Choose the experimental features you want to try

This document is an excerpt from the EUR-Lex website

Document 62019CN0501

    Zaak C-501/19: Verzoek om een prejudiciële beslissing ingediend door de Înalta Curte de Casație și Justiție (Roemenië) op 28 juni 2019 – UCMR – ADA Asociația pentru Drepturi de Autor a Compozitorilor/Pro Management Insolv IPURL, als curator van het faillissement van Asociației Culturale „Suflet de Român”

    PB C 372 van 4.11.2019, p. 10–11 (BG, ES, CS, DA, DE, ET, EL, EN, FR, HR, IT, LV, LT, HU, MT, NL, PL, PT, RO, SK, SL, FI, SV)

    4.11.2019   

    NL

    Publicatieblad van de Europese Unie

    C 372/10


    Verzoek om een prejudiciële beslissing ingediend door de Înalta Curte de Casație și Justiție (Roemenië) op 28 juni 2019 – UCMR – ADA Asociația pentru Drepturi de Autor a Compozitorilor/Pro Management Insolv IPURL, als curator van het faillissement van Asociației Culturale „Suflet de Român”

    (Zaak C-501/19)

    (2019/C 372/09)

    Procestaal: Roemeens

    Verwijzende rechter

    Înalta Curte de Casație și Justiție

    Partijen in het hoofdgeding

    Verzoekende partij: UCMR – ADA Asociația pentru Drepturi de Autor a Compozitorilor

    Verwerende partij: Pro Management Insolv IPURL, als curator van het faillissement van Asociației Culturale „Suflet de Român”

    Prejudiciële vragen

    1)

    Verrichten de rechthebbenden van een auteursrecht op muziekwerken een dienst in de zin van artikel 24, lid 1, en artikel 25, onder a), van richtlijn 2006/112/EG van de Raad van 28 november 2006 betreffende het gemeenschappelijke stelsel van belasting over de toegevoegde waarde (1) (btw-richtlijn) jegens de organisatoren van een optreden van wie de organisaties voor het collectief beheer van auteursrechten op grond van een toestemming die is gegeven in de vorm van een exclusieve licentie, in eigen naam maar voor rekening van die rechthebbenden vergoedingen innen voor de mededeling aan het publiek van de muziekwerken?

    2)

    Indien de eerste vraag bevestigend wordt beantwoord, handelen de organisaties voor het collectief beheer van auteursrechten, wanneer zij van de organisatoren van een optreden vergoedingen innen voor het recht op mededeling aan het publiek van de muziekwerken, dan als belastingplichtige in de zin van artikel 28 van de btw-richtlijn en moeten zij dan facturen met btw uitreiken aan de respectieve organisatoren van het optreden en moeten, wanneer vergoedingen worden betaald aan de rechthebbenden van een auteursrecht op muziekwerken, deze rechthebbenden op hun beurt facturen met btw uitreiken aan de organisatie voor het collectief beheer van auteursrechten?


    (1)  PB 2006, L 347, blz. 1.


    Top