Choose the experimental features you want to try

This document is an excerpt from the EUR-Lex website

Document 31985R2089

Verordening (EEG) nr. 2089/85 van de Raad van 23 juli 1985 tot vaststelling van de algemene voorschriften met betrekking tot het stelsel van minimumprijzen bij invoer van krenten en rozijnen

PB L 197 van 27.7.1985, pp. 10–11 (DA, DE, EL, EN, FR, IT, NL)

Dit document is verschenen in een speciale editie. (ES, PT, FI, SV)

Legal status of the document No longer in force, Date of end of validity: 01/07/1995; opgeheven door 31994R3290

ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/1985/2089/oj

31985R2089

Verordening (EEG) nr. 2089/85 van de Raad van 23 juli 1985 tot vaststelling van de algemene voorschriften met betrekking tot het stelsel van minimumprijzen bij invoer van krenten en rozijnen

Publicatieblad Nr. L 197 van 27/07/1985 blz. 0010 - 0011
Bijzondere uitgave in het Fins: Hoofdstuk 3 Deel 19 blz. 0052
Bijzondere uitgave in het Spaans: Hoofdstuk 03 Deel 36 blz. 0165
Bijzondere uitgave in het Zweeds: Hoofdstuk 3 Deel 19 blz. 0052
Bijzondere uitgave in het Portugees: Hoofdstuk 03 Deel 36 blz. 0165


*****

VERORDENING (EEG) Nr. 2089/85 VAN DE RAAD

van 23 juli 1985

tot vaststelling van de algemene voorschriften met betrekking tot het stelsel van minimumprijzen bij invoer van krenten en rozijnen

DE RAAD VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN,

Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Economische Gemeenschap,

Gelet op Verordening (EEG) nr. 516/77 van de Raad van 14 maart 1977 houdende een gemeenschappelijke ordening der markten in de sector van op basis van groenten en fruit verwerkte produkten (1), laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EEG) nr. 988/84 (2), inzonderheid op artikel 4 bis, lid 5,

Gelet op Verordening nr. 129 van de Raad inzake de waarde van de rekeneenheid en de wisselkoersen die in het kader van het gemeenschappelijk landbouwbeleid moeten worden toegepast (3), laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EEG) nr. 2543/73 (4), inzonderheid op artikel 3,

Gezien het voorstel van de Commissie,

Overwegende dat het niveau van de minimumprijs bij invoer van invloed is op de produktiesteunregeling bedoeld in artikel 3 van Verordening (EEG) nr. 516/77; dat de minimumprijs bij invoer moet worden vastgesteld vóór het begin van het verkoopseizoen;

Overwegende dat de huidige monetaire situatie tot gevolg heeft dat de in Ecu vastgestelde minimumprijs bij omrekening in de nationale munteenheden aan de hand van de representatieve koers niet meer identiek is; dat dit tot verstoring van het handelsverkeer kan leiden; dat dit kan worden voorkomen door een coëfficiënt toe te passen bij de omrekening van de Ecu in de nationale munteenheden;

Overwegende dat krenten en rozijnen niet dezelfde kenmerken hebben; dat voor deze produkten verschillende minimumprijzen bij invoer moeten worden vastgesteld; dat de verpakking van krenten en rozijnen de prijs van de produkten aanzienlijk kan beïnvloeden; dat hiermede rekening dient te worden gehouden bij de vaststelling van de minimumprijs bij invoer;

Overwegende dat de compenserende heffing alleen moet worden toegepast op produkten waarvoor de minimumprijs bij invoer niet in acht wordt genomen; dat bij de vaststelling van de compenserende heffing rekening moet worden gehouden met de laagste prijs die wordt toegepast door de meest representatieve derde landen waarvan de exportprijzen beneden de minimumprijs bij invoer liggen;

Overwegende dat de invoerprijzen lager kunnen zijn dan de minimumprijs bij invoer ten gevolge van gebeurtenissen die niet het gevolg zijn van door derde landen toegepaste prijzen, zoals schommeling van de koersen; dat in dergelijke gevallen bepaalde compenserende heffingen moeten worden toegepast; dat dank zij deze compenserende heffingen de doelstellingen van het stelsel van minimumprijzen bij invoer moeten worden bereikt en tegelijkertijd moet worden voorkomen dat de produkten te zwaar worden belast;

Overwegende dat het Monetair Comité zal worden geraadpleegd,

HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING

VASTGESTELD:

Artikel 1

1. De minimumprijs bij invoer voor krenten en rozijnen wordt vóór het begin van het verkoopseizoen vastgesteld. De in nationale munteenheden uitgedrukte minimumprijs kan door middel van een monetaire coëfficiënt worden aangepast om verstoring van het handelsverkeer tussen de Lid-Staten te voorkomen.

2. Voor krenten en voor rozijnen moet een afzonderlijke minimumprijs bij invoer worden vastgesteld.

3. Voor elk van de twee in lid 2 genoemde produkten kan de minimumprijs worden vastgesteld voor produkten in onmiddellijke verpakkingen met een nader vast te stellen nettogewicht en voor produkten in onmiddellijke verpakkingen met een nettogewicht dat dat gewicht overschrijdt.

Artikel 2

1. De compenserende heffingen worden vastgesteld aan de hand van een invoerprijsschaal. Het verschil tussen de minimumprijs bij invoer en iedere trede van de schaal bedraagt:

- 1 % van de minimumprijs voor de eerste trede,

- 3 %, 6 % en 9 % respectievelijk van de minimumprijs voor de tweede, derde en vierde trede.

De vijfde trede van de schaal geldt voor alle gevallen waarin de invoerprijs lager in dan die welke voor de vierde trede wordt toegepast.

2. De vast te stellen maximale compenserende heffing mag niet hoger zijn dan het verschil tussen de minimumprijs en een bedrag dat wordt bepaald op grond van de gunstigste prijzen die door de meest representatieve derde landen voor aanzienlijke hoeveelheden op de wereldmarkt worden toegepast.

Artikel 3

De bij invoer in acht te nemen minimumprijs is de minimumprijs die van toepassing is op de dag van invoer. De eventueel toe te passen compenserende heffing is de heffing die op dezelfde dag van toepassing is.

Artikel 4

Deze verordening treedt in werking op de derde dag volgende op die van haar bekendmaking in het Publikatieblad van de Europese Gemeenschappen.

Zij is van toepassing met ingang van 1 september 1985.

Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke Lid-Staat.

Gedaan te Brussel, 23 juli 1985.

Voor de Raad

De Voorzitter

J. POOS

(1) PB nr. L 73 van 21. 3. 1977, blz. 1.

(2) PB nr. L 103 van 16. 4. 1984, blz. 11.

(3) PB nr. 106 van 30. 10. 1962, blz. 2553/62.

(4) PB nr. L 263 van 19. 9. 1973, blz. 1.

Top