Choose the experimental features you want to try

This document is an excerpt from the EUR-Lex website

Document 32019D1345

Uitvoeringsbesluit (EU) 2019/1345 van de Commissie van 2 augustus 2019 tot wijziging van Beschikking 2006/771/EG ter actualisering van de geharmoniseerde technische voorwaarden betreffende het gebruik van radiospectrum voor korteafstandsapparatuur (Kennisgeving geschied onder nummer C(2019) 5660) (Voor de EER relevante tekst.)

C/2019/5660

PB L 212 van 13.8.2019, pp. 53–72 (BG, ES, CS, DA, DE, ET, EL, EN, FR, HR, IT, LV, LT, HU, MT, NL, PL, PT, RO, SK, SL, FI, SV)

Legal status of the document In force

ELI: http://data.europa.eu/eli/dec_impl/2019/1345/oj

13.8.2019   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 212/53


UITVOERINGSBESLUIT (EU) 2019/1345 VAN DE COMMISSIE

van 2 augustus 2019

tot wijziging van Beschikking 2006/771/EG ter actualisering van de geharmoniseerde technische voorwaarden betreffende het gebruik van radiospectrum voor korteafstandsapparatuur

(Kennisgeving geschied onder nummer C(2019) 5660)

(Voor de EER relevante tekst)

DE EUROPESE COMMISSIE,

Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

Gezien Beschikking nr. 676/2002/EG van het Europees Parlement en de Raad van 7 maart 2002 inzake een regelgevingskader voor het radiospectrumbeleid in de Europese Gemeenschap (Radiospectrumbeschikking) (1), en met name artikel 4, lid 3,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

Bij korteafstandsapparatuur gaat het meestal om al dan niet draagbare massa-apparaten die gemakkelijk kunnen worden gedragen en grensoverschrijdend kunnen worden gebruikt. Verschillen in voorwaarden voor spectrumtoegang kunnen leiden tot schadelijke interferentie met andere radiotoepassingen en -diensten, verhinderen mogelijk het vrije verkeer en verhogen de productiekosten ervan.

(2)

Bij Beschikking 2006/771/EG van de Commissie (2) zijn de technische voorwaarden voor spectrumgebruik geharmoniseerd voor een grote verscheidenheid aan korteafstandsapparatuur die wordt toegepast voor bijvoorbeeld alarmsystemen, lokale communicatie, afstandsbediening, medische implantaten en verzameling van medische gegevens, intelligente vervoerssystemen en het “internet der dingen”, met inbegrip van radiofrequentie-identificatie (“RFID”). Korteafstandsapparatuur die aan deze geharmoniseerde technische voorwaarden voldoet, is derhalve slechts onderworpen aan een algemene machtiging uit hoofde van nationaal recht.

(3)

Bij Uitvoeringsbesluit (EU) 2018/1538 van de Commissie (3) worden bovendien de technische voorwaarden voor spectrumgebruik door korteafstandsapparatuur binnen de frequentiebanden 874-874,4 en 915-919,4 MHz geharmoniseerd. In deze frequentiebanden is de omgeving voor gedeeld gebruik anders; daarom is een specifiek regelgevingskader vereist. Met dat besluit kunnen technisch geavanceerde RFID-oplossingen en toepassingen van het “internet der dingen” op basis van met een netwerk verbonden korteafstandsapparatuur in datanetwerken worden toegepast.

(4)

Beschikking 2006/771/EG en Uitvoeringsbesluit (EU) 2018/1538 vormen het regelgevingskader voor korteafstandsapparatuur, dat innovatie ondersteunt voor een breed scala aan toepassingen binnen de digitale eengemaakte markt.

(5)

Er komen nieuwe toepassingen voor korteafstandsapparatuur bij als gevolg van het toenemende belang van deze apparatuur voor de economie, de snelle veranderingen in de technologie en de eisen die de maatschappij stelt. Dergelijke toepassingen vergen periodieke aanpassingen van de geharmoniseerde technische voorwaarden voor spectrumgebruik.

(6)

Op basis van het permanente mandaat dat krachtens artikel 4, lid 2, van Beschikking nr. 676/2002/EG aan de Europese Conferentie van PTT-administraties (“CEPT”) is toegekend om de bijlage bij Beschikking 2006/771/EG aan te passen aan de technologische en marktontwikkelingen op het gebied van korteafstandsapparatuur, is die bijlage zes keer gewijzigd. De op basis van het permanente mandaat uitgevoerde werkzaamheden vormden ook de basis voor Uitvoeringsbesluit (EU) 2018/1538 waarbij extra spectrum ter beschikking wordt gesteld voor korteafstandsapparatuur binnen de frequentiebanden 874-874,4 en 915-919,4 MHz.

(7)

Op 20 oktober 2017 heeft de Commissie een adviesbrief voor de zevende actualiseringscyclus (RSCOM17-24rev1) uitgebracht. In reactie hierop heeft de CEPT op 8 maart 2019 haar verslag nr. 70 bij de Commissie ingediend. De CEPT stelt voor bestaande rubrieken in de bijlage bij Beschikking 2006/771/EG te vereenvoudigen en verbeteren en om nieuwe rubrieken toe te voegen. Deze nieuwe rubrieken maken nieuwe medische en veiligheidsgerelateerde toepassingen mogelijk en harmoniseren spectrum voor niet-veiligheidsgerelateerde toepassingen van intelligente vervoerssystemen en voor verkeershandhavingstoepassingen. Het genoemde verslag moet derhalve de technische basis voor dit besluit vormen.

(8)

Korteafstandsapparatuur die voldoet aan de in dit besluit vastgestelde voorwaarden moet tevens in overeenstemming zijn met Richtlijn 2014/53/EU van het Europees Parlement en de Raad (4).

(9)

Beschikking 2006/771/EG moet daarom worden gewijzigd.

(10)

De in dit besluit vervatte maatregelen zijn in overeenstemming met het advies van het Radiospectrumcomité,

HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:

Artikel 1

Beschikking 2006/771/EG wordt als volgt gewijzigd:

1)

In artikel 2 worden de punten 1 en 2 vervangen door:

“1.   “korteafstandsapparaat”: een radioapparaat dat communicatie in één of twee richtingen verzorgt en met een gering vermogen over korte afstanden ontvangt en/of zendt;

2.   “op interferentievrije en onbeschermde basis”: het feit dat er geen schadelijke interferentie mag worden veroorzaakt bij enige radiocommunicatiedienst en er geen aanspraak kan worden gemaakt op bescherming van deze apparaten tegen interferentie die wordt veroorzaakt door radiocommunicatiediensten;”.

2)

De bijlage wordt vervangen door de tekst in de bijlage bij dit besluit.

Artikel 2

De lidstaten brengen uiterlijk op 5 mei 2020 bij de Commissie verslag uit over de tenuitvoerlegging van dit besluit.

Artikel 3

Dit besluit is gericht tot de lidstaten.

Gedaan te Brussel, 2 augustus 2019.

Voor de Commissie

Mariya GABRIEL

Lid van de Commissie


(1)   PB L 108 van 24.4.2002, blz. 1.

(2)  Beschikking 2006/771/EG van de Commissie van 9 november 2006 inzake de harmonisatie van het radiospectrum voor gebruik door korteafstandsapparatuur (PB L 312 van 11.11.2006, blz. 66).

(3)  Uitvoeringsbesluit (EU) 2018/1538 van de Commissie van 11 oktober 2018 inzake de harmonisatie van het radiospectrum voor gebruik door korteafstandsapparatuur binnen de frequentiebanden 874-876 MHz en 915-921 MHz (PB L 257 van 15.10.2018, blz. 57).

(4)  Richtlijn 2014/53/EU van het Europees Parlement en de Raad van 16 april 2014 betreffende de harmonisatie van de wetgevingen van de lidstaten inzake het op de markt aanbieden van radioapparatuur en tot intrekking van Richtlijn 1999/5/EG (PB L 153 van 22.5.2014, blz. 62).


BIJLAGE

“BIJLAGE

Frequentiebanden met overeenkomstige geharmoniseerde technische voorwaarden en toepassingstermijnen voor korteafstandsapparatuur

In tabel 1 wordt het toepassingsgebied gedefinieerd van de verschillende categorieën korteafstandsapparatuur (zoals gedefinieerd in artikel 2, lid 3) waarop het onderhavige besluit van toepassing is. In tabel 2 worden de verschillende combinaties van frequentieband en categorie korteafstandsapparatuur en de geharmoniseerde technische voorwaarden voor spectrumtoegang en de daarop toepasselijke uitvoeringstermijnen gespecificeerd.

Algemene technische voorwaarden die van toepassing zijn op alle binnen het toepassingsgebied van dit besluit vallende frequentiebanden en korteafstandsapparatuur:

—

Lidstaten moeten het gebruik van in tabel 2 vastgestelde aangrenzende frequentiebanden als één frequentieband toestaan mits is voldaan aan de specifieke voorwaarden van elk van deze aangrenzende frequentiebanden.

—

De lidstaten moeten het gebruik van spectrum toestaan tot het transmissievermogen, de veldsterkte of de vermogensdichtheid die in tabel 2 zijn vastgesteld. Overeenkomstig artikel 3, lid 3, van dit besluit kunnen zij minder beperkende voorwaarden opleggen, dat wil zeggen gebruik van spectrum met hoger vermogen, hogere veldsterkte of hogere vermogensdichtheid, op voorwaarde dat de passende co-existentie tussen korteafstandsapparatuur in de bij dit besluit geharmoniseerde banden hierdoor niet wordt verminderd of in het gedrang komt.

—

De lidstaten mogen alleen de in de tabel 2 vastgestelde aanvullende parameters (regels voor kanaalindeling en/of toegang tot kanalen en kanaalbezetting) opleggen en geen andere parameters of voorwaarden voor spectrumtoegang en onderdrukkingsvoorschriften. Minder beperkende voorwaarden overeenkomstig artikel 3, lid 3, betekent dat de lidstaten deze aanvullende parameters in een bepaalde cel volledig mogen weglaten of een hoger maximum mogen toestaan, mits de adequate omgeving voor gedeeld gebruik in de geharmoniseerde band hierdoor niet in het gedrang komt.

—

De lidstaten mogen alleen de in tabel 2 vastgestelde overige gebruiksbeperkingen opleggen en geen aanvullende gebruiksbeperkingen toevoegen. Omdat minder beperkende voorwaarden overeenkomstig artikel 3, lid 3, mogen worden toegepast, mogen de lidstaten een of alle beperkingen weglaten, mits de adequate omgeving voor gedeeld gebruik in de geharmoniseerde band hierdoor niet in het gedrang komt.

—

Minder beperkende voorwaarden overeenkomstig artikel 3, lid 3, mogen geen afbreuk doen aan Richtlijn 2014/53/EU.

In deze bijlage wordt onder de duty cycle verstaan:

“ duty cycle ”: de als percentage uitgedrukte verhouding Σ(Ton)/(Tobs), waarbij Ton de actieve periode van een enkel zendtoestel is en Tobs de observatieperiode is. Ton wordt gemeten in een frequentieband voor observatie (Fobs). Tenzij anders bepaald in deze technische bijlage, is Tobs een ononderbroken periode van één uur en is Fobs de toepasselijke frequentieband in deze technische bijlage. Minder beperkende voorwaarden in de zin van artikel 3, lid 3, betekent dat de lidstaten een hogere waarde kunnen toestaan voor de “duty cycle”.

Tabel 1

Categorieën korteafstandsapparatuur overeenkomstig artikel 2, lid 3, en het bijbehorende toepassingsgebied

Categorie korteafstandsapparatuur

Toepassingsgebied

Niet-specifieke korteafstandsapparatuur (SRD's)

Hieronder valt elke soort radioapparatuur ongeacht de toepassing of het doel ervan, die aan de voor een bepaalde frequentie vastgestelde technische voorwaarden voldoet. Karakteristieke voorbeelden zijn telemetrie, afstandsbediening, alarmsystemen en datatransmissie in het algemeen en andere toepassingen.

Actieve medische implantaten

Hieronder valt het radiodeel van actieve implanteerbare medische apparatuur die is ontworpen om, volledig of gedeeltelijk, op operatieve of medische wijze in het menselijk lichaam of in het lichaam van een dier te worden geïmplanteerd en, indien van toepassing, in de bijbehorende buiten het lichaam bestaande apparatuur. Actieve implanteerbare medische hulpmiddelen zijn gedefinieerd in Richtlijn 90/385/EEG van de Raad (1).

Assistive Listening Devices (apparatuur voor ondersteund horen — ALD's)

Hieronder vallen radiocommunicatiesystemen waarmee personen met een auditieve beperking hun gehoorvermogen kunnen vergroten. Karakteristieke systeeminstallaties omvatten één of meer radiozendtoestellen en een of meer radio-ontvangers.

Apparatuur met een hoge duty cycle/voor continue transmissie

Hieronder valt radioapparatuur waarbij transmissie afhankelijk is van korte wachttijden (low latency) en een hoge duty cycle. Deze apparatuur wordt gewoonlijk gebruikt voor draadloze persoonlijke audio- en multimediastreaming die worden gebruikt voor gecombineerde audio-/videotransmissies en audio-/videosynchronisatiesignalen, mobiele telefoons, amusementssystemen voor in de auto of thuis, draadloze microfoons, snoerloze luidsprekers, snoerloze koptelefoons, radioapparatuur die een persoon bij zich draagt, apparatuur voor ondersteund horen, in-ear-monitoring, draadloze microfoons gebruikt bij concerten of andere podiumproducties en analoge FM-zenders met een laag vermogen.

Inductieve apparatuur

Hieronder valt radioapparatuur die gebruik maakt van magnetische velden met systemen met een inductieve lus voor near field communication. Hieronder valt gewoonlijk apparatuur voor wegrijblokkering bij auto's, identificatie van dieren, alarmsystemen, kabeldetectie, afvalbeheer, persoonsidentificatie, draadloze voice-links, toegangscontrole, benaderingssensoren, antidiefstalsystemen, alsmede RF-inductieantidiefstalsystemen, gegevensoverdracht naar handapparatuur, automatische artikelidentificatie, draadloze controlesystemen en automatische tolheffing op wegen.

Apparatuur met een lage duty cycle/hoge betrouwbaarheid

Hieronder valt radioapparatuur met een gering totaal spectrumgebruik en waarbij regels gelden voor spectrumtoegang met een lage duty cycle om te zorgen voor een hoge betrouwbaarheid van de spectrumtoegang en transmissie in gedeelde banden. Typische toepassingen zijn onder meer alarmsystemen die gebruikmaken van radiocommunicatie om een alarm op een locatie op afstand te melden en sociale alarmsystemen die een betrouwbare communicatie mogelijk maken voor personen die in nood verkeren.

Apparatuur voor verzameling van medische gegevens

Hieronder valt de transmissie van niet-spraakgebonden gegevens van en naar niet-implanteerbare medische hulpmiddelen voor de monitoring, diagnose en behandeling van patiënten in zorginstellingen of bij de patiënt thuis, zoals voorgeschreven door naar behoren gemachtigde zorgverleners.

PMR446-apparatuur

Hieronder valt draagbare apparatuur (geen basisstation of repeater) die een persoon bij zich draagt of die handmatig wordt bediend, en die alleen gebruikmaakt van integrale antennes om de uitwisseling te maximaliseren en de interferentie te minimaliseren. PMR446-apparatuur functioneert in peer-to-peer-modus op een korte afstand en mag niet als een onderdeel van een infrastructuurnetwerk of als een repeater worden gebruikt.

Apparatuur voor radiodeterminatie

Hieronder valt apparatuur die wordt gebruikt om de positie, snelheid en/of andere kenmerken van een object vast te stellen of om informatie te verkrijgen over deze parameters. Apparatuur voor radiodeterminatie wordt doorgaans gebruikt om dergelijke kenmerken te meten. Apparatuur voor radiodeterminatie sluit alle soorten point-to-point- of point-to-multipoint-radiocommunicate uit.

RFID-apparaten

Hieronder vallen op tag/lezer gebaseerde radiocommunicatiesystemen, bestaande uit (i) radioapparatuur (tags) bevestigd aan levende wezens of levenloze objecten en (ii) zender-/ontvangereenheden (lezers) die de tags activeren en de gegevens weer ontvangen. Karakteristieke toepassingen zijn het opsporen en de identificatie van objecten, bijvoorbeeld met het oog op bij elektronische artikelbewaking (EAS), en het bijeenbrengen en doorgeven van gegevens met betrekking tot de objecten waaraan de tags, zonder batterij, met batterij of met batterijondersteuning zijn bevestigd. “Antwoorden” van een tag worden door de lezer gevalideerd en aan het host-systeem doorgegeven.

Telematica-apparatuur voor vervoer en verkeer

Hieronder valt radioapparatuur die wordt gebruikt op het gebied van vervoer (over de weg, per spoor, over water of door de lucht, afhankelijk van de relevante technische beperkingen), verkeersbeheer, navigatie, mobiliteitsbeheer en in intelligente vervoerssystemen (ITS). Tot de karakteristieke toepassingen behoren interfaces tussen verschillende vervoersvormen, communicatie tussen voertuigen (bv. auto — auto), tussen voertuigen en vaste locaties (bv. auto — infrastructuur) en communicatie van en naar gebruikers.

Breedbanddatatransmissieapparatuur

Hieronder valt radioapparatuur die gebruikmaakt van breedbandmodulatietechnieken om toegang te krijgen tot spectrum. Karakteristieke voorbeelden van deze categorie zijn draadloze toegangssystemen zoals radio local area networks (WAS/RLAN's) of breedband-SRD's in datanetwerken.


Tabel 2

Frequentiebanden met overeenkomstige geharmoniseerde technische voorwaarden en toepassingstermijnen voor korteafstandsapparatuur

Band nr.

Frequentieband

Categorie korteafstandsapparatuur

Maximaal zendvermogen/maximale veldsterkte/maximale vermogensdichtheid

Aanvullende parameters (regels voor kanaalindeling en/of toegang tot kanalen en kanaalbezetting)

Overige gebruiksbeperkingen

Uitvoerings¬termijn

1

9-59,750 kHz

Inductieve apparatuur

72 dΒμΑ/m op 10 m afstand

 

 

1 juli 2014

2

9-315 kHz

Actieve medische implantaten

30 dΒμΑ/m op 10 m afstand

Maximale duty cycle: 10 %

Deze gebruiksvoorwaarden zijn alleen van toepassing op actieve medische implantaten.

1 juli 2014

3

59,750-60,250 kHz

Inductieve apparatuur

42 dΒμΑ/m op 10 m afstand

 

 

1 juli 2014

4

60,250-74,750 kHz

Inductieve apparatuur

72 dBμA/m op 10 m afstand

 

 

1 juli 2014

5

74,750-75,250 kHz

Inductieve apparatuur

42 dBμA/m op 10 m afstand

 

 

1 juli 2014

6

75,250-77,250 kHz

Inductieve apparatuur

72 dBμA/m op 10 m afstand

 

 

1 juli 2014

7

77,250-77,750 kHz

Inductieve apparatuur

42 dBμA/m op 10 m afstand

 

 

1 juli 2014

8

77,750-90 kHz

Inductieve apparatuur

72 dBμA/m op 10 m afstand

 

 

1 juli 2014

9

90-119 kHz

Inductieve apparatuur

42 dBμA/m op 10 m afstand

 

 

1 juli 2014

10

119-128,6 kHz

Inductieve apparatuur

66 dBμA/m op 10 m afstand

 

 

1 juli 2014

11

128,6-129,6 kHz

Inductieve apparatuur

42 dBμA/m op 10 m afstand

 

 

1 juli 2014

12

129,6-135 kHz

Inductieve apparatuur

66 dBμA/m op 10 m afstand

 

 

1 juli 2014

13

135-140 kHz

Inductieve apparatuur

42 dBμA/m op 10 m afstand

 

 

1 juli 2014

14

140-148,5 kHz

Inductieve apparatuur

37,7 dΒμΑ/m op 10 m afstand

 

 

1 juli 2014

15

148,5-5 000 kHz [1]

Inductieve apparatuur

– 15 dΒμΑ/m op 10 m afstand in alle bandbreedtes van 10 kHz.

De totale veldsterkte is voorts – 5 dΒμΑ/m op 10 m afstand voor systemen met een bandbreedte van meer dan 10 kHz.

 

 

1 juli 2014

17

400-600 kHz

RFID-apparaten

– 8 dΒμΑ/m op 10 m afstand

 

 

1 juli 2014

85

442,2-450,0 kHz

Niet-specifieke korteafstandsapparatuur

7 dBμA/m op 10 m afstand

Kanaalraster ≥ 150 Hz

Deze gebruiksvoorwaarden zijn alleen van toepassing op apparatuur voor personendetectie en vermijding van botsingen.

1 januari 2020

18

456,9-457,1 kHz

Niet-specifieke korteafstandsapparatuur

7 dBμA/m op 10 m afstand

 

Deze gebruiksvoorwaarden zijn alleen van toepassing voor apparatuur die bestemd is om bedolven slachtoffers in noodsituaties en waardevolle voorwerpen op te sporen.

1 juli 2014

19

984-7 484 kHz

Telematica-apparatuur voor vervoer en verkeer

9 dΒμΑ/m op 10 m afstand

Maximale duty cycle: 1 %

Deze gebruiksvoorwaarden zijn alleen van toepassing op Eurobalise-transmissies in aanwezigheid van treinen en met gebruik van de 27 MHz-band voor telelaadvermogen.

1 juli 2014

20

3 155 -3 400 kHz

Inductieve apparatuur

13,5 dΒμΑ/m op 10 m afstand

 

 

1 juli 2014

21

5 000 -30 000 kHz [2]

Inductieve apparatuur

– 20 dΒμΑ/m op 10 m afstand in alle bandbreedtes van 10 kHz. De totale veldsterkte is voorts – 5 dΒμΑ/m op 10 m afstand voor systemen met een bandbreedte van meer dan 10 kHz.

 

 

1 juli 2014

22

6 765 -6 795 kHz

Inductieve apparatuur

42 dΒμΑ/m op 10 m afstand

 

 

1 juli 2014

23

7 300 -23 000 kHz

Telematica-apparatuur voor vervoer en verkeer

– 7 dΒμΑ/m op 10 m afstand

Vereisten betreffende antennes zijn van toepassing [8].

Deze gebruiksvoorwaarden zijn alleen van toepassing op Euroloop-transmissies in aanwezigheid van treinen en met gebruik van de 27 MHz-band voor telelaadvermogen.

1 juli 2014

24

7 400 -8 800 kHz

Inductieve apparatuur

9 dΒμΑ/m op 10 m afstand

 

 

1 juli 2014

25

10 200 -11 000 kHz

Inductieve apparatuur

9 dΒμΑ/m op 10 m afstand

 

 

1 juli 2014

27a

13 553 -13 567 kHz

Inductieve apparatuur

42 dΒμΑ/m op 10 m afstand

Vereisten met betrekking tot het transmissiemasker en de antennes voor alle segmenten met gecombineerde frequentie zijn van toepassing [8], [9].

 

1 januari 2020

27b

13 553 -13 567 kHz

RFID-apparaten

60 dΒμΑ/m op 10 m afstand

Vereisten met betrekking tot het transmissiemasker en de antennes voor alle segmenten met gecombineerde frequentie zijn van toepassing [8], [9].

 

1 juli 2014

27c

13 553 -13 567 kHz

Niet-specifieke korteafstandsapparatuur

10 mW ERP

 

 

1 juli 2014

28

26 957 -27 283 kHz

Niet-specifieke korteafstandsapparatuur

10 mW ERP

 

 

1 juli 2014

29

26 990 -27 000 kHz

Niet-specifieke korteafstandsapparatuur

100 mW ERP

Maximale duty cycle: 0,1 %.

Voor modelbesturingsapparatuur gelden geen beperkingen ten aanzien van de duty cycle.

 

1 juli 2014

30

27 040 -27 050 kHz

Niet-specifieke korteafstandsapparatuur

100 mW ERP

Maximale duty cycle: 0,1 %.

Voor modelbesturingsapparatuur gelden geen beperkingen ten aanzien van de duty cycle.

 

1 juli 2014

31

27 090 -27 100 kHz

Niet-specifieke korteafstandsapparatuur

100 mW ERP

Maximale duty cycle: 0,1 %.

Voor modelbesturingsapparatuur gelden geen beperkingen ten aanzien van de duty cycle.

 

1 juli 2014

32

27 140 -27 150 kHz

Niet-specifieke korteafstandsapparatuur

100 mW ERP

Maximale duty cycle: 0,1 %.

Voor modelbesturingsapparatuur gelden geen beperkingen ten aanzien van de duty cycle.

 

1 juli 2014

33

27 190 -27 200 kHz

Niet-specifieke korteafstandsapparatuur

100 mW ERP

Maximale duty cycle: 0,1 %.

Voor modelbesturingsapparatuur gelden geen beperkingen ten aanzien van de duty cycle.

 

1 juli 2014

34

30-37,5 MHz

Actieve medische implantaten

1 mW ERP

Maximale duty cycle: 10 %

Deze gebruiksvoorwaarden zijn alleen van toepassing op actieve medische membraanimplantaten met ultralaag vermogen voor het meten van de bloeddruk die onder de definitie van actieve implanteerbare medische hulpmiddelen vallen.

1 juli 2014

35

40,66-40,7 MHz

Niet-specifieke korteafstandsapparatuur

10 mW ERP

 

 

1 januari 2018

36

87,5-108 MHz

Apparatuur met een hoge duty cycle/voor continue transmissie

50 nW ERP

Maximaal kanaalraster: 200 kHz.

Deze gebruiksvoorwaarden zijn alleen van toepassing op draadloze zenders met analoge frequentiemodulatie (FM) voor audio- en multimediastreaming.

1 juli 2014

37a

169,4-169,475 MHz

Assistive Listening Devices (apparatuur voor ondersteund horen-ALD)

500 mW ERP

Kanaalraster: max. 50 kHz.

 

1 juli 2014

37c

169,4-169,475 MHz

Niet-specifieke korteafstandsapparatuur

500 mW ERP

Kanaalraster: max. 50 kHz.

Maximale duty cycle: 1,0 %.

Voor meetapparatuur (a) is de maximale duty cycle 10,0 %.

 

1 juli 2014

38

169,4-169,4875 MHz

Niet-specifieke korteafstandsapparatuur

10 mW ERP

Maximale duty cycle: 0,1 %.

 

1 januari 2020

39a

169,4875-169,5875 MHz

Assistive Listening Devices (apparatuur voor ondersteund horen-ALD)

500 mW ERP

Kanaalraster: max. 50 kHz.

 

1 juli 2014

39b

169,4875-169,5875 MHz

Niet-specifieke korteafstandsapparatuur

10 mW ERP

Maximale duty cycle: 0,001 %.

Tussen 0:00u en 6:00u plaatselijke tijd is een maximale duty cycle toegestaan van 0,1 %.

 

1 januari 2020

40

169,5875-169,8125 MHz

Niet-specifieke korteafstandsapparatuur

10 mW ERP

Maximale duty cycle: 0,1 %.

 

1 januari 2020

82

173,965-216 MHz

Assistive Listening Devices (apparatuur voor ondersteund horen-ALD)

10 mW ERP

Op basis van een afstemmingsband [5]. Kanaalraster: max. 50 kHz. Er is een drempel van 35 dΒμV/m nodig voor de bescherming van een DAB-ontvanger op 1,5 m van het ALD-apparaat, afhankelijk van de signaalsterkte die rond het werkingsgebied van de ALD wordt gemeten. Het ALD-apparaat moet onder alle omstandigheden ten minste 300 kHz buiten de kanaalgrens van een bezet DAB-kanaal functioneren.

Vereisten betreffende technieken om toegang te krijgen tot spectrum en om interferentie te onderdrukken zijn van toepassing [7].

 

1 januari 2018

41

401-402 MHz

Actieve medische implantaten

25 μW ERP

Kanaalraster: 25 kHz.

Individuele zenders kunnen aangrenzende kanalen combineren voor meer bandbreedte tot ten hoogste 100 kHz.

Vereisten betreffende technieken om toegang te krijgen tot spectrum en om interferentie te onderdrukken zijn van toepassing [7].

Als alternatief is een maximale duty cycle van 0,1 % toegestaan.

Onder deze categorie vallen systemen die specifiek ontworpen zijn om te kunnen zorgen voor andere digitale communicatie dan spraak tussen actieve medische implantaten en/of op het lichaam gedragen apparatuur en andere buiten het menselijke lichaam gedragen apparatuur die gebruikt wordt om andere niet-tijdgebonden fysiologische informatie met betrekking tot individuele patiënten over te brengen.

1 juli 2014

42

402-405 MHz

Actieve medische implantaten

25 μW ERP

Kanaalraster: 25 kHz.

Individuele zenders kunnen aangrenzende kanalen combineren voor meer bandbreedte tot ten hoogste 300 kHz.

Andere technieken om toegang te krijgen tot spectrum of om interferentie te onderdrukken, met inbegrip van bandbreedtes van meer dan 300 kHz, kunnen worden gebruikt mits deze verenigbaar zijn met andere gebruikers en met name met meteorologische radiosondes [7].

Deze gebruiksvoorwaarden zijn alleen van toepassing op actieve medische implantaten.

1 juli 2014

43

405-406 MHz

Actieve medische implantaten

25 μW ERP

Kanaalraster: 25 kHz

Individuele zenders kunnen aangrenzende kanalen combineren voor meer bandbreedte tot ten hoogste 100 kHz.

Vereisten betreffende technieken om toegang te krijgen tot spectrum en om interferentie te onderdrukken zijn van toepassing [7].

Als alternatief is een maximale duty cycle van 0,1 % toegestaan.

Onder deze categorie vallen systemen die specifiek ontworpen zijn om te kunnen zorgen voor andere digitale communicatie dan spraak tussen actieve medische implantaten en/of op het lichaam gedragen apparatuur en andere buiten het menselijke lichaam gedragen apparatuur die gebruikt wordt om andere niet-tijdgebonden fysiologische informatie met betrekking tot individuele patiënten over te brengen.

1 juli 2014

86

430-440 MHz

Apparatuur voor verzameling van medische gegevens

– 50 dBm/100 kHz ERP vermogensdichtheid, maar niet meer dan een totaal vermogen van – 40 dBm/10 MHz (beide grenswaarden betreffen metingen buiten het lichaam van de patiënt)

 

Deze gebruiksvoorwaarden gelden alleen voor draadloze medische toepassingen voor capsule-endoscopie met een ultra-laag vermogen (ULP-WMCE) [h].

1 januari 2020

44a

433,05-434,79 MHz

Niet-specifieke korteafstandsapparatuur

1 mW ERP en – 13 dBm/10 kHz vermogensdichtheid voor bandbreedte met een modulatie van meer dan 250 kHz

 

Bij geavanceerde onderdrukkingstechnieken zijn spraaktoepassingen toegestaan. Andere audio- en videotoepassingen zijn niet toegestaan.

1 juli 2014

44b

433,05-434,79 MHz

Niet-specifieke korteafstandsapparatuur

10 mW ERP

Maximale duty cycle: 10 %

 

1 januari 2020

45c

434,04-434,79 MHz

Niet-specifieke korteafstandsapparatuur

10 mW ERP

Maximale duty cycle: 100 % afhankelijk van kanaalraster van maximaal 25 kHz.

Bij geavanceerde onderdrukkingstechnieken zijn spraaktoepassingen toegestaan. Andere audio- en videotoepassingen zijn niet toegestaan.

1 januari 2020

83

446,0-446,2 MHz

PMR446

500 mW ERP

Vereisten betreffende technieken om toegang te krijgen tot spectrum en om interferentie te onderdrukken zijn van toepassing [7].

 

1 januari 2018

87

862-863 MHz

Niet-specifieke korteafstandsapparatuur

25 mW ERP

Maximale duty cycle: 0,1 %.

Bandbreedte: ≤ 350 kHz.

 

1 januari 2020

46a

863-865 MHz

Niet-specifieke korteafstandsapparatuur

25 mW ERP

Vereisten betreffende technieken om toegang te krijgen tot spectrum en om interferentie te onderdrukken zijn van toepassing [7].

Als alternatief is een maximale duty cycle van 0,1 % toegestaan.

 

1 januari 2018

46b

863-865 MHz

Apparatuur met een hoge duty cycle/voor continue transmissie

10 mW ERP

 

Deze gebruiksvoorwaarden zijn alleen van toepassing op draadloze apparatuur voor audio- en multimediastreaming.

1 juli 2014

84

863-868 MHz

Breedbanddatatransmissieapparatuur

25 mW ERP

Vereisten betreffende technieken om toegang te krijgen tot spectrum en om interferentie te onderdrukken zijn van toepassing [7].

Bandbreedte: > 600 kHz en ≤ 1 MHz.

Duty cycle: ≤ 10 % voor netwerktoegangspunten [g]

Duty cycle: ≤ 2,8 % in alle andere gevallen

Deze gebruiksvoorwaarden zijn alleen van toepassing op breedband-SRD's in datanetwerken [g].

1 januari 2018

47

865-868 MHz

Niet-specifieke korteafstandsapparatuur

25 mW ERP

Vereisten betreffende technieken om toegang te krijgen tot spectrum en om interferentie te onderdrukken zijn van toepassing [7].

Als alternatief is een maximale duty cycle van 1 % toegestaan.

 

1 januari 2020

47a

865-868 MHz [6]

RFID-apparaten

2 W ERP

Transmissies voor lezers bij 2 W ERP zijn alleen toegestaan binnen de vier kanalen die zijn gecentreerd rond de frequenties 865,7 MHz, 866,3 MHz, 866,9 MHz en 867,5 MHz

Er zijn grandfatheringbepalingen van toepassing op RFID-leesapparaten die in de handel zijn gebracht vóór de datum van intrekking van Beschikking 2006/804/EG van de Commissie (2), wat betekent dat het is toegestaan om deze apparaten te blijven gebruiken overeenkomstig de bepalingen van Beschikking 2006/804/EG van de Commissie die tot de datum van intrekking daarvan golden.

Vereisten betreffende technieken om toegang te krijgen tot spectrum en om interferentie te onderdrukken zijn van toepassing [7].

Bandbreedte ≤ 200 kHz

 

1 januari 2018

47b

865-868 MHz

Niet-specifieke korteafstandsapparatuur

500 mW ERP

Transmissies zijn alleen toegestaan binnen de frequentiebereiken 865,6-865,8 MHz, 866,2-866,4 MHz, 866,8-867,0 MHz en 867,4-867,6 MHz.

Adaptieve vermogensregeling (APC) of een andere onderdrukkingstechniek met ten minste een equivalent niveau van spectrumcompatibiliteit is vereist.

Vereisten betreffende technieken om toegang te krijgen tot spectrum en om interferentie te onderdrukken zijn van toepassing [7].

Bandbreedte: ≤ 200 kHz

Duty cycle: ≤ 10 % voor netwerktoegangspunten [g]

Duty cycle: ≤ 2,5 % in alle andere gevallen

Deze gebruiksvoorwaarden zijn alleen van toepassing op datanetwerken [g].

1 januari 2018

48

868-868,6 MHz

Niet-specifieke korteafstandsapparatuur

25 mW ERP

Vereisten betreffende technieken om toegang te krijgen tot spectrum en om interferentie te onderdrukken zijn van toepassing [7].

Als alternatief is een maximale duty cycle van 1 % toegestaan.

 

1 januari 2020

49

868,6-868,7 MHz

Apparatuur met een lage duty cycle/hoge betrouwbaarheid

10 mW ERP

Kanaalraster: 25 kHz. De hele frequentieband mag ook als één kanaal worden gebruikt voor zeer snelle datatransmissie.

Maximale duty cycle: 1,0 %

Deze gebruiksvoorwaarden zijn alleen van toepassing op alarmsystemen [e].

1 juli 2014

50

868,7-869,2 MHz

Niet-specifieke korteafstandsapparatuur

25 mW ERP

Vereisten betreffende technieken om toegang te krijgen tot spectrum en om interferentie te onderdrukken zijn van toepassing [7].

Als alternatief is een maximale duty cycle van 0,1 % toegestaan.

 

1 januari 2020

51

869,2-869,25 MHz

Apparatuur met een lage duty cycle/hoge betrouwbaarheid

10 mW ERP

Kanaalraster: 25 kHz. Maximale duty cycle: 0,1 %

Deze gebruiksvoorwaarden zijn alleen van toepassing op sociale alarmsystemen [b].

1 juli 2014

52

869,25-869,3 MHz

Apparatuur met een lage duty cycle/hoge betrouwbaarheid

10 mW ERP

Kanaalraster: 25 kHz. Maximale duty cycle: 0,1 %

Deze gebruiksvoorwaarden zijn alleen van toepassing op alarmsystemen [e].

1 juli 2014

53

869,3-869,4 MHz

Apparatuur met een lage duty cycle/hoge betrouwbaarheid

10 mW ERP

Kanaalraster: 25 kHz. Maximale duty cycle: 1,0 %

Deze gebruiksvoorwaarden zijn alleen van toepassing op alarmsystemen [e].

1 juli 2014

54

869,4-869,65 MHz

Niet-specifieke korteafstandsapparatuur

500 mW ERP

Vereisten betreffende technieken om toegang te krijgen tot spectrum en om interferentie te onderdrukken zijn van toepassing [7].

Als alternatief is een maximale duty cycle van 10 % toegestaan.

 

1 januari 2020

55

869,65-869,7 MHz

Apparatuur met een lage duty cycle/hoge betrouwbaarheid

25 mW ERP

Kanaalraster: 25 kHz. Maximale duty cycle: 10 %

Deze gebruiksvoorwaarden zijn alleen van toepassing op alarmsystemen [e].

1 juli 2014

56a

869,7-870 MHz

Niet-specifieke korteafstandsapparatuur

5 mW ERP

 

Bij geavanceerde onderdrukkingstechnieken zijn spraaktoepassingen toegestaan. Andere audio- en videotoepassingen zijn niet toegestaan.

1 juli 2014

56b

869,7-870 MHz

Niet-specifieke korteafstandsapparatuur

25 mW ERP

Vereisten betreffende technieken om toegang te krijgen tot spectrum en om interferentie te onderdrukken zijn van toepassing [7].

Als alternatief is een maximale duty cycle van 1 % toegestaan.

 

1 januari 2020

57a

2 400 -2 483,5 MHz

Niet-specifieke korteafstandsapparatuur

10 mW equivalent isotroop uitgestraald vermogen (EIRP)

 

 

1 juli 2014

57b

2 400 -2 483,5 MHz

Apparatuur voor radiodeterminatie

25 mW EIRP

 

 

1 juli 2014

57c

2 400 -2 483,5 MHz

Breedbanddatatransmissieapparatuur

100 mW EIRP en 100 mW/100 kHz EIRP-dichtheid is van toepassing wanneer gebruik wordt gemaakt van een frequencyhoppingmodulatie, 10 mW/MHz EIRP-dichtheid is van toepassing wanneer gebruik wordt gemaakt van andere soorten modulatie

Vereisten betreffende technieken om toegang te krijgen tot spectrum en om interferentie te onderdrukken zijn van toepassing [7].

 

1 juli 2014

58

2 446 -2 454 MHz

RFID-apparaten

500 mW EIRP

Vereisten betreffende technieken om toegang te krijgen tot spectrum en om interferentie te onderdrukken zijn van toepassing [7].

 

1 juli 2014

59

2 483,5 -2 500 MHz

Actieve medische implantaten

10 mW EIRP

Vereisten betreffende technieken om toegang te krijgen tot spectrum en om interferentie te onderdrukken zijn van toepassing [7].

Kanaalraster: 1 MHz. De hele band mag ook dynamisch als één kanaal worden gebruikt voor zeer snelle datatransmissie.

Daarnaast is een maximale duty cycle van 10 % van toepassing.

Deze gebruiksvoorwaarden zijn alleen van toepassing op actieve medische implantaten.

Buiten het lichaam bestaande master-units zijn alleen toegestaan voor gebruik binnenshuis.

1 juli 2014

59a

2 483,5 -2 500 MHz

Apparatuur voor verzameling van medische gegevens

1 mW EIRP

Vereisten betreffende technieken om toegang te krijgen tot spectrum en om interferentie te onderdrukken zijn van toepassing [7].

Modulatie-bandbreedte: ≤ 3 MHz.

Daarnaast is een maximale duty cycle van ≤ 10 % van toepassing.

Deze gebruiksvoorwaarden zijn alleen van toepassing op systemen voor netwerken van in- of uitwendig gedragen medische apparatuur (medical body area network systems — MBANS) [f] voor gebruik binnenshuis in zorginstellingen

1 januari 2018

59b

2 483,5 -2 500 MHz

Apparatuur voor verzameling van medische gegevens

10 mW EIRP

Vereisten betreffende technieken om toegang te krijgen tot spectrum en om interferentie te onderdrukken zijn van toepassing [7].

Modulatie-bandbreedte: ≤ 3 MHz.

Daarnaast is een maximale duty cycle van ≤ 2 % van toepassing.

Deze gebruiksvoorwaarden zijn alleen van toepassing op systemen voor netwerken van in- of uitwendig gedragen medische apparatuur (medical body area network systems — MBANS) [f] voor gebruik binnenshuis bij de patiënt

1 januari 2018

60

4 500 -7 000 MHz

Apparatuur voor radiodeterminatie

24 dBm EIRP [3]

Vereisten betreffende technieken om toegang te krijgen tot spectrum en om interferentie te onderdrukken zijn van toepassing [7].

Deze gebruiksvoorwaarden zijn alleen van toepassing op radar voor tankniveausondering [c].

1 juli 2014

61

5 725 -5 875 MHz

Niet-specifieke korteafstandsapparatuur

25 mW EIRP

 

 

1 juli 2014

62

5 795 -5 815 MHz

Telematica-apparatuur voor vervoer en verkeer

2 W EIRP

Vereisten betreffende technieken om toegang te krijgen tot spectrum en om interferentie te onderdrukken zijn van toepassing [7].

Deze gebruiksvoorwaarden gelden alleen voor toepassingen betreffende tolheffing op wegen en toepassingen betreffende slimme tachografen, gewichten en afmetingen [i].

1 januari 2020

88

5 855 -5 865 MHz

Telematica-apparatuur voor vervoer en verkeer

33 dBm EIRP, 23 dBm/MHz EIRP-dichtheid en een TPC-bereik (“Transmit Power Control”) van 30 dB

Vereisten betreffende technieken om toegang te krijgen tot spectrum en om interferentie te onderdrukken zijn van toepassing [7].

Deze gebruiksvoorwaarden zijn alleen van toepassing op systemen voor communicatie tussen voertuig en voertuig, voertuig en infrastructuur alsmede infrastructuur en voertuig.

1 januari 2020

89

5 865 -5 875 MHz

Telematica-apparatuur voor vervoer en verkeer

33 dBm EIRP, 23 dBm/MHz EIRP-dichtheid en een TPC-bereik (“Transmit Power Control”) van 30 dB

Vereisten betreffende technieken om toegang te krijgen tot spectrum en om interferentie te onderdrukken zijn van toepassing [7].

Deze gebruiksvoorwaarden zijn alleen van toepassing op systemen voor communicatie tussen voertuig en voertuig, voertuig en infrastructuur alsmede infrastructuur en voertuig.

1 januari 2020

63

6 000 -8 500 MHz

Apparatuur voor radiodeterminatie

7 dBm/50 MHz piek-EIRP en – 33 dBm/MHz gemiddelde EIRP

Vereisten betreffende automatische vermogensregeling en antennes alsmede technieken om toegang te krijgen tot spectrum en om interferentie te onderdrukken zijn van toepassing [7], [8] [10].

Deze gebruiksvoorwaarden zijn alleen van toepassing op radar voor niveausondering.

Bestaande uitsluitingszones rond radio-astronomiestations moeten in acht worden genomen.

1 juli 2014

64

8 500 -10 600 MHz

Apparatuur voor radiodeterminatie

30 dBm EIRP [3]

Vereisten betreffende technieken om toegang te krijgen tot spectrum en om interferentie te onderdrukken zijn van toepassing [7].

Deze gebruiksvoorwaarden zijn alleen van toepassing op radar voor tankniveausondering [c].

1 juli 2014

65

17,1-17,3 GHz

Apparatuur voor radiodeterminatie

26 dBm EIRP

Vereisten betreffende technieken om toegang te krijgen tot spectrum en om interferentie te onderdrukken zijn van toepassing [7].

Deze gebruiksvoorwaarden zijn alleen van toepassing op terrestrische systemen.

1 juli 2014

66

24,05-24,075 GHz

Telematica-apparatuur voor vervoer en verkeer

100 mW EIRP

 

 

1 juli 2014

67

24,05-26,5 GHz

Apparatuur voor radiodeterminatie

26 dBm/50 MHz piek-EIRP en – 14 dBm/MHz gemiddelde EIRP

Vereisten betreffende automatische vermogensregeling en antennes alsmede technieken om toegang te krijgen tot spectrum en om interferentie te onderdrukken zijn van toepassing [7]. [8], [10]

Deze gebruiksvoorwaarden zijn alleen van toepassing op radar voor niveausondering.

Bestaande uitsluitingszones rond radio-astronomiestations moeten in acht worden genomen.

1 juli 2014

68

24,05-27 GHz

Apparatuur voor radiodeterminatie

43 dBm EIRP [3]

Vereisten betreffende technieken om toegang te krijgen tot spectrum en om interferentie te onderdrukken zijn van toepassing [7].

Deze gebruiksvoorwaarden zijn alleen van toepassing op radar voor tankniveausondering [c].

1 juli 2014

69a

24,075-24,15 GHz

Telematica-apparatuur voor vervoer en verkeer

100 mW EIRP

Vereisten betreffende technieken om toegang te krijgen tot spectrum en om interferentie te onderdrukken zijn van toepassing [7].

Deze gebruiksvoorwaarden zijn alleen van toepassing op terrestrische voertuigradars.

1 juli 2014

69b

24,075-24,15 GHz

Telematica-apparatuur voor vervoer en verkeer

0,1 mW EIRP

 

 

1 juli 2014

70a

24,15-24,25 GHz

Niet-specifieke korteafstandsapparatuur

100 mW EIRP

 

 

1 juli 2014

70b

24,15-24,25 GHz

Telematica-apparatuur voor vervoer en verkeer

100 mW EIRP

 

 

1 juli 2014

74a

57-64 GHz

Niet-specifieke korteafstandsapparatuur

100 mW EIRP en een maximaal zendvermogen van 10 dBm

 

 

1 januari 2020

74b

57-64 GHz

Apparatuur voor radiodeterminatie

43 dBm EIRP [3]

Vereisten betreffende technieken om toegang te krijgen tot spectrum en om interferentie te onderdrukken zijn van toepassing [7].

Deze gebruiksvoorwaarden zijn alleen van toepassing op radar voor tankniveausondering [c].

1 juli 2014

74c

57-64 GHz

Apparatuur voor radiodeterminatie

35 dBm/50 MHz piek-EIRP en – 2 dBm/MHz gemiddelde EIRP

Vereisten betreffende automatische vermogensregeling en antennes alsmede technieken om toegang te krijgen tot spectrum en om interferentie te onderdrukken zijn van toepassing [7] [8], [10].

Deze gebruiksvoorwaarden zijn alleen van toepassing op radar voor niveausondering.

1 juli 2014

75

57-71 GHz

Breedbanddatatransmissieapparatuur

40 dBm EIRP en 23 dBm/MHz EIRP-dichtheid

Vereisten betreffende technieken om toegang te krijgen tot spectrum en om interferentie te onderdrukken zijn van toepassing [7].

Vaste installaties buitenshuis zijn niet toegestaan.

1 januari 2020

75a

57-71 GHz

Breedbanddatatransmissieapparatuur

40 dBm EIRP, 23 dBm/MHz EIRP-dichtheid en maximaal zendvermogen 27 dBm aan antennepoort of -poorten

Vereisten betreffende technieken om toegang te krijgen tot spectrum en om interferentie te onderdrukken zijn van toepassing [7].

 

1 januari 2020

75b

57-71 GHz

Breedbanddatatransmissieapparatuur

55 dBm EIRP, 38 dBm/MHz EIRP-dichtheid en zendantenneversterking ≥ 30 dBi

Vereisten betreffende technieken om toegang te krijgen tot spectrum en om interferentie te onderdrukken zijn van toepassing [7].

Deze gebruiksvoorwaarden zijn alleen van toepassing op vaste installaties buitenshuis.

1 januari 2020

76

61-61,5 GHz

Niet-specifieke korteafstandsapparatuur

100 mW EIRP

 

 

1 juli 2014

77

63,72-65,88 GHz

Telematica-apparatuur voor vervoer en verkeer

40 dBm EIRP

Er zijn grandfatheringbepalingen van toepassing op telematica-apparaten voor vervoer en verkeer die vóór 1 januari 2020 in de handel zijn gebracht, wat betekent dat deze het voorgaande frequentiebereik 63-64 GHz mogen gebruiken; voor de rest gelden dezelfde voorwaarden.

Deze gebruiksvoorwaarden zijn alleen van toepassing op systemen voor communicatie tussen voertuig en voertuig, voertuig en infrastructuur alsmede infrastructuur en voertuig.

1 januari 2020

78a

75-85 GHz

Apparatuur voor radiodeterminatie

34 dBm/50 MHz piek-EIRP en – 3 dBm/MHz gemiddelde EIRP

Vereisten betreffende automatische vermogensregeling en antennes alsmede technieken om toegang te krijgen tot spectrum en om interferentie te onderdrukken zijn van toepassing [7], [8], [10].

Deze gebruiksvoorwaarden zijn alleen van toepassing op radar voor niveausondering.

Bestaande uitsluitingszones rond radio-astronomiestations moeten in acht worden genomen.

1 juli 2014

78b

75-85 GHz

Apparatuur voor radiodeterminatie

43 dBm EIRP [3]

Vereisten betreffende technieken om toegang te krijgen tot spectrum en om interferentie te onderdrukken zijn van toepassing [7].

Deze gebruiksvoorwaarden zijn alleen van toepassing op radar voor tankniveausondering [c].

1 juli 2014

79a

76-77 GHz

Telematica-apparatuur voor vervoer en verkeer

55 dBm piek-EIRP en 50 dBm gemiddelde EIRP en 23,5 dBm gemiddelde EIRP voor gepulseerde radarsystemen

Vereisten betreffende technieken om toegang te krijgen tot spectrum en om interferentie te onderdrukken zijn van toepassing [7].

Vaste vervoersinfrastructuurradars moeten van het scanningtype zijn teneinde de detectietijd te beperken en te zorgen voor een minimale stille tijd, waardoor co-existentie met radarsystemen voor motorvoertuigen gewaarborgd.

Deze gebruiksvoorwaarden zijn alleen van toepassing op terrestrische voertuig- en infrastructuursystemen.

1 juni 2020

79b

76-77 GHz

Telematica-apparatuur voor vervoer en verkeer

30 dBm piek-EIRP en

3 dBm/MHz gemiddelde spectrale vermogensdichtheid

Maximale duty cycle: ≤ 56 %/s

Deze gebruiksvoorwaarden zijn alleen van toepassing op obstakeldetectiesystemen in draagschroefvliegtuigen [4].

1 januari 2018

80a

122-122,25 GHz

Niet-specifieke korteafstandsapparatuur

10 dBm EIRP/250 MHz en

– 48 dBm/MHz op 30° elevatie

 

 

1 januari 2018

80b

122,25-123 GHz

Niet-specifieke korteafstandsapparatuur

100 mW EIRP

 

 

1 januari 2018

81

244-246 GHz

Niet-specifieke korteafstandsapparatuur

100 mW EIRP

 

 

1 juli 2014

In tabel 2 genoemde toepassingen en apparatuur:

[a]

“Meetapparatuur”: radioapparatuur die deel uitmaakt van bidirectionele radiocommunicatiesystemen waarmee monitoring op afstand, meting en datatransmissie in intelligente netinfrastructuren, zoals elektriciteit, gas en water kunnen worden verricht.

[b]

“Sociale alarmsystemen”: betrouwbare radiocommunicatiesystemen waarmee een persoon in nood binnen een beperkt gebied met behulp van een eenvoudige handeling een verzoek om hulp kan uitzenden. Sociale alarmsystemen worden vaak gebruikt om ouderen en gehandicapten te helpen.

[c]

“Radar voor tankniveausondering” of “TLPR”: een specifieke toepassing van radiodeterminatie die wordt gebruikt om het tankniveau te meten. TLPR is geïnstalleerd in tanks van metaal of gewapend beton of soortgelijke structuren die gemaakt zijn van materiaal met een vergelijkbare dempende werking. De tank heeft tot doel een stof te bevatten.

[d]

“Apparatuur voor modelbesturing”: een specifiek type radioapparatuur voor afstandsbesturing en telemetrie die gebruikt wordt om de beweging van modellen te besturen (hoofdzakelijk miniatuurvoertuigen) in de lucht, aan land of boven of onder het wateroppervlak.

[e]

Een alarmsysteem is een apparaat waarvan de belangrijkste functie erin bestaat door middel van radiocommunicatie een alarm te melden aan een systeem of een persoon op een locatie op afstand wanneer een probleem of een specifieke situatie zich voordoet. Tot draadloze alarmen behoren sociale alarmsystemen en beveiligings- en veiligheidsalarmen.

[f]

Systemen voor netwerken van in- of uitwendig gedragen medische apparatuur (medical body area network systems — MBANS) worden gebruikt voor de verzameling van medische gegevens en zijn bestemd voor draadloze netwerkverbindingen met een laag vermogen voor uiteenlopende op het lichaam gedragen sensoren en/of actuatoren en een hubapparaat dat op/rond het menselijk lichaam wordt geplaatst.

[g]

Een netwerktoegangspunt in een datanetwerk is een vast terrestrisch korteafstandsapparaat dat fungeert als een aansluitpunt tussen de andere korteafstandsapparaten in het datanetwerk en onderhoudsplatforms buiten dat datanetwerk. De term “datanetwerk” verwijst naar verschillende korteafstandsapparaten, met inbegrip van het netwerktoegangspunt, de netwerkcomponenten en de draadloze verbindingen daartussen.

[h]

Draadloze medische capsule-endoscopie wordt gebruikt voor het verkrijgen van medische gegevens ten behoeve van gebruik in medische artsen-patiëntscenario's waarbij beelden van het menselijke spijsverteringkanaal worden verkregen.

[i]

Toepassingen betreffende slimme tachografen, gewichten en afmetingen worden gedefinieerd als het op afstand handhaven van de tachograaf in aanhangsel 14 bij Uitvoeringsverordening (EU) 2016/799 van de Commissie (PB L 139 van 26.5.2016, blz. 1)en voor de gewichten en afmetingen in artikel 10 quinquies van Richtlijn (EU) 2015/719 van het Europees Parlement en de Raad (PB L 115 van 6.5.2015, blz. 1).

Andere in tabel 2 bedoelde technische voorschriften en verduidelijkingen:

[1]

In band 20 zijn hogere veldsterktes en aanvullende gebruiksbeperkingen van toepassing voor inductieve toepassingen.

[2]

In de banden 22, 24, 25, 27a en 28 zijn hogere veldsterktes en aanvullende gebruiksvoorwaarden van toepassing voor inductieve toepassingen.

[3]

Het maximale vermogen geldt in een afgesloten tank en komt overeen met een spectrale dichtheid van – 41,3 dBm/MHz EIRP buiten een testtank met een inhoud van 500 l.

[4]

De lidstaten kunnen uitsluitingszones of equivalente maatregelen vaststellen waarin het obstakeldetectiesysteem van draagschroefvliegtuigen niet mag worden gebruikt om de radioastronomiedienst of andere nationale toepassingen te beschermen. Draagschroefvliegtuigen worden gedefinieerd overeenkomstig EASA CS-27 en CS-29 (respectievelijk JAR-27 en JAR-29 voor eerdere certificeringen).

[5]

Apparaten voeren het hele frequentiebereik uit op basis van een afstemmingsband.

[6]

RFID-tags reageren op een zeer laag vermogen (– 20 dBm ERP) in een frequentiebereik rond de RFID-leeskanalen en moeten voldoen aan de essentiële vereisten van Richtlijn 2014/53/EU.

[7]

Technieken om toegang te krijgen tot spectrum en om interferentie te onderdrukken met een passend prestatieniveau om te voldoen aan de essentiële vereisten van Richtlijn 2014/53/EU, zijn verplicht. Indien relevante technieken worden beschreven in geharmoniseerde normen of delen daarvan, waarvan de referenties zijn bekendgemaakt in het Publicatieblad van de Europese Unie op grond van Richtlijn 2014/53/EU, moet ervoor worden gezorgd dat de prestaties ten minste gelijkwaardig zijn aan deze technieken.

[8]

Vereisten betreffende antennes met een passend prestatieniveau om te voldoen aan de essentiële vereisten van Richtlijn 2014/53/EU, zijn verplicht. Indien relevante beperkingen worden beschreven in geharmoniseerde normen of delen daarvan, waarvan de referenties zijn bekendgemaakt in het Publicatieblad van de Europese Unie op grond van Richtlijn 2014/53/EU, moet ervoor worden gezorgd dat de prestaties ten minste gelijkwaardig zijn aan deze beperkingen.

[9]

Vereisten met betrekking tot het transmissiemasker met een passend prestatieniveau om te voldoen aan de essentiële vereisten van Richtlijn 2014/53/EU, zijn verplicht. Indien relevante beperkingen worden beschreven in geharmoniseerde normen of delen daarvan, waarvan de referenties zijn bekendgemaakt in het Publicatieblad van de Europese Unie op grond van Richtlijn 2014/53/EU, moet ervoor worden gezorgd dat de prestaties ten minste gelijkwaardig zijn aan deze beperkingen.

[10]

Vereisten betreffende automatische vermogensregeling met een passend prestatieniveau om te voldoen aan de essentiële vereisten van Richtlijn 2014/53/EU, zijn verplicht. Indien relevante beperkingen worden beschreven in geharmoniseerde normen of delen daarvan, waarvan de referenties zijn bekendgemaakt in het Publicatieblad van de Europese Unie op grond van Richtlijn 2014/53/EU, moet ervoor worden gezorgd dat de prestaties ten minste gelijkwaardig zijn aan deze beperkingen.

”

(1)  Richtlijn 90/385/EEG van de Raad van 20 juni 1990 betreffende de onderlinge aanpassing van de wetgevingen van de lidstaten inzake actieve implanteerbare medische hulpmiddelen (PB L 189 van 20.7.1990, blz. 17).

(2)  Beschikking 2006/804/EG van de Commissie van 23 november 2006 inzake de harmonisatie van het radiospectrum voor apparaten voor identificatie met behulp van radiogolven (RFID) in de ultrahoge frequentieband (UHF) (PB L 329 van 25.11.2006, blz. 64).


Top