EUROPESE COMMISSIE
Straatsburg, 12.4.2016
COM(2016) 220 final
EMPTY
MEDEDELING VAN DE COMMISSIE AAN DE RAAD
Beoordeling van het actieplan dat Griekenland heeft opgesteld om de ernstige tekortkomingen te verhelpen die bij de in 2015 verrichte evaluatie van de toepassing van het Schengenacquis inzake het beheer van de buitengrenzen zijn vastgesteld
1.
Inleiding
Op 7 maart kwamen de staatshoofden en regeringsleiders van de EU overeen om prioriteit te geven aan de uitvoering van alle onderdelen van het stappenplan van de Commissie betreffende de "terugkeer naar Schengen", zodat de tijdelijke controles aan de binnengrenzen kunnen worden beëindigd en de Schengenruimte vóór het einde van het jaar weer normaal kan functioneren. De mededeling van de Commissie bevat een reeks maatregelen om de normale werking van het Schengengebied te herstellen en de lidstaten die onder druk staan, volop te ondersteunen. In de mededeling staan maatregelen om de tekortkomingen in het beheer van de EU-buitengrenzen te verhelpen. Als deze tekortkomingen zijn rechtgezet, kunnen de uitzonderlijke controles aan de binnengrenzen weer worden opgeheven. Het stappenplan gaf weer hoe de in de Schengenregels vastgestelde procedures zouden kunnen worden gebruikt om de werking van het Schengensysteem voor het einde van het jaar te herstellen. Tot deze maatregelen behoort de presentatie door Griekenland van een actieplan voor de uitvoering van de aanbevelingen die de Raad heeft geformuleerd om de geconstateerde tekortkomingen in het grensbeheer aan te pakken. Het onderhavige verslag betreft een andere fase van dit proces, namelijk een beoordeling door de Commissie van het door de Griekse autoriteiten gepresenteerde actieplan.
De procedure
Verordening (EU) nr. 1053/2013 (hierna "de verordening" genoemd) betreft de instelling van een evaluatiemechanisme voor de controle van en het toezicht op de toepassing van het Schengenacquis. Op basis van dit mechanisme voeren teams met deskundigen van de lidstaten en Frontex onder leiding van de Commissie geregeld aangekondigde en onaangekondigde evaluatiebezoeken uit in de lidstaten. Na elk bezoek wordt een Schengenevaluatieverslag opgesteld. Als in het verslag zwakke punten in het beheer van de buitengrens worden geconstateerd, stelt de Raad op basis van een voorstel van de Commissie aanbevelingen vast om deze te verhelpen. Als het beheer van de buitengrenzen ernstige gebreken vertoont, kan de Commissie voorts aanbevelen dat de geëvalueerde lidstaat specifieke maatregelen neemt teneinde de naleving te garanderen van de aanbeveling van de Raad (artikel 19b van de Schengengrenscode).
Om ervoor te zorgen dat het evaluatiemechanisme zo doeltreffend mogelijk is en voldoet aan artikel 16 van de verordening, moet de geëvalueerde lidstaat binnen drie maanden na de aanneming van de aanbeveling van de Raad een actieplan indienen bij de Commissie en de Raad voor het verhelpen van de vastgestelde tekortkomingen. De Commissie zou binnen een maand na de ontvangst van het door de autoriteiten van de lidstaat gepresenteerde actieplan aan de Raad moeten meedelen of zij het toereikend vindt.
De toepassing van de procedure op Griekenland
Deze procedure loopt thans met betrekking tot Griekenland, naar aanleiding van een evaluatie in november 2015 van de wijze waarop Griekenland het Schengenacquis met betrekking het buitengrensbeheer toepast. Het evaluatieverslag, dat op controles ter plaatse berust en waarin werd vastgesteld dat de uitoefening van het buitengrenstoezicht door Griekenland ernstige gebreken vertoont, is op 2 februari 2016 door de Commissie aangenomen. Op 12 februari 2016 zijn aanbevelingen voor corrigerende maatregelen vastgesteld door de Raad. Aangezien er volgens het evaluatieverslag sprake was van ernstige gebreken, heeft de Commissie op 24 februari 2016 bovendien een uitvoeringsbesluit goedgekeurd met aanbevelingen voor specifieke maatregelen die Griekenland moet nemen.
In deze mededeling maakt de Commissie bekend of zij het op 12 maart 2016 door de Griekse autoriteiten gepresenteerde actieplan voor het verhelpen van de ernstige tekortkomingen die in het evaluatierapport zijn vastgesteld, toereikend vindt. Deze evaluatie houdt ook rekening met het eerste voortgangsverslag over de tenuitvoerlegging van de aanbeveling van de Commissie op grond van artikel 19b van de Schengengrenscode, dat Griekenland samen met het actieplan op 12 maart 2016 bij de Commissie heeft ingediend.
Aangezien de situatie in Griekenland voortdurend verandert, zijn ook nieuwe ontwikkelingen in aanmerking genomen, zoals de uitvoering van het gezamenlijk actieplan EU–Turkije en de uitvoering en werking van de hotspots in Griekenland, waarover regelmatig wordt bericht in de voortgangsverslagen van de Commissie. In het onderhavige verslag wordt in het licht van de thans beschikbare feiten beoordeeld of het door de Griekse autoriteiten gepresenteerde actieplan toereikend is; het loopt niet vooruit op de evaluatie van het tweede verslag van de Griekse autoriteiten, dat overeenkomstig artikel 16, lid 4, van de verordening zal worden uitgebracht.
In de mededeling van de Commissie "Terug naar Schengen – Een stappenplan" worden de bovenstaande procedure en de tot dusver genomen stappen toegelicht. Er wordt in opgemerkt dat als de migratiedruk en de vastgestelde gebreken met betrekking tot het beheer van de buitengrenzen na 12 mei aanhouden, de Commissie overeenkomstig artikel 26, lid 2, van de Schengengrenscode bij de Raad een voorstel zou moeten indienen voor een aanbeveling om een samenhangende EU-aanpak voor het toezicht aan de binnengrenzen in te stellen, totdat de structurele gebreken van het toezicht aan de buitengrenzen zijn verbeterd of verholpen. De Commissie bevestigt dat zij hierop is voorbereid en zonder verder uitstel zal handelen.
Als de Commissie een voorstel doet overeenkomstig artikel 26 van de Schengengrenscode zal dat slechts gaan over grenscontroles aan die delen van de binnengrenzen waar dergelijke controles noodzakelijk zijn en evenredig aan de geconstateerde ernstige bedreiging van de openbare orde en binnenlandse veiligheid. De aanbevolen grenscontroles dienen ook van tijdelijke aard te zijn en mogen niet langer duren dan nodig is in verband met de dreiging in kwestie. Zoals nader is uitgelegd in de mededeling van de Commissie "Terug naar Schengen – Een stappenplan" zou er naar moeten worden gestreefd om, indien de algemene situatie het toelaat, alle controles aan de binnengrenzen in het Schengengebied binnen zes maanden na de instelling ervan, dus uiterlijk medio november 2016, op te heffen.
Ten slotte zij er in het licht van het bovenstaande op gewezen dat de toepassing van artikel 26 van de Schengengrenscode een maatregel is om de algemene werking van het Schengengebied te waarborgen. Het gaat hier niet om een sanctie tegen een lidstaat en het is niet de bedoeling om welke lidstaat ook van het Schengengebied uit te sluiten.
2.
Algemene beoordeling
Het door de Griekse autoriteiten gepresenteerde actieplan heeft betrekking op de aanbeveling van de Raad, maar verwijst waar nuttig ook naar de aanbeveling van de Commissie. Het beschrijft de corrigerende maatregelen die reeds zijn uitgevoerd en die welke gepland zijn om uitvoering te geven aan de aanbevelingen.
De aanbeveling van de Raad bevatte 49 punten die betrekking hadden op de registratieprocedure, grensbewaking, risicoanalyses, internationale samenwerking, personele middelen en opleiding, grenscontroleprocedures, infrastructuur en uitrusting. Ook deed de Raad Griekenland de meer algemene aanbeveling passende maatregelen te nemen om te waarborgen dat aan alle buitengrenzen van Griekenland toezicht wordt uitgeoefend overeenkomstig het Schengenacquis, teneinde de werking van het Schengengebied niet in gevaar te brengen.
De Raad wees erop dat een behoorlijk functionerende identificatie- en registratieprocedure en passende opvangvoorzieningen een eerste vereiste zijn, aangezien secundaire bewegingen naar andere lidstaten de werking van het hele Schengengebied op losse schroeven zetten, waardoor verscheidene lidstaten tijdelijk toezicht aan hun binnengrenzen hebben heringevoerd. De Raad verklaarde dan ook dat het van belang was elk van de vastgestelde gebreken zo snel mogelijk te verhelpen en wees erop welke specifieke aanbevelingen met prioriteit zouden moeten worden uitgevoerd.
Wat betreft de vraag of het door de Griekse autoriteiten gepresenteerde actieplan toereikend is waar het gaat om inhoud, tijdschema en financiering van de voorgestelde maatregelen, heeft de Commissie voor verschillende maatregelen eerst meer gegevens en/of toelichting nodig; pas dan kan zij naar behoren evalueren en monitoren of er tijdig uitvoering en follow-up aan de voorgestelde maatregelen wordt gegeven. Deze elementen zijn ook nodig om het Europees Parlement en de Raad volledig op de hoogte te brengen overeenkomstig artikel 16, lid 6, van de verordening.
Hoofdstuk 3 van deze mededeling bevat een overzicht van de corrigerende maatregelen waarvoor de Commissie meer informatie en toelichting nodig heeft inzake de inhoud.
Wat het tijdschema, de financiering en de verantwoordelijkheid voor de uitvoering van de verschillende maatregelen betreft, volgt hier een algemene evaluatie.
Tijdschema
De tijdsaanduiding "in uitvoering", die voor verscheidene maatregelen wordt gegeven, is ontoereikend. Monitoring vereist precieze tijdschema's voor de uitvoering van alle voorgestelde maatregelen, in het bijzonder waar het gaat om de aanschaf van uitrusting (maatregelen 12 en 38), de uitwerking van specifieke systemen (maatregelen 1-9, voor zover het gaat om het opzetten van een nieuw systeem voor het in kaart brengen van gegevens over migranten: 12, 15, 35 en 48), de aanpassing van de infrastructuur aan het acquis (maatregel 36) en geplande opleidingsactiviteiten (maatregelen 19, 20 en 29).
Verantwoordelijkheid
In het door de Griekse autoriteiten gepresenteerde actieplan ontbreekt informatie over de autoriteiten die verantwoordelijk zijn voor de uitvoering van bepaalde maatregelen en voor het monitoren van die uitvoering. Het actieplan zou moeten worden aangevuld met informatie over de autoriteiten die verantwoordelijk zijn voor de uitvoering van het actieplan respectievelijk de afzonderlijke maatregelen en over eventuele nationale follow-upmechanismen die betrekking hebben op de uitvoering van de maatregelen.
Financiering
Hoewel het geen duidelijk en alomvattend financieringsplan bevat, vermeldt het door de Griekse autoriteiten gepresenteerde actieplan wel dat meerdere belangrijke maatregelen worden uitgevoerd of zouden moeten worden uitgevoerd met steun uit het Fonds voor interne veiligheid, zowel in het kader van het Griekse nationale programma als in de vorm van noodhulp. Griekenland moet meer in het werk stellen om ervoor te zorgen dat de aanzienlijke middelen die zijn ontvangen via de EU-financieringsinstrumenten, waaronder met name het nationale programma in het kader van het Fonds voor interne veiligheid, tijdig en op doeltreffende en flexibele wijze worden gebruikt. Er zijn dringend nadere aanpassingen van het programma en de beheersstructuur daarvan geboden om de uitvoering volledig te laten aansluiten bij de huidige behoeften.
Overeenkomstig artikel 12 van Verordening (EU) nr. 515/2014 heeft de Commissie sinds de aanneming van de aanbeveling van de Raad voortdurend contact met de Griekse autoriteiten om samen te na te gaan hoe de vastgestelde gebreken het best kunnen worden verholpen en hoe de betrokken maatregelen kunnen worden gefinancierd.
Het is van het grootste belang dat de Griekse autoriteiten onverwijld het Griekse nationale programma in het kader van het Fonds voor interne veiligheid volledig ten uitvoer leggen. Er zijn (in september 2015 en februari 2016) al twee voorschotten betaald van in totaal circa 25 miljoen EUR. Dit is van direct belang voor de tenuitvoerlegging van de aanbeveling van de Raad, aangezien een deel van de maatregelen rechtstreeks betrekking hebben op de vastgestelde behoeften. Een duidelijk voorbeeld hiervan is de ontwikkeling van een geïntegreerd maritiem bewakingssysteem, die is aangemerkt als topfinancieringsprioriteit voor de Helleense kustwacht (onder nationale doelstelling 1: Eurosur). Volgens eerder door Griekenland verstrekte informatie zou dit project ongeveer 60 miljoen EUR kosten, waarvan 75% zou worden gecofinancierd door het nationale programma in het kader van het Fonds voor interne veiligheid.
In dit verband zou Griekenland er goed aan doen te frontloaden, zodat in 2016 en 2017 de meeste middelen met name worden toegewezen aan specifieke doelstellingen 2 (Grenzen) en 3 (Operationele steun-Grenzen); hiertoe zou met name moeten worden geanticipeerd op de aanzienlijke investeringen in apparatuur voor zeegrensbewaking, die aanvankelijk voor 2018 waren gepland.
Aangezien een deel van de maatregelen van het nationale programma minder urgent is, zou Griekenland ook de mogelijkheid moeten overwegen om de prioriteit van een deel van de maatregelen van het nationale programma bij te stellen, bv. door een formele herziening van het nationale programma. Bij deze nieuwe prioriteitstelling zouden er meer middelen moeten worden uitgetrokken voor die maatregelen die betrekking hebben op de meest dringende behoeften, zodat de maatregelen die nodig zijn om de vastgestelde gebreken te verhelpen, tijdig worden genomen en zowel doeltreffend als toereikend zijn.
Door de middelen van het nationale programma in het kader van het Fonds voor interne veiligheid te frontloaden en andere prioriteiten te stellen, zou Griekenland minder vaak zijn toevlucht hoeven te nemen tot ad-hocverzoeken om noodhulp, met alle risico's die een dergelijke aanpak meebrengt wat betreft onzekerheid en het ontbreken van langetermijnplanning. Deze aanpak is onhoudbaar. Een nieuwe benadering zal ook helpen om voor volledige complementariteit en samenhang van de gefinancierde maatregelen te zorgen en om te voorkomen dat de financiering overlappingen dan wel tekorten vertoont.
De financiering van bepaalde maatregelen door middel het Fonds voor interne veiligheid hangt nauw samen met de steun die door andere partijen kan worden verleend om Griekenland te helpen bij de uitvoering van corrigerende maatregelen. Aangezien de moeilijkheden die Griekenland ondervindt bij de bescherming van de buitengrens, hun weerslag hebben op de Europese Unie als geheel, wees de Commissie er in haar mededeling "Terug naar Schengen – Een stappenplan" op dat andere lidstaten, EU-agentschappen en de Commissie Griekenland dienen te ondersteunen bij de tenuitvoerlegging van de aanbevelingen van de Raad en de Commissie
. In dezelfde mededeling werd Griekenland dan ook verzocht om naast het actieplan een duidelijke behoefteanalyse te presenteren, op basis waarvan andere lidstaten, EU-agentschappen en de Commissie Griekenland tijdig gerichte steun zouden kunnen bieden. Hoewel Griekenland wel een behoefteanalyse heeft gepresenteerd in verband met terugkeer in het licht van de overeenkomst EU-Turkije van 18 maart 2016, dringt de Commissie er bij de Griekse autoriteiten op aan om deze analyse aan te vullen met een gedetailleerde en brede behoefteanalyse met betrekking tot alle gebieden die in de aanbevelingen van de Raad en de Commissie zijn genoemd.
3.
Nadere beoordeling
De Commissie is van oordeel dat aanvullende informatie en/of uitleg nodig is om te kunnen beoordelen of het door de Griekse autoriteiten gepresenteerde actieplan toereikend is wat betreft de volgende corrigerende maatregelen.
3.1. Registratieprocedure
Aanbevelingen/maatregelen 1 en 2: betreft de opname in het document voor "opschorting van verwijdering" van verplichtingen die het risico van onderduiken moeten voorkomen overeenkomstig artikel 7, lid 3, van de terugkeerrichtlijn, alsook de kwaliteit van de documenten voor tijdelijk verblijf en door de Griekse autoriteiten ingevoerde en voltooide verbeteringen.
Door de nieuwe snelle overnameprocedure die op 20 maart 2016 is ingevoerd om uitvoering te geven aan de overeenkomst EU-Turkije, wordt Griekenland aangemoedigd om gebruik te maken van de uitzondering krachtens artikel 2, lid 2, onder a), van de terugkeerrichtlijn, wat betekent dat de nationale procedure moet worden toegepast. Tegelijkertijd zouden er geen documenten voor tijdelijk verblijf meer mogen worden afgegeven, omdat op grond van de overeenkomst EU-Turkije voor personen die Griekenland binnenkomen, geldt dat hen overname door Turkije wacht, na een individuele beoordeling overeenkomstig internationaal en EU-recht. De voorgestelde corrigerende maatregelen in verband met de documenten voor tijdelijk verblijf zijn hierdoor obsoleet geworden voor wie sinds 20 maart aankomt. Wat dit betreft vraagt de Commissie de Griekse autoriteiten om geregeld informatie te verstrekken over de voortgang van de tenuitvoerlegging van de overeenkomst EU-Turkije met betrekking tot de vastgestelde overnameprocedure voor irreguliere migranten.
Aanbeveling/maatregel 3: met betrekking tot de noodzakelijke versterking van de Griekse politie wat betreft registratie verzoekt de Commissie de Griekse autoriteiten om informatie te verstrekken over de meest recente maatregelen en plannen, en daarbij ook de situatie na de overeenkomst EU-Turkije van 18 maart in aanmerking te nemen, alsmede het feit dat de registratieprocedure dient te worden versneld met het oog op een snelle terugkeer naar Turkije van migranten die niet om internationale bescherming verzoeken.
Griekenland heeft erop gewezen dat de versterkte aanwezigheid van 174 agenten van de Griekse politie bij de hotspots op de Egeïsche eilanden dankzij noodfinanciering uit het Fonds voor interne veiligheid tot en met 30 juni 2016 verzekerd is. Het is echter onduidelijk hoe deze versterkte aanwezigheid na deze datum op peil zal worden gehouden. Er zou moeten worden verduidelijkt of Griekenland zal overwegen om de personele middelen bij de hotspots permanent uit te breiden. Dit zou een oplossing bieden voor de wettelijke belemmeringen waardoor de detacheringsperiode beperkt is tot zes maanden, zoals bedoeld in het actieplan, en waarborgen dat de nationale capaciteiten voorhanden zijn om te reageren op toekomstige migratiedruk.
Gelet op de recente verslagen van Frontex over de arbeidsomstandigheden op Kos, is het onduidelijk hoe Griekenland werk wil maken van de aanbeveling van de Commissie om te voorzien in toereikende materiële arbeidsvoorwaarden voor de leden van de Europese grenswachtteams die worden ingezet bij de hotspots (aanbeveling A, lid 1, onder b)). De Commissie acht deze maatregel dan ook niet volledig uigevoerd.
Aanbeveling/maatregel 4: wat betreft de beschikbaarstelling van accommodatie voor migranten gedurende de registratieprocedure verzoekt de Commissie de Griekse autoriteiten tevens informatie te verschaffen over de meest recente plannen van Griekenland inzake de accommodatie voor migranten die niet om internationale bescherming verzoeken en die volgens de overeenkomst EU-Turkije van 18 maart in beginsel naar Turkije moeten terugkeren (zo zouden open faciliteiten kunnen worden omgevormd tot inrichtingen voor bewaring).
Hoewel de Commissie vaststelt dat er dankzij het optreden van het Griekse leger voortgang is geboekt bij de opzet van de hotspotfaciliteiten, biedt het actieplan onvoldoende informatie over hoe de voorgeschreven opvangvoorzieningen in die faciliteiten zullen worden gewaarborgd. Er is met name geen informatie over hoe de financiering (nationaal of EU) voor dit doeleinde zal worden verzekerd.
Wat betreft de behoeften van kinderen en andere kwetsbare personen, wijst de Commissie erop dat het aantal extra plaatsen dat voor deze groepen bestemd is op Lesbos (18), Chios (25) en Kos (32) ontoereikend lijkt, gelet op het grote aantal kinderen en kwetsbare personen dat daar aankomt. Bij de andere twee hotspots, in Leros en Samos, is nog geen terrein voorhanden of gepland voor de opvang van groepen kwetsbare personen. In dat opzicht acht de Commissie deze maatregel niet volledig voltooid.
Aanbeveling/maatregel 5: wat betreft de mogelijke aanschaf van full-page readers voor het controleren van de authenticiteit van de reisdocumenten bij het registratieproces, bevat het actieplan onvoldoende informatie over wanneer en hoe deze apparaten zullen worden gefinancierd. In plaats van om meer middelen te verzoeken, zou Griekenland in de eerste plaats moeten overwegen om de prioriteitstelling voor zijn nationale programma in het kader van het Fonds voor interne veiligheid aan te passen. De Commissie acht deze maatregel dan ook niet volledig voltooid en dringt erop aan dat Griekenland voor deze maatregel een tijdschema opneemt in het nationale programma.
Aanbeveling/maatregel 7: wat de adequaatheid en toereikendheid betreft van de IT-capaciteit die nodig is voor de registratie van migranten in Eurodac, melden de Griekse autoriteiten dat de Griekse politie momenteel in samenwerking met EU-Lisa de behoeften analyseert teneinde te waarborgen dat de IT-capaciteit van het systeem toereikend is. Er wordt van uitgegaan dat het vier tot vijf maanden zal duren om het IT-systeem te upgraden. De Commissie acht deze maatregel dan ook niet volledig voltooid en dringt er bij Griekenland op aan om een toereikend en specifiek tijdschema voor de upgrade van het IT-systeem toe te voegen. Bovendien zou de Commissie de meest recente stand van zaken willen hebben wat betreft behoefteanalyse en de ontwikkelingsplannen voor de IT-infrastructuur voor de toereikende registratie van vingerafdrukken in Eurodac, zoals ook is besproken met de relevante diensten van de Commissie en EU-Lisa.
Aanbeveling/maatregel 40: er is geen informatie verschaft over de corrigerende maatregel die is genomen om te voorzien in voldoende Eurodac-terminals in het opvangcentrum in Fylakio. Deze informatie zou moeten worden toegevoegd aan het door de Griekse autoriteiten gepresenteerde actieplan.
3.2. Terugkeer
Aanbeveling/maatregel 10: wat betreft de onmiddellijke start van terugkeerprocedures waarvoor Griekenland van plan is nauwer met Frontex en de Turkse autoriteiten samen te werken, is de situatie er beduidend op vooruitgegaan met de nieuwe snelle overnameprocedure en de nieuwe politieke toezeggingen krachtens de overeenkomst EU-Turkije van 18 maart 2016. Wel zou Turkije de specifieke wettelijke en operationele maatregelen moeten vermelden die zijn genomen of nog moeten worden genomen om terugkeer naar Turkije te vergemakkelijken en er tegelijkertijd voor te zorgen dat gedurende het volledige proces de grondrechten worden gewaarborgd en het internationale en EU-recht wordt geëerbiedigd. Ook zou moeten worden meegedeeld hoeveel (extra) personeel er reeds is ingezet of inzetbaar is voor het organiseren van terugkeerprocedures en welke maatregelen er bij de hotspots zijn genomen om te voorkomen dat irreguliere migranten onderduiken.
3.3. Grensbewaking op zee
Aanbeveling/maatregel 12: hoewel er een betrekkelijk informatief antwoord is gegeven met betrekking tot het opzetten, op de lange termijn, van een breed en doeltreffend kustbewakingssysteem, heeft Griekenland onvoldoende duidelijk gemaakt hoe de bewaking van de zeegrens door de geplande activiteiten zal verbeteren en in hoeverre de nieuwe en bestaande capaciteiten complementair zijn.
Wat betreft de uit hoofde van het nationale programma in het kader van het Fonds voor interne veiligheid te financieren maatregelen, moet Griekenland nog steeds meedelen wanneer precies er meer capaciteit beschikbaar komt voor bewaking en wanneer er met de overeenkomstige aanbestedingsprocedure wordt begonnen. Aangezien het geïntegreerde maritieme bewakingssysteem (IMSS) van wezenlijk belang is voor de uitvoering van de aanbevelingen, is het zaak de voorbereidende fasen van het systeem toe te lichten (uitvoering verwacht vanaf 2017), en met name mee te delen of de laatste hand is gelegd aan de relevante technische specificaties en wanneer de aanbestedingsprocedure daadwerkelijk van start zal gaan. Gezien het belang van de elementen op zee die complementair zijn aan het IMSS, moet Griekenland nog steeds meedelen van hoeveel patrouilleschepen zijn nationale programma in het kader van het ISF uitgaat en of dit geplande aantal schepen een toereikend reactievermogen voor alle eilanden waarborgt. Wat betreft het materieel dat zou worden gefinancierd uit hoofde van specifieke maatregelen van het nationale programma in het kader van het ISF (twee kustpatrouillevaartuigen en een voertuig met warmtebeeldcamera), zou Griekenland in de indicatieve planning moeten specificeren wanneer dit materieel zal worden aangekocht en wanneer het operationeel zal zijn.
3.4. Risicoanalyse
Aanbevelingen/maatregelen 15 en 16: met betrekking tot de voorgestelde corrigerende maatregelen in verband met het ontwikkelen van een risicoanalysesysteem op lokaal niveau en het verrichten van risicoanalyses, zou de Commissie willen benadrukken dat deze maatregelen bij voorkeur dienen te worden genomen overeenkomstig het gemeenschappelijke model voor geïntegreerde risicoanalyse.
3.5. Personele middelen en opleiding
Voor de corrigerende maatregelen inzake opleiding zou informatie moeten worden gegeven over het aantal grenswachters dat is opgeleid sinds het evaluatiebezoek in november 2015, het aantal grenswachters dat per gepland opleidingsprogramma zal worden opgeleid en een indicatief tijdschema voor de geplande opleidingsactiviteiten (aanbevelingen/maatregelen): 16, 17, 19, 20, 21, 29 en 49).
3.6. Grenscontroleprocedures
Wat betreft de corrigerende maatregelen die verband houden met het aanpassen van de grenscontroleprocedures aan het acquis, waarvoor de Griekse politie instructies heeft gestuurd naar de grensdoorlaatposten, zou informatie moeten worden verstrekt over het soort toezicht-/follow-upmechanisme dat wordt gebruikt om te controleren of de instructies ook daadwerkelijk worden gevolgd (aanbevelingen/maatregelen): 16, 17, 22, 23, 26, 28, 29, 30, 33 en 49).
Aanbeveling/maatregel 27: er zou in maart een omzendbrief worden verstuurd om de uitzonderingsbehandeling voor plezierschepen uit derde landen op te schorten, teneinde de controle van plezierschepen in overeenstemming te brengen met de Schengengrenscode. De Commissie is van mening dat de voorgestelde corrigerende maatregel om een uitzonderingsbehandeling – die niet strookt met de Schengengrenscode – op te schorten, niet volstaat om het gebrek op de lange termijn te verhelpen. De uitzondering zou moeten worden afgeschaft en de controle van plezierschepen zou in overeenstemming met de Schengengrenscode moeten worden gebracht.
Aanbeveling/maatregel 37: Griekenland heeft meegedeeld de Griekse politie met administratieve beperkingen te maken heeft en dat er wettelijke verplichtingen zijn waardoor het bewakingscentrum niet zoals aanbevolen kan worden verplaatst van Nea Vyssa naar het regionale geïntegreerde grensbeheer- en monitoringcentrum bij het politiedirectoraat Orestiada, ook al zou dit helpen om voor een breed situatiebeeld te zorgen en het politiedirectoraat Orestiada in staat stellen om doeltreffender te monitoren en te opereren (een fusie van beide centra zou overigens ook personele middelen uitsparen). De Commissie verzoekt Griekenland details te verstrekken over voornoemde administratieve beperkingen en wettelijke verplichtingen.
Aanbeveling/maatregel 38: wat betreft het afronden van de installatie van gps-zenders op de patrouillevoertuigen of -eenheden om het bewakingscentrum in staat te stellen hun locatie te volgen, werd verklaard dat het project in zijn beginfase was gestrand door financiële en andere beperkingen en dat er een nieuwe studie zal worden verricht om tot een betere technische oplossing te komen, die ook nog goedkoper is.
De Commissie verzoekt om meer details over de precieze beperkingen, en zou graag vernemen waarom een nieuwe studie nodig is en van welk tijdschema wordt uitgegaan voor het starten en afronden van de studie. De Commissie is van oordeel dat de uitwisseling van beste praktijken met andere lidstaten een doelmatiger oplossing zou kunnen zijn.
3.7. Infrastructuur en uitrusting
Aanbeveling/maatregel 44: volgens het door de Griekse autoriteiten gepresenteerde actieplan zullen passende maatregelen worden genomen om de VIS-controleapplicatie (CVIS) uit te breiden om de eerste lijn te voorzien van alle informatie die is opgeslagen in het VIS, zodat gemakkelijker kan worden nagegaan of aan de toegangsvoorwaarden is voldaan. Er zou moeten worden vermeld welke maatregelen er zullen worden genomen en binnen welke termijn.
3.8. Algemene aanbeveling
Aanbeveling/maatregel 50: wat betreft de passende maatregelen die Griekenland zou moeten nemen om te waarborgen dat aan alle buitengrenzen toezicht wordt uitgeoefend overeenkomstig het Schengenacquis, verklaarde Griekenland nauw met Frontex te zullen samenwerken om te waarborgen dat onderdanen van derde landen aan de grens met de voormalige Joegoslavische republiek Macedonië het Griekse grondgebied uitsluitend via de aangewezen grensdoorlaatposten kunnen verlaten. Ook legt Griekenland momenteel de laatste hand aan zijn analyse van de behoefte aan extra personeel bij de grensdoorlaatposten.
In verband met de recente ontwikkelingen in de Westelijke Balkanlanden, en met name het feit dat de landen langs de Westelijke Balkanroute zijn gestopt met de doorwuifaanpak, heeft Frontex voorgesteld om zijn operationele ondersteuning bij de Griekse grens met de voormalige Joegoslavische republiek Macedonië (en Albanië) aan te passen in het kader van een volwaardige gezamenlijke operatie. Gezien de kritieke situatie en het feit dat Griekenland heeft verklaard extra personeel nodig te hebben bij de grensdoorlaatposten, verzoekt de Commissie Griekenland met klem om zijn behoefteanalyse spoedig af te ronden en op het voorstel van Frontex in te gaan.
Wat betreft de corrigerende maatregelen in verband met de uitvoering van meer stelselmatige controles van migranten op het vasteland en nabij de noordelijke grens, teneinde te waarborgen dat zij worden geregistreerd en aan een identiteitscontrole worden onderworpen, waarvoor de Griekse politie instructies heeft verstuurd, zou informatie moeten verstrekt over het toezicht-/follow-upmechanisme dat nodig is om te controleren of de instructies ook daadwerkelijk worden gevolgd.
Wat betreft de informatie over beschikbare accommodatie die de Griekse politie verstrekt aan migranten die niet in een centrum voor opvang/registratie of bewaring verblijven, wordt Griekenland verzocht om de maatregelen onverwijld uit te voeren.
Ook zou Griekenland de situatie nauwlettend moeten volgen, met inbegrip van verschuivende migratieroutes, en in voorkomend geval alle nodige maatregelen moeten nemen, waaronder de maatregelen uit de aanbeveling van de Commissie.
4.
Conclusie
In het licht van de bovenstaande beoordeling is de Commissie van mening dat Griekenland belangrijke vooruitgang heeft geboekt. Er dienen echter nadere verbeteringen te worden aangebracht in het door de Griekse autoriteiten gepresenteerde actieplan, teneinde de bij de evaluatie van november 2015 geconstateerde tekortkomingen grondig aan te pakken. Voor veel maatregelen is met name meer duidelijk nodig wat betreft tijdschema, verantwoordelijkheid en financiële planning. Bovendien kunnen sommige maatregelen nog niet toereikend of voltooid worden geacht. Ten slotte is voor bepaalde maatregelen aanzienlijk meer informatie of toelichting nodig. De Commissie verzoekt Griekenland om deze aanvullende elementen en toelichting uiterlijk op 26 april 2016 te verstrekken en is steeds bereid om ondersteuning te bieden, in de geest van haar mededeling "Terug naar Schengen – een stappenplan".