This document is an excerpt from the EUR-Lex website
Document 52015DC0118
REPORT FROM THE COMMISSION TO THE EUROPEAN PARLIAMENT AND THE COUNCIL European Union Solidarity Fund Annual Report 2013
VERSLAG VAN DE COMMISSIE AAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD Solidariteitsfonds van de Europese Unie Jaarverslag 2013
VERSLAG VAN DE COMMISSIE AAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD Solidariteitsfonds van de Europese Unie Jaarverslag 2013
/* COM/2015/0118 final */
VERSLAG VAN DE COMMISSIE AAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD Solidariteitsfonds van de Europese Unie Jaarverslag 2013 /* COM/2015/0118 final */
INHOUDSOPGAVE 1............ Inleiding. 3 2............ Nog in behandeling zijnde aanvragen
uit 2012. 4 3............ In 2013 ontvangen nieuwe aanvragen. 5 4............ Financiering. 9 5............ Monitoring. 10 6............ Afsluitingen. 10 7............ Voorstel tot wijziging van Verordening
(EG) nr. 2012/2002 van de Raad tot oprichting van het Solidariteitsfonds
van de Europese Unie, en conclusies. 12
1.
Inleiding
Volgens Verordening
(EG) nr. 2012/2002 van de Raad van 11 november 2002 tot oprichting
van het Solidariteitsfonds van de Europese Unie (hierna "de
verordening") moet elk jaar bij het Europees Parlement en de Raad een
verslag worden ingediend over de activiteiten van het fonds in het voorgaande
jaar. In het thans voorliggende verslag worden de activiteiten van het
Solidariteitsfonds van de EU (hierna "het SFEU") in 2013 beschreven:
de afwikkeling van nog in behandeling zijnde en nieuwe aanvragen alsmede de
beoordeling van de uitvoeringsverslagen met het oog op de afsluiting ervan. Er
wordt ook ingegaan op het voorstel tot wijziging van de verordening dat in de
loop van het jaar is ingediend[1]. In 2013 heeft de
Commissie acht nieuwe aanvragen voor SFEU-steun ontvangen, waardoor 2013
een gemiddeld jaar is wat het aantal aanvragen betreft. Vier aanvragen werden
ingediend in januari en nog eens vier in juli en augustus. Drie van deze
aanvragen hadden betrekking op de overstromingen in Slovenië, Oostenrijk en
Kroatië in oktober/november 2012. De van Duitsland, Oostenrijk, Tsjechië en
Hongarije ontvangen aanvragen betroffen de zware overstromingen in mei/juni
2013. De aanvraag van Portugal had betrekking op de modderstromen en aardverschuivingen
op Madeira in januari 2013. Met uitzondering van de aanvragen van Portugal en
Hongarije heeft de Commissie alle aanvragen ingewilligd en voorgesteld middelen
uit het SFEU beschikbaar te stellen. De
Commissie heeft tevens haar beoordeling afgerond van een nog in behandeling
zijnde aanvraag van Roemenië uit 2012 met betrekking tot de droogte en branden,
waarvoor zij ook de beschikbaarstelling van middelen uit het fonds had
voorgesteld. In financiële termen gesproken
heeft de Commissie in 2013 in totaal 415,127 miljoen EUR aan steun
uit het SFEU goedgekeurd; meer informatie is te vinden in hoofdstuk 4,
"Financiering". In totaal kon voor 14,321 miljoen EUR aan
steun worden uitbetaald, namelijk voor de overstromingen in Slovenië en
Oostenrijk in 2012. De bijlagen 1 tot en met
3 bevatten de voor 2013 geldende drempels voor de beschikbaarstelling van
middelen uit het fonds, een overzicht van de ontvangen aanvragen en een
volledige lijst van de sinds 2002 behandelde aanvragen.
2.
Nog in behandeling zijnde
aanvragen uit 2012
Roemenië (droogte en
branden) In de
zomer van 2012 hadden grote delen van Roemenië te kampen met de gevolgen van
zeer weinig neerslag en herhaalde extreme hittegolven, te weten droogte en
mislukte oogsten, talrijke bos- en vegetatiebranden, watertekorten voor de
bevolking en daarmee gepaard gaande problemen voor de watervoorzieningssystemen
en de productiesystemen voor waterkrachtenergie. Roemenië heeft daarop op
2 november 2012 een aanvraag voor SFEU-steun ingediend. Bij droogte kan de bepaling
van de verordening op grond waarvan aanvragen moeten worden ingediend binnen
tien weken na de datum waarop de eerste schade zich heeft voorgedaan,
redelijkerwijs geen toepassing vinden. Daarom heeft de Commissie dezelfde
beginselen toegepast die zij heeft vastgesteld bij de beoordeling van de eerste
vergelijkbare aanvraag voor steun uit het fonds, namelijk die in verband met de
droogte in Cyprus in 2008. Dienovereenkomstig moet ervan worden uitgegaan dat
de aanvraagtermijn van tien weken is ingegaan op de datum waarop de droogte
werd geacht op zijn hoogtepunt te zijn. In Roemenië ontstond door langdurige
perioden met weinig neerslag, hoge temperaturen en tal van branden gedurende
enkele maanden een situatie van ernstige droogte die ongeveer 2,764 miljoen
hectare in 35 van de 41 Roemeense districten trof en op 25 augustus
2012 culmineerde in de uitbraak van grote bos- en vegetatiebranden. De
Commissie was daarom van mening dat 25 augustus 2012 als begindatum van de
grote ramp moest worden beschouwd. De op 2 november 2012 bij de Commissie
ingediende aanvraag voldeed aan de termijnvoorwaarde. In hun oorspronkelijke
aanvraag hebben de Roemeense autoriteiten de totale directe schade geraamd op
ruim 1,9 miljard EUR, ofwel 263 % van de in 2012 voor Roemenië
geldende drempel van 735,487 miljoen EUR (d.w.z. 0,6 % van het
bni volgens de gegevens van 2010) voor steun uit het SFEU bij een grote ramp.
Daarin was echter landbouwschade begrepen die was opgetreden vóór de
vastgestelde begindatum en die niet in het totale schadebedrag mag worden
opgenomen. De Commissie heeft Roemenië gevraagd zijn schadebeoordeling te
herzien. Na herziening bedroeg de door Roemenië ingediende totale schade, na
aftrek van andere indirecte kosten waarvoor geen steun kon worden verleend,
806,7 miljoen EUR. Ruim 99 % van de geraamde schade betrof
particuliere land- en bosbouw, die niet in aanmerking komt voor steun uit het
SFEU omdat die niet wordt bestreken door de soorten noodacties die daarvoor
ingevolge artikel 3, lid 2, van de verordening in aanmerking komen.
De kosten van de concrete acties waarvoor op grond van artikel 3,
lid 2, steun kan worden verleend, beliepen derhalve
2,476 miljoen EUR (d.w.z. de kosten van noodacties door de
hulpdiensten, in het bijzonder brandbestrijding en watervoorziening, en
herstelwerkzaamheden betreffende de waterinfrastructuur). Aangezien de steun
uit het SFEU niet hoger mag zijn dan de totale kosten van de voor die steun in
aanmerking komende concrete acties, besloot de Commissie op 3 oktober 2013
voor te stellen voor 2,476 miljoen EUR middelen uit het fonds
beschikbaar te stellen om de kosten van die concrete acties te dekken. Na
voltooiing van de begrotingsprocedure in de Raad en het Europees Parlement en
de sluiting van de uitvoeringsovereenkomst tussen de Commissie en Roemenië is
de bijdrage uit het SFEU op 10 maart 2014 uitbetaald.
3.
In 2013 ontvangen nieuwe aanvragen
Overstromingen in Slovenië, Oostenrijk en
Kroatië (drie gevallen) Door hevige regenval eind oktober en begin
november 2012 in Zuidoost-Europa traden rivieren buiten hun oevers, met als
gevolg overstromingen in de brede gebieden langs de rivieren Sava, Kupa, Mura
en Drava in Slovenië en in de bekkens van de rivieren Mura, Drava en Lavant in
Oostenrijk alsook op Kroatisch grondgebied. Vervolgens hebben alle drie landen een aanvraag
ingediend voor financiële steun uit het SFEU: Slovenië heeft een aanvraag
ingediend op basis van het criterium "grote ramp", terwijl de
aanvragen van Kroatië en Oostenrijk waren gebaseerd op de zogeheten
"buurland"-clausule volgens welke een land dat door dezelfde grote
ramp wordt getroffen als een buurland, bij wijze van uitzondering ook
financiële bijstand uit het SFEU kan ontvangen. (1)
Slovenië: De aanvraag
werd ontvangen op 2 januari 2013, binnen de termijn van 10 weken na
de vaststelling van de eerste schade op 28 oktober 2012. De totale directe
schade werd geraamd op 359,535 miljoen EUR, met name wegens de
aanzienlijke schade die aan de land- en bosbouw en aan de lokale
wegeninfrastructuur en waterlopen was toegebracht. Meer dan 2 500
woningen, administratieve en economische voorzieningen en 10 scholen
hadden schade opgelopen. Dit bedrag kwam neer op 1,008 % van het Sloveense
bni en lag ruimschoots boven de in 2013 voor Slovenië geldende drempel van
214,021 miljoen EUR (d.w.z. 0,6 % van het bni volgens de
gegevens van 2011) voor steun uit het SFEU bij een grote ramp. Op 30 april
2013 heeft de Commissie derhalve voorgesteld financiële steun te verlenen voor
een bedrag van 14,081 miljoen EUR. Na voltooiing van de begrotingsprocedure
in de Raad en het Europees Parlement en de sluiting van de
uitvoeringsovereenkomst tussen de Commissie en Slovenië is de financiële
bijdrage op 19 november 2013 uitbetaald. (2)
Oostenrijk: De ramp in
Slovenië had ook gevolgen voor Oostenrijk, zij het in zeer beperkte mate. De
stad Lavamünd, die gelegen is waar de rivieren Drava (Drau) en Lavant aan de
Oostenrijkse kant van de grens met Slovenië samenvloeien, werd overstroomd en
kwam tot twee meter onder water te staan, waarbij schade werd toegebracht aan
overheidsgebouwen, particuliere woningen, bedrijven en lokale infrastructuur. De aanvraag werd ingediend op 11 januari
2013, binnen de termijn van 10 weken na de vaststelling van de eerste
schade op 5 november 2012. Geactualiseerde informatie werd op
28 februari 2013 ontvangen. De totale directe schade door de ramp beliep
9,6 miljoen EUR. Bij dit bedrag ging het slechts om een klein
percentage van de drempel van 1,798 miljard EUR (d.w.z. 0,6 %
van het Oostenrijkse bni in 2011) voor steun uit het SFEU bij een grote ramp.
Aangezien de overstromingen in Lavamünd dezelfde oorzaak als de grote ramp in
Slovenië hadden, hebben de Oostenrijkse autoriteiten hun aanvraag evenwel
ingediend op grond van de zogeheten "buurland"-clausule. Ondanks de
geringe schade, die neerkwam op slechts 0,53 % van de drempel, konden
SFEU-middelen worden vrijgemaakt. De financiële bijdrage uit het fonds ten
bedrage van 240 000 EUR is op 19 november 2013 uitbetaald. (3)
Kroatië: Kroatië, dat
op het ogenblik van de ramp onder het toepassingsgebied van het SFEU viel in
zijn hoedanigheid van land dat met de EU over toetreding onderhandelde, diende
zijn aanvraag in op 3 januari 2013, binnen de termijn van 10 weken na
de vaststelling van de eerste schade op 26 oktober 2012. Kroatië maakte
melding van schade aan belangrijke infrastructuur en particuliere en openbare
eigendommen in 9 districten, en in 4 daarvan had de ramp ook ingrijpende
gevolgen voor de lokale economie en de levensomstandigheden van ongeveer
795 000 inwoners. Landbouwgronden en bossen, industriële en commerciële
voorzieningen, particuliere woningen, dijken, bruggen en pieren aan de
Kroatische kust hadden het bijzonder zwaar te verduren gehad. Enkele honderden
particuliere woningen waren onder water komen te staan, zodat de bewoners
moesten worden geëvacueerd. In de overige 5 districten kon dankzij de door
de Hrvatske vode (Kroatische waterschappen) getroffen beschermingsmaatregelen
tegen overstromingen schade aan particuliere eigendommen worden voorkomen. De Kroatische autoriteiten raamden de totale
directe schade op meer dan 11,463 miljoen EUR. Aangezien dit bedrag
duidelijk onder de drempel van 259,805 miljoen EUR (d.w.z. 0,6 %
van het bni volgens de gegevens van 2011) voor steun uit het SFEU bij een grote
ramp lag, kon de ramp niet als "grote natuurramp" worden aangemerkt.
Evenals Oostenrijk deed Kroatië evenwel een beroep op de
"buurland"-clausule, wat door de Commissie werd aanvaard. De
financiële bijdrage uit het fonds ten bedrage van 286 587 EUR is op
15 januari 2014 uitbetaald. Overstromingen in Midden-Europa (vier
gevallen) In mei en juni 2013 had Midden-Europa te kampen
met weersomstandigheden die sterke gelijkenis vertoonden met die in 2002, die
leidden tot overstromingen die zich gemiddeld eens in de honderd jaar voordoen,
en in het kielzog waarvan tot de oprichting van het SFEU werd besloten.
Andermaal werden Duitsland, Oostenrijk en Tsjechië getroffen door
uitzonderlijke overstromingen. Ook Hongarije kende overstromingen, zij het in
veel geringere mate. Niettegenstaande de gedeeltelijk hogere hoogwaterstanden
was de – weliswaar zeer aanzienlijke – totale schade minder dan in 2002, vooral
in Oostenrijk en Tsjechië, wat in belangrijke mate te danken was aan de
doeltreffendheid van de sinds 2002 genomen maatregelen op het gebied van
overstromingsbescherming en risicobeheersing. Naar aanleiding daarvan diende Duitsland op grond
van de "grote ramp"-criteria een aanvraag in voor financiële steun
uit het SFEU, terwijl de aanvragen van Oostenrijk en Tsjechië gebaseerd waren
op de zogeheten "buurland"-clausule. Hongarije vroeg steun aan op
basis van de criteria voor "buitengewone regionale rampen". (1)
Duitsland: De aanvraag
werd ontvangen op 24 juli 2013, binnen de termijn van 10 weken na de
vaststelling van de eerste schade op 18 mei 2013. Grote delen van
Duitsland kregen te maken met extreme hoeveelheden neerslag en het waterpeil
van heel wat rivieren bereikte nieuwe recordhoogten. De overstromingen
bestreken een grotere oppervlakte en waren erger dan die van augustus 2002 en
de vorige recordoverstromingen van juli 1954. In totaal werden twaalf Duitse
deelstaten rechtstreeks getroffen; er waren acht dodelijke slachtoffers en ten
minste 128 mensen raakten gewond. Ruim 100 000 mensen dienden uit de
ondergelopen gebieden te worden geëvacueerd en in totaal werden bijna
600 000 mensen door de ramp getroffen. 32 000 huizen raakten
beschadigd of volledig vernield en er werd melding gemaakt van ernstige schade
aan openbare infrastructuur. De Duitse autoriteiten raamden de totale directe
schade op meer dan 8,153 miljard EUR. Aangezien dit bedrag
aanzienlijk hoger was dan de in 2013 voor Duitsland geldende drempel van
3,679 miljard EUR (3 miljard EUR in prijzen van 2002) voor
de verlening van steun uit het SFEU, werd de ramp als "grote natuurramp"
aangemerkt. Op 3 oktober 2013 heeft de Commissie voorgesteld financiële
steun te verlenen voor een bedrag van 360,454 miljoen EUR. De
bijbehorende gewijzigde begroting (die ook de hieronder beschreven gevallen van
Oostenrijk en Tsjechië bestreek) is door de Raad en het Europees Parlement op
20 november 2013 goedgekeurd, maar hield in dat een groot deel van de
noodzakelijke kredieten pas in 2014 beschikbaar zou komen. Dienovereenkomstig
is de bijdrage uit het SFEU uitbetaald op 19 maart 2014, na sluiting van
de uitvoeringsovereenkomst tussen de Commissie en Duitsland. (2)
Oostenrijk: De aanvraag
werd door de Commissie ontvangen op 6 augustus 2013, binnen de termijn van
10 weken na de vaststelling van de eerste schade op 30 mei 2013. De
overstromingen troffen zeven van de negen Oostenrijkse deelstaten, en in het
bijzonder Vorarlberg, Tirol, Salzburg, Neder-Oostenrijk en Opper-Oostenrijk,
met een bevolking van ongeveer 4,6 miljoen. De waterstanden in sommige
rivierbekkens (Saalach, Salzach, Inn en boven-Donau) waren de hoogste in
vijfhonderd jaar. Dit leidde tot wijdverbreide schade aan de infrastructuur, in
het bijzonder aan de infrastructurele overstromingsbescherming langs de
rivieren, in de transportsector en in de water-/afvalwatersector. Particuliere
woningen en eigendommen werden beschadigd of vernield, en oogsten mislukten
doordat 22 000 hectare landbouwgrond blank stond. Ruim
300 bedrijven leden directe schade, onder andere in de zo belangrijke
toeristische sector. De totale directe schade werd geraamd op
866,462 miljoen EUR, ofwel 48 % van de drempel van
1,798 miljard EUR (d.w.z. 0,6 % van het Oostenrijkse bni) voor
steunverlening bij een grote ramp, waardoor de ramp niet als "grote
ramp" kon worden aangemerkt. Aangezien de grote ramp in Duitsland door
dezelfde weersomstandigheden was veroorzaakt, werd de Oostenrijkse aanvraag
aanvaard op basis van de "buurland"-clausule van de verordening. De
Commissie heeft op 3 oktober 2013 besloten voor te stellen om Oostenrijk
financiële steun te verlenen voor een bedrag van 21,662 miljoen EUR.
De financiële bijdrage uit het fonds is op 14 februari 2014 uitbetaald. (3)
Tsjechië: De aanvraag
werd door de Commissie ontvangen op 8 augustus 2013, binnen de termijn van
10 weken na de vaststelling van de eerste schade op 2 juni 2013.
Hevige stortregens veroorzaakten overstromingen die zich gemiddeld maar eens in
de vijftig jaar voordoen, vooral in de stroombekkens van de rivieren Berounka,
Vltava en Labe, en die met name de regio's Zuid-Bohemen, Plzeň, Midden-Bohemen,
Hradec Králové, Liberec, Ústí en de stad Praag troffen, samen ongeveer
54 % van het Tsjechische grondgebied; de overstromingen hadden
rechtstreeks gevolgen voor ruim een derde van de Tsjechische bevolking. Er
vielen 15 dodelijke slachtoffers te betreuren en 23 000 mensen
dienden te worden geëvacueerd. De overstromingen zorgden voor schade aan of
vernieling van in het bijzonder de transportinfrastructuur (spoorwegen, wegen,
bruggen enz.), telecommunicatienetwerken, watervoorzienings- en afvalwatersystemen,
en elektriciteits- en gasnetwerken. Ruim 7 000 particuliere woningen
werden beschadigd. Ook de gezondheidszorg en de sociale dienstverlening, het
bedrijfsleven en de land- en bosbouwsector leden grote schade. De totale directe schade werd op
637,131 miljoen EUR geraamd. Dit bedrag kwam neer op 73 % van de
drempel van 871,618 miljoen EUR (d.w.z. 0,6 % van het
Tsjechische bni), waardoor de ramp niet als "grote ramp" kon worden
aangemerkt. Zoals in het geval van Oostenrijk waren ook de overstromingen in
Tsjechië echter terug te voeren op dezelfde weersomstandigheden die de grote
ramp in Duitsland hadden veroorzaakt. Voor de aanvraag werd dus een beroep
gedaan op de zogeheten "buurland"-clausule. De Commissie heeft op
3 oktober 2013 besloten financiële steun ten belope van
15,928 miljoen EUR voor Tsjechië voor te stellen. Nadat de
bijbehorende gewijzigde begroting door de Raad en het Europees Parlement was
goedgekeurd en de uitvoeringsovereenkomst tussen de Commissie en Tsjechië was
gesloten, is de bijdrage uit het SFEU op 19 maart 2014 uitbetaald. (4)
Hongarije: De extreme
hoogwatergolf in de Donau en zijn zijrivieren stroomopwaarts in Duitsland en
Oostenrijk bereikte Hongarije op 4 juni en hield aan tot en met
14 juni 2013. Het zwaarst getroffen werden de streek rond Boedapest in
Midden-Hongarije en Boedapest zelf, waar de infrastructuur, in het bijzonder in
de transportsector, de watervoorzienings- en afvalwatersystemen, de
gezondheidszorg- en onderwijsvoorzieningen, de telecommunicatienetwerken,
particuliere woningen en bedrijven schade opliepen. Zo'n
2 500 hectare landbouwland kwam onder water te staan, met
oogstverliezen als gevolg. Schade op grotere schaal kon echter worden vermeden
dankzij uiterst krachtige noodmaatregelen. De aanvraag van Hongarije werd door
de Commissie ontvangen op 13 augustus 2013, binnen de termijn van
10 weken na de vaststelling van de eerste schade op 4 juni 2013. Hongarije raamde de totale directe schade op
27,951 miljoen EUR. Dit bedrag kwam neer op minder dan 5 % van
de drempel van 569,258 miljoen EUR (d.w.z. 0,6 % van het bni van
Hongarije) voor steun uit het SFEU bij een grote ramp, zodat de ramp geenszins
als "grote ramp" kon worden aangemerkt. Het
"buurland"-criterium kon niet worden toegepast omdat geen van de
buurlanden van Hongarije met een grote overstromingsramp te kampen had gehad.
Voor de aanvraag werd daarom een beroep gedaan op de criteria voor zogeheten
"buitengewone regionale rampen". In het kader van haar beoordeling
concludeerde de Commissie echter dat de aanvraag van Hongarije niet voldeed aan
de uitzonderingscriteria voor een regionale ramp, zoals vastgelegd in de
verordening, aangezien geen bewijs was geleverd van ernstige en blijvende
gevolgen voor de levensomstandigheden van de bevolking en de economische
stabiliteit van de getroffen regio. Daarom heeft de Commissie op 3 oktober
2013 besloten de aanvraag af te wijzen, omdat het hoogwater niet kon worden
geacht een "buitengewone ramp" in de zin van de verordening te zijn.
De Hongaarse autoriteiten zijn daarvan in kennis gesteld. Overstromingen en aardverschuivingen op
Madeira (Portugal) Op 4 en 5 november 2012 veroorzaakte ongewoon
zware regenval in delen van de autonome regio Madeira in Portugal
aardverschuivingen en overstromingen, met schade aan openbare infrastructuur,
particuliere eigendommen en in de landbouw tot gevolg. Bijgevolg diende
Portugal een aanvraag in voor financiële steun uit het SFEU, die door de
Commissie werd ontvangen op 14 januari 2013, binnen de termijn van
10 weken. Portugal maakte
melding van totale directe schade van 25,7 miljoen EUR, ofwel slechts
2,5 % van de drempel van 987,376 miljoen EUR (d.w.z. 0,6 %
van het bni) bij een grote ramp. Voor de aanvraag werd daarom een beroep gedaan
op de criteria voor zogeheten "buitengewone regionale rampen". Gelet
op de beperkte gevolgen van de ramp voor de bevolking en de economische
stabiliteit van Madeira en ondanks de status van Madeira als ultraperifeer
gebied concludeerde de Commissie dat de aanvraag niet voldeed aan de in de
verordening vastgelegde uitzonderingscriteria voor een regionale ramp. De
Commissie heeft op 22 april 2013 besloten de aanvraag af te wijzen, omdat
de ramp niet kon worden geacht een "buitengewone ramp" in de zin van
de verordening te zijn. De Portugese autoriteiten zijn daarvan in kennis
gesteld. Indien
een financiële bijdrage uit het fonds is vrijgemaakt, moet het volledige bedrag
daarvan worden gebruikt binnen 12 maanden na de datum waarop de Commissie
het bedrag heeft uitbetaald. De financiële bijdrage mag enkel worden gebruikt
voor noodacties inzake eerste levensbehoeften en herstel als bedoeld in
artikel 3 van de verordening.
4.
Financiering
In 2013 keurde de begrotingsautoriteit financiële
bijdragen uit het fonds goed voor zeven aanvragen die in 2012 en 2013
werden ontvangen. Het bijbehorende voorontwerp van gewijzigde
begroting nr. 5 voor het jaar 2013 voor de in 2013 van Slovenië,
Oostenrijk en Kroatië ontvangen aanvragen (overstromingen in oktober/november
2012) werd op 11 september 2013 afgerond[2].
Na goedkeuring van de steunverleningsbesluiten en sluiting van de
uitvoeringsovereenkomsten vonden de betalingen aan Slovenië en Oostenrijk
plaats op 19 november 2013. Voor Kroatië gebeurde de betaling op
15 januari 2014. Het voorontwerp van gewijzigde begroting
nr. 9 voor het jaar 2013 had betrekking op de overstromingen in Duitsland,
Oostenrijk en Tsjechië in mei/juni 2013 alsmede op de aanvraag van Roemenië in
verband met de droogte en de branden in 2012[3].
Een bedrag van 150 miljoen EUR aan betalingskredieten (op een totaal
van 400,5 miljoen EUR) werd pas in 2014 beschikbaar gesteld. In alle
vier gevallen geschiedden de betalingen na de overdracht van de
begrotingskredieten naar 2014. Financiële bijdrage uit het Solidariteitsfonds – begroting goedgekeurd in 2013 Begunstigde staat || Ramp || Categorie || Bedrag (EUR) Slovenië || Overstromingen 2012 || Groot || 14 081 355 Oostenrijk || Overstromingen 2012 || Buurland || 240 000 Kroatië || Overstromingen 2012 || Buurland || 286 587 Duitsland || Overstromingen 2013 || Groot || 360 453 575 Oostenrijk || Overstromingen 2013 || Buurland || 21 661 550 Tsjechië || Overstromingen 2013 || Buurland || 15 928 275 Roemenië || Droogte en branden 2012 || Groot || 2 475 689 TOTAAL || 415 127 031
5.
Monitoring
In de loop van 2013
bracht de Commissie monitoringbezoeken aan drie begunstigde landen om de opgezette
uitvoeringssystemen te bespreken en op specifieke vragen van de uitvoerende
autoriteiten te antwoorden: –
aan Lorca (Spanje) op 5 februari 2013
in verband met de financiële bijdrage van 21,071 miljoen EUR die is
verstrekt na de aardbeving die de stad Lorca op 11 mei 2011 trof; –
aan Genua (Italië) op 23 april 2013 in
verband met de financiële bijdrage van 18,062 miljoen EUR die is
verstrekt na de overstromingen in Ligurië en Toscane in 2011; –
aan Bologna (Italië) op 5 juni 2013 in
verband met de financiële bijdrage van 670,192 miljoen EUR die is
verstrekt na de verwoestende aardbeving die Emilia-Romagna, Lombardije en
Veneto op 20 mei 2012 trof. Alle drie bezoeken
verschaften redelijke zekerheid dat de bevoegde autoriteiten de uitvoering en
de controles op een transparante en correcte manier uitvoerden, met
inachtneming van de voorschriften van de verordening, het respectieve
steunverleningsbesluit en de respectieve uitvoeringsovereenkomst. Na ontvangst
van de definitieve verslagen zal de Commissie verdere onderzoeken verrichten en
voor zover nodig passende maatregelen nemen.
6.
Afsluitingen
Artikel 8, lid 2, van de verordening
bepaalt dat de begunstigde staat uiterlijk zes maanden na afloop van de termijn
van één jaar na de datum van uitbetaling van de financiële bijdrage een verslag
over de uitvoering van de financiële bijdrage ("uitvoeringsverslag")
moet indienen, samen met een verklaring waarin de uitgaven worden verantwoord
("validiteitsverklaring"). Aan het einde van deze procedure sluit de
Commissie de steun van het fonds af. Dienovereenkomstig zijn in 2013 vier dossiers
afgesloten: (1)
Duitsland, storm Kyrill uit 2007: de financiële bijdrage uit het fonds beliep
166,91 miljoen EUR. Duitsland diende op 9 juli 2009 zijn
uitvoeringsverslag in, met inbegrip van 15 validiteitsverklaringen die
waren opgesteld door de door de storm getroffen Duitse deelstaten. Voor de
audit door de Commissie was nadere informatie van de Duitse autoriteiten
vereist, die in mei 2012 werd verstrekt. Duitsland verklaarde dat een bedrag
van 9 778,59 EUR in een later stadium door een derde was gedekt.
Volgens de verordening moeten door een derde gedekte bedragen aan de Commissie
worden terugbetaald. Dit bedrag werd in april 2013 door de Commissie
teruggevorderd en het dossier werd in mei 2013 afgesloten. (2)
Frankrijk, storm Klaus uit 2009: de financiële bijdrage uit het fonds beliep
109,38 miljoen EUR. Het uitvoeringsverslag van Frankrijk werd op
31 augustus 2011 ontvangen. Naar aanleiding van een interne audit door de
Franse autoriteiten werd een uitgavenbedrag van 1,105 miljoen EUR als
niet voor steun in aanmerking komend aangemerkt. Dit bedrag werd later
gecorrigeerd naar 1,066 miljoen EUR. Bovendien bleek uit de
beoordeling van de Commissie dat Frankrijk om nadere informatie over de validiteitsverklaring
moest worden verzocht. In augustus 2013 heeft het directoraat-generaal
Begroting van de Commissie de procedure in gang gezet om het bedrag van
1,066 miljoen EUR te verrekenen met een betaling aan Frankrijk uit
het Europees Fonds voor regionale ontwikkeling. Frankrijk maakte geen bezwaar
en het bedrag werd op 21 augustus 2013 verrekend. Het dossier werd
afgesloten. (3)
Griekenland, overstromingen in Evros in 2006: de financiële bijdrage uit het fonds beliep
9,31 miljoen EUR. Het uitvoeringsverslag van Griekenland werd in
juli 2009 door de Commissie ontvangen. Griekenland moest in april 2010 en
juni 2012 om aanvullende informatie worden verzocht. Griekenland stuurde zijn
definitieve antwoorden in april 2013, waarmee alle openstaande kwesties betreffende
de validiteitsverklaring konden worden opgelost. Het dossier werd in november
2013 afgesloten. (4)
Italië, aardbeving in de Abruzzen in 2009: de financiële bijdrage uit het fonds beliep
493,77 miljoen EUR. Het uitvoeringsverslag werd in januari 2011 door
de Commissie ontvangen. Italië gaf voor steun in aanmerking komende uitgaven
ten belope van 919,98 miljoen EUR op, 426,12 miljoen EUR
meer dan de bijdrage uit het SFEU. Gezien de omvang van de financiële bijdrage
verrichtte de Commissie een audit en voerde de Europese Rekenkamer daarnaast
een prestatieaudit uit. Het eindverslag van de prestatieaudit door de Europese
Rekenkamer werd in februari 2013 gepubliceerd (Speciaal verslag
nr. 24/2012). Het definitieve auditverslag van de Commissie werd in
mei 2013 aan Italië gezonden. Naar aanleiding van de audit van de
Commissie kwamen niet voor steun in aanmerking komende uitgaven aan het licht.
Italië kon op rechtmatige wijze de onregelmatige uitgaven van de gedeclareerde
uitgaven uitsluiten en nog steeds een voldoende groot bedrag aan regelmatige
uitgaven verantwoorden ter dekking van de totale financiële bijdrage uit het
SFEU. Bijgevolg hadden de bevindingen geen financiële gevolgen voor de
begroting van de EU en behoefden geen EU-middelen te worden teruggevorderd. Het
dossier werd op 27 november 2013 afgesloten. In 2013 ontving de Commissie tevens negen nieuwe
uitvoeringsverslagen voor gevallen die verband hielden met de overstromingen
van 2010: van Slowakije, Polen, Tsjechië, Hongarije, Kroatië, Roemenië en Slovenië.
De verslagen van Kroatië en Tsjechië hadden betrekking op rampen die zich in
het voor- en najaar van 2010 hadden voltrokken. Daarnaast ontving de Commissie
een verslag van Italië in verband met de overstromingen in Veneto in 2011. Aan
het eind van de periode waarop dit jaarverslag betrekking heeft, was de
beoordeling van deze uitvoeringsverslagen nog niet afgerond.
7.
Voorstel tot wijziging van
Verordening (EG) nr. 2012/2002 van de Raad tot oprichting van het
Solidariteitsfonds van de Europese Unie, en conclusies
Zoals in de voorgaande jaren
hield slechts een klein deel van de ontvangen steunaanvragen verband met grote
rampen (twee van de in totaal acht gevallen), terwijl de overige zes aanvragen
betrekking hadden op buitengewone regionale rampen of waren gebaseerd op de
"buurland"-uitzonderingsclausule. Net als in de voorgaande jaren
bleek de beoordeling of de aanvragen in verband met regionale rampen voldoen
aan de uitzonderingscriteria van de verordening, moeilijk en tijdrovend te
zijn. In het algemeen bevestigde de uitvoering van het
Solidariteitsfonds in 2013, net zoals de in de voorgaande jaren opgedane
ervaring had geleerd, het standpunt van de Commissie dat de werking van het
fonds, met name het reactievermogen, aanzienlijk zou kunnen worden verbeterd
door aanpassing van een beperkt aantal bepalingen van de verordening, waarbij
de opzet en het karakter van het fonds behouden blijven en niet wordt geraakt
aan financiële kwesties en het toegestane bestedingsvolume. Derhalve diende de Commissie medio 2013 op basis
van haar mededeling "De toekomst van het Solidariteitsfonds van de
Europese Unie" van 2011[4] een wetgevingsvoorstel tot wijziging van de verordening[5] in. In dit voorstel waren in het bijzonder elementen opgenomen om het
reactievermogen van het fonds te vergroten en het, met duidelijkere criteria om
uit te maken wie voor steun in aanmerking komt, gemakkelijker te maken een
beroep op het fonds te doen, om de bestaande regels te vereenvoudigen zodat de
steun sneller dan voorheen kan worden uitbetaald, om de mogelijkheid in te
voeren om een voorschot te betalen, om duidelijker aan te geven wie en wat voor
steun in aanmerking zal komen, vooral bij regionale rampen, en om de aandacht
te richten op strategieën voor rampenpreventie en risicobeheer voor de
lidstaten, met inbegrip van de volledige uitvoering van de desbetreffende
Uniewetgeving inzake rampenpreventie en ‑beheer en benutting van
beschikbare Uniemiddelen voor relevante investeringen. De beraadslagingen over het voorstel begonnen eind
november in het Europees Parlement en in december in de Raad onder Litouws
voorzitterschap. De onderhandelingen werden afgesloten onder Grieks
voorzitterschap in 2014. Verordening (EU) nr. 661/2014 van het Europees
Parlement en de Raad van 15 mei 2014 tot wijziging van Verordening (EG)
nr. 2012/2002 van de Raad tot oprichting van het Solidariteitsfonds van de
Europese Unie is op 28 juni 2014 in werking getreden. De resultaten zullen
worden gepresenteerd in het jaarverslag 2014. [1] Voorstel voor een
verordening van het Europees Parlement en de Raad tot wijziging van Verordening
(EG) nr. 2012/2002 van de Raad tot oprichting van het Solidariteitsfonds
van de Europese Unie (COM(2013) 522 final van 25 juli 2013). [2] De gewijzigde begroting (GB) nr. 5 voor het jaar
2013 heeft betrekking op de beschikbaarstelling uit het Solidariteitsfonds van
de EU van 14 607 942 EUR aan vastleggings- en betalingskredieten
in verband met overstromingen in Slovenië, Kroatië en Oostenrijk in de herfst
van 2012 (PB L 327 van 6.12.2013). [3] De gewijzigde begroting (GB) nr. 9 voor het jaar
2013 heeft betrekking op de beschikbaarstelling uit het Solidariteitsfonds van
de EU van 400,5 miljoen EUR aan vastleggingskredieten en
250 miljoen EUR aan betalingskredieten. Voorgesteld door de Commissie
op 3 oktober 2013 (COM(2013) 691), gewijzigd door de Raad op
30 oktober 2013 en goedgekeurd door het Europees Parlement op
20 november 2013. (PB L 49 van 19.2.2014). [4] COM(2011) 613 definitief. [5] COM(2013) 522. Bijlage I: EU-Solidariteitsfonds - In 2013
geldende drempels voor grote rampen
(gebaseerd
op de gegevens van Eurostat uit 2011 voor het bruto nationaal inkomen) Voor de
beschikbaarstelling van middelen uit het Solidariteitsfonds gelden
landenspecifieke drempels die worden gedefinieerd als totale directe schade die
meer bedraagt dan 0,6 % van het bni of 3 miljard EUR, in prijzen
van 2002 op basis van geharmoniseerde Eurostat-gegevens. Het laagste bedrag van
de twee geldt. (miljoen
EUR) || Land || bni 2011*1) || 0,6% van bni* || Drempel grote ramp 2013* AT || ÖSTERREICH || 299 685 || 1 798,112 || 1 798,112 BE || BELGIË/BELGIQUE || 373 893 || 2 243,358 || 2 243,358 BG || BULGARIA || 37 475 || 224,850 || 224,850 CY || KYPROS || 17 932 || 107,591 || 107,591 CZ || ČESKÁ REPUBLIKA || 145 270 || 871,618 || 871,618 DE || DEUTSCHLAND || 2 640 910 || 15 845,460 || 3 678,755** DK || DANMARK || 246 267 || 1 477,602 || 1 477,602 EE || EESTI || 15 120 || 90,719 || 90,719 EL || ELLADA || 202 482 || 1 214,894 || 1 214,894 ES || ESPAÑA || 1 041 900 || 6 251,400 || 3 678,755** FI || SUOMI/FINLAND || 190 393 || 1 142,358 || 1 142,358 FR || FRANCE || 2 034 214 || 12 205,284 || 3 678,755** HR || HRVATSKA || 43 301 || 259,805 || 259,805 HU || MAGYARORSZÁG || 94 876 || 569,258 || 569,258 IE || ÉIRE/IRELAND || 128 301 || 769,804 || 769,804 IS || ICELAND || 8 566 || 51,396 || 51,396 IT || ITALIA || 1 567 632 || 9 405,793 || 3 678,755** LT || LIETUVA || 29 666 || 177,998 || 177,998 LU || LUXEMBOURG (G.D.) || 30 773 || 184,639 || 184,639 LV || LATVIJA || 20 319 || 121,912 || 121,912 ME || MONTENEGRO 2) || 3 234 || 19 405 || 19 405 MT || MALTA || 6 136 || 36,813 || 36,813 NL || NEDERLAND || 607 180 || 3 643,080 || 3 643,080 PL || POLSKA || 354 282 || 2 125,691 || 2 125,691 PT || PORTUGAL || 164 563 || 987,376 || 987,376 RO || ROMÂNIA || 129 607 || 777,644 || 777,644 SE || SVERIGE || 397 634 || 2 385,806 || 2 385,806 SI || SLOVENIJA || 35 670 || 214,021 || 214,021 SK || SLOVENSKO || 67 587 || 405,524 || 405,524 TR || TÜRKIYE || 416 062 || 2 496,370 || 2 496,370 UK || UNITED KINGDOM || 1 773 819 || 10 642,914 || 3 678,755** *
Afgeronde bedragen. **
~ 3 miljard EUR in prijzen van 2002. 1
Bron: Eurostat 2
Bron: Bni-cijfers voor Montenegro niet beschikbaar; in plaats daarvan worden de
bbp-cijfers gebaseerd op de Ameco-gegevensbank (jaarlijkse macro-economische
gegevensbank van het directoraat-generaal Economische en Financiële Zaken (DG
ECFIN) van de Europese Commissie) gebruikt. Bijlage II: EU-Solidariteitsfonds – Nog in
behandeling zijnde aanvragen uit 2012 en nieuwe aanvragen ontvangen in 2013 Jaar || 2012 || 2013 Aanvragend land || RO || SI || HR || AT || PT || DE || AT || CZ || HU Naam en aard van ramp || Droogte en branden 2012 || Overstro-mingen 2012 || Overstro-mingen 2012 || Overstro-mingen Lavamünd 2012 || Stortvloeden Madeira 2012 || Overstro-mingen 2013 || Overstro-mingen 2013 || Overstro-mingen 2013 || Overstro-mingen 2013 Datum eerste schade || 25.8.2012 || 28.10.2012 || 26.10.2012 || 5.11.2012 || 5.11.2012 || 18.5.2013 || 30.5.2013 || 2.6.2013 || 4.6.2013 Termijn voor indiening aanvraag || 3.11.2012 || 6.1.2013 || 4.1.2013 || 14.1.2013 || 14.1.2013 || 27.7.2013 || 8.8.2013 || 11.8.2013 || 13.8.2013 Datum aanvraag (ontvangst door de Commissie) || 2.11.2012 || 2.1.2013 || 3.1.2013 || 11.1.2013 || 14.1.2013 || 24.7.2013 || 6.8.2013 || 8.8.2013 || 13.8.2013 Volledige informatie beschikbaar op || 30.5.2013 || ~ || ~ || 28.2.2013 || ~ || ~ || 28.2.2013 || ~ || ~ Drempel grote ramp (miljoen EUR) || 735,487 || 214,021 || 259,805 || 1 798,112 || 987,376 || 3 678,755 || 1 798,112 || 871,618 || 569,258 Door Commissie aanvaarde totale directe schade (miljoen EUR) || 806,72 || 359,535 || 11,463 || 9,600 || 25,700 || 8 153,500 || 866,462 || 637,131 || 27,951 Categorie || groot || groot || buurland || buurland || regionaal || groot || buurland || buurland || regionaal Schade/drempel || 109,69 % || 167,99 % || 4,41 % || 0,53 % || 2,60 % || 221,64 % || 48,19 % || 73,10 % || 4,91 % Kosten van voor steun in aanmerking komende concrete acties (miljoen EUR) || 2,476 || 249,608 || 4,489 || 1,600 || 19,815 || 3 289,400 || 350,334 || 416,368 || 19,070 In aanmerking komende kosten/totale schade || 0,31 % || 69,43 % || 39,16 % || 16,67 % || 77,10 % || 40,34 % || 40,43 % || 65,35 % || 68,23 % Steun/in aanmerking komende kosten || 100 % || 5,64 % || 6,38 % || 15,00 % || ~ || 10,96 % || 6,18 % || 3,83 % || ~ Steunpercentage (% van totale schade) || 0,31 % || 3,92 % || 2,50 % || 2,50 % || ~ || 4,42 % || 2,50 % || 2,50 % || ~ Datum besluit steunverlening || 9.12.2013 || 4.10.2013 || 3.10.2013 || 4.10.2013 || afgewezen || 9.12.2013 || 9.12.2013 || 9.12.2013 || afgewezen Datum uitvoeringsovereen-komst (goedgekeurd) || 30.1.2014 || 15.10.2013 || 15.10.2013 || 15.10.2013 || ~ || 7.2.2014 || 22.1.2014 || 15.1.2014 || ~ Verleende steun (EUR) || 2 475 689 || 14 081 355 || 286 587 || 240 000 || ~ || 360 453 575 || 21 661 550 || 15 928 275 || ~ Bijlage
III: Aanvragen voor steun uit EU-Solidariteitsfonds sinds 2002
Jaar || Land || Aard van ramp || Schade (miljoen EUR) || Categorie || Verleende steun (miljoen EUR) || 2 0 0 2 || 1 || AT || Overstromingen || 2 900 || groot || 134 || 2 || CZ || Overstromingen || 2 300 || groot || 129 || 3 || FR || Overstromingen (Le Gard) || 835 || regionaal || 21 || 4 || DE || Overstromingen || 9 100 || groot || 444 || Totale steun voor aanvragen uit 2002 || || || 728 || 2 0 0 3 || 1 || ES || Olielek (Prestige) || 436 || regionaal || 8,626 || 2 || IT || Aardbeving (Molise/Apulië) || 1 558 || regionaal || 30,826 || 3 || IT || Vulkaanuitbarsting (Etna) || 894 || regionaal || 16,798 || 4 || IT || Overstromingen (Noord-Italië) || 1 900 || (groot) || Afgewezen || 5 || GR || Slecht winterweer || (niet duidelijk) || (groot/onduidelijk) || Afgewezen || 6 || PT || Bosbranden || 1 228 || groot || 48,539 || 7 || FR || Bosbranden (Zuid-Frankrijk) || 531 || (regionaal) || Afgewezen || 8 || ES || Bosbranden (Portugese grens) || 53 || buurland || 1,331 || 9 || MT || Overstromingen || 30 || groot || 0,961 || 10 || IT || Overstromingen (Friuli Venezia-Giulia) || (525) || (regionaal) || Afgewezen || Totale steun voor aanvragen uit 2003 || || || 107,081 || 2 0 0 4 || 1 || FR || Overstromingen (Rhônedelta) || 785 || regionaal || 19,625 || 2 || ES || Overstromingen (Malaga) || (73) || (regionaal) || Afgewezen || 3-9 || ES || Bosbranden (7 aanvragen) || (480) || (regionaal) || Alle 7 afgewezen || 10 || SK || Overstromingen || (29) || (regionaal) || Afgewezen || 11 || SI || Aardbeving || (13) || (regionaal) || Ingetrokken || Totale steun voor aanvragen uit 2004 || || || 19,625 || 2 0 0 5 || 1 || SK || Storm (Tatras-gebergte) || 203 || groot || 5,668 || 2 || IT || Overstromingen (Sardinië) || (223, te hoog geraamd) || (regionaal) || Afgewezen || 3 || EE || Storm || 48 || groot || 1,29 || 4 || LV || Storm || 193 || groot || 9,487 || 5 || SE || Storm "Gudrun" || 2 297 || groot || 81,725 || 6 || LT || Storm || 15 || buurland || 0,379 || 7 || GR || Overstromingen Evros || (112) || (regionaal) || Afgewezen || 8 || RO || Voorjaarsoverstromingen || 489 || groot || 18,798 || 9 || BG || Voorjaarsoverstromingen || 222 || groot || 9,722 || 10 || BG || Zomeroverstromingen || 237 || groot || 10,632 || 11 || RO || Zomeroverstromingen || 1 050 || groot || 52,4 || 12 || AT || Overstromingen (Tirol/Vorarlberg) || 592 || regionaal || 14,799 || Totale steun voor aanvragen uit 2005 || || || 204,905 || Jaar || Land || Aard van ramp || Schade (miljoen EUR) || Categorie || Verleende steun (miljoen EUR) 2 0 0 6 || 1 || UK || Explosie olieopslag Buncefield || (700) || (regionaal) || Ingetrokken 2 || GR || Overstromingen Evros || 372 || regionaal || 9,306 3 || HU || Overstromingen || 519 || groot || 15,064 4 || ES || Bosbranden Galicië || (91) || (regionaal) || Afgewezen Totale steun voor aanvragen uit 2006 || || || 24,370 2 0 0 7 || 1 || DE || Storm "Kyrill" || 4750 || groot || 166,9 2 || FR || La Réunion, cycloon "Gamede" || 211 || regionaal || 5,29 3 || ES || Overstromingen El Hierro || (18) || (regionaal) || Afgewezen 4 || ES || Overstromingen La Mancha || (66) || (regionaal) || Afgewezen 5 || UK || Overstromingen || 4 612 || groot || 162,387 6 || CY || Bosbranden || (38) || (regionaal) || Afgewezen 7 || ES || Bosbranden Canarische Eilanden || (144) || (regionaal) || Afgewezen 8-16 || IT || 9 aanvragen voor bosbranden in 9 regio's || - || (regionaal) || Niet ontvankelijk, termijn verstreken 17 || FR || Storm Dean/Martinique || 509 || regionaal || 12,78 18 || GR || Bosbranden || 2 118 || groot || 89,769 19 || SI || Overstromingen || 233 || groot || 8,254 Totale steun voor aanvragen uit 2007 || || || 445,380 2 0 0 8 || 1 || CY || Droogte || 165,4 || groot || 7,605 2 || RO || Overstromingen || 471,4 || regionaal || 11,785 Totale steun voor aanvragen uit 2008 || || || 19,390 || 2 0 0 9 || 1 || FR || Storm Klaus || 3 805,5 || groot || 109,377 || 2 || IT || Aardbeving Abruzzen || 10 212,0 || groot || 493,771 || 3 || GR || Bosbranden || (152,8) || (regionaal) || Afgewezen || 4 || CY || Stormen || (2,6) || (regionaal) || Afgewezen || 5 || GR || Overstromingen Evia || (83,2) || (regionaal) || Afgewezen || 6 || IT || Modderstroom Messina || (598,9) || (regionaal) || Afgewezen || Totale steun voor aanvragen uit 2009 || || || 603,148 || 2 0 1 0 || 1 || IE || Overstromingen 2009 || 520,9 || regionaal || 13,022 || 2 || IT || Overstromingen Toscane || (211,7) || (regionaal) || Afgewezen || 3 || ES || Overstromingen Andalusië || (709,7) || (regionaal) || Afgewezen || 4 || PT || Aardverschuivingen en modderstromen Madeira || 1 080 || groot || 31,256 || 5 || FR || Storm Xynthia || 1 425 || regionaal || 35,636 || 6 || SK || Overstromingen || 649,9 || groot || 20,431 || 7 || PL || Overstromingen || 2 993,7 || groot || 105,567 || 8 || CZ || Overstromingen (voorjaar) || 204,5 || buurland || 5,111 || 9 || HU || Overstromingen || 719,3 || groot || 22,486 || 10 || HR || Overstromingen (voorjaar) || 153,04 || buurland || 3,826 Jaar || Land || Aard van ramp || Schade (miljoen EUR) || Categorie || Verleende steun (miljoen EUR) 2 0 1 0 || 11 || FR || Overstromingen Var || (703-778) || (regionaal) || Afgewezen 12 || RO || Overstromingen || 875,75 || groot || 24,968 13 || CZ || Overstromingen (najaar) || 436,5 || regionaal || 10,912 14 || DE || Overstromingen Saksen || (937,7) || (regionaal) || Afgewezen 15 || HR || Overstromingen (najaar) || 47 || buurland || 1,175 16 || SI || Overstromingen (najaar) || 251,3 || groot || 7,460 17 || HU || Verontreiniging door rode modderstromen || (174,32) || (regionaal) || Afgewezen Totale steun voor aanvragen uit 2010 || || || 281,849 2 0 1 1 || 1 || IT || Overstromingen Veneto 2010 || 676,36 || regionaal || 16,909 2 || ES || Aardbeving Lorca 2011 || 842,84 || regionaal || 21,071 3 || CY || Ontploffing marinebasis 2011 || (357) || (groot/niet-natuurlijk) || Afgewezen 4 || IT || Overstromingen Ligurië en Toscane 2011 || 722,5 || regionaal || 18,062 Totale steun voor aanvragen uit 2011 || || || 56,042 2 0 1 2 || 1 || IT || Extreme weersomstandigheden 2012 || (2 735) || (regionaal) || Afgewezen 2 || IT || Reeks aardbevingen 2012 || 13 274 || groot || 670,192 3 || ES || Bosbranden Valencia 2012 || (155,7) || (regionaal) || Afgewezen 4 || ES || Branden Canarische Eilanden 2012 || (72,2) || (regionaal) || Afgewezen 5 || RO || Droogte en branden 2012 || 806,7 || groot || 2,475 6 || ES || Branden Malaga 2012 || (22,43) || (regionaal) || Ingetrokken 7 || ES || Overstromingen Andalusië, Murcia, Valencia 2012 || (409) || (regionaal) || Afgewezen Totale steun voor aanvragen uit 2012 || || || 672,667 2 0 1 3 || 1 || SI || Overstromingen 2012 || 359,5 || groot || 14,081 2 || HR || Overstromingen 2012 || 11,5 || buurland || 0,287 3 || AT || Overstromingen 2012 || 9,6 || buurland || 0,240 4 || PT || Aardverschuivingen en modderstromen Madeira 2012 || (25,7) || (regionaal) || Afgewezen 5 || DE || Overstromingen 2013 || 8 153,5 || groot || 360,454 6 || AT || Overstromingen 2013 || 866,4 || buurland || 21,662 7 || CZ || Overstromingen 2013 || 637,1 || buurland || 15,928 8 || HU || Overstromingen 2013 || (28) || (regionaal) || Afgewezen Totale steun voor aanvragen uit 2013 || || || 412,652 Totaal-generaal goedgekeurde steun sinds 2002 || 3 575,119 000 miljoen EUR