Choose the experimental features you want to try

This document is an excerpt from the EUR-Lex website

Document 31991L0225

Richtlijn 91/225/EEG van de Raad van 27 maart 1991 tot wijziging van Richtlijn 77/143/EEG betreffende de onderlinge aanpassing van de wetgevingen van de Lid- Staten inzake de technische controle van motorvoertuigen en aanhangwagens

PB L 103 van 23.4.1991, pp. 3–4 (ES, DA, DE, EL, EN, FR, IT, NL, PT)

Dit document is verschenen in een speciale editie. (FI, SV)

Legal status of the document No longer in force, Date of end of validity: 09/03/1998; afgeschaft en vervangen door 396L0096

ELI: http://data.europa.eu/eli/dir/1991/225/oj

31991L0225

Richtlijn 91/225/EEG van de Raad van 27 maart 1991 tot wijziging van Richtlijn 77/143/EEG betreffende de onderlinge aanpassing van de wetgevingen van de Lid- Staten inzake de technische controle van motorvoertuigen en aanhangwagens

Publicatieblad Nr. L 103 van 23/04/1991 blz. 0003 - 0004
Bijzondere uitgave in het Fins: Hoofdstuk 7 Deel 4 blz. 0015
Bijzondere uitgave in het Zweeds: Hoofdstuk 7 Deel 4 blz. 0015


RICHTLIJN VAN DE RAAD van 27 maart 1991 tot wijziging van Richtlijn 77/143/EEG betreffende de onderlinge aanpassing van de wetgevingen van de Lid-Staten inzake de technische controle van motorvoertuigen en aanhangwagens ( 91/225/EEG )

DE RAAD VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN,

Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Economische Gemeenschap, inzonderheid op artikel 75,

Gezien het voorstel van de Commissie ( 1 ),

Gezien het advies van het Europese Parlement ( 2 ),

Gezien het advies van het Economisch en Sociaal Comité ( 3 ),

Overwegende dat de Raad en de Vertegenwoordigers van de Regeringen van de Lid-Staten, in het kader van de Raad bijeen, een resolutie betreffende de verkeersveiligheid ( 4 ) hebben aangenomen;

Overwegende dat Richtlijn 77/143/EEG ( 5 ) in een regelmatige controle van bepaalde wegvoertuigen voorziet;

Overwegende dat de huidige controlenormen en -methoden van Lid-Staat tot Lid-Staat verschillen; dat daardoor de gelijkwaardigheid van de prestatieniveaus op veiligheids - en milieugebied van de gecontroleerde voertuigen die in de Lid-Staten worden gebruikt, in het gedrang komt; dat deze situatie voorts van invloed kan zijn op de mededingingsvoorwaarden voor vervoerders uit de verschillende Lid-Staten;

Overwegende dat er dus minimale communautaire normen en methoden voor de technische controle van de in bijlage II van Richtlijn 77/143 /EEG opgesomde punten dienen te worden omschreven in bijzondere richtlijnen van de Raad;

Overwegende dat als overgangsmaatregel de nationale normen van toepassing blijven op de punten die niet vallen onder de bijzondere richtlijnen;

Overwegende dat de in de bijzondere richtlijnen vastgestelde normen en methoden snel moeten kunnen worden aangepast aan de technische vooruitgang en dat, ten einde de tenuitvoerlegging van de daartoe vereiste maatregelen te vergemakkelijken, een procedure moet worden ingesteld voor nauwe

samenwerking tussen de Lid-Staten en de Commissie in een comité voor de aanpassing van de technische controle aan de technische vooruitgang; dat Richtlijn 77/143/EEG dienovereenkomstig moet worden aangepast,

HEEFT DE VOLGENDE RICHTLIJN VASTGESTELD : Artikel 1 In Richtlijn 77/143/EEG worden de volgende artikelen ingevoegd :

"Artikel 5 bis

1 . De Raad neemt op voorstel van de Commissie met gekwalificeerde meerderheid van stemmen de bijzondere richtlijnen aan die nodig zijn voor het omschrijven van de minimale normen en methoden met betrekking tot de controle van de in bijlage II opgesomde punten .

2 . De wijzigingen die nodig zijn voor de aanpassing van de normen en methoden van de bijzondere richtlijnen aan de technische vooruitgang worden vastgesteld volgens de procedure van artikel 5 ter .

Artikel 5

ter

1 . De Commissie wordt bijgestaan door een Comité voor de aanpassing aan de technische vooruitgang van de richtlijnen betreffende de normen voor de technische controle van voertuigen, hierna "Comité" te noemen, dat is samengesteld uit vertegenwoordigers van de Lid-Staten en voorgezeten door een vertegenwoordiger van de Commissie .

2 . Het Comité stelt zijn reglement van orde vast .

3 . De vertegenwoordiger van de Commissie legt aan het Comité een ontwerp voor van de te nemen maatregelen . Het Comité brengt advies uit over dit ontwerp binnen een termijn die de voorzitter naar gelang van de urgentie van de aangelegenheid kan vaststellen . Het Comité spreekt zich uit met de meerderheid van stemmen die in artikel 148, lid 2, van het Verdrag is voorgeschreven voor de aanneming van de besluiten die de Raad op voorstel van de Commissie dient te nemen . Bij de stemming in het Comité worden de stemmen van de vertegenwoordigers van de Lid-Staten overeenkomstig genoemd artikel gewogen . De voorzitter neemt geen deel aan de stemming .

4 . a ) De Commissie stelt de beoogde maatregelen vast wanneer zij in overeenstemming zijn met het advies van het Comité .

b)

Wanneer de beoogde maatregelen niet in overeenstemming zijn met het advies van het Comité of indien geen advies is uitgebracht, dient de Commissie onverwijld bij de Raad een voorstel in betreffende de te nemen maatregelen . De Raad besluit met gekwalificeerde meerderheid van stemmen .

Indien de Raad binnen drie maanden na de indiening van het voorstel geen besluit heeft genomen, worden de voorgestelde maatregelen door de Commissie vastgesteld .". Artikel 2 1 . De Lid-Staten dienen, na raadpleging van de Commissie, vóór 1 januari 1992 de nodige wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen vast te stellen en bekend te maken om aan deze richtlijn te voldoen . Zij stellen de Commissie daarvan onverwijld in kennis .

2 . Wanneer de Lid-Staten deze bepalingen aannemen, wordt in die bepalingen naar de onderhavige richtlijn verwezen of wordt hiernaar verwezen bij de officiële bekendmaking van die bepalingen . De regels voor deze verwijzing worden vastgesteld door de Lid-Staten . Artikel 3 Deze richtlijn is gericht tot de Lid-Staten .

Gedaan te Brussel, 27 maart 1991 .

Voor de Raad

De Voorzitter

R . GOEBBELS

( 1 ) PB nr. C 74 van 22 . 3 . 1989, blz . 14.(2 )

PB nr . C 291 van 20 . 11 . 1989, blz . 120.(3 )

PB nr . C 298 van 27 . 11 . 1989, blz . 28.(4 )

PB nr . C 341 van 21 . 12 . 1984, blz . 1.(5 )

PB nr . L 47 van 18 . 2 . 1977, blz . 47 .

Richtlijn gewijzigd bij Richtlijn 88/449/EEG ( PB nr . L 222 van 12 . 8 . 1988, blz . 10 ).

Top