This document is an excerpt from the EUR-Lex website
Document 52012DC0303
Recommendation for a COUNCIL RECOMMENDATION on the Czech Republic’s 2012 national reform programme and delivering a Council opinion on the Czech Republic’s convergence programme for 2012-2015
Aanbeveling voor een AANBEVELING VAN DE RAAD over het nationale hervormingsprogramma 2012 van Tsjechië en met een advies van de Raad over het convergentieprogramma van Tsjechië voor de periode 2012-2015
Aanbeveling voor een AANBEVELING VAN DE RAAD over het nationale hervormingsprogramma 2012 van Tsjechië en met een advies van de Raad over het convergentieprogramma van Tsjechië voor de periode 2012-2015
/* COM/2012/0303 final - 2012/ () */
Aanbeveling voor een AANBEVELING VAN DE RAAD over het nationale hervormingsprogramma 2012 van Tsjechië en met een advies van de Raad over het convergentieprogramma van Tsjechië voor de periode 2012-2015 /* COM/2012/0303 final - 2012/ () */
Aanbeveling voor een AANBEVELING VAN DE RAAD over het nationale hervormingsprogramma 2012
van Tsjechië
en met een advies van de Raad over het convergentieprogramma van Tsjechië
voor de periode 2012-2015 DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE, Gezien het Verdrag betreffende de werking van
de Europese Unie, en met name artikel 121, lid 2, en artikel 148, lid 4, Gezien Verordening (EG) nr. 1466/97 van
de Raad van 7 juli 1997 over versterking van het toezicht op
begrotingssituaties en het toezicht op en de coördinatie van het economisch
beleid[1],
en met name artikel 5, lid 2, Gezien de aanbeveling van de Europese
Commissie[2], Gezien het advies van het Europees Parlement[3], Gezien de conclusies van de Europese Raad, Gezien het advies van het Comité voor de
werkgelegenheid, Na raadpleging van het Economisch en
Financieel Comité, Overwegende hetgeen volgt: (1) Op 26 maart 2010 hechtte de
Europese Raad zijn goedkeuring aan het voorstel van de Europese Commissie voor
een nieuwe groei- en werkgelegenheidstrategie. Deze Europa 2020-strategie moet
voor betere coördinatie van het economisch beleid zorgen en zich toespitsen op
de sleutelgebieden waarop Europa’s potentieel voor duurzame groei en
concurrentievermogen een krachtige impuls nodig heeft. (2) De Raad heeft op 13 juli 2010
een aanbeveling inzake de globale richtsnoeren voor het economisch beleid van
de lidstaten en de Unie (2010–2014) en op 21 oktober 2010 een besluit
betreffende de richtsnoeren voor het werkgelegenheidsbeleid van de lidstaten[4] aangenomen, die samen de
"geïntegreerde richtsnoeren" vormen. De lidstaten werd verzocht in
hun nationaal economisch en werkgelegenheidsbeleid met de geïntegreerde
richtsnoeren rekening te houden. (3) Op 12 juli 2011 heeft de Raad
een aanbeveling aangenomen over het nationale hervormingsprogramma voor 2011
van Tsjechië en heeft hij zijn advies uitgebracht over het
convergentieprogramma van Tsjechië voor de periode 2011-2014. (4) Op 23 november 2011
hechtte de Commissie haar goedkeuring aan de tweede jaarlijkse groeianalyse en
gaf daarmee de aanzet tot het tweede Europees Semester van voorafgaande en
geïntegreerde beleidscoördinatie, dat op de Europa 2020-strategie berust. Op
14 februari 2012 heeft de Commissie op grond van
Verordening (EU) nr. 1176/2011 het Waarschuwingsmechanismeverslag[5] aangenomen. Daarin werd Tsjechië
niet genoemd als een van de lidstaten die aan een diepgaande evaluatie zouden
worden onderworpen. (5) Op 2 maart 2012 heeft de
Europese Raad de prioriteiten inzake financiële stabiliteit,
begrotingsconsolidatie en groeibevorderende maatregelen goedgekeurd. Hij
benadrukte de noodzaak van een gedifferentieerde, groeivriendelijke
begrotingsconsolidatie, een normalisering van de kredietverschaffing aan de
economie, de bevordering van groei en concurrentievermogen, het aanpakken van
de werkloosheid en van de sociale gevolgen van de crisis, en de modernisering
van de overheidsdiensten. (6) Op 25 april 2012
heeft Tsjechië zijn convergentieprogramma voor de periode 2012–2015 ingediend
en op 13 april 2012 zijn nationale hervormingsprogramma 2012. Om met de
onderlinge verbanden rekening te houden zijn beide programma's terzelfder tijd
geëvalueerd. (7) Op basis van de
overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1466/97 verrichte evaluatie van het
convergentieprogramma komt de Raad tot de conclusie dat het aan de
begrotingsprognoses van het programma ten grondslag liggende macro-economische
scenario aannemelijk lijkt. In het convergentieprogramma wordt ervan uitgegaan
dat de bbp-groei zal uitkomen op 0,2% en 1,3% in respectievelijk 2012 en 2013,
ten opzichte van 0% en 1,5% in respectievelijk 2012 en 2013 in de
voorjaarsprognose 2012 van de Commissie. Met de in het programma uitgestippelde
begrotingsstrategie wordt beoogd in 2016 een begrotingsevenwicht te
bewerkstelligen. De tekortdoelstelling voor 2013 van 2,9% van bbp strookt met
de in de aanbevelingen van de Raad van 2 december 2009 vastgestelde termijn
voor het corrigeren van het buitensporig tekort. De gemiddelde jaarlijkse
begrotingsinspanning van 0,9% van het bbp in de periode 2010-2013, waarbij is
uitgegaan van het (herberekende) structurele begrotingssaldo[6], is iets lager dan de door de
Raad aanbevolen inspanning van 1%. Het programma bevestigt de eerdere
budgettaire middellangetermijndoelstelling (MTD) van een in 2015 te bereiken
structureel tekort van 1% van het bbp, waarmee de vereisten van het
stabiliteits- en groeipact op adequate wijze in acht worden genomen. Afgaande
op het (herberekende) structurele begrotingssaldo bedraagt de vooruitgang
richting de MTD in 2014 en 2015 respectievelijk 0,8% en 0,7% van het bbp en is
het groeipercentage van de overheidsuitgaven in overeenstemming met de
uitgavenbenchmark van het stabiliteits- en groeipact. De begrotingsprognoses
van het programma zijn aan verscheidene risico's onderhevig. De wet inzake
financiële compensatie voor kerken, die momenteel in het parlement wordt
besproken, zou in het jaar van zijn inwerkingtreding resulteren in een toename
van het begrotingstekort met 1,5% van het bbp. Meer in het algemeen houden de
aard en de omvang van de beoogde consolidatiemaatregelen aan zowel de
ontvangsten als de uitgavenzijde een aanzienlijk risico in voor de houdbaarheid
van de begrotingsaanpassing na de programmaperiode. Tot nu toe is de
begrotingsaanpassing grotendeels gebaseerd op besparingen over de hele linie,
waarmee ook groeibevorderende uitgaven worden getroffen. In de periode
2013-2015 zijn extra besparingen in de uitgaven voor de overheidsdiensten
gepland ten belope van bijna 1% van het bbp, waarvan de details in het
programma evenwel niet voldoende gespecificeerd worden. Ten slotte zijn de
meeste geplande maatregelen aan de ontvangstenzijde tijdelijke maatregelen, die
in 2015 zullen aflopen. Volgens het programma bereikt de schuldquote in 2013
een piek van 45,1% om vervolgens af te nemen, grotendeels wegens de voorspelde
aanhoudende verbetering van het primaire saldo. (8) In 2011 hebben de Tsjechische
autoriteiten ermee ingestemd het verlaagd btw-tarief en de accijnzen op tabak
te verhogen. Voorts hebben zij een ingrijpende hervorming van de belasting op
arbeid goedgekeurd, die in 2014 in werking zou moeten treden. In april 2012 is
op regeringsniveau overeenstemming bereikt over verdere wijzigingen van het
belastingsstelsel. Een aantal wijzigingen hebben betrekking op de milieu- en
onroerendezaakbelasting, die momenteel te laag worden belast. Het voorgestelde
tijdelijke karakter van sommige maatregelen voor de belasting op arbeid kan
extra nalevingskosten en een geringere voorspelbaarheid voor de
belastingbetalers met zich brengen. Voorts zouden de nieuwe voorstellen slechts
ten dele soelaas brengen voor de kwestie van de effectieve lage belastingdruk voor
zelfstandigen ten opzichte van werknemers die het gevolg is van het feit dat op
grote schaal gebruik wordt gemaakt van forfaitaire bedragen en aftrekbare
bedragen. Ten slotte heeft de regering fraudebestrijdingsmaatregelen genomen op
het vlak van de btw en de brandstofbelastingen en heeft zij de eerste stappen
gezet met het oog op de invoering van één enkel inningspunt. De naleving van de
belastingwetgeving blijft evenwel nog steeds een probleem en het huidig stelsel
voor het innen van de belastingen is niet gebaseerd op een goed samenhangende
en breed opgezette belastingnalevingsstrategie. (9) De Tsjechische regering is
het eens geworden over een hervorming van het pensioenstelsel die ten dele is
uitgevoerd en tot doel heeft de begroting weer houdbaar te maken en de
pensioenspaargelden te verhogen. De verwachte budgettaire onevenwichtigheden in
het pensioenstelsel zijn nog steeds relatief hoog ten opzichte van het
EU-gemiddelde. De hervorming voorzag niet in een expliciete koppeling tussen de
pensioenleeftijd en de levensverwachting. De capaciteit van de nieuw opgerichte
pijler om in de toekomst bij te dragen tot hogere gemiddelde pensioenen hangt
af van de participatiegraad van de werknemers, en in het bijzonder jongere
werknemers, en het verwachte rendement op lange termijn. Er werden evenwel geen
maatregelen aangekondigd om de deelname aan deze pijler te bevorderen. Meer
voorlichting voor potentiële spaarders is aangewezen. Daarnaast vormt de door
de regering voorgestelde nieuwe regeling voor vervroegde uittreding een
aanzienlijk risico voor de geloofwaardigheid en de opzet van de hervormingen om
zowel een daadwerkelijke verhoging van de pensioenleeftijd als toereikende
pensioenen tot stand te brengen. (10) Het totale
werkloosheidspercentage ligt onder het EU-gemiddelde, maar vrouwen met kinderen
en andere kwetsbare groepen ondervinden moeilijkheden om ten volle te kunnen
deelnemen aan de arbeidsmarkt. Voor een snellere terugkeer op de arbeidsmarkt
na afloop van het ouderschapsverlof, waarbij het verlies aan vaardigheden wordt
voorkomen, moet gezorgd worden voor een groter aanbod van voorzieningen voor
kinderopvang, in het bijzonder voor kinderen jonger dan drie jaar. In dit
verband heeft de regering de technische voorschriften versoepeld voor het
oprichten van bedrijfscrèches en is zij voornemens het gebruik van particuliere
kinderopvang aan te moedigen met fiscale prikkels, waarmee de aanbevelingen
gedeeltelijk ten uitvoer worden gelegd. Aangezien het percentage kinderen onder
de drie jaar waarvoor van officiële opvangregelingen gebruik wordt gemaakt,
slechts 3% bedraagt (ten opzichte van 24% in de EU-27 (cijfers 2009)) zijn
verdere maatregelen noodzakelijk om de arbeidsmarktparticipatie van ouders met
jonge kinderen te verhogen. (11) Er zijn verscheidene
maatregelen genomen om de prestaties van de overheidsdienst voor
arbeidsvoorziening te verbeteren. Regionale arbeidsbureaus vallen voortaan
onder de verantwoordelijkheid van een nieuwe centrale dienst voor
arbeidsbemiddeling en als onderdeel van een bredere hervorming van de sociale
uitkeringen is de verantwoordelijkheid voor de uitbetaling van niet op een
verzekeringstelsel gebaseerde sociale uitkeringen overgeheveld van de gemeenten
naar de arbeidsbureaus. Door de hieruit voortvloeiende toename van de werklast
zal het personeel van de overheidsdienst voor arbeidsvoorziening evenwel nog
meer onder druk komen te staan, terwijl het personeelsbestand van deze dienst
in 2011 reeds met 12 % is ingekrompen. Om te zorgen voor een betere
arbeidsbemiddeling is werk gemaakt van de uitbesteding van diensten voor
arbeidsbemiddeling aan particuliere bedrijven. De vergoedingenstructuur lijkt
evenwel tekortkomingen te vertonen. Derhalve zijn meer inspanningen nodig om te
zorgen voor een betere kwaliteit en effectiviteit van opleiding, hulp bij het
vinden van een baan en gepersonaliseerde dienstverlening. Er moet worden
gezorgd voor de noodzakelijke middelen en stimulansen. Een
rendementsbeoordeling moet worden ingevoerd om doelgerichter te kunnen werken,
waarbij acties en de financiering van activeringsprogramma's aan bereikte
resultaten moeten worden gekoppeld. (12) Op het vlak van de efficiënte
werking van de overheidsdiensten kan nog heel wat verbeterd worden, ondanks de
verbeteringen die recentelijk op sommige terreinen tot stand zijn gekomen,
zoals e-overheidsdiensten en de verlichting van de administratieve lasten voor
bedrijven. Wat betreft de strategie voor corruptiebestrijding is de
belangrijkste verwezenlijking de goedkeuring van de nieuwe wet inzake
overheidsopdrachten, die sedert april 2012 van kracht is. Een correcte
handhaving en uitvoering zullen evenwel cruciaal zijn voor de geloofwaardigheid
en doeltreffendheid van de wet. Het vraagstuk van het anonieme aandelenbezit is
momenteel nog niet aangepakt. Er wordt momenteel nog gewerkt aan de
ambtenarenwet die evenwel onverwijld moet worden vastgesteld om aan de
overheidsdiensten de noodzakelijke stabiliteit te verlenen. Voorts worden de
problemen bij de besteding van de EU-fondsen in aanzienlijke mate veroorzaakt
door onregelmatigheden bij overheidsopdrachten en de suboptimale werking van de
beheer- en controlesystemen bij de overheidsdiensten. (13) De Tsjechische economie moet
gebruik maken van factoren die de overgang naar groei bevorderen op basis van
innovatie, een hogere toegevoegde waarde en menselijk kapitaal omdat de mogelijkheden
voor het bewerkstelligen van een verdere reële convergentie op basis van een
kapitaalintensieve groei vrij beperkt lijken. Momenteel wordt een hervorming
van het tertiair onderwijs voorbereid. Hoewel in het kader van de hervorming
een herziening van de erkenningsprocedure is gepland, is zij onvoldoende
precies met betrekking tot het kernvraagstuk van de maatstaven voor
kwaliteitstoetsing. Door het ontbreken van een systematische
gegevensverzameling en –analyse kan de hervorming niet rekenen op steun bij de
academische wereld. Naar aanleiding van de verslechterende resultaten van de
Tsjechische leerlingen heeft de regering maatregelen genomen om minimale
leerresultaten te waarborgen en heeft zij een begin gemaakt met een strategie
van nationale computerondersteunde proeven. Deze maatregelen zijn evenwel te
beperkt om de kwaliteit en rechtvaardigheid van het leerplichtonderwijs
doeltreffend te verhogen. (14) In de context van het Europees
Semester heeft de Commissie een alomvattende analyse van het economische beleid
van Tsjechië verricht. Zij heeft zowel het convergentieprogramma als het
nationale hervormingsprogramma doorgelicht. Daarbij heeft zij niet alleen
gekeken naar de relevantie ervan voor een houdbaar budgettair en
sociaaleconomisch beleid in Tsjechië, maar ook of de EU-regels en -richtsnoeren
in acht zijn genomen, gezien de noodzaak om de algemene economische governance
van de Europese Unie te versterken door middel van een EU-inbreng in
toekomstige nationale besluiten. Haar aanbevelingen in het kader van het
Europees Semester worden in de onderstaande aanbevelingen (1) tot en met (6)
weergegeven. (15) In het licht van deze
beoordeling heeft de Raad het convergentieprogramma van Tsjechië onderzocht.
Zijn aanbevelingen[7]
zijn met name in de onderstaande aanbeveling (1) weergegeven, BEVEELT AAN dat Tsjechië in de periode
2012-2013 actie onderneemt om: 1. De geplande voortgang in de
richting van de tijdige correctie van het buitensporige tekort te waarborgen.
Hiertoe de begroting 2012 volledig uit te voeren en de voor 2013 noodzakelijke
duurzame maatregelen te specificeren om de in de aanbeveling van de Raad in het
kader van de buitensporigtekortprocedure vastgestelde jaarlijkse gemiddelde
structurele aanpassing tot stand te brengen. Er daarna voor te zorgen dat de
structurele aanpassingsinspanning toereikend is om voldoende vooruitgang te
boeken bij het verwezenlijken van de middellangetermijndoelstelling (MTD), wat
onder meer inhoudt dat de uitgavenbenchmark wordt gehaald. In dit verband
lineaire besparingen te vermijden, groeibevorderende uitgaven te vrijwaren en
de inspanningen op te voeren om de doeltreffendheid van de overheidsuitgaven te
verhogen. Gebruik te maken van de beschikbare ruimte om de opbrengsten van de
belastingen te verhogen die het minst nadelig voor de groei zijn. Ervoor te
zorgen dat de hoge belastingdruk verschuift van arbeid naar onroerendezaak- en
milieubelasting. De verschillen weg te werken in de fiscale behandeling van
werknemers en zelfstandigen. Maatregelen te nemen voor een betere
belastinginning, een inperking van de belastingontduiking en een betere
naleving van de belastingwetgeving, onder meer door de invoering van één enkel
inningspunt voor alle belastingen. 2. Verdere wijzigingen aan te brengen
in het stelsel van de ambtenarenpensioenen om hun houdbaarheid op lange termijn
te garanderen. De plannen te heroverwegen die het mogelijk maken vervroegd uit
de arbeidsmarkt te treden. Een brede participatie van jonge werknemers in het
beoogde kapitaaldekkingsstelsel te bewerkstelligen om de toereikendheid van
pensioenen te verbeteren. 3. Aanvullende maatregelen te nemen
om het aanbod aan betaalbare opvangfaciliteiten van goede kwaliteit voor de
opvang van kinderen onder de leerplichtige leeftijd aanzienlijk te verhogen. 4. De overheidsdiensten voor
arbeidsvoorziening te versterken door de kwaliteit en de effectiviteit van
opleiding, arbeidsbemiddeling en geïndividualiseerde diensten, met inbegrip van
uitbestede diensten, te verbeteren. 5. De ambtenarenwet met spoed
goed te keuren en uit te voeren om de stabiliteit en doeltreffendheid van de
overheidsdiensten te bevorderen om onregelmatigheden te voorkomen. Te zorgen voor
een adequate uitvoering van de nieuwe wet inzake overheidsopdrachten. De
kwestie van het anonieme aandelenbezit aan te pakken Ervoor te zorgen dat de
EU-middelen correct worden besteed en de bestrijding van corruptie op te voeren.
6. De noodzakelijke wetgeving
goed te keuren voor het opzetten van een transparante en welomschreven
kwaliteitstoetsing van het hoger onderwijs en onderzoeksinstellingen. Te zorgen
voor een houdbare financiering die gekoppeld is aan de resultaten van de
kwaliteitstoetsing. In het leerplichtonderwijs een evaluatiekader in te voeren
dat gericht is op de totstandkoming van verbeteringen. Gedaan te Brussel, Voor
de Raad De
voorzitter [1] PB L 209 van 2.8.1997, blz. 1. [2] COM(2012) 303 final. [3] P7_TA(2012)0048 en P7_TA(2012)0047 [4] Besluit 2012/238/EU van de Raad van 26 april 2012. [5] COM(2012) 68 final. [6] Conjunctuurgezuiverd begrotingssaldo, ongerekend
eenmalige en tijdelijke maatregelen, herberekend door de diensten van de
Commissie op basis van de in het programma voorkomende informatie, volgens de
algemeen aanvaarde methode. [7] Uit hoofde van artikel 9, lid 2, van Verordening (EG)
nr. 1466/97 van de Raad.