This document is an excerpt from the EUR-Lex website
Document 52011PC0910
Proposal for a COUNCIL REGULATION extending to the non-participating Member States the application of Regulation (EU) No …/2012 establishing an exchange, assistance and training programme for the protection of the euro against counterfeiting (the ‘Pericles 2020’ programme)
Voorstel voor een VERORDENING VAN DE RAAD waarbij de toepassing van Verordening (EU) nr. …/2012 van de Raad tot vaststelling van een actieprogramma inzake uitwisselingen, bijstand en opleiding voor de bescherming van de euro tegen valsemunterij (het programma "Pericles 2020") wordt uitgebreid tot niet-deelnemende lidstaten
Voorstel voor een VERORDENING VAN DE RAAD waarbij de toepassing van Verordening (EU) nr. …/2012 van de Raad tot vaststelling van een actieprogramma inzake uitwisselingen, bijstand en opleiding voor de bescherming van de euro tegen valsemunterij (het programma "Pericles 2020") wordt uitgebreid tot niet-deelnemende lidstaten
/* COM/2011/0910 definitief - 2011/0446 (APP) */
Voorstel voor een VERORDENING VAN DE RAAD waarbij de toepassing van Verordening (EU) nr. …/2012 van de Raad tot vaststelling van een actieprogramma inzake uitwisselingen, bijstand en opleiding voor de bescherming van de euro tegen valsemunterij (het programma "Pericles 2020") wordt uitgebreid tot niet-deelnemende lidstaten /* COM/2011/0910 definitief - 2011/0446 (APP) */
TOELICHTING
1.
ACHTERGROND VAN HET VOORSTEL
Dit voorstel ziet op de uitbreiding van het
programma Pericles tot de lidstaten van de Europese Unie die de euro nog niet
als hun munteenheid gebruiken. Het
programma Pericles is een actieprogramma inzake uitwisselingen, bijstand en
opleiding voor de bescherming van de euro tegen valsemunterij. Het programma werd vastgesteld bij Besluit 2001/923/EG van de Raad van
17 december 2001. Bij Besluit 2001/924/EG van de Raad van 17 december 2001 werd
de werking ervan uitgebreid tot de lidstaten van de EU die de euro niet als hun
munteenheid hadden aangenomen. Daaropvolgende wijzigingen van deze
basisbesluiten bij de Besluiten 2006/75/EG, 2006/76/EG, 2006/849/EG en
2006/850/EG van de Raad hebben de duur van het programma verlengd tot 31
december 2013.
2.
JURIDISCHE ELEMENTEN VAN HET VOORSTEL
De toepassing van Pericles zal worden
uitgebreid tot de lidstaten die de euro niet als hun munteenheid hebben
aangenomen door middel van een voorstel voor een parallelle verordening op basis
van artikel 352 VWEU. De rechtsgrondslag voor het programma Pericles
wordt gevormd door artikel 133 VWEU. In dat artikel geeft het Verdrag
uitdrukking aan zorg over de bescherming van de euro door te voorzien in de
maatregelen die nodig zijn voor het gebruik van de euro als eenheidsmunt. Deze
rechtsgrondslag geldt alleen voor de lidstaten die de euro als hun munteenheid
hebben aangenomen.
3.
GEVOLGEN VOOR DE BEGROTING
In het bij dit voorstel gevoegde financieel
memorandum voor een verordening zijn de gevolgen voor de begroting en de
benodigde personele en administratieve middelen aangegeven. Dit financieel
memorandum inzake de gevolgen voor de begroting is – met uitzondering van de
rechtsgrondslag - identiek aan het financieel memorandum voor het voorstel voor
Verordening (EU) nr. …/2012 van het Europees Parlement en de Raad tot
vaststelling van een actieprogramma inzake uitwisselingen, bijstand en
opleiding voor de bescherming van de euro tegen valsemunterij (het programma
"Pericles 2020"). 2011/0446 (APP) Voorstel voor een VERORDENING VAN DE RAAD waarbij de toepassing van Verordening (EU)
nr. …/2012 van de Raad tot vaststelling van een actieprogramma inzake
uitwisselingen, bijstand en opleiding voor de bescherming van de euro tegen
valsemunterij (het programma "Pericles 2020") wordt uitgebreid tot
niet-deelnemende lidstaten DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE, Gezien het Verdrag betreffende de werking van
de Europese Unie, en met name artikel 352, Gezien het voorstel van de Europese Commissie, Na toezending van het ontwerp van
wetgevingshandeling aan de nationale parlementen, Na de goedkeuring van het Europees Parlement
te hebben verkregen[1],
Handelend volgens een bijzondere
wetgevingsprocedure, Overwegende hetgeen volgt: (1)
Bij de goedkeuring van Verordening (EU) nr. …/2012[2], hebben het Europees Parlement
en de Raad bepaald dat zij toepasselijk is in de lidstaten overeenkomstig de
Verdragen. Artikel 139 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese
Unie bepaalt dat de in artikel 133 van dat Verdrag bedoelde maatregelen met
betrekking tot het gebruik van de euro niet van toepassing zijn op de lidstaten
die onder een derogatie vallen. (2)
De uitwisseling van informatie en personeel alsook
de maatregelen op het gebied van bijstand en opleiding die in het kader van het
programma Pericles worden uitgevoerd, dienen evenwel in de gehele Unie een
uniform karakter te hebben; daarom dienen de nodige maatregelen te worden
genomen om hetzelfde beschermingsniveau voor de euro te garanderen in de
lidstaten waar de euro niet de officiële munteenheid is, HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING
VASTGESTELD: Artikel 1 De toepassing van Verordening (EU) nr. …/2012
wordt uitgebreid tot de andere lidstaten dan de deelnemende lidstaten genoemd
in artikel 1, onder a), van Verordening (EG) nr. 974/98 van de Raad[3]. De bevoegde autoriteiten van deze lidstaten
worden geacht voor financiering in de zin van artikel 5 van Verordening (EU)
nr. …/2010 tot vaststelling van het programma "Pericles 2020" in
aanmerking te komen. Artikel 2 Deze verordening treedt in werking op de
twintigste dag na die van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de
Europese Unie. Zij is van toepassing met ingang van 1 januari
2014. Deze verordening is verbindend in al
haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat. Gedaan te Brussel, Voor
de Raad De
voorzitter FINANCIEEL MEMORANDUM 1. KADER VAN HET VOORSTEL/INITIATIEF 1.1. Benaming van het voorstel/initiatief 1.2. Betrokken
beleidsterrein(en) in de ABM/ABB-structuur 1.3. Aard
van het voorstel/initiatief 1.4. Doelstelling(en)
1.5. Motivering
van het voorstel/initiatief 1.6. Duur
en financiële gevolgen 1.7. Beheersvorm(en)
2. BEHEERSMAATREGELEN 2.1. Regels
inzake het toezicht en de verslagen 2.2. Beheers-
en controlesysteem 2.3. Maatregelen
ter voorkoming van fraude en onregelmatigheden 3. GERAAMDE FINANCIËLE GEVOLGEN VAN HET
VOORSTEL/INITIATIEF 3.1. Rubriek(en)
van het meerjarig financieel kader en betrokken begrotingsonde(e)l(en) voor
uitgaven 3.2. Geraamde
gevolgen voor de uitgaven 3.2.1. Samenvatting van de
geraamde gevolgen voor de uitgaven 3.2.2. Geraamde gevolgen
voor de beleidskredieten 3.2.3. Geraamde gevolgen
voor de administratieve kredieten 3.2.4. Verenigbaarheid met
het huidige meerjarig financieel kader 3.2.5. Bijdrage van derden
aan de financiering 3.3. Geraamde gevolgen
voor de ontvangsten FINANCIEEL
MEMORANDUM
1.
KADER VAN HET VOORSTEL/INITIATIEF
Verordening
van het […] tot vaststelling van een actieprogramma inzake uitwisselingen,
bijstand en opleiding voor de bescherming van de euro tegen valsemunterij (het
programma "Pericles 2020").
1.1.
Benaming van het voorstel/initiatief
Voorstel voor
een VERORDENING VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD inzake het programma
Pericles ter bevordering van activiteiten op het gebied van de bescherming van
de euro tegen valsemunterij
1.2.
Betrokken beleidsterrein(en) in de
ABM/ABB-structuur[4]
Beleidsterrein:
24 - Fraudebestrijding
1.3.
Aard van het voorstel/initiatief
¨ Het
voorstel/initiatief betreft een nieuwe actie ¨ Het voorstel/initiatief
betreft een nieuwe actie na een proefproject/een voorbereidende actie[5] X Het voorstel/initiatief
betreft de verlenging van een bestaande actie ¨ Het
voorstel/initiatief betreft een actie die wordt omgebogen naar een nieuwe
actie
1.4.
Doelstellingen
1.4.1.
De met het voorstel/initiatief beoogde strategische
meerjarendoelstelling(en) van de Commissie
Dit voorstel
maakt deel uit van het pakket van de Commissie inzake het volgende meerjarig
financieel kader (EU-programma cofinanciering in het kader van het meerjarig
financieel kader 2014-2020). Het is de algemene doelstelling van het programma de maatregelen van de
lidstaten ter bescherming van eurobankbiljetten en -munten tegen valsemunterij
en daarmee verband houdende fraude te ondersteunen en aan te vullen en aldus de
bevoegde nationale en Europese autoriteiten bij te staan bij hun inspanningen
om onderling en met de Europese Commissie een nauwe en regelmatige samenwerking
te ontwikkelen, waarbij ook derde landen en internationale organisaties zijn
betrokken.
1.4.2.
Specifieke doelstelling(en) en betrokken
ABM/ABB-activiteiten [ABM/ABB-activiteit nummer 240202]
De kortetermijndoelstellingen van het programma omvatten: (1)
het vergroten van de bekendheid met de Unie en de
internationale dimensie van de euro; het vergroten van de algemene kennis
inzake de bescherming van de euro; (2)
het ondersteunen van de voorkoming en bestrijding
van de vervalsing van de euro en daarmee verband houdende fraude door middel
van gespecialiseerde opleidingen en bijstand op deze gebieden; (3)
het bevorderen van de convergentie van
opleidingsactiviteiten op hoog niveau voor opleiders, met inachtneming van de
nationale operationele strategieën; (4)
het aanmoedigen van nauwere samenwerking tussen de
betrokken structuren en personeelsleden, waarbij wederzijds vertouwen wordt
ontwikkeld en informatie wordt uitgewisseld, onder andere inzake actiemethoden,
ervaring en werkwijzen; (5)
het ondersteunen van de ontwikkeling van specifieke
wettelijke en juridische bescherming van de euro; (6)
het verhogen van het beschermingsniveau van de euro
in die landen ten aanzien waarvan is vastgesteld dat zij een risico lopen, door
het ondersteunen van de aanschaf van specifieke apparatuur.
1.4.3.
Verwacht(e) resulta(a)t(en) en gevolg(en)
Vermeld de gevolgen
die het voorstel/initiatief zou moeten hebben op de begunstigden/doelgroepen De begunstigden waarop het voorstel is gericht, zijn uitsluitend de
voor de bescherming van de euro bevoegde autoriteiten van de lidstaten. De
doelgroep van de progamma-activiteiten bestaat uit al het personeel in de
overheids- en de privésector dat zich bezighoudt met de bescherming van de
euro. De gevolgen bestaan onder meer in: (7)
een positief effect op nationale en
grensoverschrijdende acties ter voorkoming en bestrijding van valsemunterij en
fraude met betrekking tot de euro; (1)
de mogelijkheid voor de bevoegde autoriteiten van
de lidstaten om ondersteuning te krijgen bij hun inspanningen een hoog en
gelijkwaardig niveau van bescherming van de eurobankbiljetten en -munten te
bereiken en te handhaven; (2)
voordeel voor de betrokken personeelsleden door een
passende verspreiding van algemene en specifieke kennis en de ontwikkeling van
samenwerking en gespecialiseerde netwerken voor de bescherming van
eurobankbiljetten en –munten; (3)
bijstand voor de lidstaten en derde landen bij de
verbetering van hun institutionele en juridische kader zodat dit voldoet aan
een geharmoniseerde, hoge norm voor de bescherming tegen valsemunterij en
daarmee verband houdende fraude.
1.4.4.
Resultaat- en effectindicatoren
Vermeld de indicatoren
aan de hand waarvan kan worden nagegaan in hoeverre het voorstel/initiatief is
uitgevoerd. Voornaamste
indicatoren aan de hand waarvan kan worden nagegaan in hoeverre de specifieke
doelstelling is bereikt: –
omvang van vervalsing van eurobankbiljetten en
–munten, –
aantal ontmantelde werkplaatsen waar valsemunterij
plaatsvindt, –
aangehouden personen en –
opgelegde straffen. In de
werkprogramma's worden de specifieke doelstellingen en ijkpunten voor de
uitvoering van het programma vastgesteld.
1.5.
Motivering van het voorstel/initiatief
Het Verdrag bepaalt dat het Europees Parlement en de
Raad de maatregelen vaststellen die nodig zijn voor het gebruik van de euro als
enige munteenheid (artikel 133 VWEU). Deze maatregelen omvatten onder andere de
bescherming van de euro tegen valsemunterij.Op grond van dat artikel is de
bescherming van de euro als de enige munteenheid een verantwoordelijkheid van
de EU. Daarnaast is het uitgeven van bankbiljetten en munten in euro is volgens
artikel 128 VWEU het recht van de nationale autoriteiten. De lidstaten hebben
nationale wetgeving aangenomen en interne regels vastgesteld voor de
bescherming van de euro.
1.5.1.
Behoefte(n) waarin op korte of lange termijn moet
worden voorzien
Met
inachtneming van de bij de uitvoering van Pericles opgedane ervaring en
behaalde resultaten zal Pericles 2020 verschillende problemen inzake de
bescherming van de euro tegen valsemunterij aanpakken: – er doen zich nieuwe bedreigingen voor, aangezien de eurobankbiljetten
en munten in een toenemend aantal derde landen nog altijd van belang zijn voor
criminele groepen; het programma Pericles 2020 moet de autoriteiten van deze
landen voldoende kunnen steun kunnen bieden bij de aanpak van de situatie; – door de invoering van een nieuwe reeks eurobankbiljetten in de komende
jaren zal de vraag naar voorlichting en gespecialiseerde opleiding
waarschijnlijk toenemen; – nieuwe landen zullen toetreden tot de EU en mogelijk ook tot de
eurozone, waardoor de behoefte aan opleiding zal toenemen; – de vraag naar ondersteuning in het kader van Pericles moet ook worden
gezien tegen de achtergrond van bezuinigingen en afnemende middelen in de
lidstaten.
1.5.2.
Toegevoegde waarde van de deelname van de EU
Het programma Pericles 2020 zal naar verwachting bijdragen tot de
handhaving en verdere verbetering van bescherming van de euro door
voorlichtingsmaatregelen en gespecialiseerde opleiding van het betrokken
personeel. De uitwisseling van personeel bevordert de samenwerking en het
netwerken tussen de bevoegde diensten van lidstaten en met derde landen verder.
De bij de bescherming van de euro betrokken autoriteiten ontvangen technische
bijstand. Deze maatregelen zullen naar verwachting de vervalsing van de euro en
daarmee verband houdende fraude effectiever voorkomen en bestrijden.
1.5.3.
Nuttige ervaring die bij soortgelijke activiteiten
in het verleden is opgedaan
Het programma Pericles werd tweemaal geëvalueerd, te
weten in 2004 en 2011. Uit deze evaluaties bleek dat de doelstellingen van het
programma zijn gehaald en alle begunstigden gaven aan dat het programma moet
worden voortgezet. De evaluaties wezen ook uit dat het programma op bepaalde
punten voor verbetering vatbaar is; daarbij gaat het om vereenvoudiging van de
procedures, efficiënter gebruik van de subsidies en betere mogelijkheden om de
autoriteiten van derde landen bij te staan bij hun inspanningen om Europa's
enige munteenheid te beschermen.
1.5.4.
Samenhang en eventuele synergie met andere
relevante instrumenten
De
effectbeoordeling toonde aan dat Pericles het enige EU-programma is dat
speciaal is gewijd aan de bescherming van de euro tegen valsemunterij. Pericles
moet voor de betrokken periode (2014-2020) een reeks activiteiten blijven
ondersteunen die de door andere programma's bestreken activiteiten aanvullen.
Daartoe zal de dialoog zowel op nationaal niveau als op het niveau van de EU
worden voortgezet, opdat eventuele overlappingen worden voorkomen en de
algehele samenhang wordt gewaarborgd.
1.6.
Duur en financiële gevolgen
X Voorstel/initiatief met een beperkte
geldigheidsduur (7 jaar: van 2014 tot 2020) –
X Voorstel/initiatief is van kracht vanaf 1.1.2014
tot en met 31.12.2020 –
X Financiële gevolgen van 2014 tot en met 2023
(van 2021 tot 2023 uitsluitend voor betalingskredieten) ¨ Voorstel/initiatief met een onbeperkte
geldigheidsduur –
Uitvoering met een opstartperiode vanaf JJJJ tot en
met JJJJ, –
gevolgd door een volledige uitvoering.
1.7.
Beheersvorm(en)[6]
X Direct gecentraliseerd beheer door de
Commissie ¨ Indirect gecentraliseerd beheer door uitvoeringstaken te delegeren aan: –
¨ uitvoerende agentschappen –
¨ door de Gemeenschappen opgerichte organen[7] –
¨ nationale publiekrechtelijke organen of organen met een
openbaredienstverleningstaak –
¨ personen aan wie de uitvoering van specifieke acties in het kader van
titel V van het Verdrag betreffende de Europese Unie is toevertrouwd en die
worden genoemd in het betrokken basisbesluit in de zin van artikel 49 van het
Financieel Reglement ¨ Gedeeld beheer met
lidstaten ¨ Gedecentraliseerd beheer met derde landen ¨ Gezamenlijk beheer
met internationale organisaties (geef aan welke) Verstrek, indien meer
dan een beheersvorm is aangekruist, extra informatie onder
"Opmerkingen". Opmerkingen De procedure
voor de vaststelling van de kosten die respectievelijk door de begunstigde en
de Commissie moeten worden gedragen, is vereenvoudigd ten opzichte van de
eerdere versies van het programma.
2.
BEHEERSMAATREGELEN
2.1.
Regels inzake het toezicht en de verslagen
Vermeld frequentie en
voorwaarden. Zie artikel 12
van het voorstel, dat bepaalt dat: - het Europees
Parlement en de Raad jaarlijks informatie wordt verstrekt over de resultaten,
waaronder informatie over de consistentie en complementariteit met andere
EU-programma's; - (uiterlijk
31 december 2017) een beoordeling zal plaatsvinden van de verwezenlijking van
de doelstellingen van het programma; - bovendien
eind 2021 een eindverslag zal worden overgelegd aan de begrotingsautoriteit
over de verwezenlijking van de doelstellingen van het programma.
2.2.
Beheers- en controlesysteem
2.2.1.
Mogelijke risico's
Het
risiconiveau voor de subsidieovereenkomsten wordt laag geacht, aangezien in 90%
van de gevallen de begunstigden overheidsorganen of rechtshandhavingsinstanties
in de lidstaten zijn. Voor de op
basis van een aanbestedingsprocedure geplaatste opdrachten zijn de risico's
beperkt, doordat op een belangrijk deel van de uitgaven juridisch en financieel
een kaderovereenkomst van toepassing is, die voor één jaar wordt gesloten en
eventueel drie keer kan worden verlengd. Overeenkomstig
de voorschriften van de Commissie zal ieder jaar een risicobeoordeling
plaatsvinden. - Een
belangrijk in de subsidiedossiers vastgesteld risico is de soepele
interpretatie die de begunstigden geven aan de voorwaarden inzake de
subsidiabiliteit van bij de uitvoering van de actie gemaakte kosten. - Door de
begunstigde opgegeven kosten die niet binnen de werkingssfeer van de
subsidieovereenkomst vallen. - Onvoldoende
gemotiveerde personeelskosten.
2.2.2.
Controlemiddel(en)
De controleprocedures voor beide onderdelen van het programma (subsidies en opdrachten) voldoen aan het Financieel Reglement. Verificaties vooraf (vastleggingen en betalingen) Wat het financiële beheersplan betreft, kiest de Commissie/OLAF voor een gedeeltelijk gedecentraliseerd model waarbij alle voorafgaande verificatie wordt verricht binnen de centrale Afdeling begroting. Alle dossiers worden gecontroleerd door minstens drie functionarissen (de dossiermanager en de met financiële controle belaste functionaris binnen de Afdeling begroting, en de met de operationele controle belaste functionaris binnen de voor de uitgaven verantwoordelijke afdeling) voordat zij door de gesubdelegeerd ordonnateur worden goedgekeurd. Elk eenheidshoofd is door de directeur-generaal gesubdelegeerd; bijgevolg is elk eenheidshoofd verantwoordelijk voor de uitvoering van zijn deel van het programma. - Elke transactie waarvoor toestemming van de gesubdelegeerd ordonnateur vereist is, wordt vooraf gecontroleerd door de met financiële controle belaste functionaris. - De gevoelige variabelen worden gecontroleerd op grond van de resultaten van de in het kader van het verslag over de boekhoudkundige kwaliteit uitgevoerde risicobeoordeling (bijvoorbeeld: LE en BA, G/L-rekeningen, begrotingsonderdelen, bedragen en berekeningen, etc. …). Bij alle aanbestedingen in het kader van Pericles is op de dag waarop een actie wordt uitgevoerd een functionaris van OLAF aanwezig om erop toe te zien dat de middelen correct worden gebruikt (bijvoorbeeld conferenties en opleidingen). Subsidies - In de door de begunstigden ondertekende subsidieovereenkomst zijn de voorwaarden vastgelegd voor de financiering en activiteiten waarop de subsidie van toepassing is, alsmede een hoofdstuk over controlemiddelen. - Afhankelijk van een aantal variabelen (het bedrag ter zake van de overeenkomst, de complexiteit van het dossier) wordt achteraf een controle ter plaatse uitgevoerd door de voor het betreffende dossier financieel en operationeel verantwoordelijke functionarissen. Bij deze controles worden zowel de kwaliteit als de financiële gevolgen van het resultaat beoordeeld. De Commissie/OLAF zijn voornemens om jaarlijks ongeveer 10 controles ter plaatse uit te voeren. Aanbesteding - Er wordt een gedetailleerd bestek opgesteld dat als basis dient voor specifieke overeenkomsten. In alle tussen OLAF en de externe partij gesloten overeenkomsten worden fraudebestrijdingsmaatregelen opgenomen. - OLAF controleert alle te leveren prestaties en houdt toezicht op alle door de kader-contractant uitgevoerde operaties en diensten. Bovendien
worden in overeenstemming met artikel 13 van het voorstel maatregelen
vastgesteld op het niveau van de begunstigden (de Commissie dient de
beschikking te worden gegeven over onderliggende stukken). Gedurende de
looptijd van de overeenkomst en voor een periode van vijf jaar na afloop van de
laatste betaling kunnen controles plaatsvinden, zodat in de Commissie in
voorkomende gevallen een besluit tot terugvordering kan nemen. De rechten
inzake toegang van het personeel van de Commissie alsmede van gemachtigd extern
personeel worden vastgelegd en de Rekenkamer en OLAF zullen dezelfde rechten
genieten. De
verrichte controles bieden OLAF voldoende zekerheid over de kwaliteit en de
regelmatigheid van de uitgaven en verminderen het risico van niet-naleving. De
grondigheid van de beoordelingen bereikt in het algemeen niveau 3 en in sommige
gevallen, waarin een controle ter plaatse is uitgevoerd, niveau 4[8]. De
bovengenoemde controles reduceren de potentiële risico's praktisch tot nul en
betreffen 100% van de begunstigden. De
kosten die de uitvoering van de bovengenoemde controlestrategie met zich
brengt, vormen 1,15% van de begroting. Deze raming is gebaseerd op de reeds
voor het programma Pericles II ingevoerde controlemaatregelen. De controlestrategie van het programma wordt toereikend geacht om het risico
van niet-naleving te beperken en is gezien het geringe budget waarvan sprake
is, evenredig met het betrokken risico.
2.3.
Maatregelen ter voorkoming van fraude en
onregelmatigheden
Vermeld de bestaande
of geplande preventie- en beschermingsmaatregelen. Zie artikel
13, lid 2, van het voorstel. De Commissie zal in het kader van dit programma
controles en inspecties ter plaatse uitvoeren overeenkomstig Verordening
(Euratom, EG) nr. 2185/96 van de Raad en, OLAF zal waar nodig onderzoek
uitvoeren overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1073/1999 van het Europees
Parlement en de Raad.
3.
GERAAMDE FINANCIËLE GEVOLGEN VAN HET VOORSTEL/INITIATIEF
3.1.
Rubriek(en) van het meerjarig financieel kader en
betrokken begrotingsonde(e)l(en) voor uitgaven
· Bestaande begrotingsonderdelen voor uitgaven In volgorde van de
rubrieken van het meerjarig financieel kader en de begrotingsonderdelen Rubriek van het meerjarig financieel kader || Begrotingsonderdeel || Soort uitgave || Bijdrage Nummer [Omschrijving…...…] || GK/ NGK ([9]) || van EVA-landen[10] || van kandidaat-lidstaten[11] || van derde landen || in de zin van artikel 18, lid 1, onder a bis), van het Financieel Reglement [1A] || 24.0202 Programma van de Unie inzake uitwisselingen, bijstand en opleiding voor de bescherming van de euro tegen valsemunterij || GK || JA || JA || NEE || NEE
3.2.
Geraamde gevolgen voor de uitgaven
3.2.1.
Samenvatting van de geraamde gevolgen voor de
uitgaven
in miljoenen euro's (tot op 3 decimalen) Rubriek van het meerjarig financieel kader: || Nummer || 1A Slimme en inclusieve groei DG: OLAF || || || Jaar 2014[12] || Jaar 2015 || Jaar 2016 || Jaar 2017 || Jaar 2018 || Jaar 2019 || Jaar 2020 || Jaar 2021-2023 || TOTAAL Beleidskredieten || || || || || || || || || 24 02 02 || Vastleggingen || (1) || 1,0 || 1,1 || 1,1 || 1,1 || 1,1 || 1,1 || 1,2 || || 7,7 Betalingen || (2) || 0,9 || 1 || 1 || 1 || 1 || 1 || 1 || 0,8 || 7,7 || || || || || || || || || || || || || || || || || || || || || Uit het budget van specifieke programma's gefinancierde administratieve kredieten[13] || || || || || || || || || Nummer begrotingsonderdeel || || (3) || || || || || || || || || TOTAAL kredieten voor DG OLAF || Vastleggingen || =1+1a +3 || 1,0 || 1,1 || 1,1 || 1,1 || 1,1 || 1,1 || 1,2 || || 7,7 Betalingen || =2+2a +3 || 0,9 || 1 || 1 || 1 || 1 || 1 || 1 || 0,8 || 7,7 TOTAAL beleidskredieten || Vastleggingen || (4) || 1,0 || 1,1 || 1,1 || 1,1 || 1,1 || 1,1 || 1,2 || || 7,7 Betalingen || (5) || 0,9 || 1 || 1 || 1 || 1 || 1 || 1 || 0,8 || 7,7 TOTAAL uit het budget van specifieke programma's gefinancierde administratieve kredieten || (6) || || || || || || || || || TOTAAL kredieten onder RUBRIEK 1A van het meerjarig financieel kader || Vastleggingen || =4+ 6 || 1,0 || 1,1 || 1,1 || 1,1 || 1,1 || 1,1 || 1,2 || || 7,7 Betalingen || =5+ 6 || 0,9 || 1 || 1 || 1 || 1 || 1 || 1 || 0,8 || 7,7
Wanneer het
voorstel/initiatief gevolgen heeft voor meerdere rubrieken: TOTAAL beleidskredieten || Vastleggingen || (4) || || || || || || || || || Betalingen || (5) || || || || || || || || || TOTAAL uit het budget van specifieke programma's gefinancierde administratieve kredieten || (6) || || || || || || || || || TOTAAL kredieten onder de RUBRIEKEN 1 tot en met 4 van het meerjarig financieel kader (Referentiebedrag ) || Vastleggingen || =4+ 6 || 1,0 || 1,1 || 1,1 || 1,1 || 1,1 || 1,1 || 1,2 || || 7,7 Betalingen || =5+ 6 || 0,9 || 1 || 1 || 1 || 1 || 1 || 1 || 0,8 || 7,7 Rubriek van het meerjarig financieel kader: || 5 || Administratieve uitgaven in miljoenen euro's (tot op 3 decimalen) || || || Jaar 2014[14] || Jaar 2015 || Jaar 2016 || Jaar 2017 || Jaar 2018 || Jaar 2019 || Jaar 2020 || Jaar 2021-2023 || TOTAAL DG: OLAF || Personele middelen || 0,191 || 0,191 || 0,191 || 0,191 || 0,191 || 0,191 || 0,191 || 0 || 1,337 Andere administratieve uitgaven || 0,015 || 0,015 || 0,015 || 0,015 || 0,015 || 0,015 || 0,015 || 0 || 0,105 TOTAAL DG OLAF || Kredieten || || || || || || || || || TOTAAL kredieten onder RUBRIEK 5 van het meerjarig financieel kader || (totaal vastleggingen = totaal betalingen) || 0,206 || 0,206 || 0,206 || 0,206 || 0,206 || 0,206 || 0,206 || 0 || 1,442 || || || Jaar 2014[15] || Jaar 2015 || Jaar 2016 || Jaar 2017 || Jaar 2018 || Jaar 2019 || Jaar 2020 || Jaar 2021-2023 || TOTAAL TOTAAL kredieten onder de RUBRIEKEN 1 tot en met 5 van het meerjarig financieel kader || Vastleggingen || 1,206 || 1,306 || 1,306 || 1,306 || 1,306 || 1,306 || 1,406 || 0 || 9,142 Betalingen || 1,106 || 1,206 || 1,206 || 1,206 || 1,206 || 1,206 || 1,206 || 0,800 || 9,142
3.2.2.
Geraamde gevolgen voor de beleidskredieten
–
¨ Voor het voorstel/initiatief zijn geen beleidskredieten nodig –
X Voor het voorstel/initiatief zijn
beleidskredieten nodig, zoals hieronder nader wordt beschreven: in miljoenen euro's (tot op 3 decimalen) Vermelde doelstellingen en outputs ò || || || Jaar 2014[16] || Jaar 2015 || Jaar 2016 || Jaar 2017 || Jaar 2018 || Jaar 2019 || Jaar 2020 || TOTAAL OUTPUTS Soort output || Gem. kosten van de output || Aantal outputs || Kos-ten || Aantal outputs || Kos-ten || Aantal outputs || Kos-ten || Aantal outputs || Kos-ten || Aantal outputs || Kos-ten || Aantal outputs || Kos-ten || Aantal outputs || Kosten || Totaal aantal outputs || Kosten SPECIFIEKE DOELSTELLING nr. 1 || || || || || || || || || || || || || Handhaving van het huidige algemene niveau van opleiding en technische bijstand || || || || || || || || || || || || || || || || || || Actie 1: Subsidieprogramma "Pericles" || || || 12 || 0,700 || 12 || 0,770 || 13 || 0,770 || 13 || 0,770 || 14 || 0,770 || 14 || 0,770 || 14 || 0,840 || 96 || 5,390 Output 1: seminar || || || 7 || || 6 || || 6 || || 6 || || 7 || || 6 || || 7 || || 45 || Output 2: uitwisseling van personeel || || || 4 || || 6 || || 7 || || 7 || || 7 || || 8 || || 6 || || 45 || Output 3: studies || || || 1 || || || || || || || || || || || || 1 || || 2 || Output 4: aanschaf van apparatuur || || || 1 || || 1 || || || || 1 || || 1 || || || || || || 4 || Actie 2: Aanbesteding || || || || 0,30 || || 0,330 || || 0,330 || || 0,330 || || 0,330 || || 0,330 || || 0,360 || 27 || 2,310 Output 1: Seminars || || || 4 || || 4 || || 4 || || 3 || || 3 || || 3 || || 3 || || 24 || Output 2: uitwisseling van personeel || || || || || || || || || || || || || || || || || || Output 3: studies || || || || || || || 1 || || || || || || 1 || || 1 || || 3 || Subtotaal voor specifieke doelstelling nr. 1 || || 1,000 || || 1,100 || || 1,100 || || 1,100 || || 1,100 || || 1,100 || || 1,200 || 123 || 7,700 TOTALE KOSTEN || || 1,000 || || 1,100 || || 1,100 || || 1,100 || || 1,100 || || 1,100 || || 1,200 || 7,700
3.2.3.
Geraamde gevolgen voor de administratieve kredieten
3.2.3.1.
Samenvatting
–
¨ Voor het voorstel/initiatief zijn geen administratieve kredieten
nodig –
X Voor het voorstel/initiatief zijn
administratieve kredieten nodig, zoals hieronder nader wordt beschreven: in miljoenen euro's
(tot op 3 decimalen) || Jaar 2014[17] || Jaar 2015 || Jaar 2016 || Jaar 2017 || Jaar 2018 || Jaar 2019 || Jaar 2020 en later || TOTAAL RUBRIEK 5 van het meerjarig financieel kader || || || || || || || || Personele middelen || 0,191 || 0,191 || 0,191 || 0,191 || 0,191 || 0,191 || 0,191 || 1,337 Andere administratieve uitgaven || 0,015 || 0,015 || 0,015 || 0,015 || 0,015 || 0,015 || 0,015 || 0,105 Subtotaal RUBRIEK 5 van het meerjarig financieel kader || || || || || || || || Buiten RUBRIEK 5[18] van het meerjarig financieel kader || || || || || || || || Personele middelen || || || || || || || || Andere administratieve uitgaven || || || || || || || || Subtotaal buiten RUBRIEK 5 van het meerjarig financieel kader || || || || || || || || TOTAAL || 0,206 || 0,206 || 0,206 || 0,206 || 0,206 || 0,206 || 0,206 || 1,442
3.2.3.2.
Geraamde personeelsbehoeften
–
¨ Voor het voorstel/initiatief zijn geen personele middelen nodig. –
X Voor het voorstel/initiatief zijn personele
middelen nodig, zoals hieronder nader wordt beschreven: Raming in
voltijdequivalenten || Jaar 2014[19] || Jaar 2015 || Jaar 2016 || Jaar 2017 || Jaar 2018 || Jaar 2019 || Jaar 2020 en later Posten opgenomen in de lijst van het aantal ambten (ambtenaren en tijdelijke functionarissen) || 24 01 06 - A3 01 01 (zetel en vertegenwoordigingen van de Commissie) || 1.5 || 1.5 || 1.5 || 1.5 || 1.5 || 1.5 || 1.5 XX 01 01 02 (delegaties) || || || || || || || XX 01 05 01 (onderzoek door derden) || || || || || || || 10 01 05 01 (eigen onderzoek) || || || || || || || Extern personeel (in voltijdequivalenten: VTE)[20] || 24 01 02 01 (AC, END, INT van de "totale financiële middelen") || || || || || || || XX 01 02 02 (AC, AL, END, INT en JED in de delegaties) || || || || || || || XX 01 04 jj[21] || zetel[22] || || || || || || || delegaties || || || || || || || 01 05 02 (AC, END, INT – onderzoek door derden) || || || || || || || 10 01 05 02 (AC, END, INT – eigen onderzoek) || || || || || || || Ander begrotingsonderdeel (te vermelden) || || || || || || || TOTAAL || 1.5 || 1.5 || 1.5 || 1.5 || 1.5 || 1.5 || 1.5 XX is het
beleidsterrein of de begrotingstitel. In de benodigde personele
middelen zal worden voorzien door middelen van het DG die reeds voor het beheer
van de actie zijn toegewezen en/of binnen het DG worden herverdeeld, eventueel
aangevuld met extra middelen die in het kader van de jaarlijkse
toewijzingsprocedure met inachtneming van de budgettaire beperkingen aan het
beherende DG kunnen worden toegewezen. Beschrijving van de
uit te voeren taken: Ambtenaren en tijdelijke functionarissen || 1,5 ambtenaren (0,75 AD, 0,75 AST ) 1,5 x 127.000 =190.500 Extern personeel ||
3.2.4.
Verenigbaarheid met het huidige meerjarig
financieel kader
–
X Het voorstel/initiatief is verenigbaar met het
huidige meerjarig financieel kader. –
¨ Het voorstel/initiatief vergt herprogrammering van de betrokken
rubriek van het meerjarig financieel kader Zet uiteen welke herprogrammering nodig is, onder
vermelding van de betrokken begrotingsonderdelen en de desbetreffende bedragen. –
¨ Het voorstel/initiatief vergt toepassing van het
flexibiliteitsinstrument of herziening van het meerjarig financieel kader[23]. Zet uiteen wat nodig is, onder vermelding van de
betrokken rubrieken en begrotingsonderdelen en de desbetreffende bedragen.
3.2.5.
Bijdrage van derden aan de financiering
–
X Het voorstel/initiatief voorziet niet in
cofinanciering door derden –
Het voorstel/initiatief voorziet in cofinanciering,
zoals hieronder wordt geraamd: Kredieten in miljoenen euro’s (tot op 3 decimalen) || Jaar N || Jaar N+1 || Jaar N+2 || Jaar N+3 || … zo veel jaren invullen als nodig is om de duur van de gevolgen weer te geven (zie punt 1.6) || Totaal Cofinancieringsbron vermelden || || || || || || || || TOTAAL medegefinancierde kredieten || || || || || || || ||
3.3.
Geraamde gevolgen voor de ontvangsten
–
X Het voorstel/initiatief heeft geen financiële
gevolgen voor de ontvangsten –
¨ Het voorstel/initiatief heeft de hieronder beschreven financiële
gevolgen: –
¨ voor de eigen middelen –
¨ voor de diverse ontvangsten in miljoenen euro's (tot op 3 decimalen) Begrotingsonderdeel voor ontvangsten: || Voor het lopende begrotingsjaar beschikbare kredieten || Gevolgen van het voorstel/initiatief[24] Jaar N || Jaar N+1 || Jaar N+2 || Jaar N+3 || … zoveel jaren invullen als nodig is om de duur van de gevolgen weer te geven (zie punt 1.6) Artikel …. || || || || || || || || Voor de diverse
ontvangsten die worden "toegewezen", vermeld het (de)
betrokken begrotingsonderde(e)l(en) voor uitgaven. Vermeld de wijze van
berekening van de gevolgen voor de ontvangsten. BIJLAGE bij het
FINANCIEEL MEMORANDUM Benaming van het voorstel/initiatief: Voorstel voor
een VERORDENING VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD inzake het programma
Pericles, het programma van de Unie inzake uitwisselingen, bijstand en
opleiding voor de bescherming van de euro tegen valsemunterij (4)
NODIG GEACHTE AANTAL PERSONELE MIDDELEN en KOSTEN
DAARVAN (5)
KOSTEN van ANDERE UITGAVEN van ADMINISTRATIEVE AARD (6)
Voor BEREKENING van kosten gebruikte METHODEN Met betrekking tot
personele middelen Met betrekking tot overige
administratieve uitgaven Het financieel memorandum gaat tijdens de
dienstenoverkoepelende raadpleging vergezeld van deze bijlage. De hierin opgenomen tabellen dienen ter
invulling van de tabellen in het financieel memorandum. De onderhavige bijlage is een intern document
dat uitsluitend is bestemd voor gebruik binnen de diensten van de Commissie. (7)
Nodig geachte aantal personele middelen en kosten
daarvan X Voor het
voorstel/initiatief zijn personele middelen nodig, zoals hieronder nader wordt
beschreven: in miljoenen euro's (tot op 3 decimalen) RUBRIEK 5 van het meerjarig financieel kader || Jaar 2014 || Jaar 2015 || Jaar 2016 || Jaar 2017 || Jaar 2018 || Jaar 2019 || Jaar 2020 || TOTAAL VTE || Kredieten || VTE || Kredieten || VTE || Kredieten || VTE || Kredieten || VTE || Kredieten || VTE || Kredieten || VTE || Kredieten || VTE || Kredieten || Posten opgenomen in de lijst van het aantal ambten (ambtenaren en tijdelijke functionarissen) || 24 01 06 – A3 01 01 (zetel en vertegenwoordigingen van de Commissie in de lidstaten) || AD || 0,75 || 0,0953 || 0,75 || 0,0953 || 0,75 || 0,0953 || 0,75 || 0,0953 || 0,75 || 0,0953 || 0,75 || 0,0953 || 0,75 || 0,0953 || 5,25 || 0,667 || AST || 0,75 || 0,0953 || 0,75 || 0,0953 || 0,75 || 0,0953 || 0,75 || 0,0953 || 0,75 || 0,0953 || 0,75 || 0,0953 || 0,75 || 0,0953 || 5,25 || 0,667 || XX 01 01 02 (delegaties) || AD || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || AST || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || Extern personeel[25] || 24 01 06 00 (algehele financiële middelen) || AC || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || INT || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || AT || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || END || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || XX 01 02 02 (delegaties) || AC || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || INT || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || JED || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || AL || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || END || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || Ander begrotingsonderdeel (te vermelden) || || || || || || || || || || || || || || || || || || Subtotaal – RUBRIEK 5 van het meerjarig financieel kader || || 1,5 || 0,191 || 1,5 || 0,191 || 1,5 || 0,191 || 1,5 || 0,191 || 1,5 || 0,191 || 1,5 || 0,191 || 1,5 || 0,191 || 10,5 || 1,337 || 24 is het beleidsterrein of de begrotingstitel. Buiten RUBRIEK 5 van het meerjarig financieel kader || Jaar 2014 || Jaar 2015 || Jaar 2016 || Jaar 2017 || Jaar 2018 || Jaar 2019 || Jaar 2020 || TOTAAL VTE || Kredieten || VTE || Kredieten || VTE || Kredieten || VTE || Kredieten || VTE || Kredieten || VTE || Kredieten || VTE || Kredieten || VTE || Kredieten Posten opgenomen in de lijst van het aantal ambten (ambtenaren en tijdelijke functionarissen) XX 01 05 01 (onderzoek door derden) || AD || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. AST || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. 10 01 05 01 (eigen onderzoek) || AD || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. AST || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. Extern personeel[26] XX 01 04 jj Kredieten voor op grond van vroegere "BA"-onderdelen gemachtigd extern personeel || zetel || AC || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. INT || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. END || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. delegaties || AC || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. INT || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. JED || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. AL || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. END || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. XX 01 05 02 (onderzoek door derden) || AC || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. INT || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. END || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. 10 01 05 02 (eigen onderzoek) || AC || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. INT || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. Subtotaal – Buiten RUBRIEK 5 van het meerjarig financieel kader || || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. in miljoenen euro's (tot op 3 decimalen) || Jaar 2014 || Jaar 2015 || Jaar 2016 || Jaar 2017 || Jaar 2018 || Jaar 2019 || Jaar 2020 || TOTAAL || VTE || Kredieten || VTE || Kredieten || VTE || Kredieten || VTE || Kredieten || VTE || Kredieten || VTE || Kredieten || VTE || Kredieten || VTE || Kredieten TOTAAL RUBRIEK 5 en buiten RUBRIEK 5 van het meerjarig financieel kader || 1,5 || 0,191 || 1,5 || 0,191 || 1,5 || 0,191 || 1,5 || 0,191 || 1,5 || 0,191 || 1,5 || 0,191 || 1,5 || 0,191 || 10,5 || 1,337 In de benodigde
personele middelen zal worden voorzien door middelen die reeds voor het beheer
van de actie zijn toegewezen en/of worden herverdeeld, eventueel aangevuld met
middelen die in het kader van de jaarlijkse toewijzingsprocedure met
inachtneming van de bestaande budgettaire beperkingen aan het beherende DG
kunnen worden toegewezen. (8)
Kosten van andere uitgaven van administratieve aard X Voor het voorstel/initiatief zijn
administratieve kredieten nodig, zoals hieronder nader wordt beschreven: in miljoenen euro's (tot op 3 decimalen) || Jaar 2014 || Jaar 2015 || Jaar 2016 || Jaar 2017 || Jaar 2018 || Jaar 2019 || Jaar 2020 || TOTAAL RUBRIEK 5 van het meerjarig financieel kader || || || || || || || || zetel || || || || || || || || 24 01 06 - A3 01 02 11 – Dienstreizen en representatiekosten || 0,015 || 0,015 || 0,015 || 0,015 || 0,015 || 0,015 || 0,015 || 0,105 24 01 06 00 - Conferenties en vergaderingen || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. 24 01 06 00 - Vergaderingen van comités[27] || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. 24 01 06 00 – Studies en adviezen || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. 24 01 06 00 – Beheer en informatie computersystemen || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. 24 01 06 00 – Aanvullende opleiding || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. 24 01 06 00 – Apparatuur en meubilair || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. 24 01 06 00 04 – Diensten en andere administratieve uitgaven || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. Delegaties: || || || || || || || || 24 01 06 - A3 01 02 11 – Dienstreizen, conferenties en representatiekosten || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. 24 01 06 00 – Aanvullende opleiding van personeel || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. 24 01 06 00 — Aankoop, huur en daarmee samenhangende uitgaven || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. 24 01 06 00 – Apparatuur, meubilair, leveringen en diensten || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. Subtotaal – RUBRIEK 5 van het meerjarig financieel kader || 0,015 || 0,015 || 0,015 || 0,015 || 0,015 || 0,015 || 0,015 || 0,105 24 is het
beleidsterrein of de begrotingstitel. in miljoenen euro's (tot op 3 decimalen) || Jaar 2014 || Jaar 2015 || Jaar 2016 || Jaar 2017 || Jaar 2018 || Jaar 2019 || Jaar 2020 || TOTAAL Buiten RUBRIEK 5 van het meerjarig financieel kader || || || || || || || || 24 01 06 jj – Administratie en technische bijstand (uitgezonderd extern personeel), gefinancierd uit beleidskredieten (vroegere "BA"-onderdelen) || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. zetel || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. vertegenwoordigen || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. 24 01 06 00 - overige beheersuitgaven voor onderzoek door derden || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. 24 01 06 00 - overige beheersuitgaven voor eigen onderzoek || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. Subtotaal – Buiten RUBRIEK 5 van het meerjarig financieel kader || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. || p.m. 24 is het
beleidsterrein of de begrotingstitel. TOTAAL RUBRIEK 5 en buiten RUBRIEK 5 van het meerjarig financieel kader || 0,015 || 0,015 || 0,015 || 0,015 || 0,015 || 0,015 || 0,015 || 0,105 In de benodigde administratieve kredieten zal
worden voorzien door de kredieten die reeds voor het beheer van deze actie zijn
toegewezen en/of zijn herverdeeld, eventueel aangevuld met middelen die in het
kader van de jaarlijkse toewijzingsprocedure met inachtneming van de bestaande
budgettaire beperkingen aan het beherende DG kunnen worden toegewezen. (9)
Voor kostenramingen gebruikte berekeningsmethoden Met betrekking tot
personele middelen Verstrek per categorie personeel gegevens over
de gebruikte berekeningsmethode (aannames, gemiddelde kosten etc.) RUBRIEK 5 van het meerjarig financieel kader Opmerking: Gemiddelde kosten zijn voor elke categorie personeel beschikbaar op BudgWeb: http://www.cc.cec/budg/man/budgmanag/budgmanag_en.html. met betrekking tot de posten opgenomen in de lijst van het aantal ambten (ambtenaren en tijdelijke functionarissen) – Financieel beheerders en assistenten en beheerders van operationele dossiers en assistenten – administratieve ondersteuning: 0,25 AD + 0,25 AST – programmabeheer: 0,50AD + 0,50 AST Er is uitgegaan van de actuele gemiddelde kosten voor ambtenaren en tijdelijke functionarissen: – ambtenaar: 127 000 EUR/jaar – tijdelijke functionaris: 127 000 EUR/jaar met betrekking tot extern personeel Niet van toepassing. Er is uitgegaan van de actuele gemiddelde kosten voor ambtenaren en tijdelijke functionarissen: – arbeidscontractant: 64 000 EUR/jaar – technische bijstand: 160 000 EUR/jaar – gedetacheerde nationale deskundige: 73 000 EUR/jaar Buiten RUBRIEK 5 van het meerjarig financieel kader Met betrekking tot de posten opgenomen in de lijst van het aantal ambten (onderzoeksambtenaren en tijdelijke functionarissen) nvt met betrekking tot extern personeel nvt Met betrekking tot
uitgaven van administratieve aard Verstrek gegevens over de voor elk
begrotingsonderdeel gebruikte berekeningsmethode, onderliggende aannames (bijvoorbeeld aantal
vergaderingen per jaar, gemiddelde kosten, etc.) RUBRIEK 5 van het meerjarig financieel kader Dienstreizen: aanname van 15 dienstreizen per jaar met gemiddelde kosten van 1 000 euro per dienstreis Buiten RUBRIEK 5 van het meerjarig financieel kader nvt [1] PB C , , blz. [2] Zie bladzijde … van dit Publicatieblad. [3] PB L 139 van 11.5.1998, blz. 1. [4] ABM: Activity Based Management – ABB: Activity Based
Budgeting. [5] In de zin van artikel 49, lid 6, onder a) of b), van het
Financieel Reglement. [6] Nadere informatie over beheerswijzen en verwijzingen
naar het Financieel Reglement zijn beschikbaar op Budg Web: http://www.cc.cec/budg/man/budgmanag/budgmanag_en.html. [7] In de zin van artikel 185 van het Financieel Reglement. [8] Controle op basis van en met inzage in de onderliggende
stukken die beschikbaar zijn in de betrokken uitvoeringsfase. [9] GK = gesplitste kredieten / NGK = niet-gesplitste
kredieten. [10] EVA: Europese Vrijhandelsassociatie. [11] Kandidaat-lidstaten en indien van toepassing potentiële
kandidaat-lidstaten van de Westelijke Balkan. [12] Het jaar N is het jaar waarin met de uitvoering van het
voorstel/initiatief wordt begonnen. [13] Technische en/of administratieve bijstand en uitgaven ter
ondersteuning van de uitvoering van programma's en/of acties van de EU
(vroegere "BA"-onderdelen), onderzoek door derden, eigen onderzoek. [14] Het jaar N is het jaar waarin met de uitvoering van het
voorstel/initiatief wordt begonnen. [15] Het jaar N is het jaar waarin met de uitvoering van het
voorstel/initiatief wordt begonnen. [16] Het jaar N is het jaar waarin met de uitvoering van het
voorstel/initiatief wordt begonnen. [17] Het jaar N is het jaar waarin met de uitvoering van het
voorstel/initiatief wordt begonnen. [18] Technische en/of administratieve bijstand en uitgaven ter
ondersteuning van de uitvoering van programma's en/of acties van de EU
(vroegere "BA"-onderdelen), indirect onderzoek, direct onderzoek. [19] Het jaar N is het jaar waarin met de uitvoering van het
voorstel/initiatief wordt begonnen. [20] AC = Agent Contractuel (arbeidscontractant); INT =
Intérimaire (uitzendkracht); JED = Jeune Expert en Délégation (jonge deskundige
in vertegenwoordiging); AL = agent local (plaatselijk functionaris); END =
Expert National Détaché (gedetacheerd nationaal deskundige). [21] Onder het maximum voor extern personeel uit
beleidskredieten (vroegere "BA"-onderdelen). [22] Vooral voor Structuurfondsen, het Europees Landbouwfonds
voor Plattelandsontwikkeling (ELFPO) en het Europees Visserijfonds (EVF). [23] Zie de punten 19 en 24 van het Interinstitutioneel
Akkoord. [24] Voor traditionele eigen middelen (douanerechten en
suikerheffingen) moeten nettobedragen worden vermeld, d.w.z. de brutobedragen
na aftrek van 25 % aan inningskosten. [25] AC = Agent Contractuel (arbeidscontractant); AL = Agent
Local (plaatselijk functionaris); END = expert national détaché (gedetacheerd
nationaal deskundige); INT = Intérimaire (uitzendkracht); JED = Jeune Expert en
Délégation (jonge deskundige in delegaties); TA = Technical Assistance
(technische ondersteuning). [26] AC = Agent Contractuel (arbeidscontractant); AL = Agent
Local (plaatselijk functionaris); END= Expert National Détaché (gedetacheerd
nationaal deskundige); INT = Intérimaire (uitzendkracht); JED = Jeune Expert en
Délégation (jonge deskundige in delegaties). [27] Vermeld het soort comité en de groep waartoe het behoort.