This document is an excerpt from the EUR-Lex website
Document 52025AP0102
P10_TA(2025)0102 – Screening of foreign investments in the Union – Amendments adopted by the European Parliament on 8 May 2025 on the proposal for a regulation of the European Parliament and of the Council on the screening of foreign investments in the Union and repealing Regulation (EU) 2019/452 of the European Parliament and of the Council (COM(2024)0023 – C9-0011/2024 – 2024/0017(COD)) (Ordinary legislative procedure: first reading)
P10_TA(2025)0102 — De screening van buitenlandse investeringen in de Unie — Amendementen van het Europees Parlement aangenomen op 8 mei 2025 op het voorstel voor een verordening van het Europees Parlement en de Raad inzake de screening van buitenlandse investeringen in de Unie en tot intrekking van Verordening (EU) 2019/452 van het Europees Parlement en de Raad (COM(2024)0023 – C9-0011/2024 – 2024/0017(COD)) (Gewone wetgevingsprocedure: eerste lezing)
P10_TA(2025)0102 — De screening van buitenlandse investeringen in de Unie — Amendementen van het Europees Parlement aangenomen op 8 mei 2025 op het voorstel voor een verordening van het Europees Parlement en de Raad inzake de screening van buitenlandse investeringen in de Unie en tot intrekking van Verordening (EU) 2019/452 van het Europees Parlement en de Raad (COM(2024)0023 – C9-0011/2024 – 2024/0017(COD)) (Gewone wetgevingsprocedure: eerste lezing)
PB C, C/2026/599, 24.2.2026, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2026/599/oj (BG, ES, CS, DA, DE, ET, EL, EN, FR, GA, HR, IT, LV, LT, HU, MT, NL, PL, PT, RO, SK, SL, FI, SV)
|
Publicatieblad |
NL C-serie |
|
C/2026/599 |
24.2.2026 |
P10_TA(2025)0102
De screening van buitenlandse investeringen in de Unie
Amendementen van het Europees Parlement aangenomen op 8 mei 2025 op het voorstel voor een verordening van het Europees Parlement en de Raad inzake de screening van buitenlandse investeringen in de Unie en tot intrekking van Verordening (EU) 2019/452 van het Europees Parlement en de Raad (COM(2024)0023 – C9-0011/2024 – 2024/0017(COD)) (1)
(Gewone wetgevingsprocedure: eerste lezing)
(C/2026/599)
Amendement 1
Voorstel voor een verordening
Overweging 1
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||||
|
|
Amendement 2
Voorstel voor een verordening
Overweging 3
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||||
|
|
Amendement 3
Voorstel voor een verordening
Overweging 4
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||||
|
|
||||
Amendement 4
Voorstel voor een verordening
Overweging 6 bis (nieuw)
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||
|
|
|
Amendement 5
Voorstel voor een verordening
Overweging 7 bis (nieuw)
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||
|
|
|
Amendement 6
Voorstel voor een verordening
Overweging 8
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||||
|
|
Amendement 7
Voorstel voor een verordening
Overweging 9
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||||
|
|
Amendement 8
Voorstel voor een verordening
Overweging 12
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||||
|
|
Amendement 9
Voorstel voor een verordening
Overweging 14
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||||
|
|
Amendement 10
Voorstel voor een verordening
Overweging 15
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||||
|
|
Amendement 11
Voorstel voor een verordening
Overweging 17
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||||
|
|
Amendement 12
Voorstel voor een verordening
Overweging 18
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||||
|
|
Amendement 13
Voorstel voor een verordening
Overweging 19
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||||
|
|
Amendement 14
Voorstel voor een verordening
Overweging 20
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||||
|
|
Amendement 15
Voorstel voor een verordening
Overweging 21
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||||
|
|
Amendement 16
Voorstel voor een verordening
Overweging 22
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||||
|
|
Amendement 17
Voorstel voor een verordening
Overweging 23
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||||
|
|
Amendement 18
Voorstel voor een verordening
Overweging 24
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||||
|
|
Amendement 19
Voorstel voor een verordening
Overweging 25
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||||
|
|
Amendement 20
Voorstel voor een verordening
Overweging 26
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||||
|
|
Amendement 21
Voorstel voor een verordening
Overweging 27
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||||
|
|
Amendement 22
Voorstel voor een verordening
Overweging 28
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||||
|
|
Amendement 23
Voorstel voor een verordening
Overweging 28 bis (nieuw)
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||
|
|
|
Amendement 24
Voorstel voor een verordening
Overweging 28 ter (nieuw)
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||
|
|
|
Amendement 25
Voorstel voor een verordening
Overweging 29
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||||
|
|
Amendement 26
Voorstel voor een verordening
Overweging 30
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||||
|
|
Amendement 27
Voorstel voor een verordening
Overweging 31
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||||
|
|
Amendement 28
Voorstel voor een verordening
Overweging 31 bis (nieuw)
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||
|
|
|
Amendement 29
Voorstel voor een verordening
Overweging 32
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||||
|
|
Amendement 30
Voorstel voor een verordening
Overweging 33
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||||
|
|
Amendement 31
Voorstel voor een verordening
Overweging 34
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||||
|
|
Amendement 32
Voorstel voor een verordening
Overweging 34 bis (nieuw)
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||
|
|
|
Amendement 33
Voorstel voor een verordening
Overweging 34 ter (nieuw)
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||
|
|
|
Amendement 34
Voorstel voor een verordening
Overweging 35
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||||
|
|
Amendement 35
Voorstel voor een verordening
Overweging 36
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||||
|
|
Amendement 36
Voorstel voor een verordening
Overweging 37
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||||
|
|
Amendement 37
Voorstel voor een verordening
Overweging 37 bis (nieuw)
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||
|
|
|
Amendement 38
Voorstel voor een verordening
Overweging 39
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||||
|
|
Amendement 39
Voorstel voor een verordening
Overweging 40
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||||
|
|
Amendement 40
Voorstel voor een verordening
Overweging 40 bis (nieuw)
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||
|
|
|
Amendement 41
Voorstel voor een verordening
Overweging 41
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||||
|
|
||||
Amendement 42
Voorstel voor een verordening
Overweging 43
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||||
|
|
Amendement 43
Voorstel voor een verordening
Overweging 44
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||||
|
|
Amendement 44
Voorstel voor een verordening
Overweging 46
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||||
|
|
||||
Amendement 45
Voorstel voor een verordening
Overweging 49
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||||
|
|
||||
Amendement 46
Voorstel voor een verordening
Overweging 50
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||||
|
|
||||
Amendement 47
Voorstel voor een verordening
Overweging 51
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||||
|
|
Amendement 48
Voorstel voor een verordening
Artikel 1 – lid 1
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
1. Deze verordening strekt tot vaststelling van een Uniekader voor de screening door de lidstaten van buitenlandse investeringen op hun grondgebied om redenen van veiligheid of openbare orde. |
1. Deze verordening strekt tot vaststelling van een Uniekader voor de screening door de lidstaten van buitenlandse investeringen op hun grondgebied om redenen van veiligheid of openbare orde , waaronder economische veiligheid . |
Amendement 49
Voorstel voor een verordening
Artikel 1 – lid 2
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
2. Deze verordening stelt een samenwerkingsmechanisme in om de lidstaten en de Commissie in staat te stellen informatie over buitenlandse investeringen uit te wisselen, de potentiële gevolgen ervan voor de veiligheid of de openbare orde te beoordelen en mogelijke problemen in kaart te brengen die moeten worden aangepakt door de lidstaat die de buitenlandse investering screent . |
2. Deze verordening stelt een samenwerkingsmechanisme in om de lidstaten en de Commissie in staat te stellen relevante informatie over buitenlandse investeringen uit te wisselen, de potentiële gevolgen ervan voor de veiligheid of de openbare orde te beoordelen en mogelijke problemen in kaart te brengen en aan te pakken . |
Amendement 50
Voorstel voor een verordening
Artikel 1 – lid 3
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
3. De lidstaten kunnen nationale bepalingen vaststellen of handhaven op gebieden die bij deze verordening niet worden gecoördineerd . |
3. De lidstaten kunnen nationale bepalingen vaststellen of handhaven op gebieden die niet onder deze verordening vallen, mits die bepalingen de doelstellingen van deze verordening niet ondermijnen en hiermee in overeenstemming zijn . |
Amendement 51
Voorstel voor een verordening
Artikel 1 – lid 5
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
5. Deze verordening doet geen afbreuk aan de verplichtingen van de lidstaten uit hoofde van de Verdragen, en met name de artikelen 49 en 63 VWEU. De lidstaten zorgen ervoor dat alle in het kader van deze verordening genomen maatregelen aan die verplichtingen voldoen. Deze verordening doet geen afbreuk aan de bevoegdheden van de Commissie uit hoofde van artikel 258 VWEU om de naleving van het Unierecht te waarborgen. |
5. Deze verordening doet geen afbreuk aan de verplichtingen van de lidstaten uit hoofde van de Verdragen, en met name de artikelen 49 en 63 VWEU, noch aan hun recht om maatregelen te nemen die op grond van de openbare orde of de openbare veiligheid gerechtvaardigd zijn overeenkomstig artikel 65 VWEU. De lidstaten zorgen ervoor dat alle in het kader van deze verordening genomen maatregelen aan die verplichtingen voldoen. Deze verordening doet geen afbreuk aan de bevoegdheden van de Commissie uit hoofde van artikel 258 VWEU om de naleving van het Unierecht te waarborgen. |
Amendement 52
Voorstel voor een verordening
Artikel 1 – lid 5 bis (nieuw)
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
|
5 bis. Investeringen op basis van afwikkelingsinstrumenten en interne herstructureringen vallen niet binnen het toepassingsgebied van deze verordening. |
Amendement 53
Voorstel voor een verordening
Artikel 2 – alinea 1 – punt 1
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||||
|
|
Amendement 54
Voorstel voor een verordening
Artikel 2 – alinea 1 – punt 1 bis (nieuw)
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||
|
|
|
Amendement 55
Voorstel voor een verordening
Artikel 2 – alinea 1 – punt 1 ter (nieuw)
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||
|
|
|
Amendement 56
Voorstel voor een verordening
Artikel 2 – alinea 1 – punt 1 quater (nieuw)
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||
|
|
|
Amendement 57
Voorstel voor een verordening
Artikel 2 – alinea 1 – punt 2
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||
|
Schrappen |
Amendement 58
Voorstel voor een verordening
Artikel 2 – alinea 1 – punt 3
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||
|
Schrappen |
Amendement 59
Voorstel voor een verordening
Artikel 2 – alinea 1 – punt 7
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||||
|
|
||||
Amendement 60
Voorstel voor een verordening
Artikel 2 – alinea 1 – punt 7 bis (nieuw)
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||
|
|
|
Amendement 61
Voorstel voor een verordening
Artikel 2 – alinea 1 – punt 7 ter (nieuw)
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||
|
|
|
Amendement 62
Voorstel voor een verordening
Artikel 2 – alinea 1 – punt 8
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||||
|
|
Amendement 63
Voorstel voor een verordening
Artikel 2 – alinea 1 – punt 9
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||||
|
|
Amendement 64
Voorstel voor een verordening
Artikel 2 – alinea 1 – punt 18
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||||
|
|
Amendement 65
Voorstel voor een verordening
Artikel 2 – alinea 1 – punt 18 bis (nieuw)
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||
|
|
|
Amendement 66
Voorstel voor een verordening
Artikel 2 – alinea 1 – punt 23 bis (nieuw)
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||
|
|
|
Amendement 67
Voorstel voor een verordening
Artikel 3 – lid 2
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
2. De lidstaten zorgen ervoor dat het in lid 1 bedoelde screeningmechanisme ten minste van toepassing is op investeringen die aan toelatingsvereisten onderworpen zijn overeenkomstig artikel 4, lid 4. |
2. De lidstaten zorgen ervoor dat het in lid 1 bedoelde screeningmechanisme ten minste van toepassing is op investeringen die aan toelatingsvereisten onderworpen zijn overeenkomstig artikel 4, lid 4 en 4 bis . |
Amendement 68
Voorstel voor een verordening
Artikel 3 – lid 3
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
3. Elke lidstaat stelt de Commissie uiterlijk op [datum: 15 maanden na de inwerkingtreding] in kennis van de overeenkomstig lid 1 vastgestelde maatregelen. De lidstaten stellen de Commissie vervolgens in kennis van elke wijziging van hun screeningmechanisme binnen dertig dagen na de vaststelling van de wijziging. |
3. Elke lidstaat stelt de Commissie uiterlijk op ... [12 maanden vanaf de datum van inwerkingtreding] in kennis van de overeenkomstig lid 1 vastgestelde maatregelen. De lidstaten stellen de Commissie vervolgens in kennis van elke wijziging van hun screeningmechanisme binnen dertig dagen na de vaststelling van de wijziging. |
Amendement 69
Voorstel voor een verordening
Artikel 3 – lid 4
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
4. De Commissie maakt een lijst van de screeningmechanismen van de lidstaten bekend, uiterlijk drie maanden na ontvangst van alle in lid 3 bedoelde kennisgevingen of uiterlijk op [datum: 21 maanden na de inwerkingtreding], naargelang wat het eerst plaatsvindt. Deze lijst wordt door de Commissie geactualiseerd. |
4. De Commissie maakt een lijst van de screeningmechanismen van de lidstaten bekend, uiterlijk drie maanden na ontvangst van alle in lid 3 bedoelde kennisgevingen of uiterlijk op ... [15 maanden vanaf de datum van de inwerkingtreding van deze verordening ], naargelang wat het eerst plaatsvindt. Deze lijst wordt door de Commissie geactualiseerd. |
Amendement 70
Voorstel voor een verordening
Artikel 4 – lid 2 – punt a
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||||
|
|
Amendement 71
Voorstel voor een verordening
Artikel 4 – lid 2 – punt a bis (nieuw)
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||
|
|
|
Amendement 72
Voorstel voor een verordening
Artikel 4 – lid 2 — punt b
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||||
|
|
Amendement 73
Voorstel voor een verordening
Artikel 4 – lid 2 – punt c
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||||
|
|
Amendement 74
Voorstel voor een verordening
Artikel 4 – lid 2 – punt d
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||||
|
|
Amendement 75
Voorstel voor een verordening
Artikel 4 – lid 2 – punt e
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||||
|
|
Amendement 76
Voorstel voor een verordening
Artikel 4 – lid 2 – punt f
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||||
|
|
Amendement 77
Voorstel voor een verordening
Artikel 4 – lid 2 – punt g
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||||
|
|
Amendement 78
Voorstel voor een verordening
Artikel 4 – lid 2 – punt g bis (nieuw)
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||
|
|
|
Amendement 79
Voorstel voor een verordening
Artikel 4 – lid 2 – punt h
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||||
|
|
Amendement 80
Voorstel voor een verordening
Artikel 4 – lid 2 – punt h bis (nieuw)
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||
|
|
|
Amendement 81
Voorstel voor een verordening
Artikel 4 – lid 2 – punt h ter (nieuw)
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||
|
|
|
Amendement 82
Voorstel voor een verordening
Artikel 4 – lid 3
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
3. Voordat de lidstaten besluiten om een buitenlandse investering die onderworpen is aan risicobeperkende maatregelen toe te staan of om een buitenlandse investering te verbieden, delen zij het besluit en de redenen daarvoor mee aan de aanvrager van een toelating, onder voorbehoud van de bescherming van informatie waarvan de openbaarmaking in strijd zou zijn met de belangen op het gebied van de veiligheid of de openbare orde van de EU of van een of meer van de lidstaten en onverminderd het Unierecht en het nationale recht inzake de bescherming van vertrouwelijke informatie. De lidstaten bieden de buitenlandse investeerder de mogelijkheid zijn standpunt kenbaar te maken alvorens een dergelijk besluit te nemen . |
3. Voordat de lidstaten besluiten om een buitenlandse investering die onderworpen is aan risicobeperkende maatregelen toe te staan of om een buitenlandse investering te verbieden, delen zij het besluit en de redenen daarvoor mee aan de aanvrager van een toelating, onder voorbehoud van de bescherming van informatie waarvan de openbaarmaking in strijd zou zijn met de belangen op het gebied van de veiligheid of de openbare orde van de EU of van een of meer van de lidstaten en onverminderd het Unierecht en het nationale recht inzake de bescherming van vertrouwelijke informatie. De lidstaten bieden de buitenlandse investeerder de mogelijkheid zijn standpunt kenbaar te maken en houden rekening met deze input alvorens hun ontwerpbesluit in te dienen overeenkomstig artikel 7, lid 8 . |
Amendement 83
Voorstel voor een verordening
Artikel 4 – lid 4 – punt a
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||||
|
|
||||
Amendement 84
Voorstel voor een verordening
Artikel 4 – lid 4 bis (nieuw)
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||
|
|
4 bis. De lidstaten zorgen er voorts voor dat hun screeningmechanismen toelatingsvereisten opleggen aan buitenlandse greenfieldinvesteringen, mits: |
||
|
|
|
||
|
|
|
||
|
|
|
Amendement 85
Voorstel voor een verordening
Artikel 5 – lid 1 – inleidende formule
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
1. De lidstaten stellen de Commissie en de andere lidstaten via het samenwerkingsmechanisme in kennis van alle buitenlandse investeringen in een op hun grondgebied gevestigde doelonderneming in de Unie die: |
1. De lidstaten stellen de Commissie en de andere lidstaten via het samenwerkingsmechanisme in kennis van alle buitenlandse investeringen in een doelonderneming in de Unie op hun grondgebied die: |
Amendement 86
Voorstel voor een verordening
Artikel 5 – lid 1 – punt a
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||||
|
|
Amendement 87
Voorstel voor een verordening
Artikel 5 – lid 1 – punt b – i
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||||
|
|
Amendement 88
Voorstel voor een verordening
Artikel 5 – lid 1 – punt b – ii
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||||
|
|
Amendement 89
Voorstel voor een verordening
Artikel 5 – lid 1 – punt b – iii
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||||
|
|
Amendement 90
Voorstel voor een verordening
Artikel 5 – lid 1 – punt b – iii bis (nieuw)
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||
|
|
|
Amendement 91
Voorstel voor een verordening
Artikel 5 – lid 2
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
2. De lidstaten stellen de Commissie en de andere lidstaten in kennis van elke buitenlandse investering in een op hun grondgebied gevestigde doelonderneming in de Unie wanneer zij in het kader van hun screeningprocedures een diepgaand onderzoek starten. Voorts stellen de lidstaten de Commissie en de andere lidstaten in kennis van elke buitenlandse investering in een op hun grondgebied gevestigde doelonderneming in de Unie wanneer zij, in uitzonderlijke gevallen, voornemens zijn zonder diepgaand onderzoek een risicobeperkende maatregel op te leggen of de transactie te verbieden. |
2. De lidstaten stellen de Commissie en de andere lidstaten in kennis van elke buitenlandse investering op hun grondgebied waarvan geen kennis is gegeven overeenkomstig lid 1, wanneer zij in het kader van hun screeningprocedures een diepgaand onderzoek starten. |
Amendement 92
Voorstel voor een verordening
Artikel 5 lid 2 bis (nieuw)
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
|
2 bis. De lidstaten stellen de Commissie en de andere lidstaten zo spoedig mogelijk in kennis van elke buitenlandse investering op hun grondgebied wanneer zij, in uitzonderlijke gevallen, voornemens zijn zonder diepgaand onderzoek een risicobeperkende maatregel op te leggen of de transactie te verbieden. |
Amendement 93
Voorstel voor een verordening
Artikel 5 – lid 3 – alinea 1
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
De lidstaten kunnen buitenlandse investeringen die niet aan de voorwaarden van de leden 1 en 2 voldoen ter kennis geven indien de lidstaat waar de doelonderneming in de Unie is gevestigd van oordeel is dat een buitenlandse investering vanuit het oogpunt van veiligheid of openbare orde van belang kan zijn voor de andere lidstaten en de Commissie, ook wanneer de doelonderneming in de Unie aanzienlijke activiteiten in andere lidstaten heeft, of deel uitmaakt van een concern met meerdere ondernemingen in verschillende lidstaten die economisch actief zijn op een van de in bijlage II vermelde gebieden. |
De lidstaten geven buitenlandse investeringen die niet aan de voorwaarden van de leden 1 en 2 voldoen ter kennis indien de ontvangende lidstaat van oordeel is dat een buitenlandse investering vanuit het oogpunt van veiligheid of openbare orde van belang kan zijn voor de andere lidstaten en de Commissie, ook wanneer de doelonderneming in de Unie aanzienlijke activiteiten in andere lidstaten heeft, of deel uitmaakt van een concern met meerdere ondernemingen in verschillende lidstaten die economisch actief zijn op een van de in bijlage II vermelde gebieden. |
Amendement 94
Voorstel voor een verordening
Artikel 5 – lid 3 – alinea 2
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
Wanneer een lidstaat voornemens is kennis te geven van een buitenlandse investering op zijn grondgebied die deel uitmaakt van een transactie in meerdere landen overeenkomstig artikel 6, lid 2, pleegt hij overleg met de andere lidstaten die het verzoek om toelating hebben ontvangen. De respectieve lidstaten geven de transactie in meerdere landen ter kennis en streven ernaar hun kennisgevingen op dezelfde dag aan het samenwerkingsmechanisme te doen toekomen. |
Schrappen |
Amendement 95
Voorstel voor een verordening
Artikel 6 – lid 1 – inleidende formule
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
1. De lidstaten zorgen ervoor dat een kennisgeving overeenkomstig artikel 5 de in artikel 10, lid 1, bedoelde informatie bevat en via het in artikel 12, lid 4, bedoelde beveiligde en versleutelde systeem naar de Commissie en de andere lidstaten wordt gestuurd: |
1. De lidstaten zorgen ervoor dat een kennisgeving overeenkomstig artikel 5 de in artikel 10, lid 1, bedoelde informatie bevat en naar de Commissie en de andere lidstaten wordt gestuurd: |
Amendement 96
Voorstel voor een verordening
Artikel 6 – lid 1 – punt a
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||||
|
|
Amendement 97
Voorstel voor een verordening
Artikel 6 – lid 1 – punt b
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||||
|
|
Amendement 98
Voorstel voor een verordening
Artikel 6 – lid 2
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||
|
2. De volgende procedures zijn van toepassing op transacties in meerdere landen: |
Schrappen |
||
|
|
||
|
|
||
|
|
||
|
|
Amendement 99
Voorstel voor een verordening
Artikel 6 bis (nieuw)
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
|
Artikel 6 bis |
|
|
Specifieke regels voor transacties in meerdere landen |
|
|
1. Aanvragers van een verzoek om toelating van een investering in meerdere lidstaten dienen hun verzoeken binnen drie kalenderdagen vanaf het eerste verzoek om toelating in alle betrokken lidstaten in, en in elk verzoek om toelating wordt verwezen naar de andere aanvragen. |
|
|
2. Wanneer een lidstaat een verzoek om toelating ontvangt als bedoeld in lid 1, pleegt hij overleg met de andere betrokken lidstaten en de Commissie, onder meer om te bepalen of de investering ter kennis moet worden gegeven. |
|
|
3. Indien de verzoeken om toelating betrekking hebben op een buitenlandse investering die aan een van de voorwaarden van artikel 5, lid 1, voldoet, sturen de betrokken lidstaten hun kennisgevingen binnen drie kalenderdagen na indiening van het eerste verzoek om toelating en binnen de in artikel 6, punt a), vastgestelde termijn naar het samenwerkingsmechanisme. |
|
|
4. Indien de verzoeken om toelating betrekking hebben op een buitenlandse investering die aan de voorwaarden van artikel 5, lid 2, voldoet, streven de betrokken lidstaten ernaar hun kennisgevingen binnen een beperkte tijdspanne en binnen de in artikel 6, lid 1, punt b, vastgestelde termijn naar het samenwerkingsmechanisme te sturen. |
|
|
5. De betrokken lidstaten werken gedurende de gehele procedure nauw samen. Zij streven er met name naar de tijdschema’s van hun respectieve screeningprocedures op elkaar af te stemmen en ervoor te zorgen dat hun respectieve screeningbesluiten met elkaar overeenstemmen. In voorkomend geval trachten zij hun definitieve screeningbesluit op dezelfde dag te nemen. |
Amendement 100
Voorstel voor een verordening
Artikel 7 – titel
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
Opmerkingen van de lidstaten en adviezen van de Commissie over ter kennis gegeven buitenlandse investeringen |
Opmerkingen van de lidstaten en adviezen en besluiten van de Commissie over ter kennis gegeven buitenlandse investeringen |
Amendement 101
Voorstel voor een verordening
Artikel 7 – lid 1 – alinea 1 – inleidende formule
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
Elke lidstaat kan naar behoren gemotiveerde opmerkingen richten aan de kennisgevende lidstaat via het in artikel 12, lid 4, bedoelde beveiligde en versleutelde systeem . Een lidstaat kan dergelijke opmerkingen maken indien hij: |
Elke lidstaat kan naar behoren gemotiveerde opmerkingen richten aan de kennisgevende lidstaat. Een lidstaat kan dergelijke opmerkingen maken indien hij: |
Amendement 102
Voorstel voor een verordening
Artikel 7 – lid 2 – alinea 1 – inleidende formule
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
De Commissie kan via het in artikel 12, lid 4, bedoelde beveiligde en versleutelde systeem een met redenen omkleed advies aan de kennisgevende lidstaat richten. De Commissie kan een dergelijk advies uitbrengen indien: |
De Commissie kan een met redenen omkleed advies aan de kennisgevende lidstaat richten. De Commissie brengt een dergelijk advies uit indien: |
Amendement 103
Voorstel voor een verordening
Artikel 7 – lid 2 – alinea 2 bis (nieuw)
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
|
In voorkomend geval kunnen in het advies van de Commissie maatregelen worden voorgesteld die gericht zijn op het beperken van het waarschijnlijke negatieve gevolg van de investering voor de veiligheid en openbare orde. |
Amendement 104
Voorstel voor een verordening
Artikel 7 – lid 3
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
3. De Commissie kan een met redenen omkleed advies richten tot alle lidstaten indien zij van mening is dat meerdere buitenlandse investeringen of andere soortgelijke investeringen, indien zij zouden worden uitgevoerd, samen en gezien de kenmerken ervan, gevolgen zouden kunnen hebben voor de veiligheid of de openbare orde van de Unie. Nadat de Commissie een advies heeft uitgebracht, kan zij in voorkomend geval met de lidstaten bespreken hoe de vastgestelde risico’s kunnen worden aangepakt . |
3. De Commissie richt een met redenen omkleed advies tot alle lidstaten indien zij van mening is dat meerdere buitenlandse investeringen of andere soortgelijke investeringen, indien zij zouden worden uitgevoerd, samen en gezien de kenmerken ervan, gevolgen zouden kunnen hebben voor de veiligheid of de openbare orde van de Unie. Nadat de Commissie een advies heeft uitgebracht, bespreekt zij in voorkomend geval met de lidstaten de maatregelen om de vastgestelde risico’s aan te pakken . |
Amendement 105
Voorstel voor een verordening
Artikel 7 – lid 4 – punt a
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||||
|
|
Amendement 106
Voorstel voor een verordening
Artikel 7 – lid 4 – punt b
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||||
|
|
Amendement 107
Voorstel voor een verordening
Artikel 7 – lid 4 bis (nieuw)
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
|
4 bis. De kennisgevende lidstaten kunnen de Commissie verzoeken een advies uit te brengen of andere lidstaten verzoeken opmerkingen in te dienen. |
Amendement 108
Voorstel voor een verordening
Artikel 7 – lid 5
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
5. Wanneer een lidstaat waarin de buitenlandse investering wordt gepland of is voltooid, een opmerking van een andere lidstaat ontvangt overeenkomstig lid 1, of een advies van de Commissie ontvangt overeenkomstig lid 2 of 3, houdt hij zoveel mogelijk rekening met die opmerking of dat advies. |
5. Wanneer een ontvangende lidstaat een opmerking van een andere lidstaat ontvangt overeenkomstig lid 1, of een advies van de Commissie ontvangt overeenkomstig lid 2 of 3, houdt hij zoveel mogelijk rekening met die opmerking of dat advies. |
Amendement 109
Voorstel voor een verordening
Artikel 7 – lid 6
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
6. Na ontvangst van een opmerking overeenkomstig lid 1 belegt de lidstaat een vergadering met de lidstaten die opmerkingen hebben ingediend , om te bespreken hoe de vastgestelde risico’s het best kunnen worden aangepakt. Indien de lidstaat waar de buitenlandse investering wordt gepland of is voltooid het niet eens is met de vastgestelde risico’s of, indien van toepassing, de met de opmerking voorgestelde maatregel, streeft de lidstaat ernaar met alternatieve oplossingen te komen. Indien de opmerking betrekking heeft op een transactie in meerdere landen, worden ook de andere lidstaten die de buitenlandse investering ter kennis hebben gegeven uitgenodigd teneinde te bespreken of de beoogde resultaten onderling verenigbaar zijn en, in voorkomend geval, de vastgestelde grensoverschrijdende risico’s met de beoogde voorwaarden adequaat kunnen worden aangepakt. De Commissie wordt op dergelijke vergaderingen uitgenodigd. |
6. Na ontvangst van een opmerking overeenkomstig lid 1 of een overeenkomstig lid 2 uitgebracht advies, treedt de ontvangende lidstaat in overleg met de lidstaten die opmerkingen hebben ingediend en, in voorkomend geval, met de Commissie. In het kader van dat overleg belegt de ontvangende lidstaat een vergadering met die lidstaten en, in voorkomend geval, met de Commissie , om te bespreken hoe de vastgestelde risico’s het best kunnen worden aangepakt. Indien de ontvangende lidstaat het niet eens is met de vastgestelde risico’s of, indien van toepassing, de met de opmerking of het advies voorgestelde maatregel, streven de lidstaat en de Commissie ernaar met alternatieve oplossingen te komen. Indien de opmerking of het advies betrekking heeft op een transactie in meerdere landen, worden ook de andere lidstaten die de buitenlandse investering ter kennis hebben gegeven bij die vergadering uitgenodigd teneinde te bespreken of de beoogde resultaten onderling verenigbaar zijn en, in voorkomend geval, of de vastgestelde grensoverschrijdende risico’s met de beoogde voorwaarden adequaat kunnen worden aangepakt. |
Amendement 110
Voorstel voor een verordening
Artikel 7 – lid 7
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
7. Na ontvangst van een advies overeenkomstig lid 2 of 3 is de procedure van lid 6 van overeenkomstige toepassing. |
Schrappen |
Amendement 111
Voorstel voor een verordening
Artikel 7 – lid 8 – inleidende formule
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
8. Na ontvangst van een advies overeenkomstig lid 2 of 3 zal de lidstaat waarin de buitenlandse investering wordt gepland of is voltooid : |
8. Na de in lid 6 bedoelde vergadering zendt de ontvangende lidstaat de respectieve lidstaten en de Commissie het ontwerp van zijn screeningbesluit toe en geeft hij een schriftelijke toelichting met betrekking tot : |
Amendement 112
Voorstel voor een verordening
Artikel 7 – lid 8 – punt a
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||
|
Schrappen |
Amendement 113
Voorstel voor een verordening
Artikel 7 – lid 8 – punt a bis (nieuw)
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||
|
|
|
Amendement 114
Voorstel voor een verordening
Artikel 7 – lid 8 – punt a ter (nieuw)
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||
|
|
|
Amendement 115
Voorstel voor een verordening
Artikel 7 – lid 8 – punt b
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||
|
Schrappen |
||
|
|
||
|
|
Amendement 116
Voorstel voor een verordening
Artikel 7 – lid 9
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
9. Indien de lidstaten of de Commissie aangeven dat in het in lid 8 , punt a), van dit artikel bedoelde screeningbesluit niet ten volle rekening wordt gehouden met hun overeenkomstig lid 1 ingediende opmerkingen of het overeenkomstig lid 2 of 3 verstrekte advies, belegt de lidstaat waar de investering wordt gepland of is voltooid een vergadering om de ondervonden belemmeringen of de redenen voor het oneens zijn toe te lichten en streeft de lidstaat ernaar met oplossingen te komen voor het geval zich in de toekomst een soortgelijke situatie voordoet . Indien het screeningbesluit betrekking heeft op een kennisgeving in meerdere landen, worden ook de andere lidstaten uitgenodigd die de buitenlandse investering aan het samenwerkingsmechanisme ter kennis hebben gegeven. De Commissie wordt uitgenodigd voor alle vergaderingen die overeenkomstig dit lid worden georganiseerd . |
9. Indien een lidstaat of de Commissie van mening is dat de risico’s voor de veiligheid of voor de openbare orde met het ontwerp van een in lid 8 van dit artikel bedoeld screeningbesluit tot toelating van een buitenlandse investering overeenkomstig artikel 14, lid 1, punt a), of artikel 14, lid 2, niet naar behoren worden weggenomen of beperkt, kan hij of zij een naar behoren gemotiveerd bezwaar indienen . Het bezwaar wordt ter kennis gegeven aan de ontvangende lidstaat en, in voorkomend geval, aan de andere lidstaten die opmerkingen hebben ingediend en aan de Commissie . De ontvangende lidstaat schort zijn screeningprocedure op totdat de Commissie een besluit heeft genomen overeenkomstig de leden 9 ter en 9 quater van dit artikel . De ontvangende lidstaat stelt de buitenlandse investeerder in kennis van de opschorting. |
Amendement 117
Voorstel voor een verordening
Artikel 7 – lid 9 bis (nieuw)
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
|
9 bis. Indien een lidstaat of de Commissie een bezwaar heeft ingediend overeenkomstig lid 9 van dit artikel, en onverminderd artikel 346, lid 1, punt a), VWEU, doet de ontvangende lidstaat de Commissie alle documenten en informatie toekomen waarop zijn ontwerpbesluit is gebaseerd. De lidstaat die het bezwaar heeft ingediend overeenkomstig lid 9 van dit artikel, verzendt alle documenten en informatie waarop zijn ontwerpbesluit is gebaseerd. |
Amendement 118
Voorstel voor een verordening
Artikel 7 – lid 9 ter (nieuw)
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
|
9 ter. Wanneer de Commissie, rekening houdend met de criteria van artikel 13, de overeenkomstig lid 9 bis van dit artikel ontvangen documenten en informatie en, in voorkomend geval, de door lidstaten ingediende opmerkingen overeenkomstig artikel 7, lid 1, of artikel 9, lid 7, concludeert dat het ontwerp van het screeningbesluit, in voorkomend geval na aanpassing door de ontvangende lidstaat, de mogelijke gevolgen van de buitenlandse investering voor de veiligheid of de openbare orde op doeltreffende wijze ondervangt, zal zij geen bezwaar maken tegen de vaststelling van het ontwerp van het screeningbesluit door de lidstaat. |
Amendement 119
Voorstel voor een verordening
Artikel 7 – lid 9 quater (nieuw)
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||
|
|
9 quater. Indien de Commissie van oordeel is dat het in lid 8 bedoelde ontwerp van het screeningbesluit van de ontvangende lidstaat de risico’s voor de veiligheid en de openbare orde niet afdoende beperkt, stelt zij een besluit vast om: |
||
|
|
|
||
|
|
|
||
|
|
Het in de eerste alinea bedoelde besluit is in overeenstemming met het evenredigheidsbeginsel, is gebaseerd op gedocumenteerde risico’s, en daarin wordt rekening gehouden met alle omstandigheden van de buitenlandse investering. |
Amendement 120
Voorstel voor een verordening
Artikel 7 – lid 9 quinquies (nieuw)
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
|
9 quinquies. Overeenkomstig lid 9 ter genomen besluiten worden aan de ontvangende lidstaat gericht. De Commissie stelt de ontvangende lidstaat en de lidstaten die overeenkomstig lid 1 opmerkingen hebben ingediend hiervan in kennis. |
|
|
Overeenkomstig lid 9 quater genomen besluiten worden aan de buitenlandse investeerder gericht. De Commissie stelt de ontvangende lidstaat, de lidstaten die overeenkomstig lid 1 opmerkingen hebben ingediend en de doelonderneming in de Unie hiervan in kennis. |
Amendement 121
Voorstel voor een verordening
Artikel 7 – lid 9 sexies (nieuw)
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
|
9 sexies. Indien de Commissie overeenkomstig lid 9 quater een besluit vaststelt, beëindigt de ontvangende lidstaat zijn screeningprocedure en stelt hij de buitenlandse investeerder daarvan in kennis. |
Amendement 122
Voorstel voor een verordening
Artikel 7 – lid 9 septies (nieuw)
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
|
9 septies. Alvorens overeenkomstig lid 9 quater een besluit vast te stellen, biedt de Commissie de buitenlandse investeerder de kans om zijn standpunt effectief kenbaar te maken. |
Amendement 123
Voorstel voor een verordening
Artikel 7 – lid 9 octies (nieuw)
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
|
9 octies. In het geval van een overeenkomstig lid 1 ingediende opmerking of een overeenkomstig lid 2 of lid 3 uitgebracht advies waarbij de Commissie geen besluit heeft uitgebracht overeenkomstig lid 9 quater, deelt de ontvangende lidstaat zijn screeningbesluit mee aan de lidstaten die opmerkingen hebben ingediend en, in voorkomend geval, aan de Commissie, en doet hij het besluit toekomen aan de respectieve partijen bij de buitenlandse investering. |
Amendement 124
Voorstel voor een verordening
Artikel 7 – lid 10
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
10. De Commissie zet een voor alle lidstaten toegankelijke beveiligde databank op met informatie over de buitenlandse investeringen die door het samenwerkingsmechanisme zijn beoordeeld en de resultaten van de beoordelingen in het kader van de nationale screeningmechanismen, met inbegrip van informatie over de relevante screeningbesluiten. De Commissie uploadt de informatie waarover zij sinds 12 oktober 2020 beschikt in die databank. Uiterlijk op [datum van toepassing van deze verordening] uploaden de lidstaten de informatie waarover zij beschikken over de resultaten van de desbetreffende procedure in het kader van hun eigen screeningmechanismen in die databank. Zij kunnen ook aanvullende toelichtingen verstrekken. |
Schrappen |
Amendement 125
Voorstel voor een verordening
Artikel 8 – titel
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
Termijnen en procedures voor het indienen van opmerkingen en het uitbrengen van adviezen over ter kennis gegeven buitenlandse investeringen |
Termijnen en procedures die van toepassing zijn op het samenwerkingsmechanisme van de Unie en besluiten |
Amendement 126
Voorstel voor een verordening
Artikel 8 – lid 1 – punt a
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||||
|
|
Amendement 127
Voorstel voor een verordening
Artikel 8 – lid 1 – punt b
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||||
|
|
Amendement 128
Voorstel voor een verordening
Artikel 8 – lid 3 – alinea 1 – punt a
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||||
|
|
Amendement 129
Voorstel voor een verordening
Artikel 8 – lid 3 – alinea 1 – punt b
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||||
|
|
Amendement 130
Voorstel voor een verordening
Artikel 8 – lid 3 – alinea 1 – punt c
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||||
|
|
Amendement 131
Voorstel voor een verordening
Artikel 8 – lid 3 – alinea 1 – punt d
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||||
|
|
Amendement 132
Voorstel voor een verordening
Artikel 8 – lid 3 – alinea 2
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
De kennisgevende lidstaat neemt zijn screeningbesluit pas nadat de onder de punten a) tot en met d) bedoelde termijnen zijn verstreken. |
Schrappen |
Amendement 133
Voorstel voor een verordening
Artikel 8 – lid 4
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
4. De kennisgevende lidstaat stelt de Commissie en de andere lidstaten via het in artikel 12, lid 4, bedoelde beveiligde en versleutelde systeem in kennis van alle belangrijke nieuwe informatie of omstandigheden die relevant zijn voor de beoordeling van een buitenlandse investering die reeds ter kennis is gegeven overeenkomstig artikel 5. Indien deze informatie vóór het verstrijken van de in lid 3 vastgestelde termijnen beschikbaar wordt gesteld, trachten de kennisgevende lidstaat, de Commissie en de andere lidstaten het eens te worden over een wederzijds aanvaardbare verlenging van de termijn. Indien de in lid 3 vastgestelde termijnen voor de beoordeling van de eerste kennisgeving zijn verstreken, gaan zij verder overeenkomstig de in lid 3, punten c) en d), vastgestelde termijnen. |
4. De kennisgevende lidstaat stelt de Commissie en de andere lidstaten in kennis van alle belangrijke nieuwe informatie of omstandigheden die relevant zijn voor de beoordeling van een buitenlandse investering die reeds ter kennis is gegeven overeenkomstig artikel 5. Indien deze informatie vóór het verstrijken van de in lid 3 vastgestelde termijnen beschikbaar wordt gesteld, komen de kennisgevende lidstaat, de Commissie en de andere lidstaten een wederzijds aanvaardbare verlenging van de termijn overeen . Indien de in lid 3 vastgestelde termijnen voor de beoordeling van de eerste kennisgeving zijn verstreken, gaan zij verder overeenkomstig de in lid 3, punten c) en d), vastgestelde termijnen. |
Amendement 134
Voorstel voor een verordening
Artikel 8 – lid 5
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
5. De kennisgevende lidstaat verstrekt de volledige aanvullende informatie waarom de Commissie of andere lidstaten overeenkomstig lid 2 hebben verzocht , onverwijld via het in artikel 12, lid 4, bedoelde beveiligde en versleutelde systeem . Indien de kennisgevende lidstaat aanvullende informatie aan een lidstaat verstrekt, wordt die aanvullende informatie tegelijkertijd aan de Commissie toegezonden. |
5. De kennisgevende lidstaat verstrekt onverwijld de volledige aanvullende informatie waarom de Commissie of andere lidstaten overeenkomstig lid 2 hebben verzocht. Indien de kennisgevende lidstaat aanvullende informatie aan een lidstaat verstrekt, wordt die aanvullende informatie tegelijkertijd aan de Commissie toegezonden. |
Amendement 135
Voorstel voor een verordening
Artikel 8 – lid 7 bis (nieuw)
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||
|
|
7 bis. De volgende termijnen zijn van toepassing op de raadplegingen tussen de lidstaten en de Commissie overeenkomstig artikel 7, de leden 6 tot en met 9: |
||
|
|
|
||
|
|
|
||
|
|
|
Amendement 136
Voorstel voor een verordening
Artikel 8 – lid 7 ter (nieuw)
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||
|
|
7 ter. De volgende termijnen zijn van toepassing op de vaststelling en kennisgeving van screeningbesluiten over ter kennis gegeven buitenlandse investeringen: |
||
|
|
|
||
|
|
|
||
|
|
|
||
|
|
|
||
|
|
|
Amendement 137
Voorstel voor een verordening
Artikel 8 – lid 7 quater (nieuw)
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||
|
|
7 quater. De volgende termijnen zijn van toepassing op de vaststelling en kennisgeving van een besluit van de Commissie overeenkomstig artikel 7, lid 9 ter en lid 9 quater: |
||
|
|
|
||
|
|
|
||
|
|
De in lid 7 bis, punten a) en b), lid 7 ter, punt b), en lid 7 quater, punt a), van dit artikel bedoelde termijnen worden in voorkomend geval met maximaal dertig kalenderdagen verlengd teneinde de ontvangende lidstaat en, in voorkomend geval, de Commissie en de buitenlandse investeerder, de gelegenheid te bieden om risicobeperkende maatregelen overeen te komen. De onderhandelingen over risicobeperkende maatregelen tussen de Commissie en de buitenlandse investeerder worden in samenwerking met de ontvangende lidstaat gevoerd. |
Amendement 138
Voorstel voor een verordening
Artikel 8 – lid 8
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
8. Indien de kennisgevende lidstaat als gevolg van uitzonderlijke omstandigheden van oordeel is dat zijn veiligheid of openbare orde vereist dat een screeningbesluit vóór het verstrijken van de in lid 3 bedoelde termijnen wordt genomen, stelt hij de andere lidstaten en de Commissie van zijn voornemen in kennis en motiveert hij naar behoren waarom een onmiddellijk optreden noodzakelijk is. De andere lidstaten dienen met bekwame spoed opmerkingen in en de Commissie brengt met bekwame spoed een advies uit. Deze procedure mag niet worden toegepast om louter de commerciële belangen van de aanvrager van een toelating te dienen. |
8. Indien de kennisgevende lidstaat als gevolg van uitzonderlijke omstandigheden van oordeel is dat zijn veiligheid of openbare orde vereist dat een screeningbesluit overeenkomstig artikel 14, lid 1, vóór het verstrijken van de in lid 3 bedoelde termijnen wordt genomen, stelt hij de andere lidstaten en de Commissie van zijn voornemen in kennis en motiveert hij naar behoren waarom een onmiddellijk optreden noodzakelijk is. De andere lidstaten dienen met bekwame spoed opmerkingen in en de Commissie brengt met bekwame spoed een advies uit. Deze procedure mag niet worden toegepast om louter de commerciële belangen van de aanvrager van een toelating te dienen. |
Amendement 139
Voorstel voor een verordening
Artikel 9 – lid 1
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
1. Een lidstaat die van mening is dat een buitenlandse investering op het grondgebied van een andere lidstaat die niet ter kennis van het samenwerkingsmechanisme is gegeven waarschijnlijk negatieve gevolgen voor zijn veiligheid of openbare orde zal hebben, kan een initiatiefprocedure met betrekking tot die buitenlandse investering openen. Alvorens de procedure in te leiden, gaat de lidstaat na of de lidstaat waar de investering wordt gepland of is voltooid niet voornemens is de buitenlandse investering ter kennis van het samenwerkingsmechanisme te geven. |
1. Indien een lidstaat van mening is dat een buitenlandse investering op het grondgebied van een andere lidstaat die niet ter kennis van het samenwerkingsmechanisme is gegeven waarschijnlijk negatieve gevolgen voor zijn veiligheid of openbare orde zal hebben, of indien de Commissie van mening is dat een dergelijke buitenlandse investering waarschijnlijk negatieve gevolgen zal hebben voor de veiligheid of de openbare orde van meer dan één lidstaat, of voor projecten of programma’s van Uniebelang , kan de lidstaat of de Commissie een initiatiefprocedure met betrekking tot die buitenlandse investering openen. Alvorens de procedure in te leiden, gaat de lidstaat of de Commissie na of de ontvangende lidstaat niet voornemens is de buitenlandse investering ter kennis van het samenwerkingsmechanisme te geven. |
Amendement 140
Voorstel voor een verordening
Artikel 9 – lid 2
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
2. De lidstaten krijgen ten minste 15 maanden nadat de buitenlandse investering is voltooid de tijd om de in lid 1 bedoelde procedure in te leiden, op voorwaarde dat de betrokken buitenlandse investering ondertussen niet bij het samenwerkingsmechanisme ter kennis is gegeven. |
2. De lidstaten en de Commissie krijgen tot 15 maanden nadat de buitenlandse investering is voltooid de tijd om de in lid 1 bedoelde procedure in te leiden, op voorwaarde dat de betrokken buitenlandse investering ondertussen niet bij het samenwerkingsmechanisme ter kennis is gegeven. |
Amendement 141
Voorstel voor een verordening
Artikel 9 – lid 3
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
3. De Commissie kan een initiatiefprocedure openen wanneer zij van oordeel is dat een buitenlandse investering op het grondgebied van een lidstaat die niet bij het samenwerkingsmechanisme ter kennis is gegeven, onder artikel 7, lid 2, valt. Alvorens de procedure in te leiden, gaat de Commissie na of de lidstaat waar de investering wordt gepland of is voltooid niet voornemens is de buitenlandse investering ter kennis van het samenwerkingsmechanisme te geven. |
Schrappen |
Amendement 142
Voorstel voor een verordening
Artikel 9 – lid 4
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
4. De Commissie krijgt ten minste 15 maanden nadat de buitenlandse investering is voltooid de tijd om de in lid 3 bedoelde procedure in te leiden, op voorwaarde dat de betrokken buitenlandse investering ondertussen niet bij het samenwerkingsmechanisme ter kennis is gegeven. |
Schrappen |
Amendement 143
Voorstel voor een verordening
Artikel 9 – lid 5
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
5. De lidstaten of de Commissie leiden de in de leden 1 en 3 bedoelde initiatiefprocedure in door via het in artikel 12, lid 4, bedoelde beveiligde en versleutelde systeem een naar behoren gemotiveerd verzoek om informatie toe te zenden aan de lidstaat waarin de buitenlandse investering wordt gepland of is voltooid . Elk verzoek om informatie overeenkomstig dit lid wordt naar behoren gemotiveerd, blijft beperkt tot de informatie die de lidstaten nodig hebben om opmerkingen in te dienen of op basis waarvan de Commissie een advies kan uitbrengen, staat in verhouding tot het doel van het verzoek en is niet onnodig belastend voor de kennisgevende lidstaat. Wanneer het verzoek om informatie door een lidstaat wordt ingediend, zendt die lidstaat het verzoek tegelijkertijd toe aan de Commissie. |
5. De lidstaten of de Commissie leiden de initiatiefprocedure in door een naar behoren gemotiveerd verzoek om informatie toe te zenden aan de ontvangende lidstaat. Elk verzoek om informatie overeenkomstig dit lid wordt naar behoren gemotiveerd, blijft beperkt tot de informatie die de lidstaten nodig hebben om opmerkingen in te dienen of op basis waarvan de Commissie een advies kan uitbrengen, staat in verhouding tot het doel van het verzoek en is niet onnodig belastend voor de ontvangende lidstaat. Wanneer het verzoek om informatie door een lidstaat wordt ingediend, zendt die lidstaat het verzoek tegelijkertijd toe aan de Commissie. |
Amendement 144
Voorstel voor een verordening
Artikel 9 – lid 6
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
6. De lidstaat waarin de investering wordt gepland of is voltooid, verstrekt de volledige informatie waarom de andere lidstaten of de Commissie overeenkomstig lid 5 hebben verzocht onverwijld via het in artikel 12, lid 4, bedoelde beveiligde en versleutelde systeem . Indien de kennisgevende lidstaat aanvullende informatie aan een lidstaat verstrekt, wordt die aanvullende informatie tegelijkertijd aan de Commissie toegezonden. |
6. De ontvangende lidstaat verstrekt onverwijld de volledige informatie waarom andere lidstaten of de Commissie overeenkomstig lid 5 hebben verzocht. Indien de ontvangende lidstaat deze informatie aan een lidstaat verstrekt, wordt die informatie tegelijkertijd aan de Commissie toegezonden. |
Amendement 145
Voorstel voor een verordening
Artikel 9 – lid 7 – inleidende formule
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
7. Na ontvangst van de in lid 6 bedoelde informatie kunnen de lidstaten opmerkingen indienen en kan de Commissie een advies verstrekken aan de lidstaat waarin de buitenlandse investering wordt gepland of is voltooid . De regels en procedures van artikel 7 en 8 zijn van overeenkomstige toepassing, zij het met de volgende wijzigingen: |
7. Na ontvangst van de in lid 6 bedoelde informatie kunnen de lidstaten opmerkingen indienen en kan de Commissie uiterlijk dertig kalenderdagen na ontvangst van de volledige in lid 5 bedoelde informatie een advies verstrekken aan de ontvangende lidstaat. Indien de procedure is ingeleid door een lidstaat, heeft de Commissie 15 extra kalenderdagen de tijd om haar advies uit te brengen. De ontvangende lidstaat houdt ten volle rekening met deze opmerkingen of adviezen . |
Amendement 146
Voorstel voor een verordening
Artikel 9 – lid 7 – punt a
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||
|
Schrappen |
Amendement 147
Voorstel voor een verordening
Artikel 9 – lid 7 – punt b
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||
|
Schrappen |
Amendement 148
Voorstel voor een verordening
Artikel 9 lid 7 bis (nieuw)
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
|
7 bis. Na ontvangst van een opmerking of een advies overeenkomstig lid 7 belegt de ontvangende lidstaat een vergadering met de lidstaten die opmerkingen hebben ingediend en, in voorkomend geval met de Commissie, om te bespreken hoe de vastgestelde risico’s doeltreffend kunnen worden aangepakt. Indien de ontvangende lidstaat het niet eens is met de vastgestelde risico’s of, in voorkomend geval, met de in de opmerking of het advies voorgestelde maatregelen, trachten de lidstaten en de Commissie alternatieve oplossingen vast te stellen en tot overeenstemming te komen over een passende aanpak om de risico’s in kwestie te beheersen. |
Amendement 149
Voorstel voor een verordening
Artikel 9 – lid 7 ter (nieuw)
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
|
7 ter. Na de in lid 7 bis bedoelde vergadering deelt de ontvangende lidstaat de Commissie en, in voorkomend geval, de lidstaten die opmerkingen hebben ingediend, mee of hij voornemens is de investering te screenen. |
Amendement 150
Voorstel voor een verordening
Artikel 9 – lid 7 quater (nieuw)
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
|
7 quater. Indien de ontvangende lidstaat besluit de buitenlandse investering niet te screenen, verstrekt hij de betrokken lidstaten en de Commissie een schriftelijke toelichting op de redenen waarom hij het niet eens is met de opmerkingen van die lidstaten of met het advies van de Commissie. |
Amendement 151
Voorstel voor een verordening
Artikel 9 bis (nieuw)
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||
|
|
Artikel 9 bis |
||
|
|
Onderzoeksbevoegdheden van de Commissie |
||
|
|
1. Op een naar behoren gemotiveerd verzoek van een lidstaat of op eigen initiatief, en mits de ontvangende lidstaat daarvan in kennis is gesteld, kan de Commissie overeenkomstig dit artikel om informatie verzoeken wanneer er redelijke gronden zijn om te vermoeden dat een buitenlandse investering gevolgen kan hebben voor de veiligheid of de openbare orde van meer dan één lidstaat. |
||
|
|
2. De Commissie kan van de bij een buitenlandse investering betrokken partijen verlangen dat zij alle informatie verstrekken die zij nodig acht om te beoordelen of de buitenlandse investering waarschijnlijk negatieve gevolgen zal hebben voor de veiligheid of de openbare orde. Zij kan informatie opvragen bij elke andere entiteit of persoon die waarschijnlijk over relevante informatie beschikt om te beoordelen of een buitenlandse investering waarschijnlijk negatieve gevolgen zal hebben voor de veiligheid of de openbare orde, met inbegrip van leveranciers, contractanten, klanten en deskundigen. |
||
|
|
3. Voordat de Commissie dergelijke informatie op het grondgebied van een lidstaat opvraagt, stelt zij die lidstaat in kennis van haar voornemen om dit te doen. |
||
|
|
4. Een informatieverzoek op grond van lid 2: |
||
|
|
|
||
|
|
|
||
|
|
|
||
|
|
|
||
|
|
5. De in artikel 8, lid 7 bis, punten a) tot en met c), artikel 8, lid 7 ter, punt b), en artikel 8, lid 7 quater, punt a), genoemde termijnen kunnen worden opgeschort gedurende de tijd die de Commissie nodig heeft om de gevraagde informatie te verkrijgen. De opschorting gaat in op de datum van het verzoek om informatie van de Commissie en blijft van kracht totdat de gevraagde informatie volledig is ontvangen. De opschorting duurt niet langer dan dertig kalenderdagen. De Commissie stelt de betrokken lidstaten onverwijld in kennis van zowel de opschorting als van de opheffing van die opschorting. |
||
|
|
6. In geval van ongerechtvaardigde niet-inwilliging van de verzoeken om informatie van de Commissie kan de Commissie bij besluit het volgende opleggen: |
||
|
|
|
||
|
|
|
||
|
|
7. Alvorens dwangsommen op te leggen, wordt de betrokken partij of entiteit in de gelegenheid gesteld te worden gehoord. Bij de bepaling van het bedrag van de geldboete of de dwangsom houdt de Commissie rekening met de aard, de ernst en de duur van de niet-inwilliging, met inachtneming van de beginselen van evenredigheid en redelijkheid. |
||
|
|
8. Bij de bepaling van het bedrag van de geldboete of de dwangsom houdt de Commissie rekening met de aard, de ernst en de duur van de niet-inwilliging, met inachtneming van de beginselen van evenredigheid en redelijkheid. |
Amendement 152
Voorstel voor een verordening
Artikel 10 – lid 1 – inleidende formule
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
1. De lidstaten zorgen ervoor dat de informatie die wordt verstrekt in de in artikel 5 bedoelde kennisgeving en in het kader van het in artikel 9, lid 5, bedoelde verzoek om informatie het volgende omvat : |
1. De lidstaten nemen ten minste de volgende informatie op in de in artikel 5 bedoelde kennisgeving en in reactie op het in artikel 9, lid 5, bedoelde verzoek om informatie: |
Amendement 153
Voorstel voor een verordening
Artikel 10 – lid 1 – punt e
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||||
|
|
Amendement 154
Voorstel voor een verordening
Artikel 10 – lid 1 – punt e bis (nieuw)
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||
|
|
|
Amendement 155
Voorstel voor een verordening
Artikel 10 – lid 1 – punt e ter (nieuw)
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||
|
|
|
Amendement 156
Voorstel voor een verordening
Artikel 10 – lid 3
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
3. Indien de Commissie of de lidstaten overeenkomstig artikel 8, lid 1, of artikel 9, lid 5, de lidstaat waarin de buitenlandse investering wordt gepland of is voltooid om aanvullende informatie verzoeken, stelt die lidstaat alles in het werk om die informatie, indien beschikbaar, aan de verzoekende lidstaten en de Commissie te verstrekken. |
Schrappen |
Amendement 157
Voorstel voor een verordening
Artikel 10 – lid 4
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
4. Indien nodig kan de lidstaat waar de buitenlandse investering wordt gepland of is voltooid de aanvrager van een toelating of een andere relevante onderneming verzoeken de in de leden 1 en 3 bedoelde informatie te verstrekken. Het verzoek om informatie kan betrekking hebben op informatie die de lidstaat nodig heeft om te bepalen of aan een van de voorwaarden van artikel 5, lid 1, is voldaan. De betrokken onderneming verstrekt de gevraagde informatie binnen 15 kalenderdagen na ontvangst van het verzoek aan de lidstaat waar de buitenlandse investering wordt gepland of is voltooid. |
4. Indien nodig kan de ontvangende lidstaat de aanvrager van een toelating of een andere relevante onderneming verzoeken onder meer de in lid 1 van dit artikel en artikel 8, lid 2, bedoelde informatie te verstrekken. Het verzoek om informatie kan betrekking hebben op informatie die de lidstaat nodig heeft om te bepalen of aan een van de voorwaarden van artikel 5, lid 1, is voldaan. De betrokken onderneming verstrekt de gevraagde informatie binnen 15 kalenderdagen na ontvangst van het verzoek aan de lidstaat waar de buitenlandse investering wordt gepland of is voltooid. |
Amendement 158
Voorstel voor een verordening
Artikel 10 – lid 5
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
5. De lidstaat waarin de buitenlandse investering wordt gepland of is voltooid en de Commissie kunnen andere lidstaten verzoeken informatie in te winnen bij ondernemingen op hun grondgebied, op voorwaarde dat deze informatie relevant en strikt noodzakelijk is voor de beoordeling van een buitenlandse investering overeenkomstig artikel 13. De lidstaat die het verzoek om informatie in te winnen ontvangt, verzoekt de onderneming onverwijld die informatie te verstrekken en stelt de lidstaat waar de buitenlandse investering wordt gepland of is voltooid en de Commissie daarvan in kennis overeenkomstig de procedure van artikel 8, lid 2 , en artikel 9, lid 6, naargelang het geval. |
5. De ontvangende lidstaat en de Commissie kunnen andere lidstaten verzoeken informatie in te winnen bij ondernemingen op hun grondgebied, op voorwaarde dat deze informatie relevant en strikt noodzakelijk is voor de beoordeling van een buitenlandse investering overeenkomstig artikel 13. De lidstaat die het verzoek om informatie in te winnen ontvangt, verzoekt de onderneming onverwijld die informatie te verstrekken en stelt de ontvangende lidstaat en de Commissie daarvan in kennis overeenkomstig de procedure van artikel 8, lid 5 , en artikel 9, lid 6, naargelang het geval. |
Amendement 159
Voorstel voor een verordening
Artikel 10 – lid 6
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
6. Indien een lidstaat er in uitzonderlijke omstandigheden ondanks al zijn inspanningen niet in slaagt de in de lid 3, 4 of 5 bedoelde informatie te verstrekken, stelt hij de Commissie en de andere betrokken lidstaten daarvan in kennis. Die lidstaat motiveert naar behoren waarom hij de informatie niet kan verstrekken. |
6. Indien een lidstaat er in uitzonderlijke omstandigheden ondanks al zijn inspanningen niet in slaagt de in de leden 4 of 5 van dit artikel, artikel 8, lid 2, of artikel 9, lid 5, bedoelde informatie te verstrekken, stelt hij de Commissie en de andere betrokken lidstaten daarvan in kennis. Die lidstaat motiveert naar behoren waarom hij de informatie niet kan verstrekken. |
Amendement 160
Voorstel voor een verordening
Artikel 11 – lid 1
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
1. De lidstaten voorzien in de nodige juridische en administratieve middelen om op efficiënte en doeltreffende wijze aan het samenwerkingsmechanisme te kunnen deelnemen . |
1. De lidstaten voorzien in de nodige juridische en administratieve middelen om de taken die aan hen zijn toevertrouwd ter verwezenlijking van de doelstellingen van deze verordening op doeltreffende en efficiënte wijze uit te voeren, onder meer waar het hun efficiënte en doeltreffende deelname aan het samenwerkingsmechanisme betreft . |
Amendement 161
Voorstel voor een verordening
Artikel 11 – lid 4
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
4. De lidstaten zorgen ervoor dat hun screeningmechanismen voldoende tijd en middelen bieden om de opmerkingen van andere lidstaten en de adviezen van de Commissie te beoordelen en zoveel mogelijk in acht te nemen voordat een screeningbesluit wordt genomen. Dit houdt in dat zij over alle nodige juridische instrumenten en bevoegdheden moeten beschikken om in hun screeningbesluit of in enig ander relevant instrument waarover zij beschikken rekening te houden met door een andere lidstaat of de Commissie geuite bezorgdheid of door een andere lidstaat of de Commissie vastgestelde waarschijnlijke effecten. Indien de Commissie en de andere lidstaten overeenkomstig artikel 5 in kennis worden gesteld van een buitenlandse investering, staan de screeningmechanismen de lidstaten niet toe hun screeningbesluit te nemen voordat de in artikel 8, lid 3, vastgestelde termijnen voor het indienen van opmerkingen door de lidstaten en het uitbrengen van adviezen door de Commissie zijn verstreken. |
4. De screeningmechanismen van de lidstaten bieden voldoende middelen om de opmerkingen van andere lidstaten en de adviezen van de Commissie te beoordelen en zoveel mogelijk in acht te nemen voordat een screeningbesluit wordt genomen. Dit houdt in dat zij over alle nodige juridische instrumenten en bevoegdheden moeten beschikken om in hun screeningbesluit of in enig ander relevant instrument waarover zij beschikken rekening te houden met door een andere lidstaat of de Commissie geuite bezorgdheid of door een andere lidstaat of de Commissie vastgestelde waarschijnlijke effecten. |
Amendement 162
Voorstel voor een verordening
Artikel 11 – lid 5
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
5. De lidstaten zorgen ervoor dat hun nationale wetgeving toestaat dat de in artikel 7 , leden 5 tot en met 9, vastgestelde verplichtingen kunnen worden nagekomen. |
5. De lidstaten zorgen ervoor dat hun nationale wetgeving toestaat dat de in artikel 7 vastgestelde verplichtingen kunnen worden nagekomen. |
Amendement 163
Voorstel voor een verordening
Artikel 11 – lid 7
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
7. Wanneer risicobeperkende maatregelen in een screeningbesluit naleving door in andere lidstaten gevestigde ondernemingen vereist , werken de lidstaten die een screeningbesluit hebben genomen met de andere betrokken lidstaat of lidstaten samen bij de monitoring en uitvoering van het screeningbesluit. De lidstaten zorgen ervoor dat zij over alle nodige juridische instrumenten en bevoegdheden beschikken om de gevolgen van niet-naleving van de in een screeningbesluit vastgestelde risicobeperkende maatregelen doeltreffend aan te pakken. |
7. Wanneer risicobeperkende maatregelen in een screeningbesluit naleving door in meer dan één lidstaat gevestigde ondernemingen vereisen , werken de betrokken lidstaten met elkaar samen bij de monitoring en uitvoering van het screeningbesluit. De lidstaten zorgen ervoor dat zij over alle nodige juridische instrumenten en bevoegdheden beschikken om de gevolgen van niet-naleving van de in een screeningbesluit van een andere lidstaat of de Commissie vastgestelde risicobeperkende maatregelen doeltreffend aan te pakken. |
Amendement 164
Voorstel voor een verordening
Artikel 11 lid 7 bis (nieuw)
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
|
7 bis. Indien een ontvangende lidstaat na vaststelling van een screeningbesluit sancties oplegt overeenkomstig artikel 4, lid 2, punt h bis), stelt hij de Commissie en de lidstaten die opmerkingen over de transactie hebben ingediend, hiervan binnen een redelijke termijn in kennis. |
Amendement 165
Voorstel voor een verordening
Artikel 12 – lid 1 – inleidende formule
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
1. Overeenkomstig de procedures van de artikelen 5, 7 en 9 ontvangen informatie mag alleen worden gebruikt voor het doel waarvoor zij werd gevraagd, tenzij: |
1. Overeenkomstig de procedures van de artikelen 5, 7 , 9 en 9 bis ontvangen informatie mag alleen worden gebruikt voor het doel waarvoor zij werd gevraagd, tenzij: |
Amendement 166
Voorstel voor een verordening
Artikel 12 – lid 1 – punt b
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||||
|
|
Amendement 167
Voorstel voor een verordening
Artikel 12 – lid 4
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
4. De Commissie voorziet in een beveiligd en versleuteld systeem dat de uitwisseling van informatie tussen de contactpunten moet ondersteunen. |
Schrappen |
Amendement 168
Voorstel voor een verordening
Artikel 12 bis (nieuw)
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
|
Artikel 12 bis |
|
|
Beveiligd en versleuteld systeem en centraal portaal |
|
|
1. De Commissie zet een beveiligd en versleuteld systeem op en onderhoudt dit, met als doel de uitwisseling van informatie tussen de contactpunten te ondersteunen. Alle communicatie tussen de lidstaten onderling en tussen de lidstaten en de Commissie uit hoofde van deze verordening, met inbegrip van de kennisgevingen overeenkomstig artikel 5 en de opmerkingen en adviezen overeenkomstig artikel 7, vindt uitsluitend via dat beveiligde en versleutelde systeem plaats. |
|
|
2. Als onderdeel van het beveiligde en versleutelde systeem zet de Commissie een centraal onlineportaal op voor de elektronische indiening van buitenlandse investeringen bij screeningautoriteiten. Dat centrale portaal wordt uiterlijk op... [zes maanden voor de datum van inwerkingtreding van deze verordening] operationeel. Het dient als toegangspunt voor de screening van buitenlandse investeringen. De lidstaten gebruiken het centrale portaal voor het ontvangen van ingediende verzoeken en voor andere communicatie met aanvragers. |
|
|
3. Aanvragers en hun wettelijke vertegenwoordigers dienen verzoeken in via een onlineformulier dat beschikbaar is op het overeenkomstig lid 2 van dit artikel opgezette centrale portaal. Het formulier bevat de krachtens artikel 10, lid 1, vereiste informatie. |
|
|
4. Bij het indienen van een verzoek kiezen de aanvragers de lidstaten waar het verzoek moet worden ingediend. De verdere communicatie tussen de ontvangende lidstaat en de aanvragers vindt via het centrale portaal plaats, totdat het verzoek om toelating is voltooid. |
|
|
5. Alle informatie die via het centrale portaal wordt doorgegeven, wordt alleen ter beschikking gesteld van de aangewezen ontvanger. |
|
|
6. Uiterlijk op... [zes maanden voor de datum van toepassing van deze verordening] stelt de Commissie door middel van uitvoeringshandelingen overeenkomstig artikel 21 maatregelen vast tot vaststelling van de modaliteiten voor de werking van het centrale portaal en het in dit artikel bedoelde beveiligde en versleutelde systeem. |
|
|
7. Als onderdeel van het beveiligde en versleutelde systeem zet de Commissie een voor alle lidstaten toegankelijke beveiligde databank op met informatie-uitwisseling over de buitenlandse investeringen die door het samenwerkingsmechanisme zijn beoordeeld, onder meer met betrekking tot de betrokken partijen, de ingediende opmerkingen, de uitgebrachte adviezen en de resultaten van de beoordelingen in het kader van de nationale screeningmechanismen, met inbegrip van informatie over de relevante screeningbesluiten. De Commissie zet die beveiligde databank uiterlijk op... [zes maanden na de datum van inwerkingtreding van deze verordening] op en uploadt de informatie waarover zij sinds 12 oktober 2020 beschikt in die databank. Uiterlijk op … [de datum van toepassing van deze verordening] uploaden de lidstaten de hun ter beschikking staande informatie over de resultaten van de desbetreffende procedure in het kader van hun eigen screeningmechanismen in die databank. De lidstaten en de Commissie kunnen bovendien aanvullende informatie of toelichtingen verstrekken, met inbegrip van relevante bedrijfsinformatie van commerciële verkopers die zij hebben verworven en geverifieerd. |
Amendement 169
Voorstel voor een verordening
Artikel 12 ter (nieuw)
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
|
Artikel 12 ter |
|
|
Capaciteit op het gebied van bedrijfsinformatie |
|
|
De Commissie ontwikkelt capaciteit op het gebied van bedrijfsinformatie teneinde de screeningautoriteiten van de lidstaten te helpen bij het vaststellen van mogelijke risico’s voor de veiligheid en de openbare orde met betrekking tot buitenlandse investeringen, alsook gecoördineerde risicobeoordelingen, en ondersteunt in overleg met de deskundigengroep van de Commissie voor het screenen van buitenlandse investeringen een Unieprogramma voor capaciteitsopbouw voor buitenlandse directe investeringen voor het vaststellen en bevorderen van beste praktijken en geleerde lessen, en biedt gemeenschappelijke opleidingsprogramma’s voor ambtenaren van de lidstaten aan. |
Amendement 170
Voorstel voor een verordening
Artikel 13 – lid 2
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
2. Met het oog op het uitbrengen van een met redenen omkleed advies overeenkomstig artikel 7, lid 2 of 3, of artikel 9, lid 7, bepaalt de Commissie of een buitenlandse investering waarschijnlijk negatieve gevolgen voor de veiligheid of de openbare orde zal hebben. |
2. Met het oog op het uitbrengen van een met redenen omkleed advies overeenkomstig artikel 7, lid 2 of 3, of artikel 9, lid 7 , of een besluit overeenkomstig artikel 7, lid 9 ter of 9 quater , bepaalt de Commissie of een buitenlandse investering waarschijnlijk negatieve gevolgen voor de veiligheid of de openbare orde zal hebben. |
Amendement 171
Voorstel voor een verordening
Artikel 13 – lid 3 – inleidende formule
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
3. Bij het bepalen of een investering waarschijnlijk negatieve gevolgen voor de veiligheid of de openbare orde zal hebben, gaan de lidstaten of de Commissie met name na of de betrokken investering waarschijnlijk negatieve gevolgen zal hebben voor: |
3. Bij het bepalen of een buitenlandse investering waarschijnlijk negatieve gevolgen voor de veiligheid of de openbare orde zal hebben, gaan de lidstaten of de Commissie met name na of de betrokken investering waarschijnlijk negatieve gevolgen zal hebben voor: |
Amendement 172
Voorstel voor een verordening
Artikel 13 – lid 3 – punt a
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||||
|
|
||||
Amendement 173
Voorstel voor een verordening
Artikel 13 – lid 3 – punt a bis (nieuw)
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||
|
|
|
Amendement 174
Voorstel voor een verordening
Artikel 13 – lid 3 – punt a ter (nieuw)
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||
|
|
|
Amendement 175
Voorstel voor een verordening
Artikel 13 – lid 3 – punt b
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||||
|
|
Amendement 176
Voorstel voor een verordening
Artikel 13 – lid 3 – punt c
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||||
|
|
Amendement 177
Voorstel voor een verordening
Artikel 13 – lid 3 – punt c bis (nieuw)
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||
|
|
|
Amendement 178
Voorstel voor een verordening
Artikel 13 – lid 3 – punt c ter (nieuw)
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||
|
|
|
Amendement 179
Voorstel voor een verordening
Artikel 13 – lid 3 – punt c quater (nieuw)
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||
|
|
|
Amendement 180
Voorstel voor een verordening
Artikel 13 – lid 3 – punt c quinquies (nieuw)
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||
|
|
|
Amendement 181
Voorstel voor een verordening
Artikel 13 – lid 3 – punt d
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||||
|
|
||||
|
|
Amendement 182
Voorstel voor een verordening
Artikel 13 – lid 3 – punt d bis (nieuw)
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||
|
|
|
Amendement 183
Voorstel voor een verordening
Artikel 13 – lid 3 – punt e
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||||
|
|
Amendement 184
Voorstel voor een verordening
Artikel 13 – lid 3 – punt e bis (nieuw)
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||
|
|
|
||
|
|
Amendement 185
Voorstel voor een verordening
Artikel 13 – lid 4 – punt -a (nieuw)
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||
|
|
|
Amendement 186
Voorstel voor een verordening
Artikel 13 – lid 4 – punt a
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||||
|
|
Amendement 187
Voorstel voor een verordening
Artikel 13 – lid 4 – punt d
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||||
|
|
Amendement 188
Voorstel voor een verordening
Artikel 13 – lid 4 – punt e
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||||
|
|
Amendement 189
Voorstel voor een verordening
Artikel 13 – lid 4 – punt e bis (nieuw)
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||
|
|
|
Amendement 190
Voorstel voor een verordening
Artikel 13 – lid 4 – punt e ter (nieuw)
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||
|
|
|
Amendement 191
Voorstel voor een verordening
Artikel 13 – lid 4 bis (nieuw)
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
|
4 bis. De Commissie stelt een risicobeoordelingsformulier ter beschikking dat de lidstaten kunnen gebruiken om de in de leden 3 en 4 genoemde elementen te beoordelen. |
Amendement 192
Voorstel voor een verordening
Artikel 13 – lid 4 ter (nieuw)
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
|
4 ter. De Commissie kan een risicobeoordeling uitvoeren in verband met een specifieke sector, kritieke technologie, buitenlandse investeerders of ondernemingen in de Unie om input te leveren voor de screeningbesluiten van de lidstaten. Die risicobeoordeling wordt ter beschikking gesteld in de overeenkomstig artikel 12 bis, lid 6 bis, ingestelde beveiligde databank, en wordt in aanmerking genomen door de lidstaten wanneer zij bepalen of een investering waarschijnlijk negatieve gevolgen zal hebben voor de veiligheid of de openbare orde. |
Amendement 193
Voorstel voor een verordening
Artikel 14 – titel
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
Screeningbesluiten over buitenlandse investeringen die waarschijnlijk negatieve gevolgen voor de veiligheid of de openbare orde zullen hebben |
Screeningbesluiten over buitenlandse investeringen |
Amendement 194
Voorstel voor een verordening
Artikel 14 – lid 1 – alinea 1 – inleidende formule
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
Wanneer de lidstaat waarin de buitenlandse investering wordt gepland of is voltooid , rekening houdend met de criteria van artikel 13 en, in voorkomend geval, in het licht van opmerkingen die door andere lidstaten zijn ingediend overeenkomstig artikel 7, lid 1, of artikel 9, lid 7, of een advies dat door de Commissie is uitgebracht overeenkomstig artikel 7, lid 2, of 3, of artikel 9, lid 7, concludeert dat de buitenlandse investering waarschijnlijk negatieve gevolgen voor de veiligheid of de openbare orde in een of meer lidstaten zal hebben, onder meer wanneer het een project of programma van Uniebelang betreft, neemt hij een screeningbesluit om: |
Wanneer de ontvangende lidstaat, rekening houdend met de criteria van artikel 13 en, in voorkomend geval, in het licht van opmerkingen die door andere lidstaten zijn ingediend overeenkomstig artikel 7, lid 1, of artikel 9, lid 7, of een advies dat door de Commissie is uitgebracht overeenkomstig artikel 7, lid 2, of 3, of artikel 9, lid 7, en zonder afbreuk te doen aan de bevoegdheid van de Commissie om overeenkomstig artikel 7, lid 9 quater, een besluit vast te stellen, concludeert dat de buitenlandse investering waarschijnlijk negatieve gevolgen voor de veiligheid of de openbare orde in een of meer lidstaten zal hebben, onder meer wanneer het een project of programma van Uniebelang betreft, neemt hij een screeningbesluit om: |
Amendement 195
Voorstel voor een verordening
Artikel 14 – lid 1 – alinea 2
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
Het screeningbesluit is in overeenstemming met het evenredigheidsbeginsel en in het screeningbesluit wordt rekening gehouden met alle omstandigheden van de buitenlandse investering. |
Het screeningbesluit is in overeenstemming met het evenredigheidsbeginsel en is gebaseerd op gedocumenteerde risico’s, en in het screeningbesluit wordt rekening gehouden met alle omstandigheden van de buitenlandse investering. |
Amendement 196
Voorstel voor een verordening
Artikel 14 – lid 2
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
2. Indien de lidstaat waar de buitenlandse investering wordt gepland of is voltooid van oordeel is dat andere maatregelen uit hoofde van het Unierecht of het nationale recht beschikbaar zijn en passend zijn om de gevolgen van de buitenlandse investering voor de veiligheid en de openbare orde aan te pakken, wordt de buitenlandse investering zonder voorwaarden toegestaan. |
2. Indien de ontvangende lidstaat concludeert dat de buitenlandse investering waarschijnlijk geen negatieve gevolgen zal hebben voor de veiligheid of de openbare orde of van oordeel is dat andere maatregelen uit hoofde van het Unierecht of het nationale recht beschikbaar zijn en passend zijn om de gevolgen van de buitenlandse investering voor de veiligheid en de openbare orde op doeltreffende wijze aan te pakken, en met uitzondering van gevallen waarin de Commissie overeenkomstig artikel 7, lid 9 quater, een besluit heeft genomen, wordt de buitenlandse investering zonder voorwaarden toegestaan. |
Amendement 197
Voorstel voor een verordening
Artikel 14 – lid 2 bis (nieuw)
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||
|
|
2 bis. De in lid 1, punt a), bedoelde risicobeperkende maatregelen zijn afdoende voor het aanpakken van de gevolgen van buitenlandse investeringen voor de veiligheid en de openbare orde en zijn in overeenstemming met het evenredigheidsbeginsel. Het kan hierbij gaan om de volgende maatregelen: |
||
|
|
|
||
|
|
|
||
|
|
|
||
|
|
|
||
|
|
|
||
|
|
|
||
|
|
|
||
|
|
|
||
|
|
|
||
|
|
|
||
|
|
|
Amendement 198
Voorstel voor een verordening
Artikel 14 bis (nieuw)
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
|
Artikel 14 bis |
|
|
Deskundigengroep inzake de screening van buitenlandse directe investeringen in de Unie |
|
|
1. De deskundigengroep inzake de screening van buitenlandse directe investeringen in de Unie, die de Commissie van advies en deskundigheid voorziet, blijft deelnemen aan besprekingen over de screening van buitenlandse directe investeringen. De groep deelt beste praktijken en geleerde lessen, en wisselt van gedachten over tendensen en onderwerpen van gemeenschappelijk belang in verband met buitenlandse directe investeringen. De Commissie vraagt die groep ook om advies over systemische vraagstukken in verband met de uitvoering van deze verordening. Die groep komt regelmatig bijeen om een constante dialoog en wederzijds leren te garanderen. |
|
|
2. De in die groep gevoerde discussies worden vertrouwelijk gehouden. |
Amendement 199
Voorstel voor een verordening
Artikel 14 ter (nieuw)
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||
|
|
Artikel 14 ter |
||
|
|
Vereisten inzake openbare transparantie |
||
|
|
1. Uiterlijk op... [de datum van inwerkingtreding van deze verordening] vaardigt de Commissie richtsnoeren uit over de toepassing van: |
||
|
|
|
||
|
|
|
||
|
|
|
||
|
|
|
||
|
|
Voordat de Commissie de in de eerste alinea bedoelde richtsnoeren uitvaardigt, raadpleegt zij de belanghebbenden op passende wijze. De Commissie actualiseert die richtsnoeren regelmatig in het licht van de ervaring die is opgedaan bij de uitvoering van deze verordening. |
||
|
|
2. De Commissie publiceert een lijst van alle screeningmechanismen die door de lidstaten zijn ingevoerd. Die lijst bevat beknopte informatie over het respectieve toepassingsgebied en de relevante procedureregels van elk screeningmechanisme. De lijst bevat tevens een link naar de in lid 3 bedoelde richtsnoeren van de screeningautoriteiten en de contactgegevens van het betreffende contactpunt. De lijst wordt door de Commissie geactualiseerd. |
||
|
|
3. Teneinde meer transparantie en voorspelbaarheid te creëren, brengen de lidstaten gedetailleerde richtsnoeren uit over het toepassingsgebied van hun screeningmechanisme, de drempels en triggers voor kennisgevingsverplichtingen, de criteria die worden gebruikt om te beoordelen of een investering waarschijnlijk negatieve gevolgen zal hebben voor de veiligheid of de openbare orde, de criteria voor het starten van een diepgaand onderzoek, en de toepasselijke termijnen en procedureregels. De lidstaten actualiseren deze richtsnoeren geregeld. |
Amendement 200
Voorstel voor een verordening
Artikel 15 – alinea 1
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
De lidstaten en de Commissie kunnen met de bevoegde autoriteiten van derde landen samenwerken op het gebied van vraagstukken in verband met de screening van investeringen om redenen van veiligheid en openbare orde. |
De lidstaten en de Commissie kunnen met de bevoegde autoriteiten van derde landen samenwerken , onder meer via bilaterale en multilaterale platforms, op het gebied van vraagstukken in verband met de screening van investeringen om redenen van veiligheid en openbare orde. Die samenwerking kan de uitwisseling van informatie en beste praktijken omvatten, alsook technische bijstand en ondersteuning bij capaciteitsopbouw. In het kader van die samenwerking stimuleert de Commissie de inrichting van mechanismen voor de screening van investeringen door derde landen, met name door landen die kandidaat zijn voor toetreding tot de Unie en landen in het nabuurschap van de Unie. |
Amendement 201
Voorstel voor een verordening
Artikel 16 – lid 1 – inleidende formule
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
1. Uiterlijk op 31 maart van elk jaar vanaf [datum toevoegen: eerste jaar van toepassing] brengen de lidstaten op vertrouwelijke basis aan de Commissie verslag uit over hun activiteiten in het kader van hun screeningmechanisme en het samenwerkingsmechanisme voor het vorige kalenderjaar. Dit verslag bevat informatie over : |
1. Uiterlijk op 31 maart van elk jaar vanaf ... [datum toevoegen: eerste jaar van toepassing] brengen de lidstaten op vertrouwelijke basis aan de Commissie verslag uit over hun activiteiten in het kader van hun screeningmechanisme en het samenwerkingsmechanisme voor het vorige kalenderjaar. Dit verslag omvat : |
Amendement 202
Voorstel voor een verordening
Artikel 16 – lid 1 – punt c
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||||
|
|
Amendement 203
Voorstel voor een verordening
Artikel 16 – lid 1 – punt e
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||||
|
|
Amendement 204
Voorstel voor een verordening
Artikel 16 – lid 1 – punt e bis (nieuw)
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||
|
|
|
Amendement 205
Voorstel voor een verordening
Artikel 16 – lid 1 – punt f
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||||
|
|
Amendement 206
Voorstel voor een verordening
Artikel 16 – lid 1 – punt f bis (nieuw)
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||
|
|
|
Amendement 207
Voorstel voor een verordening
Artikel 16 – lid 1 bis (nieuw)
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
|
1 bis. Uiterlijk op... [1 januari van het eerste jaar van toepassing] stelt de Commissie een uitvoeringshandeling vast overeenkomstig artikel 21, tot vaststelling van het formulier dat moet worden gebruikt om de in lid 1 van dit artikel bedoelde informatie te verstrekken. |
Amendement 208
Voorstel voor een verordening
Artikel 16 – lid 2
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
2. De Commissie dient op basis van de overeenkomstig lid 1 ontvangen informatie en van haar beoordeling van trends en ontwikkelingen jaarlijks een verslag over de uitvoering van deze verordening in bij het Europees Parlement en de Raad. Dat verslag wordt openbaar gemaakt. |
2. Op basis van de overeenkomstig lid 1 ontvangen informatie , van haar uitvoeringspraktijken en van haar beoordeling van trends en ontwikkelingen , dient de Commissie jaarlijks een verslag over de uitvoering van deze verordening in bij het Europees Parlement en de Raad , en wel uiterlijk op 30 september van elk jaar, te beginnen in … [het eerste jaar van toepassing van deze verordening] . Dat verslag wordt openbaar gemaakt. |
Amendement 209
Voorstel voor een verordening
Artikel 16 lid 2 bis (nieuw)
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
|
2 bis. Het jaarverslag van de Commissie bevat een overzicht van de in lid 1 bedoelde informatie voor elke lidstaat, een beoordeling van de trends en cijfers met betrekking tot buitenlandse investeringen in de Unie, relevante ontwikkelingen op wetgevingsgebied in de lidstaten, internationale samenwerkingsinitiatieven, geleerde lessen en beste praktijken ter ondersteuning van de uitvoering van deze verordening. |
Amendement 210
Voorstel voor een verordening
Artikel 18 – lid 1
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
1. De Commissie toetst het functioneren en de doeltreffendheid van deze verordening vijf jaar na de datum van toepassing van deze verordening en daarna om de vijf jaar en dient een verslag in bij het Europees Parlement en de Raad. De lidstaten worden hierbij betrokken en verstrekken de Commissie indien nodig extra informatie voor de opstelling van dat verslag. |
1. De Commissie toetst het functioneren en de doeltreffendheid van deze verordening drie jaar na de datum van toepassing van deze verordening en daarna om de vijf jaar en dient een verslag in bij het Europees Parlement en de Raad. De lidstaten zijn betrokken bij dit beoordelingsproces en verstrekken de Commissie indien nodig extra informatie voor de opstelling van dat verslag. Dat verslag bevat een analyse van de ontwikkeling van buitenlandse investeringen in de Unie, alsook een beoordeling van de bijdrage van deze verordening aan de economische veiligheid van de Unie. Het verslag moet een beoordeling bevatten van de vraag of de in artikel 4, lid 4 en artikel 4 bis genoemde voorwaarden moeten worden aangepast om een samenhangende aanpak van de screening van buitenlandse investeringen in de hele Unie te waarborgen, rekening houdend met de in artikel 13, leden 3 en 4, genoemde criteria, met inbegrip van de veiligheid van militaire voorzieningen en andere gevoelige openbare voorzieningen. In het verslag moeten ook de nalevingskosten worden beoordeeld waarmee bedrijven worden geconfronteerd. |
Amendement 211
Voorstel voor een verordening
Artikel 19 – lid 2 – inleidende formule
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
2. De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 20 gedelegeerde handelingen vast te stellen om, indien nodig, de in bijlage II opgenomen lijst van technologieën, activa, installaties, apparatuur, netwerken, systemen, diensten en economische activiteiten die van bijzonder belang zijn voor de belangen van de Unie op het gebied van veiligheid of openbare orde, te wijzigen teneinde rekening te houden met veranderingen in de omstandigheden die relevant zijn voor de belangen van de Unie op het gebied van veiligheid of openbare orde. Deze overwegingen omvatten met name het volgende: |
2. De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 20 gedelegeerde handelingen vast te stellen om, indien nodig, de in bijlage II opgenomen lijst van technologieën, materialen, activa, installaties, apparatuur, netwerken, systemen, diensten en economische activiteiten die van bijzonder belang zijn voor de belangen van de Unie op het gebied van veiligheid of openbare orde, te wijzigen teneinde rekening te houden met veranderingen in de omstandigheden die relevant zijn voor de belangen van de Unie op het gebied van veiligheid of openbare orde. Deze overwegingen omvatten met name het volgende: |
Amendement 212
Voorstel voor een verordening
Artikel 19 – lid 2 – punt b bis (nieuw)
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||
|
|
|
Amendement 213
Voorstel voor een verordening
Artikel 19 lid 2 bis (nieuw)
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
|
2 bis. De eerste van de in lid 2 van dit artikel bedoelde gedelegeerde handelingen wordt uiterlijk... [negen maanden na de datum van inwerkingtreding van deze verordening] vastgesteld tot wijziging van bijlage II met het oog op de verdere uitwerking van de lijst van technologieën, materialen, activa, installaties, uitrusting, netwerken, systemen, diensten en economische activiteiten die van bijzonder belang zijn voor de belangen van de Unie op het gebied van veiligheid of openbare orde. |
Amendement 214
Voorstel voor een verordening
Artikel 20 – lid 2
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
2. De bevoegdheid om gedelegeerde handelingen vast te stellen, wordt aan de Commissie toegekend voor onbepaalde tijd met ingang van [datum van inwerkingtreding van de basiswetgevingshandeling ]. |
2. De in artikel 19 bedoelde bevoegdheid om gedelegeerde handelingen vast te stellen, wordt aan de Commissie toegekend voor een termijn van vijf jaar vanaf... [ de datum van inwerkingtreding van deze verordening ]. De Commissie stelt uiterlijk negen maanden voor het einde van de termijn van vijf jaar een verslag op over de bevoegdheidsdelegatie. De bevoegdheidsdelegatie wordt stilzwijgend met termijnen van dezelfde duur verlengd, tenzij het Europees Parlement of de Raad zich uiterlijk drie maanden voor het einde van elke termijn tegen die verlenging verzet. |
Amendement 215
Voorstel voor een verordening
Artikel 21 – lid 1
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
1. De Commissie is bevoegd uitvoeringshandelingen vast te stellen tot vaststelling van de formulieren die moeten worden gebruikt om de in artikel 10, lid 1, bedoelde informatie te verstrekken. |
Schrappen |
Amendement 216
Voorstel voor een verordening
Artikel 21 – lid 2
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
2. De in lid 1 bedoelde uitvoeringshandelingen worden volgens de in artikel 22, lid 2, bedoelde raadplegingsprocedure vastgesteld. |
2. De in artikel 10, lid 2, artikel 12 bis, lid 3, artikel 12 bis, lid 6 en artikel 16, lid 1 bis, bedoelde uitvoeringshandelingen worden volgens de in artikel 22, lid 2, bedoelde raadplegingsprocedure vastgesteld. |
Amendement 217
Voorstel voor een verordening
Artikel 23 – alinea 1
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
Verordening (EU) 2019/452 wordt ingetrokken met ingang van [ datum: 15 maanden na de inwerkingtreding]. |
Verordening (EU) 2019/452 wordt ingetrokken met ingang van ... [ 12 maanden vanaf de datum van inwerkingtreding van deze verordening ]. |
Amendement 218
Voorstel voor een verordening
Artikel 24 – alinea 2
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
Zij is van toepassing met ingang van [ datum: 15 maanden na de inwerkingtreding]. |
Zij is van toepassing met ingang van ... [ 12 maanden vanaf de datum van inwerkingtreding van deze verordening ]. |
Amendement 219
Voorstel voor een verordening
Artikel 24 alinea 2 bis (nieuw)
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
|
Artikel 19, lid 2 en lid 2 bis zijn evenwel van toepassing met ingang van... [de datum van inwerkingtreding van deze verordening]. |
|
|
Deze verordening is van toepassing, ongeacht het al dan niet operationeel zijn van het in artikel 12 bis, lid 2, bedoelde centrale portaal. |
Amendement 220
Voorstel voor een verordening
Bijlage I – punt 7 – alinea 1
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
Verordening (EU) nr. 1315/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 11 december 2013 betreffende richtsnoeren van de Unie voor de ontwikkeling van het trans-Europees vervoersnetwerk en tot intrekking van Besluit nr. 661/2010/EU (PB L 348 van 20.12.2013, blz. 1 , ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2013/1315/oj) . |
Verordening (EU) 2024/1679 van het Europees Parlement en de Raad van 13 juni 2024 betreffende richtsnoeren van de Unie voor de ontwikkeling van het trans-Europees vervoersnetwerk , tot wijziging van Verordening (EU) 2021/1153 en Verordening (EU) nr. 913/2010 en tot intrekking van Verordening (EU) nr. 1315/2013 ( PB L, 2024/1679, 28.6.2024 , ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2024/1679/oj ) . |
Amendement 221
Voorstel voor een verordening
Bijlage I – punt 17 bis (nieuw)
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||
|
|
|
||
|
|
[Verwijzing toe te voegen na vaststelling van de verordening.] |
Amendement 222
Voorstel voor een verordening
Bijlage I – punt 20 bis (nieuw)
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||
|
|
|
||
|
|
Gedelegeerde Verordening (EU) 2024/1041 van de Commissie van 28 november 2023 tot wijziging van Verordening (EU) 2022/869 van het Europees Parlement en de Raad wat betreft de Unielijst van projecten van gemeenschappelijk belang en projecten van wederzijds belang (PB L, 2024/1041, 8.4.2024, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg_del/2024/1041/oj). |
Amendement 223
Voorstel voor een verordening
Bijlage II – kopje 1
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
Lijst van technologieën, activa, faciliteiten, uitrusting, netwerken, systemen, diensten en economische activiteiten die van bijzonder belang zijn voor de veiligheid of de openbare orde van de Unie |
Lijst van technologieën, materialen, activa, faciliteiten, uitrusting, netwerken, systemen, diensten en economische activiteiten die van bijzonder belang zijn voor de veiligheid of de openbare orde van de Unie |
Amendement 224
Voorstel voor een verordening
Bijlage II – punt 3 – a – inleidende formule
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||||
|
|
Amendement 225
Voorstel voor een verordening
Bijlage II – punt 3 – a – streepje 1
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||||
|
|
Amendement 226
Voorstel voor een verordening
Bijlage II – punt 3 – a – streepje 2
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||||
|
|
Amendement 227
Voorstel voor een verordening
Bijlage II – punt 3 – a – streepje 3
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||||
|
|
Amendement 228
Voorstel voor een verordening
Bijlage II – punt 3 – a – streepje 4
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||||
|
|
Amendement 229
Voorstel voor een verordening
Bijlage II – punt 3 – a – streepje 4 bis (nieuw)
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||
|
|
|
Amendement 230
Voorstel voor een verordening
Bijlage II – punt 3 – a – streepje 4 ter (nieuw)
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||
|
|
|
Amendement 231
Voorstel voor een verordening
Bijlage II – punt 3 – a – streepje 4 quater (nieuw)
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||
|
|
|
Amendement 232
Voorstel voor een verordening
Bijlage II – punt 3 – a – streepje 4 quinquies (nieuw)
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||
|
|
|
Amendement 233
Voorstel voor een verordening
Bijlage II – punt 3 – b – inleidende formule
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||||
|
|
Amendement 234
Voorstel voor een verordening
Bijlage II – punt 3 – b – streepje 1
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||||
|
|
Amendement 235
Voorstel voor een verordening
Bijlage II – punt 3 – b – streepje 2
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||||
|
|
Amendement 236
Voorstel voor een verordening
Bijlage II – punt 3 – b – streepje 3
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||
|
Schrappen |
Amendement 237
Voorstel voor een verordening
Bijlage II – punt 3 – b – streepje 4
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||
|
Schrappen |
Amendement 238
Voorstel voor een verordening
Bijlage II – punt 3 – e – streepje 1
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||||
|
|
Amendement 239
Voorstel voor een verordening
Bijlage II – punt 3 – e – streepje 2
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||||
|
|
Amendement 240
Voorstel voor een verordening
Bijlage II – punt 3 – e – streepje 5 bis (nieuw)
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||
|
|
|
Amendement 241
Voorstel voor een verordening
Bijlage II – punt 3 – g – streepje 5 bis (nieuw)
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||
|
|
|
Amendement 242
Voorstel voor een verordening
Bijlage II – punt 3 – h – inleidende formule
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||||
|
|
Amendement 243
Voorstel voor een verordening
Bijlage II – punt 3 – h – streepje 1
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||||
|
|
Amendement 244
Voorstel voor een verordening
Bijlage II – punt 3 – h – streepje 3
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||||
|
|
Amendement 245
Voorstel voor een verordening
Bijlage II – punt 3 – h – streepje 3 bis (nieuw)
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||
|
|
|
Amendement 246
Voorstel voor een verordening
Bijlage II – punt 3 – h – streepje 4
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||||
|
|
Amendement 247
Voorstel voor een verordening
Bijlage II – punt 5
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||||
|
|
||||
|
|
|
||||
|
|
|
||||
|
|
|
||||
|
|
|
||||
|
|
|
||||
|
|
|
||||
|
|
|
||||
|
|
|
||||
|
|
|
||||
|
|
|
||||
|
|
|||||
|
|
Amendement 248
Voorstel voor een verordening
Bijlage II – punt 5 bis (nieuw)
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||
|
|
|
||
|
|
|
||
|
|
|
||
|
|
|
||
|
|
|
||
|
|
|||
|
|
|||
|
|
|||
|
|
|||
|
|
|||
|
|
|||
|
|
Amendement 249
Voorstel voor een verordening
Bijlage II – punt 5 ter (nieuw)
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||
|
|
|
Amendement 250
Voorstel voor een verordening
Bijlage II – punt 5 quater (nieuw)
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||
|
|
|
Amendement 251
Voorstel voor een verordening
Bijlage II – punt 5 quinquies (nieuw)
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||
|
|
|
||
|
|
|
||
|
|
|
||
|
|
|
||
|
|
|
||
|
|
|
||
|
|
Amendement 252
Voorstel voor een verordening
Bijlage II – punt 5 sexies (nieuw)
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
||
|
|
|
(1) De zaak werd voor interinstitutionele onderhandelingen terugverwezen naar de bevoegde commissie op grond van artikel 60, lid 4, vierde alinea, van het Reglement (A10-0061/2025).
(4) Verordening (EU) 2019/452 van het Europees Parlement en de Raad van 19 maart 2019 tot vaststelling van een kader voor de screening van buitenlandse directe investeringen in de Unie (PB L 79I van 21.3.2019, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2019/452/oj).
(4) Verordening (EU) 2019/452 van het Europees Parlement en de Raad van 19 maart 2019 tot vaststelling van een kader voor de screening van buitenlandse directe investeringen in de Unie (PB L 79I van 21.3.2019, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2019/452/oj).
(5) Verordening (EG) nr. 1049/2001 van het Europees Parlement en de Raad van 30 mei 2001 inzake de toegang van het publiek tot documenten van het Europees Parlement, de Raad en de Commissie (PB L 145 van 31.5.2001, blz. 43, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2001/1049/oj).
(5) Verordening (EG) nr. 1049/2001 van het Europees Parlement en de Raad van 30 mei 2001 inzake de toegang van het publiek tot documenten van het Europees Parlement, de Raad en de Commissie (PB L 145 van 31.5.2001, blz. 43, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2001/1049/oj).
(6) Besluit (EU, Euratom) 2015/443 van de Commissie van 13 maart 2015 betreffende veiligheid binnen de Commissie (PB L 72 van 17.3.2015, blz. 41, ELI: http://data.europa.eu/eli/dec/2015/443/oj).
(6) Besluit (EU, Euratom) 2015/443 van de Commissie van 13 maart 2015 betreffende veiligheid binnen de Commissie (PB L 72 van 17.3.2015, blz. 41, ELI: http://data.europa.eu/eli/dec/2015/443/oj).
(7) Besluit (EU, Euratom) 2015/444 van de Commissie van 13 maart 2015 betreffende de veiligheidsvoorschriften voor de bescherming van gerubriceerde EU-informatie (PB L 72 van 17.3.2015, blz. 53, ELI: http://data.europa.eu/eli/dec/2015/444/oj).
(7) Besluit (EU, Euratom) 2015/444 van de Commissie van 13 maart 2015 betreffende de veiligheidsvoorschriften voor de bescherming van gerubriceerde EU-informatie (PB L 72 van 17.3.2015, blz. 53, ELI: http://data.europa.eu/eli/dec/2015/444/oj).
(8) Overeenkomst tussen de lidstaten van de Europese Unie, in het kader van de Raad bijeen, betreffende de bescherming van in het belang van de Europese Unie uitgewisselde gerubriceerde informatie (PB C 202 van 8.7.2011, blz. 13).
(8) Overeenkomst tussen de lidstaten van de Europese Unie, in het kader van de Raad bijeen, betreffende de bescherming van in het belang van de Europese Unie uitgewisselde gerubriceerde informatie (PB C 202 van 8.7.2011, blz. 13).
(12) Verordening (EG) nr. 139/2004 van de Raad van 20 januari 2004 betreffende de controle op concentraties van ondernemingen (PB L 24 van 29.1.2004, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2004/139/oj).
(12) Verordening (EG) nr. 139/2004 van de Raad van 20 januari 2004 betreffende de controle op concentraties van ondernemingen (PB L 24 van 29.1.2004, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2004/139/oj).
(16) PB L 123 van 12.5.2016, blz. 1.
(16) PB L 123 van 12.5.2016, blz. 1.
(17) Verordening (EU) nr. 182/2011 van het Europees Parlement en de Raad van 16 februari 2011 tot vaststelling van de algemene voorschriften en beginselen die van toepassing zijn op de wijze waarop de lidstaten de uitoefening van de uitvoeringsbevoegdheden door de Commissie controleren (PB L 55 van 28.2.2011, blz. 13, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2011/182/oj).
(17) Verordening (EU) nr. 182/2011 van het Europees Parlement en de Raad van 16 februari 2011 tot vaststelling van de algemene voorschriften en beginselen die van toepassing zijn op de wijze waarop de lidstaten de uitoefening van de uitvoeringsbevoegdheden door de Commissie controleren (PB L 55 van 28.2.2011, blz. 13, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2011/182/oj).
(18) Richtlijn 2013/34/EU van het Europees Parlement en van de Raad van 26 juni 2013 betreffende de jaarlijkse financiële overzichten, geconsolideerde financiële overzichten en aanverwante verslagen van bepaalde ondernemingsvormen, tot wijziging van Richtlijn 2006/43/EG van het Europees Parlement en de Raad en tot intrekking van Richtlijnen 78/660/EEG en 83/349/EEG van de Raad (PB L 182 van 29.6.2013, blz. 19, ELI: http://data.europa.eu/eli/dir/2013/34/oj).
(18) Richtlijn 2013/34/EU van het Europees Parlement en van de Raad van 26 juni 2013 betreffende de jaarlijkse financiële overzichten, geconsolideerde financiële overzichten en aanverwante verslagen van bepaalde ondernemingsvormen, tot wijziging van Richtlijn 2006/43/EG van het Europees Parlement en de Raad en tot intrekking van Richtlijnen 78/660/EEG en 83/349/EEG van de Raad (PB L 182 van 29.6.2013, blz. 19, ELI: http://data.europa.eu/eli/dir/2013/34/oj).
(19) Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad van 18 juli 2018 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie , tot wijziging van Verordeningen (EU) nr. 1296/2013, (EU) nr. 1301/2013, (EU) nr. 1303/2013, (EU) nr. 1304/2013, (EU) nr. 1309/2013, (EU) nr. 1316/2013, (EU) nr. 223/2014, (EU) nr. 283/2014 en Besluit nr. 541/2014/EU en tot intrekking van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012 (PB L 193 van 30.7.2018, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2018/1046/oj) .
(19a) Verordening (EU, Euratom) 2024/2509 van het Europees Parlement en de Raad van 23 september 2024 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie (PB L 2024/2509, 26.9.2024, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2024/2509/oj) .
(20) Richtlijn (EU) 2022/2557 van het Europees Parlement en de Raad van 14 december 2022 betreffende de weerbaarheid van kritieke entiteiten en tot intrekking van Richtlijn 2008/114/EG van de Raad (PB L 333 van 27.12.2022, blz. 164, ELI: http://data.europa.eu/eli/dir/2022/2557/oj).
(20) Richtlijn (EU) 2022/2557 van het Europees Parlement en de Raad van 14 december 2022 betreffende de weerbaarheid van kritieke entiteiten en tot intrekking van Richtlijn 2008/114/EG van de Raad (PB L 333 van 27.12.2022, blz. 164, ELI: http://data.europa.eu/eli/dir/2022/2557/oj).
(21) Richtlijn (EU) 2022/2555 van het Europees Parlement en de Raad van 14 december 2022 betreffende maatregelen voor een hoog gezamenlijk niveau van cyberbeveiliging in de Unie, tot wijziging van Verordening (EU) nr. 910/2014 en Richtlijn (EU) 2018/1972 en tot intrekking van Richtlijn (EU) 2016/1148 (NIS 2-richtlijn) (PB L 333 van 27.12.2022, blz. 80, ELI: http://data.europa.eu/eli/dir/2022/2555/oj).
(21) Richtlijn (EU) 2022/2555 van het Europees Parlement en de Raad van 14 december 2022 betreffende maatregelen voor een hoog gezamenlijk niveau van cyberbeveiliging in de Unie, tot wijziging van Verordening (EU) nr. 910/2014 en Richtlijn (EU) 2018/1972 en tot intrekking van Richtlijn (EU) 2016/1148 (NIS 2-richtlijn) (PB L 333 van 27.12.2022, blz. 80, ELI: http://data.europa.eu/eli/dir/2022/2555/oj).
(1a) Verordening (EU) 2016/679 van het Europees Parlement en de Raad van 27 april 2016 betreffende de bescherming van natuurlijke personen in verband met de verwerking van persoonsgegevens en betreffende het vrije verkeer van die gegevens en tot intrekking van Richtlijn 95/46/EG (algemene verordening gegevensbescherming) (PB L 119 van 4.5.2016, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2016/679/oj).
(1a) Verordening (EU) 2023/2675 van het Europees Parlement en de Raad van 22 november 2023 betreffende de bescherming van de Unie en haar lidstaten tegen economische dwang door derde landen (PB L 2023/2675 van 7.12.2023, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2023/2675/oj).
(2) Artikel 2, lid 1, van Verordening (EU) nr. 648/2012 van het Europees Parlement en de Raad van 4 juli 2012 betreffende otc-derivaten, centrale tegenpartijen en transactieregisters (PB L 201 van 27.7.2012, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2012/648/oj).
(2) Verordening (EU) nr. 648/2012 van het Europees Parlement en de Raad van 4 juli 2012 betreffende otc-derivaten, centrale tegenpartijen en transactieregisters (PB L 201 van 27.7.2012, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2012/648/oj).
(3) Artikel 4, leden 7 en 4, van Richtlijn (EU) 2015/2366 van het Europees Parlement en de Raad van 25 november 2015 betreffende betalingsdiensten in de interne markt, houdende wijziging van de Richtlijnen 2002/65/EG, 2009/110/EG en 2013/36/EU en Verordening (EU) nr. 1093/2010 en houdende intrekking van Richtlijn 2007/64/EG (PB L 337 van 23.12.2015, blz. 35, ELI: http://data.europa.eu/eli/dir/2015/2366/oj).
(3) Richtlijn (EU) 2015/2366 van het Europees Parlement en de Raad van 25 november 2015 betreffende betalingsdiensten in de interne markt, houdende wijziging van de Richtlijnen 2002/65/EG, 2009/110/EG en 2013/36/EU en Verordening (EU) nr. 1093/2010 en houdende intrekking van Richtlijn 2007/64/EG (PB L 337 van 23.12.2015, blz. 35, ELI: http://data.europa.eu/eli/dir/2015/2366/oj).
(4) Artikel 2, lid 1, van Richtlijn 2009/110/EG van het Europees Parlement en de Raad van 16 september 2009 betreffende de toegang tot, de uitoefening van en het prudentieel toezicht op de werkzaamheden van instellingen voor elektronisch geld, tot wijziging van de Richtlijnen 2005/60/EG en 2006/48/EG en tot intrekking van Richtlijn 2000/46/EG (PB L 267 van 10.10.2009, blz. 7, ELI: http://data.europa.eu/eli/dir/2009/110/oj).
(4) Richtlijn 2009/110/EG van het Europees Parlement en de Raad van 16 september 2009 betreffende de toegang tot, de uitoefening van en het prudentieel toezicht op de werkzaamheden van instellingen voor elektronisch geld, tot wijziging van de Richtlijnen 2005/60/EG en 2006/48/EG en tot intrekking van Richtlijn 2000/46/EG (PB L 267 van 10.10.2009, blz. 7, ELI: http://data.europa.eu/eli/dir/2009/110/oj).
(5) Artikel 4, lid 1, punt 18, van Richtlijn 2014/65/EU van het Europees Parlement en de Raad van 15 mei 2014 betreffende markten voor financiële instrumenten en tot wijziging van Richtlijn 2002/92/EG en Richtlijn 2011/61/EU (PB L 173 van 12.6.2014, blz. 349, ELI: http://data.europa.eu/eli/dir/2014/65/oj).
(5) Richtlijn 2014/65/EU van het Europees Parlement en de Raad van 15 mei 2014 betreffende markten voor financiële instrumenten en tot wijziging van Richtlijn 2002/92/EG en Richtlijn 2011/61/EU (PB L 173 van 12.6.2014, blz. 349, ELI: http://data.europa.eu/eli/dir/2014/65/oj).
(6) Artikel 2, lid 1, punt 1, van Verordening (EU) nr. 909/2014 van het Europees Parlement en de Raad van 23 juli 2014 betreffende de verbetering van de effectenafwikkeling in de Europese Unie, betreffende centrale effectenbewaarinstellingen en tot wijziging van Richtlijnen 98/26/EG en 2014/65/EU en Verordening (EU) nr. 236/2012 (PB L 257 van 28.8.2014, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2014/909/oj).
(6) Verordening (EU) nr. 909/2014 van het Europees Parlement en de Raad van 23 juli 2014 betreffende de verbetering van de effectenafwikkeling in de Europese Unie, betreffende centrale effectenbewaarinstellingen en tot wijziging van Richtlijnen 98/26/EG en 2014/65/EU en Verordening (EU) nr. 236/2012 (PB L 257 van 28.8.2014, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2014/909/oj).
(7) Artikel 3, lid 1, punt 6, artikel 3, lid 1, punt 7, en artikel 3, lid 1, punt 10, en artikel 3, lid 1, punt 18, van Verordening (EU) 2023/1114 van het Europees Parlement en de Raad van 31 mei 2023 betreffende cryptoactivamarkten, en tot wijziging van Verordeningen (EU) nr. 1093/2010 en (EU) nr. 1095/2010 en Richtlijnen 2013/36/EU en (EU) 2019/1937 (PB L 150 van 9.6.2023, blz. 40, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2023/1114/oj).
(7) Verordening (EU) 2023/1114 van het Europees Parlement en de Raad van 31 mei 2023 betreffende cryptoactivamarkten, en tot wijziging van Verordeningen (EU) nr. 1093/2010 en (EU) nr. 1095/2010 en Richtlijnen 2013/36/EU en (EU) 2019/1937 (PB L 150 van 9.6.2023, blz. 40, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2023/1114/oj).
(8) Artikel 4, lid 1, punt 146, van Verordening (EU) nr. 575/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 26 juni 2013 betreffende prudentiële vereisten voor kredietinstellingen en tot wijziging van Verordening (EU) nr. 648/2012 (PB L 176 van 27.6.2013, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2013/575/oj).
(8) Verordening (EU) nr. 575/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 26 juni 2013 betreffende prudentiële vereisten voor kredietinstellingen en tot wijziging van Verordening (EU) nr. 648/2012 (PB L 176 van 27.6.2013, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2013/575/oj).
(9) Artikel 3, punt 23, van Verordening (EU) 2022/2554 van het Europees Parlement en de Raad van 14 december 2022 betreffende digitale operationele weerbaarheid voor de financiële sector en tot wijziging van Verordeningen (EG) nr. 1060/2009, (EU) nr. 648/2012, (EU) nr. 600/2014, (EU) nr. 909/2014 en (EU) 2016/1011 (PB L 333 van 27.12.2022, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2022/2554/oj).
(9) Verordening (EU) 2022/2554 van het Europees Parlement en de Raad van 14 december 2022 betreffende digitale operationele weerbaarheid voor de financiële sector en tot wijziging van Verordeningen (EG) nr. 1060/2009, (EU) nr. 648/2012, (EU) nr. 600/2014, (EU) nr. 909/2014 en (EU) 2016/1011 (PB L 333 van 27.12.2022, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2022/2554/oj).
(9a) Verordening van de Europese Centrale Bank (EU) nr. 795/2014 van 3 juli 2014 met betrekking tot oversightvereisten voor systeemrelevante betalingssystemen (PB L 217 van 23.7.2014, blz. 16, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2014/795/oj).
(9b) Richtlijn 2009/138/EG van het Europees Parlement en de Raad van 25 november 2009 betreffende de toegang tot en uitoefening van het verzekerings- en het herverzekeringsbedrijf (Solvabiliteit II) (PB L 335 van 17.12.2009, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/dir/2009/138/oj).
(1a) Artikel 2, lid 1, punten a) en b), van Verordening (EU) 2018/1139 van het Europees Parlement en de Raad van 4 juli 2018 inzake gemeenschappelijke regels op het gebied van burgerluchtvaart en tot oprichting van een Agentschap van de Europese Unie voor de veiligheid van de luchtvaart, en tot wijziging van de Verordeningen (EG) nr. 2111/2005, (EG) nr. 1008/2008, (EU) nr. 996/2010, (EU) nr. 376/2014 en de Richtlijnen 2014/30/EU en 2014/53/EU van het Europees Parlement en de Raad, en tot intrekking van de Verordeningen (EG) nr. 552/2004 en (EG) nr. 216/2008 van het Europees Parlement en de Raad en Verordening (EEG) nr. 3922/91 van de Raad.
(1b) Artikel 12 (punten a), b) en c)) van de kaderregeling voor staatssteun aan de scheepsbouw (2011/C 364/06).
(1c) Artikel 2, punt 1, van Richtlijn 2014/90/EU van het Europees Parlement en de Raad van 23 juli 2014 inzake uitrusting van zeeschepen en tot intrekking van Richtlijn 96/98/EG van de Raad.
(1d) Bijlage II bij Richtlijn (EU) 2016/797 van het Europees Parlement en de Raad van 11 mei 2016 betreffende de interoperabiliteit van het spoorwegsysteem in de Europese Unie.
(1e) Industrieën die verantwoordelijk zijn voor de productie van alle categorieën wegvoertuigen met eigen aandrijving (met inbegrip van personenauto’s, bussen, motorfietsen, bestelwagens, vrachtwagens), met hun uitrustingsstukken en onderdelen, die onder meer vallen onder de hoofdstukken 40, 84, 85, 87, 90 en 94 van de door de Werelddouaneorganisatie vastgestelde nomenclatuur van het geharmoniseerde systeem (GS 2017).
(1f) Artikel 2, punten 17, 21, 48, 49, 50, 51, 52, 53, 56 en 59, van Verordening (EU) 2023/1804 van het Europees Parlement en de Raad van 13 september 2023 betreffende de uitrol van infrastructuur voor alternatieve brandstoffen en tot intrekking van Richtlijn 2014/94/EU.
(1g) Artikel 4, lid 1, van Richtlijn 2010/40/EU van het Europees Parlement en de Raad van 7 juli 2010 betreffende het kader voor het invoeren van intelligente vervoerssystemen op het gebied van wegvervoer en voor interfaces met andere vervoerswijzen.
(1a) Verordening (EU) 2024/1252 van het Europees Parlement en de Raad van 11 april 2024 tot vaststelling van een kader om een veilige en duurzame voorziening van kritieke grondstoffen te waarborgen, en tot wijziging van de Verordeningen (EU) 168/2013, (EU) 2018/858, (EU) 2018/1724 en (EU) 2019/1020 (PB L 2024/1252, 3.5.2024, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2024/1252/oj).
ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2026/599/oj
ISSN 1977-0995 (electronic edition)