Verordening (EU) 2021/1058 bepaalt het toepassingsgebied en de doelen van twee fondsen van het cohesiebeleid: het Europees Fonds voor Regionale Ontwikkeling (EFRO) en het Cohesiefonds.
Deze fondsen helpen de lidstaten van de Europese Unie (EU) bij de verwezenlijking van de doelstellingen voor investeren in werkgelegenheid en groei en Europese territoriale samenwerking die worden beschreven in Verordening (EU) 2021/1060 (zie de samenvatting).
Verordening (EU) 2024/795 (zie de samenvatting), waarmee het platform voor strategische technologieën voor Europa (STEP) wordt ingesteld, strekt tot wijziging van Verordening (EU) 2021/1058 door uitbreiding van de specifieke doelstellingen van het EFRO en het Cohesiefonds, om steun te verlenen voor investeringen die bijdragen aan de doelstellingen van STEP.
Verordening (EU) 2024/3236 wijzigt ook Verordening (EU) 2021/1058 en voert het mechanisme Regional Emergency Support to Reconstruction in, dat tijdelijke steun biedt voor de wederopbouw na natuurrampen.
Het EFRO helpt de verschillen in ontwikkelingsniveau tussen de onderscheiden regio’s binnen de EU te verkleinen, onder meer door duurzame ontwikkeling te bevorderen en milieuproblemen aan te pakken.
Het Cohesiefonds draagt bij aan projecten inzake milieu en infrastructuur voor het trans-Europees vervoersnetwerk. Het biedt steun aan lidstaten waarvan het bruto nationaal inkomen per hoofd van de bevolking minder dan 90 % van het EU-27-gemiddelde bedraagt.
Beleidsdoelstellingen voor het EFRO en het Cohesiefonds:
een concurrerender en slimmer Europa door de bevordering van innovatieve en slimme economische transformatie en regionale connectiviteit van informatie- en communicatietechnologie;
een groenere, koolstofarme transitie naar een koolstofneutrale economie en een veerkrachtig Europa door de bevordering van:
een Europa dat dichter bij de burger staat door bevordering van de duurzame en geïntegreerde ontwikkeling van alle soorten gebieden en lokale initiatieven.
netwerken, samenwerking, uitwisseling van ervaringen en innovatieclusters;
informatie, communicatie en studies;
technische bijstand.
Het totaal van de niet voor technische bijstand bestemde EFRO-middelen in elke lidstaat wordt op nationaal niveau of op regionaal niveau geconcentreerd. De niveaus van thematische concentratie zijn gebaseerd op drie categorieën regio’s en lidstaten, en zijn gericht op de eerste twee beleidsdoelstellingen.
Het Cohesiefonds ondersteunt investeringen in:
het milieu, met inbegrip van investeringen in verband met duurzame ontwikkeling en energie die milieuvoordelen opleveren, met name hernieuwbare energie;
het trans-Europese vervoersnetwerk;
technische bijstand;
informatie, communicatie en studies.
Wijzigingsverordening (EU) 2024/3236 introduceert het Regionale noodhulp voor wederopbouw-mechanisme. Het voegt een nieuwe specifieke doelstelling toe aan het EFRO en het Cohesiefonds ter ondersteuning van regio’s die tussen en door natuurrampen zijn getroffen. De steun kan onder meer bestaan uit het herstellen van beschadigde infrastructuur, het bijstaan van getroffen bedrijven en investeren in klimaatbestendige wederopbouw. Deze steun wordt geprogrammeerd op basis van specifieke prioriteiten en kan profiteren van een cofinancieringspercentage tot 95 %. Het initiatief beoogt de rampenparaatheid te vergroten en de langetermijnveerkracht van de getroffen regio’s te versterken.
Met Wijzigingsverordening (EU) 2024/795 wordt het STEP-initiatief ingesteld, dat bedoeld is ter ondersteuning van projecten die kritieke technologieën ontwikkelen of vervaardigen en ter versterking van hun waardeketens in strategische sectoren waarin de EU haar soevereiniteit en veiligheid moet waarborgen. Deze sectoren omvatten digitale technologieën en diepgaande technologische innovatie, schone en hulpbronnenefficiënte technologieën en biotechnologieën, met inbegrip van geneesmiddelen.
Met de wijzigingsverordening worden nieuwe specifieke doelstellingen voor het EFRO en het Cohesiefonds toegevoegd en kan, met behoud van de aandacht voor kmo’s, ook steun worden verleend voor productieve investeringen in andere ondernemingen dan kmo’s die een aanzienlijke bijdrage kunnen leveren aan de ontwikkeling van minder ontwikkelde en overgangsregio’s, en in meer ontwikkelde regio’s van lidstaten met een bruto binnenlands product per hoofd van de bevolking onder het gemiddelde van de EU-27.
Uitzonderingen
Uit het EFRO en het Cohesiefonds wordt geen steun verstrekt voor:
de ontmanteling of de bouw van kerncentrales;
investeringen voor het verminderen van de uitstoot van broeikasgassen als gevolg van activiteiten zoals olieraffinage, staalproductie, glasproductie en andere industriële processen;
tabaksproducten;
ondernemingen in moeilijkheden, behalve in uitzonderlijke omstandigheden;
luchthaveninfrastructuur, behalve ter beperking van de milieueffecten, of systemen voor beveiliging, veiligheid en luchtverkeersbeheer in bepaalde omstandigheden;
het verwijderen van afval op stortplaatsen, behalve:
voor de ontmanteling, de herontwikkeling of het veilig maken van bestaande stortplaatsen;
de vergroting van de capaciteit voor de verwerking van restafval, behalve:
in de ultraperifere gebieden,
voor technologieën voor de terugwinning van materialen uit restafval met het oog op de circulaire economie;
fossiele brandstoffen.
Zij ondersteunen echter wel:
investeringen in de vervanging van met vaste fossiele brandstoffen gestookte verwarmingssystemen door gasgestookte verwarmingssystemen om de status van systemen voor stadsverwarming en -koeling of warmtekrachtkoppelingsinstallaties te verbeteren;
investeringen in aardgasgestookte systemen in woningen en gebouwen ter vervanging van kolengestookte of gelijksoortige installaties;
investeringen in de uitbreiding en herbestemming, omzetting of aanpassing van gastransmissie- en -distributienetwerken, op voorwaarde dat deze worden voorbereid op hernieuwbare en koolstofarme gassen, zoals waterstof, biomethaan en synthesegas, om ze in staat te stellen installaties met vaste fossiele brandstoffen te vervangen;
investeringen in schone voertuigen voor publieke doeleinden, en voertuigen, luchtvaartuigen en vaartuigen die worden gebruikt door civielebeschermings- en brandweerdiensten.
EFRO-steun voor territoriale en interregionale innovatie-investeringen
Dit omvat het volgende:
geïntegreerde territoriale ontwikkeling;
steun voor achterstandsgebieden, met name:
plattelandsgebieden,
gebieden die kampen met ernstige natuurlijke of demografische belemmeringen;
ten minste 8 % van de EFRO-middelen op nationaal niveau in het kader van de doelstelling investeren in werkgelegenheid en groei, anders dan voor technische bijstand, wordt toegewezen aan duurzame stedelijke ontwikkeling, met bijzondere aandacht voor:
het aanpakken van milieu- en klimaatuitdagingen,
de transitie naar een klimaatneutrale economie in 2050,
het benutten van het potentieel van digitale technologieën voor innovatiedoeleinden,
het ondersteunen van de ontwikkeling van functionele stedelijke gebieden;
In juli 2021 heeft de Commissie twee uitvoeringshandelingen vastgesteld.
Uitvoeringsbesluit (EU) 2021/1130 tot vaststelling van de lijst van de regio’s die in aanmerking komen voor financiering uit het EFRO en het Europees Sociaal Fonds Plus en van de lidstaten die in aanmerking komen voor financiering uit het Cohesiefonds voor de periode 2021-2027.
Uitvoeringsbesluit (EU) 2021/1131 tot vaststelling van de jaarlijkse verdeling:
per lidstaat van de totale middelen voor het EFRO, het Europees Sociaal Fonds Plus en het Cohesiefonds in het kader van de doelstellingen investeren in werkgelegenheid en groei en Europese territoriale samenwerking;
per lidstaat per regiocategorie;
per lidstaat van de aanvullende financiering voor ultraperifere gebieden;
van de van de toewijzing voor elke lidstaat uit het Cohesiefonds over te dragen bedragen naar de Connecting Europe Facility;
van de totale middelen voor het Stedelijk Europa-initiatief;
van de totale middelen voor transnationale samenwerking ter ondersteuning van innovatieve oplossingen;
van de totale middelen voor het instrument voor interregionale innovatie-investeringen;
van de totale middelen voor het onderdeel grensoverschrijdende samenwerking van de doelstelling Europese territoriale samenwerking;
per lidstaat van de totale middelen voor het onderdeel transnationale samenwerking van de doelstelling Europese territoriale samenwerking;
van de totale middelen voor het onderdeel interregionale samenwerking van de doelstelling Europese territoriale samenwerking;
van de totale middelen voor het onderdeel samenwerking met ultraperifere gebieden van de doelstelling Europese territoriale samenwerking voor de periode 2021-2027.
Verordening (EU) 2021/1058 van het Europees Parlement en de Raad van inzake het Europees Fonds voor regionale ontwikkeling en het Cohesiefonds (PB L 231 van , blz. 60-93).
Achtereenvolgende wijzigingen aan Verordening (EU) 2021/1058 werden in de basistekst opgenomen. Deze geconsolideerde versie is enkel van documentaire waarde.
GERELATEERDE DOCUMENTEN
Verordening (EU) 2021/1059 van het Europees Parlement en de Raad van betreffende specifieke bepalingen voor de doelstelling “Europese territoriale samenwerking” (Interreg) ondersteund door het Europees Fonds voor regionale ontwikkeling en door externe financieringsinstrumenten (PB L 231 van , blz. 94–158).
Verordening (EU) 2021/1060 van het Europees Parlement en de Raad van houdende gemeenschappelijke bepalingen inzake het Europees Fonds voor regionale ontwikkeling, het Europees Sociaal Fonds Plus, het Cohesiefonds, het Fonds voor een rechtvaardige transitie en het Europees Fonds voor maritieme zaken, visserij en aquacultuur en de financiële regels voor die fondsen en voor het Fonds voor asiel, migratie en integratie, het Fonds voor interne veiligheid en het Instrument voor financiële steun voor grensbeheer en visumbeleid (PB L 231 van , blz. 159-706).
Uitvoeringsbesluit (EU) 2021/1130 van de Commissie van tot vaststelling van de lijst van de regio’s die in aanmerking komen voor financiering uit het Europees Fonds voor regionale ontwikkeling en het Europees Sociaal Fonds Plus en van de lidstaten die in aanmerking komen voor financiering uit het Cohesiefonds voor de periode 2021-2027 (PB L 244 van , blz. 10-20).
Uitvoeringsbesluit (EU) 2021/1131 van de Commissie van tot vaststelling van de jaarlijkse verdeling per lidstaat van de totale middelen voor het Europees Fonds voor regionale ontwikkeling, het Europees Sociaal Fonds Plus en het Cohesiefonds in het kader van de doelstelling “Investeren in werkgelegenheid en groei” en de doelstelling “Europese territoriale samenwerking”, de jaarlijkse verdeling per lidstaat per regiocategorie, de jaarlijkse verdeling per lidstaat van de aanvullende financiering voor ultraperifere gebieden, de van de toewijzing voor elke lidstaat uit het Cohesiefonds over te dragen bedragen naar de Connecting Europe Facility, de jaarlijkse verdeling van de totale middelen voor het Stedelijk Europa-initiatief, de jaarlijkse verdeling van de totale middelen voor transnationale samenwerking ter ondersteuning van innovatieve oplossingen, de jaarlijkse verdeling van de totale middelen voor de investeringen in interregionale innovatie, de jaarlijkse verdeling van de totale middelen voor het onderdeel grensoverschrijdende samenwerking van de doelstelling “Europese territoriale samenwerking”, de jaarlijkse verdeling per lidstaat van de totale middelen voor het onderdeel interregionale samenwerking van de doelstelling “Europese territoriale samenwerking” en de jaarlijkse verdeling van de totale middelen voor het onderdeel samenwerking met ultraperifere gebieden van de doelstelling “Europese territoriale samenwerking” voor de periode 2021-2027 (PB L 244, , blz. 21–50).
Verordening (EU) 2020/852 van het Europees Parlement en de Raad van betreffende de totstandbrenging van een kader ter bevordering van duurzame beleggingen en tot wijziging van Verordening (EU) 2019/2088 (PB L 198 van , blz. 13-43).