This document is an excerpt from the EUR-Lex website
Document 52012PC0493
Proposal for a DECISION OF THE EUROPEAN PARLIAMENT AND OF THE COUNCIL on the mobilisation of the European Globalisation Adjustment Fund in accordance with point 28 of the Interinstitutional Agreement of 17 May 2006 between the European Parliament, the Council and the Commission on budgetary discipline and sound financial management (application EGF/2012/002 DE/manroland from Germany)
Voorstel voor een BESLUIT VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD betreffende de beschikbaarstelling van middelen uit het Europees Fonds voor aanpassing aan de globalisering overeenkomstig punt 28 van het Interinstitutioneel Akkoord van 17 mei 2006 tussen het Europees Parlement, de Raad en de Commissie betreffende de begrotingsdiscipline en een goed financieel beheer (aanvraag EGF/2012/002 DE/ manroland, Duitsland)
Voorstel voor een BESLUIT VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD betreffende de beschikbaarstelling van middelen uit het Europees Fonds voor aanpassing aan de globalisering overeenkomstig punt 28 van het Interinstitutioneel Akkoord van 17 mei 2006 tussen het Europees Parlement, de Raad en de Commissie betreffende de begrotingsdiscipline en een goed financieel beheer (aanvraag EGF/2012/002 DE/ manroland, Duitsland)
/* COM/2012/0493 final - 2012/ () */
Voorstel voor een BESLUIT VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD betreffende de beschikbaarstelling van middelen uit het Europees Fonds voor aanpassing aan de globalisering overeenkomstig punt 28 van het Interinstitutioneel Akkoord van 17 mei 2006 tussen het Europees Parlement, de Raad en de Commissie betreffende de begrotingsdiscipline en een goed financieel beheer (aanvraag EGF/2012/002 DE/ manroland, Duitsland) /* COM/2012/0493 final - 2012/ () */
TOELICHTING Krachtens punt 28 van het Interinstitutioneel
Akkoord van 17 mei 2006 tussen het Europees Parlement, de Raad en de Commissie
betreffende de begrotingsdiscipline en een goed financieel beheer[1] mag uit het Europees Fonds voor
aanpassing aan de globalisering (EFG) door middel van een
flexibiliteitmechanisme een jaarlijks maximumbedrag van
500 miljoen EUR boven het maximum van de betrokken rubrieken van het
financieel kader beschikbaar worden gesteld. De regels die van toepassing zijn op de bijdragen
uit het EFG zijn vastgesteld in Verordening (EG) nr. 1927/2006 van het
Europees Parlement en de Raad van 20 december 2006 tot oprichting van een
Europees Fonds voor aanpassing aan de globalisering[2]. Op 4 mei 2012 heeft Duitsland aanvraag
EGF/2012/002 DE/manroland ingediend voor een financiële bijdrage uit het EFG
naar aanleiding van ontslagen bij manroland AG en twee van haar
dochterondernemingen (hierna "manroland" genoemd), alsook bij een
toeleverancier in Duitsland. Na de aanvraag grondig te hebben onderzocht,
heeft de Commissie overeenkomstig artikel 10 van Verordening (EG)
nr. 1927/2006 geconcludeerd dat aan de voorwaarden voor een financiële
bijdrage op grond van deze verordening wordt voldaan. SAMENVATTING VAN DE AANVRAAG EN ANALYSE Belangrijkste gegevens: || EGF-referentienummer || EGF/2012/002 Lidstaat || Duitsland Artikel 2 || onder a) Primaire onderneming || manroland AG Dochterondernemingen en toeleveranciers || 3 Referentieperiode || 1.1.2012 – 30.4.2012 Startdatum voor de individuele dienstverlening || 1.8.2012 Datum van de aanvraag || 4.5.2012 Ontslagen tijdens de referentieperiode || 2 239 Ontslagen voor en na de referentieperiode || 45 Totaal aantal voor steun in aanmerking komende ontslagen || 2 284 Ontslagen werknemers die naar verwachting aan de maatregelen zullen deelnemen || 2 103 Uitgaven voor individuele dienstverlening (EUR) || 10 305 889 Uitgaven voor de implementatie van het EFG[3] (EUR) || 400 000 % van de uitgaven voor de implementatie van het EFG || 3,74 Totaal budget (EUR) || 10 705 889 EFG-bijdrage (50 %) (EUR) || 5 352 944 1. De aanvraag werd op 4 mei
2012 bij de Commissie ingediend; aan de aanvraag werd aanvullende informatie
tot en met 10 juli 2012 toegevoegd. 2. De aanvraag voldoet aan de
voorwaarden voor steunverlening uit het EFG, als vastgesteld in artikel 2,
onder a), van Verordening (EG) nr. 1927/2006, en werd ingediend binnen de in
artikel 5 van die verordening genoemde termijn van tien weken. Verband tussen de ontslagen en
belangrijke structurele veranderingen in de mondiale handelspatronen als gevolg
van de globalisering 3. Om het verband vast te
stellen tussen de ontslagen en belangrijke structurele veranderingen in de
mondiale handelspatronen als gevolg van de globalisering voert Duitsland aan
dat manroland een producent van drukmachines is en vellenoffsetpersen alsook
rollenoffsetpersen produceert. De onderneming manroland was lang internationaal
bekend om haar hoge technische normen en om haar productie van hoogwaardige
producten. 4. De markt voor drukapparatuur
is sterk geïnternationaliseerd. manroland met haar Duitse en andere Europese
concurrenten is reeds wereldwijd werkzaam. De laatste jaren hebben opkomende
markten zoals China, India en Zuid-Amerikaanse landen, bv. Brazilië, hun vraag
naar drukmachines uitgebreid en zijn daarom belangrijke klanten van Duitse en
andere Europese producenten van drukmachines geworden. Zij zijn zelf echter in
steeds sterkere mate ook belangrijke spelers aan de aanbodzijde van een steeds
globalere markt geworden. De producenten China, India, Zuid-Amerika, alsook een
groeiend aantal concurrenten uit Oost-Europa, de VS en Japan hebben het laatste
decennium alle hun marktaandeel vergroot. Als gevolg daarvan moeten Duitse
producenten van hoogwaardige producten nu het hoofd bieden aan een sterke
internationale concurrentie van meestal lagere kwaliteit en tegen lagere
prijzen. 5. De trend naar internationaal
meer geïntegreerde markten gaat vergezeld van permanente structurele
veranderingen in het gebruik van de druktechnieken en een hogere mate van
specialisatie van leveranciers in sommige subsectoren. Met een groter aantal
internationale leveranciers enerzijds en veranderende druktechnieken
anderzijds, bedient de gemiddelde producent van drukmachines een kleiner
aandeel van de markt. De verkoop zakt in, de winsten dalen en de werkgevers
moeten denken aan ontslagen. De laatste jaren heeft manroland dit patroon in
haar reactie op de globalisering gevolgd. 6. De Duitse autoriteiten maken
ook melding van voorbeelden van protectionisme op de markt voor drukmachines.
Zij voeren aan dat India een invoerrecht van 23 % op machines heft en dat
China, dat de snelst groeiende markt voor productieapparatuur is, gebruik maakt
van subsidies, de namaak van producten toestaat, weinig of geen
veiligheidsnormen op het werk hanteert en weinig milieubescherming, weinig
sociale normen en geen universele sociale bescherming heeft. Een en ander
draagt bij tot lagere productiekosten en ongelijke voorwaarden voor
buitenlandse concurrenten[4].
Het huidige Chinese vijfjarenplan (2011 - 2015) maakt melding van de
machinebouw- en uitrustingssector als een van de zeven sleutelindustrieën
waarop de Chinese overheidsfinanciering is gericht. Dergelijke praktijken
hebben de Chinese producenten van drukapparatuur geholpen om de door de
Europese landen vastgestelde hoge technologische normen te benaderen, maar
tegen arbeidskosten die gemiddeld 11 procent lager liggen dan de gemiddelde
Europese arbeidskosten in de machinebouwsector. Bijgevolg is China een van de
sterkste internationale concurrenten in de sector van de drukmachines geworden[5]. 7. Externe concurrenten van
China trachten de barrière van invoerrechten te vermijden door de productie
naar andere Aziatische landen te verplaatsen. Bijgevolg hebben de Europese
leveranciers van drukmachines (waaronder manroland) sinds het midden van het
eerste decennium van de jaren 2000 een significant internationaal marktaandeel
verloren. Tussen 2000 en 2004 bedroeg het mondiale marktaandeel van de Europese
producenten gemiddeld 67 % maar dat viel terug tot gemiddeld 53 % in de periode
2005 - 2011. De invoer van niet-Europese leveranciers op de EU-markt voor
drukmachines steeg van 18 % (gemiddelde van de jaren 2000 - 2005) tot 24 %
(gemiddelde van de jaren 2006 – 2010)[6].
8. manroland verloor in de
periode 2005 - 2011 10 % van haar marktaandeel voor rollenoffsetpersen.
Bovendien kende de onderneming tussen 2000 en 2010 perioden waarin de verkoop
scherp is gedaald. Deze ontwikkeling heeft bijgedragen tot dalende en negatieve
winsten en uiteindelijk tot de ontslagen die aanleiding gaven tot deze
aanvraag. Bewijsstukken voor het aantal ontslagen
en naleving van de criteria van artikel 2, onder a) 9. De aanvraag werd door
Duitsland ingediend in het kader van het criterium voor steunverlening van
artikel 2, onder a), van Verordening (EG) nr. 1927/2006, op grond waarvan ten
minste 500 gedwongen ontslagen moeten plaatsvinden binnen een periode van 4
maanden in een onderneming in een lidstaat, met inbegrip van de ontslagen bij
leveranciers en downstreamproducenten. 10. De aanvraag maakt melding van
2 177 ontslagen bij manroland AG en 62 bij twee van haar
dochterondernemingen, alsook van 45 bij een toeleverancier (Gefinal Systema),
wat neerkomt op in totaal 2 284 ontslagen, waarvan 2 239 plaatsvonden
tijdens de referentieperiode van vier maanden van 1 januari 2012 tot en met 30
april 2012. De ontslagen bij manroland AG en haar dochterondernemingen werden
berekend overeenkomstig artikel 2, lid 2, tweede streepje, van Verordening (EG)
nr. 1927/2006, terwijl die bij Gefinal Systema werden berekend overeenkomstig
artikel 2, lid 2, eerste streepje, van Verordening (EG) nr. 1927/2006. Het onvoorziene karakter van deze
ontslagen 11. De Duitse autoriteiten voeren
aan dat manroland een wereldleider in rollenoffsetpersen was en in het verleden
veel ups en downs in de bedrijfscyclus had doorstaan, waardoor zij kon bogen op
waardevolle ervaringen bij het beheer van een bedrijf in tijden waarin het
minder goed ging. Zij was met haar werknemers reeds een loonsverlaging en een
geleidelijke afbouw van haar personeel in 2011 en 2012 overeengekomen. Vorige
verliezen waren door haar eigenaren Allianz Capital Partners en MAN
gecompenseerd. In het najaar van 2011 weigerden de eigenaren verdere betalingen
te doen, wat direct heeft geleid tot de insolventie van manroland en het
ontslag van een derde van haar arbeidskrachten. De bedrijven waar de ontslagen vallen,
en de werknemers voor wie steun wordt aangevraagd 12. De aanvraag betreft 2 284
ontslagen waarvan 2 177 plaatsvonden bij manroland AG, 62 bij twee van
haar dochterondernemingen (manroland Vertrieb und Service GmbH en manroland
Vertrieb und Service Deutschland GmbH) en 45 bij de toeleverancier Gefinal
Systema (een metaalverwerkende onderneming). Van deze ontslagen komen
2 103 in aanmerking voor EFG-maatregelen. 13. Uitsplitsing van de werknemers
voor wie steun wordt aangevraagd: Categorie || Aantal || Percentage Mannen || 1 836 || 87,30 Vrouwen || 267 || 12,70 EU-burgers || 1 979 || 96,96 Niet-EU-burgers || 62 || 3,04 15-24 jaar || 45 || 2,14 25-54 jaar || 1 514 || 71,99 55-64 jaar || 543 || 25,82 Ouder dan 64 jaar || 1 || 0,05 14. Voor de 62 werknemers van de
dochterondernemingen is geen uitsplitsing naar nationaliteit beschikbaar en
daarom zijn de percentages in de relevante categorieën gebaseerd op een totaal
van 2 041. 15. Van de voor steun in aanmerking
komende werknemers hebben 142 een langdurig gezondheidsprobleem of een
handicap. 16. Uitsplitsing per
beroepscategorie: Categorie || Aantal || Percentage Beleidvoerende en hogere leidinggevende functies || 15 || 0,73 Intellectuele, wetenschappelijke en artistieke beroepen || 93 || 4,56 Technici en lagere functies || 273 || 13,38 Administratieve functies || 167 || 8,18 Ambachtsberoepen en verwante beroepen || 93 || 4,56 Bedieningspersoneel van installaties en machines en assembleurs || 1 321 || 64,72 Lagere beroepen || 79 || 3,87 17. Voor de 62 werknemers van de
dochterondernemingen is geen uitsplitsing naar beroepscategorie beschikbaar en
daarom zijn de percentages in deze tabel gebaseerd op een totaal van
2 041. 18. Overeenkomstig artikel 7 van
Verordening (EG) nr. 1927/2006 heeft Duitsland verklaard dat in de
verschillende stadia van de tenuitvoerlegging van het EFG, en met name bij de
toegang ertoe, een beleid inzake gelijkheid van mannen en vrouwen en
non-discriminatie is toegepast en ook verder zal worden toegepast. Beschrijving van het betrokken gebied,
de autoriteiten ervan en andere belanghebbenden 19. Deze ontslagen betreffen drie
vrij verschillende regio's van Duitsland. De eerste is Augsburg (Beieren), de
tweede Offenbach (Hessen) en de derde Plauen (Saksen). Andere aangrenzende
grote steden worden ook door de sluiting en de ontslagen getroffen, waaronder
Aschaffenburg, Wiesbaden, Darmstadt en Frankfurt/Main. 20. De zwakste regio is Plauen,
gelegen in het oostelijke deel van Duitsland, met een kleine bevolking maar een
hoge afhankelijkheid van sociale uitkeringen. Door de insolventie van manroland
verdwijnt nu de op twee na grootste werkgever van het gebied (700 werknemers
vóór de sluiting) en een van slechts drie werkgevers die groot genoeg zijn om
met hun werknemers collectieve loonovereenkomsten te sluiten. Verwachte gevolgen van de ontslagen op
de plaatselijke, regionale of nationale werkgelegenheid 21. manroland had vóór haar
insolventie 6 500 werknemers in dienst. Zij was een moderne producent van
machines met moderne knowhow en aantrekkelijke lonen. De ontmanteling van deze
onderneming (met een verlies van een derde van haar arbeidskrachten) zal een
verlies van vaardigheden met zich brengen, wat nadelige gevolgen kan hebben
voor andere werkgevers en de betrokken regio's. Werknemers die een nieuwe baan
vinden, zullen lagere lonen moeten accepteren, die op hun beurt hun koopkracht
en de kasstroom in de plaatselijke economie zullen verminderen. De drie regio's
zullen bovendien een van de invloedrijkste werkgevers verliezen en er bestaat geen
onmiddellijk vooruitzicht op een gelijkwaardige opvolger in de nabije toekomst. 22. Veel werknemers waren
gedurende lange perioden bij manroland in dienst en hadden als gevolg van hun
anciënniteit hoge loonniveaus bereikt. Wegens hun leeftijd zullen zij het
moeilijk hebben om snel een nieuwe baan te vinden en het is bijna onmogelijk
dat zij dezelfde loonniveaus opnieuw zullen bereiken. 23. De onderstaande tabel laat de
werkloosheidspercentages in de getroffen gebieden en de procentuele verandering
in vergelijking met dezelfde maand van het jaar daarvoor zien. Regio || Werkloosheidspercentage februari 2012 || Verandering in werkloosheid februari 2012/februari 2011 Duitsland || 7,9 || Augsburg || 5,4 || +4,5 % Offenbach || 8,3 || +6,7 % Plauen || 11,7 || +2,9 % Gecoördineerd pakket van individuele
dienstverlening waarvoor financiering wordt aangevraagd, gespecificeerde
kostenraming en complementariteit met door de structuurfondsen gefinancierde
acties 24. De bij manroland betrokken
sociale partners keurden in januari 2012 een sociaal plan goed, dat de
oprichting van re-integratiebedrijven voor de ontslagen werknemers omvat. Voor
Augsburg en Plauen is de coöordinator PTG (Projekt- und Trainingsgesellschaft)
en het re-integratiebedrijf zal functioneren van 1 februari 2012 tot en met 31
januari 2013. Voor Offenbach is het re-integratiebedrijf de PRM
Personalentwicklungs-gesellschaft, die zal functioneren van 1 februari 2012 tot
en met 31 juli 2012, met mogelijkheid tot verlenging van de duur daarvan. 25. De volgende maatregelen worden
voorgesteld: –
Uitkering voor korte duur
('Transferkurzarbeitergeld'): dit is een
bestaansuitkering die door de openbare diensten voor arbeidsvoorziening wordt
betaald op grond van het nettoloon dat de werknemer vroeger verdiende. De
hoogte daarvan bedraagt 60 % van het vorige nettoloon en stijgt tot 67 % als in
het huishouden van de ontvanger ten minste een kind verblijft. manroland heeft
zich ertoe verbonden om het verschil tussen dit bedrag en 80 % van het vorige
loon te betalen. Duitsland schat dat deze uitkering gemiddeld gedurende zes à
acht maanden aan elke werknemer zal worden betaald. In het budget voor deze
maatregel is voorzien in een korting voor de uitkeringen die worden gebruikt
voor de medefinanciering van uit het ESF gefinancierde opleidingen in de
aanvangsfase, en verdere kortingen worden gebudgetteerd voor perioden waarin de
werknemers niet deelnemen aan maatregelen in het kader van een actief
arbeidsmarktbeleid. De uitkering zal worden betaald aan de 2 001
werknemers die besloten hebben om met het re-integratiebedrijf samen te werken.
De 102 werknemers die naar verwachting aan de maatregelen zullen deelnemen maar
niet met het re-integratiebedrijf zullen samenwerken, zullen een
werkloosheidsuitkering ontvangen (niet opgenomen in het EFG-pakket). –
Opleidingscursussen die worden afgesloten met
kwalificaties: deze cursussen zijn hoofdzakelijk bestemd voor de voormalige
werknemers van de dochtermaatschappijen en de toeleverancier, aangezien de
voormalige werknemers van manroland AG reeds goed gekwalificeerd zijn. Er
zullen meer gespecialiseerde cursussen worden aangeboden om voort te bouwen op
hun bestaande kwalificaties. De betrokkenen zal de mogelijkheid worden geboden
om de voor hen meest geschikte cursussen te volgen, op basis van het initiële interview
en hun profiel. Er zullen cursussen voor zowel zachte als harde vaardigheden
worden aangeboden en de door de werkervaring opgedane vaardigheden zullen
worden gecertificeerd. De duur van de cursussen varieert tussen 3 en 100 dagen. –
Workshops en peer groups: deze zullen worden
gecreëerd in verschillende constellaties, bv. voor oudere werknemers, voor
werknemers met een handicap, volgens het type opleiding, zoals vereist. Elke
groep zal haar eigen mentor hebben. –
Bijkomende maatregelen en zoeken naar werk op
international vlak: het progamma zal aan de ontslagen werknemers de
mogelijkheid bieden om een aantal tests te ondergaan, waaronder psychologische
tests, medische checkups of competentietests. De werknemers zullen worden
geholpen bij het verkrijgen van arbeidsreferenties en door toekomstige
werkgevers vereiste bewijzen inzake preventieve gezondheidsmaatregelen (bv.
vaccinaties). Activiteiten zoals deelname aan banenbeurzen, talencursussen,
vertaling van vorige kwalificaties, interculturele opleiding, enz. zullen naar
behoefte worden aangeboden. –
Uitgebreid advies voor bedrijfsstarters: ontslagen
werknemers die een eigen bedrijf willen starten, kunnen steun krijgen voor de
planning, realisatie en financiering van hun bedrijf. Bovendien zullen
basiscompetenties op het gebied van bedrijfsbeheer, marketing en verkoop worden
aangeleerd. Individuele advisering en coaching is mogelijk, evenals contacten
met netwerken en diverse specifieke deskundigen (juristen, belastingadviseurs,
marketingdeskundigen, bankdeskundigen, enz.) –
Zoeken naar werk: de re-integratiebedrijven
gebruiken hun contacten met werkgevers in hun regio om informatie te verkrijgen
over toekomstige vacatures die nog niet zijn gepubliceerd. Zij zoeken dan de
meest geschikte kandidaten uit de pool van EFG-werknemers en brengen hen in
contact met de potentiële werkgevers. Als de werknemers niet over de vereiste
vaardigheden beschikken, zal de nodige opleiding worden verstrekt. –
Activeringstoeslag: die is bedoeld om ontslagen
werknemers te helpen bij het nemen van een beslissing om een lager betaalde
baan aan te nemen (ten minste 10% lager dan hun vorige brutoloon). Dit is een
eenmalige premie van 4 000 EUR aan het begin van de EFG-maatregelen, die
wordt verminderd tot 1 000 EUR als hij wordt uitgekeerd aan het einde van
de uitvoeringsfase. –
Coaching en advisering in een nieuwe baan en bij
werkloosheid: zodra een ontslagen werknemer een nieuwe baan heeft aangenomen en
nog steun nodig heeft, kan een coach uit het re-integratiebedrijf advies
blijven verstrekken om ervoor te zorgen dat de werknemer zich onder optimale
omstandigheden kan inwerken. De werknemers die nog geen nieuwe baan hebben
gevonden op het ogenblik dat het re-integratiebedrijf stopt met zijn
activiteiten, blijven mentoringsteun van het relevante personeel ontvangen, dat
hen ook zal helpen bij de opstelling van hun personeelsdossiers die als
toekomstige referenties kunnen dienen. 26. De in de
aanvraag vermelde uitgaven voor de implementatie van het EFG overeenkomstig
artikel 3 van Verordening (EG) nr. 1927/2006 dekken activiteiten op het vlak
van voorbereiding, beheer en controle, alsook voorlichting en publiciteit. Dit
omvat regelmatige vergaderingen met de sociale partners en andere
belanghebbenden, met wie zowel de noodzaak van een EFG-aanvraag als de inhoud
daarvan reeds is besproken voordat de aanvraag wordt ingediend. De
informatieactiviteiten omvatten een website die de positieve effecten van het
EFG belicht. 27. De door de Duitse autoriteiten
voorgestelde individuele dienstverlening omvat actieve arbeidsmarktmaatregelen
die op grond van artikel 3 van Verordening (EG) nr. 1927/2006 voor
financiering in aanmerking komen. De Duitse autoriteiten schatten de totale
kosten op 10 705 889 EUR, waarvan 10 305 889 EUR voor
de uitgaven voor de individuele dienstverlening en 400 000 EUR voor de
uitgaven voor de implementatie van het EFG (3,74 % van het totale bedrag). Van
het EFG wordt in totaal een bijdrage van 5 352 944 EUR (50 % van de
totale kosten) gevraagd. Acties || Geschat aantal werknemers voor wie steun wordt aangevraagd || Geschatte kosten per betrokken werknemer (EUR) || Totale kosten (EFG en nationale medefinanciering) (EUR) Individuele dienstverlening (artikel 3, eerste alinea, van Verordening (EG) nr. 1927/2006) Uitkering voor korte duur (Transferkurzarbeitergeld): || 2 001 || 2 727,67 || 5 458 067,67 Opleidingscursussen die worden afgesloten met kwalificaties (Qualifizierungsmassnahmen) || 770 || 2 293,01 || 1 765 617,70 Workshops en peer groups || 1 453 || 327,58 || 475 973,74 Bijkomende maatregelen en zoeken naar werk op international vlak (Flankierende und internationale Unterstuetzung) || 1 135 || 186,01 || 211 121,35 Uitgebreid advies voor bedrijfsstarters (Existenzgruenderberatung) || 60 || 621,93 || 37 315,80 Zoeken naar werk (Stellenresearch) || 1 050 || 275,19 || 288 949,50 Activeringstoeslag (Aktivierungszuschuss) || 430 || 2 709,92 || 1 165 265,60 Coaching en advisering in een nieuwe baan en bij werkloosheid (Nachbetreuung) || 1 050 || 860,55 || 903 577,50 Subtotaal individuele dienstverlening || || 10 305 889 Uitgaven voor de implementatie van het EFG (artikel 3, derde alinea, van Verordening (EG) nr. 1927/2006) Voorbereidende activiteiten || || 20 000 Beheer || || 340 000 Voorlichting en publiciteit || || 20 000 Controle || || 20 000 Subtotaal uitgaven voor de implementatie van het EFG || || 400 000 Totale geschatte kosten || || 10 705 889 EFG-bijdrage (50 % van de totale kosten) || || 5 352 944 28. Duitsland bevestigt dat de
hierboven beschreven maatregelen complementair zijn met door de
structuurfondsen gefinancierde acties. De vroege maatregelen die ter
ondersteuning van deze groep van werknemers zijn genomen (vanaf 1 februari
2012), worden door het Europees Sociaal Fonds uit het operationele programma
ESF-BA medegefinancierd. Er zal een duidelijke afbakening zijn tussen deze
maatregelen en de door het EFG medegefinancierde maatregelen. De Duitse
autoriteiten hebben bevestigd dat de nodige bepalingen zijn vastgesteld om
dubbele financiering door financiële instrumenten van de EU te voorkomen. 29. Duitsland stelt in zijn
aanvraag verder dat het EFG-pakket zorgt voor een significante meerwaarde ten
aanzien van wat mogelijk zou zijn geweest met nationale en ESF-middelen. Dit
omvat duurdere opleidingen, langere cursussen die tot betere kwalificaties
leiden en een langere periode voor de ondersteuning van de werknemers dan
mogelijk zou zijn geweest voor een re-integratiebedrijf zonder
EFG-financiering. Datum/data waarop met individuele
dienstverlening aan de getroffen werknemers is begonnen of waarop gepland is
daarmee te beginnen 30. Op 1 augustus 2012 maakte
Duitsland ten behoeve van de getroffen werknemers een begin met de individuele
dienstverlening van het gecoördineerde pakket, waarvoor een financiële bijdrage
van het EFG wordt aangevraagd. Deze datum geldt daarom als het begin van de
periode waarin uitgaven voor een eventuele ondersteuning uit het EFG in
aanmerking komen. Wijze waarop de sociale partners zijn
geraadpleegd 31. De sociale partners en andere
belanghebbenden zijn vanaf het begin betrokken bij de planning en implementatie
van deze aanvraag. Op 16 april 2012 is een rondetafelvergadering georganiseerd
met alle belanghebbenden, inclusief de werknemersvertegenwoordigers, tijdens
welke de sleutelgegevens van de EFG-aanvraag werden gepresenteerd en alle
partijen hun steun toezegden. Bovendien hebben de verschillende belanghebbenden
besloten om nauw samen te werken bij de implementatie van de maatregelen. 32. De Duitse autoriteiten hebben
bevestigd dat aan de voorschriften van de nationale en EU-wetgeving betreffende
collectieve ontslagen is voldaan. Informatie over acties die volgens de
nationale wetgeving of collectieve overeenkomsten verplicht zijn 33. In verband met de criteria van
artikel 6 van Verordening (EG) nr. 1927/2006 hebben de Duitse autoriteiten in
de aanvraag: · bevestigd dat de financiële bijdrage van het EFG niet in de plaats komt
van maatregelen die krachtens de nationale wetgeving of collectieve
arbeidsovereenkomsten onder de verantwoordelijkheid van de ondernemingen
vallen; · aangetoond dat de maatregelen ten doel hebben steun te verlenen aan
individuele werknemers en niet worden gebruikt om ondernemingen of sectoren te
herstructureren; · bevestigd dat voor de hierboven vermelde subsidiabele maatregelen geen
steun uit andere EU-financieringsinstrumenten wordt ontvangen. Beheers- en controlesystemen 34. Duitsland heeft de Commissie
meegedeeld dat de financiële bijdrage zal worden beheerd door dezelfde
instanties die ook de vorige EFG-bijdragen aan Duitsland hebben beheerd – in
het Bondsministerie van Arbeid en Sociale Zaken (Bundesministerium für Arbeit
und Soziales) zal de "Gruppe Europaïsche Fonds für Beschäftigung – Referat
EF 3" optreden als beheersautoriteit en de "Organisationseinheit
Prüfbehörde" als controleautoriteit voor deze zaak. Financiering 35. Op grond van de aanvraag van
Duitsland bedraagt de voorgestelde bijdrage uit het EFG aan het gecoördineerde
pakket van individuele dienstverlening (met inbegrip van de uitgaven voor de
implementatie van het EFG) 5 352 944 EUR (50 % van de totale
kosten). De Commissie heeft haar voorstel voor een bijdrage uit het fonds
gebaseerd op de informatie van Duitsland. 36. Gezien het beschikbare
maximumbedrag aan bijdragen uit het EFG ingevolge artikel 10, lid 1,
van Verordening (EG) nr. 1927/2006, alsook de mogelijkheden tot
herschikking van de kredieten, stelt de Commissie voor om uit het EFG het
hierboven vermelde totale bedrag beschikbaar te stellen, dat zal worden
toegewezen onder rubriek 1a van het financiële kader. 37. Het voorgestelde bedrag van de
financiële bijdrage laat meer dan 25 % van het jaarlijkse maximumbedrag
van het EFG beschikbaar voor toewijzingen tijdens de laatste vier maanden van
het jaar, zoals voorgeschreven bij artikel 12, lid 6, van Verordening
(EG) nr. 1927/2006. 38. Met haar voorstel om middelen
uit het EFG beschikbaar te stellen, leidt de Commissie de vereenvoudigde
trialoogprocedure in, zoals voorgeschreven in punt 28 van het
Interinstitutioneel Akkoord van 17 mei 2006, om van de twee takken van de
begrotingsautoriteit de instemming te verkrijgen betreffende de noodzaak van
het fonds gebruik te maken en betreffende het vereiste bedrag. De Commissie
verzoekt de eerste tak van de begrotingsautoriteit die op het passende
politieke niveau overeenstemming bereikt over het ontwerpvoorstel voor een
beschikbaarstelling uit het fonds, de andere tak en de Commissie van zijn
voornemens op de hoogte te brengen. Indien één van de twee takken van de
begrotingsautoriteit het niet met het voorstel eens is, wordt een formele
trialoogvergadering bijeengeroepen. 39. De Commissie zal apart een
overschrijvingsverzoek indienen teneinde specifieke vastleggingskredieten in de
begroting voor 2012 op te nemen, zoals voorgeschreven in punt 28 van het
Interinstitutioneel Akkoord van 17 mei 2006. Herkomst van de betalingskredieten 40. Kredieten van het
EFG-begrotingsonderdeel zullen worden gebruikt ter dekking van het voor deze
aanvraag benodigde bedrag van 5 352 944 EUR. Voorstel voor een BESLUIT VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE
RAAD betreffende de beschikbaarstelling van
middelen uit het Europees Fonds voor aanpassing aan de globalisering
overeenkomstig punt 28 van het Interinstitutioneel Akkoord van 17 mei 2006
tussen het Europees Parlement, de Raad en de Commissie betreffende de
begrotingsdiscipline en een goed financieel beheer (aanvraag EGF/2012/002 DE/
manroland, Duitsland) HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD VAN
DE EUROPESE UNIE, Gezien het Verdrag betreffende de werking van
de Europese Unie, Gezien het Interinstitutioneel Akkoord van
17 mei 2006 tussen het Europees Parlement, de Raad en de Commissie
betreffende de begrotingsdiscipline en een goed financieel beheer[7], en met name punt 28, Gezien Verordening (EG) nr. 1927/2006 van het
Europees Parlement en de Raad van 20 december 2006 tot oprichting van een
Europees fonds voor aanpassing aan de globalisering[8], en met name artikel 12, lid 3, Gezien het voorstel van de Europese Commissie[9], Overwegende hetgeen volgt: (1) Het Europees fonds voor
aanpassing aan de globalisering (EFG) is opgericht om extra steun te verlenen
aan werknemers die worden ontslagen als gevolg van door de globalisering
veroorzaakte grote structurele veranderingen in de wereldhandelspatronen en om
hen te helpen bij hun terugkeer op de arbeidsmarkt. (2) Het Interinstitutioneel
Akkoord van 17 mei 2006 staat uitgaven uit het EFG toe voor een
jaarlijks maximumbedrag van 500 miljoen EUR. (3) Duitsland heeft op 4 mei 2012
een aanvraag ingediend om middelen uit het EFG beschikbaar te stellen voor
ontslagen bij de onderneming manroland AG, twee van haar dochtermaatschappijen
en een toeleverancier en heeft aanvullende informatie tot en met 10 juli 2012
verstrekt. Deze aanvraag voldoet aan de voorwaarden voor een financiële
bijdrage overeenkomstig artikel 10
van Verordening (EG) nr. 1927/2006. Bijgevolg stelt de
Commissie voor om een bedrag van 5 352 944 EUR beschikbaar te
stellen. (4) Er moeten daarom middelen uit
het EFG beschikbaar worden gesteld om te voorzien in een financiële bijdrage
voor de door Duitsland ingediende aanvraag, HEBBEN HET VOLGENDE BESLUIT
VASTGESTELD: Artikel 1 Ten laste van de algemene begroting van de
Europese Unie voor het begrotingsjaar 2012 wordt een bedrag
van 5 352 944 EUR aan vastleggings- en betalingskredieten
beschikbaar gesteld uit het Europees fonds voor aanpassing aan de globalisering
(EFG). Artikel 2 Dit besluit wordt bekendgemaakt in het Publicatieblad
van de Europese Unie. Gedaan te Brussel, Voor het Europees Parlement Voor
de Raad De
voorzitter De voorzitter [1] PB C 139 van 14.6.2006, blz. 1. [2] PB L 406 van 30.12.2006, blz. 1. [3] Overeenkomstig artikel 3, derde alinea, van Verordening
(EG) nr. 1927/2006. [4] Gisela Lanza, Thomas Ender, Dennis Schuler, Stevens
Peters (2011), Chancen und Risiken des deutschen Maschinen- und Anlagenbaus in
der chinesischen Automobilindustrie, Global Advanced Manufacturing Institute en
Karlsruhe Institute of Technology. [5] European Commission (2011), Study on the Future
Opportunities and Challenges of EU-China Trade and Investment Relations. Study 1: Machinery, p. 3. [6] Bronnen: manroland AG, marktonderzoek. [7] PB C 139 van 14.6.2006, blz. 1. [8] PB L 406 van 30.12.2006, blz. 1. [9] PB C […] van […], blz.. […].