Choose the experimental features you want to try

This document is an excerpt from the EUR-Lex website

Document 52018PC0782

This document does not exist in English.

COM/2018/782 final

Brussel, 28.11.2018

COM(2018) 782 final

2018/0401(NLE)

Voorstel voor een

BESLUIT VAN DE RAAD

ter bepaling van de samenstelling van Comité van de Regio's


TOELICHTING

1.ACHTERGROND VAN HET VOORSTEL

Motivering en doel van het voorstel

Artikel 305 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie (VWEU) bepaalt dat het aantal leden van het Comité van de Regio's (hierna "het Comité" genoemd), niet groter mag zijn dan 350.

Tot de inwerkingtreding van het Verdrag van Lissabon, was de samenstelling van het Comité vastgelegd in de Verdragen. Sindsdien bepaalt artikel 305, tweede alinea, VWEU dat de Raad op voorstel van de Commissie met eenparigheid van stemmen een besluit dient vast te stellen waarbij de samenstelling van het Comité wordt bepaald.

Er zij op gewezen dat artikel 300, lid 5, VWEU bepaalt dat de regels betreffende de aard van de samenstelling van de adviesorganen "door de Raad op gezette tijden [moeten worden] getoetst aan de economische, sociale en demografische evolutie in de Unie. De Raad stelt daartoe op voorstel van de Commissie besluiten vast".

Per 1 juli 2013 werd de samenstelling van het Comité gewijzigd bij artikel 24, lid 1, van de Akte betreffende de voorwaarden voor de toetreding van de Republiek Kroatië 1 en bij artikel 24, lid 2, dat voorziet in een tijdelijke verhoging van het aantal leden van het Comité tot 353 om rekening te houden met de toetreding van de Republiek Kroatië. Op 16 december 2014 heeft de Raad voor de periode 2015-2020 het besluit ter bepaling van de samenstelling van het Comité 2 vastgesteld om ervoor te zorgen dat het aantal leden niet meer bedraagt dan het maximale aantal van 350 waarin het Verdrag voorziet. Dat leidde ertoe dat de Estlandse, Cypriotische en Luxemburgse delegaties elk één zetel inleverden.

De huidige ambtstermijn van het Comité loopt af op 25 januari 2020. Het is daarom noodzakelijk dat de Raad tijdig zijn goedkeuring hecht aan het besluit over de samenstelling van het Comité, voordat de Raad de procedure start voor de vernieuwing van het Comité voor de periode 2020-2025.

Door de terugtrekking van het Verenigd Koninkrijk uit de Europese Unie op 30 maart 2019 zullen 24 zetels in het Comité vrijkomen.

De Commissie is van mening dat het huidige evenwicht in de samenstelling van het Comité voor zover mogelijk moet worden gehandhaafd, aangezien dit het resultaat is van achtereenvolgende intergouvernementele conferenties.

Daarom wordt voorgesteld de drie zetels die Estland, Cyprus en Luxemburg hebben verloren na het laatste besluit ter bepaling van de samenstelling van het Comité terug te geven en de rest van de vrijgekomen zetels te bewaren voor eventuele toekomstige uitbreidingen. Als gevolg daarvan zou het Comité in de periode 2020-2025 uit 329 leden bestaan.

Verenigbaarheid met bestaande bepalingen op het beleidsterrein

n.v.t.

Verenigbaarheid met andere beleidsterreinen van de Unie

De Commissie keurt dit voorstel op hetzelfde tijdstip goed als het voorstel betreffende de samenstelling van het Economisch en Sociaal Comité. Het parallellisme met betrekking tot de toekenning van de zetels aan de lidstaten in beide Comités moet gehandhaafd blijven.

De Verdragen bevatten geen bepalingen over de wijze van samenstelling van het Economisch en Sociaal Comité of het Comité van de Regio’s binnen het maximum van 350 leden. Dit staat in contrast met de criteria voor de samenstelling van het Europees Parlement die zijn vastgesteld in artikel 14, lid 2, van het Verdrag betreffende de Europese Unie. Terwijl het Parlement uit rechtstreeks gekozen vertegenwoordigers van de burgers van de Unie is samengesteld, bestaat het Comité uit vertegenwoordigers van regionale en lokale gemeenschappen (artikel 300, lid 3, VWEU). In eerste instantie moet bij de bepaling van de nieuwe samenstelling van het Comité de aandacht daarom niet uitgaan naar het leggen van een rechtstreeks verband met de bevolkingsomvang van de respectieve lidstaten, maar moet ervoor worden gezorgd dat de stem van de regionale en lokale organen in het Comité wordt gehoord.

De mededeling "Een grotere rol voor de beginselen van subsidiariteit en evenredigheid bij de beleidsvorming van de EU" 3 schetst verschillende manieren om de lokale en regionale overheden en hun organisaties nauwer te betrekken bij de voorbereiding en tenuitvoerlegging van het beleid van de Unie, en acht daarbij een belangrijke faciliterende rol weggelegd voor het Comité van de Regio’s.

2.RECHTSGRONDSLAG, SUBSIDIARITEIT EN EVENREDIGHEID

Rechtsgrondslag

Het voorstel is gebaseerd op artikel 305 van het VWEU, dat voorziet in een besluit met eenparigheid van stemmen van de Raad ter bepaling van de samenstelling van het Comité.

Subsidiariteit (bij niet-exclusieve bevoegdheid)

n.v.t.

Evenredigheid

n.v.t.

Keuze van het instrument

Artikel 305, tweede alinea, VWEU bepaalt dat de Raad op voorstel van de Commissie met eenparigheid van stemmen een besluit dient vast te stellen waarbij de samenstelling van het Comité wordt bepaald.

3.RESULTATEN VAN EX-POSTEVALUATIES, RAADPLEGING VAN BELANGHEBBENDEN EN EFFECTBEOORDELING

Evaluatie van bestaande wetgeving en controle van de resultaatgerichtheid ervan

n.v.t.

Raadplegingen van belanghebbenden

Bij het opstellen van dit voorstel heeft de Commissie een nauwe dialoog gevoerd met vertegenwoordigers van de lidstaten en hebben zij elkaar enkele keren ontmoet. Op basis van het besluit van zijn bureau van 3 juli 2018 4 deed het Comité de Commissie de aanbeveling om Estland, Cyprus en Luxemburg drie zetels terug te geven en de andere vrijgekomen zetels niet te herverdelen, zodat het aantal leden voor het mandaat van 2020-2025 wordt vastgesteld op 329.

Bijeenbrengen en benutten van expertise

n.v.t.

Effectbeoordeling

Dit voorstel gaat niet vergezeld van een effectbeoordeling, aangezien geen bredere economische, sociale of milieueffecten van enige betekenis worden verwacht.

Resultaatgerichtheid en vereenvoudiging

n.v.t.

Grondrechten

n.v.t.

4.GEVOLGEN VOOR DE BEGROTING

Door het verminderde aantal zetels als gevolg van de terugtrekking van het Verenigd Koninkrijk uit de Europese Unie zou de totale begroting van het Comité kunnen krimpen.

5.ANDERE ELEMENTEN

Uitvoeringsplannen en regelingen voor toezicht, evaluatie en rapportage

n.v.t.

Toelichtende stukken (bij richtlijnen)

n.v.t.

Inwerkingtreding

Er wordt voorgesteld dat de Raad de toepassing van dit besluit opschort tot de dag na het einde van de huidige ambtstermijn van het Comité.

2018/0401 (NLE)

Voorstel voor een

BESLUIT VAN DE RAAD

ter bepaling van de samenstelling van Comité van de Regio's

DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE,

Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie, en met name artikel 305,

Gezien het voorstel van de Europese Commissie,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)Artikel 300 van het Verdrag stelt de regels voor de samenstelling van het Comité van de Regio’s vast.

(2)Bij Besluit 2014/930/EU 5 van de Raad is de samenstelling van het Comité van de Regio’s na de toetreding van Kroatië gewijzigd. Estland, Cyprus en Luxemburg verloren elk één zetel om een einde te maken aan het verschil tussen het maximale aantal leden dat is vastgesteld in het Verdrag en het aantal leden na de toetreding van Kroatië.

(3)In de preambule van het Besluit 2014/930/EU van de Raad staat dat het besluit op tijd moet worden herzien voor het mandaat van het Comité dat in 2020 begint.

(4)Het Comité van de Regio’s heeft op 3 juli 2018 aanbevelingen aan de Commissie en de Raad over zijn toekomstige samenstelling goedgekeurd 6 .

(5)Het huidige evenwicht in de samenstelling van het Comité van de Regio's moet zoveel mogelijk worden gehandhaafd, aangezien dit het resultaat is van achtereenvolgende intergouvernementele conferenties.

(6)Door de terugtrekking van het Verenigd Koninkrijk uit de Europese Unie zijn 24 zetels in het Comité vrijgekomen. Daardoor kan het evenwicht in de zetelverdeling die bestond voor de vaststelling van het Besluit (EU) 2014/930 van de Raad worden hersteld,

HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:

Artikel 1

De samenstelling van het Comité van de Regio's is als volgt:

België    12

Bulgarije    12

Tsjechië    12

Denemarken    9

Duitsland    24

Estland    7

Ierland    9

Griekenland    12

Spanje    21

Frankrijk    24

Kroatië    9

Italië    24

Cyprus    6

Letland    7

Litouwen    9

Luxemburg    6

Hongarije    12

Malta    5

Nederland    12

Oostenrijk    12

Polen    21

Portugal    12

Roemenië    15

Slovenië    7

Slowakije    9

Finland    9

Zweden    12.

Artikel 2

Dit besluit treedt in werking op de twintigste dag na die van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie.

Het is van toepassing met ingang van zondag 26 januari 2020.

Artikel 3

Dit besluit is gericht tot de lidstaten.

Gedaan te Brussel,

   Voor de Raad

   De voorzitter

(1)    Akte betreffende de voorwaarden voor de toetreding van de Republiek Kroatië en de aanpassing van het Verdrag betreffende de Europese Unie, het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie en het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap voor Atoomenergie, PB L 112 van 24.4.2012, blz. 6-110.
(2)    Besluit 2014/930/EU van de Raad, PB L 365 van 19.12.2014, blz. 143-144.
(3)    COM(2018) 703 final van 23 oktober 2018.
(4)    Brief van de voorzitter van het Comité aan de Commissie op 27 juli 2018.
(5)    Besluit 2014/930/EU van de Raad, PB L 365 van 19.12.2014, blz. 143-144.
(6)    Het besluit van het bureau van het Comité van de Regio’s van 3 juli 2018.
Top