Choose the experimental features you want to try

This document is an excerpt from the EUR-Lex website

Document 32011D0318

Besluit 2011/318/GBVB van de Raad van 31 maart 2011 betreffende de ondertekening en sluiting van de Kaderovereenkomst tussen de Verenigde Staten van Amerika en de Europese Unie betreffende de deelname van de Verenigde Staten van Amerika aan crisisbeheersingsoperaties van de Europese Unie

PB L 143 van 31.5.2011, p. 1–1 (BG, ES, CS, DA, DE, ET, EL, EN, FR, IT, LV, LT, HU, MT, NL, PL, PT, RO, SK, SL, FI, SV)

Dit document is verschenen in een speciale editie. (HR)

Legal status of the document In force

ELI: http://data.europa.eu/eli/dec/2011/318/oj

Related international agreement

31.5.2011   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 143/1


BESLUIT 2011/318/GBVB VAN DE RAAD

van 31 maart 2011

betreffende de ondertekening en sluiting van de Kaderovereenkomst tussen de Verenigde Staten van Amerika en de Europese Unie betreffende de deelname van de Verenigde Staten van Amerika aan crisisbeheersingsoperaties van de Europese Unie

DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE,

Gezien het Verdrag betreffende de Europese Unie, en met name artikel 37, alsook het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie, en met name artikel 218, leden 5 en 6,

Gezien het voorstel van de hoge vertegenwoordiger van de Unie voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid (HV),

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

De voorwaarden voor de deelname van derde staten aan crisisbeheersingsoperaties van de Unie dienen te worden vastgelegd in een overeenkomst tot vaststelling van een kader voor mogelijke deelname in de toekomst, in plaats van per geval voor elke desbetreffende operatie te worden bepaald.

(2)

Ingevolge de vaststelling door de Raad op 26 april 2010 van een besluit houdende machtiging tot het openen van onderhandelingen, heeft de hoge vertegenwoordiger onderhandeld over een Kaderovereenkomst tussen de Verenigde Staten van Amerika en de Europese Unie betreffende de deelname van de Verenigde Staten van Amerika aan crisisbeheersingsoperaties van de Europese Unie („de overeenkomst”).

(3)

Deze overeenkomst dient te worden goedgekeurd,

HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:

Artikel 1

De Kaderovereenkomst tussen de Verenigde Staten van Amerika en de Europese Unie betreffende de deelname van de Verenigde Staten van Amerika aan crisisbeheersingsoperaties van de Europese Unie („de overeenkomst”) wordt namens de Unie goedgekeurd.

De tekst van de overeenkomst is aan dit besluit gehecht.

Artikel 2

De voorzitter van de Raad is gemachtigd de persoon/personen aan te wijzen die bevoegd is/zijn de overeenkomst te ondertekenen teneinde daardoor de Unie te binden.

Artikel 3

In afwachting van de voltooiing van de voor de sluiting vereiste procedures, wordt de overeenkomst voorlopig toegepast vanaf de datum van ondertekening ervan (1).

Artikel 4

De voorzitter van de Raad doet namens de Unie de kennisgeving als bedoeld in artikel 10, lid 1, van de overeenkomst.

Artikel 5

Dit besluit treedt in werking op de datum waarop het wordt vastgesteld.

Gedaan te Brussel, 31 maart 2011.

Voor de Raad

De voorzitter

VÖLNER P.


(1)  De datum van ondertekening van de overeenkomst wordt door het secretariaat-generaal van de Raad in het Publicatieblad van de Europese Unie bekendgemaakt.


VERTALING

KADEROVEREENKOMST

tussen de Verenigde Staten van Amerika en de Europese Unie betreffende de deelname van de Verenigde Staten van Amerika aan crisisbeheersingsoperaties van de Europese Unie

DE VERENIGDE STATEN VAN AMERIKA („VERENIGDE STATEN”)

en

DE EUROPESE UNIE („EU” OF „EUROPESE UNIE”)

hierna gezamenlijk „de partijen” genoemd,

Overwegende hetgeen volgt:

De Europese Unie kan besluiten over te gaan tot actie op het gebied van crisisbeheersing.

In de afgelopen twee decennia hebben regeringen en multilaterale organisaties in toenemende mate getracht met inzet van middelen de conflicten in de wereld terug te dringen.

De Verenigde Staten en de Europese Unie delen de wil om vreedzame verzoening te stimuleren en wederopbouw en stabilisatie te bevorderen door in crisisbeheersingsoperaties de lasten te delen, en zij menen dat de bijdrage van deskundigen door de Verenigde Staten de kans op welslagen van dergelijke EU-operaties nog vergroot.

De Verenigde Staten en de Europese Unie wensen algemene voorwaarden voor de deelname van de Verenigde Staten aan EU-crisisbeheersingsoperaties vast te leggen in een overeenkomst tot vaststelling van een kader voor de mogelijke deelname in de toekomst, zodat zij niet per geval voor elke operatie hoeven te worden bepaald,

ZIJN HET VOLGENDE OVEREENGEKOMEN:

Artikel 1

Besluiten in verband met deelname

1.   Wanneer de Europese Unie besluit de Verenigde Staten uit te nodigen deel te nemen aan een crisisbeheersingsoperatie van de Europese Unie en wanneer de Verenigde Staten besluiten deel te nemen, verstrekken de Verenigde Staten de Europese Unie informatie over de bijdrage die zij aan de operatie willen voorstellen. Een besluit van de Verenigde Staten om aan een EU-crisisbeheersingsoperatie deel te nemen houdt in dat de Verenigde Staten instemmen met de inachtneming van het bepaalde in het besluit van de Raad waarbij de Europese Unie heeft besloten om de desbetreffende operatie uit te voeren („het Raadsbesluit”).

2.   De Europese Unie en de Verenigde Staten voeren overleg met elkaar over de voorgestelde bijdrage van de Verenigde Staten, en mede over de mogelijke bijdrage aan de operationele begroting van de operatie, en indien zij overeenstemming bereiken over de deelname, wordt die deelname ten uitvoer gebracht overeenkomstig het bepaalde in deze overeenkomst en in de eventuele bijbehorende uitvoeringsregeling(en) die door de partijen zijn getroffen.

3.   De bijdrage van de Verenigde Staten aan EU-crisisbeheersingsoperaties doet geen afbreuk aan de autonome besluitvorming van de Europese Unie en loopt niet vooruit op de per geval te nemen besluiten van de Verenigde Staten om deel te nemen aan een crisisbeheersingsoperatie van de EU.

4.   De Europese Unie stelt de Verenigde Staten in kennis vóór elk besluit tot wijziging van het in lid 1 bedoelde Raadsbesluit dan wel tot vaststelling of wijziging van elke bijbehorende uitvoeringsmaatregel.

5.   De Verenigde Staten kunnen op eigen initiatief of op verzoek van de Europese Unie, na overleg tussen de partijen, te allen tijde de deelname aan een crisisbeheersingsoperatie van de Europese Unie geheel of gedeeltelijk intrekken.

Artikel 2

Toepassingsgebied

1.   Tenzij door de partijen schriftelijk anders is overeengekomen, is deze overeenkomst uitsluitend van toepassing op EU-crisisbeheersingsoperaties waaraan de Verenigde Staten na de datum van ondertekening van deze overeenkomst een bijdrage leveren, en laat eventuele bestaande overeenkomsten waarbij de deelname van de Verenigde Staten aan een EU-crisisbeheersingsoperatie wordt geregeld, onverlet.

2.   Deze overeenkomst heeft uitsluitend betrekking op bijdragen van personeel, eenheden en middelen uit de civiele sector van de Verenigde Staten aan EU-crisisbeheersingsoperaties (het „VS-contingent”).

Artikel 3

Status van het personeel en de troepen

1.   De status van het VS-contingent dat aan een EU-crisisbeheersingsoperatie wordt toegewezen, en met name zijn voorrechten en immuniteiten, worden geregeld door de overeenkomst over de status van de missie („de statusovereenkomst”) die is gesloten door de Europese Unie en het land waar de operatie wordt uitgevoerd, mits: a) de Verenigde Staten de gelegenheid wordt geboden de statusovereenkomst te bestuderen voordat zij besluiten al dan niet aan de operatie deel te nemen, en b) indien er geen statusovereenkomst gesloten is op het tijdstip waarop deze bestudeerd moet worden, de partijen overleg met elkaar voeren en een passende alternatieve statusregeling treffen voordat het VS-contingent wordt ingezet, onverminderd de algemene verantwoordelijkheid van de Europese Unie voor het treffen van regelingen met het gastland betreffende de status van EU-personeel en troepen.

2.   De status van een VS-contingent dat dienst doet in het hoofdkwartier of de commando-onderdelen buiten het land/de landen waar de operatie wordt uitgevoerd, wordt eventueel bepaald middels regelingen tussen het betrokken hoofdkwartier en de betrokken commando-onderdelen of staat/staten en de Verenigde Staten.

3.   Voor zover zulks bij de eigen wet- en regelgeving is toegestaan, hebben de Verenigde Staten het recht om in het land waar de operatie wordt uitgevoerd bevoegdheid uit te oefenen ten aanzien van hun toegewezen personeel.

4.   De Verenigde Staten zijn krachtens het VS-recht verantwoordelijk voor de afhandeling van schadevorderingen van of aangaande leden van hun personeel, met betrekking tot de deelname aan een crisisbeheersingsoperatie van de Europese Unie. Deze bepaling vormt geen ontheffing van de soevereine immuniteit van de Verenigde Staten. Niets in deze overeenkomst is bedoeld om rechtsbevoegdheid te scheppen in een rechtbank waar dergelijke bevoegdheid niet reeds bestaat, noch om in een dergelijke rechtbank een afdwingbaar recht tegen de Verenigde Staten in te stellen.

5.   De partijen komen overeen af te zien van al hun vorderingen tegen elkaar, behoudens vorderingen uit overeenkomst, voor het geval dat middelen die eigendom zijn van/ingezet worden door een van de partijen schade oplopen, verloren gaan of vernield worden, of voor het geval dat personeel van een van de partijen in het kader van zijn officiële dienst in de uitoefening van activiteiten uit hoofde van deze overeenkomst, letsels oploopt of overlijdt, uitgezonderd in gevallen van grove nalatigheid of opzettelijk wangedrag.

6.   De Verenigde Staten zeggen toe bij de ondertekening van deze overeenkomst een verklaring te zullen afleggen inzake het afzien van schadevorderingen op wederzijdse basis tegen elke EU-lidstaat die deelneemt aan een EU-crisisbeheersingsoperatie waaraan wordt deelgenomen door de Verenigde Staten.

7.   De Europese Unie zegt toe er zorg voor te dragen dat haar lidstaten bij de ondertekening van deze overeenkomst een verklaring zullen afleggen inzake het afzien van schadevorderingen met betrekking tot toekomstige deelnames van de Verenigde Staten aan een crisisbeheersingsoperatie van de EU.

Artikel 4

Gerubriceerde informatie

De Overeenkomst tussen de Europese Unie en de regering van de Verenigde Staten van Amerika inzake de beveiliging van gerubriceerde gegevens, gesloten te Washington op 30 april 2007, is van toepassing op crisisbeheersingsoperaties van de EU.

Artikel 5

Deelname aan de operatie

1.   De Verenigde Staten trachten er middels specifieke instructies zorg voor te dragen dat personeel dat in het kader van hun bijdrage aan EU-crisisbeheersingsoperaties beschikbaar wordt gesteld („toegewezen personeel”), zijn taak uitoefent op een wijze die strookt met en volledige ondersteuning biedt aan het in artikel 1 bedoelde Raadsbesluit, het operatieplan en de bijbehorende uitvoeringsmaatregelen.

2.   De Verenigde Staten overleggen te gelegener tijd met de Europese Unie over elke wijziging in hun bijdrage aan een EU-crisisbeheersingsoperatie in het kader van deze overeenkomst.

3.   Het toegewezen personeel ondergaat een passende medische keuring en krijgt een afschrift van de desbetreffende verklaring ter hand gesteld dat op verzoek van de bevoegde EU-autoriteiten dient te worden overgelegd.

Artikel 6

Commandostructuur

1.   Tijdens de duur van de inzet staan de werkzaamheden van toegewezen personeel en troepen onder toezichthoudend gezag en leiding van de commandant of het missiehoofd van de EU.

2.   Toegewezen personeel en troepen blijven onder het algemene gezag van de Verenigde Staten.

3.   De Verenigde Staten trachten er middels specifieke instructies zorg voor te dragen dat toegewezen personeel zich bij de uitvoering van zijn taken en in zijn gedrag volledig richt naar de doelstellingen van de operatie, onder leiding en sturing van de commandant of het missiehoofd van de EU.

4.   De Verenigde Staten hebben bij de dagelijkse leiding van EU-crisisbeheersingsoperaties dezelfde rechten en verplichtingen als de aan de operaties deelnemende EU-lidstaten.

5.   De commandant of het missiehoofd van de Europese Unie is verantwoordelijk voor het algemeen tuchtrechtelijk toezicht op het personeel. Eventuele tuchtrechtelijke maatregelen worden, in voorkomend geval, door de Verenigde Staten genomen.

6.   Door de Verenigde Staten wordt een contactpersoon voor het nationale contingent (NPC) aangesteld om hun nationale contingent in de betrokken EU-crisisbeheersingsoperatie te vertegenwoordigen. De NPC rapporteert over nationale aangelegenheden aan het missiehoofd en is verantwoordelijk voor de dagelijkse discipline van het contingent.

7.   Het besluit om een operatie te beëindigen wordt door de Europese Unie genomen na overleg met de Verenigde Staten, als zij nog aan de EU-crisisbeheersingsoperatie deelnemen op het tijdstip waarop een dergelijk besluit wordt overwogen.

Artikel 7

Financiële aspecten

1.   De Verenigde Staten dragen de kosten in verband met hun deelname aan EU-crisisbeheersingsoperaties, tenzij die worden gedekt door de gemeenschappelijke financiering als omschreven in de operationele begroting van de missie.

2.   De Europese Unie stelt de Verenigde Staten vrij van financiële bijdragen in de operationele begroting van een EU-crisisbeheersingsoperatie wanneer de Europese Unie besluit dat de Verenigde Staten een aanzienlijke bijdrage leveren. De Verenigde Staten worden van het EU-besluit inzake financiële bijdragen in de operationele begroting in kennis gesteld tijdens het in artikel 1, lid 2, bedoelde overleg.

3.   De deelname van de Verenigde Staten krachtens deze overeenkomst aan crisisbeheersingsoperaties van de Europese Unie hangt af van de beschikbaarheid van gereserveerde middelen.

Artikel 8

Regelingen voor de uitvoering van de overeenkomst

De voor de uitvoering van deze overeenkomst noodzakelijke technische, financiële en administratieve regelingen worden getroffen door de bevoegde autoriteiten van de Verenigde Staten en van de Europese Unie.

Artikel 9

Geschillenbeslechting

Geschillen met betrekking tot de uitlegging of de toepassing van deze overeenkomst worden langs diplomatieke weg tussen de partijen opgelost.

Artikel 10

Inwerkingtreding en beëindiging

1.   Deze overeenkomst treedt in werking op de eerste dag van de eerste maand volgend op de wederzijdse kennisgeving van de partijen dat de voor dit doel noodzakelijke procedures zijn afgerond.

2.   Deze overeenkomst wordt voorlopig toegepast vanaf de datum van de ondertekening.

3.   Deze overeenkomst wordt op gezette tijden door de partijen geëvalueerd.

4.   Deze overeenkomst kan worden gewijzigd op basis van een schriftelijke overeenkomst tussen de partijen.

5.   Elk van beide partijen kan deze overeenkomst beëindigen met een opzeggingstermijn van zes maanden door middel van een schriftelijke kennisgeving aan de andere partij.

Gedaan te Washington, de zevende mei tweeduizend elf, in tweevoud, in de Engelse taal.

Voor de Europese Unie

C. ASHTON

Voor de Verenigde Staten van Amerika

H. CLINTON

TEKST VOOR VERKLARINGEN

Tekst voor de lidstaten van de Europese Unie:

„De lidstaten van de Europese Unie die een besluit van de Raad van de Europese Unie inzake een crisisbeheersingsoperatie van de Europese Unie uitvoeren waaraan de Verenigde Staten deelnemen, beogen, voor zover hun nationale rechtsstelsel dit toelaat, zoveel mogelijk af te zien van schadevorderingen tegen de Verenigde Staten wegens lichamelijk letsel of dood van hun personeel, c.q. schade aan of verlies van de middelen die hun eigendom zijn en die door de crisisbeheersingsoperatie zijn gebruikt, wanneer het letsel, het overlijden, de schade of het verlies:

door personeel van de Verenigde Staten werd veroorzaakt bij de uitvoering van zijn taken in het kader van een crisisbeheersingsoperatie, behalve in geval van grove nalatigheid of opzettelijk wangedrag, of

voortvloeit uit het gebruik van middelen van de Verenigde Staten, mits die middelen gebruikt werden in het kader van de operatie en er bij het gebruik van die middelen geen sprake was van grove nalatigheid of opzettelijk wangedrag van uit de Verenigde Staten afkomstig personeel van de crisisbeheersingsoperatie van de Europese Unie.”.

Tekst voor de Verenigde Staten:

„Bij het deelnemen aan een crisisbeheersingsoperatie van de Europese Unie beogen de Verenigde Staten, voor zover hun nationale rechtsstelsel dit toelaat, zoveel mogelijk af te zien van schadevorderingen tegen een andere aan de crisisbeheersingsoperatie van de Europese Unie deelnemende staat wegens lichamelijk letsel aan of dood van zijn personeel, c.q. schade aan of verlies van de middelen die zijn eigendom zijn en die door de crisisbeheersingsoperatie van de Europese Unie zijn gebruikt, wanneer het letsel, het overlijden, de schade of het verlies:

door personeel werd veroorzaakt bij de uitvoering van zijn taken in het kader van een crisisbeheersingsoperatie, behalve in geval van grove nalatigheid of opzettelijk wangedrag; of

voortvloeit uit het gebruik van middelen die eigendom zijn van aan de crisisbeheersingsoperatie van de Europese Unie deelnemende landen, op voorwaarde dat deze middelen ten behoeve van de operatie werden gebruikt, behalve in gevallen van grove nalatigheid of opzettelijk wangedrag van het personeel van de crisisbeheersingsoperatie van de Europese Unie dat deze middelen gebruikte.”.


Top