Choose the experimental features you want to try

This document is an excerpt from the EUR-Lex website

Document 52018SC0115

WERKDOCUMENT VAN DE DIENSTEN VAN DE COMMISSIE SAMENVATTING VAN DE EFFECTBEOORDELING bij Voorstel voor een richtlijn van het Europees Parlement en de Raad tot vaststelling van regels ter vergemakkelijking van het gebruik van financiële en andere informatie voor het voorkomen, opsporen, onderzoeken of vervolgen van bepaalde strafbare feiten en tot intrekking van Besluit 2000/642/JBZ

SWD/2018/115 final - 2018/0105 (COD)

Straatsburg,17.4.2018

SWD(2018) 115 final

WERKDOCUMENT VAN DE DIENSTEN VAN DE COMMISSIE

SAMENVATTING VAN DE EFFECTBEOORDELING

bij

Voorstel voor een richtlijn van het Europees Parlement en de Raad

tot vaststelling van regels ter vergemakkelijking van het gebruik van financiële en andere informatie voor het voorkomen, opsporen, onderzoeken of vervolgen van bepaalde strafbare feiten en tot intrekking van Besluit 2000/642/JBZ

{COM(2018) 213 final}

{SWD(2018) 114 final}


Samenvatting

Effectbeoordeling over de vergemakkelijking van het gebruik van financiële en andere informatie voor het voorkomen, opsporen, onderzoeken of vervolgen van bepaalde strafbare feiten

A. Behoefte aan actie

Waarom? Wat is het probleem?

Criminele groepen en terroristen opereren vaak in verschillende lidstaten, en hun bezittingen, inclusief bankrekeningen, bevinden zich vaak over de hele EU of daarbuiten. Hun financiële activiteiten kunnen informatiesporen in andere lidstaten achterlaten die cruciaal zijn voor rechercheurs. Gebrek aan toegang of vertraagde toegang tot financiële informatie en informatie over bankrekeningen belemmert de opsporing van financiële stromen die voortvloeien uit criminele activiteiten. Hierdoor kunnen de opbrengsten van criminele activiteiten onontdekt blijven of niet worden bevroren. Daarnaast hebben financiële-inlichtingeneenheden (FIE's) te maken met barrières voor de onderlinge samenwerking en de toegang tot rechtshandhavingsinformatie die relevant is voor het verrichten van hun taken in het kader van de vierde antiwitwasrichtlijn (Richtlijn (EU) 2015/849).

Wat moet met dit initiatief worden bereikt?

Dit initiatief beoogt de veiligheid in de EU-lidstaten en de EU als geheel te vergroten door de bevoegde autoriteiten en organen die belast zijn met het voorkomen, onderzoeken en vervolgen van ernstige vormen van criminaliteit betere toegang tot financiële informatie, inclusief informatie over bankrekeningen, te garanderen, zodat zij beter in staat zijn financiële onderzoeken en analyses uit te voeren en de onderlinge samenwerking wordt verbeterd. Bovendien beoogt dit initiatief de versterking van het vermogen van de FIE's om hun taken in het kader van de vierde antiwitwasrichtlijn te verrichten.

Wat is de meerwaarde van maatregelen op EU-niveau?

Maatregelen op EU-niveau zouden een geharmoniseerde aanpak behelzen om bevoegde autoriteiten en organen gemakkelijker toegang te geven tot financiële informatie voor de bestrijding van zware criminaliteit en om de FIE's beter in staat te stellen het witwassen van geld, daarmee samenhangende basisdelicten en terrorismefinanciering tegen te gaan. Gezien de grensoverschrijdende dimensie van deze vormen van criminaliteit en de daaruit voortvloeiende noodzaak voor de bevoegde autoriteiten om sneller toegangte hebben tot informatie voor hun analyses en onderzoeken en om doeltreffender en doelmatiger samen te werken op zowel nationaal als grensoverschrijdend niveau, moet op EU-niveau worden opgetreden om een soepele samenwerking tussen autoriteiten te vergemakkelijken en hen in staat te stellen relevante informatie te verkrijgen en uit te wisselen.

B. Oplossingen

Welke wetgevende en niet-wetgevende beleidsmaatregelen zijn overwogen? Heeft een bepaalde optie de voorkeur? Waarom?

Een niet-wetgevende beleidsmaatregel O en 13 wetgevende beleidsmaatregelen werden overwogen en als volgt gegroepeerd:

   Blok A: "WAAROM" moeten de bevoegde autoriteiten toegang hebben tot financiële informatie of deze informatie uitwisselen?

Optie A.1: alleen voor het voorkomen en bestrijden van het witwassen van geld, daarmee samenhangende basisdelicten en terrorismefinanciering.

Optie A.2: alleen met betrekking tot "Euromisdrijven" als bedoeld in artikel 83, lid 1, VWEU.

Optie A.3: met betrekking tot de in bijlage I bij de Europol-verordening bedoelde vormen van criminaliteit.

   Blok B: "HOE" moeten overheidsinstanties toegang krijgen tot financiële informatie en deze informatie uitwisselen?

OPTIE B.1: de bevoegde autoriteiten toegang geven tot de nationale centrale registers van bankrekeningen via 1) Suboptie B.1.a: directe toegang; of 2) Suboptie B.1.b: indirecte toegang.

OPTIE B.2: de bevoegde autoriteiten toegang geven tot alle andere financiële informatie via 1) Suboptie B.2.a: directe toegang; of 2) Suboptie B.2.b: via de FIE's.

OPTIE B.3: maatregelen nemen voor de uitwisseling van informatie tussen FIE's en de toegang van FIE's tot en de uitwisseling door FIE's van informatie die in het bezit is van de bevoegde autoriteiten via 1) Suboptie B.3.a: rechtstreekse samenwerking tussen FIE's; of 2) Suboptie B.3.b: oprichting van een centrale FIE.

   Blok C: "WIE", op welke overheidsinstanties zijn de voorwaarden van toepassing?

Optie C.1: op overheidsinstanties die verantwoordelijk zijn voor het voorkomen, onderzoeken of vervolgen van strafbare feiten

Optie C.2: op de overheidsinstanties van optie C.1 en daarnaast 1) Suboptie C.2.a: de bureaus voor de ontneming van vermogensbestanddelen; 2) Suboptie C.2.b: Europol; 3) Suboptie C.2.c: OLAF

Wat betreft de toegang van bevoegde autoriteiten tot informatie in registers van bankrekeningen, is de voorkeursoptie een combinatie van de opties A.3, B.1.a, C.2.a en C.2.b.

Wat betreft de toegang van bevoegde autoriteiten tot aanvullende financiële informatie, is de voorkeursoptie een combinatie van de opties A.3, B.2.b en C.2.b.

Om de belemmeringen voor grensoverschrijdende samenwerking tussen FIE's en de moeilijkheden waarmee FIE's te maken hebben bij de samenwerking met de rechtshandhavingsdiensten in hun land aan te pakken, is de voorkeursoptie een combinatie van de opties A.1, B.2.b, B.3.a en C.2.b. 

Wie steunt de voorkeursoptie?

De belanghebbenden waren het erover eens dat de toegang tot centrale registers van bankrekeningen de doeltreffendheid van rechtshandhavingsonderzoeken zou vergroten en de kosten en administratieve lasten van ongerichte verzoeken aan banken zou voorkomen. De meeste respondenten van de openbare raadpleging stemden ermee in toegang te verlenen aan de bevoegde autoriteiten, inclusief de bureaus voor de ontneming van vermogensbestanddelen. De lidstaten zijn het eens over de vergemakkelijking van de samenwerking tussen FIE's en de uitwisseling van informatie tussen FIE's en de bevoegde autoriteiten. In een recente Eurobarometerenquête gaf 92 % van de ondervraagden aan dat de nationale autoriteiten informatie met de autoriteiten van de andere EU-lidstaten moeten delen om criminaliteit en terrorisme beter te voorkomen en te bestrijden.

C. Effecten van de voorkeursoptie

Wat zijn de voordelen van de voorkeursoptie (indien van toepassing, anders van de belangrijkste opties)?

De voorkeursoptie zal naar verwachting betere mogelijkheden bieden om de veiligheid te vergroten en misdaad te bestrijden in de EU. Deze optie zou leiden tot snellere toegang tot duidelijk omschreven financiële informatie en doeltreffendere en doelmatigere samenwerking tussen FIE's en de bevoegde autoriteiten. Zij zou de bevoegde autoriteiten, inclusief bureaus voor de ontneming van vermogensbestanddelen en Europol, meer mogelijkheden geven om snel toegang te krijgen tot financiële informatie die cruciaal is voor financiële onderzoeken. De voorkeursoptie zou ook het vermogen van FIE's om financiële analyses uit te voeren ter voorkoming van witwassen van geld en terrorismefinanciering, aanzienlijk verbeteren. De voorkeursoptie zou de kosten en administratieve lasten in verband met het versturen van en antwoorden op ongerichte, algemene verzoeken doen afnemen.

Wat zijn de kosten van de voorkeursoptie (indien van toepassing, anders die van de belangrijkste opties)?

De eenmalige kosten van de uitvoering van de voorkeursoptie van directe toegang tot centrale registers van bankrekeningen en systemen voor gegevensontsluiting worden geraamd op 5 000 tot 30 000 EUR (deze kosten moeten worden vermenigvuldigd met het aantal met de centrale registers van bankrekeningen en systemen voor gegevensontsluiting te verbinden autoriteiten). De kosten van toegang tot financiële informatie via de FIE's komen voornamelijk ten laste van de FIE's.

Wat zijn de gevolgen voor bedrijven, kmo's en micro-ondernemingen?

Er worden geen extra kosten voor de banksector verwacht. Integendeel, dit initiatief zou de banken aanzienlijke besparingen opleveren, aangezien zij geen algemene verzoeken van de bevoegde autoriteiten behoeven te beantwoorden en te verwerken. Er worden geen specifieke gevolgen voor kmo's en micro-ondernemingen verwacht.

Zijn er significante gevolgen voor de nationale begrotingen en overheden?

De kosten van de totstandbrenging van directe toegang tot centrale registers van bankrekeningen en systemen voor gegevensontsluiting via de FIE's zullen gevolgen hebben voor de nationale begrotingen en overheden. Deze kosten zouden echter worden gecompenseerd door een verlaging van de huidige administratieve en financiële kosten van bevoegde autoriteiten en door kostenbesparingen als gevolg van efficiëntere samenwerking tussen FIE's onderling en met de bevoegde autoriteiten.

Zijn er nog andere significante gevolgen?

De voorgestelde maatregelen zouden gevolgen hebben voor de grondrechten; de gevolgen voor het recht op bescherming van persoonsgegevens zouden minimaal blijven, aangezien de toegang beperkt is en alleen bedoeld is voor de betrokken autoriteiten, zodat de evenredigheid gewaarborgd is. Directe toegang tot de centrale registers van bankrekeningen en systemen voor gegevensontsluiting zou worden toegestaan, aangezien deze beperkte informatie bevatten. De toegang tot andere soorten financiële informatie zal via de FIE's mogelijk zijn. De voorkeursmaatregelen gaan niet verder dan nodig is om de doelstellingen te bereiken en worden beschouwd als de minst ingrijpende wetgevingsmaatregelen op Unieniveau, overeenkomstig de eisen van het Hof van Justitie. Een toekomstig wetgevingsvoorstel zou geen afbreuk doen aan procedurele waarborgen die in het nationale recht verankerd zijn, en zou zelfs strenge waarborgen omvatten, zodat mogelijke negatieve gevolgen voor de grondrechten verder worden afgezwakt.

D. Follow-up

Wanneer wordt dit beleid geëvalueerd?

De Commissie zal toezien op de effectieve tenuitvoerlegging van de voorgestelde wetgevingsinstrumenten, en zij zal binnen drie jaar na de goedkeuring van de voorgestelde maatregelen op basis van overleg met de lidstaten en belanghebbenden de resultaten aan de doelstellingen toetsen en de problemen evalueren.

Top