Choose the experimental features you want to try

This document is an excerpt from the EUR-Lex website

Document COM:2007:325:FIN

Voorstel voor een BESCHIKKING VAN DE RAAD betreffende de ondertekening van een overeenkomst tussen de Europese Gemeenschap en de Verenigde Staten van Amerika betreffende samenwerking op het gebied van de regulering van de burgerluchtvaartveiligheid Voorstel voor een BESCHIKKING VAN DE RAAD betreffende het sluiten van een overeenkomst tussen de Europese Gemeenschap en de Verenigde Staten van Amerika betreffende samenwerking op het gebied van de regulering van de burgerluchtvaartveiligheid

52007PC0325(01)

Voorstel voor een beschikking van de Raad betreffende de ondertekening van een overeenkomst tussen de Europese Gemeenschap en de Verenigde Staten van Amerika betreffende samenwerking op het gebied van de regulering van de burgerluchtvaartveiligheid /* COM/2007/0325 def. - ACC 2007/0110 */


[pic] | COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN |

Brussel, 14.6.2007

COM(2007) 325 definitief

2007/0110 (ACC)

2007/0111 (ACC)

Voorstel voor een

BESCHIKKING VAN DE RAAD

betreffende de ondertekening van een overeenkomst tussen de Europese Gemeenschap en de Verenigde Staten van Amerika betreffende samenwerking op het gebied van de regulering van de burgerluchtvaartveiligheid

Voorstel voor een

BESCHIKKING VAN DE RAAD

betreffende het sluiten van een overeenkomst tussen de Europese Gemeenschap en de Verenigde Staten van Amerika betreffende samenwerking op het gebied van de regulering van de burgerluchtvaartveiligheid

(door de Commissie ingediend)

TOELICHTING

1. INLEIDING

1. Op 24 november 2003 heeft de Commissie de Raad gevraagd haar te machtigen tot het voeren van onderhandelingen met de Verenigde Staten van Amerika betreffende de wederkerige aanvaarding van certificeringsbevindingen op het gebied van burgerluchtvaartveiligheid en milieucompatibiliteit.

2. Op 9 maart 2004 heeft de Raad die machtiging verleend en de Commissie verzocht om met inachtneming van diverse onderhandelingsrichtsnoeren die onderhandelingen te voeren en een speciaal comité benoemd om haar bij te staan bij deze taak.

3. De aan de Commissie verleende machtiging voorzag in een overeenkomst betreffende de wederkerige aanvaarding van bevindingen, waarbij de nadruk voornamelijk op twee aspecten werd gelegd:

1. producten ontworpen, geproduceerd, aangepast of gerepareerd krachtens het regulerend toezicht van de ene partij moeten op eenvoudige wijze de vereiste goedkeuringen kunnen verkrijgen zodat ze kunnen worden geregistreerd of toegepast krachtens het regulerend toezicht van de andere partij;

2. op vliegtuigen geregistreerd of geëxploiteerd krachtens het regulerend toezicht van de ene partij wordt het onderhoud uitgevoerd door organisaties krachtens het regulerend toezicht van de andere partij.

4. De belangrijkste doelstellingen van de onderhandelingsrichtsnoeren zijn: faciliteren van de handel in goederen en diensten vallend onder de overeenkomst, zo veel mogelijk beperken van dubbele beoordelingen, tests en controles tot significante reguleringsverschillen en erop vertrouwen dat het certificeringssysteem van de ene partij controleert conform de eisen van de andere partij.

5. Deze doelstellingen moeten op grond van het gestelde in de onderhandelingsrichtsnoeren op de volgende wijzen worden bereikt:

3. de eisen en regulerende processen van beide partijen geleidelijk nader tot elkaar brengen;

4. vertrouwen creëren in de certificeringssystemen van beide partijen, zodat de bevoegde autoriteiten van de lidstaten binnen een redelijk tijdsbestek namens de bevoegde Amerikaanse autoriteit, het bureau van de Amerikaanse luchtvaartautoriteiten (Federal Aviation Administration, FAA) hun taken met betrekking tot de implementatie van Verordening (EG) nr. 1592/2002 kunnen uitvoeren;

5. bewerkstelligen dat partijen erop kunnen vertrouwen dat de instanties die betrokken zijn bij het reguleringsproces van de andere partij, naar behoren in staat zijn de conformiteitsbeoordelingen en het regulerend toezicht uit te voeren zoals dit vereist is voor het verstrekken van hun eigen goedkeuringen;

6. bevorderen van samenwerking door het organiseren van regelmatig overleg tussen de partijen opdat de overeenkomst naar tevredenheid functioneert, met name door de invoering van geschikte samenwerkingsmechanismen teneinde op wederkerige basis de permanente geschiktheid en bekwaamheid te controleren van de regulerende instanties betrokken bij de uitvoering van de overeenkomst;

7. opzetten van een systeem voor permanente monitoring van het functioneren van de overeenkomst en met name de invoeringsprocedures die daarvan een integraal onderdeel zijn, zodat de overeenkomst efficiënt kan worden beheerd door een gezamenlijk comité samengesteld uit vertegenwoordigers van beide partijen, belast met het tijdig vinden en voorstellen van oplossingen voor problemen voortvloeiend uit de invoering van de overeenkomst.

2. HET PROCES VAN ONDERHANDELINGEN

6. In de onderhandelingen met de Verenigde Staten werd de nadruk gelegd op de wijze van totstandbrenging van wederzijdse acceptatie van goedkeuringen betreffende de certificering van de luchtwaardigheid van vliegtuigen en de daarop te monteren onderdelen en uitrustingsstukken, alsook goedkeuringen betreffende de certificering van organisaties betrokken bij het ontwerp, de productie en het onderhoud daarvan. De partijen mogen deze goedkeuringen afgeven na toepassing van bepaalde procedures betreffende luchtwaardigheid en onderhoud.

7. Tijdens de onderhandelingen hebben de beide partijen besloten om de details van deze procedures te beschrijven in separate bijlagen bij de overeenkomst en expliciet in de tekst te bepalen (zie artikel 4.F.) dat zowel de overeenkomst als de bijlagen op dezelfde wijze bindend zijn voor de partijen. Dit was noodzakelijk omdat bilaterale overeenkomsten tussen lidstaten en derde landen, met inbegrip van de Verenigde Staten van Amerika, op het gebied van luchtvaartveiligheid tot op heden zodanig zijn uitgelegd dat de invoeringsprocedures op specifieke gebieden zoals onderhoud en luchtwaardigheid zijn neergelegd in documenten die geen integraal onderdeel zijn van de overeenkomst met het derde land. Zonder uitzondering zijn ze overeengekomen tussen burgerluchtvaartautoriteiten en hebben ze de juridische status van werkafspraken, terwijl de overeenkomsten betreffende veiligheid zijn onderhandeld tussen regeringen.

8. Gelijktijdig met de onderhandelingen werden vertrouwenbevorderende maatregelen uitgevoerd:

8. Inspecties van nationale autoriteiten met als doel hen zowel in het IPA als in het MIP op te nemen. Ook is het EASA zelf onderworpen aan een controle door de FAA in januari 2005, met een vervolgbezoek in februari 2006.

9. “Schaduw-certificeringsprojecten”: de Amerikaanse autoriteiten hebben verzocht of de FAA de door het EASA uitgevoerde certificeringsprojecten kon volgen om zich op de hoogte te stellen van de door het agentschap gevolgde procedures. De FAA en het EASA zijn overeengekomen dat een aantal certificeringsprojecten voor typecertificering en aanvullende typecertificaten door de FAA zullen worden “geschaduwd”.

9. Behoudens diverse technische bijeenkomsten zijn de twee onderhandelingsteams sinds het verlenen van de machtiging tot het voeren van onderhandelingen 9 keer bijeengekomen: 10 - 11 maart en 12 - 13 juli 2004 in Brussel, 9 - 10 november 2004 in Washington; 13 -14 april en 14 – 15 december 2005 in Brussel, 7 – 8 juli 2005 in Washington; 29 - 30 maart 2006 in Washington, 14 juni 2006 en 1 maart 2007 in Brussel.

10. Het speciale comité, ingesteld door de Raad bij gelegenheid van de aan de Commissie verleende machtiging, is driemaal bijeen geweest voor het beoordelen van de tekst: op 6 juli 2006, 25 januari en 19 maart 2007.

3. DE RECHTSGRONDSLAG VAN DE OVEREENKOMST

11. Volgens de jurisprudentie van het Hof van Justitie valt het wegnemen van technische belemmeringen voor de handel in goederen onder het gemeenschappelijk handelsbeleid zoals beschreven in artikel 133 EG en dus onder de exclusieve competentie van de Gemeenschap[1].

12. Bovendien heeft de Gemeenschap met de inwerkingtreding in september 2002 van Verordening (EG) nr. 1592/2002 tot vaststelling van gemeenschappelijke regels op het gebied van burgerluchtvaart en tot oprichting van een Europees Agentschap voor de veiligheid van de luchtvaart (EASA) een interne harmonisatie tot stand gebracht op de gebieden waarop de verordening van toepassing is, d.w.z.: eerste en voortdurende luchtwaardigheid (met inbegrip van onderhoud) en milieucompatibiliteit van luchtvaartproducten. Deze verordening is aangevuld met een aantal uitvoeringsmaatregelen (Verordening nr. 1702/2003 en nr. 2042/2003 van de Commissie) tot vaststelling van de voorschriften en procedures waaraan door aanvragers, certificaathouders en autoriteiten moet worden voldaan opdat de essentiële voorwaarden en doelstellingen van de basisverordening te allen tijde worden nageleefd. De voorgestelde overeenkomst is van invloed op deze communautaire regelgeving in de zin van het AETR-arrest.

13. De Commissie is mitsdien van oordeel dat de Gemeenschap beschikt over de exclusieve bevoegdheid tot het sluiten van de overeenkomst op basis van de artikelen 133, lid 4, en 80, lid 2 EG.

4. STRUCTUUR VAN DE OVEREENKOMST

14. De na onderhandelingen tot stand gekomen overeenkomst heeft in grote lijnen de structuur van een "klassieke" overeenkomst op het gebied van luchtvaartveiligheid, een "BASA" zoals de bestaande bilaterale overeenkomsten op het gebied van luchtvaartveiligheid tussen de lidstaten en de Verenigde Staten van Amerika worden genoemd. Zoals in het geval van de BASA’s is de overeenkomst gebaseerd op wederzijds vertrouwen in het systeem van de ander en op de vergelijking van reguleringsverschillen. Vandaar dat deze verplichtingen tot en methoden voor samenwerking bevat tussen een exporterende en een importerende autoriteit, zodat laatstgenoemde zijn eigen certificaat kan afgeven zonder de controles over te doen die zijn uitgevoerd door de exporterende autoriteit, alsook met geschillenbeslechtingsprocedures voor wijziging van de overeenkomst.

15. De manier om dat te doen, d.w.z. de wijze van samenwerking en het wederkerig aanvaarden van de certificeringsbevindingen van de ander op het gebied van luchtwaardigheid en onderhoud (methoden, reikwijdte voor wat betreft producten of diensten, reguleringsverschillen in hun jargon ook wel "speciale voorwaarden" genoemd) zijn beschreven in de bijlagen bij de overeenkomst. Op dit punt wijkt de na onderhandelingen tot stand gekomen overeenkomst af van de bestaande BASA’s tussen lidstaten en derde landen met inbegrip van de Verenigde Staten van Amerika. In het geval van bestaande BASA’s wordt hetgeen in de bijlagen wordt gepresenteerd doorgaans op het niveau van luchtvaartautoriteiten in afzonderlijke regelingen verwerkt die niet het bindende karakter hebben van verdragen. Doorgaans worden deze regelingen aangeduid als "MIP" (uitvoeringsprocedures voor onderhoud) en "IPA" (uitvoeringsprocedures voor luchtwaardigheid). In de praktijk kan de inwerkingtreding van de BASA-bepalingen alleen plaatsvinden na ondertekening van een IPA en/of MIP, omdat het gaat om teksten die bepalen hoe de in de BASA beschreven doelstellingen moeten worden gerealiseerd. Om die reden heeft de Commissie tijdens de onderhandelingen eraan vastgehouden dat de procedures die van toepassing zijn op de wederzijdse aanvaarding van certificeringsbevindingen op het gebied van luchtwaardigheid en onderhoud in de vorm van bijlagen een integraal onderdeel van de overeenkomst moeten vormen.

16. Zoals in het kader van de BASA’s waar de uitvoeringsprocedures zijn ontworpen om te functioneren met de noodzakelijke flexibiliteit om een soepele dagelijkse toepassing mogelijk te maken en de administratieve last te verlichten voor zowel de betrokken autoriteiten als de entiteiten (de verschillende certificaathouders en aanvragers krachtens hun respectievelijk regulerend toezicht), wordt in de bijlagen van de na onderhandelingen tot stand gekomen overeenkomst een volledige weergave gegeven van de inhoud van de communautaire uitvoeringsvoorschriften inzake luchtwaardigheid (Verordening (EG) nr. 1702/2003 van de Commissie) en onderhoud (Verordening (EG) nr. 2042/2003 van de Commissie). Deze kan door de partijen worden aangepast door middel van een besluit van de Bilaterale Raad van Toezicht.

5. DE INHOUD VAN DE OVEREENKOMST

5.1. Duidelijke rechten en plichten voor beide partijen

17. De overeenkomst stelt niet voor om verder te gaan dan hetgeen is toegestaan krachtens het toepasselijk recht van beide partijen. Het toepasselijk recht voor de Europese Gemeenschap is Verordening (EG) nr. 1592/2002 van het Europees Parlement en de Raad van 15 juli 2002 tot vaststelling van gemeenschappelijke regels op het gebied van burgerluchtvaart en tot oprichting van een Europees Agentschap voor de veiligheid van de luchtvaart en uitvoeringsmaatregelen met inbegrip van aanpassingen daarvan.

18. Dit betekent dat het communautaire systeem volledig wordt weergegeven in de ontwerptekst waarin een duidelijke scheiding van taken wordt aangebracht met betrekking tot de certificering van luchtvaartproducten en onderdelen en organisaties betrokken bij het ontwerp, de productie en het onderhoud van die producten en onderdelen. Dit is met name duidelijk te zien in de artikelen 3 (bestuur), 4 (algemene bepalingen) en 19 (inwerkingtreding, wijziging en beëindiging).

5.2. Duidelijke middelen om de doelstellingen van het mandaat te realiseren

19. Het ontwerp bedingt dat elke partij de bevindingen van overeenstemming van de andere partij accepteert indien deze tot stand zijn gekomen overeenkomstig de bepalingen van de bijlagen (artikel 4.A).

20. De ontwerptekst erkent het recht van de bevoegde autoriteiten van beide partijen om namens de andere partij certificaten af te geven waarin wordt verklaard dat wordt voldaan aan het systeem van die andere partij (artikel 5.A).

21. Om ervoor te zorgen dat men vertrouwen houdt in elkaar, voorziet de overeenkomst in de instelling van een systeem van permanente samenwerking en overleg door middel van een intensieve samenwerking in het kader van audits, inspecties, tijdige kennisgeving en overleg over alle onder de overeenkomst vallende aangelegenheden: artikel 6 betreffende regulerende samenwerking en transparantie.

5.3. Regelmatig overleg en snelle geschillenbeslechting

22. De ontwerpovereenkomst is gericht op een soepele dagelijkse toepassing, zodat technische kwesties die voortvloeien uit de uitvoering zo snel mogelijk kunnen worden opgelost.

23. Tot dat doel wordt een gezamenlijk comité ingesteld - de Bilaterale Raad van Toezicht (de Raad van Toezicht) – en subcomités - de Gezamenlijke Raad van Toezicht op Certificering en de Gezamenlijke Raad van Toezicht op Onderhoud - die rapporteren aan de Raad van Toezicht en toezicht houden op de toepassing van de bijlagen. De Raad van Toezicht en de subcomités hebben taken op het gebied van overleg en bemiddeling, om te zorgen voor het soepel functioneren van de overeenkomst door het bieden van een forum voor het oplossen van meningsverschillen tussen de partijen – artikel 3 (bestuur) en 5 (de bijlagen).

24. De Bilaterale Raad van Toezicht is belast met het bespreken en opstellen van wijzigingen van de uitvoeringsprocedures of de aanvulling van een uitvoeringsprocedure van de overeenkomst in overeenstemming met het mandaat.

25. Overleg kan te allen tijde worden aangevraagd (artikel 17). Desondanks moeten de partijen zich inspannen en proberen de technische kwesties voordat het “geschillen” worden op een zo laag mogelijk niveau op te lossen.

5.4. Een hoge mate van vertrouwen behouden in het systeem van de ander

26. Om een hoge mate van vertrouwen te behouden in het certificeringssysteem voor luchtwaardigheid van de andere partij, nemen de Gemeenschap en de Verenigde Staten van Amerika bepaalde verplichtingen op zich:

- om te bewerkstelligen dat hun technische agenten en nationale luchtvaartautoriteiten hun verantwoordelijkheden krachtens de overeenkomst naleven (artikel 4.D),

- om samen te werken aan kwaliteitsborging en de ander toe te staan deel te nemen aan autoriteiten en activiteiten op het gebied van normalisatie-inspecties en toezichtfuncties (artikel 7),

- om samen te werken in handhavingsacties verband houdend met een juiste beoordeling van de conformiteit van producten, processen of diensten, zoals voorzien in de van toepassing zijnde bijlagen (artikel 8),

- om veiligheidsgegevens uit te wisselen – beschikbare informatie over ongelukken en incidenten (artikel 9) en om te zorgen voor passende vertrouwelijkheid bij het uitwisselen van informatie (artikel 11).

- om elkaar in kennis te stellen van alle toepasselijke voorschriften (artikel 10) om in een vroegtijdig stadium met elkaar te overleggen omtrent regelgevings- en organisatorische wijzigingen (artikel 15. B en C).

5.5. Sterke veiligheidsmaatregelen

27. De ontwerptekst van de overeenkomst is opgesteld om de partijen de nodige flexibiliteit te verschaffen om onmiddellijk te kunnen reageren op veiligheidsproblemen of om een hoger beschermingsniveau in te stellen indien zij dat nodig achten voor de veiligheid (artikel 15.A en B). Opdat beide partijen zonder de geldigheid van de overeenkomst in de waagschaal te stellen op dergelijke situaties kunnen reageren, zijn specifieke procedures voorzien.

28. Indien de partijen er echter niet in slagen om een specifieke situatie op een bevredigende wijze te verhelpen, voorziet de ontwerptekst van de overeenkomst eerst in de mogelijkheid om de acceptatie van de bevindingen van de aangevochten bevoegde autoriteit op te schorten (artikel 18) en vervolgens in middelen en procedures die kunnen worden gevolgd voor de beëindiging van een deel van de overeenkomst of de volledige overeenkomst (artikel 19.D. en F).

2007/0110 (ACC)

Voorstel voor een

BESCHIKKING VAN DE RAAD

betreffende de ondertekening van een overeenkomst tussen de Europese Gemeenschap en de Verenigde Staten van Amerika betreffende samenwerking op het gebied van de regulering van de burgerluchtvaartveiligheid

DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE,

Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap, inzonderheid de artikelen 80, lid 2, en 133, lid 4 in samenhang met artikel 300, lid 2, eerste alinea, eerste zin,

Gelet op het voorstel van de Commissie[2],

Overwegende hetgeen volgt:

(1) De Commissie heeft namens de Gemeenschap onderhandelingen gevoerd met de Verenigde Staten van Amerika over een overeenkomst betreffende samenwerking op het gebied van de regulering van de burgerluchtvaartveiligheid in overeenstemming met de beschikking van de Raad waarin de Commissie werd gemachtigd tot het voeren van die onderhandelingen[3];

(2) De overeenkomst waarover de Commissie onderhandelingen heeft gevoerd, moet afhankelijk van haar eventuele sluiting op een later tijdstip worden ondertekend;

HEEFT DE VOLGENDE BESCHIKKING GEGEVEN:

Artikel 1

De ondertekening van de overeenkomst tussen de Europese Gemeenschap en de Verenigde Staten van Amerika betreffende samenwerking op het gebied van de regulering van de burgerluchtvaartveiligheid (hierna de “overeenkomst” genoemd) is bij dezen namens de Gemeenschap goedgekeurd, afhankelijk van een beschikking van de Raad betreffende de sluiting van de overeenkomst. De tekst van de overeenkomst is aan deze beschikking gehecht.

De Voorzitter van de Raad is bij dezen geautoriseerd om de persoon of personen aan te wijzen die bevoegd is/zijn om de overeenkomst, na de sluiting daarvan, namens de Gemeenschap te ondertekenen.

Artikel 2

De lidstaten zullen alle noodzakelijke maatregelen nemen opdat hun bilaterale overeenkomsten met de Verenigde Staten, vermeld in appendix 1 van de overeenkomst, na de inwerkingtreding van deze overeenkomst zo nodig kunnen worden gewijzigd of beëindigd.

Gedaan te Brussel,

Voor de Raad

De voorzitter

2007/0111 (ACC)

Voorstel voor een

BESCHIKKING VAN DE RAAD

betreffende het sluiten van een overeenkomst tussen de Europese Gemeenschap en de Verenigde Staten van Amerika betreffende samenwerking op het gebied van de regulering van de burgerluchtvaartveiligheid

DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE,

Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap, inzonderheid de artikelen 80, lid 2, en 133, lid 4, in samenhang met artikel 300, lid 2, eerste alinea, eerste zin en artikel 300, lid 4,

Gelet op het voorstel van de Commissie[4],

Overwegende hetgeen volgt:

(1) De Commissie heeft namens de Gemeenschap onderhandelingen gevoerd met de Verenigde Staten van Amerika over een overeenkomst betreffende samenwerking op het gebied van de regulering van de burgerluchtvaartveiligheid in overeenstemming met de beschikking van de Raad waarin de Commissie werd gemachtigd tot het voeren van die onderhandelingen.

(2) De overeenkomst werd namens de Gemeenschap ondertekend, afhankelijk van haar eventuele sluiting op een later tijdstip, in overeenstemming met Beschikking …/…/EG van de Raad betreffende ….

(3) De overeenkomst moet worden goedgekeurd.

(4) Het is noodzakelijk om een procedurele regeling vast te stellen voor de participatie van de Gemeenschap in de door de overeenkomst ingestelde gezamenlijke lichamen en om bepaalde besluiten te nemen met name betreffende de wijziging van de overeenkomst en haar bijlagen, de toevoeging van nieuwe bijlagen, de beëindiging van individuele bijlagen, overleg en geschillenbeslechting en het nemen van veiligheidsmaatregelen.

(5) De lidstaten dienen de noodzakelijke maatregelen te nemen opdat hun bilaterale overeenkomsten met de Verenigde Staten van Amerika met betrekking tot hetzelfde onderwerp na de inwerkingtreding van deze overeenkomst zo nodig kunnen worden gewijzigd of beëindigd,

HEEFT DE VOLGENDE BESCHIKKING GEGEVEN:

Artikel 1

10. De overeenkomst tussen de Europese Gemeenschap en de Verenigde Staten van Amerika betreffende samenwerking op het gebied van de regulering van de burgerluchtvaartveiligheid is goedgekeurd namens de Gemeenschap.

11. De tekst van de overeenkomst is als bijlage bij deze beschikking gevoegd.

12. De Voorzitter van de Raad is geautoriseerd om de persoon aan te wijzen die bevoegd is tot het afgeven van de kennisgeving, voorzien in artikel 19, lid 1 van de overeenkomst.

Artikel 2

13. De Gemeenschap zal in de Bilaterale Raad van Toezicht ingesteld in artikel 3 van de overeenkomst worden vertegenwoordigd door de Europese Commissie bijgestaan door het Europees Agentschap voor de veiligheid van de luchtvaart en vergezeld van de luchtvaartautoriteiten als vertegenwoordigers van de lidstaten.

14. De Gemeenschap zal in de Raad van Toezicht op Certificering ingesteld in artikel 2.1.1 van bijlage 1 van de overeenkomst en in de Gezamenlijke Raad van Toezicht op Onderhoud ingesteld in artikel 3.1.1 van bijlage 2 van de overeenkomst worden vertegenwoordigd door het Europees Agentschap voor de veiligheid van de luchtvaart bijgestaan door de luchtvaartautoriteiten die rechtstreeks betrokken zijn bij de agenda van een vergadering.

Artikel 3

15. Na raadpleging van het door de Raad ingestelde speciale comité bepaalt de Commissie het standpunt dat de Gemeenschap inneemt in de Bilaterale Raad van Toezicht met betrekking tot de volgende aangelegenheden:

16. het aannemen en wijzigen van het intern reglement van orde van de Bilaterale Raad van Toezicht voorzien in artikel 3.B van de overeenkomst;

17. wijzigingen van de bijlagen van de overeenkomst opgesteld overeenkomstig artikel 19.B van de overeenkomst die in overeenstemming zijn met en geen aanpassing betekenen van relevante communautaire regelgeving.

18. Na raadpleging van het in lid 1 bedoelde speciale comité kan de Commissie de volgende maatregelen nemen:

19. het aannemen van veiligheidsmaatregelen in overeenstemming met artikel 15.B van de overeenkomst;

20. verzoeken om overleg in overeenstemming met artikel 17.A van de overeenkomst;

21. het opschorten van de aanvaarding van bevindingen en het opheffen van die opschorting in overeenstemming met artikel 18 van de overeenkomst.

22. De Raad beslist, met een gekwalificeerde meerderheid, over een voorstel van de Commissie met betrekking tot de volgende aangelegenheden:

23. het aannemen van aanvullende bijlagen in overeenstemming met artikel 3.C.7 en artikel 19.C van de overeenkomst;

24. overige wijzigingen van de overeenkomst niet vallend onder het toepassingsgebied van lid 1;

25. de beëindiging van individuele bijlagen in overeenstemming met artikel 19.E van de overeenkomst.

Artikel 4

De lidstaten zullen alle noodzakelijke maatregelen nemen opdat hun bilaterale overeenkomsten met de Verenigde Staten van Amerika, vermeld in appendix 1 van de overeenkomst, na de inwerkingtreding van deze overeenkomst zo nodig worden gewijzigd of beëindigd.

Gedaan te Brussel,

Voor de Raad

De voorzitter

BIJLAGE

OVEREENKOMST TUSSEN

DE VERENIGDE STATEN VAN AMERIKA

EN

DE EUROPESE GEMEENSCHAP

Betreffende samenwerking op het gebied van de regulering van de burgerluchtvaartveiligheid

DE VERENIGDE STATEN VAN AMERIKA EN DE EUROPESE GEMEENSCHAP (hierna “de partijen” genoemd),

Vanuit de wens voort te bouwen op de decennialange trans-Atlantische samenwerking met betrekking tot het uitvoeren van tests en het afgeven van goedkeuringen op het gebied van de burgerluchtvaartveiligheid en het milieu;

In het streven naar verbetering van de langdurige samenwerkingsrelatie tussen Europa en de Verenigde Staten om wereldwijd een hoog niveau van burgerluchtvaartveiligheid te realiseren en de economische belasting van de vliegtuigindustrie en exploitanten als gevolg van overbodig regulerend toezicht te minimaliseren;

Gehouden tot het realiseren van permanente operationele veiligheid van de burgerluchtvaartvloot en de tijdige uitwisseling van informatie inzake opgedane ervaringen;

Gehouden tot het ontwikkelen van een sluitend systeem van regulerende samenwerking met betrekking tot het uitvoeren van tests en het afgeven van goedkeuringen op het gebied van de burgerluchtvaartveiligheid en het milieu op basis van permanente communicatie en wederzijds vertrouwen; en

Met inachtneming van de rechten en verplichtingen van de Verenigde Staten en de lidstaten van de Europese Gemeenschap (de “lidstaten”) krachtens het Verdrag inzake de internationale burgerluchtvaart dat op 7 december 1944 te Chicago is ondertekend (“Het Verdrag van Chicago”) en zijn bijlagen;

HEBBEN DE VOLGENDE OVEREENKOMST VASTGESTELD:

Artikel 1

Definities

In deze overeenkomst wordt verstaan onder:

A. “Bewijs van luchtwaardigheid”: een bevinding dat het ontwerp of de wijziging van een ontwerp van een burgerluchtvaartproduct voldoet aan de van toepassing zijnde normen of dat een individueel product in overeenstemming is met een ontwerp waarvan werd geoordeeld dat het voldoet aan die normen en op een veilige wijze kan worden gebruikt.

B. “Luchtvaartautoriteit”: het agentschap of de entiteit door de regering van een lidstaat van de Europese Unie belast met het namens de Europese Gemeenschap uitoefenen van het wettelijk toezicht op gereguleerde entiteiten, en dat of die vaststelt of sprake is van overeenstemming met de binnen de rechtsmacht van de Europese Gemeenschap van toepassing zijnde normen, regelingen en overige voorschriften.

C. “Burgerluchtvaartproduct”: een burgerluchtvaartuig, vliegtuigmotor, of een propeller, uitrustingstuk, stuk of onderdeel bestemd om te worden ingebouwd.

D. “Milieugoedkeuring”: een bevinding dat het ontwerp of de wijziging van een ontwerp van een burgerluchtvaartproduct voldoet aan de van toepassing zijnde normen op het gebied van geluid, brandstoflozing of uitlaatemissies.

E. “Milieutest”; een proces waarbij het ontwerp of de wijziging van een ontwerp van een burgerluchtvaartproduct wordt geëvalueerd op overeenstemming met de van toepassing zijnde normen en procedures op het gebied van geluid, brandstoflozing of uitlaatemissies.

F. “Technische agent”: voor de Verenigde Staten, de Federal Aviation Administration (FAA); en voor de Europese Gemeenschap, het Europees Agentschap voor de veiligheid van de luchtvaart (EASA).

G. “Onderhoud”: het verrichten van een of meerdere van de volgende acties: inspectie, revisie, reparatie, behouden of vervangen van stukken, materialen, uitrustingsstukken of onderdelen van een burgerluchtvaartproduct om de permanente luchtwaardigheid van dat product veilig te stellen; of het inbouwen van eerder goedgekeurde wijzigingen of aanpassingen uitgevoerd in overeenstemming met de voorschriften, vastgesteld door de bevoegde technische agent.

H. “Toezicht”: een periodieke inspectie om de permanente overeenstemming met de van toepassing zijnde normen vast te stellen.

I. “Gereguleerde entiteit”: een natuurlijke of rechtspersoon waarvan de test- en goedkeuringsactiviteiten op het gebied van de burgerluchtvaartveiligheid en het milieu onderworpen zijn aan de wettelijke en regulerende rechtsmacht van een of beide partijen.

Artikel 2

Doelstellingen en toepassingsgebied

A. Met deze overeenkomst wordt beoogd om:

26. De wederkerige aanvaarding mogelijk te maken van bevindingen van overeenstemming en goedkeuringen afgegeven door de technische agenten en de luchtvaartautoriteiten, zoals voorzien in de bijlagen bij deze overeenkomst.

27. Een hoge mate van veiligheid in het luchtvervoer te bevorderen.

28. Te bereiken dat het hoge niveau van de regulerende samenwerking en harmonisatie tussen de Verenigde Staten en de Europese Gemeenschap op de terreinen vallend onder lid B wordt gecontinueerd.

B. Het toepassingsgebied van de samenwerking krachtens deze overeenkomst is:

29. goedkeuring van luchtwaardigheid en toezicht op burgerluchtvaartproducten;

30. milieutests en goedkeuring van luchtvaartproducten; en

31. goedkeuring van en toezicht op onderhoudsfaciliteiten.

C. De partijen kunnen door middel van een schriftelijke wijziging van deze overeenkomst met inachtneming van het bepaalde in artikel 19 aanvullende gebieden van samenwerking en aanvaarding overeenkomen.

Artikel 3

Bestuur

A. De partijen stellen bij dezen een Bilaterale Raad van Toezicht (de “Raad van Toezicht”) in, die verantwoordelijk is voor het effectief functioneren van deze overeenkomst en regelmatig bijeen zal komen om de effectiviteit van haar uitvoering te evalueren.

B. De Raad van Toezicht is samengesteld uit vertegenwoordigers van:

de Verenigde Staten van Amerika, zijnde de Federal Aviation Administration (voorzitter), en

de Europese Gemeenschap, zijnde de Europese Commissie (medevoorzitter) bijgestaan door het Europees Agentschap voor de veiligheid van de luchtvaart en vergezeld van de luchtvaartautoriteiten.

De Raad van Toezicht kan op ad-hocbasis onderwerpspecifieke deskundigen uitnodigen tot deelname. De Raad van Toezicht kan overgaan tot het instellen van en houden van toezicht op technische werkgroepen. De Raad van Toezicht komt met een intern reglement van orde en stelt dit vast. De besluiten van de Raad van Toezicht zullen met eenstemmigheid worden genomen, waarbij elke partij een stem heeft. Deze besluiten worden op schrift gesteld en ondertekend door de vertegenwoordigers van de partijen in de Raad van Toezicht.

C. De Raad van Toezicht houdt zich bezig met alle aangelegenheden die verband houden met het functioneren van deze overeenkomst en is in het bijzonder belast met het:

32. Afhandelen van geschillen, zoals bepaald in artikel 17.

33. Zo nodig, wijzigen van de bijlagen in overeenstemming met artikel 19.B.

34. Een forum instellen voor het bespreken van kwesties die kunnen voorvloeien uit en wijzigingen die gevolgen kunnen hebben voor de uitvoering van deze overeenkomst.

35. Een forum instellen voor het bespreken van een gemeenschappelijke aanpak van de veiligheids- en milieukwesties die onder het toepassingsgebied van deze overeenkomst vallen en voor het regelmatig uitwisselen van informatie betreffende aandachtspunten op het gebied van luchtvaartveiligheid, met inbegrip van overleg over voorgestelde nieuwe en wijziging van bestaande veiligheidsmaatregelen.

36. Een forum instellen voor tijdige waarschuwingsdiscussies omtrent ontwerpregelingen en wetgeving van een van de partijen.

37. Uitwisselen van informatie betreffende geplande organisatorische wijzigingen.

38. Zo nodig, vaststellen van aanvullende bijlagen.

39. Zo nodig, doen van voorstellen aan de partijen om deze overeenkomst anderszins te wijzigen.

Artikel 4

Algemene bepalingen

A. Elke partij aanvaardt de bevindingen van overeenstemming en de goedkeuringen die afgegeven zijn door de technische agent van de andere partij en, in het geval van de Verenigde Staten, die afgegeven zijn door luchtvaartautoriteiten, in overeenstemming met de voorwaarden en bepalingen neergelegd in de bijlagen bij deze overeenkomst.

B. Behoudens het bepaalde in de bijlagen bij deze overeenkomst, wordt deze overeenkomst niet uitgelegd in de zin dat wederkerige aanvaarding of erkenning van normen of technische regelingen op de partijen wordt gelegd.

C. De partijen erkennen de systemen van delegatie aan aangewezen personen of gereguleerde entiteiten van de andere partij op de datum van inwerkingtreding van deze overeenkomst als gelijkwaardig ten behoeve van de naleving van de respectievelijke juridische voorschriften van elke partij. De partijen geven aan bevindingen van overeenstemming afgegeven door deze aangewezen personen of gereguleerde entiteiten, in overeenstemming met de bepalingen van de bijlagen, dezelfde geldigheid als waren ze rechtstreeks afkomstig van een technische agent of luchtvaartautoriteit. Delegatiesystemen ingevoerd na de inwerkingtreding van deze overeenkomst worden onderworpen aan vertrouwenbevorderende maatregelen.

D. De partijen zorgen ervoor dat hun technische agenten en luchtvaartautoriteiten hun verantwoordelijkheden krachtens deze overeenkomst, inclusief de bijlagen, nakomen.

E. In het geval dat een houder van de goedkeuring van een ontwerp zijn goedkeuring overdraagt aan een andere entiteit, stelt de technische agent die verantwoordelijk is voor de goedkeuring van het ontwerp, de andere technische agent onmiddellijk in kennis van de overdracht.

F. Deze overeenkomst is, inclusief de bijlagen, bindend voor beide partijen.

Artikel 5

Bijlagen

A. Voor aangelegenheden die onder het toepassingsgebied van artikel 2.B (1), (2) en (3) vallen, komen de partijen overeen dat hun normen, regels, praktijken en procedures op het gebied van de burgerluchtvaart in voldoende mate op elkaar aansluiten om wederkerige aanvaarding mogelijk te maken van goedkeuringen en bevindingen van overeenstemming met overeengekomen normen afgegeven door de ene partij namens de andere partij, zoals bepaald in de bijlagen. De partijen komen eveneens overeen dat er technische verschillen zijn tussen hun burgerluchtvaartsystemen en dat daaraan aandacht wordt besteed in de bijlagen.

B. Voor aangelegenheden die krachtens artikel 2.C worden toegevoegd aan het toepassingsgebied van artikel 2.B, stellen de partijen of hun vertegenwoordigers in de Raad van Toezicht nieuwe bijlagen op, met een beschrijving van de voorwaarden en bepalingen voor wederkerige aanvaarding van die bevindingen van overeenstemming en goedkeuringen, indien zij het erover eens zijn dat hun normen, regels, praktijken en procedures op het gebied van de burgerluchtvaart voor de toegevoegde samenwerkingsgebieden in voldoende mate op elkaar aansluiten om aanvaarding mogelijk te maken van goedkeuringen en bevindingen van overeenstemming met overeengekomen normen door de ene partij namens de andere partij.

C. Elk van de bijlagen zal, ten minste, beschikken over:

40. Voorzieningen om vertrouwen te krijgen en te behouden in de technische deskundigheid van de technische agenten en relevante luchtvaartautoriteiten van de ene partij voor het afgeven van bevindingen namens de andere partij.

41. Voorschriften voor het overnemen en voor het opschorten van de aanvaarding van bevindingen van overeenstemming en goedkeuringen afgegeven door bepaalde luchtvaartautoriteiten.

42. Een vastgesteld toepassingsgebied voor de aanvaarding van bevindingen van overeenstemming en goedkeuringen tussen de partijen.

43. Voorzieningen voor technisch overleg tussen de technische agenten.

44. Voorzieningen voor gezamenlijke samenwerkingsinstanties, indien daaraan behoefte bestaat.

45. Voorzieningen die de technische agenten autoriseren tot het opstellen en vaststellen van technische uitvoeringsvoorschriften.

Artikel 6

Regulerende samenwerking en transparantie

A. De technische agenten zullen voorschriften opstellen en vaststellen voor regulerende samenwerking op het gebied van burgerluchtvaartveiligheid en milieutests en goedkeuringen, waarbij rekening wordt gehouden met relevante richtsnoeren betreffende regulerende samenwerking tussen de partijen. Die voorschriften bieden gelegenheid voor overleg en deelname, indien mogelijk, van deskundigen van de technische agent, luchtvaartautoriteiten en industrie van de ene partij in het beginstadium van het ontwerp van regulerend burgerluchtvaartmateriaal door de andere partij.

B. Afhankelijk van de beschikbaarheid van financiële middelen zorgen de partijen, waar mogelijk, voor een permanente trans-Atlantische samenwerking aan belangrijke luchtvaartveiligheidsinitiatieven.

Artikel 7

Samenwerking op het gebied van kwaliteitsborging en normalisatie-inspecties

Ter bevordering van een permanent begrip van en compatibiliteit tussen de regulerende systemen voor de burgerluchtvaartveiligheid van partijen, mogen de technische agenten deelnemen aan de werkzaamheden ten behoeve van kwaliteitsborging en normalisatie-inspecties van de andere partij, verband houdend met accreditatie en toezicht, zoals voorzien in de bijlagen.

Artikel 8

Samenwerking op het gebied van handhavingsactiviteiten

De partijen komen overeen om, met inachtneming van de van toepassing zijnde wetten en regelingen, via hun technische agenten of luchtvaartautoriteiten de nodige wederzijdse samenwerking en bijstand te verlenen tijdens een onderzoeks- of handhavingsprocedure inzake een vermeende of verdachte schending van de wetten of regelingen die op deze overeenkomst van toepassing zijn. Bovendien zal elke partij de andere partij onmiddellijk in kennis stellen van een onderzoek indien daarbij wederzijdse belangen zijn betrokken.

Artikel 9

Uitwisselen van veiligheidsgegevens

De partijen komen overeen om, met inachtneming van de van toepassing zijnde wetten en regelingen,

A. elkaar, op verzoek en tijdig, informatie te verstrekken die ter beschikking staat van hun technische agenten en verband houdt met ongevallen of incidenten waarbij burgerluchtvaartproducten of gereguleerde entiteiten zijn betrokken, en

B. overige veiligheidsinformatie uit te wisselen, in overeenstemming met de door de technische agenten opgestelde voorschriften.

Artikel 10

Van toepassing zijnde eisen, voorschriften en gedragslijnen

De partijen komen overeen om elkaar in kennis te stellen van alle van toepassing zijnde eisen, voorschriften en gedragslijnen met betrekking tot aangelegenheden die onder deze overeenkomst vallen.

Artikel 11

Bescherming van auteursrechtelijk beschermde gegevens en verzoeken om informatie

A. De partijen erkennen dat door een gereguleerde entiteit of een partij ingediende en met deze overeenkomst verband houdende informatie, intellectuele eigendomsrechten, handelsgeheimen, vertrouwelijke bedrijfsinformatie, auteursrechtelijk beschermde gegevens of andere gegevens kan bevatten, in goed vertrouwen gehouden door die gereguleerde entiteit of een andere persoon (vertrouwelijke informatie). Tenzij daartoe verplicht bij wet zullen de partijen de informatie die als vertrouwelijk is aangemerkt, niet kopiëren voor of vrijgeven of tonen aan anderen dan hun eigen werknemers, zonder de voorafgaande schriftelijke toestemming van de persoon of entiteit die beschikt over een geheimhoudingsbelang met betrekking tot die vertrouwelijke informatie.

B. Voor zover de Europese Gemeenschap vertrouwelijke informatie uitwisselt met een luchtvaartautoriteit of met een entiteit belast met het onderzoek van ongevallen en incidenten in de burgerluchtvaart, zal de Europese Gemeenschap die vertrouwelijke informatie als gevoelige documenten beschouwen en ervoor zorgen dat die luchtvaartautoriteit of entiteit de bedoelde informatie niet kopieert, vrijgeeft of uitwisselt met anderen dan de werknemers van die luchtvaartautoriteit of entiteit, zonder de voorafgaande schriftelijke toestemming van de persoon of juridische entiteit die beschikt over een geheimhoudingsbelang met betrekking tot die vertrouwelijke informatie.

C. Verzoeken van het publiek om informatie bedoeld in lid A van dit artikel, inclusief de toegang tot documenten, worden afgehandeld in overeenstemming met de wetten en regelingen die van toepassing zijn op de partij die bedoelde verzoeken ontvangt. Een technische agent die een verzoek ontvangt voor bedoelde informatie verstrekt door de andere partij of haar gereguleerde entiteiten zal overleg plegen met de technische agent van de andere partij voorafgaand aan het vrijgeven van die informatie. De technische agenten zullen elkaar zo nodig bijstaan bij het beantwoorden van deze verzoeken.

Artikel 12

Toepasselijkheid

Tenzij anderszins voorzien in de bijlagen bij deze overeenkomst, zal deze overeenkomst enerzijds van toepassing zijn op het regulerend systeem voor de burgerluchtvaart in de Verenigde Staten zoals dat van toepassing is op het grondgebied van de Verenigde Staten van Amerika, en anderzijds op het regulerend systeem voor de burgerluchtvaart in de Europese Gemeenschap zoals dat van toepassing is op het grondgebied waar het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap van toepassing is en krachtens de voorwaarden neergelegd in dat Verdrag (en eventuele opvolgende documenten).

Artikel 13

Onbelemmerde toegang

Met het oog op toezicht en inspecties zullen de technische agent en de luchtvaartautoriteiten van een partij de technische agent van de andere partij bijstaan bij het verkrijgen van onbelemmerde toegang tot de gereguleerde entiteiten onderworpen aan haar rechtsmacht.

Artikel 14

Tarieven

De partijen zullen ernaar streven dat de tarieven die hun technische agenten in rekening brengen aan aanvragers en gereguleerde entiteiten voor certificering en diensten verband houdend met goedkeuring krachtens deze overeenkomst billijk, redelijk en evenredig zijn met de diensten.

Artikel 15

Behoud van regulerende bevoegdheden

Niets in deze overeenkomst zal worden uitgelegd als een beperking van de bevoegdheden van een partij om:

A. via haar wetgevende, regulerende en administratieve maatregelen het niveau van bescherming vast te stellen dat zij passend acht voor de burgerluchtvaartveiligheid en milieutests en goedkeuringen; en

B. alle passende en onmiddellijke maatregelen te nemen die nodig zijn voor het opheffen of minimaliseren van een afbreuk van veiligheid. Indien een partij een dergelijke actie uitvoert die gevolgen heeft op activiteiten binnen de reikwijdte van deze overeenkomst, zal zij de andere partij daarvan zo snel mogelijk voor zover noodzakelijk via een technische agent of een luchtvaartautoriteit in kennis stellen, maar niet later dan 15 dagen nadat die actie heeft plaatsgevonden;

C. wijzigingen van haar regelingen, procedures of normen door te voeren en toe te passen op haar gereguleerde entiteiten. Indien die wijzigingen gevolgen kunnen hebben voor de uitvoering van deze overeenkomst, kunnen de partijen of hun technische agent, met het oog op wijziging van deze overeenkomst, verzoeken om overleg krachtens artikel 17. Ongeacht het resultaat van dat overleg, kan niets in deze overeenkomst de betrokken partij beletten om de wijziging door te voeren en toe te passen op haar gereguleerde entiteiten.

Artikel 16

Overige overeenkomsten

A. Behalve indien anderszins is bepaald in de bijlagen bij deze overeenkomst, zullen de rechten en verplichtingen opgenomen in een overeenkomst door een der partijen met een derde partij gesloten niet van kracht of geldig zijn voor de andere partij van deze overeenkomst.

B. In het licht van en na de inwerkingtreding van deze overeenkomst, zullen de Verenigde Staten van Amerika de vereiste maatregelen nemen en zal de Europese Gemeenschap overeenkomstig het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap ervoor zorgen dat de lidstaten van de Europese Unie de vereiste maatregelen nemen tot wijziging of beëindiging, naargelang het geval, van de bilaterale overeenkomsten tussen de Verenigde Staten en de individuele lidstaten van de Europese Unie, opgenomen in appendix 1.

C. Tenzij anderszins voorzien in de bijlagen, zullen de op het moment van de inwerkingtreding van deze overeenkomst geldende bevindingen van overeenstemming en goedkeuringen, die eerder zijn geaccepteerd door de Verenigde Staten of een lidstaat van de Europese Unie krachtens een van de in appendix 1 vermelde bilaterale luchtvaartveiligheidsovereenkomsten of bilaterale luchtwaardigheidsovereenkomsten, door de partijen van deze overeenkomst als rechtsgeldig worden beschouwd ingevolge de voorwaarden geaccepteerd krachtens de vermelde overeenkomsten, tot het moment dat de goedkeuringen zijn vervangen of herroepen.

Artikel 17

Overleg en geschillenbeslechting

A. Partijen kunnen elkaar om overleg vragen over elke aangelegenheid verband houdend met deze overeenkomst. De andere partij zal prompt reageren op een dergelijk verzoek en in overleg treden op een door de partijen overeengekomen tijdstip, en wel binnen 45 dagen.

B. De technische agenten van de partijen zullen trachten elk meningsverschil tussen hen, betrekking hebbend op hun samenwerking krachtens deze overeenkomst, door overleg op te lossen overeenkomstig de bepalingen opgenomen in de bijlagen bij deze overeenkomst.

C. In het geval dat de technische agenten er niet in slagen om de geschillen op te lossen zoals voorzien in lid B, kan elke technische agent het geschil doorverwijzen naar de Raad van Toezicht, die over de aangelegenheid zal beraadslagen.

Artikel 18

Opschorten van aanvaarding van bevindingen

A. Indien het overleg als bedoeld in artikel 17 niet leidt tot oplossing van het meningsverschil dat verband houdt met bevindingen van overeenstemming en goedkeuringen, kan een partij de andere partij in kennis stellen van haar intentie tot opschorting van de aanvaarding van bevindingen van overeenstemming en goedkeuringen waarover verschil van mening bestaat. Die kennisgeving gebeurt schriftelijk en gaat gedetailleerd in op de redenen voor de opschorting.

B. Bedoelde opschorting treedt in werking 30 dagen na de datum van de kennisgeving, tenzij voor het einde van die periode, de partij die het initiatief heeft genomen voor de opschorting de andere partij schriftelijk ervan in kennis stelt dat zij haar kennisgeving intrekt. Bedoelde opschorting heeft geen gevolgen voor de geldigheid van de bevindingen van overeenstemming, certificaten en goedkeuringen afgegeven door de technische agenten of de luchtvaartautoriteit van de partij in kwestie, voorafgaand aan de datum waarop de opschorting van kracht werd. Een dergelijke van kracht geworden opschorting kan onmiddellijk worden opgeheven na uitwisseling van een daartoe strekkende schriftelijke correspondentie van de partijen.

Artikel 19

Inwerkingtreding, amendementen en beëindiging

A. Deze overeenkomst, met inbegrip van de bijlagen, treedt in werking op de eerste dag van de tweede maand na de datum van de notawisseling tussen partijen ter bevestiging van de afronding van hun respectievelijke procedures voor inwerkingtreding van deze overeenkomst.

B. Deze overeenkomst kan met wederzijdse instemming van de partijen schriftelijk worden gewijzigd. Bedoelde wijzigingen treden in werking op de eerste dag van de tweede maand na de datum van de notawisseling tussen partijen ter bevestiging van de afronding van hun respectievelijke procedures voor inwerkingtreding van deze overeenkomst of de wijzigingen daarvan. Wijziging van de bijlagen kan door een besluit van de Raad van Toezicht plaatsvinden.

C. Een individuele bijlage opgesteld door de Raad van Toezicht na de datum van inwerkingtreding van deze overeenkomst treedt in werking bij besluit van de Raad van Toezicht.

D. Deze overeenkomst blijft van kracht tot ze door de partijen wordt beëindigd. Die beëindiging vindt plaats via een schriftelijke kennisgeving van de ene partij aan de andere partij, waarbij een termijn van zestig dagen in acht wordt genomen. Die beëindiging houdt tevens de beëindiging in van de wijzigingen op deze overeenkomst en alle bijlagen bij deze overeenkomst. Die beëindiging heeft geen gevolgen voor de geldigheid van de certificaten en andere goedkeuringen afgegeven door de partijen krachtens de voorwaarden van deze overeenkomst, inclusief de bijlagen.

E. Individuele bijlagen bij de overeenkomst kunnen door de partijen worden beëindigd. Beëindiging van een individuele bijlage is van kracht zestig dagen na de datum van ontvangst van een kennisgeving van de ene partij aan de andere partij, tenzij bedoelde kennisgeving van beëindiging is herroepen. In het geval van beëindiging van een of meer bijlagen, blijven de resterende bijlagen van kracht. De partijen zullen echter met elkaar overleggen over het in stand houden van het restant van de overeenkomst. Indien daarover geen overeenstemming wordt bereikt, kunnen de partijen de overeenkomst beëindigen. De beëindiging treedt in werking zestig dagen na de datum van de daartoe strekkende schriftelijke kennisgeving van de ene partij aan de andere partij.

F. Na een kennisgeving tot beëindiging van deze overeenkomst in haar geheel of de bijlagen daarvan, blijven de partijen tot het moment van de inwerkingtreding van de beëindiging voldoen aan hun verplichtingen uit hoofde van deze overeenkomst of de bijlagen daarvan.

TEN GETUIGE WAARVAN ondergetekenden, rechtsgeldig gemachtigd door hun respectievelijke regeringen, deze overeenkomst hebben ondertekend.

Gedaan op _____, 2007, in twee originelen, in het Bulgaars, Deens, Duits, Engels, Estlands, Fins, Frans, Grieks, Hongaars, Italiaans, Letlands, Litouws, Maltees, Nederlands, Pools, Portugees, Roemeens, Sloveens, Slowaaks, Spaans, Tsjechisch en Zweeds. In het geval van interpretatieverschillen tussen de teksten in de verschillende talen, prevaleert de tekst in de Engelse taal.

VOOR DE VERENIGDE STATEN VAN AMERIKA: VOOR DE EUROPESE GEMEENSCHAP:

APPENDIX 1

Land | Bilateraal |

België | Overeenkomst betreffende de wederkerige aanvaarding van certificaten van luchtwaardigheid, op 12 februari en 14 mei 1973 te Brussel door middel van een notawisseling geëffectueerd |

Denemarken | Overeenkomst ter bevordering van de luchtvaartveiligheid, op 6 november 1998 te Kopenhagen ondertekend Overeenkomst betreffende de wederkerige aanvaarding van certificaten van luchtwaardigheid, op 6 januari 1982 te Washington door middel van een notawisseling geëffectueerd |

Duitsland | Overeenkomst ter bevordering van de luchtvaartveiligheid, op 23 mei 1996 te Milwaukee ondertekend Uitvoeringsprocedures voor goedkeuring van ontwerpen, productieactiviteiten, goedkeuring van luchtwaardigheid voor export, activiteiten na goedkeuring van het ontwerp en technische bijstand tussen autoriteiten krachtens de overeenkomst ter bevordering van de luchtvaartveiligheid tussen de regering van de Verenigde Staten van Amerika en de regering van de Bondsrepubliek Duitsland, 1e herziening, op 3 juni 2002 ondertekend Uitvoeringsprocedures voor het verrichten van onderhoud krachtens de overeenkomst ter bevordering van de luchtvaartveiligheid tussen de regering van de Verenigde Staten van Amerika en de regering van de Bondsrepubliek Duitsland, op 6 juni 1997 ondertekend |

Finland | Overeenkomst ter bevordering van de luchtvaartveiligheid, op 2 november 2000 te Helsinki ondertekend Overeenkomst betreffende de wederkerige aanvaarding van certificaten van luchtwaardigheid voor geïmporteerde burgerluchtvaartzweefvliegtuigen en burgerluchtvaartuitrustingsstukken, op 7 maart 1974 te Washington door middel van een notawisseling geëffectueerd |

Frankrijk | Overeenkomst ter bevordering van de luchtvaartveiligheid, op 14 mei 1996 te Parijs ondertekend Uitvoeringsprocedures voor goedkeuring van ontwerpen, productieactiviteiten, goedkeuring van luchtwaardigheid voor export, activiteiten na goedkeuring van het ontwerp en technische bijstand tussen autoriteiten krachtens de overeenkomst ter bevordering van de luchtvaartveiligheid tussen de regering van de Verenigde Staten van Amerika en de regering van de Franse Republiek, op 24 augustus 2001 ondertekend Uitvoeringsprocedures voor het verrichten van onderhoud krachtens de overeenkomst ter bevordering van de luchtvaartveiligheid tussen de regering van de Verenigde Staten van Amerika en de regering van de Franse Republiek, op 14 mei 1996 ondertekend |

Ierland | Overeenkomst ter bevordering van de luchtvaartveiligheid, op 5 februari 1997 te Dublin ondertekend Uitvoeringsprocedures voor het verrichten van onderhoud krachtens de overeenkomst ter bevordering van de luchtvaartveiligheid tussen de regering van de Verenigde Staten van Amerika en de regering van Ierland, op 5 februari 1999 ondertekend 20 april 1999 |

Italië | Overeenkomst ter bevordering van de luchtvaartveiligheid, op 27 oktober 1999 te Rome ondertekend Uitvoeringsprocedures voor goedkeuring van ontwerpen, productieactiviteiten, goedkeuring van luchtwaardigheid voor export, activiteiten na goedkeuring van het ontwerp en technische bijstand tussen autoriteiten krachtens de overeenkomst ter bevordering van de luchtvaartveiligheid tussen de regering van de Verenigde Staten van Amerika en de regering van Italië, op 4 juni 2002 ondertekend |

Nederland | Overeenkomst ter bevordering van de luchtvaartveiligheid, op 13 september 1995 te Den Haag ondertekend Uitvoeringsprocedures voor goedkeuring van ontwerpen, productieactiviteiten, goedkeuring van luchtwaardigheid voor export, activiteiten na goedkeuring van het ontwerp en technische bijstand tussen autoriteiten krachtens de overeenkomst ter bevordering van de luchtvaartveiligheid tussen de regering van de Verenigde Staten van Amerika en de regering van Nederland, op 3 juni 2002 ondertekend |

Oostenrijk | Overeenkomst ter bevordering van de luchtvaartveiligheid, op 14 januari 1997 te Wenen ondertekend Overeenkomst betreffende de wederkerige aanvaarding van certificaten van luchtwaardigheid voor geïmporteerde vliegtuigen, op 30 april 1959 te Washington door middel van een notawisseling geëffectueerd |

Polen | Overeenkomst betreffende de wederkerige aanvaarding van certificaten van luchtwaardigheid voor geïmporteerde burgerluchtvaartproducten, zoals gewijzigd, op 8 november 1976 te Washington door middel van een notawisseling geëffectueerd |

Roemenië | Overeenkomst ter bevordering van de luchtvaartveiligheid, op 10 september 2002 te Boekarest ondertekend Overeenkomst betreffende de wederkerige aanvaarding van certificaten van luchtwaardigheid voor geïmporteerde burgerluchtvaartzweefvliegtuigen, op 7 december 1976 te Washington door middel van een notawisseling geëffectueerd (Opmerking: de Verenigde Staten hebben in februari 2007 verzocht om de beëindiging van deze overeenkomst. Een kennisgeving van de Verenigde Staten en een respons van Roemenië brengt de beëindiging tot stand.) Uitvoeringsprocedures voor goedkeuring van ontwerpen, productieactiviteiten, goedkeuring van luchtwaardigheid voor export, activiteiten na goedkeuring van het ontwerp en technische bijstand tussen autoriteiten krachtens de overeenkomst ter bevordering van de luchtvaartveiligheid tussen de regering van de Verenigde Staten van Amerika en de regering van Roemenië, op 24 september 2002 ondertekend |

Spanje | Overeenkomst ter bevordering van de luchtvaartveiligheid, op 23 september 1999 te Washington ondertekend Overeenkomst betreffende de wederkerige aanvaarding van certificaten van luchtwaardigheid voor geïmporteerde vliegtuigen, zoals gewijzigd, op 23 september 1957 te Madrid door middel van een notawisseling geëffectueerd |

Tsjechische Republiek | Uitvoeringsprocedures tussen de Federal Aviation Administration (FAA) en de Inspectie voor de burgerluchtvaart van de Tsjechische Republiek voor goedkeuring van ontwerpen, luchtwaardigheidscertificering, permanente luchtwaardigheid en wederzijdse samenwerking en technische bijstand krachtens de overeenkomst tussen de Verenigde Staten en Tsjecho-Slowakije, op 29 januari 1996 ondertekend Overeenkomst tussen de Verenigde Staten en Tsjecho-Slowakije betreffende de wederkerige aanvaarding van certificaten van luchtwaardigheid voor geïmporteerde vliegtuigen, op 1 en 21 oktober 1970 te Praag door middel van een notawisseling geëffectueerd |

Zweden | Overeenkomst ter bevordering van de luchtvaartveiligheid, op 9 februari 1998 te Stockholm ondertekend Uitvoeringsprocedures voor goedkeuring van ontwerpen, productieactiviteiten, goedkeuring van luchtwaardigheid voor export, activiteiten na goedkeuring van het ontwerp en technische bijstand tussen autoriteiten krachtens de overeenkomst ter bevordering van de luchtvaartveiligheid tussen de regering van de Verenigde Staten van Amerika en de regering van Zweden, op 3 juni 2002 ondertekend |

Verenigd Koninkrijk | Overeenkomst ter bevordering van de luchtvaartveiligheid, op 20 december 1995 te Londen ondertekend Uitvoeringsprocedures voor goedkeuring van ontwerpen, productieactiviteiten, goedkeuring van luchtwaardigheid voor export, activiteiten na goedkeuring van het ontwerp en technische bijstand tussen autoriteiten krachtens de overeenkomst ter bevordering van de luchtvaartveiligheid tussen de regering van de Verenigde Staten van Amerika en de regering van het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland, op 23 mei 2002 ondertekend Simulator-uitvoeringsprocedures krachtens de overeenkomst ter bevordering van de luchtvaartveiligheid gedateerd 20 december 1995, tussen de regering van de Verenigde Staten van Amerika en de regering van het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland, 1e herziening, op 6 oktober 2005 ondertekend |

BIJLAGE 1:

LUCHTWAARDIGHEID EN MILIEUCERTIFICERING

1. TOEPASSINGSGEBIED

1.1 Deze bijlage is van toepassing op 1) de wederkerige aanvaarding van bevindingen van overeenstemming, goedkeuringen en documentatie, en 2) technische bijstand op het gebied van:

(a) luchtwaardigheid en permanente luchtwaardigheid van burgerluchtvaartproducten (hierna "producten" genoemd); en

(b) geluid, brandstoflozing en uitlaatemissies.

1.2 Zoals voorzien in artikel 4 van de overeenkomst zullen de partijen wederzijds de bevindingen van de andere partij aanvaarden, die zijn afgegeven krachtens de systemen van de technische agenten of luchtvaartautoriteiten, onderworpen aan de bepalingen van deze bijlage en indien van toepassing, de technische uitvoeringsvoorschriften vastgesteld door de technische agenten.

2. GEZAMENLIJKE COÖRDINERENDE INSTANTIE

2.1 Samenstelling

2.1.1 Een gezamenlijke coördinerende technische instantie, de Raad van Toezicht op Certificering genaamd, die functioneert onder verantwoordelijkheid van de Bilaterale Raad van Toezicht, wordt hierbij ingesteld onder de gezamenlijke leiding van de technische agenten. De Raad van Toezicht op Certificering bestaat uit vertegenwoordigers van elke technische agent belast met luchtwaardigheids- en milieucertificering, systemen voor kwaliteitsbeheer en regelgeving.

2.1.2 De gezamenlijke leiding kan aanvullende deelnemers uitnodigen ter facilitering van de uitvoering van het mandaat van deze Raad van Toezicht op Certificering.

2.2 Mandaat

2.2.1 De Raad van Toezicht op Certificering komt regelmatig bijeen en is belast met het effectief functioneren en uitvoeren van deze bijlage en heeft daartoe met name de volgende taken:

(a) ontwikkelen, goedkeuren en herzien van de technische uitvoeringsvoorschriften;

(b) uitwisselen van informatie omtrent belangrijke veiligheidskwesties en ontwikkelen van actieplannen om die aan te pakken;

(c) zorgen voor een consistente toepassing van deze bijlage;

(d) oplossen van technische problemen vallend onder de verantwoordelijkheid van de technische agenten en onderzoeken van technische problemen die niet op een lager niveau kunnen worden opgelost;

(e) ontwikkelen van effectieve manieren voor het samenwerken, het verlenen van bijstand en het uitwisselen van informatie met betrekking tot veiligheids- en milieunormen, certificeringssystemen en kwaliteitsbeheer en systemen voor standaardisering;

(f) beheren van de lijst van luchtvaartautoriteiten vastgesteld in appendix I van deze bijlage overeenkomstig de besluiten genomen door de Bilaterale Raad van Toezicht;

(g) doen van voorstellen voor wijzigingen van deze bijlage aan de Bilaterale Raad van Toezicht.

2.2.2 De Raad van Toezicht op Certificering zal onopgeloste problemen rapporteren aan de Bilaterale Raad van Toezicht en zorgen voor de uitvoering van de met betrekking tot deze bijlage genomen besluiten van de Bilaterale Raad van Toezicht.

3. UITVOERING

3.1 Algemeen

3.1.1 De technische agenten zullen voor de uitvoering van deze bijlage technische uitvoeringsvoorschriften opstellen, die nader ingaan op de verschillen tussen de certificeringssystemen voor luchtwaardigheid en milieu van de partijen.

3.1.2 Elke technische agent en, zo nodig, luchtvaartautoriteit, ondersteunt de verzoeken van de technische agent en, zo nodig, de luchtvaartautoriteit van de andere partij, tot toegang tot gegevens krachtens het regulerend toezicht van de andere technische agent en, zo nodig, luchtvaartautoriteit voor het uitvoeren van de acties van deze bijlage.

3.2 Goedkeuring van ontwerpen

3.2.1 De technische agent van de Verenigde Staten voert voor de onder zijn rechtsmacht vallende gereguleerde entiteiten de op de Verenigde Staten van toepassing zijnde taken van het land van ontwerp uit krachtens bijlage 8 van het Verdrag inzake de internationale burgerluchtvaart dat op 7 december 1944 te Chicago is ondertekend (“het Verdrag van Chicago”).

3.2.2 De technische agent van de Europese Gemeenschap voert voor de onder zijn rechtsmacht vallende gereguleerde entiteiten namens de EU-lidstaten de op de Europese Gemeenschap van toepassing zijnde taken van het land van ontwerp uit krachtens bijlage 8 van het Verdrag van Chicago.

3.2.3 Om profijt te hebben van de wederkerige aanvaarding krachtens deze overeenkomst:

(a) zal het EASA fungeren als certificeringsautoriteit en uitsluitend certificeringsaanvragen in behandeling nemen van binnen het grondgebied van de Europese Gemeenschap gevestigde aanvragers voor de eerste goedkeuring van hun ontwerp, ontwerpwijzigingen en reparatiegegevens, en

(b) zal de FAA fungeren als certificeringsautoriteit en uitsluitend certificeringsaanvragen in behandeling nemen van binnen het grondgebied van de Verenigde Staten gevestigde aanvragers voor de eerste goedkeuring van hun ontwerp, ontwerpwijzigingen en reparatiegegevens.

3.2.4 De technische agenten maken gebruik van een validatieproces bij het goedkeuren van:

(a) het ontwerp van luchtvaartuigen, luchtvaartuigmotoren, propellers en uitrustingsstukken,

(b) aanvullende typecertificaten,

(c) bepaalde belangrijke wijzigingen van het typeontwerp, zoals beschreven in de technische uitvoeringsvoorschriften, en

(d) geluid- en emissieveranderingen

die zijn of worden goedgekeurd door de technische agent van de andere partij bij het uitvoeren van de taken van het land van ontwerp. Het validatieproces, zoals beschreven in de technische uitvoeringsvoorschriften, is in de mate van het mogelijke gebaseerd op de technische evaluaties, tests, inspecties en certificaten van overeenstemming van de andere technische agent. De basis van de luchtwaardigheidscertificering ontwikkeld tijdens het validatieproces van een luchtvaartuig, luchtvaartuigmotor of propeller maakt gebruik van de toepasselijke luchtwaardigheidsnormen of codes, die van kracht zijn op de datum van de aanvraag bij de technische agent die de taken van het land van ontwerp uitvoert. De basis voor milieucertificering wordt ontwikkeld op grondslag van de toepassingsgegevens beschreven in de technische uitvoeringsvoorschriften.

3.2.5 Tijdens het validatieproces stellen de technische agenten elkaar informatie ter beschikking die verband houdt met operationele eisen en gevolgen heeft voor het ontwerp. De luchtvaartautoriteiten stellen die informatie ter beschikking aan het EASA.

3.2.6 De technische agenten kunnen zo nodig ook gebruik maken van een gezamenlijk certificeringsproces. Gezamenlijke certificering is een alternatieve vorm van validatie indien dit onderling is overeengekomen door de aanvrager en beide technische agenten, zoals beschreven in de technische uitvoeringsvoorschriften. Gezamenlijke certificering is met name geëigend indien onderdelen van een nieuw product ontworpen zijn door een gereguleerde entiteit gevestigd op het grondgebied van de andere partij. Bij gezamenlijke certificering wordt verwacht dat de demonstratie en bevindingen van overeenstemming door de technische agent van de andere partij lokaal worden verricht.

3.2.7 Omdat de regulerende systemen van de partijen voor onderdelen, ontwerpgegevens voor reparaties en andere ontwerpwijzigingen dan die bedoeld in 3.2.4, geacht worden voldoende met elkaar overeen te komen zodat een afzonderlijke goedkeuring door de technische agent of luchtvaartautoriteit van de importerende partij niet vereist is, zal de importerende technische agent een onderdeel, ontwerpgegevens voor reparaties of ontwerpwijziging aanvaarden, indien dat/die reeds is goedgekeurd of anderszins aanvaard door de technische agent van de andere partij bij het ten behoeve van bedoeld(e) onderdeel, ontwerpgegevens voor reparaties of ontwerpwijziging uitvoeren van de taken van het land van ontwerp. In de technische uitvoeringsvoorschriften wordt bepaald wanneer een afzonderlijke goedkeuring van de importerende technische agent vereist is.

3.2.8 Certificeringsverklaringen verband houdend met ontwerpgoedkeuringen, met inbegrip van informatie over geluid en emissieniveaus, worden in de technische uitvoeringsvoorschriften omschreven.

3.2.9 In het geval dat een houder van de goedkeuring van een ontwerp die goedkeuring overdraagt aan een andere entiteit, zal de technische agent die verantwoordelijk is voor de ontwerpgoedkeuring de andere technische agent terstond in kennis stellen van de overdracht. De technische agenten zullen in de technische uitvoeringsvoorschriften een regeling treffen voor het vergemakkelijken van de overdracht van certificaten tussen de gereguleerde entiteiten van de partijen.

3.2.10Het EASA zal de certificeringsprocedures van de Verenigde Staten accepteren als een aanvaardbaar alternatief voor de eisen van de Europese Gemeenschap inzake het aantonen van de deskundigheid van een aanvrager.

3.3 Permanente luchtwaardigheid

3.3.1 De technische agenten zullen actie ondernemen ter zake van onveilige factoren in producten die zij hebben gecertificeerd. De technische agenten zullen de van hun certificaathouders ontvangen informatie over gebreken, storingen en defecten uitwisselen ter ondersteuning van het onderzoek van de andere technische agent naar onderhoudsproblemen of andere mogelijke veiligheidsproblemen. De uitwisseling van deze informatie tussen de technische agenten wordt beschouwd als het vervullen van de verplichting van elke houder van goedkeuring om gebreken, storingen en defecten te melden aan de technische agent van de andere partij krachtens het toepasselijk recht van die andere partij. In de technische uitvoeringsvoorschriften wordt een beschrijving gegeven van de acties voor het aanpakken van onveilige situaties en het uitwisselen van veiligheidsinformatie.

3.3.2 Tenzij de technische agenten van de partijen een andersluidende kennisgeving hebben verstrekt:

(a) Zal de FAA voor wat betreft de levenscyclus van het product op het gebied van permanente luchtwaardigheid van luchtvaartuigen, luchtvaartuigmotoren, propellers en uitrustingsstukken de taken van het land van ontwerp uitvoeren, die van toepassing zijn op de Verenigde Staten krachtens bijlage 8 van het Verdrag van Chicago.

(b) Zal het EASA voor wat betreft de levenscyclus van het product namens de EU-lidstaten op het gebied van permanente luchtwaardigheid van luchtvaartuigen, luchtvaartuigmotoren, propellers en uitrustingsstukken de taken van het land van ontwerp uitvoeren, die op hen van toepassing zijn krachtens bijlage 8 van het Verdrag van Chicago.

3.3.3 De FAA zal voor wat betreft de levenscyclus van het product voor luchtvaartuigen, luchtvaartuigmotoren, propellers en uitrustingsstukken de tot zijn rechtsmacht behorende taken van het land van vervaardiging uitvoeren, die van toepassing zijn op de Verenigde Staten krachtens bijlage 8 van het Verdrag van Chicago. De luchtvaartautoriteiten en, indien van toepassing, het EASA zullen voor wat betreft de levenscyclus van het product voor luchtvaartuigen, luchtvaartuigmotoren, propellers en uitrustingsstukken de tot de rechtsmacht van de EU-lidstaten behorende taken van het land van vervaardiging uitvoeren, die op hen van toepassing zijn krachtens bijlage 8 van het Verdrag van Chicago.

3.3.4 Veranderingen van de eigendom of luchtwaardigheidsstatus van een certificaat afgegeven door de technische agent van een der partijen zullen tijdig worden medegedeeld aan de andere technische agent.

3.4 Productie

3.4.1 De technische agenten en, indien van toepassing, de luchtvaartautoriteiten, verlenen krachtens hun eigen regulerende systeem productiegoedkeuringen aan een fabrikant, op basis van een aanvaardbaar kwaliteits/inspectiesysteem, indien die fabrikant betrokken is bij de export van luchtvaartuigen, luchtvaartuigmotoren, propellers, uitrustingsstukken of onderdelen naar de andere partij. Bedoelde productiegoedkeuringen zorgen ervoor dat alle luchtvaartuigen, luchtvaartuigmotoren, propellers, uitrustingsstukken en onderdelen in overeenstemming zijn met het goedgekeurde ontwerp van de importerende partij, indien van toepassing een operationele controle hebben ondergaan en op het moment van de export veilig kunnen worden gebruikt.

3.4.2 Omdat de regulerende systemen van partijen voor productie geacht worden voldoende met elkaar overeen te komen, zal de importerende technische agent of luchtvaartautoriteit zijn eigen productiegoedkeuring niet afgeven voor fabrikanten die door de exporterende partij worden gereguleerd.

3.4.3 De technische agenten en, indien van toepassing, luchtvaartautoriteiten, erkennen de productiegoedkeuringen van de andere technische agent of luchtvaartautoriteiten, met inbegrip van:

(a) productiegoedkeuringen verleend of verlengd voor de fabricage van luchtvaartuigen, luchtvaartuigmotoren, propellers, uitrustingsstukken of onderdelen op hun grondgebied; en voor de fabricage van luchtvaartuigen, luchtvaartuigmotoren, propellers of onderdelen buiten hun grondgebied, en

(b) productiegoedkeuringen verleend voor de fabricage van luchtvaartuigen, luchtvaartuigmotoren, propellers, uitrustingsstukken of onderdelen op basis van een licentieovereenkomst of passende overeenkomst van de fabrikant met een houder van goedkeuring van een ontwerp op het grondgebied van de andere partij of van een derde land. Indien een licentieovereenkomst voor de productie van een luchtvaartuig, luchtvaartuigmotor of propeller een onderscheid maakt tussen het land van ontwerp en het land van vervaardiging zullen de verantwoordelijkheden van de twee partijen, de FAA en het EASA, of zo nodig een luchtvaartautoriteit, worden opgenomen in een werkovereenkomst.

3.4.4 De technische agenten en, zo nodig, de luchtvaartautoriteiten van partijen, zullen voldoen aan hun respectievelijke regulerende verplichtingen betreffende het houden van toezicht op fabrikanten en leveranciers, goedgekeurd krachtens het kwaliteitssysteem van de fabrikant gevestigd op het grondgebied van de andere partij, door te vertrouwen op het toezichtsysteem van de andere partij, indien aan de volgende voorwaarden is voldaan:

(a) de technische agent of luchtvaartautoriteit verantwoordelijk voor het toezicht van de houder van de productiegoedkeuring verzoekt formeel om bijstand bij het toezicht;

(b) de fabricerende faciliteit heeft aanvullend een productiegoedkeuring met een vergelijkbaar toepassingsgebied gekregen, afgegeven door de technische agent of luchtvaartautoriteit van het rechtsgebied waar de faciliteit is gevestigd;

(c) de technische agent of luchtvaartautoriteit van de andere partij is bereid en in staat om die activiteiten op zich te nemen voor zover zijn middelen dat toelaten, en

(d) de technische agenten of luchtvaartautoriteit zullen de details van een overeengekomen bijstand bij het toezicht, indien nodig, documenteren.

3.4.5 Voor onderdelen vervaardigd krachtens het regulerende systeem van een partij in een faciliteit gevestigd op het grondgebied van de andere partij, accepteren de technische agenten en luchtvaartautoriteiten de officiële certificaten van vrijgave of andere documenten, zoals afgesproken, in plaats van hun eigen documentatie onder de volgende voorwaarden:

(a) de fabricerende faciliteit heeft een productiegoedkeuring met een vergelijkbaar toepassingsgebied gekregen, afgegeven door een technische agent of een luchtvaartautoriteit vermeld in appendix 1, die met betrekking tot deze fabricerende faciliteit over een regulerende bevoegdheid beschikt; en, indien van toepassing

(b) voor levering aan een eindgebruiker, heeft de desbetreffende houder van de goedkeuring een schriftelijke toestemming verleend aan zijn leverancier, indien toegestaan krachtens het regulerende systeem van de houder van de goedkeuring.

3.4.6 De technische agenten maken voorschriften voor producten die krachtens een licentieovereenkomst worden vervaardigd, waarin wordt geregeld dat alle veranderingen die door de licentiehouder op het ontwerp zijn aangebracht, via de houder van de goedkeuring van een ontwerp, zijn goedgekeurd door de technische agent, die met betrekking tot het product is belast met de uitvoering van de verantwoordelijkheden van het land van ontwerp.

3.5 Exportcertificaat van luchtwaardigheid

3.5.1 De technische agenten van partijen of, indien van toepassing, de luchtvaartautoriteiten, zullen voor alle producten de certificaten van luchtwaardigheid van de andere partij wederzijds aanvaarden, indien een product met het passende certificaat van luchtwaardigheid vanuit de regulerende rechtsmacht van de ene partij wordt geëxporteerd naar de regulerende rechtsmacht van de andere partij. De technische agenten en, indien van toepassing, de luchtvaartautoriteiten of de op de juiste wijze goedgekeurde organisaties, zullen bij elke export de volgende luchtwaardigheiddocumentatie afgeven:

(a) Een exportcertificaat van luchtwaardigheid voor een nieuw of gebruikt luchtvaartuig, zoals beschreven in de technische uitvoeringsvoorschriften.

(b) Een exportcertificaat van luchtwaardigheid of een officieel certificaat van vrijgave voor een nieuwe luchtvaartuigmotor of propeller.

(c) Een officieel certificaat van vrijgave voor een nieuw onderdeel of uitrustingsstuk.

3.5.2 Voor nieuwe producten zullen de technische agenten of de luchtvaartautoriteiten vermeld in appendix 1 (of indien van toepassing hun aangewezen gereguleerde entiteiten), door het afgeven van een specifiek exportdocument van luchtwaardigheid certificeren dat een luchtvaartuig, luchtvaartuigmotor, propeller, onderdeel of uitrustingsstuk:

(a) overeenstemt met een ontwerp dat is goedgekeurd door de importerende technische agent en dat is gespecificeerd in het gegevensblad van het typecertificaat of andere goedkeuring van een ontwerp, met inbegrip van aanvullende typecertificaten;

(b) op een veilige wijze kan worden gebruikt, met inbegrip van overeenstemming met (eventueel van toepassing zijnde) luchtwaardigheidsrichtlijnen of een veiligheidsinformatiebulletin zoals aangemeld door de importerende technische agent en de (eventueel van toepassing zijnde) verplichte veiligheidsacties op het gebied van productie of onderhoud zoals aangemeld door de relevante importerende luchtvaartautoriteit;

(c) zo nodig, een laatste operationele controle heeft ondergaan;

(d) op de juiste wijze is gemerkt of geïdentificeerd in overeenstemming met de eisen van de importerende technische agent;

(e) voldoet aan alle aanvullende eisen beschreven en aangemeld door de importerende technische agent, en

(f) in het geval van een gereviseerde luchtvaartuigmotor, dat de motor is gereviseerd door de fabrikant van de motor.

3.5.3 Voor gebruikte burgerluchtvaartuigen zullen de technische agenten of de luchtvaartautoriteiten vermeld in appendix 1 (of indien van toepassing hun aangewezen gereguleerde entiteiten) eveneens een standaard of een speciaal/beperkt luchtwaardigheidscertificaat aanvaarden, mits er een houder van een typecertificaat of Europees beperkt typecertificaat is, die de permanente luchtwaardigheid van het luchtvaartuig ondersteunt en indien de technische agent of luchtvaartautoriteit van de andere partij certificeert dat het luchtvaartuig:

(a) tijdens zijn levensduur goed is onderhouden (zoals blijkt uit de toepasselijke onderhoudsdocumenten), en

(b) voldoet aan de eisen van lid 3.5.2(a) tot en met (e).

In de technische uitvoeringsvoorschriften wordt een nadere aanduiding gegeven van de inspectie- en onderhoudsdocumenten die een gebruikt luchtvaartuig moeten vergezellen.

3.5.4 De luchtwaardigheiddocumentatie zal de juiste certificeringsverklaringen bevatten, zoals vermeld in de technische uitvoeringsvoorschriften.

3.5.5 Als de exporterende technische agent of luchtvaartautoriteit er tijdens de afgifteprocedure van een certificaat van luchtwaardigheid niet in slaagt om te voldoen aan alle in lid 3.5.2 (a)-(f) of 3.5.3 vermelde eisen, zal de exporterende technische agent of luchtvaartautoriteit;

(a) de importerende technische agent of luchtvaartautoriteit onmiddellijk in kennis stellen van dit feit;

(b) voorafgaand aan de afronding van de certificering van luchtwaardigheid, op de wijze vermeld in de technische uitvoeringsvoorschriften met de importerende technische agent of luchtvaartautoriteit samenwerken aan hun acceptatie of afwijzing van de uitzonderingen op de eisen; en

(c) eventuele geaccepteerde uitzonderingen documenteren als het product wordt geëxporteerd.

3.5.6 Behalve de producten vermeld in appendix 1 bij bijlage 1, zal de FAA de producten blijven aanvaarden die tot het toepassingsgebied behoorden van een bilaterale overeenkomst betreffende luchtwaardigheid vermeld in appendix 1 van de overeenkomst en die overeenstemmen met een door de FAA goedgekeurd ontwerp, op voorwaarde dat zij voorafgaand aan de datum van inwerkingtreding van deze overeenkomst werden vervaardigd en een passend certificaat van luchtwaardigheid hebben gekregen.

3.5.7 De Europese Gemeenschap zal de specifieke EPA-kenmerking (“European Parts Approval”) niet vereisen voor onderdelen geïmporteerd uit de Verenigde Staten, behalve indien het EASA handelt als het land van ontwerp.

4. AANVAARDING VAN BEVINDINGEN EN GOEDKEURINGEN

4.1. Kwalificatievereisten voor de aanvaarding van bevindingen en goedkeuringen

4.1.1 De technische agenten en, indien van toepassing, de luchtvaartautoriteiten zullen een certificerings- en toezichtsysteem instellen voor de verschillende activiteiten vallend onder het toepassingsgebied van deze bijlage. Dit systeem zal worden gedocumenteerd en opgenomen in de organisatorische structuur, de personeelskwalificaties en het interne beleid en de procedures die voor het uitvoeren van die activiteiten worden gebruikt.

4.1.2 De technische agenten en, indien van toepassing, de luchtvaartautoriteiten zullen blijk geven van voldoende kennis van de systemen van de ander betreffende luchtwaardigheid- en milieueisen, relevant beleid en gedragslijnen, procedures en organisatiestructuur.

4.1.3 De technische agenten en, indien van toepassing, de luchtvaartautoriteiten zullen ervoor zorgen dat het personeel beschikt over de juiste kwalificaties en over voldoende kennis, ervaring en training om hun verantwoordelijkheden krachtens deze overeenkomst uit te kunnen voeren.

4.1.4 Deze systemen zijn onderworpen aan interne kwaliteitaudits, accreditatie- of standaardiseringsinspecties. Om het wederzijds vertrouwen te behouden in de systemen van de andere partij zal in de technische uitvoeringsvoorschriften een regeling worden opgenomen voor periodieke deelname van de technische agenten aan de interne kwaliteitaudits, accreditatie- of standaardiseringsinspecties van de andere partij, met inbegrip van de inspecties van luchtvaartautoriteiten beschreven in lid 4.2.3. De technische agenten en de luchtvaartautoriteiten zullen zich onderwerpen aan die inspecties en ervoor zorgen dat de gereguleerde entiteiten toegang verlenen aan beide technische agenten.

4.2. Kwalificaties van de technische agenten en de luchtvaartautoriteiten

4.2.1 Afhankelijk van de voorwaarden beschreven in de technische uitvoeringsvoorschriften worden de technische agenten na een vertrouwenbevorderend proces geacht te voldoen aan de eisen bepaald in de leden 4.1.1 tot en met 4.1.3. Voor certificering van luchtwaardigheid is het vertrouwenbevorderend proces voltooid hetgeen blijkt uit het opnemen van deze bijlage bij de overeenkomst. Voor certificering van milieu wordt het vertrouwenbevorderend proces bepaald in de technische uitvoeringsvoorschriften.

4.2.2 De luchtvaartautoriteiten die voldoen aan de in de leden 4.1.1 tot en met 4.1.3 gestelde eisen met betrekking tot certificeringstaken op het gebied van productie en luchtwaardigheid zijn, inclusief de omvang van hun activiteiten, vermeld in appendix 1 bij deze bijlage.

4.2.3 Indien de Europese Gemeenschap na een standaardiseringsinspectie door het EASA vaststelt dat andere luchtvaartautoriteiten voldoen aan de in de leden 4.1.1 tot en met 4.1.3 gestelde eisen, zullen de technische agenten de in Deel 1 van de technische uitvoeringsvoorschriften beschreven procedure volgen. Als zij dat juist achten, zullen de technische agenten na afronding van de procedure vervolgens de Bilaterale Raad van Toezicht voorstellen doen omtrent wijziging van appendix 1, met inbegrip van wijzigingen met betrekking tot de omvang van de activiteiten van een luchtvaartautoriteit.

4.2.4 Indien een technische agent van oordeel is dat de technische deskundigheid van de andere technische agent of de luchtvaartautoriteiten niet langer toereikend is, zullen de technische agenten met elkaar in overleg treden en voorstellen doen voor een actieplan, met inbegrip van vertrouwenbevorderende activiteiten, om de ontoereikendheden aan te pakken. Evenzo zullen de technische agenten overleggen indien een van de technische agenten van oordeel is dat de aanvaarding van bevindingen of goedkeuringen afgegeven door een luchtvaartautoriteit moet worden opgeschort. Indien het vertrouwen niet wordt hersteld op een voor beide partijen aanvaardbare manier, kunnen de technische agenten de aangelegenheid doorverwijzen naar de Bilaterale Raad van Toezicht. Indien het probleem niet wordt opgelost op een voor beide partijen aanvaardbare manier, kan een partij de andere partij daarvan in kennis stellen met inachtneming van artikel 18.A van de overeenkomst.

4.2.5 Op een zelfde manier zullen de technische agenten met elkaar in overleg treden indien een van de technische agenten voorstelt om het herstel in overweging te nemen van een luchtvaartautoriteit die eerder door de Bilaterale Raad van Toezicht is verwijderd van appendix I, of waarvan de bevindingen of goedkeuringen zijn opgeschort.

5. COMMUNICATIE

Alle communicatie tussen de technische agenten en, indien van toepassing, de luchtvaartautoriteiten, met inbegrip van documentatie, vindt plaats in de Engelse taal. De technische agenten kunnen van geval tot geval instemmen met uitzonderingen voor gegevens betreffende certificeringsovereenstemming.

6. TECHNISCH OVERLEG

De technische agenten gaan ermee akkoord om problemen die verband houden met de uitvoering van deze bijlage door middel van overleg op te lossen. De technische agenten zullen zich tot het uiterste inspannen om, gebruik makend van het proces beschreven in de technische uitvoeringsvoorschriften, problemen op een zo laag mogelijk technisch niveau op te lossen, alvorens het probleem in handen te geven van de Bilaterale Raad van Toezicht.

7. TECHNISCHE BIJSTAND

7.1 Op verzoek en met wederzijdse instemming zal de technische agent of, indien van toepassing, een luchtvaartautoriteit van de ene partij technische bijstand verlenen aan de technische agent of, indien van toepassing, een luchtvaartautoriteit van de andere partij, bij de toezichthoudende activiteiten ten behoeve van certificering en permanente luchtwaardigheid van ontwerp, productie, luchtwaardigheid, en milieucertificering op het grondgebied van de ander. Het proces voor het verlenen van die bijstand is in de technische uitvoeringsvoorschriften beschreven.

7.2 De technische agenten of de luchtvaartautoriteiten kunnen weigeren om die technische bijstand te verlenen vanwege een tekort aan beschikbare middelen, omdat het product niet onder het toepassingsgebied van deze overeenkomst valt of indien er geen regulerende betrokkenheid met de faciliteit is.

7.3 Indien technische bijstand wordt verleend, zal de technische agent of, indien van toepassing, de luchtvaartautoriteit, die de bijstand verleent het regulerende systeem en de procedures van de eigen partij toepassen, tenzij anders overeengekomen door de technische agenten of, indien van toepassing, de luchtvaartautoriteit. Technische bijstand, met inbegrip van conformiteitsinspectie, bijwonen van tests en vaststelling van overeenstemming kunnen worden uitgevoerd door erkende/gedelegeerde organisaties. In gevallen waar een in de Europese Gemeenschap erkende organisatie binnen haar productieautorisatie niet over deze privileges beschikt, kunnen de luchtvaartautoriteiten die bijstand rechtstreeks verlenen of door het toekennen van bedoelde privileges aan die organisatie. In gevallen waar een in de Europese Gemeenschap erkende organisatie binnen haar ontwerpautorisatie niet over deze privileges beschikt, kan het EASA de technische bijstand rechtstreeks verlenen of door het toekennen van bedoelde privileges aan die organisatie.

7.4 Technische bijstand kan ook worden verzocht in verband met de import van gebruikte luchtvaartuigen die oorspronkelijk zijn geëxporteerd uit de Verenigde Staten of de Europese Gemeenschap. De technische agenten van partijen of, indien van toepassing, de luchtvaartautoriteiten, zullen de technische agent of luchtvaartautoriteit van de andere partij, zo nodig, bijstaan bij het verkrijgen van informatie betrekking hebbend op de configuratie van het luchtvaartuig op het moment dat het luchtvaartuig de fabriek verliet.

8. KENNISGEVING VAN EEN ONDERZOEKS- OF HANDHAVINGSACTIE

De technische agent en, indien van toepassing, de luchtvaartautoriteiten van de ene partij zullen de technische agent en, indien van toepassing, de luchtvaartautoriteiten van de andere partij, terstond in kennis stellen van hun eigen onderzoeks- of handhavingsactie met betrekking tot 1) een product of gereguleerde entiteit voor luchtwaardigheid of milieucertificering of 2) een actie van een technische agent of luchtvaartautoriteit die niet in overeenstemming lijkt te zijn met deze bijlage. De technische agenten en, indien van toepassing, de luchtvaartautoriteiten, zullen samenwerken bij het uitwisselen van de informatie die nodig is voor een dergelijke onderzoeks- of handhavingsactie, met inbegrip van de afsluiting daarvan.

E ASA, L UCHTVAARTAUTORITEIT, EN PRODUCTEN UIT DE VERENIGDE STATEN,

B IJBEHORENDE EXPORTDOCUMENTATIE, EN

A CTIES VAN TECHNISCHE BIJSTAND

A ANVAARD KRACHTENS DEZE OVEREENKOMST

Technische agent van de Europese Gemeenschap | PRODUCTEN, EXPORTDOCUMENTATIE EN ACTIES VAN TECHNISCHE BIJSTAND |

EASA |

Producten en bijbehorende exportdocumentatie aanvaard voor import in de Verenigde Staten | Nieuwe luchtvaartuigen die in overeenstemming zijn met een door de FAA goedgekeurd ontwerp, vervaardigd krachtens een door het EASA afgegeven goedkeuring van de productieorganisatie en vergezeld van een EASA-formulier 27. Nieuwe motoren en propellers die in overeenstemming zijn met een door de FAA goedgekeurd ontwerp, vervaardigd krachtens een door het EASA afgegeven goedkeuring van de productieorganisatie (lid 3.4.3) en vergezeld van een EASA-formulier 1, officieel certificaat van vrijgave. De volgende nieuwe onderdelen vervaardigd krachtens een door het EASA afgegeven goedkeuring van de productieorganisatie, die overeenstemmen met door de FAA goedgekeurde ontwerpgegevens en geschikt zijn om te worden ingebouwd in een product of uitrustingsstuk waarvoor een ontwerpgoedkeuring van de FAA is verleend (vergezeld van een EASA-formulier 1): reserveonderdelen ongeacht het land van ontwerp van het product en/of uitrustingsstuk; wijzigingsonderdelen voor ontwerpwijzigingen indien het EASA handelt als het land van ontwerp voor de ontwerpwijziging van een EU-aanvrager. Indien deze wijzigingsonderdelen verband houden met een door het EASA afgegeven aanvullend typecertificaat, moet het aanvullend typecertificaat vallen onder het toepassingsgebied van de technische uitvoeringsvoorschriften; wijzigingsonderdelen voor een product waarvan de Verenigde Staten het land van ontwerp zijn voor de ontwerpwijziging en de onderdelen worden geproduceerd krachtens een licentieovereenkomst verleend aan de in de Verenigde Staten gevestigde houder van de goedkeuring van een ontwerp (verschillend land van ontwerp en land van vervaardiging). |

Acties van technische bijstand uitgevoerd namens de FAA | Ontwerpgegevens (conformiteitsverklaringen) en bijwonen van tests. Productietoezicht en toezicht uitgevoerd als technische bijstand. Conformiteitsinspectie. |

.

PRODUCTEN, EXPORTDOCUMENTATIE EN ACTIES VAN TECHNISCHE BIJSTAND |

Oostenrijk |

Producten en bijbehorende exportdocumentatie aanvaard voor import in de Verenigde Staten | Nieuwe kleine vliegtuigen, zeer lichte vliegtuigen (VLA) en zweefvliegtuigen en gemotoriseerde zweefvliegtuigen die in overeenstemming zijn met een door de FAA goedgekeurd ontwerp, vervaardigd krachtens een Oostenrijkse goedkeuring van de productieorganisatie en vergezeld van een EASA-formulier 27, exportcertificaat van luchtwaardigheid, of een Oostenrijks exportcertificaat van luchtwaardigheid afgegeven voor 28 september 2008. Gebruikte luchtvaartuigen die in overeenstemming zijn met een door de FAA goedgekeurd ontwerp, onderhouden in overeenstemming met EASA deel-145 of deel-M, afhankelijk van de situatie indien ze worden vergezeld van een EASA-formulier 27, exportcertificaat van luchtwaardigheid, of een Oostenrijks exportcertificaat van luchtwaardigheid afgegeven voor 28 september 2008. Nieuwe motoren en propellers die in overeenstemming zijn met een door de FAA goedgekeurd ontwerp, vervaardigd krachtens een Oostenrijkse goedkeuring van de productieorganisatie en vergezeld van een EASA-formulier 1, officieel certificaat van vrijgave, of een JAA-formulier Een afgegeven voor 28 september 2005. Nieuwe uitrustingsstukken die in overeenstemming zijn met een door de FAA goedgekeurd ontwerp, vervaardigd krachtens een Oostenrijkse goedkeuring van de productieorganisatie en vergezeld van een EASA-formulier 1, officieel certificaat van vrijgave, of een JAA-formulier Een afgegeven voor 28 september 2005. De volgende nieuwe onderdelen vervaardigd krachtens een Oostenrijkse goedkeuring van de productieorganisatie, die overeenstemmen met door de FAA goedgekeurde ontwerpgegevens en geschikt zijn om te worden ingebouwd in een product of uitrustingsstuk waarvoor een ontwerpgoedkeuring van de FAA is verleend (vergezeld van een EASA-formulier 1, of een JAA-formulier Een afgegeven voor 28 september 2005): reserveonderdelen ongeacht het land van ontwerp van het product en/of uitrustingsstuk; wijzigingsonderdelen voor ontwerpwijzigingen indien het EASA handelt als het land van ontwerp voor de ontwerpwijziging van een EU-aanvrager. Indien deze wijzigingsonderdelen verband houden met een door het EASA afgegeven aanvullend typecertificaat, moet het aanvullend typecertificaat vallen onder het toepassingsgebied van de technische uitvoeringsvoorschriften; wijzigingsonderdelen voor een product waarvan de Verenigde Staten het land van ontwerp zijn voor de ontwerpwijziging en de onderdelen worden geproduceerd krachtens een licentieovereenkomst verleend aan de in de Verenigde Staten gevestigde houder van de goedkeuring van een ontwerp (verschillend land van ontwerp en land van vervaardiging). |

Acties van technische bijstand uitgevoerd namens de FAA | Productietoezicht en toezicht uitgevoerd als technische bijstand. Conformiteitsinspectie. |

.

Luchtvaartautoriteit in de vermelde EU-lidstaat | PRODUCTEN, EXPORTDOCUMENTATIE EN ACTIES VAN TECHNISCHE BIJSTAND |

België |

Producten en bijbehorende exportdocumentatie aanvaard voor import in de Verenigde Staten | Gebruikte luchtvaartuigen die in overeenstemming zijn met een door de FAA goedgekeurd ontwerp, onderhouden in overeenstemming met EASA deel-145 of deel-M, afhankelijk van de situatie, indien ze worden vergezeld van een EASA-formulier 27, exportcertificaat van luchtwaardigheid, of een Belgisch exportcertificaat van luchtwaardigheid afgegeven voor 28 september 2008. Nieuwe uitrustingsstukken die in overeenstemming zijn met een door de FAA goedgekeurd ontwerp, vervaardigd krachtens een Belgische goedkeuring van de productieorganisatie en vergezeld van een EASA-formulier 1, officieel certificaat van vrijgave, of een JAA-formulier Een afgegeven voor 28 september 2005. Nieuwe bemande ballonnen die in overeenstemming zijn met een door de FAA goedgekeurd ontwerp, vervaardigd krachtens subdeel F van EASA-deel 21 of een Belgische goedkeuring van de productieorganisatie en vergezeld van een EASA-formulier 27, exportcertificaat van luchtwaardigheid, of een Belgisch exportcertificaat van luchtwaardigheid afgegeven voor 28 september 2008. De volgende nieuwe onderdelen vervaardigd krachtens een Belgische goedkeuring van de productieorganisatie, die overeenstemmen met door de FAA goedgekeurde ontwerpgegevens en geschikt zijn om te worden ingebouwd in een product of uitrustingsstuk waarvoor een ontwerpgoedkeuring van de FAA is verleend (vergezeld van een EASA-formulier 1, of een JAA-formulier Een afgegeven voor 28 september 2005): reserveonderdelen ongeacht het land van ontwerp van het product en/of uitrustingsstuk; wijzigingsonderdelen voor ontwerpwijzigingen indien het EASA handelt als het land van ontwerp voor de ontwerpwijziging van een EU-aanvrager. Indien deze wijzigingsonderdelen verband houden met een door het EASA afgegeven aanvullend typecertificaat, moet het aanvullend typecertificaat vallen onder het toepassingsgebied van de technische uitvoeringsvoorschriften; wijzigingsonderdelen voor een product waarvan de Verenigde Staten het land van ontwerp zijn voor de ontwerpwijziging en de onderdelen worden geproduceerd krachtens een licentieovereenkomst verleend aan de in de Verenigde Staten gevestigde houder van de goedkeuring van een ontwerp (verschillend land van ontwerp en land van vervaardiging). |

Acties van technische bijstand uitgevoerd namens de FAA | Productietoezicht en toezicht uitgevoerd als technische bijstand. Conformiteitsinspectie. |

.

Luchtvaartautoriteit in de vermelde EU-lidstaat | PRODUCTEN, EXPORTDOCUMENTATIE EN ACTIES VAN TECHNISCHE BIJSTAND |

Tsjechische Republiek |

Producten en bijbehorende exportdocumentatie aanvaard voor import in de Verenigde Staten | Nieuwe kleine vliegtuigen, zeer lichte vliegtuigen en zweefvliegtuigen die in overeenstemming zijn met een door de FAA goedgekeurd ontwerp, vervaardigd krachtens een goedkeuring van de productieorganisatie van de Tsjechische Republiek en vergezeld van een EASA-formulier 27, exportcertificaat van luchtwaardigheid, of een Tsjechisch exportcertificaat van luchtwaardigheid afgegeven voor 28 september 2008. Nieuwe bemande ballonnen die in overeenstemming zijn met een door de FAA goedgekeurd ontwerp, vervaardigd krachtens een goedkeuring van de productieorganisatie van de Tsjechische Republiek en vergezeld van een EASA-formulier 27, exportcertificaat van luchtwaardigheid, of een Tsjechisch exportcertificaat van luchtwaardigheid afgegeven vóór 28 september 2007. Gebruikte luchtvaartuigen die in overeenstemming zijn met een door de FAA goedgekeurd ontwerp, onderhouden in overeenstemming met EASA deel-145 of deel-M, afhankelijk van de situatie, indien ze worden vergezeld van een EASA-formulier 27, exportcertificaat van luchtwaardigheid, of een Tsjechisch exportcertificaat van luchtwaardigheid afgegeven vóór 28 september 2008. Nieuwe motoren en propellers die in overeenstemming zijn met een door de FAA goedgekeurd ontwerp, vervaardigd krachtens een goedkeuring van de productieorganisatie van de Tsjechische Republiek en vergezeld van een EASA-formulier 1, officieel certificaat van vrijgave, of een JAA-formulier één afgegeven vóór 28 september 2005. Nieuwe uitrustingsstukken die in overeenstemming zijn met een door de FAA goedgekeurd ontwerp, vervaardigd krachtens een goedkeuring van de productieorganisatie van de Tsjechische Republiek en vergezeld van een EASA-formulier 1, officieel certificaat van vrijgave, of een JAA-formulier Een afgegeven voor 28 september 2005. De volgende nieuwe onderdelen vervaardigd krachtens een goedkeuring van de productieorganisatie van de Tsjechische Republiek die overeenstemmen met door de FAA goedgekeurde ontwerpgegevens en geschikt zijn om te worden ingebouwd in een product of uitrustingsstuk waarvoor een ontwerpgoedkeuring van de FAA is verleend (vergezeld van een EASA-formulier 1, of een JAA-formulier één afgegeven vóór 28 september 2005): reserveonderdelen ongeacht het land van ontwerp van het product en/of uitrustingsstuk; wijzigingsonderdelen voor ontwerpwijzigingen indien het EASA handelt als het land van ontwerp voor de ontwerpwijziging van een EU-aanvrager. Indien deze wijzigingsonderdelen verband houden met een door het EASA afgegeven aanvullend typecertificaat, moet het aanvullend typecertificaat vallen onder het toepassingsgebied van de technische uitvoeringsvoorschriften; wijzigingsonderdelen voor een product waarvan de Verenigde Staten het land van ontwerp zijn voor de ontwerpwijziging en de onderdelen worden geproduceerd krachtens een licentieovereenkomst verleend aan de in de Verenigde Staten gevestigde houder van de goedkeuring van een ontwerp (verschillend land van ontwerp en land van vervaardiging). |

Acties van technische bijstand uitgevoerd namens de FAA | Productietoezicht en toezicht uitgevoerd als technische bijstand. Conformiteitsinspectie. |

.

Luchtvaartautoriteit in de vermelde EU-lidstaat | PRODUCTEN, EXPORTDOCUMENTATIE EN ACTIES VAN TECHNISCHE BIJSTAND |

Denemarken |

Producten en bijbehorende exportdocumentatie aanvaard voor import in de Verenigde Staten | Gebruikte luchtvaartuigen die in overeenstemming zijn met een door de FAA goedgekeurd ontwerp, onderhouden in overeenstemming met EASA deel-145 of deel-M, afhankelijk van de situatie, indien ze worden vergezeld van een EASA-formulier 27, exportcertificaat van luchtwaardigheid, of een Deens exportcertificaat van luchtwaardigheid afgegeven voor 28 september 2008. Nieuwe uitrustingsstukken die in overeenstemming zijn met een door de FAA goedgekeurd ontwerp, vervaardigd krachtens een Deense goedkeuring van de productieorganisatie en vergezeld van een EASA-formulier 1, officieel certificaat van vrijgave, of een JAA-formulier Een afgegeven voor 28 september 2005. De volgende nieuwe onderdelen vervaardigd krachtens een Deense goedkeuring van de productieorganisatie, die overeenstemmen met door de FAA goedgekeurde ontwerpgegevens en geschikt zijn om te worden ingebouwd in een product of uitrustingsstuk waarvoor een ontwerpgoedkeuring van de FAA is verleend (vergezeld van een EASA-formulier 1, of een JAA-formulier Een afgegeven voor 28 september 2005): reserveonderdelen ongeacht het land van ontwerp van het product en/of uitrustingsstuk; wijzigingsonderdelen voor ontwerpwijzigingen indien het EASA handelt als het land van ontwerp voor de ontwerpwijziging van een EU-aanvrager. Indien deze wijzigingsonderdelen verband houden met een door het EASA afgegeven aanvullend typecertificaat, moet het aanvullend typecertificaat vallen onder het toepassingsgebied van de technische uitvoeringsvoorschriften; wijzigingsonderdelen voor een product waarvan de Verenigde Staten het land van ontwerp zijn voor de ontwerpwijziging en de onderdelen worden geproduceerd krachtens een licentieovereenkomst verleend aan de in de Verenigde Staten gevestigde houder van de goedkeuring van een ontwerp (verschillend land van ontwerp en land van vervaardiging). |

Acties van technische bijstand uitgevoerd namens de FAA | Productietoezicht en toezicht uitgevoerd als technische bijstand. Conformiteitsinspectie. |

.

Luchtvaartautoriteit in de vermelde EU-lidstaat | PRODUCTEN, EXPORTDOCUMENTATIE EN ACTIES VAN TECHNISCHE BIJSTAND |

Finland |

Producten en bijbehorende exportdocumentatie aanvaard voor import in de Verenigde Staten | Gebruikte luchtvaartuigen die in overeenstemming zijn met een door de FAA goedgekeurd ontwerp, onderhouden in overeenstemming met EASA deel-145 of deel-M, afhankelijk van de situatie, indien ze worden vergezeld van een EASA-formulier 27, exportcertificaat van luchtwaardigheid, of een Fins exportcertificaat van luchtwaardigheid afgegeven voor 28 september 2008. Nieuwe uitrustingsstukken die in overeenstemming zijn met een door de FAA goedgekeurd ontwerp, vervaardigd krachtens een Finse goedkeuring van de productieorganisatie en vergezeld van een EASA-formulier 1, officieel certificaat van vrijgave, of een JAA-formulier Een afgegeven voor 28 september 2005. De volgende nieuwe onderdelen vervaardigd krachtens een Finse goedkeuring van de productieorganisatie, die overeenstemmen met door de FAA goedgekeurde ontwerpgegevens en geschikt zijn om te worden ingebouwd in een product of uitrustingsstuk waarvoor een ontwerpgoedkeuring van de FAA is verleend (vergezeld van een EASA-formulier 1, of een JAA-formulier Een afgegeven voor 28 september 2005): reserveonderdelen ongeacht het land van ontwerp van het product en/of uitrustingsstuk; wijzigingsonderdelen voor ontwerpwijzigingen indien het EASA handelt als het land van ontwerp voor de ontwerpwijziging van een EU-aanvrager. Indien deze wijzigingsonderdelen verband houden met een door het EASA afgegeven aanvullend typecertificaat, moet het aanvullend typecertificaat vallen onder het toepassingsgebied van de technische uitvoeringsvoorschriften; wijzigingsonderdelen voor een product waarvan de Verenigde Staten het land van ontwerp zijn voor de ontwerpwijziging en de onderdelen worden geproduceerd krachtens een licentieovereenkomst verleend aan de in de Verenigde Staten gevestigde houder van de goedkeuring van een ontwerp (verschillend land van ontwerp en land van vervaardiging). |

Acties van technische bijstand uitgevoerd namens de FAA | Productietoezicht en toezicht uitgevoerd als technische bijstand. Conformiteitsinspectie. |

.

Luchtvaartautoriteit in de vermelde EU-lidstaat | PRODUCTEN, EXPORTDOCUMENTATIE EN ACTIES VAN TECHNISCHE BIJSTAND |

Frankrijk |

Producten en bijbehorende exportdocumentatie aanvaard voor import in de Verenigde Staten | Nieuwe vliegtuigen, helikopters, zeer lichte vliegtuigen en zweefvliegtuigen die in overeenstemming zijn met een door de FAA goedgekeurd ontwerp, vervaardigd krachtens een Franse goedkeuring van de productieorganisatie en vergezeld van een EASA-formulier 27, exportcertificaat van luchtwaardigheid, of een Frans exportcertificaat van luchtwaardigheid afgegeven voor 28 september 2008. Nieuwe bemande ballonnen die in overeenstemming zijn met een door de FAA goedgekeurd ontwerp, vervaardigd krachtens subdeel F van EASA deel-21 of een Franse goedkeuring van de productieorganisatie en vergezeld van een EASA-formulier 27, exportcertificaat van luchtwaardigheid, of een Frans exportcertificaat van luchtwaardigheid afgegeven voor 28 september 2008. Gebruikte luchtvaartuigen die in overeenstemming zijn met een door de FAA goedgekeurd ontwerp, onderhouden in overeenstemming met EASA deel-145 of deel-M, afhankelijk van de situatie, indien ze worden vergezeld van een EASA-formulier 27, exportcertificaat van luchtwaardigheid, of een Frans exportcertificaat van luchtwaardigheid afgegeven voor 28 september 2008. Nieuwe motoren en propellers die in overeenstemming zijn met een door de FAA goedgekeurd ontwerp, vervaardigd krachtens een Franse goedkeuring van de productieorganisatie en vergezeld van een EASA-formulier 1, officieel certificaat van vrijgave, of een JAA-formulier Een afgegeven voor 28 september 2005. Nieuwe uitrustingsstukken die in overeenstemming zijn met een door de FAA goedgekeurd ontwerp, vervaardigd krachtens een Franse goedkeuring van de productieorganisatie en vergezeld van een EASA-formulier 1, officieel certificaat van vrijgave, of een JAA-formulier Een afgegeven voor 28 september 2005. De volgende nieuwe onderdelen vervaardigd krachtens een Franse goedkeuring van de productieorganisatie, die overeenstemmen met door de FAA goedgekeurde ontwerpgegevens en geschikt zijn om te worden ingebouwd in een product of uitrustingsstuk waarvoor een ontwerpgoedkeuring van de FAA is verleend (vergezeld van een EASA-formulier 1, of een JAA-formulier Een afgegeven voor 28 september 2005): reserveonderdelen ongeacht het land van ontwerp van het product en/of uitrustingsstuk; wijzigingsonderdelen voor ontwerpwijzigingen indien het EASA handelt als het land van ontwerp voor de ontwerpwijziging van een EU-aanvrager. Indien deze wijzigingsonderdelen verband houden met een door het EASA afgegeven aanvullend typecertificaat, moet het aanvullend typecertificaat vallen onder het toepassingsgebied van de technische uitvoeringsvoorschriften; wijzigingsonderdelen voor een product waarvan de Verenigde Staten het land van ontwerp zijn voor de ontwerpwijziging en de onderdelen worden geproduceerd krachtens een licentieovereenkomst verleend aan de in de Verenigde Staten gevestigde houder van de goedkeuring van een ontwerp (verschillend land van ontwerp en land van vervaardiging). |

Acties van technische bijstand uitgevoerd namens de FAA | Productietoezicht en toezicht uitgevoerd als technische bijstand. Conformiteitsinspectie. |

Acceptatie van Franse documentatie van onderdelen geproduceerd in Frankrijk krachtens een productiegoedkeuring van de Verenigde Staten | EASA-formulier 1, officieel certificaat van vrijgave, wordt geaccepteerd voor onderdelen geproduceerd onder het kwaliteitssysteem van een in de Verenigde Staten gevestigde houder van productiegoedkeuring, bij een in Frankrijk gevestigde leverancier van een houder van productiegoedkeuring, indien die leverancier met betrekking tot dat onderdeel eveneens beschikt over een Franse goedkeuring van de productieorganisatie. |

.

Luchtvaartautoriteit in de vermelde EU-lidstaat | PRODUCTEN, EXPORTDOCUMENTATIE EN ACTIES VAN TECHNISCHE BIJSTAND |

Duitsland |

Producten en bijbehorende exportdocumentatie aanvaard voor import in de Verenigde Staten | Nieuwe vliegtuigen, helikopters, zeer lichte vliegtuigen, zweefvliegtuigen en gemotoriseerde zweefvliegtuigen die in overeenstemming zijn met een door de FAA goedgekeurd ontwerp, vervaardigd krachtens een Duitse goedkeuring van de productieorganisatie en vergezeld van een EASA-formulier 27, exportcertificaat van luchtwaardigheid, of een Duits exportcertificaat van luchtwaardigheid afgegeven voor 28 september 2008. Nieuwe bemande ballonnen die in overeenstemming zijn met een door de FAA goedgekeurd ontwerp, vervaardigd krachtens subdeel F van EASA deel-21 of een Duitse goedkeuring van de productieorganisatie en vergezeld van een EASA-formulier 27, exportcertificaat van luchtwaardigheid, of een Duits exportcertificaat van luchtwaardigheid afgegeven voor 28 september 2008. Nieuwe luchtschepen die in overeenstemming zijn met een door de FAA goedgekeurd ontwerp, vervaardigd krachtens een Duitse goedkeuring van de productieorganisatie en vergezeld van een EASA-formulier 27, exportcertificaat van luchtwaardigheid, of een Duits exportcertificaat van luchtwaardigheid afgegeven voor 28 september 2008. Gebruikte luchtvaartuigen die in overeenstemming zijn met een door de FAA goedgekeurd ontwerp, onderhouden in overeenstemming met EASA deel-145 of deel-M, afhankelijk van de situatie, indien ze worden vergezeld van een EASA-formulier 27, exportcertificaat van luchtwaardigheid, of een Duits exportcertificaat van luchtwaardigheid afgegeven voor 28 september 2008. Nieuwe motoren en propellers die in overeenstemming zijn met een door de FAA goedgekeurd ontwerp, vervaardigd krachtens een Duitse goedkeuring van de productieorganisatie en vergezeld van een EASA-formulier 1, officieel certificaat van vrijgave, of een JAA-formulier Een afgegeven voor 28 september 2005. Nieuwe uitrustingsstukken die in overeenstemming zijn met een door de FAA goedgekeurd ontwerp, vervaardigd krachtens een Duitse goedkeuring van de productieorganisatie en vergezeld van een EASA-formulier 1, officieel certificaat van vrijgave, of een JAA-formulier Een afgegeven voor 28 september 2005. De volgende nieuwe onderdelen vervaardigd krachtens een Duitse goedkeuring van de productieorganisatie, die overeenstemmen met door de FAA goedgekeurde ontwerpgegevens en geschikt zijn om te worden ingebouwd in een product of uitrustingsstuk waarvoor een ontwerpgoedkeuring van de FAA is verleend (vergezeld van een EASA-formulier 1, of een JAA-formulier Een afgegeven voor 28 september 2005): reserveonderdelen ongeacht het land van ontwerp van het product en/of uitrustingsstuk; wijzigingsonderdelen voor ontwerpwijzigingen indien het EASA handelt als het land van ontwerp voor de ontwerpwijziging van een EU-aanvrager. Indien deze wijzigingsonderdelen verband houden met een door het EASA afgegeven aanvullend typecertificaat, moet het aanvullend typecertificaat vallen onder het toepassingsgebied van de technische uitvoeringsvoorschriften; wijzigingsonderdelen voor een product waarvan de Verenigde Staten het land van ontwerp zijn voor de ontwerpwijziging en de onderdelen worden geproduceerd krachtens een licentieovereenkomst verleend aan de in de Verenigde Staten gevestigde houder van de goedkeuring van een ontwerp (verschillend land van ontwerp en land van vervaardiging). |

Acties van technische bijstand uitgevoerd namens de FAA | Productietoezicht en toezicht uitgevoerd als technische bijstand. Conformiteitsinspectie. |

Acceptatie van Duitse documentatie van onderdelen geproduceerd in Duitsland krachtens een productiegoedkeuring van de Verenigde Staten | EASA-formulier 1, officieel certificaat van vrijgave, wordt geaccepteerd voor onderdelen geproduceerd onder het kwaliteitssysteem van een in de Verenigde Staten gevestigde houder van productiegoedkeuring, bij een in Duitsland gevestigde leverancier van een houder van productiegoedkeuring, indien die leverancier met betrekking tot dat onderdeel eveneens beschikt over een Duitse goedkeuring van de productieorganisatie. |

.

Luchtvaartautoriteit in de vermelde EU-lidstaat | PRODUCTEN, EXPORTDOCUMENTATIE EN ACTIES VAN TECHNISCHE BIJSTAND |

Italië |

Producten en bijbehorende exportdocumentatie aanvaard voor import in de Verenigde Staten | Nieuwe vliegtuigen, helikopters en zeer lichte vliegtuigen die in overeenstemming zijn met een door de FAA goedgekeurd ontwerp, vervaardigd krachtens een Italiaanse goedkeuring van de productieorganisatie en vergezeld van een EASA-formulier 27, exportcertificaat van luchtwaardigheid, of een Italiaans exportcertificaat van luchtwaardigheid afgegeven voor 28 september 2008. Gebruikte luchtvaartuigen die in overeenstemming zijn met een door de FAA goedgekeurd ontwerp, onderhouden in overeenstemming met EASA deel-145 of deel-M, afhankelijk van de situatie, indien ze worden vergezeld van een EASA-formulier 27, exportcertificaat van luchtwaardigheid, of een Italiaans exportcertificaat van luchtwaardigheid afgegeven voor 28 september 2008. Nieuwe uitrustingsstukken die in overeenstemming zijn met een door de FAA goedgekeurd ontwerp, vervaardigd krachtens een Italiaanse goedkeuring van de productieorganisatie en vergezeld van een EASA-formulier 1, officieel certificaat van vrijgave, of een JAA-formulier Een afgegeven voor 28 september 2005. De volgende nieuwe onderdelen vervaardigd krachtens een Italiaanse goedkeuring van de productieorganisatie, die overeenstemmen met door de FAA goedgekeurde ontwerpgegevens en geschikt zijn om te worden ingebouwd in een product of uitrustingsstuk waarvoor een ontwerpgoedkeuring van de FAA is verleend (vergezeld van een EASA-formulier 1, of een JAA-formulier Een afgegeven voor 28 september 2005): reserveonderdelen ongeacht het land van ontwerp van het product en/of uitrustingsstuk; wijzigingsonderdelen voor ontwerpwijzigingen indien het EASA handelt als het land van ontwerp voor de ontwerpwijziging van een EU-aanvrager. Indien deze wijzigingsonderdelen verband houden met een door het EASA afgegeven aanvullend typecertificaat, moet het aanvullend typecertificaat vallen onder het toepassingsgebied van de technische uitvoeringsvoorschriften; wijzigingsonderdelen voor een product waarvan de Verenigde Staten het land van ontwerp zijn voor de ontwerpwijziging en de onderdelen worden geproduceerd krachtens een licentieovereenkomst verleend aan de in de Verenigde Staten gevestigde houder van de goedkeuring van een ontwerp (verschillend land van ontwerp en land van vervaardiging). |

Acties van technische bijstand uitgevoerd namens de FAA | Productietoezicht en toezicht uitgevoerd als technische bijstand. Conformiteitsinspectie. |

Acceptatie van Italiaanse documentatie van onderdelen geproduceerd in Italië krachtens een productiegoedkeuring van de Verenigde Staten | EASA-formulier 1, officieel certificaat van vrijgave, wordt geaccepteerd voor onderdelen geproduceerd onder het kwaliteitssysteem van een in de Verenigde Staten gevestigde houder van productiegoedkeuring, bij een in Italië gevestigde leverancier van een houder van productiegoedkeuring, indien die leverancier met betrekking tot dat onderdeel eveneens beschikt over een Italiaanse goedkeuring van de productieorganisatie. |

.

Luchtvaartautoriteit in de vermelde EU-lidstaat | PRODUCTEN, EXPORTDOCUMENTATIE EN ACTIES VAN TECHNISCHE BIJSTAND |

Litouwen |

Producten en bijbehorende exportdocumentatie aanvaard voor import in de Verenigde Staten | Nieuwe zweefvliegtuigen en gemotoriseerde zweefvliegtuigen die in overeenstemming zijn met een door de FAA goedgekeurd ontwerp, vervaardigd krachtens een door Litouwen afgegeven goedkeuring van de productieorganisatie en vergezeld van een EASA-formulier 27, exportcertificaat van luchtwaardigheid, of een Litouws exportcertificaat van luchtwaardigheid afgegeven voor 28 september 2008. Nieuwe propellers die in overeenstemming zijn met een door de FAA goedgekeurd ontwerp, vervaardigd krachtens een door Litouwen afgegeven goedkeuring van de productieorganisatie en vergezeld van een EASA-formulier 1, officieel certificaat van vrijgave, of een JAA-formulier Een afgegeven voor 28 september 2005. De volgende nieuwe onderdelen vervaardigd krachtens een door Litouwen afgegeven goedkeuring van de productieorganisatie, die overeenstemmen met door de FAA goedgekeurde ontwerpgegevens en geschikt zijn om te worden ingebouwd in een product waarvoor een ontwerpgoedkeuring van de FAA is verleend (vergezeld van een EASA-formulier 1, of een JAA-formulier Een afgegeven voor 28 september 2005): Reserveonderdelen voor de hierboven vermelde producten; |

.

Luchtvaartautoriteit in de vermelde EU-lidstaat | PRODUCTEN, EXPORTDOCUMENTATIE EN ACTIES VAN TECHNISCHE BIJSTAND |

Luxemburg |

Producten en bijbehorende exportdocumentatie aanvaard voor import in de Verenigde Staten | De volgende nieuwe onderdelen vervaardigd krachtens een Luxemburgse goedkeuring van de productieorganisatie, die overeenstemmen met door de FAA goedgekeurde ontwerpgegevens en geschikt zijn om te worden ingebouwd in een product of uitrustingsstuk waarvoor een ontwerpgoedkeuring van de FAA is verleend (vergezeld van een EASA-formulier 1, of een JAA-formulier Een afgegeven voor 28 september 2005): reserveonderdelen ongeacht het land van ontwerp van het product en/of uitrustingsstuk; wijzigingsonderdelen voor ontwerpwijzigingen indien het EASA handelt als het land van ontwerp voor de ontwerpwijziging van een EU-aanvrager. Indien deze wijzigingsonderdelen verband houden met een door het EASA afgegeven aanvullend typecertificaat, moet het aanvullend typecertificaat vallen onder het toepassingsgebied van de technische uitvoeringsvoorschriften; wijzigingsonderdelen voor een product waarvan de Verenigde Staten het land van ontwerp zijn voor de ontwerpwijziging en de onderdelen worden geproduceerd krachtens een licentieovereenkomst verleend aan de in de Verenigde Staten gevestigde houder van de goedkeuring van een ontwerp (verschillend land van ontwerp en land van vervaardiging). |

.

Luchtvaartautoriteit in de vermelde EU-lidstaat | PRODUCTEN, EXPORTDOCUMENTATIE EN ACTIES VAN TECHNISCHE BIJSTAND |

Nederland |

Producten en bijbehorende exportdocumentatie aanvaard voor import in de Verenigde Staten | Gebruikte luchtvaartuigen die in overeenstemming zijn met een door de FAA goedgekeurd ontwerp, onderhouden in overeenstemming met EASA deel-145 of deel-M, afhankelijk van de situatie, indien ze worden vergezeld van een EASA-formulier 27, exportcertificaat van luchtwaardigheid, of een Nederlands exportcertificaat van luchtwaardigheid afgegeven voor 28 september 2008. Nieuwe uitrustingsstukken die in overeenstemming zijn met een door de FAA goedgekeurd ontwerp, vervaardigd krachtens een Nederlandse goedkeuring van de productieorganisatie en vergezeld van een EASA-formulier 1, officieel certificaat van vrijgave, of een JAA-formulier Een afgegeven voor 28 september 2005. De volgende nieuwe onderdelen vervaardigd krachtens een Nederlandse goedkeuring van de productieorganisatie, die overeenstemmen met door de FAA goedgekeurde ontwerpgegevens en geschikt zijn om te worden ingebouwd in een product of uitrustingsstuk waarvoor een ontwerpgoedkeuring van de FAA is verleend (vergezeld van een EASA-formulier 1, of een JAA-formulier Een afgegeven voor 28 september 2005): reserveonderdelen ongeacht het land van ontwerp van het product en/of uitrustingsstuk; wijzigingsonderdelen voor ontwerpwijzigingen indien het EASA handelt als het land van ontwerp voor de ontwerpwijziging van een EU-aanvrager. Indien deze wijzigingsonderdelen verband houden met een door het EASA afgegeven aanvullend typecertificaat, moet het aanvullend typecertificaat vallen onder het toepassingsgebied van de technische uitvoeringsvoorschriften; wijzigingsonderdelen voor een product waarvan de Verenigde Staten het land van ontwerp zijn voor de ontwerpwijziging en de onderdelen worden geproduceerd krachtens een licentieovereenkomst verleend aan de in de Verenigde Staten gevestigde houder van de goedkeuring van een ontwerp (verschillend land van ontwerp en land van vervaardiging). |

Acties van technische bijstand uitgevoerd namens de FAA | Productietoezicht en toezicht uitgevoerd als technische bijstand. Conformiteitsinspectie. |

.

Luchtvaartautoriteit in de vermelde EU-lidstaat | PRODUCTEN, EXPORTDOCUMENTATIE EN ACTIES VAN TECHNISCHE BIJSTAND |

Polen |

Producten en bijbehorende exportdocumentatie aanvaard voor import in de Verenigde Staten | Nieuwe vliegtuigen, helikopters, zeer lichte vliegtuigen en zweefvliegtuigen die in overeenstemming zijn met een door de FAA goedgekeurd ontwerp, vervaardigd krachtens een Poolse goedkeuring van de productieorganisatie en vergezeld van een EASA-formulier 27, exportcertificaat van luchtwaardigheid, of een Pools exportcertificaat van luchtwaardigheid afgegeven voor 28 september 2008. Gebruikte luchtvaartuigen die in overeenstemming zijn met een door de FAA goedgekeurd ontwerp, onderhouden in overeenstemming met EASA deel-145 of deel-M, afhankelijk van de situatie, indien ze worden vergezeld van een EASA-formulier 27, exportcertificaat van luchtwaardigheid, of een Pools exportcertificaat van luchtwaardigheid afgegeven vóór 28 september 2008 Nieuwe motoren en propellers die in overeenstemming zijn met een door de FAA goedgekeurd ontwerp, vervaardigd krachtens een Poolse goedkeuring van de productieorganisatie en vergezeld van een EASA-formulier 1, officieel certificaat van vrijgave, of een JAA-formulier Een afgegeven voor 28 september 2005. Nieuwe uitrustingsstukken die in overeenstemming zijn met een door de FAA goedgekeurd ontwerp, vervaardigd krachtens een Poolse goedkeuring van de productieorganisatie en vergezeld van een EASA-formulier 1, officieel certificaat van vrijgave, of een JAA-formulier Een afgegeven voor 28 september 2005. De volgende nieuwe onderdelen vervaardigd krachtens een Poolse goedkeuring van de productieorganisatie, die overeenstemmen met door de FAA goedgekeurde ontwerpgegevens en geschikt zijn om te worden ingebouwd in een product of uitrustingsstuk waarvoor een ontwerpgoedkeuring van de FAA is verleend (vergezeld van een EASA-formulier 1, of een JAA-formulier Een afgegeven voor 28 september 2005): reserveonderdelen voor de hiervoor vermelde Poolse producten; wijzigingsonderdelen voor ontwerpwijzigingen indien het EASA handelt als het land van ontwerp voor de ontwerpwijziging van een EU-aanvrager. Indien deze wijzigingsonderdelen verband houden met een door het EASA afgegeven aanvullend typecertificaat, moet het aanvullend typecertificaat vallen onder het toepassingsgebied van de technische uitvoeringsvoorschriften; wijzigingsonderdelen voor een product waarvan de Verenigde Staten het land van ontwerp zijn voor de ontwerpwijziging en de onderdelen worden geproduceerd krachtens een licentieovereenkomst verleend aan de in de Verenigde Staten gevestigde houder van de goedkeuring van een ontwerp (verschillend land van ontwerp en land van vervaardiging). |

Acties van technische bijstand uitgevoerd namens de FAA | Productietoezicht en toezicht uitgevoerd als technische bijstand. Conformiteitsinspectie. |

.

Luchtvaartautoriteit in de vermelde EU-lidstaat | PRODUCTEN, EXPORTDOCUMENTATIE EN ACTIES VAN TECHNISCHE BIJSTAND |

Roemenië |

Producten en bijbehorende exportdocumentatie aanvaard voor import in de Verenigde Staten | Nieuwe zweefvliegtuigen, gemotoriseerde zweefvliegtuigen en zeer lichte vliegtuigen die in overeenstemming zijn met een door de FAA goedgekeurd ontwerp, vervaardigd krachtens een Roemeense goedkeuring van de productieorganisatie en vergezeld van een EASA-formulier 27, exportcertificaat van luchtwaardigheid, of een Roemeens exportcertificaat van luchtwaardigheid afgegeven voor 28 september 2008. De volgende nieuwe onderdelen vervaardigd krachtens een Roemeense goedkeuring van de productieorganisatie, die overeenstemmen met door de FAA goedgekeurde ontwerpgegevens en geschikt zijn om te worden ingebouwd in een product of uitrustingsstuk waarvoor een ontwerpgoedkeuring van de FAA is verleend (vergezeld van een EASA-formulier 1, of een JAA-formulier Een afgegeven voor 28 september 2005): reserveonderdelen ongeacht het land van ontwerp van het product; wijzigingsonderdelen voor ontwerpwijzigingen indien het EASA handelt als het land van ontwerp voor de ontwerpwijziging van een EU-aanvrager. Indien deze wijzigingsonderdelen verband houden met een door het EASA afgegeven aanvullend typecertificaat, moet het aanvullend typecertificaat vallen onder het toepassingsgebied van de technische uitvoeringsvoorschriften; wijzigingsonderdelen voor een product waarvan de Verenigde Staten het land van ontwerp zijn voor de ontwerpwijziging en de onderdelen worden geproduceerd krachtens een licentieovereenkomst verleend aan de in de Verenigde Staten gevestigde houder van de goedkeuring van een ontwerp (verschillend land van ontwerp en land van vervaardiging). |

Acties van technische bijstand uitgevoerd namens de FAA | Productietoezicht en toezicht uitgevoerd als technische bijstand. Conformiteitsinspectie. |

.

Luchtvaartautoriteit in de vermelde EU-lidstaat | PRODUCTEN, EXPORTDOCUMENTATIE EN ACTIES VAN TECHNISCHE BIJSTAND |

Slowakije |

Producten en bijbehorende exportdocumentatie aanvaard voor import in de Verenigde Staten | De volgende nieuwe onderdelen vervaardigd krachtens een Slowaakse goedkeuring van de productieorganisatie, die overeenstemmen met door de FAA goedgekeurde ontwerpgegevens en geschikt zijn om te worden ingebouwd in een product of uitrustingsstuk waarvoor een ontwerpgoedkeuring van de FAA is verleend (vergezeld van een EASA-formulier 1, of een JAA-formulier Een afgegeven voor 28 september 2005): reserveonderdelen ongeacht het land van ontwerp van het product en/of uitrustingsstuk; wijzigingsonderdelen voor ontwerpwijzigingen indien het EASA handelt als het land van ontwerp voor de ontwerpwijziging van een EU-aanvrager. Indien deze wijzigingsonderdelen verband houden met een door het EASA afgegeven aanvullend typecertificaat, moet het aanvullend typecertificaat vallen onder het toepassingsgebied van de technische uitvoeringsvoorschriften; wijzigingsonderdelen voor een product waarvan de Verenigde Staten het land van ontwerp zijn voor de ontwerpwijziging en de onderdelen worden geproduceerd krachtens een licentieovereenkomst verleend aan de in de Verenigde Staten gevestigde houder van de goedkeuring van een ontwerp (verschillend land van ontwerp en land van vervaardiging). |

.

Luchtvaartautoriteit in de vermelde EU-lidstaat | PRODUCTEN, EXPORTDOCUMENTATIE EN ACTIES VAN TECHNISCHE BIJSTAND |

Spanje |

Producten en bijbehorende exportdocumentatie aanvaard voor import in de Verenigde Staten | Nieuwe vliegtuigen en zeer lichte vliegtuigen die in overeenstemming zijn met een door de FAA goedgekeurd ontwerp, vervaardigd krachtens een Spaanse goedkeuring van de productieorganisatie en vergezeld van een EASA-formulier 27, exportcertificaat van luchtwaardigheid, of een Spaans exportcertificaat van luchtwaardigheid afgegeven vóór 28 september 2008. Gebruikte luchtvaartuigen die in overeenstemming zijn met een door de FAA goedgekeurd ontwerp, onderhouden in overeenstemming met EASA deel-145 of deel-M, afhankelijk van de situatie, indien ze worden vergezeld van een EASA-formulier 27, exportcertificaat van luchtwaardigheid, of een Spaans exportcertificaat van luchtwaardigheid afgegeven voor 28 september 2008. Nieuwe bemande ballonnen die in overeenstemming zijn met een door de FAA goedgekeurd ontwerp, vervaardigd krachtens een Spaanse goedkeuring van de productieorganisatie en vergezeld van een EASA-formulier 27, exportcertificaat van luchtwaardigheid, of een Spaans exportcertificaat van luchtwaardigheid afgegeven voor 28 september 2008. Nieuwe uitrustingsstukken die in overeenstemming zijn met een door de FAA goedgekeurd ontwerp, vervaardigd krachtens een Spaanse goedkeuring van de productieorganisatie en vergezeld van een EASA-formulier 1, officieel certificaat van vrijgave, of een JAA-formulier Een afgegeven voor 28 september 2005. De volgende nieuwe onderdelen vervaardigd krachtens een Spaanse goedkeuring van de productieorganisatie, die overeenstemmen met door de FAA goedgekeurde ontwerpgegevens en geschikt zijn om te worden ingebouwd in een product of uitrustingsstuk waarvoor een ontwerpgoedkeuring van de FAA is verleend (vergezeld van een EASA-formulier 1, of een JAA-formulier Een afgegeven voor 28 september 2005): reserveonderdelen ongeacht het land van ontwerp van het product en/of uitrustingsstuk; wijzigingsonderdelen voor ontwerpwijzigingen indien het EASA handelt als het land van ontwerp voor de ontwerpwijziging van een EU-aanvrager. Indien deze wijzigingsonderdelen verband houden met een door het EASA afgegeven aanvullend typecertificaat, moet het aanvullend typecertificaat vallen onder het toepassingsgebied van de technische uitvoeringsvoorschriften; wijzigingsonderdelen voor een product waarvan de Verenigde Staten het land van ontwerp zijn voor de ontwerpwijziging en de onderdelen worden geproduceerd krachtens een licentieovereenkomst verleend aan de in de Verenigde Staten gevestigde houder van de goedkeuring van een ontwerp (verschillend land van ontwerp en land van vervaardiging). |

Acties van technische bijstand uitgevoerd namens de FAA | Productietoezicht en toezicht uitgevoerd als technische bijstand. Conformiteitsinspectie. |

.

Luchtvaartautoriteit in de vermelde EU-lidstaat | PRODUCTEN, EXPORTDOCUMENTATIE EN ACTIES VAN TECHNISCHE BIJSTAND |

Zweden |

Producten en bijbehorende exportdocumentatie aanvaard voor import in de Verenigde Staten | Gebruikte luchtvaartuigen die in overeenstemming zijn met een door de FAA goedgekeurd ontwerp, onderhouden in overeenstemming met EASA deel-145 of deel-M, afhankelijk van de situatie, indien ze worden vergezeld van een EASA-formulier 27, exportcertificaat van luchtwaardigheid, of een Zweeds exportcertificaat van luchtwaardigheid afgegeven voor 28 september 2008. Nieuwe uitrustingsstukken die in overeenstemming zijn met een door de FAA goedgekeurd ontwerp, vervaardigd krachtens een Zweedse goedkeuring van de productieorganisatie en vergezeld van een EASA-formulier 1, officieel certificaat van vrijgave, of een JAA-formulier Een afgegeven voor 28 september 2005. De volgende nieuwe onderdelen vervaardigd krachtens een Zweedse goedkeuring van de productieorganisatie, die overeenstemmen met door de FAA goedgekeurde ontwerpgegevens en geschikt zijn om te worden ingebouwd in een product of uitrustingsstuk waarvoor een ontwerpgoedkeuring van de FAA is verleend (vergezeld van een EASA-formulier 1, of een JAA-formulier Een afgegeven voor 28 september 2005): reserveonderdelen ongeacht het land van ontwerp van het product en/of uitrustingsstuk; wijzigingsonderdelen voor ontwerpwijzigingen indien het EASA handelt als het land van ontwerp voor de ontwerpwijziging van een EU-aanvrager. Indien deze wijzigingsonderdelen verband houden met een door het EASA afgegeven aanvullend typecertificaat, moet het aanvullend typecertificaat vallen onder het toepassingsgebied van de technische uitvoeringsvoorschriften; wijzigingsonderdelen voor een product waarvan de Verenigde Staten het land van ontwerp zijn voor de ontwerpwijziging en de onderdelen worden geproduceerd krachtens een licentieovereenkomst verleend aan de in de Verenigde Staten gevestigde houder van de goedkeuring van een ontwerp (verschillend land van ontwerp en land van vervaardiging). |

Acties van technische bijstand uitgevoerd namens de FAA | Productietoezicht en toezicht uitgevoerd als technische bijstand. Conformiteitsinspectie. |

.

Luchtvaartautoriteit in de vermelde EU-lidstaat | PRODUCTEN, EXPORTDOCUMENTATIE EN ACTIES VAN TECHNISCHE BIJSTAND |

Verenigd Koninkrijk |

Producten en bijbehorende exportdocumentatie aanvaard voor import in de Verenigde Staten | Nieuwe kleine vliegtuigen en zeer lichte vliegtuigen (VLA) die in overeenstemming zijn met een door de FAA goedgekeurd ontwerp, vervaardigd krachtens een goedkeuring van de productieorganisatie afgegeven door het Verenigd Koninkrijk en vergezeld van een EASA-formulier 27, exportcertificaat van luchtwaardigheid, of een exportcertificaat van luchtwaardigheid afgegeven door het Verenigd Koninkrijk voor 28 september 2008. Nieuwe luchtschepen die in overeenstemming zijn met een door de FAA goedgekeurd ontwerp, vervaardigd krachtens een goedkeuring van de productieorganisatie afgegeven door het Verenigd Koninkrijk en vergezeld van een EASA-formulier 27, exportcertificaat van luchtwaardigheid, of een exportcertificaat van luchtwaardigheid afgegeven door het Verenigd Koninkrijk voor 28 september 2008. Nieuwe bemande ballonnen die in overeenstemming zijn met een door de FAA goedgekeurd ontwerp, vervaardigd krachtens een goedkeuring van de productieorganisatie afgegeven door het Verenigd Koninkrijk en vergezeld van een EASA-formulier 27, exportcertificaat van luchtwaardigheid, of een exportcertificaat van luchtwaardigheid afgegeven door het Verenigd Koninkrijk voor 28 september 2008. Gebruikte vliegtuigen die in overeenstemming zijn met een door de FAA goedgekeurd ontwerp, onderhouden in overeenstemming met EASA deel-145 of deel-M, afhankelijk van de situatie, indien ze worden vergezeld van een EASA-formulier 27, exportcertificaat van luchtwaardigheid, of een exportcertificaat van luchtwaardigheid afgegeven door het Verenigd Koninkrijk voor 28 september 2008. Nieuwe motoren en propellers die in overeenstemming zijn met een door de FAA goedgekeurd ontwerp, vervaardigd krachtens een goedkeuring van de productieorganisatie afgegeven door het Verenigd Koninkrijk en vergezeld van een EASA-formulier 1, officieel certificaat van vrijgave, of een JAA-formulier Een afgegeven voor 28 september 2005. Nieuwe uitrustingsstukken die in overeenstemming zijn met een door de FAA goedgekeurd ontwerp, vervaardigd krachtens een goedkeuring van de productieorganisatie afgegeven door het Verenigd Koninkrijk en vergezeld van een EASA-formulier 1, officieel certificaat van vrijgave, of een JAA-formulier Een afgegeven voor 28 september 2005. De volgende nieuwe onderdelen vervaardigd krachtens een goedkeuring van de productieorganisatie afgegeven door het Verenigd Koninkrijk, die overeenstemmen met door de FAA goedgekeurde ontwerpgegevens en geschikt zijn om te worden ingebouwd in een product of uitrustingsstuk waarvoor een ontwerpgoedkeuring van de FAA is verleend (vergezeld van een EASA-formulier 1, of een JAA-formulier Een afgegeven voor 28 september 2005): reserveonderdelen ongeacht het land van ontwerp van het product en/of uitrustingsstuk; wijzigingsonderdelen voor ontwerpwijzigingen indien het EASA handelt als het land van ontwerp voor de ontwerpwijziging van een EU-aanvrager. Indien deze wijzigingsonderdelen verband houden met een door het EASA afgegeven aanvullend typecertificaat, moet het aanvullend typecertificaat vallen onder het toepassingsgebied van de technische uitvoeringsvoorschriften; wijzigingsonderdelen voor een product waarvan de Verenigde Staten het land van ontwerp zijn voor de ontwerpwijziging en de onderdelen worden geproduceerd krachtens een licentieovereenkomst verleend aan de in de Verenigde Staten gevestigde houder van de goedkeuring van een ontwerp (verschillend land van ontwerp en land van vervaardiging); |

.

Luchtvaartautoriteit in de vermelde EU-lidstaat | PRODUCTEN, EXPORTDOCUMENTATIE EN ACTIES VAN TECHNISCHE BIJSTAND |

Acties van technische bijstand uitgevoerd namens de FAA | Productietoezicht en toezicht uitgevoerd als technische bijstand. Conformiteitsinspectie. |

Acceptatie van documentatie van het V.K. van onderdelen geproduceerd in het V.K. krachtens een productiegoedkeuring van de Verenigde Staten | EASA-formulier 1, officieel certificaat van vrijgave, wordt geaccepteerd voor onderdelen geproduceerd onder het kwaliteitssysteem van een in de Verenigde Staten gevestigde houder van productiegoedkeuring, bij een in het Verenigd Koninkrijk gevestigde leverancier van een houder van productiegoedkeuring, indien die leverancier met betrekking tot dat onderdeel eveneens beschikt over een door het Verenigd Koninkrijk afgegeven goedkeuring van de productieorganisatie. |

.

Technische agent in de Verenigde Staten | PRODUCTEN, EXPORTDOCUMENTATIE EN ACTIES VAN TECHNISCHE BIJSTAND |

FAA |

Producten en bijbehorende exportdocumentatie aanvaard voor import in de EU | Nieuwe luchtvaartuigen die in overeenstemming zijn met een door het EASA goedgekeurd ontwerp, vervaardigd krachtens een door de Verenigde Staten afgegeven productiegoedkeuring en vergezeld van een FAA-formulier 8130-4, exportcertificaat van luchtwaardigheid. Nieuwe bemande ballonnen die in overeenstemming zijn met een door het EASA goedgekeurd ontwerp, vervaardigd krachtens een door de Verenigde Staten afgegeven productiegoedkeuring en vergezeld van een FAA-formulier 8130-4, exportcertificaat van luchtwaardigheid. Nieuwe luchtschepen die in overeenstemming zijn met een door het EASA goedgekeurd ontwerp, vervaardigd krachtens een door de Verenigde Staten afgegeven productiegoedkeuring en vergezeld van een FAA-formulier 8130-4, exportcertificaat van luchtwaardigheid. Gebruikte luchtvaartuigen die in overeenstemming zijn met een door het EASA goedgekeurd ontwerp, onderhouden krachtens een door de FAA geautoriseerd systeem (d.w.z. 14 CFR delen 43, 65, 121, 125, 135, 145 of 129.14) indien vergezeld van een FAA-formulier 8130-4, exportcertificaat van luchtwaardigheid. Nieuwe en gereviseerde motoren en propellers die in overeenstemming zijn met een door het EASA goedgekeurd ontwerp, vervaardigd krachtens een door de Verenigde Staten afgegeven productiegoedkeuring en vergezeld van een FAA-formulier 8130-4, exportcertificaat van luchtwaardigheid. Nieuwe uitrustingsstukken die in overeenstemming zijn met een door het EASA goedgekeurd ontwerp, vervaardigd krachtens een door de Verenigde Staten afgegeven productiegoedkeuring en vergezeld van een FAA-formulier 8130-3, officieel certificaat van vrijgave. De volgende nieuwe onderdelen vervaardigd krachtens een door de Verenigde Staten afgegeven productiegoedkeuring die overeenstemmen met door het EASA goedgekeurde ontwerpgegevens en geschikt zijn om te worden ingebouwd in een product of uitrustingsstuk waarvoor een ontwerpgoedkeuring van het EASA is verleend (vergezeld van een FAA-formulier 8130-3, officieel certificaat van vrijgave): reserveonderdelen voor het product en/of uitrustingsstuk met inbegrip van onderdelen geproduceerd krachtens een licentieovereenkomst verleend aan een houder van EASA goedkeuring van een ontwerp. wijzigingsonderdelen voor ontwerpwijzigingen indien de FAA handelt als het land van ontwerp voor de ontwerpwijziging of de onderdelen worden krachtens een licentieovereenkomst verleend aan een houder van EASA goedkeuring van een ontwerp. PMA reserve- en wijzigingsonderdelen zoals bepaald in de technische uitvoeringsvoorschriften indien vergezeld van een FAA-formulier 8130-3 met bijbehorende certificeringsverklaringen. |

Acties van technische bijstand uitgevoerd namens het EASA | Ontwerpgegevens (conformiteitsverklaringen) en bijwonen van tests. Productietoezicht en toezicht uitgevoerd als technische bijstand. Conformiteitsinspectie. |

BIJLAGE 2:

ONDERHOUD

1. DOEL EN TOEPASSINGSGEBIED

De partijen hebben de normen en systemen van de andere partij beoordeeld, die verband houden met de goedkeuring van reparatiewerkplaatsen/onderhoudsorganisaties die het onderhoud uitvoeren met betrekking tot burgerluchtvaartproducten. In overeenstemming met artikel 4.A. van de overeenkomst, heeft deze bijlage betrekking op de wederkerige aanvaarding van bevindingen van overeenstemming, goedkeuringen, documentatie en technische bijstand met betrekking tot goedkeuringen en toezicht op reparatiewerkplaatsen/onderhoudsorganisaties zoals beschreven in de appendices hierbij. Niets in deze bijlage zal worden uitgelegd als een beperking van de bevoegdheden van een partij om te handelen in overeenstemming met artikel 15 van de overeenkomst.

2. DEFINITIES

2.1 “Reviseren”: een proces dat ervoor zorgt dat het luchtvaartartikel volledig in overeenstemming is met de van toepassing zijnde onderhoudstoleranties, gespecificeerd in de instructies voor permanente luchtwaardigheid van de houder van het typecertificaat of de fabrikant, of in de gegevens die door de bevoegde instantie zijn goedgekeurd of geaccepteerd. Een artikel mag niet als gereviseerd worden aangeduid als het niet ten minste is gedemonteerd, schoongemaakt, geïnspecteerd, zo nodig gerepareerd, opnieuw gemonteerd en getest in overeenstemming met de hiervoor gespecificeerde gegevens.

2.2 “Wijziging of modificatie”: een wijziging van de constructie, configuratie, prestaties, milieukenmerken of gebruiksbeperkingen van het betrokken burgerluchtvaartproduct.

2.3 “Gegevens goedgekeurd door de FAA”: gegevens goedgekeurd door de directeur van de FAA of degene die bevoegd is hem te vertegenwoordigen, met inbegrip van EG-ontwerpgegevens die wederzijds zijn aanvaard krachtens bijlage 1.

2.4 “Gegevens goedgekeurd door het EASA”: gegevens goedgekeurd door de technische agent van de EG of een door die technische agent goedgekeurde organisatie, met inbegrip van Amerikaanse ontwerpgegevens die wederzijds zijn aanvaard krachtens bijlage 1.

2.5 “Speciale voorwaarden”: voorwaarden opgenomen in Titel 14 van de Code of Federal Regulations van de Verenigde Staten, delen 43 en 145 (hierna afhankelijk van de situatie 14 CFR deel 43 of 145 genoemd) of in Bijlage II van Verordening (EG) nr. 2042/2003 van de Commissie (hierna EASA deel-145 genoemd) waarvan op basis van een vergelijking tussen de regulerende onderhoudssystemen is gebleken, dat zij niet algemeen voorkomen in beide systemen en toch belangrijk genoeg zijn om te worden geregeld.

3. GEZAMENLIJKE COÖRDINERENDE INSTANTIE

3.1 Samenstelling

3.1.1 Een Gezamenlijke Raad van Toezicht op Onderhoud die verantwoording aflegt aan de Bilaterale Raad van Toezicht, wordt hierbij ingesteld onder de gezamenlijke leiding van de directeur van het EASA, verantwoordelijk voor goedkeuringen van de organisatie, en de directeur van de FAA, verantwoordelijk voor vluchtnormen. De Gezamenlijke Raad van Toezicht op Onderhoud is samengesteld uit vertegenwoordigers van de beide technische agenten, die vanuit hun functie verantwoordelijk zijn voor onderhouds- en kwaliteitbeheerssystemen en regelgeving.

3.1.2 De gezamenlijke leiding kan aanvullende deelnemers uitnodigen om de uitvoering van het mandaat van de Gezamenlijke Raad van Toezicht op Onderhoud te faciliteren.

3.2 Mandaat

3.2.1 De Gezamenlijke Raad van Toezicht op Onderhoud zal ten minste eenmaal per jaar bijeenkomen en is belast met het effectief functioneren en uitvoeren van deze bijlage. De taken zijn:

(a) ontwikkelen, goedkeuren en herzien van gedetailleerde richtsnoeren ten behoeve van de onder deze bijlage vallende processen;

(b) uitwisselen van informatie over belangrijke veiligheidskwesties en ontwikkelen van actieplannen om die aan te pakken;

(c) bevorderen van consistente toepassing van deze bijlage;

(d) oplossen van technische problemen vallend onder verantwoordelijkheid van de technische agenten en onderzoeken van andere technische problemen die niet op een lager niveau kunnen worden opgelost;

(e) ontwikkelen, goedkeuren en herzien van gedetailleerde richtsnoeren ten behoeve van de overdracht, samenwerking, bijstand, uitwisseling van informatie en deelname aan de interne kwaliteitaudits, standaardisering en samplinginspecties verband houdend met onderhoud en kwaliteitsbeheer en standaardiseringssystemen van de andere partij;

(f) bijhouden van de lijst met luchtvaartautoriteiten opgenomen in appendix 2 van deze bijlage overeenkomstig de besluiten genomen door de Bilaterale Raad van Toezicht;

(g) voorstellen van wijzigingen op deze bijlage aan de Bilaterale Raad van Toezicht.

3.2.2 De Gezamenlijke Raad van Toezicht op Onderhoud zal onopgeloste problemen melden aan de Bilaterale Raad van Toezicht en zorgen voor de uitvoering van besluiten genomen door de Bilaterale Raad van Toezicht met betrekking tot deze bijlage.

4. UITVOERING

4.1 Met inachtneming van de voorwaarden en bepalingen van deze bijlage, komen de partijen overeen dat hun technische agenten de inspecties en het toezicht op reparatiewerkplaatsen/onderhoudsorganisaties zullen accepteren, indien deze door de andere technische agent of, indien van toepassing, luchtvaartautoriteiten zijn verricht met betrekking tot de bevindingen van overeenstemming met hun respectievelijke eisen als de basis voor afgifte en permanente geldigheid van certificaten.

4.2 Het certificaat dat door een technische agent krachtens deze bijlage wordt afgegeven, gaat niet verder dan het toepassingsgebied van de waardering en beperkingen, vervat in het certificaat dat door de andere technische agent of luchtvaartautoriteit wordt afgegeven.

4.3 FAA-certificaten

4.3.1 Zonder afbreuk te doen aan de bevoegdheden van de directeur van de FAA krachtens 14 CFR deel 145, ontvangt een bedrijf waar onderhoud wordt uitgevoerd een FAA-certificaat en uitvoeringsspecificaties, indien het is goedgekeurd voor het uitvoeren van onderhoud door een luchtvaartautoriteit vermeld in appendix 2 van deze bijlage in overeenstemming met Bijlage II van Verordening (EG) nr. 2042/2003 van de Commissie, en voldoet aan de in deze bijlage beschreven voorwaarden, met inbegrip van de speciale voorwaarden van de FAA beschreven in appendix 1, en een luchtvaartautoriteit de FAA een goedkeuring of bekrachtiging van de certificering heeft doen toekomen.

4.3.2 Het FAA-certificaat heeft enkel betrekking op aanvullende vaste werkplaatsen, gevestigd in een lidstaat vermeld in appendix 2. Elke aanvullende vaste werkplaats moet eveneens onder het toezicht staan van een luchtvaartautoriteit vermeld in appendix 2.

4.3.3 Het FAA-certificaat heeft enkel betrekking op buitenstations gevestigd binnen een EU-lidstaat en onder toezicht staand van een luchtvaartautoriteit vermeld in appendix 2.

4.4 EASA-certificaten

4.4.1 Een reparatiewerkplaats ontvangt een EASA-certificaat zoals beschreven in appendix 4, indien deze door de FAA is goedgekeurd voor het uitvoeren van onderhoud in overeenstemming met 14 CFR deel 145, en voldoet aan de voorwaarden beschreven in deze bijlage met inbegrip van de speciale voorwaarden van het EASA beschreven in appendix 1, en de FAA een goedkeuring of bekrachtiging van de goedkeuring aan het EASA heeft doen toekomen, behalve indien de directeur van het EASA van oordeel is dat die actie niet nodig is voor het onderhouden of wijzigen van luchtvaartproducten geregistreerd of ontworpen in een EU-lidstaat of onderdelen gemonteerd op deze producten, of de middelen van het EASA de afhandeling van de toepassing niet toestaan.

4.4.2. Het EASA-certificaat heeft enkel betrekking op buitenstations gevestigd binnen het grondgebied van de Verenigde Staten.

4.5. De technische agenten en, indien van toepassing, de luchtvaartautoriteiten zullen:

(a) aan de FAA aanbevelingen of bekrachtigingen afgeven voor certificering van reparatiewerkplaatsen en aan het EASA van onderhoudsorganisaties;

(b) toezicht houden op en rapporteren over het permanent voldoen aan de in deze bijlage beschreven eisen door de onderhoudsorganisaties in de Europese Gemeenschap en de reparatiewerkplaatsen in de Verenigde Staten;

(c) de door de aanvrager ingediende en in overeenstemming met appendix 1 bevonden aanvulling op de handleiding/toelichting van de organisatie accepteren of goedkeuren, naargelang van het geval;

(d) voldoen aan de procedures vastgesteld in appendix 3.

4.6. Ter bevordering van de doelstellingen van deze bijlage zullen de technische agenten of, indien van toepassing, de luchtvaartautoriteiten van partijen op verzoek technische bijstand verlenen bij onderhoudsactiviteiten aan de technische agent of, indien van toepassing, de luchtvaartautoriteit van de andere partij. De technische agenten of de luchtvaartautoriteiten mogen weigeren om die technische bijstand te verlenen vanwege een tekort aan beschikbare middelen, omdat de onderhoudsactiviteit niet valt binnen het toepassingsgebied van deze bijlage of er geen regulerende betrokkenheid is met de faciliteit. Deze gebieden van bijstand omvatten maar zijn niet beperkt tot:

(a) uitvoeren van en rapporteren over onderzoeken op verzoek;

(b) verwerven en verstrekken van gegevens voor rapporten indien daarom wordt verzocht.

4.7 De technische agenten kunnen onafhankelijke inspecties uitvoeren op reparatiewerkplaatsen/onderhoudsorganisaties indien dat geboden is vanwege specifieke veiligheidskwesties, in overeenstemming met artikel 15.B van de overeenkomst.

4.8 De partijen komen overeen dat onderhoud en wijziging of modificatie krachtens het regulerend toezicht van een partij uitgevoerd op een burgerluchtvaartproduct kan plaatsvinden en dat product weer in bedrijf wordt genomen door een reparatiewerkplaats/onderhoudsorganisatie krachtens het regulerend toezicht van de andere partij, indien dat is goedgekeurd in overeenstemming met de bepalingen van deze bijlage.

4.9 De partijen komen overeen dat om een luchtvaartuig of onderdeel te behouden onvoorzien of niet-routinematig onderhoud buiten het in artikel 12 van de overeenkomst bedoelde grondgebied kan worden uitgevoerd, afhankelijk van voorafgaande goedkeuring. De goedkeuring van onvoorzien of niet-routinematig onderhoud wordt verleend in overeenstemming met de door de Gezamenlijke Raad van Toezicht op Onderhoud vastgestelde procedures.

4.10 Wijziging door de partijen van hun burgerluchtvaartorganisatie, regelingen, procedures of normen met inbegrip van die van de technische agenten en luchtvaartautoriteiten, kunnen gevolgen hebben voor de basis waarop deze bijlage tot stand is gekomen. De partijen zullen elkaar dus, zo nodig via de technische agenten en luchtvaartautoriteiten, in een zo vroeg mogelijk stadium informeren omtrent plannen voor dergelijke wijzigingen en in overleg treden over de mate waarin die voorgenomen wijzigingen gevolgen hebben voor de basis van deze bijlage. Indien het overleg krachtens artikel 15 C. van de overeenkomst resulteert in een overeenkomst tot wijziging van deze bijlage, zullen de partijen ernaar streven dat die wijziging in werking treedt op hetzelfde moment als, of zo snel mogelijk na, de inwerkingtreding of uitvoering van de wijziging die aanleiding was voor de wijziging van deze bijlage.

5. Communicatie en samenwerking

5.1 De partijen zullen, via de Gezamenlijke Raad van Toezicht op Onderhoud, een lijst met contactpunten voor diverse technische aspecten van deze bijlage uitwisselen. Deze lijst wordt bijgehouden door de technische agenten.

5.2 De communicatie tussen de partijen, met inbegrip van de technische documentatie verstrekt voor herziening of goedkeuring zoals beschreven in deze bijlage, gebeurt in de Engelse taal.

5.3 Indien zich spoedeisende of ongebruikelijke situaties voordoen, zullen de contactpunten van de technische agenten, en indien van toepassing de luchtvaartautoriteiten met elkaar contact hebben en ervoor zorgen dat de juiste directe acties worden genomen.

6. KWALIFICATIEVEREISTEN VOOR DE ACCEPTATIE VAN BEVINDINGEN VAN OVEREENSTEMMING

6.1. Basisvereisten

6.1.1 De technische agenten en luchtvaartautoriteiten, naargelang van het geval, van de partijen geven de technische agent van de andere partij inzicht in hun respectievelijke systemen voor regulerend toezicht op reparatiewerkplaatsen/onderhoudsorganisaties. Om namens de andere partij toezicht te kunnen houden op reparatiewerkplaatsen/onderhoudsorganisaties, zullen de technische agenten en luchtvaartautoriteiten, naargelang van het geval, van partijen met name effectief en adequaat inzicht geven in:

(a) de juridische en regulerende structuur;

(b) de organisatorische structuur;

(c) de middelen, met inbegrip van voldoende gekwalificeerd personeel;

(d) het opleidingsprogramma;

(e) intern beleid, processen en procedures;

(f) documentatie en dossiers;

(g) het actieve certificerings- en toezichtprogramma;

(h) autoriteit over gereguleerde entiteiten.

6.2 Eerste vertrouwen

6.2.1 Na het vertrouwenbevorderende proces dat met het oog op het sluiten van de overeenkomst heeft plaatsgevonden, voldoen de technische agenten en luchtvaartautoriteiten vermeld in appendix 2 van deze bijlage op het moment van de inwerkingtreding van deze overeenkomst aan de in deze bijlage gestelde vereisten.

6.2.2. Indien de Gezamenlijke Raad van Toezicht op Onderhoud na een daartoe strekkende beoordeling vaststelt dat een luchtvaartautoriteit voldoet aan de vereisten van deze bijlage, zal hij een voorstel doen aan de Bilaterale Raad van Toezicht om de luchtvaartautoriteit op te nemen in appendix 2.

6.3. Permanent vertrouwen

6.3.1 De technische agenten en luchtvaartautoriteiten zullen effectief inzicht in het toezicht blijven geven, zoals beschreven in lid 6.1.1, in overeenstemming met de procedures van de Gezamenlijke Raad van Toezicht op Onderhoud.

(a) De technische agenten en luchtvaartautoriteiten zullen met name:

(i) het recht hebben om deel te nemen aan de kwaliteitaudits, standaardiserings- en samplinginspecties van de andere partij en het instellen van een jaarlijks schema van samplinginspecties met inbegrip van mogelijke wijzigingen indien dat nodig is voor aanpassingen aan de omstandigheden;

(ii) meewerken aan de inspecties beschreven in 6.3.1 (a) (i);

(iii) bewerkstelligen dat de gereguleerde entiteiten voor audits en inspecties toegang verlenen aan beide technische agenten;

(iv) de verslagen beschikbaar stellen van kwaliteitaudits, standaardiserings- en samplinginspecties van toepassing op deze bijlage;

(v) het juiste personeel beschikbaar stellen voor deelname aan de samplinginspectie;

(vi) de verslagen, inspectieverslagen met inbegrip van afgeronde handhavingsacties van de onderhoudsorganisatie beschikbaar stellen;

(vii) interpretatieve bijstand verlenen op het kantoor van de luchtvaartautoriteit bij het beoordelen van de dossiers en documentatie van een interne onderhoudsorganisatie opgesteld in de nationale taal;

(viii) elkaar bijstand verlenen bij het afronden van de bevindingen van de inspectie; en

(ix) bewerkstelligen dat samplinginspecties worden vastgesteld en gebaseerd op risicoanalyses en objectieve criteria, zonder afbreuk te doen aan de discretionaire bevoegdheden van de technische agenten;

(b) De technische agenten zullen elkaar in een zo vroeg mogelijk stadium ervan in kennis stellen, indien een technische agent of luchtvaartautoriteit niet kan voldoen aan een in dit lid gesteld vereiste. Indien een van de technische agenten van oordeel is dat de technische deskundigheid niet langer toereikend is, zullen de technische agenten met elkaar in overleg treden en voorstellen doen voor een actieplan, met inbegrip van de vereiste herstelactiviteiten, om ontoereikendheden aan te pakken;

(c) Indien een technische agent of luchtvaartautoriteit de ontoereikendheden niet binnen de in het actieplan gestelde termijn herstelt, kunnen de technische agenten de zaak doorverwijzen naar de Gezamenlijke Raad van Toezicht op Onderhoud;

(d) Indien een partij voornemens is om de acceptatie van bevindingen of goedkeuringen afgegeven door een technische agent of luchtvaartautoriteit op te schorten, zal die partij de andere partij daarvan terstond in kennis stellen in overeenstemming met artikel 18 A van de overeenkomst.

7. KENNISGEVING VAN EEN ONDERZOEKS- OF HANDHAVINGSACTIE

7.1 In overeenstemming met het bepaalde in artikel 8 van de overeenkomst, zullen de partijen elkaar via hun technische agenten, en indien van toepassing, de luchtvaartautoriteiten, terstond in kennis stellen van een onderzoek en verdere afrondende acties binnen het toepassingsgebied van deze bijlage, in het geval van een niet-nakoming door een onder het regulerend toezicht van de andere partij vallende reparatiewerkplaats/onderhoudsorganisatie, die kan resulteren in een handhavingsactie in de vorm van een boete of het intrekken, opschorten of beperken van een certificaat.

7.2 De kennisgeving zal worden verstuurd naar het juiste contactpunt van de andere partij, vermeld in de lijst genoemd in artikel 5 van deze bijlage.

7.3 De partijen behouden het recht om bedoelde handhavingsactie te nemen. In sommige gevallen kan een partij er echter de voorkeur aan geven om een door de andere partij verrichte herstelactie te beoordelen. Het overlegproces in verband met handhaving krachtens deze bijlage is onderworpen aan een reguliere gezamenlijke beoordeling door de Gezamenlijke Raad van Toezicht op Onderhoud.

7.4 In het geval van een intrekking of opschorting van een 14 CFR deel 145 FAA-certificaat van een reparatiewerkplaats of een certificaat voor een erkende onderhoudsorganisatie ingevolge Bijlage II van Verordening (EG) nr. 2042/2003 van de Commissie, zullen de technische agent en, indien van toepassing, de luchtvaartautoriteit de andere technische agent in kennis stellen van de intrekking of opschorting.

8. OVERGANGSBEPALINGEN

8.1 Voor de overgang van goedkeuringen afgegeven krachtens de bilaterale overeenkomsten tussen de Verenigde Staten en de lidstaten van de Europese Gemeenschap vermeld in appendix 1 van de overeenkomst en geldig op het moment van de inwerkingtreding van deze bijlage, komen de partijen de volgende overgangsbepalingen overeen.

8.2 Ondanks het gestelde in artikel 16 C worden de op het moment van de inwerkingtreding van deze bijlage geldige goedkeuringen van een reparatiewerkplaats/onderhoudsorganisatie, afgegeven door een technische agent of luchtvaartautoriteit volgens de uitvoeringsprocedures voor onderhoud (hierna MIP’s genoemd) krachtens de bilaterale overeenkomsten vermeld in appendix 1 van de overeenkomst, door de partijen aan deze overeenkomst voor een periode van twee jaar vanaf de inwerkingtreding van deze bijlage beschouwd als geldig krachtens de voorwaarden en bepalingen die zijn geaccepteerd in de op de lijst opgenomen overeenkomsten, op voorwaarde dat de reparatiewerkplaatsen/onderhoudsorganisaties die deze goedkeuringen hebben ontvangen, blijven opereren in overeenstemming met de speciale voorwaarden opgenomen in de MIP’s, zoals gewijzigd, tot het moment dat zij overgaan naar de speciale voorwaarden van deze bijlage.

9. Overdrachtsbepalingen

De partijen komen overeen dat de overdracht van goedkeuringen van reparatiewerkplaatsen gevestigd in de EU-lidstaten vermeld in appendix 2, die op de datum van inwerkingtreding van deze bijlage onder rechtstreeks toezicht staan van de FAA, tot stand komt in overeenstemming met de volgende overdrachtsbepalingen.

- Een luchtvaartautoriteit moet de opleiding van zijn personeel afronden met betrekking tot procedures die verband houden met de overeenkomst, deze bijlage en de speciale voorwaarden van de FAA voordat de reparatiewerkplaatsen worden overgedragen.

- Zodra voldoende personeel de opleiding heeft afgerond om toezicht te houden op de faciliteiten die in overeenstemming met deze bijlage worden overgedragen, draagt de FAA de activiteiten van inspectie, monitoring en toezicht van gekwalificeerde reparatiebedrijven krachtens 14 CFR deel 145 over aan de relevante luchtvaartautoriteit.

- De overdracht aan de luchtvaartautoriteiten vindt plaats binnen twee jaar na de datum van inwerkingtreding van deze bijlage in overeenstemming met de door de Gezamenlijke Raad van Toezicht op Onderhoud goedgekeurde procedures.

10. TARIEVEN

De tarieven worden toegepast in overeenstemming met artikel 14 van de overeenkomst en in overeenstemming met de van toepassing zijnde regulerende vereisten.

Appendix 1

BIJZONDERE VOORWAARDEN

1. BIJZONDERE VOORWAARDEN VAN HET EASA DIE VAN TOEPASSING ZIJN OP REPARATIEWERKPLAATSEN DIE IN DE VERENIGDE STATEN ZIJN GEVESTIGD

1.1. Om krachtens de voorwaarden en bepalingen van deze bijlage goedgekeurd te worden in overeenstemming met EASA deel-145 voldoet de reparatiewerkplaats aan de volgende bijzondere voorwaarden.

1.1.1. De reparatiewerkplaats zal een aanvraag indienen in een vorm en op een wijze die aanvaardbaar is voor het EASA.

(a) De aanvraag voor de eerste en voor de verlenging van de EASA-goedkeuring bevat een verklaring waaruit blijkt, dat het EASA-certificaat en/of de waardering noodzakelijk is voor het onderhouden of wijzigen van luchtvaartproducten geregistreerd of ontworpen in een EU-lidstaat of de onderdelen die daarop worden gemonteerd.

(b) De reparatiewerkplaats zal een aanvulling verstrekken op zijn reparatiewerkplaatshandleiding die door de FAA namens het EASA is geverifieerd en aanvaard. Alle herzieningen van de aanvulling moeten door de FAA worden aanvaard. De aanvulling bestaat uit het volgende:

(i) Een verklaring van de verantwoordelijke leidinggevende van de reparatiewerkplaats, zoals beschreven in de huidige versie van EASA deel 145, op grond waarvan de reparatiewerkplaats verplicht is tot overeenstemming met deze bijlage en de daarin vermelde bijzondere voorwaarden.

(ii) Gedetailleerde procedures voor het toepassen van een onafhankelijk kwaliteitscontrolesysteem met inbegrip van toezicht op alle meervoudige faciliteiten en buitenstations op het grondgebied van de Verenigde Staten.

(iii) Procedures voor de vrijgave voor of goedkeuring van herinbedrijfname die voldoen aan de eisen van EASA deel-145 voor luchtvaartuigen en het gebruik van FAA-formulier 8130-3 voor onderdelen van luchtvaartuigen, en de overige informatie die de eigenaar of eventueel de exploitant nodig mocht hebben.

(iv) Procedures voor faciliteiten die vliegtuigcasco’s/luchtvaartuigen waarderen, opdat het certificaat van luchtwaardigheid en het certificaat ter beoordeling van luchtwaardigheid geldig zijn voor de afgifte van een document tot vrijgave voor herinbedrijfname.

(v) Procedures die ervoor zorgen dat de in de EASA-eisen beschreven reparaties en modificaties in overeenstemming met door het EASA goedgekeurde gegevens zijn voltooid.

(vi) Een procedure voor de reparatiewerkplaats opdat de opleiding van de menselijke factor is opgenomen in het door de FAA goedgekeurde eerste en herhaalde opleidingsprogramma en de herzieningen daarvan.

(vii) Procedures voor het rapporteren van niet-luchtwaardige situaties zoals voorgeschreven in EASA deel-145 voor burgerluchtvaartproducten aan het EASA, de organisatie van luchtvaartuigontwerpen en de klant of exploitant.

(viii) Procedures om te zorgen voor afronding van, en overeenstemming met, de werkopdracht of het contract van de klant of exploitant met inbegrip van bekendgemaakte richtsnoeren van het EASA op het gebied van luchtwaardigheid en andere bekendgemaakte verplichte instructies.

(ix) Bestaande procedures om te bewerkstelligen dat contractanten voldoen aan de voorwaarden en bepalingen van deze uitvoeringsvoorschriften; dat wil zeggen gebruikmakend van een door het EASA goedgekeurde deel-145 organisatie of, indien gebruik wordt gemaakt van een organisatie die niet beschikt over een EASA deel-145 goedkeuring, is de reparatiewerkplaats die het product vrijgeeft voor herinbedrijfname verantwoordelijk voor het garanderen van de luchtwaardigheid daarvan.

(x) Procedures die het mogelijk maken om herhaaldelijk werkzaamheden uit te voeren buiten de vaste locatie, indien van toepassing.

(xi) Procedures om ervoor te zorgen dat goede overdekte hangars beschikbaar zijn voor het basisonderhoud van luchtvaartuigen.

1.2. Om de goedkeuring in overeenstemming met EASA deel-145 te behouden, krachtens de voorwaarden en bepalingen van deze bijlage, dient de reparatiewerkplaats aan het volgende te voldoen. De FAA zal controleren of de reparatiewerkplaats:

(a) Het EASA, of de FAA namens het EASA toelaat voor inspecties met het oog op permanente overeenstemming met de vereisten gesteld in 14 CFR deel 145 en deze bijzondere voorwaarden (d.w.z. EASA deel-145).

(b) Accepteert dat het EASA een onderzoeks- en handhavingsactie uitvoert in overeenstemming met relevante EG-regelingen en EASA-procedures.

(c) Samenwerkt met een onderzoeks- en handhavingsactie van EASA.

(d) Blijft voldoen aan 14 CFR deel 43 en deel 145, en aan deze bijzondere voorwaarden.

2. BIJZONDERE VOORWAARDEN VAN DE FAA DIE VAN TOEPASSING ZIJN OP ERKENDE ONDERHOUDSORGANISATIES DIE IN DE EU ZIJN GEVESTIGD

2.1 Om krachtens de voorwaarden en bepalingen van deze bijlage goedgekeurd te worden in overeenstemming met CFR deel 145 voldoet de erkende onderhoudsorganisatie aan de volgende bijzondere voorwaarden.

2.1.1 De erkende onderhoudsorganisatie zal een aanvraag indienen in een vorm en op een wijze die aanvaardbaar is voor de FAA.

(a) De aanvraag voor de eerste en voor de verlenging van de FAA-certificering bevat:

(i) Een verklaring waaruit blijkt dat het FAA-reparatiewerkplaatscertificaat en/of de waardering noodzakelijk is voor het onderhouden of wijzigen van luchtvaartproducten geregistreerd in de Verenigde Staten of van luchtvaartproducten geregistreerd in het buitenland, gebruikt krachtens de bepalingen van 14 CFR.

(ii) Een lijst met onderhoudstaken, goedgekeurd door de luchtvaartautoriteit, die worden gecontracteerd/uitbesteed ten behoeve van het verrichten van onderhoud op burgerluchtvaartproducten uit de Verenigde Staten.

(iii) In het geval van transport van gevaarlijke goederen, een schriftelijke bevestiging waaruit blijkt dat alle betrokken werknemers zijn opgeleid voor het transport van gevaarlijke goederen in overeenstemming met de normen van de internationale luchtvaartorganisatie (de ICAO-normen).

(b) De erkende onderhoudsorganisatie moet een in de Engelse taal opgestelde aanvulling indienen op haar onderhoudsorganisatiehandleiding (MOE), die is goedgekeurd door de luchtvaartautoriteit en wordt bewaard bij de erkende onderhoudsorganisatie. Zodra deze is goedgekeurd door de luchtvaartautoriteit wordt de aanvulling geacht te zijn aanvaard door de FAA. Alle herzieningen van de aanvulling moeten worden goedgekeurd door de luchtvaartautoriteit. De FAA-aanvulling op de onderhoudsorganisatiehandleiding bevat het volgende:

(i) Een ondertekende en gedateerde verklaring van de verantwoordelijke leidinggevende op grond waarvan de organisatie verplicht is tot overeenstemming met de bijlage.

(ii) Een samenvatting van het kwaliteitssysteem die zich tevens uitstrekt tot speciale voorwaarden van de FAA.

(iii) Procedures voor goedkeuring van vrijgave voor herinbedrijfname die voldoen aan de vereisten van 14 CFR deel 43 voor luchtvaartuigen en het gebruik van EASA-formulier 1 voor onderdelen. Dit bevat de informatie vereist ingevolge 14 CFR delen 43.9 en 43.11 en alle informatie die de eigenaar of exploitant verplicht is op te stellen, zo nodig in de Engelse taal, en te bewaren.

(iv) Procedures voor verslaglegging aan de FAA van storingen, defecten of gebreken en verdachte niet-goedgekeurde onderdelen (SUP) ontdekt, of bestemd om te worden ingebouwd, in luchtvaartproducten uit de Verenigde Staten.

(v) Procedures om de FAA in kennis te stellen van wijzigingen van buitenstations die:

(1) gevestigd zijn in een EU-lidstaat; en

(2) in de Verenigde Staten geregistreerde luchtvaartuigen onderhouden; en

(3) gevolgen hebben voor de uitvoeringsspecificaties van de FAA.

(vi) Procedures voor het kwalificeren van en toezicht houden op de aanvullende vaste werkplaatsen in de EU-lidstaten vermeld in appendix 2 bij deze bijlage.

(vii) Geschikte procedures om te controleren of de gecontracteerde/uitbestede activiteiten bepalingen bevatten voor een niet door de FAA gecertificeerde bron om het artikel te retourneren aan de erkende onderhoudsorganisatie voor een laatste inspectie/test en herinbedrijfname.

(viii) Procedures voor het per kwartaal indienen van gebruiksverslagen aan de FAA met vermelding van de belangrijkste 10 contractanten/subcontractanten (leveranciers van uitbesteed onderhoud).

(ix) Procedures die bewerkstelligen dat belangrijke reparaties en belangrijke wijzigingen/modificaties (zoals beschreven in 14 CFR) in overeenstemming met door de FAA goedgekeurde gegevens zijn voltooid.

(x) Procedures die overeenstemming bewerkstelligen met het onderhoudsprogramma voor permanente luchtwaardigheid van luchtvaartmaatschappijen (CAMP), met inbegrip van het scheiden van onderhoud en inspecties van onderdelen die door de luchtvaartmaatschappij/klant worden aangemerkt als onderdelen van verplichte inspectie (RII).

(xi) Procedures die overeenstemming bewerkstelligen met de onderhoudshandleidingen of instructies voor permanente luchtwaardigheid (ICA) en afhandeling van afwijkingen van de fabrikant. Procedures die bewerkstelligen dat alle huidige en van toepassing zijnde door de FAA gepubliceerde luchtwaardigheidsrichtsnoeren (AD) beschikbaar zijn voor het onderhoudspersoneel op het moment dat de werkzaamheden worden uitgevoerd.

(xii) Procedures ter bevestiging dat de inspecteurs en werknemers van erkende onderhoudsorganisaties die verantwoordelijk zijn voor de laatste inspectie en herinbedrijfname van de luchtvaartproducten van de Verenigde Staten de Engelse taal kunnen lezen, schrijven en begrijpen.

(xiii) Procedures die het mogelijk maken om herhaaldelijk werkzaamheden uit te voeren buiten de vaste locatie, indien van toepassing.

2.2 Om de goedkeuring in overeenstemming met 14 CFR deel 43 en deel 145 te behouden, krachtens de voorwaarden en bepalingen van deze bijlage, dient de erkende onderhoudsorganisatie aan het volgende te voldoen. De luchtvaartautoriteit zal controleren of de erkende onderhoudsorganisatie:

(a) de FAA, of de luchtvaartautoriteit namens de FAA, toelaat voor inspecties met het oog op permanente overeenstemming met de vereisten gesteld in EASA deel-145 en deze bijzondere voorwaarden (d.w.z. 14 CFR deel 43 en deel 145);

(b) accepteert dat onderzoek en handhaving door de FAA wordt uitgevoerd in overeenstemming met de regels en richtsnoeren van de FAA;

(c) samenwerkt met een onderzoeks- of handhavingsactie;

(d) blijft voldoen aan EASA deel-145 en deze bijzondere voorwaarden;

(e) in het geval van permanente regulerende overeenstemming, na 12 maanden en steeds 24 maanden daarna, in aanmerking komt voor verlenging van de eerste certificering door de FAA.

Appendix 2

De technische agenten die in het kader van deze bijlage gekwalificeerd worden geacht:

De Federal Aviation Administration

Het Europees Agentschap voor de veiligheid van de luchtvaart

De luchtvaartautoriteiten van de volgende EU-lidstaten worden in het kader van deze bijlage gekwalificeerd geacht:

De Republiek Oostenrijk

Het Koninkrijk België

De Tsjechische Republiek

Het Koninkrijk Denemarken

De Republiek Finland

De Franse Republiek

De Bondsrepubliek Duitsland

Ierland

De Italiaanse Republiek

Het Groothertogdom Luxemburg

De Republiek Malta

Het Koninkrijk der Nederlanden

De Republiek Polen

De Portugese Republiek

Het Koninkrijk Spanje

Het Koninkrijk Zweden

Het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland

Appendix 3

PROCEDURES VAN DE LUCHTVAARTAUTORITEIT

De luchtvaartautoriteit handelend namens de FAA zal in overeenstemming met overeengekomen richtsnoeren en procedures van de Gezamenlijke Raad van Toezicht op Onderhoud de volgende acties uitvoeren:

1) Voor een eerste aanvraag van een onderhoudsorganisatie:

a) de door de aanvrager ingediende documentatie voor het FAA-certificaat beoordelen;

b) de aanvrager de juiste voorschriften verstrekken;

c) een beoordeling maken van en de FAA in het bezit stellen van de aan de aanvraag voorafgaande informatie;

d) de door de aanvrager ingediende FAA-aanvulling op de onderhoudsorganisatiehandleiding van de erkende onderhoudsorganisatie beoordelen en goedkeuren;

e) een audit/inspectie van de erkende onderhoudsorganisatie uitvoeren met het oog op overeenstemming met de van toepassing zijnde gedragslijnen;

f) een beoordeling maken van en de FAA in het bezit stellen van een volledig aanvraagpakket met inbegrip van een kopie van het toezichtrapport en een ondertekende aanbeveling voor FAA-certificering.

g) een actuele kopie van de FAA-aanvulling bewaren.

2) Voor verlenging van een FAA-certificaat van een onderhoudsorganisatie:

Verlengingen worden uitgevoerd 12 maanden na de eerste certificering en steeds 24 maanden daarna.

a) de door de aanvrager ingediende documentatie voor het FAA-certificaat beoordelen;

b) controleren of de vereiste faciliteitinspectie(s) zijn voltooid;

c) wijzigingen van de FAA-aanvulling op de onderhoudsorganisatiehandleiding van de erkende onderhoudsorganisatie beoordelen en goedkeuren;

d) de FAA informeren omtrent bevindingen die relevant zijn voor de voltooide faciliteitinspectie;

e) een beoordeling maken van en de FAA in het bezit stellen van een volledig aanvraagpakket met inbegrip van een kopie van het toezichtrapport en een ondertekende aanbeveling voor de FAA-verlenging.

3) Voor wijziging of aanvulling van het FAA-certificaat:

a) ervoor zorgen dat alle wijzigingen of aanvullingen minstens een ingediende aanvraag bevatten:

b) de FAA een verslag met aanbeveling verstekken ten behoeve van de aanvulling van buitenstations of vaste werkplaatsen.

EASA-FORMULIER 3 – GOEDKEURINGSCERTIFICAAT VAN DE VERENIGDE STATEN

GOEDKEURINGSCERTIFICAAT

REFERENTIE EASA.145.XXXX

Gelet op het bepaalde in artikel 9, lid 2, van Verordening (EG) 1592/2002 van het Europees Parlement en de Raad en de bilaterale overeenkomst die momenteel van kracht is tussen de Europese Gemeenschap en de regering van de Verenigde Staten van Amerika, certificeert het Europees Agentschap door de veiligheid van de luchtvaart (EASA) hierbij:

NAAM VAN HET BEDRIJF

ADRES

ADRES

ADRES

als een onderhoudsorganisatie die volgens deel-145 is goedgekeurd om onderhoud te verrichten op de producten vermeld in het certificaat van luchtvaartagentschap en bijbehorende uitvoeringsspecificaties van de FAA (FAA Air Agency Certificate and associated Operations Specifications) en daarmee verband houdende certificaten van vrijgave voor herinbedrijfname en de bovengenoemde referentie toe te passen met inachtneming van de volgende voorwaarden:

1. De reikwijdte van de goedkeuring is beperkt tot de reikwijdte gespecificeerd in het certificaat van luchtvaartagentschap voor reparatiewerkplaatsen krachtens 14 CFR deel 145 en de bijbehorende uitvoeringsspecificaties voor werkzaamheden uitgevoerd in de Verenigde Staten (tenzij in een bepaald geval anderszins overeengekomen met het EASA).

2. De reikwijdte van de goedkeuring gaat niet verder dan de toegestane waardering krachtens EASA deel-145 zoals beschreven in Verordening EG (nr.) 2042/2003.

3. Deze goedkeuring vereist permanente overeenstemming met 14 CFR deel 145 en de verschillen gespecificeerd in de uitvoeringsprocedures voor onderhoud (MIP), met inbegrip van het gebruik van FAA-formulier 8130-3 voor vrijgave/herinbedrijfname van onderdelen tot en met motoren.

4. Certificaten van herinbedrijfname moeten het hierboven vermelde referentienummer van de goedkeuring krachtens EASA deel-145 vermelden en het certificatienummer van het luchtvaartagentschap krachtens 14 CFR deel 145.

5. Afhankelijk van overeenstemming met het voorgaande, blijft deze goedkeuring geldig tot:

[geldigheidstermijn van twee jaar]

tenzij de goedkeuring wordt afgestaan, vernietigd, opgeschort of ingetrokken.

Datum van afgifte

Getekend

Namens EASA

[1] Advies 1/94, WTO, Jurispr. 1994 blz. I-5267, paragraaf 33, in overeenstemming met deze jurisprudentie worden overeenkomsten inzake de wederzijdse erkenning van producten in het algemeen gesloten op basis van artikel 133 EG. Zie bijv. Beschikking 199/78/EG van de Raad van 22 juni 1998 betreffende het sluiten van een overeenkomst betreffende wederzijdse erkenning tussen de Europese Gemeenschap en de Verenigde Staten van Amerika, PB L 31 van 4.2.1999

[2] PB C van , blz. .

[3] SEC(2003) 1319 def. van 24.11.2003

[4] PB C van , blz.

Top