This document is an excerpt from the EUR-Lex website
Document 52013DC0368
Recommendation for a COUNCIL RECOMMENDATION on Malta’s 2013 national reform programme and delivering a Council opinion on Malta’s stability programme for 2012-2016
Aanbeveling voor een AANBEVELING VAN DE RAAD over het nationale hervormingsprogramma 2013 van Malta met een advies van de Raad over het stabiliteitsprogramma van Malta voor de periode 2012-2016
Aanbeveling voor een AANBEVELING VAN DE RAAD over het nationale hervormingsprogramma 2013 van Malta met een advies van de Raad over het stabiliteitsprogramma van Malta voor de periode 2012-2016
/* COM/2013/0368 final - 2013/ () */
Aanbeveling voor een AANBEVELING VAN DE RAAD over het nationale hervormingsprogramma 2013 van Malta met een advies van de Raad over het stabiliteitsprogramma van Malta voor de periode 2012-2016 /* COM/2013/0368 final - 2013/ () */
Aanbeveling voor een AANBEVELING VAN DE RAAD over het nationale hervormingsprogramma 2013
van Malta
met een advies van de Raad over het stabiliteitsprogramma van Malta voor de
periode 2012-2016
DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE, Gezien het Verdrag betreffende de werking van
de Europese Unie, en met name artikel 121, lid 2, en artikel 148, lid 4, Gezien Verordening (EG) nr. 1466/97 van de
Raad van 7 juli 1997 over versterking van het toezicht op begrotingssituaties
en het toezicht op en de coördinatie van het economisch beleid[1], en met
name artikel 5, lid 2, Gezien Verordening (EU) nr. 1176/2011 van het
Europees Parlement en de Raad van 16 november 2011 betreffende de
preventie en correctie van macro-economische onevenwichtigheden[2], en met
name artikel 6, lid 1, Gezien de aanbeveling van de Europese
Commissie[3], Gezien de resoluties van het Europees
Parlement[4], Gezien de conclusies van de Europese Raad, Gezien het advies van het Comité voor de
werkgelegenheid, Na raadpleging van het Economisch en
Financieel Comité, Overwegende hetgeen volgt: (1) Op 26 maart 2010 heeft de
Europese Raad zijn goedkeuring gehecht aan het voorstel van de Commissie voor
een nieuwe groei- en werkgelegenheidstrategie; deze Europa 2020-strategie moet
voor betere coördinatie van het economisch beleid zorgen en zich toespitsen op
de sleutelgebieden waarop Europa’s potentieel voor duurzame groei en
concurrentievermogen een krachtige impuls nodig heeft. (2) De Raad heeft op 13 juli 2010
op basis van de voorstellen van de Commissie een aanbeveling inzake de globale
richtsnoeren voor het economisch beleid van de lidstaten en de Unie (2010-2014)
vastgesteld en op 21 oktober 2010 een besluit betreffende de richtsnoeren voor
het werkgelegenheidsbeleid van de lidstaten[5] vastgesteld, die samen de "geïntegreerde
richtsnoeren" vormen. De lidstaten werd verzocht in hun nationaal
economisch en werkgelegenheidsbeleid met de geïntegreerde richtsnoeren rekening
te houden. (3) Op 29 juni 2012 hebben de
staatshoofden en regeringsleiders besloten tot een Pact voor groei en banen,
dat een samenhangend kader biedt voor actie op het niveau van de lidstaten, de
EU en de eurozone, waarbij alle mogelijke hefbomen, instrumenten en
beleidsvormen worden ingezet. Zij hebben bepaald welke maatregelen op het
niveau van de lidstaten moeten worden genomen, en met name verklaard
vastbesloten te zijn om de doelstellingen van de Europa 2020-strategie te
verwezenlijken en de landenspecifieke aanbevelingen uit te voeren. (4) Op 6 juli 2012 heeft de Raad
een aanbeveling over het nationale hervormingsprogramma voor 2012 van Malta
vastgesteld en een advies over het geactualiseerde stabiliteitsprogramma van
Malta voor de periode 2011-2015 uitgebracht. (5) Op 28 november 2012 heeft de
Commissie haar goedkeuring gehecht aan de jaarlijkse groeianalyse[6] en
daarmee de aanzet gegeven tot het Europees semester 2013 voor coördinatie van
het economisch beleid. Ook op 28 november 2012 heeft de Commissie op grond van
Verordening (EU) nr. 1176/2011 het Waarschuwingsmechanismeverslag[7]
aangenomen. Daarin werd Malta genoemd als een van de lidstaten die aan een
diepgaande evaluatie zouden worden onderworpen. (6) Op 14 maart 2013 heeft de
Europese Raad de prioriteiten inzake financiële stabiliteit,
begrotingsconsolidatie en groeibevorderende maatregelen goedgekeurd. Hij
benadrukte dat moet worden gestreefd naar gedifferentieerde, groeivriendelijke
begrotingsconsolidatie, normalisering van de kredietverschaffing aan de
economie, bevordering van groei en concurrentievermogen, aanpakken van de
werkloosheid en van de sociale gevolgen van de crisis, en modernisering van de
overheidsdiensten. (7) Op 10 april 2013 heeft de
Commissie de uitkomsten gepubliceerd van de diepgaande evaluatie[8] voor
Malta die zij op grond van artikel 5 van Verordening (EU) nr. 1176/2011
heeft uitgevoerd. Op basis van haar analyse concludeert de Commissie dat Malta
wordt geconfronteerd met macro-economische onevenwichtigheden die in het oog
moeten worden gehouden en een beleidsoptreden verdienen. Met name de
ontwikkelingen in de banksector en op de vastgoedmarkt vereisen nauwlettend
toezicht. De houdbaarheid van de overheidsfinanciën op lange termijn vergt
beleidsmatige aandacht. (8) Malta heeft op 30 april 2013
zijn stabiliteitsprogramma voor de periode 2012-2016 en zijn nationale hervormingsprogramma
voor 2013 ingediend. Om met de onderlinge verbanden rekening te houden zijn
beide programma's terzelfder tijd geëvalueerd. (9) In het licht van de
overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1466/97 van de Raad verrichte evaluatie van
het stabiliteitsprogramma 2012 is de Raad van oordeel dat het aan de
begrotingsprognoses van het programma ten grondslag liggende macro-economische
scenario aannemelijk is. De Raad heeft zijn beschikking betreffende het bestaan
van een buitensporig tekort op Malta op 4 december 2012 ingetrokken naar
aanleiding van zijn correctie in 2011, die op basis van de najaarsprognoses van
de Commissie van 2012 houdbaar leek. Niettemin werd voor Malta in 2012 een
overheidstekort van 3,3 % van het bbp geconstateerd, wederom boven de
referentiewaarde van 3 % van het bbp. De in het programma opgenomen
begrotingsstrategie heeft tot doel het tekort langzamerhand terug te brengen
van 3,3 % van het bbp in 2012 tot 0,8 % van het bbp in 2016, waarmee
de middellangetermijndoelstelling geleidelijk in zicht komt. Het programma
bevestigt de middellangetermijndoelstelling van een structureel evenwicht,
hetgeen ambitieuzer is dan het stabiliteits- en groeipact vereist, maar volgens
de planning wordt dat niet binnen de programmaperiode gehaald. Voor de in het
programma opgenomen tekortdoelstelling voor 2013 wordt uitgegaan van relatief
hoge belastinginkomsten, die niet volledig kunnen worden verklaard uit het
onderliggende macro-economische scenario. Bovendien wordt die doelstelling niet
onderbouwd door specifieke maatregelen, en dat geldt ook voor de daaropvolgende
jaren. Als gevolg daarvan bedraagt de wijziging van het geplande (herberekende)
structurele saldo aanzienlijk meer dan in de prognoses van de Commissie.
Volgens die prognoses gaat het structurele saldo er bij ongewijzigd beleid in
2013 namelijk slechts ¼ procentpunt van het bbp op vooruit, en in 2014 ook maar
marginaal. De overheidsschuld zal naar verwachting gedurende de hele
programmaperiode onder de grenswaarde van 60% van het bbp blijven. De nationale
autoriteiten verwachten dat de schuld in 2014 zal oplopen tot 74,2 % van
het bbp en daarna zal beginnen te dalen tot 70 % in 2016. Volgens de
voorjaarsprognoses van de Commissie voor 2013 zal de schuldquote iets sneller
stijgen, tot 74,9 % in 2014, aangezien verwacht wordt dat het primaire
tekort zal blijven toenemen. Gelet op de correctie van het buitensporig tekort
in 2011, bevindt Malta zich in een overgangsperiode van drie jaar, vanaf 2012,
voor de toepassing van de benchmark voor de schuldreductie. Malta heeft in 2012
onvoldoende voortgang geboekt op weg naar naleving van het schuldcriterium, en
zal dat naar verwachting in de periode 2013-2014 ook niet doen. Hoewel het
begrotingskader van Malta tamelijk flexibel is, vormen het niet-bindende
karakter en de korte planninghorizon voor de begroting geen ondersteuning van
een gezonde begrotingssituatie. Richtlijn 2011/85/EU tot vaststelling van
voorschriften voor de begrotingskaders van de lidstaten is nog niet omgezet en
is er nog geen regel inzake het structurele begrotingssaldo ingesteld, zoals
bepaald in het Verdrag inzake Stabiliteit, Coördinatie en Bestuur. In het
stabiliteitsprogramma spreekt de regering haar intentie uit om een
begrotingsraad op te zetten, maar daarvoor bestaan nog geen concrete plannen. (10) Naleving en ontwijking van de
belastingwetgeving blijven een uitdaging vormen voor de kwaliteit van de
overheidsfinanciën. De autoriteiten hebben een aantal relevante maatregelen
ingevoerd en er zitten nog meer maatregelen in de pijplijn, maar de uitvoering
moet nauwgezet worden gevolgd, aangezien er tot dusverre geen resultaat is
gezien. De fiscale prikkels voor ondernemingen om schulden te maken, zijn nog
steeds zeer hoog. In 2012 prijkte Malta als tweede op de lijst van landen met
het grootste gat tussen de fiscale behandeling van schulden en de financiering
met eigen vermogen van nieuwe investeringen. Deze bevoordeling van schulden kan
tot een veel te hoge schuldenlast van het bedrijfsleven en tot een inefficiënte
kapitaalallocatie leiden. Malta is een van de weinige lidstaten die geen enkele
voorziening hebben om iets te doen tegen de bevoordeling van schulden. (11) Malta heeft nog steeds
problemen ten aanzien van de houdbaarheid van zijn overheidsfinanciën vanwege
het begrotingseffect van de vergrijzing, dat naar verwachting aanzienlijk boven
het EU-gemiddelde zal liggen. De toename van de pensioenuitgaven neemt meer dan
de helft van de totale voorziene toename aan leeftijdsgebonden uitgaven voor
hun rekening, terwijl de wettelijke pensioenleeftijd in vergelijking met andere
lidstaten laag blijft en de stijging daarvan die bij de hervormingen van 2006
wettelijk is vastgelegd, langzaam is. Om de houdbaarheid te garanderen, is nog
een hervorming nodig, waarbij erop moet worden toegezien dat de pensioenen
toereikend blijven en iets moet worden gedaan aan de intergenerationele
schuldenproblematiek. Weliswaar zijn besprekingen gevoerd met de sociale
partner, maar daaruit zijn geen voorstellen voor verdere pensioenhervormingen
naar voren gekomen. De arbeidsparticipatie van oudere werknemers is laag en er
moet nog een brede strategie voor actief ouder worden ontwikkeld. Beperkte
toegankelijkheid van de zorg, kan, in combinatie met de voorziene vergrijzing
van de bevolking, op lange termijn tot hoge gezondheidszorgkosten leiden. De
administratieve capaciteit op het gebied van overheidsopdrachten is zwak, wat
leidt tot gecompliceerde en langdurige procedures. (12) De maatregelen die zijn
genomen om het percentage vroegtijdige schoolverlaters te verlagen, waaronder
de recente lancering van het voorbereidende proces dat moet leiden tot een
strategie op het gebied van vroegtijdig schoolverlaten worden verwelkomd, onder
meer om de kloof tussen de vraag naar bepaalde vaardigheden en het aanbod daarvan
te verkleinen. De doeltreffendheid van de beleidsinspanningen hangt af van de
juiste en tijdige uitvoering, die vervolgens ook nauwlettend moet worden
gevolgd. Niettemin vormt de gebrekkige aansluiting van onderwijs en opleiding
op de behoeften van de arbeidsmarkt een groot knelpunt. Van de geplande vorming
van één leerlingenstelsel dat verschillende kwalificatieniveaus dekt, wordt ook
verwacht dat het zal bijdragen tot een beroepsbevolking die is toegesneden voor
de behoeften van de arbeidsmarkt. (13) Malta heeft ook belangrijke
stappen gezet om de deelname van vrouwen aan het arbeidsproces te bevorderen,
met name door verbetering van de mogelijkheden om werk en gezin te combineren.
De arbeidsparticipatie van vrouwen blijft toenemen, mede onder invloed van een
gunstig cohorteffect. Er is echter ruimte voor verbetering: de
arbeidsparticipatie van vrouwen blijft namelijk nog steeds laag, onder meer als
gevolg van ouderschap; het verschil in arbeidsparticipatie tussen mannen en
vrouwen is het grootste in de EU. Het bevorderen van flexibele
arbeidsregelingen en de voorziening van betaalbare kinder- en naschoolse opvang
voor een breder segment van de bevolking kan bijdragen aan een verdere toename
van de arbeidsparticipatie van vrouwen. (14) Malta's mechanisme om de lonen
aan te passen aan de kosten van levensonderhoud heeft specifieke kenmerken die
het negatieve effect ervan op de algemene arbeidsmarktprestaties en
loonaanpassing lijken te verzachten: het mechanisme voorziet in een forfaitaire
toename, waardoor boven het referentiebasissalaris slechts een gedeeltelijke
doorrekening van de inflatie in de lonen plaatsvindt, waarbij op micro- en
macroniveau afwijkingsclausules beschikbaar zijn en de loononderhandelingen
volledig gedecentraliseerd zijn. Niettemin kleeft aan het mechanisme potentieel
nog een probleem ten aanzien van de flexibiliteit van de werkelijke lonen
wanneer de economie door een zeer diep dal gaat; in die gevallen hindert het de
aanpassing van de arbeidsmarkt en het concurrentievermogen. De prijsfluctuatie
van sommige onderdelen van de prijsindex die in het mechanisme worden gebruikt,
met name energieprijzen, kunnen de inflatie aanjagen via loon-prijsspiralen.
Daarom zijn de verzameling van gegevens over loon en productiviteit op
sectoraal niveau en nauwlettend toezicht op de effecten van het
loonindexeringsmechanisme essentieel om potentiële risico's te verzachten. De
Maltese autoriteiten moeten het effect van het mechanisme op de economie van
nabij volgen en bereid zijn het te hervormen indien nodig. (15) Het concurrentievermogen van
Malta blijft risico lopen door de zeer beperkte diversificatie en de slechte
milieuprestaties van zijn energievoorziening, wat tot hoge
elektriciteitstarieven leidt. De slechte financiële situatie van de voornaamste
energieleverancier (Enemalta) vergroot de onzekerheid, maar de
elektriciteitverbinding met Sicilië zal naar verwachting na 2014 voor
verlichting van de problematiek zorgen. Hoewel met een aantal initiatieven
verder is gegaan, waaronder de introductie van fotovoltaïsche energie, blijft
het aandeel hernieuwbare energiebronnen bijzonder gering en de haalbaarheid van
grote projecten, zoals de ontwikkeling van windmolenparken, lijkt op het spel
te staan. Er is vooruitgang geconstateerd wat de energie-efficiëntie betreft,
met name voor openbare gebouwen, dankzij financiële ondersteuning van de EU. De
milieuprestatie van het Maltese vervoerssysteem is ook slecht. Een brede
vervoersstrategie om het openbaar vervoer, het wegennet en de CO2-prestaties
van het vervoerssysteem te verbeteren en het gebruik van andere soorten vervoer
dan personenwagens verder te stimuleren, zouden Malta ten goede komen. (16) De bankensector in Malta is
zeer groot in vergelijking met de binnenlandse economie. Hoewel dit
voornamelijk een gevolg is van niet-systeemkritische binnenlandse en
internationale banken, die maar in beperkte mate aan de binnenlandse economie
blootstaan, moeten deze niettemin onder streng toezicht blijven staan om
negatieve gevolgen voor de financiële stabiliteit ten gevolge van hun
activiteiten te voorkomen. De binnenlandse banken blijven in hoge mate
blootstaan aan ontwikkelingen op de vastgoedmarkt, maar ondertussen blijft het
aantal specifieke voorzieningen voor verliezen op leningen relatief gering. Er
zijn beleidsdiscussies gevoerd, maar de resultaten daarvan moeten nog in
passende regelgeving worden omgezet. Het rechtssysteem heeft te maken met
inefficiëntie die een risico vormt voor de financiële stabiliteit. De lange
tijd die nodig is voor de afhandeling van faillissementen blokkeert de
efficiënte handhaving van de zakelijke zekerheden. In tijden van economische
stress kunnen de bankbalansen hierdoor extra onder druk komen te staan waardoor
de verliezen toenemen, hetgeen resulteert in een noodzaak tot herkapitalisatie. (17) In de context van het Europees
semester heeft de Commissie een brede analyse van het economische beleid van
Malta verricht. Zij heeft zowel het stabiliteitsprogramma als het nationale
hervormingsprogramma doorgelicht en een diepgaande evaluatie gepresenteerd.
Daarbij heeft zij niet alleen gekeken naar de relevantie ervan voor een
houdbaar budgettair en sociaaleconomisch beleid in Malta, maar is zij ook
nagegaan of de EU-regels en ‑richtsnoeren in acht zijn genomen, gezien de
noodzaak de algemene economische governance van de Europese Unie te versterken
door middel van een EU-inbreng in toekomstige nationale besluiten. Haar
aanbevelingen in het kader van het Europees semester worden in de onderstaande
aanbevelingen 1 tot en met 5 weergegeven. (18) In het licht van deze
beoordeling heeft de Raad het stabiliteitsprogramma van Malta onderzocht. Zijn
advies[9]
daarover is met name in de onderstaande aanbeveling 1 weergegeven. (19) In het licht van de diepgaande
evaluatie van de Commissie en deze beoordeling heeft de Raad het nationale
hervormingsprogramma en het stabiliteitsprogramma onderzocht. Zijn
aanbevelingen op grond van artikel 6 van Verordening (EU) nr. 1176/2011 zijn in
aanbeveling 2 en 5 weergegeven, (20) In de context van het Europees
semester heeft de Commissie tevens een analyse van het economische beleid van
de eurozone als geheel verricht. Op basis hiervan heeft de Raad specifieke
aanbevelingen gericht tot de lidstaten die de euro als munt hebben. Ook Malta
dient erop toe te zien dat aan deze aanbevelingen volledig en tijdig uitvoering
wordt gegeven, BEVEELT AAN dat Malta in de periode
2013-2014 actie onderneemt om: 1. De maatregelen te
specificeren en uit te voeren die nodig zijn om de jaarlijkse structurele
aanpassingsinspanning die de Raad in zijn aanbevelingen in het kader van de BTP
heeft gedaan ter correctie van het buitensporige tekort vóór 2014 op een
houdbare en groeivriendelijke manier, waarbij zo min mogelijk gebruik wordt
gemaakt van eenmalige of tijdelijke maatregelen. Na correctie van het
buitensporig tekort de structurele aanpassingsinspanning in een passend tempo
voort te zetten om tegen 2017 de MTD te halen. In 2013 een bindend, op regels
gebaseerd meerjarig begrotingskader in te stellen. De concrete invulling van
maatregelen te garanderen om de naleving van de belastingwetgeving te
verbeteren en de belastingontduiking te bestrijden, en actie ondernemen om de
fiscale bevoordeling van schulden van ondernemingen te verminderen. 2. Te zorgen voor
langetermijnhoudbaarheid van de overheidsfinanciën, het pensioensysteem te
hervormen om de verwachte toename van de uitgaven in te tomen, onder meer door
een versnelde verhoging van de wettelijke pensioenleeftijd, door een koppeling
tussen de pensioengerechtigde leeftijd en de levensverwachting in te voeren en
door particulier pensioensparen te bevorderen. Maatregelen te nemen om de
arbeidsparticipatie van oudere werknemers te verhogen door een brede strategie
voor actief ouder worden te ontwikkelen en in te voeren. Hervormingen in de gezondheidszorg
na te streven om de kosteneffectiviteit van de sector te verhogen, met name
door de openbare eerstelijnszorg te versterken. De efficiëntie te verbeteren en
de lengte van de procedure voor het plaatsen van overheidsopdrachten te
beperken. 3. Door te gaan met
beleidsinspanningen om vroegtijdig schoolverlaten terug te dringen, met name
door het opzetten van een uitgebreid monitoringsysteem, en de
arbeidsmarktrelevantie van onderwijs en opleiding te vergroten om
vaardigheidslacunes aan te pakken, onder meer door de aangekondigde hervorming
van het leerlingenstelsel. Door te gaan met de ondersteuning van de verbeterde
arbeidsmarktparticipatie van vrouwen door flexibele arbeidsregelingen te
bevorderen, met name door te voorzien in meer en betaalbaardere kinder- en
naschoolse opvang. 4. Door te gaan met inspanningen
om de energiemix en de energiebronnen te diversifiëren, met name door op
ruimere schaal hernieuwbare energie in te zetten door de
elektriciteitsverbinding met Sicilië tijdig te voltooien. De inspanningen op
peil te houden om energie-efficiëntie te bevorderen en de uitstoot door de
vervoerssector te beperken. 5. Maatregelen te nemen om de
voorzieningen voor waardeverminderingen op probleemkredieten in de banksector
verder te versterken om de potentiële risico's als gevolg van de blootstelling
aan de vastgoedmarkt te verzachten. De beleidsinspanning te handhaven om strikt
toezicht op de banksector te garanderen, onder meer op de niet-systeemkritische
binnenlandse en internationaal georiënteerde banken. De algemene efficiëntie
van het rechtssysteem te verbeteren, bijvoorbeeld door de tijd die nodig is
voor de oplossing van faillissementen te bekorten. Gedaan te Brussel, Voor
de Raad De
voorzitter [1] PB L 209 van 2.8.1997, blz. 1. [2] PB L 306 van 23.11.2011, blz. 25. [3] COM(2013) 368 final. [4] P7_TA(2013)0052 en P7_TA(2013)0053. [5] Besluit 2013/208/EU van de Raad van 22 april 2013. [6] COM(2012) 750 final. [7] COM(2012) 751 final. [8] SWD(2013) 120 final. [9] Uit hoofde van artikel 5, lid 2, van Verordening (EG)
nr. 1466/97 van de Raad.