de Commissie.[5]

Artikel 167 van het VWEU schrijft voor dat de Unie bij haar optreden culturele aspecten in aanmerking neemt, in het bijzonder ter eerbiediging en bevordering van de verscheidenheid van haar culturen.

De technologie, de snel veranderende aard van digitale bedrijfsmodellen en de groeiende autonomie van onlineconsumenten vergen alle een voortdurende beoordeling van de vraag of van de huidige auteursrechtregels de juiste stimulansen uitgaan en of deze regels rechthebbenden, rechtengebruikers en consumenten in staat stellen de voordelen te benutten die moderne technologieën hun bieden. Het voorstel moet niet op zichzelf worden beschouwd, maar als onderdeel van een samenstel van maatregelen die door de Commissie zijn of worden voorgesteld, voor zover van toepassing, om de licentieverlening van rechten en meer in het algemeen de toegang tot aantrekkelijke digitale content te bevorderen, met name in grensoverschrijdend verband. Naast de verbetering van het functioneren van de rechtenbeheerders in het kader van dit voorstel, overweegt de Commissie ook of andere maatregelen nodig zijn om licentieverlening in het algemeen te bevorderen, ongeacht of deze wordt uitgevoerd door individuele rechthebbenden, door hen aan wie de rechten zijn overgedragen of door rechtenbeheerders. Deze overweging behelst ook de kwestie van territorialiteit van rechten en het effect daarvan op de licentieverlening voor bepaalde content of diensten.

Ook in het kader van de Digitale agenda voor Europa, de mededelingen van de Commissie getiteld 'Een eengemaakte markt voor intellectuele-eigendomsrechten' en 'Een coherent kader voor een groter vertrouwen in de digitale eengemaakte markt voor elektronische handel en onlinediensten'[6] en het vervolg op het 'Groenboek betreffende de onlinedistributie van audiovisuele werken in de Europese Unie'[7], voert de Commissie een diepgravende wettelijke en economische analyse uit naar de reikwijdte en werking van het auteursrecht en naburige rechten in verband met internetdoorgifte in de eengemaakte markt, waarbij tevens de vraag aan de orde komt of de huidige uitzonderingen en beperkingen op het auteursrecht krachtens Richtlijn 2001/29/EG betreffende de harmonisatie van bepaalde aspecten van het auteursrecht en de naburige rechten in de informatiemaatschappij[8] moeten worden geactualiseerd of verder moeten worden geharmoniseerd op EU-niveau.

1.3.        Bestaande bepalingen op het door het voorstel bestreken gebied

Hoewel enkele van de bestaande richtlijnen op het gebied van auteursrechten[9] verwijzingen bevatten naar het beheer van rechten door rechtenbeheerders, gaat geen ervan in op de modus operandi van deze maatschappijen als zodanig.

In de Aanbeveling 2005/737/EG van de Commissie betreffende het collectieve grensoverschrijdende beheer van auteursrechten en naburige rechten ten behoeve van rechtmatige onlinemuziekdiensten[10] worden de lidstaten aangemoedigd een regelgevingskader tot stand te brengen dat geschikt is voor het beheer van auteursrechten en naburige rechten ten behoeve van de verstrekking van rechtmatige onlinemuziekdiensten en de normen voor goed bestuur en transparantie van rechtenbeheerders te verhogen. Als aanbeveling was dit document niet bindend en de vrijwillige tenuitvoerlegging is tot nu toe onbevredigend.

1.4.        Samenhang met andere beleidsgebieden

Dit voorstel is een aanvulling op Richtlijn 2006/123/EG van 12 december 2006 betreffende diensten op de interne markt[11] die de totstandbrenging beoogt van een wetgevend kader ter verzekering van de vrijheid van vestiging en het vrije verkeer van diensten tussen de lidstaten. Als aanbieders van collectieve beheersdiensten zijn rechtenbeheerders onderworpen aan Richtlijn 2006/123/EG.

Het voorstel is van groot belang voor de bescherming van auteursrechten en naburige rechten. Belangrijke internationale instrumenten zijn in dit opzicht de Berner Conventie voor de bescherming van werken van letterkunde en kunst, het Internationaal Verdrag inzake de bescherming van uitvoerende kunstenaars, producenten van fonogrammen en omroeporganisaties, de Overeenkomst van de Wereldhandelsorganisatie inzake de handelsaspecten van de intellectuele eigendom, het Verdrag van de Wereldorganisatie voor de intellectuele eigendom inzake auteursrecht en het Verdrag van de Wereldorganisatie voor de intellectuele eigendom inzake uitvoeringen en fonogrammen. Ook in het Verdrag betreffende de bescherming en de bevordering van de diversiteit van cultuuruitingen van de Organisatie van de Verenigde Naties voor Onderwijs, Wetenschap en Cultuur, dat de verplichting van de Europese Unie op internationaal niveau uitbreidt, wordt gewezen op het belang van intellectuele eigendom.

2.           UITKOMST VAN DE RAADPLEGING VAN BELANGHEBBENDE PARTIJEN EN DE EFFECTBEOORDELING

2.1         Openbare raadpleging

Het voorstel is gebaseerd op een uitgebreide ronde van dialoog met en raadpleging van belanghebbenden, onder wie auteurs, uitgevers, uitvoerenden, producenten, rechtenbeheerders, commerciële gebruikers, consumenten en overheidsorganen.

In het voorstel is rekening gehouden met de zienswijzen die zijn geuit tijdens een openbare raadpleging over 'Content Online'[12], die erop was gericht verder nadenken en discussiëren te stimuleren over mogelijke Europese antwoorden op de uitdagingen van de digitale 'dematerialisatie' van content, met inbegrip van structuren voor het eenvoudiger en sneller verrekenen van rechten en de garantie van een billijke en toereikende vergoeding voor de rechthebbenden. Tijdens de raadpleging is specifiek ingegaan op het bestuur en de transparantie van rechtenbeheerders en het grensoverschrijdende beheer van rechten voor onlinemuziekdiensten. Verschillende respondenten meenden dat samenvoeging van muziekrepertoires de verrekening en licentieverlening van rechten zou vereenvoudigen. Een aantal auteursverenigingen, uitgevers en commerciële gebruikers pleitte voor nadere overweging van het bestuur en de transparantie van rechtenbeheerders. Consumentenverenigingen waren in het algemeen voor een regelgevend initiatief (bijvoorbeeld een bindend wetgevingsinstrument).

In 2010 heeft de Commissie de rechtenbeheerders en aanbieders van onlinemuziekdiensten geraadpleegd. Ook heeft zij een openbare hoorzitting gehouden[13] over goed bestuur van het collectieve rechtenbeheer in de EU, die door bijna 300 belanghebbenden werd bijgewoond. Door deze raadplegingen werden de geconstateerde tekortkomingen in het collectieve beheer van rechten bevestigd, evenals de noodzaak om de normen voor goed bestuur en transparantie van rechtenbeheerders te verbeteren en een kader tot stand te brengen ter vereenvoudiging van de onlinelicentieverlening voor muziekwerken.

2.2         Bijeenbrengen en benutten van deskundigheid

Er is geen beroep gedaan op externe deskundigheid.

2.3         Effectbeoordeling

Tijdens de effectbeoordeling worden twee groepen mogelijkheden onderzocht: (a) kwesties die betrekking hebben op de ontoereikendheid van de bestuurs- en transparantienormen die worden gehanteerd door bepaalde rechtenbeheerders en vaak leiden tot zwakheden in hun financieel beheer; (b) kwesties die voortkomen uit het gebrek aan bereidheid van de rechtenbeheerders van bepaalde auteurs, met het oog op de eisen die worden gesteld aan dit soort activiteit en de vermeende wettelijke onzekerheid, om online multiterritoriale licenties te verlenen, waardoor de samenvoeging van repertoires van muziekwerken wordt bemoeilijkt.

Ten aanzien van het bestuur en de transparantie van rechtenbeheerders bestaan de volgende beleidsopties:

– Handhaving van de status-quo (A1), vertrouwend op marktwerking en peer pressure (inclusief zelfregulering), zou de grensoverschrijdende problemen (zoals de beheersing van royaltystromen) niet oplossen.

– Betere handhaving (A2) van het bestaande EU-recht en meer samenhang op nationaal niveau bij de toepassing van de beginselen van dat recht zouden niet leiden tot harmonisatie van de bedrijfsomstandigheden van rechtenbeheerders. Kwesties buiten het bereik van de bestaande beginselen zouden onopgelost blijven.

– Codificatie van de bestaande beginselen (A3) zou ertoe leiden dat de wetgeving de beginselen zou weerspiegelen die zijn voortgekomen uit de jurisprudentie van het Hof van Justitie, de antitrustbesluiten van de Commissie en Aanbeveling 2005/737/EG, maar zou niet de meer recentelijk aan het licht getreden problemen met betrekking tot financiële transparantie en controle door de rechthebbenden omvatten.

– Een kader voor goed bestuur en transparantie (A4) zou zowel de bestaande beginselen codificeren als een meer uitgewerkt kader van regels met betrekking tot goed bestuur en transparantie vormen, waardoor de mogelijkheden voor controle over rechtenbeheerders worden vergroot.

De volgende beleidsopties zijn onderzocht met het oog op de aanpak van de complexe problemen rond de collectieve licentieverlening van rechten van auteurs van muziekwerken ten behoeve van onlinegebruik:

– Onder de status quo (B1) zou de interne markt versplinterd blijven doordat de licentieverlening van rechten ten behoeve van onlinediensten complex en tijdrovend zou blijven.

– Het Europees Licentiepaspoort (B2) zou de vrijwillige samenvoeging van repertoire ten behoeve van onlinegebruik van muziekwerken op EU-niveau en de licentieverlening van rechten via multiterritoriale licentiestructuren stimuleren. Het zou gemeenschappelijke regels bevatten voor alle collectieve licentieverleners in de EU en concurrentiedruk op de maatschappijen leggen om doelmatiger licentiepraktijken te ontwikkelen.

– Parallelle directe licentieverlening (B3) zou het voor rechthebbenden mogelijk maken rechtstreekse licenties met gebruikers overeen te komen zonder hun rechten te hoeven terugtrekken uit hun rechtenbeheerders. Hierdoor zou de concurrentie tussen de maatschappijen worden bevorderd maar zouden geen gemeenschappelijke minimumnormen voor licentieverleners tot stand komen, noch noodzakelijkerwijs repertoiresamenvoeging.

– Uitgebreide collectieve licentieverlening en het oorsprongslandbeginsel (B4) zouden ertoe leiden dat elke rechtenbeheerder de bevoegdheid heeft om 'mantellicenties' te verlenen voor vormen van onlinegebruik die het gehele repertoire bestrijken, mits de rechtenbeheerder 'representatief' is. Deze optie zou noch de rechtenbeheerders stimuleren doelmatiger te worden, noch de multiterritoriale licentieverlening van rechten vereenvoudigen (als gevolg van de onttrekking aan het collectieve beheer die vaak tot uiteenvallen van het repertoire zou leiden).

– Een centraal portaal (B5) zou het de rechtenbeheerders mogelijk maken hun repertoire voor multiterritoriale licenties gecoördineerd te bundelen in één transactie. Deze optie doet belangrijke twijfels rijzen ten aanzien van de verenigbaarheid met het mededingingsrecht.

Na zorgvuldige afweging van de voor- en nadelen van elk van de benaderingen, zijn de opties A4 en B2 aangehouden.

3.           JURIDISCHE ELEMENTEN VAN HET VOORSTEL

3.1.        Rechtsgrondslag

De rechtsgrondslag voor dit voorstel zijn de artikelen 50, lid 2, onder g), 53 en 62 VWEU, waarin de vrije verstrekking van diensten wordt geregeld. De invoering van strenge normen van goed bestuur en transparantie bij rechtenbeheerders beschermt de belangen van hun leden en gebruikers en vereenvoudigt en bevordert daarmee tevens de grensoverschrijdende verstrekking van collectieve beheersdiensten, in het bijzonder doordat rechtenbeheerders gewoonlijk rechten van rechthebbenden uit andere lidstaten (met inbegrip van de zogenoemde vertegenwoordigingsovereenkomsten die rechtenbeheerders van oudsher met in andere lidstaten gevestigde rechtenbeheerders sluiten) en grensoverschrijdende royaltystromen beheren. Bovendien vereenvoudigt een vermindering van de versplintering in de regelgeving die van toepassing is op het collectieve rechtenbeheer in Europa, het vrije verkeer van alle diensten die zijn gebaseerd op door auteursrechten en naburige rechten beschermde content. Met name maatregelen ter bevordering van de verlening van multiterritoriale licenties aan onlinedienstverleners zullen de verspreiding van en toegang tot onlinemuziekwerken substantieel vereenvoudigen.

3.2.        Subsidiariteit en evenredigheid

Het optreden van de EU is noodzakelijk op grond van het in artikel 5, lid 3, VEU vastgelegde subsidiariteitsbeginsel, aangezien het bestaande wettelijke kader op nationaal en EU-niveau ontoereikend is om de problemen op te lossen. De Unie heeft al wetgeving doorgevoerd ter harmonisatie van de door rechtenbeheerders beheerde hoofdrechten van rechthebbenden[14] en om het beheer van die rechten op de interne markt op een vergelijkbare, doeltreffende en transparante wijze te doen uitvoeren met overschrijding van nationale grenzen. Bovendien kunnen de doelen van de beoogde maatregelen in onvoldoende mate worden bereikt door de lidstaten en derhalve beter worden verwezenlijkt op EU-niveau in verband met de transnationale aard van de problemen:

– In verband met goed bestuur en transparantie moet worden geconstateerd dat een belangrijk deel van de royalty-inkomsten van rechtenbeheerders afkomstig is van niet-binnenlands repertoire. Het probleem dat de leden geen overzicht hebben van de activiteiten van hun rechtenbeheerder is het meest uitgesproken voor buitenlandse rechthebbenden. Omdat zij geen lid zijn van de betreffende rechtenbeheerders, hebben zij weinig inzicht in en nog minder invloed op het besluitvormingsproces van de rechtenbeheerders die handelen namens hun eigen rechtenbeheerder. Voor de bescherming van de belangen van rechthebbenden in de EU is het noodzakelijk dat alle royaltystromen, met name de grensoverschrijdende, transparant zijn en verantwoord worden. Het is onwaarschijnlijk dat de lidstaten in de toekomst de transparantie zullen waarborgen die de rechthebbenden nodig hebben om hun rechten grensoverschrijdend te kunnen doen gelden. Ingrijpen van de EU is de enige manier om de uitoefening van rechten en in het bijzonder de inning en verdeling van royalty's in de EU op samenhangende wijze te waarborgen.

– Multiterritoriale licentieverlening voor onlinegebruik van muziekwerken is per definitie van grensoverschrijdende aard. Regels die bedoeld zijn om het goed functioneren van multiterritoriale licentieverlening te bevorderen kunnen derhalve betere op EU-niveau worden vastgesteld, aangezien de lidstaten zich niet in de juiste positie bevinden om regels op te stellen die de grensoverschrijdende activiteiten van rechtenbeheerders op samenhangende wijze beïnvloeden.

Het voorstel voldoet aan het evenredigheidsbeginsel (artikel 5, lid 4, VEU) en gaat niet verder dan noodzakelijk is om de beoogde doelen te bereiken. Met de voorgestelde regels voor goed bestuur en transparantie wordt in belangrijke mate bestaande jurisprudentie van het Hof van Justitie in verband met antitrustbesluiten van de Commissie[15] gecodificeerd. Ook wordt in de regels rekening gehouden met de grootte van de rechtenbeheerders en bieden zij de lidstaten de mogelijkheid om de kleinste rechtenbeheerders uit te sluiten van bepaalde verplichtingen die onevenredig zouden kunnen zijn. De regels betreffende multiterritoriale licentieverlening voor onlinegebruik van muziekwerken beperken zich tot de rechten van auteurs en vormen de minimale beginselen die nodig zijn om een doeltreffend en modern licentiestelsel werkbaar te maken in het digitale tijdperk en om de samenvoeging van repertoire, met inbegrip van niche- en minder bekend muziekwerk, te garanderen. In dit opzicht wordt in passende waarborgen voorzien. Een rechtenbeheerder heeft bijvoorbeeld de keuze om de multiterritoriale licentieverlening van zijn repertoire zelf ter hand te nemen dan wel deze toe te vertrouwen aan andere rechtenbeheerders. Voorts zit een auteur niet vast aan een rechtenbeheerder die niet bereid is hetzij rechtstreeks multiterritoriale licenties te verlenen, hetzij een andere rechtenbeheerder toe te staan dit namens hem te doen.

3.3.        Keuze van het rechtsinstrument

De Commissie stelt een richtlijn voor overeenkomstig de bepalingen van de artikelen 50, lid 2, onder g), 53 en 62 VWEU. Een richtlijn verschaft daarbij de nodige flexibiliteit ten aanzien van de middelen waarmee de beoogde doelen worden bereikt en neemt in aanmerking dat de lidstaten verschillende benaderingen kennen van de rechtsvorm van rechtenbeheerders en de wijze waarop op dergelijke maatschappijen wordt toegezien.

3.4.        Toelichting bij het voorstel

3.4.1.     Toepassingsgebied en definities

Titel I bevat algemene bepalingen inzake het onderwerp (artikel 1), het toepassingsgebied (artikel 2) en de definities (artikel 3). De richtlijn is van toepassing op: i) het beheer van auteursrechten en naburige rechten door rechtenbeheerders, ongeacht de sector waarin rechtenbeheerders actief zijn (titel II)[16] en ii) de multiterritoriale licentieverlening van onlinerechten inzake muziekwerken door de rechtenbeheerders van de auteurs (titel III). De titels I en II zijn ook van toepassing op rechtenbeheerders die krachtens titel III multiterritoriale licentieverlening uitvoeren.

3.4.2.     Rechtenbeheerders

In titel II worden regels voor de organisatie en transparantie vastgesteld die van toepassing zijn op alle soorten rechtenbeheerders.

Hoofdstuk 1 bevat regels inzake de lidmaatschapsstructuur van rechtenbeheerders. In artikel 4 worden bepaalde voorwaarden vastgesteld die van toepassing moeten zijn op de betrekkingen tussen de rechtenbeheerders en de rechthebbenden. Artikel 5 waarborgt dat rechthebbenden de rechtenbeheerder van hun keuze kunnen machtigen tot het beheren van rechten en dergelijke machtigingen geheel of gedeeltelijk kunnen intrekken. De rechtenbeheerders moeten hun regels inzake lidmaatschap en deelname aan de interne besluitvorming op objectieve criteria baseren (artikel 6). In artikel 7 worden de minimale bevoegdheden van de algemene ledenvergadering vastgesteld. Artikel 8 schrijft voor dat rechtenbeheerders een toezichtfunctie instellen waarmee hun leden toezicht en controle kunnen uitoefenen op het beheer, rekening houdend met de verschillende institutionele arrangementen in de lidstaten. In artikel 9 worden bepaalde verplichtingen vastgesteld om te waarborgen dat rechtenbeheerders op prudente en solide wijze worden geleid.

Hoofdstuk 2 bevat regels inzake het financiële beheer van rechtenbeheerders.

– Inkomsten die worden geïnd als gevolg van de exploitatie van de vertegenwoordigde rechten moeten worden gescheiden van het eigen vermogen van de rechtenbeheerder en moeten op strikte voorwaarden worden beheerd (artikel 10).

– Een rechtenbeheerder moet de toepasselijke inhoudingen in zijn overeenkomsten met rechthebbenden specificeren en leden en rechthebbenden een redelijke toegang tot sociale, culturele of educatieve diensten verschaffen, indien deze worden gefinancierd met inhoudingen (artikel 11).

– Rechtenbeheerders moeten de aan de rechthebbenden verschuldigde bedragen nauwgezet en zonder onnodige vertraging uitkeren en zich inspannen om rechthebbenden te identificeren (artikel 12).

In hoofdstuk 3 wordt de non-discriminatievoorwaarde voor het beheer van rechten door een rechtenbeheerder namens een andere rechtenbeheerder op grond van een vertegenwoordigingsovereenkomst geformuleerd (artikel 13). Het is niet toegestaan de aan een andere rechtenbeheerder verschuldigde bedragen in te houden zonder de uitdrukkelijke toestemming van laatstgenoemde; betalingen aan andere rechtenbeheerders dienen nauwgezet te worden verricht (artikel 14).

In hoofdstuk 4 wordt bepaald dat rechtenbeheerders en gebruikers te goeder trouw moeten onderhandelen. Tarieven moeten gebaseerd zijn op objectieve criteria en de waarde weerspiegelen van de verhandelde rechten en van de werkelijke diensten die door de rechtenbeheerder worden verleend (artikel 15).

In hoofdstuk 5 (transparantie en rapportage) worden de volgende informatieverplichtingen voor de rechtenbeheerders vastgesteld:

– informatie aan de rechthebbenden over geïnde en betaalde bedragen, in rekening gebrachte beheerskosten en andere toegepaste inhoudingen (artikel 16);

– informatie aan andere rechtenbeheerders over het beheer van rechten op grond van vertegenwoordigingsovereenkomsten (artikel 17);

– op verzoek, informatie aan de rechthebbenden, andere rechtenbeheerders en gebruikers (artikel 18);

– openbaar gemaakte informatie over de organisatie en het functioneren van de rechtenbeheerder (artikel 19);

– jaarlijkse publicatie van een transparantieverslag, met inbegrip van bestuursbeginselen en hun tenuitvoerlegging, financiële overzichten, enzovoort (artikel 20).

3.4.3.     Multiterritoriale licentieverlening van onlinerechten inzake muziekwerken door de rechtenbeheerders van auteurs

In titel III worden de voorwaarden vastgesteld waaraan een rechtenbeheerder moet voldoen wanneer hij multiterritoriale licentiediensten verleent voor onlinerechten inzake muziekwerken (artikel 21). Hij moet:

– in staat zijn de voor de exploitatie van dergelijke licenties benodigde gegevens doelmatig en transparant te verwerken (bijvoorbeeld de identificatie van het muziekrepertoire en het toezicht op het gebruik) door gebruik te maken van een tijdgevoelige, gezaghebbende databank die de noodzakelijke gegevens bevat (artikel 22);

– transparant zijn ten aanzien van het vertegenwoordigde onlinemuziekrepertoire (artikel 23);

– de rechthebbenden en andere rechtenbeheerders de mogelijkheid bieden relevante gegevens te corrigeren en voor hun juistheid in te staan (artikel 24);

– toezicht houden op het werkelijke gebruik van de door de licenties bestreken werken en in staat zijn gebruiksverslagen en -facturen te verwerken. Er moeten procedures worden vastgesteld waarmee de gebruiker de juistheid van facturen kan betwisten (bijvoorbeeld om dubbele facturering te vermijden). Daarbij moet, voor zover beschikbaar, worden gebruikgemaakt van passende industriële normen (artikel 25);

– de rechthebbenden en andere rechtenbeheerders prompt betalen, informeren over werken die zijn gebruikt en financiële gegevens verstrekken met betrekking tot hun rechten (bijvoorbeeld geïnde en ingehouden bedragen) (artikel 26).

Een rechtenbeheerder die besluit geen multiterritoriale licenties voor onlinerechten inzake muziekwerken te verlenen, kan wel nationale licenties blijven verlenen voor zijn eigen repertoire en/of, via wederkerigheidsovereenkomsten, voor het repertoire van andere rechtenbeheerders. Om te garanderen dat repertoires eenvoudig kunnen worden samengevoegd ten behoeve van aanbieders van muziekdiensten die een zo volledig mogelijke dienstverlening in heel Europa willen aanbieden, alsook ten behoeve van de culturele verscheidenheid en de consument in het algemeen, wordt specifiek gewaarborgd dat het repertoire van alle rechtenbeheerders toegang hebben tot multiterritoriale licentieverlening:

– een rechtenbeheerder kan een andere rechtenbeheerder die multiterritoriale licenties verleent, verzoeken zijn repertoire op niet-discriminerende en niet-exclusieve basis te vertegenwoordigen ten behoeve van multiterritoriale licentieverlening (artikel 28). De rechtenbeheerder die het verzoek ontvangt, mag dit niet afwijzen als hij reeds ten behoeve van hetzelfde doel het repertoire van een of meer rechtenbeheerders vertegenwoordigt (of aanbiedt te vertegenwoordigen) (artikel 29);

– na een overgangsperiode mogen rechthebbenden (rechtstreeks of via een andere intermediair) licenties verlenen voor hun eigen onlinerechten als hun rechtenbeheerder geen multiterritoriale licenties verleent en niet een overeenkomst als voornoemd sluit (artikel 30).

Het is een rechtenbeheerder toegestaan diensten in verband met de door hem verleende multiterritoriale licenties uit te besteden, onverminderd zijn aansprakelijkheid tegenover rechthebbenden, aanbieders van onlinediensten of andere rechtenbeheerders (artikel 27). Titel III moet ook van toepassing zijn op dochtermaatschappijen van rechtenbeheerders waarop de titel van toepassing is (artikel 31).

Om de mate van flexibiliteit te bereiken die nodig is om de licentieverlening voor innovatieve onlinediensten (diensten die minder dan drie jaar voor het publiek beschikbaar zijn) te bevorderen, mogen rechtenbeheerders dergelijke licenties verlenen zonder de verplichting deze als precedent te gebruiken ten behoeve van de vaststelling van de voorwaarden van andere licenties (artikel 32). Bij wijze van uitzondering hoeven rechtenbeheerders niet te voldoen aan de voorwaarden van titel III wanneer zij multiterritoriale licenties verlenen aan omroeporganisaties ten behoeve van onlinegebruik van hun radio- of televisieprogramma's die muziekwerken bevatten (artikel 33).

3.4.4.     Handhavingsmaatregelen

In titel IV worden rechtenbeheerders verplicht aan hun leden en de rechthebbenden procedures voor klachtenbehandeling en geschillenbeslechting beschikbaar te stellen (artikel 34). Ook moeten mechanismen beschikbaar zijn voor de beslechting van geschillen tussen gebruikers en rechtenbeheerders over licentievoorwaarden (artikel 35). Ten slotte moeten bepaalde soorten geschillen in verband met multiterritoriale licentieverlening tussen rechtenbeheerders en gebruikers, rechthebbenden of andere rechtenbeheerders kunnen worden voorgelegd aan een onafhankelijk en onpartijdig systeem voor alternatieve geschillenbeslechting (artikel 36).

De lidstaten wijzen de nationale instanties aan die bevoegd zijn (artikel 39) om (a) klachtenprocedures te beheren (artikel 37), (b) doeltreffende, evenredige en afschrikwekkende sancties op te leggen (artikel 38) en (c) toe te zien op de toepassing van titel III (artikel 40). In artikel 39 wordt echter niet bepaald dat de lidstaten onafhankelijke toezichthouders moeten oprichten die zich specifiek richten op rechtenbeheerders.

3.4.5      Grondrechten en specifieke overwegingen

Het voorstel voorziet in doeltreffende waarborgen ten aanzien van de toepassing van de grondrechten die zijn vastgesteld in het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie. De waarborgen die van rechtenbeheerders worden geëist ten aanzien van hun bestuur en de voorwaarden die worden gesteld aan de verlening van grensoverschrijdende multiterritoriale licenties voor onlinerechten inzake muziekwerken zouden de in het handvest gedefinieerde vrijheid van ondernemerschap voor rechtenbeheerders in vergelijking met de bestaande situatie beperken. Dergelijke beperkingen zijn echter wel in overeenstemming met de in het handvest vastgestelde voorwaarden, waarin is bepaald dat de uitoefening van de betreffende vrijheden in bepaalde omstandigheden mag worden beperkt. Deze beperkingen zijn noodzakelijk om de belangen van de leden, rechthebbenden en gebruikers te beschermen en minimumkwaliteitsnormen vast te stellen voor de uitoefening door rechtenbeheerders van hun vrijheid om op de interne markt multiterritoriale licentiediensten voor onlinegebruik van muziekwerken te verlenen.

In verband met de complexiteit en reikwijdte van het voorstel zijn de lidstaten verplicht een concordantietabel met de bepalingen van hun nationale recht en van de richtlijn in te dienen.

4.           GEVOLGEN VOOR DE BEGROTING

Het voorstel heeft geen gevolgen voor de begroting van de Europese Unie.

2012/0180 (COD)

Voorstel voor een

RICHTLIJN VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD

betreffende het collectieve beheer van auteursrechten en naburige rechten en de multiterritoriale licentieverlening van rechten inzake muziekwerken voor onlinegebruik op de interne markt

(Voor de EER relevante tekst)

HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE,

Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie, en met name de artikelen 50, lid 2, onder g), 53 en 62,

Gezien het voorstel van de Europese Commissie,

Na toezending van het ontwerp van wetgevingshandeling aan de nationale parlementen,

Gezien het advies van het Europees Economisch en Sociaal Comité[17],

Na raadpleging van de Europese Toezichthouder voor gegevensbescherming,

Handelend volgens de gewone wetgevingsprocedure,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)       De vastgestelde richtlijnen op het gebied van auteursrechten en naburige rechten voorzien al in een hoge mate van bescherming voor rechthebbenden en daarmee voor een kader waarin de exploitatie van door deze rechten beschermde content kan plaatsvinden. Zij dragen bij aan de handhaving en ontwikkeling van creativiteit. In een interne markt waar de concurrentie niet wordt verstoord, bevordert de bescherming van innovatie en intellectueel scheppend werk tevens investeringen in innovatieve diensten en producten.

(2)       De verspreiding van door het auteursrecht en de naburige rechten beschermde content en de aanverwante diensten, waaronder boeken, audiovisuele producties en muziekopnamen, vereisen licentieverlening van rechten door verschillende houders van auteursrechten en naburige rechten, zoals auteurs, uitvoerenden, producenten en uitgevers. Het is gebruikelijk dat de rechthebbenden kiezen tussen individueel of collectief beheer van hun rechten. Het beheer van auteursrechten en naburige rechten omvat de verlening van licenties aan gebruikers, het toezicht op licentienemers en het gebruik van rechten, de handhaving van auteursrechten en naburige rechten, de inning van inkomsten op grond van de exploitatie van rechten en de uitkering van de verschuldigde bedragen aan de rechthebbenden. Rechtenbeheerders maken het mogelijk dat rechthebbenden worden beloond voor vormen van gebruik die zij niet zelf zouden kunnen beheersen of handhaven, bijvoorbeeld op niet-binnenlandse markten. Bovendien spelen ze een belangrijke sociale en culturele rol als bevorderaars van de verscheidenheid van cultuuruitingen doordat ze de markt toegankelijk maken voor het kleinste en minst populaire repertoire. Artikel 167 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie schrijft voor dat de Unie bij haar optreden culturele aspecten in aanmerking neemt, in het bijzonder teneinde de verscheidenheid van haar culturen te eerbiedigen en te bevorderen.

(3)       In de Unie gevestigde rechtenbeheerders moeten – als dienstverleners – voldoen aan de nationale regelgeving op grond van Richtlijn 2006/123/EG van het Europees Parlement en de Raad van 12 december 2006 betreffende diensten op de interne markt[18], die bedoeld is als wettelijk kader voor het waarborgen van de vrijheid van vestiging en het vrije verkeer van diensten tussen de lidstaten. Dit houdt in dat het rechtenbeheerders vrij moet staan hun diensten grensoverschrijdend aan te bieden om in andere lidstaten verblijvende of gevestigde rechthebbenden te vertegenwoordigen of licenties te verlenen aan in andere lidstaten verblijvende of gevestigde gebruikers.

(4)       Er bestaan belangrijke verschillen in de nationale regelgeving voor het functioneren van rechtenbeheerders, in het bijzonder ten aanzien van hun transparantie en verantwoordingsplicht ten opzichte van hun leden en rechthebbenden. Naast de moeilijkheden die niet-binnenlandse rechthebbenden ondervinden bij de uitoefening van hun rechten en het vaak te slechte financiële beheer van de geïnde inkomsten, leiden problemen met het functioneren van rechtenbeheerders tot ondoelmatigheden in de exploitatie van auteursrechten en naburige rechten op de interne markt ten nadele van de leden van rechtenbeheerders, rechthebbenden en gebruikers. Deze moeilijkheden vloeien niet voort uit het functioneren van onafhankelijke aanbieders van rechtenbeheersdiensten die als agent voor rechthebbenden optreden ten behoeve van het beheer van hun rechten op commerciële basis en waarin rechthebbenden geen lidmaatschapsrechten uitoefenen.

(5)       De noodzaak om het functioneren van rechtenbeheerders te verbeteren, is al eerder aangeduid. In Aanbeveling 2005/737/EG van de Commissie van 18 mei 2005 betreffende het collectieve grensoverschrijdende beheer van auteursrechten en naburige rechten ten behoeve van rechtmatige onlinemuziekdiensten[19] is een aantal beginselen uiteengezet, zoals de vrijheid van rechthebbenden om hun rechtenbeheerder te kiezen, de gelijke behandeling van categorieën rechthebbenden en de billijke verdeling van royalty's. Ook werd de rechtenbeheerders aanbevolen gebruikers voorafgaand aan de onderhandelingen voldoende informatie te verstrekken over tarieven en repertoire. Ten slotte werden aanbevelingen gedaan over de verantwoordingsplicht, de vertegenwoordiging van rechthebbenden in besluitvormende organen van rechtenbeheerders en de beslechting van geschillen. Aanbeveling 2005/737/EG van de Commissie was echter een niet-bindend instrument met een beperkte werkingssfeer. Zij is dientengevolge ongelijkmatig opgevolgd.

(6)       Met het oog op de handhaving van gelijkwaardige waarborgen in de gehele Unie vereist de bescherming van de belangen van de leden van rechtenbeheerders, rechthebbenden en derden coördinatie van de wetten van de lidstaten betreffende auteursrechtenbeheer en multiterritoriale licentieverlening voor onlinerechten inzake muziekwerken. Derhalve is de richtlijn gebaseerd op artikel 50, lid 2, onder g), van het Verdrag.

(7)       Deze richtlijn moet gericht zijn op de coördinatie van nationale regelgeving betreffende de toegang tot het beheer van auteursrechten en naburige rechten door rechtenbeheerders, de manieren waarop zij bestuurd worden en hun toezichtkader, en tevens gebaseerd op artikel 53, lid 1, van het Verdrag. Aangezien zij een sector betreft die diensten verleent in de gehele Unie, is deze richtlijn bovendien gebaseerd op artikel 62 van het Verdrag.

(8)       Om ervoor te zorgen dat houders van auteursrechten en naburige rechten volledig profijt kunnen hebben van de interne markt wanneer hun rechten collectief worden beheerd en dat hun vrijheid om hun rechten uit te oefenen niet te zeer wordt beïnvloed, is het noodzakelijk dat wordt voorzien in de opname van passende waarborgen in de stichtingsdocumenten van rechtenbeheerders. Daarnaast mogen rechtenbeheerders conform Richtlijn 2006/123/EG rechthebbenden niet direct of indirect discrimineren op grond van hun nationaliteit, verblijfplaats of vestigingsplaats wanneer zij beheersdiensten verlenen.

(9)       De vrijheid om collectieve beheersdiensten grensoverschrijdend te verlenen en te ontvangen, brengt met zich dat rechthebbenden de vrijheid hebben om een rechtenbeheerder te kiezen voor het beheer van hun rechten, zoals uitvoerings- of uitzendrechten, of voor rechtencategorieën, zoals interactieve mededeling aan het publiek, mits de rechtenbeheerder dergelijke rechten of rechtencategorieën al beheert. Dit houdt in dat rechthebbenden hun rechten of rechtencategorieën eenvoudig kunnen terugtrekken van een rechtenbeheerder om ze geheel of gedeeltelijke toe te vertrouwen of over te dragen aan een andere rechtenbeheerder of een andere entiteit, ongeacht de lidstaat van verblijf of de nationaliteit van zowel de rechtenbeheerder als de rechthebbende. Rechtenbeheerders die verschillende soorten werken en andere materie beheren, bijvoorbeeld literair werk, muziek en fotografie, dienen de rechthebbenden dezelfde flexibiliteit toe te staan ten aanzien van het beheer van verschillende soorten werken en andere materie. Rechtenbeheerders moeten de rechthebbenden informeren over deze keuzevrijheid en hen in staat stellen haar zo vrijelijk mogelijk uit te oefenen. Ten slotte mag deze richtlijn de mogelijkheid niet uitsluiten dat rechthebbenden hun rechten individueel beheren, ook voor niet-commercieel gebruik.

(10)     Het lidmaatschap van rechtenbeheerders moet gebaseerd zijn op objectieve en niet-discriminerende criteria, onder meer ten aanzien van uitgevers die op grond van een overeenkomst over de exploitatie van rechten recht hebben op een deel van de inkomsten uit de door rechtenbeheerders beheerde rechten en het recht hebben dergelijke inkomsten te innen van de rechtenbeheerder.

(11)     Rechtenbeheerders worden geacht in het beste belang van hun leden te handelen. Het is daarom van belang te voorzien in systemen die de leden van rechtenbeheerders in staat stellen hun lidmaatschapsrechten uit te oefenen door deel te nemen aan het besluitvormingsproces van hun rechtenbeheerder. De vertegenwoordiging van de verschillende categorieën leden in het besluitvormingsproces moet billijk en evenwichtig zijn. De doeltreffendheid van de regels voor algemene ledenvergaderingen van rechtenbeheerders zouden kunnen worden ondergraven als er geen bepalingen zouden zijn voor de wijze waarop de algemene vergadering moet worden geleid. Daarom is het noodzakelijk om erop toe te zien dat de algemene vergadering periodiek bijeen wordt geroepen, ten minste eenmaal per jaar, en dat de belangrijkste besluiten in de rechtenbeheerder door de algemene vergadering worden genomen.

(12)     Leden van rechtenbeheerders moet worden toegestaan deel te nemen aan en hun stem uit te brengen tijdens de algemene vergadering; de uitoefening van deze rechten mag slechts onderworpen zijn aan billijke en evenredige beperkingen. Uitoefening van het stemrecht moet eenvoudig worden gemaakt.

(13)     Leden moet worden toegestaan deel te nemen aan het toezicht op de leiding van rechtenbeheerders. Met dat oogmerk moeten rechtenbeheerders een voor hun organisatiestructuur geëigende toezichtfunctie oprichten en de leden toestaan te worden vertegenwoordigd in het orgaan dat die functie uitoefent. Om te vermijden dat een buitensporige druk wordt gelegd op kleinere rechtenbeheerders en om de uit deze richtlijn voortvloeiende verplichtingen evenredig te maken, moeten de lidstaten, indien zij dat noodzakelijk achten, de kleinste rechtenbeheerders kunnen vrijstellen van de verplichting om een dergelijke toezichtfunctie in te richten.

(14)     Om redenen van goed beheer moet het hogere leidinggevende personeel van een rechtenbeheerder onafhankelijk zijn. Managers en directieleden moeten verplicht worden jaarlijks aan de rechtenbeheerder te verklaren of er tegenstellingen zijn tussen hun belangen en die van de rechtenbeheerder.

(15)     Rechtenbeheerders innen, beheren en verdelen inkomsten uit de exploitatie van aan hen door rechthebbenden toevertrouwde rechten. Deze inkomsten zijn uiteindelijk verschuldigd aan de rechthebbenden, die lid van die rechtenbeheerder of van een andere rechtenbeheerder kunnen zijn. Het is daarom van belang dat rechtenbeheerders uiterste zorgvuldigheid betrachten bij de inning, het beheer en de verdeling van de inkomsten. Een correcte verdeling is alleen mogelijk wanneer rechtenbeheerders een goede administratie bijhouden van leden, licenties en het gebruik van werken en andere materie. In voorkomende gevallen moeten ook gegevens door rechthebbenden en gebruikers worden verstrekt en door de rechtenbeheerders worden gecontroleerd. Geïnde bedragen die verschuldigd zijn aan rechthebbenden moeten afzonderlijk van de eigen vermogensbestanddelen van de rechtenbeheerder worden beheerd en indien ze worden belegd in afwachting van de verspreiding naar de rechthebbenden, moet dit gebeuren in overeenstemming met het beleggingsbeleid dat is overeengekomen door de algemene vergadering van de rechtenbeheerder. Om een hoge mate van bescherming voor de rechten van rechthebbenden te handhaven en te waarborgen dat alle inkomsten die voortvloeien uit de exploitatie van hun rechten, aangroeien ten gunste van rechthebbenden, moeten de door de rechtenbeheerder belegde en aangehouden bedragen worden beheerd volgens voorwaarden die de rechtenbeheerder verplichten tot prudent handelen maar ook toestaan te besluiten over het zekerste en doelmatigste beleggingsbeleid. Dit moet het voor de rechtenbeheerder mogelijk maken te kiezen voor een toewijzing van vermogensbestanddelen die precies aansluit bij de aard en duur van de risicoblootstelling van belegde rechteninkomsten en die de aan rechthebbenden verschuldigde rechteninkomsten niet overmatig in gevaar brengt. Teneinde te waarborgen dat de aan de rechthebbenden verschuldigde bedragen correct en doeltreffend worden verspreid, is het bovendien noodzakelijk om van de rechtenbeheerders te eisen dat zij toegewijd en in goed vertrouwen redelijke maatregelen treffen om de betreffende rechthebbenden te identificeren en te lokaliseren. Ook moet worden voorzien in goedkeuring door de leden van rechtenbeheerders van regels voor situaties waarin door het ontbreken van geïdentificeerde of gelokaliseerde rechthebbenden, geïnde bedragen niet kunnen worden verspreid.

(16)     Aangezien rechthebbenden aanspraak kunnen maken op een vergoeding voor de exploitatie van hun rechten, is het van belang dat tot elke inhouding, anders dan beheerskosten of verplichte inhoudingen op grond van nationaal recht, wordt besloten door de leden van rechtenbeheerders en dat de rechtenbeheerders ten opzichte van de rechthebbenden transparant zijn over de regels die voor deze inhoudingen gelden. Elk van dergelijke rechthebbenden moet zonder onderscheid toegang hebben tot alle sociale, culturele of educatieve diensten die met dergelijke inhoudingen worden gefinancierd. Deze richtlijn mag echter niet van invloed zijn op het nationale recht in enig opzicht dat niet door de richtlijn wordt bestreken.

(17)     Rechtenbeheerders kunnen rechten beheren en inkomsten uit de exploitatie daarvan ('rechteninkomsten') innen op grond van vertegenwoordigingsovereenkomsten met andere rechtenbeheerders. Om de rechten van de leden van de andere rechtenbeheerders te beschermen, mag een rechtenbeheerder geen onderscheid maken tussen de rechten die hij beheert op grond van vertegenwoordigingsovereenkomsten en die welke hij rechtstreeks beheert voor zijn rechthebbenden. Ook mag het de rechtenbeheerder niet zijn toegestaan inhoudingen te doen op de rechteninkomsten die zijn geïnd namens een andere rechtenbeheerder zonder de uitdrukkelijke toestemming van die andere rechtenbeheerder.

(18)     Billijke handelsvoorwaarden bij licentieverlening zijn met name van belang om gebruikers de zekerheid te bieden dat zij de werken en ander beschermd materiaal waarvan een rechtenbeheerder de rechten vertegenwoordigt, in licentie kunnen nemen en om de vergoeding voor de rechthebbenden te waarborgen. Rechtenbeheerders en gebruikers moeten daarom in goed vertrouwen licentieonderhandelingen voeren en tarieven toepassen die op basis van objectieve criteria zijn vastgesteld.

(19)     Om het vertrouwen van rechthebbenden, gebruikers en andere rechtenbeheerders in de door rechtenbeheerders verleende beheersdiensten te vergroten, moet elke rechtenbeheerder worden verplicht tot specifieke transparantiemaatregelen. Elke rechtenbeheerder moet de individuele rechthebbenden informeren over de aan hen betaalde bedragen en bijbehorende inhoudingen. Ook moeten de rechtenbeheerders worden verplicht voldoende informatie, met inbegrip van financiële gegevens, te verschaffen aan de andere rechtenbeheerders wier rechten zij beheren via vertegenwoordigingsovereenkomsten. Elke rechtenbeheerder moet tevens voldoende informatie openbaar maken om te waarborgen dat rechthebbenden, gebruikers en andere rechtenbeheerders kunnen begrijpen hoe zijn onderneming is gestructureerd en hoe hij zijn activiteiten verricht. Rechtenbeheerders moeten met name de reikwijdte van hun repertoire en hun regels inzake vergoedingen, inhoudingen en tarieven aan rechthebbenden, gebruikers en andere rechtenbeheerders bekend maken.

(20)     Om te waarborgen dat rechthebbenden kunnen toezien op de prestaties van hun rechtenbeheerders en deze kunnen vergelijken met die van andere rechtenbeheerders, moeten de rechtenbeheerders een transparantiejaarverslag openbaar maken met vergelijkbare en gecontroleerde financiële gegevens die specifiek betrekking hebben op de activiteiten van rechtenbeheerders. Rechtenbeheerders moeten ook een speciaal jaarverslag openbaar maken over het gebruik van bedragen die zijn besteed aan sociale, culturele en educatieve diensten. Om te vermijden dat een buitensporige druk wordt gelegd op kleinere rechtenbeheerders en om de uit deze richtlijn voortvloeiende verplichtingen evenredig te maken, moeten de lidstaten, indien zij dat noodzakelijk achten, de kleinste rechtenbeheerders kunnen vrijstellen van bepaalde transparantieverplichtingen.

(21)     De aanbieders van onlinediensten die gebruikmaken van muziekwerken, zoals muziekdiensten waarbij consumenten muziek kunnen downloaden of streamen en andere diensten die toegang bieden tot films of spellen waarvan muziek een belangrijk element uitmaakt, moeten eerst het recht verwerven om dergelijke werken te gebruiken. Richtlijn 2001/29/EG van het Europees Parlement en de Raad van 22 mei 2001 betreffende de harmonisatie van bepaalde aspecten van het auteursrecht en de naburige rechten in de informatiemaatschappij[20] schrijft voor de online-exploitatie van muziekwerken een licentie voor voor elk van de rechten. Deze rechten zijn het exclusieve reproductierecht en het recht van mededeling van muziekwerken aan het publiek, waarin het recht van beschikbaarstelling is besloten. Ze kunnen worden beheerd door de individuele rechthebbenden, zoals auteurs of muziekuitgevers, of door rechtenbeheerders die collectieve beheersdiensten aan rechthebbenden verlenen. Het reproductierecht en het recht van mededeling van een auteur kunnen worden beheerd door verschillende rechtenbeheerders. Ook zijn er gevallen waarin meerdere rechthebbenden rechten inzake hetzelfde werk doen gelden en verschillende rechtenbeheerders hebben gemachtigd hun respectieve rechtenaandelen in licentie te geven. Elke gebruiker die een onlinedienst wil aanbieden met een ruime keuze aan muziekwerken voor consumenten, zal rechten inzake werken moeten verzamelen van verschillende rechthebbenden en rechtenbeheerders.

(22)     Hoewel het internet geen grenzen kent, is de onlinemarkt voor muziekdiensten in de EU versplinterd en is een eengemaakte markt nog niet volledig verwezenlijkt. De complexe moeilijkheden waarmee het collectieve beheer van rechten in Europa gepaard gaat, heeft in een aantal gevallen de versplintering van de Europese digitale markt voor onlinemuziekdiensten verergerd. Deze situatie vormt een schril contrast met de snelgroeiende vraag van consumenten naar toegang tot digitale content en de bijbehorende innovatieve diensten, ook over nationale grenzen heen.

(23)     In Aanbeveling 2005/737/EG van de Commissie wordt gepleit voor een nieuw regelgevingskader dat beter aansluit bij het beheer op EU-niveau van auteursrechten en naburige rechten voor de verstrekking van rechtmatige onlinemuziekdiensten. In de aanbeveling wordt erkend dat commerciële gebruikers in een tijd van online-exploitatie van muziekwerken behoefte hebben aan een licentiebeleid dat is afgestemd op de alomtegenwoordigheid van de onlineomgeving en dat multiterritoriaal is. Door haar vrijwillige aard is de aanbeveling echter niet toereikend geweest om de grootschalige multiterritoriale licentieverlening van onlinerechten inzake muziekwerken te bevorderen en de specifieke eisen met betrekking tot multiterritoriale licentieverlening te vervullen.

(24)     In de onlinemuzieksector, waar collectief beheer van auteursrechten op territoriale basis nog altijd de norm is, is het van wezenlijk belang om omstandigheden te scheppen die bevorderlijk zijn voor de meest doeltreffende licentiepraktijken van rechtenbeheerders in een context die in toenemende mate internationaal is. Het is daarom gepast om een samenstel van regels te voorzien ter coördinatie van de basisvoorwaarden voor multiterritoriale collectieve licentieverlening door rechtenbeheerders van onlinerechten van auteurs inzake muziekwerken. Deze regels moeten leiden tot de noodzakelijke minimumkwaliteit van de door rechtenbeheerders aangeboden grensoverschrijdende diensten, met name wat betreft de transparantie van het vertegenwoordigde repertoire en de nauwkeurigheid van de geldstromen in verband met het gebruik van de rechten. Ze moeten voorts een kader vormen dat de vrijwillige samenvoeging van muziekrepertoire en daarmee de vermindering van het aantal licenties dat een gebruiker nodig heeft om een multiterritoriale dienst te exploiteren, bevordert. Deze regels moeten het mogelijk maken dat een rechtenbeheerder een andere rechtenbeheerder verzoekt zijn repertoire op multiterritoriale basis te vertegenwoordigen wanneer hij niet zelf aan de voorschriften kan voldoen. Op de aangezochte rechtenbeheerder moet de plicht rusten om, mits hij repertoire samenvoegt en multiterritoriale licenties aanbiedt of verleent, het mandaat van de verzoekende rechtenbeheerder te aanvaarden. De ontwikkeling van wettige onlinemuziekdiensten in de Unie moet ook bijdragen aan de bestrijding van piraterij.

(25)     De beschikbaarheid van nauwkeurige en uitgebreide informatie over de muziekwerken, de rechthebbenden en de rechten die een rechtenbeheerder in een bepaalde lidstaat mag vertegenwoordigen, is van bijzonder belang voor een doeltreffend en transparant licentieproces, voor het toezicht op het gebruik van de in licentie gegeven rechten en de daarmee samenhangende facturering van dienstverleners, en de verdeling van de verschuldigde bedragen onder de rechthebbenden. Daarom moeten rechtenbeheerders die multiterritoriale licenties voor muziekwerken verlenen, dergelijke gegevens snel en nauwkeurig kunnen verwerken. Dit vereist het gebruik van voortdurend geactualiseerde databanken met eigendomsinformatie over rechten die in licentie zijn gegeven op multiterritoriale basis, met gegevens die de identificatie mogelijk maken van werken, rechten, rechthebbenden en lidstaten die een rechtenbeheerder mag vertegenwoordigen. Deze databanken moeten ook bijdragen aan de afstemming van informatie over werken met informatie over fonogrammen of een andere vastlegging waarin het werk is opgenomen. Het is ook van belang ervoor te zorgen dat potentiële licentienemers en rechthebbenden toegang hebben tot de informatie die zij nodig hebben om het repertoire te identificeren dat deze rechtenbeheerders vertegenwoordigen, zonder dat afbreuk wordt gedaan aan maatregelen die deze rechtenbeheerders gerechtigd zijn te nemen om de juistheid en integriteit van de gegevens te beschermen, hun hergebruik te beheersen en persoonsgegevens en commercieel gevoelige informatie te beschermen.

(26)     Om te waarborgen dat de door hen verwerkte gegevens over het muziekrepertoire zo correct mogelijk zijn, moeten rechtenbeheerders die multiterritoriale licenties inzake muziekwerken verlenen, worden verplicht hun databanken permanent en onvertraagd te actualiseren. Zij moeten eenvoudig toegankelijke procedures vaststellen waarmee rechthebbenden en andere rechtenbeheerders wier repertoire zij vertegenwoordigen, hen kunnen informeren over eventuele onjuistheden in databanken van rechtenbeheerders met betrekking tot werken waarvan zij eigenaar zijn of de rechten bezitten, met inbegrip van gehele of gedeeltelijke rechten en lidstaten waarvoor zij de betreffende rechtenbeheerder hebben gemachtigd op te treden. Zij moeten ook de capaciteit hebben om de registratie van werken en de toestemming voor het rechtenbeheer elektronisch te verwerken. In verband met het belang van automatisering voor snelle en doeltreffende gegevensverwerking, moeten rechtenbeheerders voorzien in het gebruik van elektronische middelen voor het gestructureerd mededelen van die informatie door de rechthebbenden. Rechtenbeheerders moeten voor zover mogelijk waarborgen dat dergelijke elektronische middelen overeenstemmen met ter zake dienende industriële normen of praktijken die op internationaal niveau of op het niveau van de Unie zijn ontwikkeld.

(27)     Digitale technologie maakt het voor rechtenbeheerders mogelijk geautomatiseerd toe te zien op het gebruik van in licentie gegeven muziekwerken door licentienemers en maakt facturering gemakkelijker. Industriële normen voor muziekgebruik, verkoopverslagen en facturering zijn van instrumenteel belang voor verbetering van de doelmatigheid van de gegevensuitwisseling tussen rechtenbeheerders en gebruikers. Bij het toezicht op het gebruik van licenties moeten bepaalde grondrechten in acht worden genomen, te weten het recht op eerbiediging van privé-, familie- en gezinsleven en het recht op gegevensbescherming. Om te waarborgen dat de doelmatigheidswinst tot snellere verwerking van financiële gegevens en uiteindelijk tot eerdere betaling aan rechthebbenden leidt, moeten rechtenbeheerders worden verplicht onverwijld facturen te zenden aan dienstenaanbieders en verschuldigde bedragen te betalen aan rechthebbenden. Deze eis kan alleen doeltreffend zijn als licentienemers zich maximaal inspannen om rechtenbeheerders tijdig van nauwkeurige verslagen over het gebruik van de werken te voorzien. Rechtenbeheerders mogen niet worden verplicht gebruikersverslagen met een eigen indeling te aanvaarden wanneer voor die verslagen veelgebruikte industriële normen beschikbaar zijn.

(28)     De toegang tot en verwerking van grote hoeveelheden gegevens en een groot technisch vermogen zijn noodzakelijke voorwaarden voor de verstrekking van hoogwaardige beheersdiensten door rechtenbeheerders die multiterritoriale collectieve licenties verlenen. Rechtenbeheerders mogen er niet van worden weerhouden diensten met betrekking tot de verlening van multiterritoriale licenties voor onlinerechten inzake muziekwerken uit te besteden, mits hun aansprakelijkheid tegenover rechthebbenden, aanbieders van onlinediensten of andere rechtenbeheerders daardoor niet wordt verminderd en de verplichtingen inzake gegevensbescherming worden vervuld zoals bepaald in artikel 17 van Richtlijn 95/46/EG van het Europees Parlement en de Raad van 24 oktober 1995 betreffende de bescherming van natuurlijke personen in verband met de verwerking van persoonsgegevens en betreffende het vrije verkeer van die gegevens[21]. Gezamenlijk gebruik of consolidatie van kantoorcapaciteit moet de rechtenbeheerders helpen hun beheersdiensten te verbeteren en investeringen in hulpmiddelen voor gegevensbeheer te rationaliseren.

(29)     Samenvoeging van verschillende muziekrepertoires ten behoeve van multiterritoriale licentieverlening vereenvoudigt het licentieproces, bevordert de culturele verscheidenheid door alle repertoires toegankelijk te maken voor de markt van multiterritoriale licentieverlening en draagt bij aan de vermindering van het aantal transacties dat de aanbieder van een onlinedienst nodig heeft om die dienst aan te bieden. Die samenvoeging van muziekrepertoires moet de ontwikkeling van nieuwe onlinediensten stimuleren en tevens leiden tot lagere aan de consument doorberekende transactiekosten. Daarom moeten rechtenbeheerders die niet bereid of in staat zijn rechtstreeks multiterritoriale licenties voor hun eigen muziekrepertoire te verlenen, worden aangemoedigd vrijwillig andere rechtenbeheerders te machtigen voor het beheer van hun repertoire op niet-discriminerende voorwaarden. Wanneer het machtigingsverzoek plaatsvindt, is de aangezochte rechtenbeheerder verplicht dit te aanvaarden, mits hij repertoire samenvoegt en multiterritoriale licenties aanbiedt of verleent. Daarnaast zou exclusiviteit in overeenkomsten betreffende multiterritoriale licenties de keuzemogelijkheden beperken voor gebruikers op zoek naar die multiterritoriale licenties en ook de keuzemogelijkheden beperken voor rechtenbeheerders op zoek naar administratieve diensten voor hun repertoire op een multiterritoriale basis. Derhalve moeten alle vertegenwoordigingsovereenkomsten tussen rechtenbeheerders die voorzien in multiterritoriale licentieverlening, worden gesloten op niet-exclusieve basis.

(30)     De transparantie van de voorwaarden waarop rechtenbeheerders de door hen vertegenwoordigde rechten beheren, is van bijzonder belang voor de rechthebbenden. Rechtenbeheerders moeten daarom aan hun rechthebbenden voldoende informatie verstrekken over de belangrijkste bepalingen van elke overeenkomst waarbij een andere rechtenbeheerder wordt belast met de vertegenwoordiging van hun onlinemuziekrechten ten behoeve van multiterritoriale licentieverlening.

(31)     Het is eveneens van belang alle rechtenbeheerders die multiterritoriale licenties aanbieden of verlenen, te verplichten ermee in te stemmen het repertoire te vertegenwoordigen van rechtenbeheerders die besluiten dat niet rechtstreeks te doen. Teneinde te waarborgen dat deze verplichting niet onevenredig is en niet verder gaat dan noodzakelijk is, mag de rechtenbeheerder die een dergelijk verzoek ontvangt, alleen verplicht worden de vertegenwoordiging te aanvaarden indien het verzoek zich beperkt tot het onlinerecht dat of de onlinerechtencategorieën die hij vertegenwoordigt. Bovendien mag deze verplichting alleen van toepassing zijn op rechtenbeheerders die repertoire samenvoegen en zich niet uitstrekken tot rechtenbeheerders die uitsluitend multiterritoriale licenties voor hun eigen repertoire aanbieden. Evenmin mag zij gelden voor rechtenbeheerders die slechts rechten inzake dezelfde werken samenvoegen met het oogmerk een gezamenlijke licentie voor zowel het reproductierecht als het recht van mededeling aan het publiek voor die werken te kunnen verlenen. Een overeenkomst waarbij een rechtenbeheerder een of meer andere rechtenbeheerders belast met de verlening van multiterritoriale licenties voor onlinegebruik inzake zijn eigen muziekrepertoire, mag die rechtenbeheerder er niet van weerhouden licenties te blijven verlenen die beperkt zijn tot het grondgebied van de lidstaat waar die rechtenbeheerder is gevestigd, zowel inzake zijn eigen repertoire als inzake elk andere repertoire dat hij gemachtigd is in die lidstaat te vertegenwoordigen.

(32)     De bedoelingen en de doeltreffendheid van de regels betreffende multiterritoriale licentieverlening door rechtenbeheerders zouden in hoge mate worden ondergraven indien rechthebbenden niet hun rechten zouden kunnen uitoefenen door multiterritoriale licenties te verlenen wanneer de rechtenbeheerder aan wie zij hun rechten hebben gegund, geen multiterritoriale licenties verleent of aanbiedt en geen andere rechtenbeheerder met dergelijke licentieverlening wil belasten. Daarom is het in dergelijke omstandigheden van belang dat rechthebbenden het recht kunnen uitoefenen om de multiterritoriale licenties die door onlinedienstverleners worden geëist, zelf of via een of meer andere partijen te verlenen zonder dat zij hun rechten uit de rechtenbeheerder hoeven terug te trekken.

(33)     In het belang van de onlinemarkt moeten de belangrijkste verplichtingen in verband met toegang tot informatie, gegevensverwerking, facturering en betaalcapaciteit ook gelden voor elke entiteit die geheel of gedeeltelijk eigendom is van een rechtenbeheerder en die multiterritoriale licenties voor onlinerechten inzake muziekwerken aanbiedt of verleent.

(34)     In de digitale omgeving wordt van rechtenbeheerders regelmatig verlangd dat zij licenties voor hun repertoire verlenen voor volkomen nieuwe exploitatievormen en bedrijfsmodellen. In dergelijke gevallen moeten rechtenbeheerders, ook om zo snel mogelijk een omgeving tot stand te brengen waarin de ontwikkeling van dergelijke licenties kan gedijen, over de flexibiliteit beschikken die vereist is om geïndividualiseerde en innovatieve licenties te verstrekken zonder het risico dat deze worden gebruikt als precedent voor de vaststelling van de voorwaarden van andere soorten licenties.

(35)     Omroeporganisaties zijn in het algemeen afhankelijk van een licentie van een lokale rechtenbeheerder voor hun eigen uitzendingen van televisie- en radioprogramma's die muziekwerken bevatten. Deze licentie beperkt zich vaak tot omroepactiviteiten. Er zou een licentie voor onlinerechten inzake muziekwerken vereist zijn om dergelijke televisie- of radio-uitzendingen ook online beschikbaar te mogen stellen. Om de licentieverlening van onlinemuziekrechten ten behoeve van gelijktijdige en vertraagde onlinedoorgifte van televisie- en radio-uitzendingen mogelijk te maken, is het nodig te voorzien in een uitzondering op de regels die in andere gevallen zouden gelden voor de multiterritoriale licentieverlening van muziekwerken voor onlinegebruik. Een dergelijke uitzondering moet beperkt blijven tot wat noodzakelijk is om onlinetoegang mogelijk te maken tot radio- en televisieprogramma's en tot materiaal met een duidelijke en afgeleide relatie met de oorspronkelijke uitzending dat is gemaakt voor doeleinden zoals een aanvulling of vooruitblik op of een beoordeling van een radio- of televisieprogramma. Die uitzondering mag geen verstorende uitwerking hebben op de concurrentie met andere diensten die consumenten online toegang bieden tot afzonderlijke audiovisuele of muziekwerken, noch leiden tot beperkende praktijken, zoals het verdelen van markten of klanten, die in strijd zijn met artikel 101 of 102 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie.

(36)     De doeltreffende handhaving van de bepalingen in de nationale wetgeving die zijn vastgesteld op grond van deze richtlijn, moet worden gewaarborgd. Rechtenbeheerders moeten hun leden specifieke procedures aanbieden voor de afhandeling van klachten en de beslechting van geschillen. Deze procedures moeten ook beschikbaar zijn voor andere rechthebbenden die door de rechtenbeheerder worden vertegenwoordigd. Het is ook gepast om te waarborgen dat in de lidstaten onafhankelijke, onpartijdige en doeltreffende organen voor geschillenbeslechting bestaan die handelsgeschillen tussen rechtenbeheerders en gebruikers over bestaande of voorgestelde licentievoorwaarden kunnen beslechten, alsook over situaties waarin licentieverlening is geweigerd. Verder zou de doeltreffendheid van de regels betreffende de multiterritoriale licentieverlening van onlinerechten inzake muziekwerken kunnen worden ondergraven als geschillen tussen rechtenbeheerders en hun tegenpartijen niet snel en doeltreffend zouden worden opgelost door onafhankelijke en onpartijdige organen. Derhalve is het gepast om, onverminderd het recht van toegang tot een gerecht, te voorzien in een goed toegankelijke, doelmatige en onpartijdige buitengerechtelijke procedure voor de beslechting van geschillen tussen rechtenbeheerders aan de ene kant en aanbieders van onlinemuziekdiensten, rechthebbenden of andere rechtenbeheerders aan de andere kant.

(37)     Bovendien moeten de lidstaten passende procedures vaststellen waarmee het mogelijk is klachten in te dienen tegen rechtenbeheerders die zich niet aan de wet houden en waarmee wordt gewaarborgd dat in voorkomende gevallen doeltreffende, evenredige en afschrikwekkende sancties worden opgelegd. De lidstaten moeten bepalen welke instanties verantwoordelijk zijn voor het beheer van de klachtenprocedures en sancties. Om te waarborgen dat aan de voorwaarden voor multiterritoriale licentieverlening wordt voldaan, moeten specifieke bepalingen over het toezicht op hun tenuitvoerlegging worden vastgesteld. Daartoe moeten de bevoegde instanties van de lidstaten en de Europese Commissie samenwerken.

(38)     Het is van belang dat rechtenbeheerders het recht op een privéleven en het recht op bescherming van persoonsgegevens van iedere rechthebbende, ieder lid, iedere gebruiker en iedere andere persoon van wie zij persoonsgegevens verwerken, eerbiedigen. Richtlijn 95/46/EG regelt de verwerking van persoonsgegevens zoals die in het kader van deze richtlijn plaatsvindt in de lidstaten en onder toezicht van de bevoegde instanties van de lidstaten, met name de door de lidstaten aangewezen onafhankelijke autoriteiten. Rechthebbenden moeten passend geïnformeerd worden over de verwerking van hun gegevens, de ontvangers van die gegevens, de maximale bewaartermijn van hun gegevens in databanken en de wijze waarop zij hun recht op toegang tot en rectificatie of verwijdering van hun persoonsgegevens overeenkomstig de artikelen 10 en 11 van Richtlijn 95/46/EG kunnen uitoefenen. Met name unieke identificatiemiddelen die de indirecte identificatie van een persoon mogelijk maken, moeten worden beschouwd als persoonsgegevens in de zin van artikel 2, onder a), van die richtlijn.

(39)     Gezien artikel 12, onder b), van Richtlijn 95/46/EG, waarin aan elke betrokkene het recht wordt toegekend om de rectificatie, uitwissing of afscherming van onjuiste of onvolledige gegevens te verkrijgen, wordt ook in deze richtlijn gewaarborgd dat onjuiste informatie ten aanzien van rechthebbenden of andere rechtenbeheerders in geval van multiterritoriale licenties zonder onnodige vertraging gerectificeerd moet worden.

(40)     Bepalingen betreffende handhavingsmaatregelen laten de bevoegdheden van onafhankelijke nationale autoriteiten die door de lidstaten krachtens artikel 28 van Richtlijn 95/46/EG zijn opgericht om toe te zien op de naleving van nationale maatregelen die zijn genomen bij de tenuitvoerlegging van die richtlijn, onverlet.

(41)     Deze richtlijn is in overeenstemming met de grondrechten en de beginselen die zijn vastgesteld in het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie. De bepaling in de richtlijn dat leden, rechthebbenden, gebruikers en rechtenbeheerders moeten beschikken over mechanismen voor geschillenbeslechting mag partijen niet weerhouden van de toegang tot het gerecht zoals gegarandeerd in het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie.

(42)     Omdat de doeleinden van deze richtlijn, verbetering van de mogelijkheden van de leden van rechtenbeheerders om controle uit te oefenen op de activiteiten van die rechtenbeheerders, het garanderen van voldoende transparantie door rechtenbeheerders en verbetering van de multiterritoriale licentieverlening van rechten van auteurs voor onlinegebruik van muziekwerken, niet onvoldoende kunnen worden verwezenlijkt door de lidstaten en derhalve om redenen van schaal en uitwerking beter kunnen worden verwezenlijkt op het niveau van de Unie, kan de Unie overeenkomstig het beginsel van subsidiariteit, zoals gedefinieerd in artikel 5 van het Verdrag betreffende de Europese Unie, maatregelen vaststellen. Overeenkomstig het beginsel van evenredigheid, zoals gedefinieerd in hetzelfde artikel, gaat deze richtlijn niet verder dan wat noodzakelijk is om die doeleinden te verwezenlijken.

(43)     De bepalingen van deze richtlijn laten de toepassing van de regels van het mededingingsrecht onverlet, evenals van elk ander ter zake dienend recht op andere terreinen, waaronder vertrouwelijkheid, handelsgeheimen, persoonlijke levenssfeer, toegang tot documenten, het overeenkomstenrecht en het internationaal privaatrecht met betrekking tot wetsconflicten en geschillen over rechtsmacht.

(44)     Overeenkomstig de gezamenlijke politieke verklaring van 28 september 2011 van de lidstaten en de Commissie over toelichtende stukken, verplichten de lidstaten zich ertoe in gerechtvaardigde gevallen de aanmelding van hun omzettingsmaatregelen vergezeld te doen gaan van een of meer documenten waarin de relatie tussen de onderdelen van een richtlijn en de bijbehorende onderdelen van de nationale omzettingsinstrumenten wordt toegelicht. Ten aanzien van deze richtlijn acht de wetgever de verstrekking van dergelijke documenten gerechtvaardigd,

HEBBEN DE VOLGENDE RICHTLIJN VASTGESTELD:

Titel I

Algemene bepalingen

Artikel 1 Onderwerp

Bij deze richtlijn worden voorschriften vastgesteld die nodig zijn om het goed functioneren van het beheer van auteursrechten en naburige rechten door rechtenbeheerders te waarborgen. Ook worden hierbij voorschriften vastgesteld voor multiterritoriale licentieverlening door rechtenbeheerders van rechten van auteurs inzake muziekwerken voor onlinegebruik.

Artikel 2 Toepassingsgebied

De titels I, II en IV zijn, met uitzondering van de artikelen 36 en 40, van toepassing op alle in de Unie gevestigde rechtenbeheerders.

Titel III en de artikelen 36 en 40 van titel IV zijn enkel van toepassing op rechtenbeheerders die rechten van auteurs inzake muziekwerken beheren ten behoeve van onlinegebruik op multiterritoriale basis.

Artikel 3 Definities

In de zin van deze richtlijn wordt verstaan onder:

a)           "rechtenbeheerder": iedere organisatie die bij wet of door middel van overdracht, licentieverlening of een andere contractuele regeling door meer dan één rechthebbende is gemachtigd met als enig doel of hoofddoel auteursrecht of naburige rechten in verband met auteursrecht te beheren en die eigendom is van of onder zeggenschap staat van haar leden;

b)           "rechthebbende": iedere natuurlijke persoon of rechtspersoon anders dan een rechtenbeheerder die houder is van een auteursrecht of naburig recht of die krachtens een overeenkomst voor de exploitatie van rechten aanspraak kan maken op een aandeel in de rechteninkomsten van de door de rechtenbeheerder beheerde rechten;

c)           "lid van een rechtenbeheerder": een rechthebbende of een entiteit die rechtstreeks rechthebbenden vertegenwoordigt, met inbegrip van andere rechtenbeheerders en verenigingen van rechthebbenden, die voldoet aan de lidmaatschapscriteria van de rechtenbeheerder;

d)           "statuut": de akte van oprichting en statuten, het statuut, het huishoudelijk reglement of de beginselverklaring van een rechtenbeheerder;

e)           "directeur": iedere individuele algemeen directeur, ieder afzonderlijk lid van de raad van beheer, de raad van bestuur of de raad van commissarissen van een rechtenbeheerder;

f)            "rechteninkomsten": door een rechtenbeheerder namens rechthebbenden geïnde inkomsten op grond van een exclusief recht, een recht op vergoeding of een recht op schadeloosstelling;

g)           "beheerskosten": het bedrag dat door een rechtenbeheerder in rekening wordt gebracht om de kosten te dekken van de door hem geleverde diensten voor het beheer van auteursrecht en naburige rechten;

h)           "vertegenwoordigingsovereenkomst": iedere overeenkomst tussen rechtenbeheerders waarbij één rechtenbeheerder een andere rechtenbeheerder belast met de vertegenwoordiging van het rechten inzake zijn repertoire, met inbegrip van overeenkomsten die worden gesloten krachtens de artikelen 28 en 29;

i)            "gebruiker": iedere natuurlijke persoon of rechtspersoon die handelingen uitvoert waarvoor de toestemming, de vergoeding of de schadeloosstelling van rechthebbenden vereist is en die niet handelt als consument;

j)            "repertoire": de werken of andere beschermde materie waarvan een rechtenbeheerder rechten beheert;

k)           "multiterritoriale licentie": een licentie die geldt voor het grondgebied van meer dan één lidstaat;

l)            "onlinerechten inzake muziekwerken": elk van de rechten inzake een muziekwerk waarin de artikelen 2 en 3 van Richtlijn 2001/29/EG voorzien en die zijn voorgeschreven voor de verstrekking van een onlinemuziekdienst;

m)          "onlinemuziekdienst": een dienst van de informatiemaatschappij in de zin van artikel 1, lid 2, van Richtlijn 98/34/EG, waarvoor muziekwerken in licentie moeten worden gegeven.

Titel II

Rechtenbeheerders

Hoofdstuk 1

Lidmaatschap en organisatie van rechtenbeheerders

Artikel 4 Algemene beginselen

De lidstaten zien erop toe dat rechtenbeheerders in het belang van hun leden handelen en aan de rechthebbenden wier rechten zij beheren, geen verplichtingen opleggen die objectief beschouwd niet noodzakelijk zijn voor de bescherming van de rechten en belangen van deze rechthebbenden.

Artikel 5 Rechten van rechthebbenden

1.           De lidstaten zien erop toe dat rechthebbenden de rechten hebben die zijn vastgesteld in de leden 2 tot en met 7 en dat die rechten worden opgenomen in het statuut of de lidmaatschapsvoorwaarden van de rechtenbeheerder.

2.           Rechthebbenden hebben het recht om een rechtenbeheerder van hun keuze te machtigen de rechten, rechtencategorieën of soorten werk en andere materie van hun keuze te beheren voor de lidstaten van hun keuze, ongeacht de lidstaat van verblijf of vestiging of de nationaliteit van de rechtenbeheerder of de rechthebbende.

3.           Rechthebbenden hebben het recht om de aan een rechtenbeheerder verleende machtiging voor het beheer van rechten, rechtencategorieën of soorten werk en andere materie te beëindigen of uit een rechtenbeheerder de rechten, rechtencategorieën of soorten werk en andere materie van hun keuze terug te trekken voor de lidstaten van hun keuze, met inachtneming van een redelijke opzegtermijn van ten hoogste zes maanden. De rechtenbeheerder kan besluiten dat een dergelijke beëindiging of terugtrekking alleen kan ingaan halverwege of aan het einde van het boekjaar, waarbij de datum geldt die het kortst na afloop van de opzegtermijn valt.

4.           Als er aan een rechthebbende bedragen verschuldigd zijn voor exploitatiehandelingen die hebben plaatsgevonden voordat de machtiging is beëindigd of de terugtrekking van rechten van kracht werd, of op grond van een licentie die is verleend voordat de beëindiging of terugtrekking van kracht werd, behoudt de rechthebbende zijn rechten op grond van de artikelen 12, 16, 18 en 34 met betrekking tot die exploitatiehandelingen.

5.           Rechtenbeheerders kunnen de uitoefening van de in de leden 3 en 4 bedoelde rechten niet beperken door te eisen dat het beheer van rechten of rechtencategorieën of soorten werk en andere materie die het voorwerp zijn van de beëindiging of terugtrekking, wordt toevertrouwd aan een andere rechtenbeheerder.

6.           De lidstaten zien erop toe dat de rechthebbende uitdrukkelijk specifiek toestemming verleent voor elk recht of elke rechtencategorie of soort werk en andere materie waarvoor hij de rechtenbeheerder machtigt tot beheer en dat die toestemming schriftelijk kan worden aangetoond.

7.           Een rechtenbeheerder informeert rechthebbenden over hun rechten op grond van de leden 1 tot en met 6 alvorens hun toestemming te verkrijgen om een recht of rechtencategorie of soort werk en andere materie te beheren.

Rechtenbeheerders informeren hun leden over hun rechten op grond van de leden 1 tot en met 6 binnen zes maanden na de omzettingsdatum van deze richtlijn.

Artikel 6 Lidmaatschapsregels van rechtenbeheerders

1.           De lidstaten zien erop toe dat rechtenbeheerders voldoen aan de in de leden 2 tot en met 5 vastgestelde regels.

2.           Rechtenbeheerders aanvaarden rechthebbenden als lid als deze voldoen aan de vereisten voor het lidmaatschap. Zij mogen een lidmaatschapsaanvraag slechts afwijzen op grond van objectieve criteria. Deze criteria worden opgenomen in het statuut of de lidmaatschapsvoorwaarden van de rechtenbeheerder en worden openbaar gemaakt.

3.           Het statuut van de rechtenbeheerder voorziet in passende en doeltreffende mechanismen voor deelname van de leden aan het besluitvormingsproces van de rechtenbeheerder. De vertegenwoordiging van de verschillende categorieën leden in het besluitvormingsproces is billijk en evenwichtig.

4.           Rechtenbeheerders stellen hun leden in de gelegenheid op elektronische wijze te communiceren, onder meer ten behoeve van de uitoefening van hun lidmaatschapsrechten. Het gebruik van elektronische middelen is niet afhankelijk van de verblijf- of vestigingsplaats van het lid.

5.           Rechtenbeheerders houden ledenregisters bij die regelmatig worden geactualiseerd, zodat de leden correct kunnen worden geïdentificeerd en gelokaliseerd.

Artikel 7 Algemene ledenvergadering van de rechtenbeheerder

1.           De lidstaten zien erop toe dat de algemene vergadering van de leden van rechtenbeheerders wordt gehouden volgens de in de leden 2 tot en met 8 vastgestelde regels.

2.           Ten minste eenmaal per jaar wordt een algemene vergadering van de leden van de rechtenbeheerder bijeengeroepen.

3.           De algemene vergadering keurt wijzigingen in het statuut en de lidmaatschapsvoorwaarden van de rechtenbeheerder goed, wanneer die voorwaarden niet worden geregeld in het statuut.

4.           De algemene vergadering heeft de bevoegdheid om te besluiten over de benoeming of het ontslag van de directeuren en om hun beloning en andere emolumenten, zoals voordelen in natura, pensioentoekenningen, rechten op andere toekenningen en rechten op ontslagvergoedingen goed te keuren.

De algemene vergadering besluit niet over de benoeming of het ontslag van leden van de raad van bestuur of van een individuele algemeen directeur wanneer de raad van commissarissen de bevoegdheid heeft om hen te benoemen of te ontslaan.

5.           In overeenstemming met de bepalingen van hoofdstuk 2 van titel II neemt de algemene vergadering ten minste besluiten over de volgende zaken:

a)      het beleid inzake de verdeling van aan rechthebbenden verschuldigde bedragen, tenzij de algemene vergadering dit besluit delegeert aan het orgaan dat de toezichtfunctie uitoefent;

b)      het gebruik van de aan rechthebbenden verschuldigde bedragen die niet kunnen worden verdeeld zoals bepaald in artikel 12, lid 2, tenzij de algemene vergadering dit besluit delegeert aan het orgaan dat de toezichtfunctie uitoefent;

c)      het algemene beleggingsbeleid ten aanzien van rechteninkomsten, met inbegrip van het beleid inzake de verstrekking van leningen of de verschaffing van zekerheden of garanties voor leningen;

d)      de regels betreffende inhoudingen op rechteninkomsten.

6.           De algemene vergadering houdt toezicht op de activiteiten van de rechtenbeheerder door ten minste te besluiten over de benoeming en het ontslag van de accountant en de goedkeuring van het transparantiejaarverslag en het accountantsverslag.

7.           Iedere beperking van het recht van de leden van een rechtenbeheerder om deel te nemen aan en stemrecht uit te oefenen tijdens de algemene vergadering, is billijk en evenredig, en is gebaseerd op de volgende criteria:

a)      duur van het lidmaatschap;

b)      ontvangen bedragen of aan een lid verschuldigde bedragen in verband met de gespecificeerde boekperiode.

Deze criteria worden opgenomen in het statuut of de lidmaatschapsvoorwaarden van de rechtenbeheerder en worden openbaar gemaakt overeenkomstig de artikelen 17 en 19.

8.           Ieder lid van een rechtenbeheerder heeft het recht om een andere natuurlijke persoon of rechtspersoon als gevolmachtigde aan te wijzen om de algemene vergadering uit zijn naam bij te wonen en tijdens de vergadering zijn stem uit te brengen.

Artikel 8 Toezichtfunctie

1.           De lidstaten zien erop toe dat de rechtenbeheerder een toezichtfunctie instelt die verantwoordelijk is voor permanent toezicht op de activiteiten en de taakuitvoering van de personen die binnen de rechtenbeheerder zijn belast met bestuursverantwoordelijkheden. Om hun effectieve deelname te waarborgen, zijn de leden van de rechtenbeheerder billijk en evenwichtig vertegenwoordigd in het orgaan dat deze functie uitoefent.

2.           Het met de toezichtfunctie belaste orgaan komt periodiek bijeen en heeft ten minste de bevoegdheid om te besluiten over:

a)      iedere verwerving van onroerend goed door de rechtenbeheerder;

b)      de oprichting van dochtermaatschappijen, de overname van andere entiteiten, de verwerving van aandelen of rechten in andere entiteiten, fusies en samenwerkingsverbanden;

c)      het nemen en verstrekken van leningen en het verstrekken van zekerheden of garanties voor leningen.

3.           De lidstaten kunnen besluiten dat de leden 1 en 2 niet van toepassing zijn op een rechtenbeheerder die op zijn balansdatum de limieten van twee van de drie volgende criteria niet overschrijdt:

a)      balanstotaal: EUR 350 000;

b)      netto-omzet: EUR 700 000;

c)      gemiddeld aantal personeelsleden gedurende het boekjaar: tien.

Artikel 9 Plichten van de personen die daadwerkelijk leidinggeven aan de activiteiten van de rechtenbeheerder

1.           De lidstaten zien erop toe dat de personen die daadwerkelijk leidinggeven aan de activiteiten van een rechtenbeheerder en zijn directeuren, uitgezonderd de directeuren die de toezichtfunctie uitoefenen, de rechtenbeheerder op solide en prudente wijze leiden met behulp van goede administratieve en boekhoudkundige procedures en interne controlemechanismen.

2.           De lidstaten zien erop toe dat de personen die daadwerkelijk leidinggeven aan de activiteiten van een rechtenbeheerder en zijn directeuren, uitgezonderd de directeuren die de toezichtfunctie uitoefenen, procedures opstellen ter vermijding van belangenconflicten. De rechtenbeheerder beschikt over procedures om belangenconflicten te identificeren, te beheren, te bewaken en bekend te maken teneinde te voorkomen dat deze de belangen van leden van de rechtenbeheerder schaden.

Die procedures omvatten een jaarlijkse individuele verklaring van elk van die personen en directeuren aan het met de toezichtfunctie belaste orgaan, die de volgende informatie bevat:

a)      ieder belang bij de rechtenbeheerder;

b)      iedere van de rechtenbeheerder ontvangen beloning, met inbegrip van pensioenregelingen, voordelen in natura en andere soorten voordelen;

c)      eventuele bedragen die zij als rechthebbende van de rechtenbeheerder hebben ontvangen;

d)      een opgave van ieder feitelijk of potentieel conflict tussen persoonlijke belangen en die van de rechtenbeheerder of tussen plichten jegens de rechtenbeheerder en verplichtingen jegens een andere rechtspersoon of natuurlijke persoon.

Hoofdstuk 2

Beheer van rechteninkomsten

Artikel 10 Inning en gebruik van rechteninkomsten

1.           Rechtenbeheerders innen en beheren rechteninkomsten zorgvuldig.

2.           De rechtenbeheerder beheert en bewaart de rechteninkomsten en inkomsten uit beleggingen gescheiden van zijn eigen vermogensbestanddelen, de inkomsten uit zijn beheersdiensten of de inkomsten uit overige activiteiten.

3.           Het is de rechtenbeheerder niet toegestaan om de rechteninkomsten en inkomsten uit beleggingen te gebruiken voor eigen rekening, met dien verstande dat hij zijn beheerskosten mag inhouden.

4.           Wanneer de rechtenbeheerder in afwachting van de verdeling van de aan rechthebbenden verschuldigde bedragen de rechteninkomsten en inkomsten uit beleggingen belegt, doet hij dat in overeenstemming met het in artikel 7, lid 5, onder c), bedoelde algemene beleggingsbeleid en de volgende bepalingen:

a)      de bedragen worden belegd in het belang van de leden; wanneer er een potentieel belangenconflict bestaat, ziet de rechtenbeheerder erop toe dat de belegging uitsluitend in het belang van de leden wordt uitgevoerd;

b)      de bedragen worden belegd met het oogmerk om de zekerheid, kwaliteit, liquiditeit en winstgevendheid van de portefeuille als geheel te waarborgen;

c)      de beleggingen worden deugdelijk gediversifieerd om buitensporige afhankelijkheid van één belegging en de accumulatie van risico in de portefeuille als geheel te vermijden.

Artikel 11 Inhoudingen

1.           De lidstaten zien erop toe dat overeenkomsten inzake de betrekkingen van de rechtenbeheerder met zijn leden en de rechthebbenden informatie bevatten over inhoudingen die van toepassing zijn op de rechteninkomsten als bedoeld in artikel 16, onder e).

2.           Wanneer een rechtenbeheerder sociale, culturele of educatieve diensten verleent die worden gefinancierd uit inhoudingen op de rechteninkomsten, zien de lidstaten erop toe dat rechthebbenden aanspraak kunnen maken op de volgende rechten:

a)      sociale, culturele of educatieve diensten op grond van billijke criteria, in het bijzonder met betrekking tot de toegang tot en de omvang van deze diensten;

b)      rechthebbenden die de machtiging om rechten of rechtencategorieën of soorten werk en andere materie te beheren hebben beëindigd, of die hun rechten of rechtencategorieën of soorten werk en andere materie uit de rechtenbeheerder hebben teruggetrokken, houden toegang tot die diensten. In de criteria in verband met de toegang tot en de omvang van die diensten kunnen de door die rechthebbenden gegenereerde rechteninkomsten en de duur van de beheersmachtiging in aanmerking worden genomen, mits dergelijke criteria ook van toepassing zijn op rechthebbenden die een dergelijke machtiging niet hebben beëindigd of die hun rechten of rechtencategorieën of soorten werk en andere materie niet hebben teruggetrokken uit de rechtenbeheerder.

Artikel 12 Verdeling van de aan rechthebbenden verschuldigde bedragen

1.           De lidstaten zien erop toe dat de rechtenbeheerder regelmatig en zorgvuldig de verschuldigde bedragen verdeelt en betaalt aan alle rechthebbenden die hij vertegenwoordigt. De rechtenbeheerder verricht deze verdeling en betalingen uiterlijk twaalf maanden na afloop van het boekjaar waarin de rechteninkomsten zijn geïnd, tenzij objectieve redenen, met name in verband met de verslaglegging door gebruikers, de identificatie van rechten en rechthebbenden of met de afstemming van gegevens over werken en andere materie met rechthebbenden, de rechtenbeheerder ervan weerhouden deze termijn te eerbiedigen. De rechtenbeheerder verricht de verdeling en betalingen nauwgezet en ziet daarbij toe op gelijke behandeling van alle categorieën rechthebbenden.

2.           Wanneer de aan rechthebbenden verschuldigde bedragen vijf jaar na afloop van het boekjaar waarin de inning van de rechteninkomsten heeft plaatsgevonden nog niet kunnen worden verdeeld en mits de rechtenbeheerder alle nodige maatregelen heeft getroffen om de rechthebbenden te identificeren en te lokaliseren, besluit de rechtenbeheerder over het gebruik van de bedragen in kwestie overeenkomstig artikel 7, lid 5, onder b), onverminderd het recht van de rechthebbende om dergelijke bedragen van de rechtenbeheerder te vorderen.

3.           Voor de doeleinden van lid 2 omvatten de maatregelen om de rechthebbenden te identificeren en te lokaliseren een controle van het lidmaatschapsregister en de openbaarmaking en bekendmaking aan de leden van de rechtenbeheerder van een lijst met werken en andere materie waarvoor een of meer rechthebbenden niet zijn geïdentificeerd of gelokaliseerd.

Hoofdstuk 3

Beheer van rechten namens andere rechtenbeheerders

Artikel 13 Rechten die worden beheerd krachtens vertegenwoordigingsovereenkomsten

De lidstaten zien erop toe dat een rechtenbeheerder geen onderscheid maakt tussen zijn leden en rechthebbenden wier rechten hij beheert krachtens een vertegenwoordigingsovereenkomst, met name ten aanzien van toepasselijke tarieven, beheerskosten en de voorwaarden voor inning van de rechteninkomsten en verdeling van de aan rechthebbenden verschuldigde bedragen.

Artikel 14 Inhoudingen en betalingen in vertegenwoordigingsovereenkomsten

1.           De rechtenbeheerder past geen andere inhoudingen dan beheerskosten toe op de rechteninkomsten die voortvloeien uit de rechten die hij beheert op grond van een vertegenwoordigingsovereenkomst met een andere rechtenbeheerder, tenzij de andere rechtenbeheerder uitdrukkelijk met dergelijke inhoudingen instemt.

2.           De rechtenbeheerder verdeelt en betaalt regelmatig, zorgvuldig en correct de aan andere rechtenbeheerders verschuldigde bedragen.

Hoofdstuk 4

Betrekkingen met gebruikers

Artikel 15 Licentieverlening

1.           Rechtenbeheerders en gebruikers voeren in goed vertrouwen onderhandelingen over de licentieverlening voor rechten, waarbij zij alle noodzakelijke informatie over hun respectieve diensten verschaffen.

2.           Licentievoorwaarden zijn gebaseerd op objectieve criteria, met name met betrekking tot tarieven.

Tarieven voor exclusieve rechten weerspiegelen de economische waarde van de rechten in het handelsverkeer en van de door de rechtenbeheerder verstrekte dienst.

Bij ontstentenis van nationaal recht waarin de aan rechthebbenden verschuldigde bedragen met betrekking tot een recht op beloning en een recht op schadeloosstelling worden vastgesteld, baseert de rechtenbeheerder zijn eigen vaststelling van die verschuldigde bedragen op de economische waarde van die rechten in het handelsverkeer.

3.           Rechtenbeheerders stellen gebruikers in de gelegenheid op elektronische wijze te communiceren, onder meer, voor zover van toepassing, ten behoeve van de verslaglegging over het licentiegebruik.

Hoofdstuk 5

Transparantie en verslaglegging

Artikel 16 Aan rechthebbenden verstrekte informatie over het beheer van hun rechten

De lidstaten zien erop toe dat een rechtenbeheerder ten minste eenmaal per jaar op elektronische wijze de volgende informatie bekendmaakt aan elke rechthebbende die hij vertegenwoordigt:

a)           de persoonsgegevens voor het gebruik waarvan de rechthebbende de rechtenbeheerder heeft gemachtigd, onder meer om de rechthebbende te identificeren en te lokaliseren;

b)           de namens de rechthebbende geïnde rechteninkomsten;

c)           de aan de rechthebbende verschuldigde bedragen per beheerde rechtencategorie en soort gebruik, door de rechtenbeheerder aan de rechthebbende betaald in de betreffende periode;

d)           de periode waarin het gebruik waarvoor bedragen zijn verschuldigd aan de rechthebbende, heeft plaatsgevonden;

e)           de bedragen die in de betrokken periode zijn ingehouden voor beheerskosten;

f)            de bedragen die in de betrokken periode zijn ingehouden voor andere doeleinden dan beheerskosten, met inbegrip van die welke op grond van nationaal recht vereist zijn voor de verlening van sociale, culturele of educatieve diensten;

g)           uitstaande bedragen die voor de betreffende periode aan de rechthebbende verschuldigd zijn;

h)           de beschikbare procedures voor klachtenafhandeling en geschillenbeslechting op grond van de artikelen 34 en 36.

Artikel 17 Aan andere rechtenbeheerders verstrekte informatie over het beheer van rechten op grond van vertegenwoordigingsovereenkomsten

De lidstaten zien erop toe dat een rechtenbeheerder ten minste eenmaal per jaar op elektronische wijze voor een bepaalde periode de volgende informatie bekendmaakt aan de rechtenbeheerder namens wie hij rechten beheert op grond van een vertegenwoordigingsovereenkomst:

a)           de aan rechthebbenden verschuldigde bedragen per beheerde rechtencategorie en soort gebruik, door de rechtenbeheerder betaald voor de licentieverlening van de rechten die hij beheert op grond van de vertegenwoordigingsovereenkomst;

b)           de bedragen die zijn ingehouden voor beheerskosten en voor andere doeleinden;

c)           informatie over de licenties en rechteninkomsten die betrekking hebben op werken die deel uitmaken van het repertoire dat wordt bestreken door de vertegenwoordigingsovereenkomst;

d)           besluiten van de algemene vergadering.

Artikel 18 Op verzoek aan rechthebbenden, leden, andere rechtenbeheerders en gebruikers verstrekte informatie

1.           De lidstaten zien erop toe dat een rechtenbeheerder op verzoek van iedere rechthebbende wiens rechten hij vertegenwoordigt, iedere rechtenbeheerder namens wie hij rechten beheert op grond van een vertegenwoordigingsovereenkomst of iedere gebruiker op elektronische wijze en zonder onnodige vertraging de volgende informatie bekendmaakt:

a)      standaardlicentieovereenkomsten en toepasselijke tarieven;

b)      het repertoire en de rechten die hij vertegenwoordigt en de lidstaten die hij bestrijkt;

c)      een lijst met door hem gesloten vertegenwoordigingsovereenkomsten, met inbegrip van informatie over de betrokken andere rechtenbeheerders, het vertegenwoordigde repertoire en het territoriale toepassingsgebied van dergelijke overeenkomsten.

2.           Daarnaast maakt een rechtenbeheerder op verzoek van iedere rechthebbende of iedere rechtenbeheerder alle informatie bekend over werken waarvoor een of meer rechthebbenden niet zijn geïdentificeerd, voor zover beschikbaar met inbegrip van de titel van het werk, de naam van de auteur, de naam van de uitgever en alle overige ter zake dienende beschikbare informatie die noodzakelijk kan zijn om de rechthebbenden te identificeren.

Artikel 19 Openbaarmaking van informatie

1.           De lidstaten zien erop toe dat een rechtenbeheerder de volgende informatie openbaar maakt:

a)      het statuut;

b)      de lidmaatschapsvoorwaarden en voorwaarden voor beëindiging van de machtiging tot beheer van rechten, indien deze niet zijn opgenomen in het statuut;

c)      de in artikel 9 bedoelde lijst met personen;

d)      regels betreffende de verdeling van de aan rechthebbenden verschuldigde bedragen;

e)      regels betreffende de beheerskosten;

f)       regels betreffende inhoudingen op rechteninkomsten voor andere doeleinden dan beheerskosten, met inbegrip van inhoudingen ten behoeve van sociale, culturele en educatieve diensten;

g)      overeenkomstig de artikelen 34, 35 en 36 beschikbare procedures voor klachtenafhandeling en geschillenbeslechting.

2.           De in lid 1 bedoelde informatie wordt gepubliceerd op de website van de rechtenbeheerder en blijft op die website voor het publiek beschikbaar.

De rechtenbeheerder houdt de in lid 1 bedoelde informatie actueel.

Artikel 20 Transparantiejaarverslag

1.           De lidstaten zien erop dat een rechtenbeheerder, ongeacht zijn rechtsvorm krachtens nationaal recht, voor elk boekjaar uiterlijk zes maanden na afloop van het betreffende boekjaar een transparantiejaarverslag, met inbegrip van een speciaal verslag, samenstelt en openbaar maakt. Het transparantiejaarverslag wordt ondertekend door alle directeuren.

Het transparantiejaarverslag wordt gepubliceerd op de website van de rechtenbeheerder en blijft op die website gedurende ten minste vijf jaar voor het publiek beschikbaar.

2.           Het transparantiejaarverslag bevat ten minste de in bijlage I voorgeschreven informatie.

3.           Het in lid 1 bedoelde speciale verslag betreft het gebruik van de ingehouden bedragen ten behoeve van sociale, culturele en educatieve diensten en bevat ten minste de in punt 3 van bijlage I voorgeschreven informatie.

4.           De in het transparantiejaarverslag verstrekte boekhoudkundige informatie wordt gecontroleerd door een of meer accountants, dat wil zeggen personen die wettelijk bevoegd zijn om rekeningen te controleren overeenkomstig Richtlijn 2006/43/EG van het Europees Parlement en de Raad van 17 mei 2006 betreffende de wettelijke controles van jaarrekeningen en geconsolideerde jaarrekeningen[22].

Het accountantsverslag wordt, met alle kwalificaties, volledig gereproduceerd in het transparantiejaarverslag.

Voor de doeleinden van dit lid omvat de boekhoudkundige informatie de in punt 1, onder a), van bijlage I bedoelde financiële overzichten en alle in de punten 1, onder f) en g), en 2 van bijlage I bedoelde financiële informatie.

5.           De lidstaten kunnen besluiten dat punt 1, onder a), f) en g), van bijlage I niet van toepassing is op een rechtenbeheerder die op zijn balansdatum de limieten van twee van de drie volgende criteria niet overschrijdt

a)      balanstotaal: EUR 350 000;

b)      netto-omzet: EUR 700 000;

c)      gemiddeld aantal personeelsleden gedurende het boekjaar: tien.

Titel III

Multiterritoriale licentieverlening van onlinerechten inzake muziekwerken door rechtenbeheerders

Artikel 21 Multiterritoriale licentieverlening op de interne markt

1.           De lidstaten zien erop toe dat op hun grondgebied gevestigde rechtenbeheerders zich aan de voorschriften in deze titel houden bij de verlening van multiterritoriale licenties voor onlinerechten inzake muziekwerken.

2.           De lidstaten zien erop toe dat de naleving van deze voorschriften door de rechtenbeheerders daadwerkelijk kan worden beoordeeld door de in artikel 39 bedoelde bevoegde instanties.

Artikel 22 Capaciteit voor de verwerking van multiterritoriale licenties

1.           De lidstaten zien erop toe dat een rechtenbeheerder die multiterritoriale licenties voor onlinerechten inzake muziekwerken verleent, over voldoende capaciteit beschikt om elektronisch op doelmatige en transparante wijze de gegevens te verwerken die nodig zijn voor het beheer van dergelijke licenties, onder meer voor de identificatie van het repertoire en het toezicht op het gebruik daarvan, de facturering van gebruikers, de inning van rechteninkomsten en de verdeling van aan rechthebbenden verschuldigde bedragen.

2.           Voor de doeleinden van lid 1 voldoet een rechtenbeheerder ten minste aan de volgende voorwaarden:

a)      het vermogen om de muziekwerken voor de vertegenwoordiging waarvan hij is gemachtigd, geheel of gedeeltelijk nauwkeurig te identificeren;

b)      het vermogen om rechten geheel of gedeeltelijk nauwkeurig te identificeren, alsmede de rechthebbenden in verband met elk van de lidstaten waarvoor deze machtiging geldt, voor elk muziekwerk of aandeel daarvan waarvoor de rechtenbeheerder is gemachtigd tot vertegenwoordiging;

c)      het gebruik van unieke identificatiemiddelen om rechthebbenden en muziekwerken te identificeren, voor zover mogelijk rekening houdend met vrijwillige industriële normen en praktijken die zijn ontwikkeld op internationaal niveau of op het niveau van de Unie;

d)      het vermogen om zonder onnodige vertraging rekening te houden met iedere wijziging in de onder a) genoemde informatie;

e)      het vermogen om tijdig en doeltreffend tegenstrijdigheden te constateren en weg te nemen met gegevens van andere rechtenbeheerders die multiterritoriale licenties voor onlinerechten inzake muziekwerken verlenen.

Artikel 23 Transparantie van informatie over multiterritoriaal repertoire

1.           Een rechtenbeheerder die multiterritoriale licenties voor onlinerechten inzake muziekwerken verleent, verstrekt aan aanbieders van onlinemuziekdiensten, rechthebbenden en andere rechtenbeheerders op elektronische wijze actuele informatie die de identificatie van het door hem vertegenwoordigde onlinemuziekrepertoire mogelijk maakt. Deze informatie omvat de vertegenwoordigde muziekwerken, de geheel of gedeeltelijk vertegenwoordigde rechten en de vertegenwoordigde lidstaten.

2.           De rechtenbeheerder kan redelijke maatregelen treffen om de juistheid en integriteit van de gegevens te beschermen, hun hergebruik te beheersen en persoonsgegevens en commercieel gevoelige informatie te beschermen.

Artikel 24 Juistheid van informatie over multiterritoriaal repertoire

1.           Een rechtenbeheerder die multiterritoriale licenties voor onlinerechten inzake muziekwerken verleent, beschikt over procedures waarmee rechthebbenden en andere rechtenbeheerders protest kunnen aantekenen tegen de inhoud van de gegevens als bedoeld in artikel 22, lid 2, of de op grond van artikel 23 verstrekte informatie, wanneer zij op grond van redelijke bewijsstukken van mening zijn dat de gegevens of de informatie met betrekking tot hun onlinerechten in muziekwerken onjuist zijn/is. Wanneer de vorderingen voldoende gemotiveerd zijn, ziet de rechtenbeheerder erop toe dat de gegevens of de informatie zonder onnodige vertraging worden/wordt gerectificeerd.

2.           De rechtenbeheerder voorziet rechthebbenden wier muziekwerken zijn opgenomen in zijn eigen muziekrepertoire van middelen om op elektronische wijze informatie in te dienen over hun muziekwerken of hun rechten inzake die werken. Daarbij houden de rechtenbeheerder en de rechthebbenden voor zover mogelijk rekening met industriële normen of praktijken met betrekking tot gegevensuitwisseling die zijn ontwikkeld op internationaal niveau of op het niveau van de Unie, waardoor de rechthebbenden het muziekwerk geheel of gedeeltelijk, de onlinerechten geheel of gedeeltelijk en de lidstaten waarvoor zij de rechtenbeheerder machtigen, kunnen specificeren.

Artikel 25 Juiste en tijdige verslaglegging en facturering

1.           Een rechtenbeheerder bewaakt het gebruik van onlinerechten inzake muziekwerken die hij geheel of gedeeltelijk vertegenwoordigt door aanbieders van onlinemuziekdiensten aan wie hij een multiterritoriale licentie voor die rechten heeft verleend.

2.           De rechtenbeheerder biedt aanbieders van onlinemuziekdiensten de mogelijkheid om op elektronische wijze verslag te doen van het feitelijke gebruik van onlinerechten in muziekwerken. De rechtenbeheerder biedt het gebruik van ten minste één verslagmethode aan, rekening houdend met vrijwillige industriële normen of praktijken die op internationaal niveau of op het niveau van de Unie zijn ontwikkeld voor de elektronische uitwisseling van dergelijke gegevens. Als de rechtenbeheerder voorziet in verslaglegging volgens een industriële norm voor de elektronische gegevensuitwisseling, kan hij weigeren verslagen van de gebruiker in een eigen indeling te aanvaarden.

3.           De rechtenbeheerder verzendt facturen aan de aanbieder van onlinemuziekdiensten op elektronische wijze. De rechtenbeheerder biedt het gebruik van ten minste één indeling aan, rekening houdend met vrijwillige industriële normen of praktijken die op internationaal niveau of op het niveau van de Unie zijn ontwikkeld. Op de factuur worden de werken en rechten geïdentificeerd die geheel of gedeeltelijke in licentie zijn gegeven op grond van de in artikel 22, lid 2, bedoelde gegevens en het overeenkomstige feitelijke gebruik, voor zover mogelijk op grond van de door de gebruiker verstrekte informatie en de indeling die is gebruikt om die informatie te verstrekken.

4.           De rechtenbeheerder verzendt de factuur aan de aanbieder van onlinemuziekdiensten zorgvuldig en zonder vertraging nadat het feitelijke gebruik van de onlinerechten inzake dat muziekwerk is gemeld, tenzij een vertraging is toe te schrijven aan de aanbieder van onlinemuziekdiensten.

5.           De rechtenbeheerder beschikt over toereikende procedures waarmee de aanbieder van onlinemuziekdiensten de juistheid van de factuur kan aanvechten, ook wanneer de aanbieder van onlinemuziekdiensten van een of meer rechtenbeheerders facturen ontvangt voor dezelfde onlinerechten inzake hetzelfde muziekwerk.

Artikel 26 Juiste en tijdige betaling aan rechthebbenden

1.           De lidstaten zien erop toe dat een rechtenbeheerder die multiterritoriale licenties voor onlinerechten inzake muziekwerken verleent, aan rechthebbenden verschuldigde bedragen die voortvloeien uit dergelijke licenties nauwkeurig en zonder vertraging verdeelt nadat het feitelijke gebruik van het werk is gemeld, tenzij verdere vertraging is toe te schrijven aan de aanbieder van onlinemuziekdiensten.

2.           De rechtenbeheerder verstrekt ten minste de volgende informatie aan rechthebbenden:

a)      de periode waarin en de lidstaten waar het gebruik waarvoor bedragen aan rechthebbenden verschuldigd zijn, heeft plaatsgevonden;

b)      voor ieder onlinerecht inzake een muziekwerk waarvoor de rechthebbende de rechtenbeheerder heeft gemachtigd hem geheel of gedeeltelijk te vertegenwoordigen: geïnde bedragen, ingehouden bedragen en bedragen die door de rechtenbeheerder zijn verdeeld;

c)      voor iedere aanbieder van onlinemuziekdiensten: voor de rechthebbende geïnde bedragen, ingehouden bedragen en bedragen die door de rechtenbeheerder zijn verdeeld.

3.           Wanneer rechthebbenden de machtiging aan een rechtenbeheerder om hun onlinerechten inzake muziekwerken te beheren, beëindigen, of hun onlinerechten inzake muziekwerken geheel of gedeeltelijk uit een rechtenbeheerder terugtrekken, zijn lid 1 en lid 2 van toepassing op multiterritoriale licenties die zijn verleend vóór de beëindiging of de terugtrekking en die hun uitwerking behouden.

4.           Wanneer een rechtenbeheerder een andere rechtenbeheerder heeft belast met multiterritoriale licentieverlening voor de onlinerechten inzake muziekwerken op grond van de artikelen 28 en 29, verdeelt de lastnemende rechtenbeheerder de in lid 1 bedoelde bedragen en verstrekt hij de in lid 2 bedoelde informatie aan de lastgevende rechtenbeheerder, die vervolgens verantwoordelijk is voor de verdeling en informatieverstrekking aan de rechthebbenden, tenzij zij anderszins overeenkomen.

Artikel 27 Uitbesteding

Een rechtenbeheerder kan diensten in verband met de door hem verleende multiterritoriale licenties uitbesteden. Een dergelijke uitbesteding doet niets af aan de aansprakelijkheid van de rechtenbeheerder tegenover rechthebbenden, aanbieders van onlinediensten of andere rechtenbeheerders.

Artikel 28 Overeenkomsten tussen rechtenbeheerders voor multiterritoriale licentieverlening

1.           Iedere vertegenwoordigingsovereenkomst tussen rechtenbeheerders waarbij een rechtenbeheerder een andere rechtenbeheerder belast met de verlening van multiterritoriale licenties voor de onlinerechten inzake muziekwerken in zijn eigen muziekrepertoire, is van niet-exclusieve aard. De lastnemende rechtenbeheerder beheert die onlinerechten op niet-discriminerende voorwaarden.

2.           De lastgevende rechtenbeheerder informeert zijn leden over de duur van de overeenkomst, de kosten van de door de andere rechtenbeheerder geleverde diensten en alle andere belangrijke bepalingen van de overeenkomst.

3.           De lastnemende rechtenbeheerder informeert de lastgevende rechtenbeheerder over de belangrijkste voorwaarden waarop zijn rechten in licentie worden gegeven, met inbegrip van de aard van de exploitatie, alle bepalingen die betrekking of van invloed zijn op de licentiekosten, de duur van de licentie, de boekperioden en de bestreken grondgebieden.

Artikel 29 Verplichting om een andere rechtenbeheerder te vertegenwoordigen voor multiterritoriale licentieverlening

1.           Een rechtenbeheerder die geen multiterritoriale licenties voor de onlinerechten inzake muziekwerken in zijn eigen muziekrepertoire verleent of aanbiedt te verlenen, kan een andere rechtenbeheerder die aan de vereisten van deze titel voldoet, verzoeken een vertegenwoordigingsovereenkomst te sluiten om die rechten te vertegenwoordigen overeenkomstig artikel 28.

2.           Als de aangezochte rechtenbeheerder al multiterritoriale licenties voor dezelfde categorie onlinerechten inzake muziekwerken in het repertoire van een of meer andere rechtenbeheerders verleent of aanbiedt, aanvaardt hij het verzoek.

De beheerskosten voor de dienst die door de aangezochte rechtenbeheerder wordt verleend aan de verzoekende rechtenbeheerder, zijn niet hoger dan de kosten die redelijkerwijs door de aangezochte rechtenbeheerder in rekening worden gebracht voor het beheer van het repertoire van de verzoekende rechtenbeheerder en een redelijke winstmarge.

3.           De verzoekende rechtenbeheerder stelt aan de aangezochte rechtenbeheerder de informatie over zijn eigen muziekrepertoire ter beschikking die nodig is voor de verlening van multiterritoriale licenties voor onlinerechten inzake muziekwerken. Wanneer informatie ontoereikend is of wordt verstrekt in een vorm die de aangezochte rechtenbeheerder niet in staat stelt aan de vereisten van deze titel te voldoen, heeft de aangezochte rechtenbeheerder het recht om de redelijke kosten in rekening te brengen die het voldoen aan de vereisten met zich brengt of om de werken waarvoor de informatie ontoereikend of onbruikbaar is, uit te sluiten. 

Artikel 30 Toegang tot multiterritoriale licentieverlening

De lidstaten zien erop toe dat wanneer een rechtenbeheerder één jaar na de omzettingsdatum van deze richtlijn geen multiterritoriale licenties voor onlinerechten inzake muziekwerken verleent of aanbiedt te verlenen en geen andere rechtenbeheerder toestaat die rechten voor een dergelijk doel te vertegenwoordigen, rechthebbenden die die rechtenbeheerder hebben gemachtigd om hun onlinerechten in muziekwerken te vertegenwoordigen, zelf of via een rechtenbeheerder die wel voldoet aan de voorwaarden van deze titel of enige andere partij die zij machtigen, multiterritoriale licenties voor hun onlinerechten inzake muziekwerken kunnen verlenen. De rechtenbeheerder die geen multiterritoriale licenties verleent of aanbiedt te verlenen blijft licenties voor de onlinerechten inzake muziekwerken van dergelijke rechthebbenden verlenen of aanbieden te verlenen voor gebruik op het grondgebied van de lidstaat waar de rechtenbeheerder is gevestigd, tenzij de rechthebbenden hun machtiging om die rechten te beheren, beëindigen.

Artikel 31 Multiterritoriale licentieverlening door dochtermaatschappijen van rechtenbeheerders

De artikelen 18, lid 1, onder a), 18, lid 1, onder c), 22, 23, 24, 25, 26, 27, 32 en 36 zijn ook van toepassing op entiteiten die geheel of gedeeltelijk eigendom zijn van een rechtenbeheerder en die multiterritoriale licenties voor onlinerechten inzake muziekwerken aanbieden of verlenen.

Artikel 32 Licentievoorwaarden in onlinediensten

Een rechtenbeheerder die multiterritoriale licenties voor onlinerechten inzake muziekwerken aanbiedt, is niet verplicht licentievoorwaarden die zijn overeengekomen met een aanbieder van onlinemuziekdiensten als precedent te gebruiken voor andere soorten diensten wanneer de aanbieder van onlinemuziekdiensten een nieuwe soort dienst aanbiedt die nog geen drie jaar voor het publiek beschikbaar is.

Artikel 33 Afwijkingsprocedure voor onlinemuziekrechten voor radio- en televisieprogramma's

De voorschriften uit hoofde van deze titel zijn niet van toepassing op rechtenbeheerders die op grond van de vrijwillige samenvoeging van de vereiste rechten overeenkomstig de mededingingsregels krachtens de artikelen 101 en 102 VWEU een multiterritoriale licentie verlenen voor de onlinerechten inzake muziekwerken die vereist zijn voor een omroep die zijn radio- of televisieprogramma's gelijktijdig met of na de oorspronkelijke uitzending, alsook ondersteunend onlinemateriaal dat door de omroep is gemaakt bij de oorspronkelijke uitzending van het radio- of televisieprogramma, wil mededelen of openbaar wil maken.

Titel IV

Handhavingsmaatregelen

Artikel 34 Geschillenbeslechting voor leden en rechthebbenden

1.           De lidstaten zien erop toe dat rechtenbeheerders aan hun leden en rechthebbenden procedures beschikbaar stellen voor de doeltreffende en tijdige behandeling van klachten en beslechting van geschillen, met name in verband met machtigingen om rechten te beheren en de beëindiging of terugtrekking van rechten, lidmaatschapsvoorwaarden, de inning van aan rechthebbenden verschuldigde bedragen, inhoudingen en verdelingen.

2.           Rechtenbeheerders beantwoorden de klachten van leden of rechthebbenden schriftelijk. Wanneer de rechtenbeheerder de klacht afwijst, motiveert hij de afwijzing.

3.           Partijen worden er niet van weerhouden hun rechten uit te oefenen en te verdedigen door een gerechtelijke procedure te beginnen.

Artikel 35 Geschillenbeslechting voor gebruikers

1.           De lidstaten zien erop toe dat geschillen tussen rechtenbeheerders en gebruikers met betrekking tot bestaande en voorgestelde licentievoorwaarden, met inbegrip van tarieven en weigeringen om een licentie te verlenen, kunnen worden voorgelegd aan een rechter en, indien van toepassing, aan een onafhankelijk en onpartijdig orgaan voor geschillenbeslechting.

2.           Wanneer de in lid 1 voorgeschreven verplichting wordt uitgevoerd door te voorzien in een onafhankelijk en onpartijdig orgaan voor geschillenbeslechting, weerhoudt dit partijen er niet van hun rechten uit te oefenen en te verdedigen door een gerechtelijke procedure te beginnen.

Artikel 36 Alternatieve geschillenbeslechting

1.           De lidstaten zien er voor de doeleinden van titel III op toe dat de volgende geschillen van een rechtenbeheerder die multiterritoriale licenties voor onlinerechten inzake muziekwerken verleent of aanbiedt te verlenen, kunnen worden voorgelegd aan een onafhankelijk en onpartijdig orgaan voor alternatieve geschillenbeslechting:

a)      geschillen met een feitelijke of potentiële aanbieder van onlinemuziekdiensten over de toepassing van de artikelen 22, 23 en 25;

b)      geschillen met een of meer rechthebbenden over de toepassing van de artikelen 22, 23, 24, 25, 26, 28, 29 en 30;

c)      geschillen met een andere rechtenbeheerder over de toepassing van de artikelen 24, 25, 26, 28 en 29.

2.           Rechtenbeheerders informeren de betrokken partijen over de beschikbaarheid van alternatieve procedures voor geschillenbeslechting als bedoeld in lid 1.

3.           De in de leden 1 en 2 bedoelde procedures weerhouden partijen er niet van hun rechten uit te oefenen en te verdedigen door een gerechtelijke procedure te beginnen.

Artikel 37 Klachten

1.           De lidstaten zien erop toe dat procedures worden ingericht waarmee leden van een rechtenbeheerder, rechthebbenden, gebruikers en andere belanghebbende partijen klachten bij de bevoegde instanties kunnen indienen ten aanzien van de activiteiten van rechtenbeheerders die onder de werking van deze richtlijn vallen.

2.           De lidstaten treffen alle nodige maatregelen om te waarborgen dat de in lid 1 bedoelde klachtenprocedures worden beheerd door de bevoegde instanties met het gezag om toe te zien op de naleving van de bepalingen in het nationale recht die zijn vastgesteld op grond van de voorschriften van deze richtlijn.

Artikel 38 Sancties of maatregelen

1.           De lidstaten zorgen ervoor dat hun respectieve bevoegde instanties adequate bestuurlijke sancties en maatregelen kunnen treffen wanneer niet wordt voldaan aan de bepalingen van de nationale regelgeving die is vastgesteld bij de tenuitvoerlegging van deze richtlijn, en zien erop toe dat die worden toegepast. De sancties en maatregelen zijn doeltreffend, evenredig en afschrikwekkend.

2.           De lidstaten stellen de Commissie voor [datum] in kennis van de in lid 1 bedoelde regels en stellen haar onverwijld in kennis van iedere volgende wijziging die op die regels van invloed is.

Artikel 39 Bevoegde instanties

De lidstaten stellen de Commissie voor [datum] in kennis van de bevoegde instanties als bedoeld in de artikelen 21, 37, 38 en 40.

De Commissie publiceert die informatie op haar website.

Artikel 40 Naleving van de voorschriften inzake multiterritoriale licentieverlening

1.           De lidstaten zien erop toe dat de in artikel 39 bedoelde bevoegde instanties voortdurend toezicht houden op de naleving van de in titel III van deze richtlijn vastgestelde voorschriften door op hun grondgebied gevestigde rechtenbeheerders die multiterritoriale licenties voor onlinerechten inzake muziekwerken verlenen.

2.           De Commissie stimuleert de regelmatige uitwisseling van informatie tussen de bevoegde instanties van de lidstaten en tussen die instanties en de Commissie over de situatie en de ontwikkeling van multiterritoriale licentieverlening.

3.           De Commissie voert regelmatig raadplegingen uit met vertegenwoordigers van rechthebbenden, rechtenbeheerders, gebruikers, consumenten en andere belanghebbende partijen over hun ervaringen met de toepassing van de bepalingen van titel III van deze richtlijn. De Commissie verstrekt de bevoegde instanties alle ter zake dienende informatie die voortkomt uit deze raadplegingen in het in lid 2 vastgestelde kader.

4.           De lidstaten zien erop toe dat hun bevoegde instanties uiterlijk op [30 maanden na de inwerkingtreding van deze richtlijn] een verslag aan de Commissie doen toekomen over de situatie en de ontwikkeling van multiterritoriale licentieverlening op hun grondgebied. Het verslag bevat in het bijzonder informatie over de beschikbaarheid van multiterritoriale licenties in de betreffende lidstaat, de naleving door rechtenbeheerders van titel III van deze richtlijn en de evaluatie van de dienstverlening door gebruikers en niet-gouvernementele organisaties die consumenten, rechthebbenden en andere belanghebbende partijen vertegenwoordigen.

5.           Op basis van de verslagen op grond van lid 4 en de op grond van lid 2 en lid 3 verzamelde informatie beoordeelt de Commissie de toepassing van titel III van deze richtlijn. Indien noodzakelijk overweegt zij op basis van een specifiek verslag in voorkomende gevallen nadere maatregelen om geconstateerde problemen op te lossen. De beoordeling strekt zich met name uit tot:

a)      het aantal rechtenbeheerders dat voldoet aan de voorschriften van titel III;

b)      het aantal vertegenwoordigingsovereenkomsten tussen rechtenbeheerders op grond van de artikelen 28 en 29;

c)      het aandeel van het repertoire in de lidstaten dat beschikbaar is voor licentieverlening op multiterritoriale basis.

Titel V

Verslaglegging en slotbepalingen

Artikel 41 Verslag

Voor [5 jaar na afloop van de omzettingsperiode (datum)] beoordeelt de Commissie de toepassing van deze richtlijn en brengt zij aan het Europees Parlement en de Raad verslag uit van de toepassing van deze richtlijn, met inbegrip van de gevolgen daarvan voor de ontwikkeling van grensoverschrijdende diensten en de culturele verscheidenheid, en de eventuele noodzaak om die te herzien. De Commissie laat haar verslag, indien van toepassing, vergezeld gaan van een wetgevingsvoorstel.

Artikel 42 Omzetting

1.           De lidstaten doen de nodige wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen in werking treden om uiterlijk op [twaalf maanden na de inwerkingtreding van de richtlijn] aan deze richtlijn te voldoen. Zij delen de Commissie de tekst van die bepalingen onverwijld mee.

Wanneer de lidstaten die bepalingen aannemen, wordt in de bepalingen zelf of bij de officiële bekendmaking ervan naar deze richtlijn verwezen. De regels voor deze verwijzing worden vastgesteld door de lidstaten.

2.           De lidstaten delen de Commissie de tekst van de belangrijkste bepalingen van intern recht mede die zij op het onder deze richtlijn vallende gebied vaststellen.

Artikel 43 Inwerkingtreding

Deze richtlijn treedt in werking op de twintigste dag na die van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie.

Artikel 44 Adressaten

Deze richtlijn is gericht tot de lidstaten.

Gedaan te Brussel,

Voor het Europees Parlement                       Voor de Raad

De voorzitter                                                  De voorzitter

Bijlage I

1.           Informatie die moet worden verstrekt in het transparantiejaarverslag als bedoeld in artikel 20, lid 2:

a)      financiële overzichten bestaande uit een balans van activa en passiva, een resultatenrekening voor het boekjaar en een kasstroomoverzicht;

b)      een verslag van de activiteiten in het boekjaar;

c)      een beschrijving van de wettelijke en bestuurlijke structuur van de rechtenbeheerder;

d)      informatie over entiteiten waarin de rechtenbeheerder aandelen bezit;

e)      informatie over het totale beloningsbedrag dat in het afgelopen boekjaar aan de in artikel 9 bedoelde personen is betaald, alsmede over andere aan hen verleende voordelen;

f)       de in punt 2 bedoelde financiële gegevens;

g)      een speciaal verslag over het gebruik van de bedragen die zijn ingehouden ten behoeve van sociale, culturele en educatieve diensten.

2.           Financiële informatie die moet worden verstrekt in het transparantiejaarverslag:

a)      Financiële informatie over rechteninkomsten per beheerde rechtencategorie en per soort gebruik (bijvoorbeeld uitzending, online, openbare uitvoering).

b)      Financiële informatie over de kosten van beheersdiensten en andere door de rechtenbeheerder aan rechthebbenden verleende diensten, met een volledige beschrijving van ten minste de volgende posten:

i)        alle bedrijfskosten en financiële kosten, met een onderverdeling per beheerde rechtencategorie en een toelichting van de methode van toerekening voor de indirecte kosten;

ii)       bedrijfskosten en financiële kosten, met een onderverdeling per beheerde rechtencategorie, alleen ten aanzien van de diensten ten behoeve van het rechtenbeheer;

iii)      bedrijfskosten en financiële kosten ten aanzien van andere diensten dan het rechtenbeheer, met inbegrip van sociale, culturele en educatieve diensten;

iv)      middelen die worden aangewend om kosten te dekken;

v)       bedragen die zijn ingehouden op rechteninkomsten, met een onderverdeling per beheerde rechtencategorie en per soort gebruik en het doel van de inhouding, zoals kosten in verband met het rechtenbeheer of met sociale, culturele of educatieve diensten;

vi)      de percentages die de kosten van de beheersdiensten en andere door de rechtenbeheerder aan rechthebbenden verleende diensten vertegenwoordigen ten opzichte van de rechteninkomsten in het betreffende boekjaar, per beheerde rechtencategorie.

c)      Financiële informatie over aan rechthebbenden verschuldigde bedragen met een volledige beschrijving van ten minste de volgende posten:

i)        het totale aan rechthebbenden toegeschreven bedrag, met een onderverdeling per beheerde rechtencategorie en per soort gebruik;

ii)       het totale aan rechthebbenden betaalde bedrag, met een onderverdeling per beheerde rechtencategorie en per soort gebruik;

iii)      de frequentie van de betalingen, met een onderverdeling per beheerde rechtencategorie en per soort gebruik;

iv)      het totale geïnde maar nog niet aan rechthebbenden toegeschreven bedrag, met een onderverdeling per beheerde rechtencategorie en per soort gebruik en een aanduiding van het boekjaar waarin deze bedragen zijn geïnd;

v)       het totale toegeschreven maar nog niet onder rechthebbenden verdeelde bedrag, met een onderverdeling per beheerde rechtencategorie en per soort gebruik en een aanduiding van het boekjaar waarin deze bedragen zijn geïnd;

vi)      wanneer een rechtenbeheerder de verdeling en betaling niet heeft verricht binnen de in artikel 12, lid 1, vastgestelde termijn: de redenen voor de vertraging.

d)      Informatie over de betrekkingen met andere rechtenbeheerders met een beschrijving van ten minste de volgende posten:

i)        geldstromen, bedragen ontvangen van andere rechtenbeheerders en bedragen betaald aan andere rechtenbeheerders, met een onderverdeling per beheerde rechtencategorie, per soort gebruik en per rechtenbeheerder;

ii)       beheerskosten voor en andere inhoudingen op de inkomsten die verschuldigd zijn aan andere rechtenbeheerders, met een onderverdeling per rechtencategorie en per rechtenbeheerder;

iii)      beheerskosten voor en andere inhoudingen op de bedragen die betaald zijn door andere rechtenbeheerders, met een onderverdeling per rechtencategorie en per rechtenbeheerder;

iv)      het onder rechthebbenden verdeelde bedrag dat afkomstig is van andere rechtenbeheerders, met een onderverdeling per rechtencategorie en per rechtenbeheerder.

3.           Informatie die moet worden verstrekt in het speciale verslag als bedoeld in artikel 20, lid 3:

a)      de in het boekjaar geïnde bedragen ten behoeve van sociale, culturele en educatieve diensten, met een onderverdeling per categorie beheerde rechten en per soort gebruik;

b)      een toelichting van het gebruik van deze bedragen, met een onderverdeling per soort doelstelling.

Bijlage II

TOELICHTENDE STUKKEN

Overeenkomstig de gezamenlijke politieke verklaring van 28 september 2011 van de lidstaten en de Commissie over toelichtende stukken, verplichten de lidstaten zich ertoe in gerechtvaardigde gevallen de aanmelding van hun omzettingsmaatregelen vergezeld te doen gaan van een of meer documenten waarin de relatie tussen de onderdelen van een richtlijn en de bijbehorende onderdelen van de nationale omzettingsinstrumenten wordt toegelicht.

Ten aanzien van deze richtlijn acht de Commissie de verstrekking van dergelijke documenten om de volgende redenen gerechtvaardigd.

Complexiteit van de richtlijn en de betrokken sector

Collectief beheer van auteursrecht en naburige rechten is een complexe zaak. Het betreft het beheer van rechten voor onlinegebruik maar ook voor meer traditionele vormen van gebruik. Het heeft betrekking op de rechten van auteurs maar ook op die van uitvoerenden, uitgevers, producenten en omroepen. Er zijn verschillende soorten rechtenbeheerders bij betrokken, van de grote maatschappijen die de rechten van auteurs beheren tot de kleinere maatschappijen die beloningen in verband met het reprografie- of het volgrecht innen. Er zijn verschillende soorten belanghebbenden bij betrokken: niet alleen de rechthebbenden maar ook de commerciële gebruikers die de licenties van rechtenbeheerders verkrijgen.

Er bestaat weliswaar wetgeving inzake auteursrecht en naburige rechten op Europees niveau, maar het is voor het eerst dat EU-wetgeving wordt gericht op collectief beheer. Het uitgebreide wettelijke kader dat met de richtlijn wordt voorgesteld zal leiden tot substantiële veranderingen in de meeste nationale wetten ten aanzien van het toezicht op rechtenbeheerders.

Bovendien is de titel van de richtlijn die betrekking heeft op de multiterritoriale licentieverlening van rechten van auteurs inzake muziekwerken voor onlinegebruik vanuit regelgevingsoogpunt een absolute noviteit. Geen enkele lidstaat heeft wetgeving betreffende dit soort licenties.

De bepalingen van de richtlijn hebben ook gevolgen voor het nationale recht ten aanzien van geschillenbeslechting.

De totstandbrenging van dit nieuwe wettelijke kader vereist een gestructureerde benadering van het toezicht op de omzetting. Gezien het ontbreken van nationale wetgevende of toezichthoudende ervaring met bepaalde delen van de richtlijn, is het van groot belang dat de Commissie omzettingsdocumenten ontvangt waarin wordt toegelicht hoe de lidstaten uitwerking hebben gegeven aan de nieuwe bepalingen. Zonder goed gestructureerde toelichtende stukken zou het vermogen van de Commissie om toe te zien op de omzetting aanzienlijk worden ondergraven.

Samenhang en verwevenheid met andere initiatieven

De richtlijn blijft een wettelijk instrument voor 'minimale harmonisatie' en de lidstaten kunnen strengere en/of meer gedetailleerde voorschriften aan rechtenbeheerders opleggen dan die waarin de richtlijn voorziet. Het is van belang dat de Commissie de uiteindelijke situaties in de verschillende lidstaten kan vergelijken en daarmee haar taak inzake toezicht op de toepassing van het recht van de Unie goed kan vervullen. Bovendien is in de richtlijn een herzieningsclausule opgenomen en moet de Commissie, om alle relevante informatie over de werking van die regels te kunnen verzamelen, vanaf het begin kunnen toezien op de tenuitvoerlegging van de richtlijn.

Rechtenbeheerders moeten voldoen aan de nationale voorschriften op grond van de dienstenrichtlijn (2006/123/EG). Het moet hun vrij staan hun diensten grensoverschrijdend aan te bieden om in andere lidstaten verblijvende of gevestigde rechthebbenden te vertegenwoordigen of licenties te verlenen aan in andere lidstaten verblijvende of gevestigde gebruikers.

Zij moeten zich ook houden aan de mededingingsregels van het Verdrag.

Teneinde te waarborgen dat de nationale omzettingsregels voor de voorgestelde richtlijn in overeenstemming zijn met de dienstenrichtlijn en de mededingingsregels, is het daarom met name van belang dat de Commissie het overzicht kan behouden en een passende controle van de nationale omzetting kan uitvoeren op basis van de nodige toelichtende stukken.

Administratieve last

De administratieve last als gevolg van het verzoek om toelichtende stukken van de lidstaten ten aanzien van de richtlijn is niet onevenredig in het licht van de doelen van de richtlijn en de noviteit van het onderwerp ervan. Bovendien is die last noodzakelijk om de Commissie in staat te stellen haar taak inzake toezicht op de toepassing van het recht van de Unie te vervullen.

Op grond van het voorgaande is de Commissie van mening dat het voorschrift om toelichtende stukken te verstrekken in het geval van de voorgestelde richtlijn evenredig is en niet verder gaat dan wat noodzakelijk is voor de doeltreffende vervulling van haar taak inzake toezicht op correcte omzetting.

[1]               COM(2010) 245.

[2]               COM(2010) 2020.

[3]               COM(2011) 206.

[4]               COM(2011) 287.

[5]               COM(2012) 225.

[6]               COM(2011) 942.

[7]               Zie 'Groenboek betreffende de onlinedistributie van audiovisuele werken in de Europese Unie: mogelijkheden en uitdagingen voor een digitale eengemaakte markt', COM(2011) 427.

[8]               PB L 167 van 22.6.2001, blz. 10.

[9]               Richtlijn 2001/29/EG van het Europees Parlement en de Raad van 22 mei 2001 betreffende de harmonisatie van bepaalde aspecten van het auteursrecht en de naburige rechten in de informatiemaatschappij (PB L 167 van 22.6.2001), Richtlijn 2006/115/EG van het Europees Parlement en de Raad van 12 december 2006 betreffende het verhuurrecht, het uitleenrecht en bepaalde naburige rechten op het gebied van intellectuele eigendom (PB L 376 van 27.12.2006), Richtlijn 2001/84/EG van het Europees Parlement en de Raad van 27 september 2001 betreffende het volgrecht ten behoeve van de auteur van een oorspronkelijk kunstwerk (PB L 272 van 13.10.2001), Richtlijn 93/83/EEG van de Raad van 27 september 1993 tot coördinatie van bepaalde voorschriften betreffende het auteursrecht en naburige rechten op het gebied van de satellietomroep en de doorgifte via de kabel (PB L 248 van 6.10.1993), Richtlijn 2009/24/EG van het Europees Parlement en de Raad van 23 april 2009 betreffende de rechtsbescherming van computerprogramma's (gecodificeerde versie) (PB L 111 van 5.5.2009), Richtlijn 96/9/EG van het Europees Parlement en de Raad van 11 maart 1996 betreffende de rechtsbescherming van databanken (PB L 77 van 27.3.1996), Richtlijn 2006/116/EG van het Europees Parlement en de Raad van 12 december 2006 betreffende de beschermingstermijn van het auteursrecht en van bepaalde naburige rechten (gecodificeerde versie) (PB L 372 van 27.12.2006), Richtlijn 2011/77/EU van het Europees Parlement en de Raad van 27 september 2011 tot wijziging van Richtlijn 2006/116/EG betreffende de beschermingstermijn van het auteursrecht en van bepaalde naburige rechten (PB L 265 van 11.10.2011).

[10]             PB L 276 van 21.10.2005.

[11]             PB L 376 van 27.12.2006.

[12]             Van 22.10.2009 tot 5.1.2010.

[13]             Op 23.4.2010.

[14]             Zie voetnoot 5.

[15]             Bijvoorbeeld zaak C-395/87, Tournier, de gevoegde zaken 110/88 en 242/88, Lucazeau e.a., en de beschikking van de Commissie van 16.7.2008 (CISAC) (COMP/C2/38.698).

[16]             De lidstaten kunnen besluiten bepaalde voorschriften niet toe te passen op micro-ondernemingen.

[17]             PB C van , blz. .

[18]             PB L 376 van 27.12.2006, blz. 36.

[19]             PB L 276 van 21.10.2005, blz. 54.

[20]             PB L 167 van 22.6.2001, blz. 10.

[21]             PB L 281 van 23.11.1995, blz. 31.

[22]             PB L 157 van 9.6.2006, blz. 87.

Top