This document is an excerpt from the EUR-Lex website
Document 52014DC0336
REPORT FROM THE COMMISSION TO THE EUROPEAN PARLIAMENT AND THE COUNCIL Fourth Report on the implementation by Ukraine of the Action Plan on Visa Liberalisation
VERSLAG VAN DE COMMISSIE AAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD Vierde verslag over de tenuitvoerlegging door Oekraïne van het actieplan voor visumliberalisering
VERSLAG VAN DE COMMISSIE AAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD Vierde verslag over de tenuitvoerlegging door Oekraïne van het actieplan voor visumliberalisering
/* COM/2014/0336 final */
VERSLAG VAN DE COMMISSIE AAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD Vierde verslag over de tenuitvoerlegging door Oekraïne van het actieplan voor visumliberalisering /* COM/2014/0336 final */
I. Inleiding Op 29 oktober 2008 zijn de EU en Oekraïne een visumdialoog gestart om
de voorwaarden te onderzoeken waaronder burgers van Oekraïne zonder visum naar
het Schengengebied zouden kunnen reizen. Op 22 november 2010 heeft de Commissie
vervolgens aan Oekraïne het "Actieplan voor visumliberalisering"
gepresenteerd. In dat plan is een reeks precieze benchmarks voor Oekraïne
vastgesteld met betrekking tot vier "blokken" relevante kwesties, met
het oog op de vaststelling van een wetgevings-, beleids- en institutioneel
kader (fase 1) en de doeltreffende en duurzame uitvoering daarvan (fase 2). De Commissie heeft aan het Europees Parlement en de Raad regelmatig
verslag uitgebracht over de uitvoering van het actieplan voor
visumliberalisering. Op 16 september 2011 presenteerde zij het eerste
voortgangsverslag over de uitvoering door Oekraïne. Op 9 februari 2012 volgde
het tweede voortgangsverslag en op 15 november 2013 het derde
voortgangsverslag. In het derde verslag gaf de Commissie een alomvattende en
geconsolideerde beoordeling van de vooruitgang van Oekraïne bij het bereiken
van de benchmarks van de eerste fase, voor de totstandbrenging van het
wetgevings-, beleids- en institutioneel kader. De Commissie oordeelde dat
Oekraïne wezenlijke vooruitgang had geboekt voor alle vier blokken van het
actieplan, maar dat nog aan bepaalde vereisten moest worden voldaan op het
gebied van documentbeveiliging, asiel, bestrijding van corruptie, bestrijding
van discriminatie en gegevensbescherming. De Commissie verbond zich ertoe nauw met de Oekraïense autoriteiten te
blijven samenwerken om de hierboven beschreven resterende kwesties aan te
pakken. De Commissie had bovendien de doelstelling het Europees Parlement en de
Raad op de hoogte te brengen wanneer alle vereiste maatregelen van de eerste
fase van het actieplan zouden zijn aangenomen. Dit verslag van de Commissie is het vierde en laatste voortgangsverslag
over de eerste fase van het actieplan voor visumliberalisering. In het verslag
wordt uiteengezet hoe de resterende benchmarks van de eerste fase zijn
aangepakt. Voorafgaand aan dit verslag, op 26 maart 2014, heeft in Kiev een
bijeenkomst van hoge ambtenaren plaatsgevonden, waarbij de Oekraïense
autoriteiten hebben getoond welke verdere inspanningen zij hebben geleverd voor
de resterende benchmarks. Sindsdien heeft Oekraïne verdere informatie verstrekt
over de wetgeving die is aangenomen tot en met de afsluitdatum 23 mei. Naast de benchmarks van het actieplan worden nog kwesties in verband
met de hervorming van de rechterlijke macht en het openbaar ministerie
gecontroleerd in andere organen, zoals de informele dialoog betreffende de
rechterlijke macht die in februari 2013 van start is gegaan, het
samenwerkingscomité, de samenwerkingsraad, de top EU-Oekraïne en ook in het
kader van de uitvoering van de associatieagenda. De volgende vergadering van
het subcomité justitie, vrijheid en veiligheid is voorlopig gepland voor begin
juli 2014. II. Achtergrond Dit
verslag wordt gepresenteerd op een moment waarop Oekraïne zich in een
uitzonderlijke situatie bevindt. De beslissing om de voorbereiding van de
ondertekening van de associatieovereenkomst en de diepe en brede
vrijhandelsovereenkomst op te schorten, heeft tot massaal burgerprotest geleid,
met als hoogtepunt de benoeming van een nieuwe regering op 27 februari 2014.
Daarna volgde de schending door Russische strijdkrachten van de soevereiniteit
en territoriale integriteit van Oekraïne en de de facto inlijving van de Krim. In de conclusies van de Raad Buitenlandse
Zaken van 20 februari en 3 maart heeft de EU bevestigd dat zij vastberaden is
de intermenselijke contacten tussen de EU en Oekraïne in het kader van het
actieplan, onder overeengekomen voorwaarden, te bevorderen, bijvoorbeeld via
het visumliberaliseringsproces. Het Europees Parlement heeft zelfs opgeroepen
tot de onmiddellijke sluiting van een visumvrijstellingsovereenkomst tussen de
EU en Oekraïne[1].
Het verzocht de Commissie een voorstel in te dienen om Oekraïne op de lijst van
derde landen te plaatsen waarvan de onderdanen zonder visum kunnen reizen. Op 5 maart, voorafgaand aan de buitengewone vergadering van de
EU-staatshoofden en ‑regeringsleiders, heeft de Europese Commissie een
steunpakket voor stabiliteit in Oekraïne gepresenteerd[2]. Daarin heeft zij zich ertoe
verbonden Oekraïne te ondersteunen bij zijn inspanningen om het
visumliberaliseringsproces zo snel mogelijk te doen vorderen, overeenkomstig de
voorwaarden die in het kader van het actieplan voor visumliberalisering zijn
overeengekomen. De Commissie weet dat de vooruitgang afhangt van de mate waarin
de nieuwe autoriteiten de belangrijkste resterende kwesties kunnen aanpakken,
maar heeft verklaard dat zij al het mogelijke zal doen om Oekraïne te helpen
deze kwesties zo spoedig mogelijk aan te pakken. Dit werd bevestigd door de
recent goedgekeurde Europese agenda voor de hervorming van Oekraïne. Daarin
staat dat de EU, in nauwe samenwerking met de lidstaten, de inspanningen zal
opvoeren om Oekraïne naar de tweede fase van het actieplan te leiden en Oekraïne
uitgebreid te steunen op weg naar een visumvrije regeling. III. Beoordeling van maatregelen in het kader van de vier blokken van
het actieplan voor visumliberalisering In
het derde verslag van de Commissie van eind 2013 werd geconcludeerd dat nog aan
een aantal belangrijke vereisten van de eerste fase moest worden voldaan en
werden de resterende kwesties genoemd. De nieuwe Oekraïense regering heeft tot
op heden al deze kwesties systematisch aangepakt, op uitvoerend niveau door het
aannemen van regelgeving of ministeriële besluiten, of op wetgevingsniveau,
wanneer wetswijzigingen of nieuwe wetten nodig waren. Wat
blok 1 (documentbeveiliging) betreft, heeft de Commissie Oekraïne
verzocht in de kaderwet een specifieke verwijzing naar vingerafdrukken op te
nemen en uitvoeringsregelingen aan te nemen om een passend wetgevingskader te
creëren zodat, wanneer dat aan de orde is, biometrische paspoorten kunnen
worden afgegeven. De
regering van Oekraïne heeft naar aanleiding daarvan de nodige
uitvoeringsregelingen[3]
voor de afgifte van biometrische paspoorten opgesteld en aangenomen. De
regering heeft ook een actieplan voor 2014-2017 opgesteld, waarin de
verantwoordelijkheden van de verschillende autoriteiten zijn omschreven. Dat
plan zal weldra worden aangenomen. Voorts legt de regering van Oekraïne
momenteel de laatste hand aan haar voorstel tot wijziging van de kaderwet
inzake registratie (wet inzake het unieke bevolkingsregister en
identiteitsdocumenten) waarmee vingerafdrukken een verplicht biometrisch kenmerk
worden. Wat blok 2 (migratiebeheersing en asiel) betreft, heeft de
Commissie verzocht de asielwet te wijzigen, in het bijzonder om aanvullende
bescherming en tijdelijke bescherming ruimer te definiëren en gratis medische
zorg voor asielzoekers te garanderen. De regering van Oekraïne is de Commissie op dit gebied gevolgd. Op 13
mei heeft het Oekraïense parlement, de Verchovna Rada, de vereiste wijzigingen
van de asielwet met betrekking tot de reikwijdte van aanvullende en tijdelijke
bescherming aangenomen. Voorts werden nog aanvullende wijzigingen voorgesteld
en reeds door het parlement goedgekeurd om werkvergunningen gratis te maken en
zo asielzoekers gemakkelijker toegang te geven tot arbeid. Met betrekking tot
medische zorg is regelgeving aangenomen die moet garanderen dat in dergelijke
zorg wordt voorzien. De
wetgeving is nu grotendeels voorhanden, maar bij de uitvoering zullen grotere
inspanningen nodig zijn om een efficiënt asielstelsel te garanderen, in het
bijzonder met betrekking tot de asielprocedure en de integratie van erkende
vluchtelingen. Wat de vereiste benchmarks van blok 3 betreft, werd in het derde
verslag van de Commissie benadrukt dat een aantal kwesties met betrekking tot
het voorkomen en bestrijden van corruptie dringend moest worden aangepakt. Het
ging onder meer om het versterken van de regels inzake overheidsopdrachten, het
verduidelijken van de regels inzake uitzonderingen en transparantie, het
garanderen van openbaarmaking van vermogens en van onafhankelijke controles op
vermogensverklaringen, het aanvullen van de regels inzake corruptie in de
particuliere sector en het bevorderen van het systeem voor het opheffen van
immuniteit. Naar
aanleiding daarvan heeft de regering een pakket wijzigingen voorbereid, dat
door het parlement op 13 mei is aangenomen. Met betrekking tot
vermogensverklaringen is met deze wijzigingen gezorgd voor de invoering van een
extern controlemechanisme, de strafbaarstelling van alle aspecten van (actieve
en passieve) omkoping, meer regels inzake corruptie in de particuliere sector
met betrekking tot rechtspersonen en strengere sancties. Voorts worden
klokkenluiders nu beter beschermd. Met betrekking tot overheidsopdrachten werd
een afzonderlijke uitgebreide wet aangenomen, die transparantieregels, de gunning
van overheidsopdrachten en de reikwijdte van aanbestedende diensten bestrijkt. Een
andere resterende kwestie, de hervorming van de regels inzake het opheffen van
de immuniteit van leden van het parlement, houdt verband met constitutionele
bepalingen en zal derhalve worden aangepakt in het kader van een lopende
constitutionele hervorming. Tijdens de uitvoeringsfase zal er nauw op moeten worden toegezien dat
er een passend institutioneel kader is. Er moet onder meer worden voorzien in
een authentiek, goed en onafhankelijk overzicht en een coherente uitvoering van
de regels die door de talrijke ingrijpende veranderingen van de afgelopen jaren
tot stand zijn gebracht. Wat gegevensbescherming betreft, heeft de Europese Commissie Oekraïne
verzocht zijn wetgevings- en beleidskader af te ronden. Naar aanleiding daarvan
heeft de regering van Oekraïne zowel de wet inzake gegevensbescherming als de
wet inzake de ombudsman gewijzigd, meer bepaald om er het concept
"instemming van de persoon waarop de persoonsgegevens betrekking
hebben" in op te nemen, en de ombudsman ook bevoegd te maken voor de
particuliere sector. De wijzigingen zijn op 13 mei door het parlement
aangenomen. Wat de resterende kwesties van blok 4 betreft, had de Commissie
in haar derde verslag Oekraïne verzocht het wetgevingskader voor de bestrijding
van discriminatie te bevorderen door onder meer te voorzien in passende
juridische bescherming tegen discriminatie op alle gronden, overeenkomstig de
Europese en internationale normen. Concreet werd het volgende beoogd: de antidiscriminatiewet wijzigen om
ook bescherming tegen discriminatie op grond van seksuele geaardheid te
garanderen, en voorzien in sterkere procedurele waarborgen door bepalingen vast
te stellen over omkering van de bewijslast, verduidelijken dat de particuliere
sector ook tot het toepassingsgebied behoort, ervoor zorgen dat alle aspecten
van arbeidsrechten gedekt zijn, de bepalingen over redelijke voorzieningen voor
mensen met een handicap verduidelijken, de rechten van slachtoffers verduidelijken,
met bijzondere aandacht voor compensatiemechanismen, en de ombudsman ook
bevoegd maken voor de particuliere sector. De regering heeft
naar aanleiding daarvan wijzigingen van de antidiscriminatiewet voorgesteld,
die op 20 mei door het parlement zijn goedgekeurd. De wijzigingen hebben
betrekking op belangrijke kwesties die door de Commissie waren aangekaart en
introduceren ook een aantal nieuwe aspecten. Zo zijn bepalingen vastgesteld
inzake omkering van de bewijslast in procedures voor de rechter, maar niet in
procedures voor de ombudsman, en is de bevoegdheid van de ombudsman uitgebreid
naar de particuliere sector. Ook is het concept "redelijke
voorzieningen" geïntroduceerd. Wat de reikwijdte betreft, is geen
uitdrukkelijke verwijzing naar seksuele geaardheid als verboden grond van
discriminatie opgenomen. Hoewel er bepalingen werden vastgesteld met betrekking
tot het recht beroep in te stellen bij de nationale rechter, verzoeken om
schadevergoeding en de persoonlijke aansprakelijkheid van daders, alsook met
betrekking tot burgerlijke, administratieve en strafrechtelijke
aansprakelijkheid, is nog niet duidelijk in welke sancties en compensaties de
wetgeving voorziet voor gevallen van discriminatie. Wat de bescherming
tegen discriminatie op grond van seksuele geaardheid betreft, heeft de regering
de hoogste rechter[4]
om uitlegging van de relevante bepalingen verzocht, ter bevestiging dat het
verboden is om op die grond te discrimineren. De hoogste rechter heeft op 7 mei
uitdrukkelijk bevestigd dat seksuele geaardheid in de huidige wetgeving
impliciet wordt beschouwd als een verboden grond voor discriminatie. De
regering heeft veel ruchtbaarheid gegeven aan het standpunt van de rechter: het
werd niet alleen gepubliceerd op de website van het parlement en in het
officiële staatsblad van Oekraïne, maar ook in een van de meest gelezen kranten
in Oekraïne. Voorts heeft de regering van Oekraïne er zich duidelijk toe
verbonden in het kader van de aanstaande hervorming van de arbeidswetgeving
discriminatie op grond van seksuele geaardheid uitdrukkelijk te verbieden.
De antidiscriminatiewetgeving werd bevorderd om te voorzien in de
noodzakelijke rechtsgrondslag voor de uitvoering van de benchmarks op het
gebied van de bestrijding van discriminatie. Toch zullen tijdens de
uitvoeringsfase nog aanvullende juridische waarborgen moeten worden geboden die
ervoor zorgen dat de bescherming tegen discriminatie op alle gronden alsook de
procedurele waarborgen voldoende en doeltreffend worden gegarandeerd en iedere afwijking
wordt toegepast overeenkomstig de beginselen van noodzakelijkheid en
proportionaliteit van het Oekraïense rechtsstelsel. Naast de bepalingen
om bescherming tegen discriminatie te garanderen, heeft de Commissie in haar
derde verslag uitdrukkelijk verklaard nauw toezicht te zullen houden op de
verdere ontwikkelingen met betrekking tot de hangende wetsontwerpen 0711 (later
0945) en 0290. Die beoogden verschillende wetten te wijzigen en de vrijheid van
meningsuiting te beperken door "propaganda van homoseksuelen" te
verbieden. De Commissie hield in dit verband rekening met de bezwaren die de
Commissie van Venetië in haar advies naar voren had gebracht. De regering van
Oekraïne heeft verzekerd dat de betrokken wetsontwerpen zijn geschrapt uit het
register van het parlement. Met betrekking tot de specifieke aanbevelingen inzake de bescherming
van minderheden van de Raad van Europa/de ECRI heeft Oekraïne in mei 1998 het
Kaderverdrag inzake de bescherming van nationale minderheden en in januari 2006
het Europees Handvest voor regionale talen of talen van minderheden
geratificeerd. De wet betreffende beginselen inzake het taalbeleid van een
staat werd in 2012 aangenomen en blijft van kracht. De Commissie van Venetië
heeft in haar advies (nr. 651/2011) geoordeeld dat deze wet zorgt voor een
passende bescherming van regionale talen of talen van minderheden. Alle
wijzigingen van deze wet moeten in overeenstemming zijn met de internationale
toezeggingen die zijn gedaan, in het bijzonder in het kader van de Raad van
Europa. IV. Algemene beoordeling en volgende stappen Overeenkomstig de vaste praktijk heeft de Commissie voortdurend
toezicht gehouden op de verwezenlijking door Oekraïne van de benchmarks van het
actieplan voor visumliberalisering. Zij heeft ook regelmatig daarover verslag
uitgebracht, in september 2011, februari 2012 en november 2013. De Commissie
heeft zich bij haar verslaglegging gebaseerd op de informatie en
wetgevingsteksten die Oekraïne heeft verstrekt en op beoordelingen ter plaatse
die werknemers van de Commissie en de Europese Dienst voor extern optreden
samen met experts van de lidstaten hebben uitgevoerd. De Commissie heeft naast de intensieve verslaglegging in het kader van
het actieplan ook verder toezicht gehouden op de voortgang van Oekraïne op
relevante gebieden van het actieplan. Zij deed dat in het kader van het Gemengd
comité visumversoepeling EU-Oekraïne, het Gemengd comité overname EU-Oekraïne
en het Gemengd subcomité nr. 3 EU-Oekraïne. In elk van deze comités wordt de
dialoog en de samenwerking tussen de EU en Oekraïne als gevorderd beschouwd.
Sommige kwesties worden ook gevolgd in het kader van andere overleginstanties,
zoals het samenwerkingscomité en de samenwerkingsraad, en in de context van de
uitvoering van de associatieagenda. Het pakket aanvullende wetgevingshervormingen dat in dit vierde verslag
wordt omschreven, toont dat de nieuwe regering van Oekraïne aanzienlijke
inspanningen heeft geleverd. De Commissie erkent dat de inhoud en de reikwijdte
van de hervormingen bevredigend zijn, in het bijzonder gezien de huidige
omstandigheden in het land en de interne en externe problemen waar het
momenteel mee wordt geconfronteerd. De Commissie concludeert dat Oekraïne
aan de benchmarks van de eerste fase van het actieplan voor visumliberalisering
heeft voldaan en dat de beoordeling van de benchmarks van de tweede fase kan
worden gestart. De Commissie zal blijven instaan voor de coördinatie van het toezicht
op het wetgevings- en beleidskader in de volgende fasen van de dialoog tussen
de EU en Oekraïne. Haar doel daarbij zal zijn na te gaan of de noodzakelijke
uitvoeringsregelingen in het kader van de vier blokken van het actieplan
daadwerkelijk worden aangenomen en uitgevoerd. Voorts zal de Commissie er
nauwgezet op toezien dat Oekraïne voorziet in passende financiële en personele
middelen en opleiding voor de uitvoering van de relevante wetgevingshandelingen
en de bijbehorende uitvoeringsregelingen. Tijdens de tweede fase van het actieplan zal de Commissie ook
voortdurend nagaan welke impact visumliberalisering voor burgers van Oekraïne
die naar de EU reizen, zou kunnen hebben op het gebied van migratie en
veiligheid. Gezien de uitzonderlijke situatie waar Oekraïne zich momenteel in
bevindt, is de Commissie van mening dat een dergelijke beoordeling op dit
moment slechts weinig zinvol zou zijn. [1] Resolutie
van het Europees Parlement van 27 februari 2014 over de toekomst van het
visumbeleid van de EU (2014/2586(RSP)). [2] http://europa.eu/rapid/press-release_MEMO-14-159_en.htm. [3] Regeringsbesluiten inzake de technische beschrijving en de procedure. [4] Speciaal hooggerechtshof voor burgerlijke en strafzaken.