This document is an excerpt from the EUR-Lex website
Document 52013DC0526
COMMUNICATION FROM THE COMMISSION TO THE COUNCIL Commission Declaration Accompanying Commission proposal for a Council Regulation fixing the production levies in the sugar sector for the marketing years 2001/2002, 2002/2003, 2003/2004, 2004/2005, 2005/2006, the coefficient required for calculating the additional levy for the marketing years 2001/2002 and 2004/2005 and the amounts to be paid by sugar manufacturers to beet sellers in respect of the difference between the maximum amount of the levies and the amount of these levies to be charged for the marketing years 2002/2003, 2003/2004 and 2005/2006.
MEDEDELING VAN DE COMMISSIE AAN DE RAAD Verklaring van de Commissie bij het voorstel van de Commissie voor een verordening van de Raad tot vaststelling van de bedragen van de productieheffingen in de sector suiker voor de verkoopseizoenen 2001/2002, 2002/2003, 2003/2004, 2004/2005 en 2005/2006, de coëfficiënt voor de berekening van de aanvullende heffing voor de verkoopseizoenen 2001/2002 en 2004/2005 en de bedragen die de suikerfabrikanten aan de suikerbietenverkopers moeten betalen vanwege het verschil tussen het maximumbedrag van de heffingen en de voor de verkoopseizoenen 2002/2003, 2003/2004 en 2005/2006 te innen heffingsbedragen
MEDEDELING VAN DE COMMISSIE AAN DE RAAD Verklaring van de Commissie bij het voorstel van de Commissie voor een verordening van de Raad tot vaststelling van de bedragen van de productieheffingen in de sector suiker voor de verkoopseizoenen 2001/2002, 2002/2003, 2003/2004, 2004/2005 en 2005/2006, de coëfficiënt voor de berekening van de aanvullende heffing voor de verkoopseizoenen 2001/2002 en 2004/2005 en de bedragen die de suikerfabrikanten aan de suikerbietenverkopers moeten betalen vanwege het verschil tussen het maximumbedrag van de heffingen en de voor de verkoopseizoenen 2002/2003, 2003/2004 en 2005/2006 te innen heffingsbedragen
/* COM/2013/0526 final */
MEDEDELING VAN DE COMMISSIE AAN DE RAAD Verklaring van de Commissie bij het voorstel van de Commissie voor een verordening van de Raad tot vaststelling van de bedragen van de productieheffingen in de sector suiker voor de verkoopseizoenen 2001/2002, 2002/2003, 2003/2004, 2004/2005 en 2005/2006, de coëfficiënt voor de berekening van de aanvullende heffing voor de verkoopseizoenen 2001/2002 en 2004/2005 en de bedragen die de suikerfabrikanten aan de suikerbietenverkopers moeten betalen vanwege het verschil tussen het maximumbedrag van de heffingen en de voor de verkoopseizoenen 2002/2003, 2003/2004 en 2005/2006 te innen heffingsbedragen /* COM/2013/0526 final */
MEDEDELING VAN DE COMMISSIE AAN DE RAAD Verklaring van de Commissie
bij het voorstel van de Commissie voor een verordening van de Raad tot
vaststelling van de bedragen van de productieheffingen in de sector suiker voor
de verkoopseizoenen 2001/2002, 2002/2003, 2003/2004, 2004/2005 en 2005/2006, de
coëfficiënt voor de berekening van de aanvullende heffing voor de
verkoopseizoenen 2001/2002 en 2004/2005 en de bedragen die de suikerfabrikanten
aan de suikerbietenverkopers moeten betalen vanwege het verschil tussen het
maximumbedrag van de heffingen en de voor de verkoopseizoenen 2002/2003, 2003/2004
en 2005/2006 te innen heffingsbedragen 1. Terugbetaling van hoofdsom
en rente In zijn arrest van 27 september 2012[1] heeft het Hof van Justitie van
de Europese Unie, als gevolg van de ongeldigheid van Verordening (EG) nr. 1193/2009
van de Commissie[2],
gesteld dat de producenten recht hebben op de terugbetaling van de bedragen die
zij ten onrechte te veel hebben betaald voor de ongeldige productieheffingen
voor de betrokken verkoopseizoenen. Die te hoge heffingen zijn naar de
EU-begroting gegaan, na aftrek van 25 % inningskosten, die naar de
nationale begrotingen zijn gegaan overeenkomstig artikel 2, lid 3, van Besluit 2000/597/(EG,
Euratom) van de Raad betreffende het stelsel van eigen middelen van de Europese
Gemeenschappen[3].
Bij de voorgestelde verordening van de Raad
worden de suikerproductieheffingen voor de verkoopseizoenen 2001/2002, 2002/2003,
2003/2004, 2004/2005 en 2005/2006 vastgesteld. Hierdoor zullen de lidstaten
kunnen bepalen welke bedragen aan de suikerproducenten moeten worden
terugbetaald. Alleen het verschil tussen de oude en de nieuwe heffingen dient
aan de suikerproducenten te worden terugbetaald, en niet de volledige bedragen
die in de betrokken periode zijn geïnd. Uit het algemene beginsel van
ongerechtvaardigde verrijking volgt dat de lidstaten de werkelijk terugbetaalde
bedragen moeten kunnen verhalen op de EU-begroting, na aftrek van 25 % die
zij als inningskosten hadden ingehouden. Het Hof heeft verduidelijkt dat individuele
personen die recht hebben op de terugbetaling van bedragen die zij ten onrechte
hebben betaald voor productieheffingen in de suikersector welke krachtens een
ongeldige verordening waren vastgesteld, ook recht hebben op de betaling van
rente op die bedragen. Hieruit volgt dat de lidstaten, wanneer zij de
marktdeelnemers terugbetalen voor de bedragen die die laatsten op grond van
EU-regelgeving ten onrechte hadden betaald, ook rente moeten betalen ten belope
van het percentage dat volgens de nationale wetgeving voor soortgelijke
situaties vereist is. De lidstaten moeten het rentebedrag berekenen
volgens hun nationaal recht. 2. Terugbetaling aan de
suikerbietenverkopers In artikel 1, lid 3, van de voorgestelde
verordening van de Raad zijn de herziene aanvullende prijzen vastgesteld op
basis waarvan de suikerproducenten de suikerbietenverkopers moeten
terugbetalen. Hierbij zij onderstreept dat alleen het verschil tussen de oude
en de nieuwe aanvullende prijzen moet worden gebruikt voor de berekening van
het bedrag dat aan de suikerbietenverkopers moet worden terugbetaald, met
inbegrip van de rente die moet worden betaald onder dezelfde voorwaarden als
bedoeld in punt 1. Voordat de suikerproducenten worden
terugbetaald voor de te hoge heffingen die in de betrokken periode zijn
betaald, moeten de lidstaten administratieve procedures instellen die
garanderen dat de betrokken producenten in voorkomend geval de aan de
suikerbietenverkopers verschuldigde bedragen teruggeven. Als die bedragen niet
worden teruggegeven, moet de terugbetaling aan de suikerproducenten
proportioneel worden verlaagd. 3. Boekhoudprocedure Het rechtskader inzake de eigen middelen omvat
geen bepalingen op grond waarvan de EU rente aan de lidstaten kan betalen.
Daarom moeten de lidstaten, wanneer zij uitgaven van de Commissie
terugvorderen, de Commissie in kennis stellen van de bedragen die zij
daadwerkelijk als restitutie aan de betrokken marktdeelnemers hebben betaald,
en daarbij een onderscheid maken tussen de hoofdsom en de rente. 3.1. Hoofdsommen De terugbetaling van de suikerheffingen is een
correctie van de eigen middelen van de EU. Dit houdt in dat de lidstaten 75 %
van het daadwerkelijk te veel betaalde bedrag in mindering kunnen brengen door
het betrokken bedrag ten laste van de eigen middelen van de EU te leggen. Op grond van artikel 2, lid 2, van Verordening
(EG, Euratom) nr. 1150/2000 van de Raad van 22 mei 2000 houdende toepassing van
Besluit 2007/436/EG, Euratom, betreffende het stelsel van eigen middelen van de
Europese Gemeenschappen[4]
moeten de lidstaten de gerectificeerde suikerheffingen die in de betrokken
verkoopseizoenen hadden moeten worden toegepast, uiterlijk vaststellen op de
datum die is aangegeven in artikel 2 van de voorgestelde verordening van de
Raad tot vaststelling van de suikerheffingen. Aangezien het bij de voorgestelde verordening
van de Raad gaat om een correctie van de oorspronkelijk betaalde
suikerheffingen, beschikken de lidstaten over alle elementen om de correcte
bedragen vast te stellen die moeten worden terugbetaald. De lidstaten kunnen door een negatieve
correctie in de zogenoemde A-boekhouding de bedragen terugvorderen die zij
werkelijk hebben betaald om de ten onrechte geïnde te hoge heffingen terug te
betalen. Hierbij moet worden onderstreept dat de lidstaten in hun A-boekhouding
eerst het volledig terugbetaalde bedrag (100 %) als correctie moeten
boeken. Vervolgens moeten zij in de laatste kolom van hun A-boekhouding het
bedrag vermelden na aftrek van de door hen als inningskosten ingehouden
bedragen (75 %). Dit is de normale procedure om inningskosten in
aanmerking te nemen. Overeenkomstig artikel 2 van de voorgestelde
verordening van de Raad moeten de lidstaten de vaststelling met betrekking tot
de eigen middelen uiterlijk verrichten op de laatste dag van de vierde maand na
de dag van inwerkingtreding van die verordening. De lidstaten moeten het
resultaat van de vaststelling opnemen in de A-boekhouding, die zij uiterlijk op
de eerste werkdag na de 19e dag van de tweede maand die volgt op de
maand waarin het recht is vastgesteld, aan de Commissie moeten voorleggen. Concreet betekent dit dat de lidstaten de
correctie van de eigen middelen uiterlijk op de laatste dag van [….] moeten
vaststellen. Zij moeten het recht opnemen in de A-boekhouding die zij uiterlijk
op [….] bij de Commissie moeten indienen. Naargelang van de datum waarop de verordening
van de Raad wordt goedgekeurd, zullen de financiële gevolgen voor het deel
“ontvangsten” van de EU-begroting hun beslag krijgen in 2013, in 2014 of in
beide begrotingsjaren. 3.2. Rente Zoals reeds gezegd, volgt uit het algemene
beginsel van ongerechtvaardigde verrijking dat individuele personen die recht
hebben op de terugbetaling van de bedragen die zij ten onrechte hebben betaald
voor productieheffingen in de suikersector die op basis van een ongeldige
verordening waren vastgesteld, ook recht hebben op de betaling van rente op die
bedragen ten belope van het percentage dat volgens de nationale wetgeving voor
soortgelijke situaties vereist is. Daadwerkelijk betaalde rente moet volgens de
procedure voor het verrichten van de maandelijkse betalingen als bedoeld in
artikel 15 van Verordening (EG) nr. 1290/2005 van de Raad betreffende de
financiering van het gemeenschappelijk landbouwbeleid, worden gedeclareerd
onder begrotingsonderdeel 05 07 02 "Regeling van geschillen". Met
name dient dit begrotingsonderdeel "ter dekking van de eventuele opneming
van kredieten ter dekking van (positieve of negatieve) uitgaven die door een
besluit van het Hof van Justitie aan de Commissie kunnen worden aangerekend, en
met name als schadevergoeding en rente". 4. Monitoring van het
terugbetalingsproces Voor monitoringdoeleinden moeten de lidstaten,
voordat zij met de terugbetalingen beginnen en in elk geval uiterlijk in de
tweede maand na de inwerkingtreding van de verordening, de Commissie een
overzicht verstrekken van de bedragen die aan de suikerproducenten moeten
worden terugbetaald, en daarbij een onderscheid maken tussen de hoofdsommen en
de rente. In die kennisgeving moeten zij gedetailleerd toelichten op basis van
welke rechtsgrond in de nationale wetgeving zij de te betalen rente en het
toegepaste percentage hebben vastgesteld, en moeten zij aangeven welke periode
zij voor de berekening van het rentebedrag in aanmerking nemen. De Commissie
wenst te benadrukken dat de gehanteerde rentevoet volgens het
gelijkwaardigheidsbeginsel dient overeen te komen met de rentevoet die normaal
voor soortgelijke nationale terugbetalingen wordt toegepast. De Commissie houdt zich het recht voor
aanvullende bewijsstukken te vragen voor bedragen die als betaald zijn
aangegeven, en passende maatregelen te nemen om de financiële belangen van de
Unie te beschermen. [1] Gevoegde zaken C-113/10, C-147/10 en C-234/10, nog niet
bekendgemaakt. [2] PB L 321 van 8.12.2009, blz. 1. [3] PB L 253 van 7.10.2000, blz. 42. [4] PB L 130 van 31.5.2000, blz. 1.