This document is an excerpt from the EUR-Lex website
Document 52006PC0132
Proposal for a Council Decision on the position to be adopted by the Community within the ACP-EC Council of Ministers concerning the multiannual financial framework for the period 2008-2013 and the modifications to be inserted in the agreement revising the Partnership Agreement between the members of the African, Caribbean and Pacific Group of States of the one part, and the European Community and its Member States, of the other part, signed in Cotonou on 23 June 2000 and revised in Luxembourg on 25 June 2005
Voorstel voor een besluit van de Raad inzake het door de Gemeenschap binnen de ACS-EG-Raad van ministers in te nemen standpunt met betrekking tot het financiële meerjarenkader voor de periode 2008-2013 en de wijzigingen die moeten worden aangebracht in de overeenkomst tot wijziging van de partnerschapsovereenkomst tussen de leden van de groep Staten in Afrika, het Caribisch gebied en de Stille Oceaan enerzijds en de Europese Gemeenschap en haar lidstaten anderzijds, ondertekend te Cotonou op 23 juni 2000 en herzien in Luxemburg op 25 juni 2005
Voorstel voor een besluit van de Raad inzake het door de Gemeenschap binnen de ACS-EG-Raad van ministers in te nemen standpunt met betrekking tot het financiële meerjarenkader voor de periode 2008-2013 en de wijzigingen die moeten worden aangebracht in de overeenkomst tot wijziging van de partnerschapsovereenkomst tussen de leden van de groep Staten in Afrika, het Caribisch gebied en de Stille Oceaan enerzijds en de Europese Gemeenschap en haar lidstaten anderzijds, ondertekend te Cotonou op 23 juni 2000 en herzien in Luxemburg op 25 juni 2005
/* COM/2006/0132 def. */
Voorstel voor een besluit van de Raad inzake het door de Gemeenschap binnen de ACS-EG-Raad van Ministers in te nemen standpunt met betrekking tot het financiële meerjarenkader voor de periode 2008-2013 en de wijzigingen die moeten worden aangebracht in de overeenkomst tot wijziging van de partnerschapsovereenkomst tussen de leden van de groep Staten in Afrika, het Caribisch gebied en de Stille Oceaan enerzijds en de Europese Gemeenschap en haar lidstaten anderzijds, ondertekend te Cotonou op 23 juni 2000 en herzien in Luxemburg op 25 juni 2005 /* COM/2006/0132 def. */
[pic] | COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN | Brussel, 17.3.2006 COM(2006) 132 definitief Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD inzake het door de Gemeenschap binnen de ACS-EG-Raad van Ministers in te nemen standpunt met betrekking tot het financiële meerjarenkader voor de periode 2008-2013 en de wijzigingen die moeten worden aangebracht in de overeenkomst tot wijziging van de partnerschapsovereenkomst tussen de leden van de groep Staten in Afrika, het Caribisch gebied en de Stille Oceaan enerzijds en de Europese Gemeenschap en haar lidstaten anderzijds, ondertekend te Cotonou op 23 juni 2000 en herzien in Luxemburg op 25 juni 2005 (door de Commissie ingediend) TOELICHTING In verband met de afronding van de onderhandelingen over de herziening van de ACS-EG-partnerschapsovereenkomst die op 23 juni 2000 in Cotonou werd ondertekend (hierna “de Overeenkomst van Cotonou” genoemd) heeft de Raad een voorlopige minimale vastlegging gepland binnen het financiële meerjarenkader voor de samenwerking na afloop van het negende EOF (Europees Ontwikkelingsfonds) teneinde “ de steun voor de ACS-landen minstens op hetzelfde niveau als gedurende het negende EOF (met uitzondering van de niet-uitgegeven saldi) te houden en deze steun daarnaast op basis van schattingen door de Gemeenschap aan te passen aan de inflatie, de groei in de Europese Unie en de uitbreiding van de Europese Unie met tien nieuwe lidstaten in 2004 ”. Deze vastlegging bedraagt 22,682 miljard euro. Er is echter nog geen besluit genomen over het definitieve bedrag (met eventueel een voorwaardelijke tranche bovenop het minimumbedrag) voor de betreffende periode (2008-2012 of 2008-2013) of over het financieringsmechanisme (integratie in de begroting of tiende EOF). Daarom is in het voorlopige financiële meerjarenkader, dat is opgenomen in de herziene Overeenkomst van Cotonou[1], in bijlage I bis, punt 3 bepaald dat “ noodzakelijke wijzigingen van het meerjarige financiële kader of de daarmee samenhangende delen van de Overeenkomst, in afwijking van het bepaalde in artikel 95 van de Overeenkomst, door de Raad van Ministers worden vastgesteld ”. Aangezien de Europese Raad van 16 december 2005 besluiten heeft vastgesteld over de periode (2008-2013), het bedrag voor de ACS-staten (22,682 miljard euro, in lopende prijzen, exclusief ondersteunende uitgaven) en het financieringsmechanisme (Europees Ontwikkelingsfonds, intergouvernementeel), kan de herziene Overeenkomst van Cotonou nu worden gewijzigd. Omdat de looptijd langer is dan de traditionele vijf jaar, moeten niet alleen bijlage I bis, maar ook artikel 95 van de Overeenkomst van Cotonou, waarin de duur van de overeenkomst is vastgelegd, alsmede de financiële protocollen en de daarmee verband houdende herzieningsclausules worden gewijzigd. Omwille van de coherentie wordt voorgesteld ook het financieel protocol van het negende EOF te wijzigen en daarin de looptijd nader te bepalen (bijlage I). In het financiële meerjarenkader van het tiende EOF, voor de periode 2008-2013, wordt het beginsel van de beëindigingsclausule bekrachtigd, dat volledig in overeenstemming zal zijn met een eventuele latere integratie in de begroting. Ook zal het gemakkelijker worden de bijdragen van de lidstaten in een later stadium te verhogen in verband met hun recente toezeggingen om de officiële ontwikkelingshulp te verhogen en ten minste de helft van deze extra middelen aan Afrika te besteden. Het financiële meerjarenkader is overigens flexibel genoeg om ook andere wijzigingen na de herziening van de begroting in 2008-2009 mogelijk te maken. Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD inzake het door de Gemeenschap binnen de ACS-EG-Raad van Ministers in te nemen standpunt met betrekking tot het financiële meerjarenkader voor de periode 2008-2013 en de wijzigingen die moeten worden aangebracht in de overeenkomst tot wijziging van de partnerschapsovereenkomst tussen de leden van de groep Staten in Afrika, het Caribisch gebied en de Stille Oceaan enerzijds en de Europese Gemeenschap en haar lidstaten anderzijds, ondertekend te Cotonou op 23 juni 2000 en herzien in Luxemburg op 25 juni 2005 DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE, Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap, en met name op artikel 310, in samenhang met artikel 300, lid 2, Gelet op de partnerschapsovereenkomst tussen de leden van de groep Staten in Afrika, het Caribisch gebied en de Stille Oceaan, enerzijds, en de Europese Gemeenschap en haar lidstaten, anderzijds, ondertekend te Cotonou op 23 juni 2000 en herzien in Luxemburg (Groothertogdom Luxemburg) op 25 juni 2005 (hierna “de ACS-EG-overeenkomst” genoemd[2], Overwegende hetgeen volgt: (1) De Raad stelde in zijn besluit 2005/446/EG van 30 mei 2005 vast dat 31 december 2007 de uiterste datum is waarop middelen uit hoofde van het negende Europees Ontwikkelingsfonds (hierna “EOF” genoemd) kunnen worden vastgelegd, met uitzondering van middelen voor de investeringsfaciliteit[3]. (2) In bijlage I bis bij de herziene overeenkomst die op 25 juni 2005 in Luxemburg werd ondertekend, die betrekking heeft op het financiële meerjarenkader voor de samenwerking in het kader van de ACS-EG-overeenkomst na afloop van het negende EOF, zijn noch de exacte looptijd (vijf of zes jaar) noch het bedrag, noch het financieringsmechanisme (algemene begroting van de Europese Unie of nieuw EOF) vastgelegd. (3) Volgens de genoemde bijlage I bis worden echter “ alle noodzakelijke wijzigingen van het meerjarige financiële kader of de daarmee samenhangende delen van de Overeenkomst, in afwijking van het bepaalde in artikel 95 van de Overeenkomst, vastgesteld door de Raad van Ministers ”. (4) De Europese Raad van 16 december 2005 heeft besluiten vastgesteld over de looptijd (zes jaar), het bedrag (22,682 miljard euro, in lopende prijzen) en het financieringsmechanisme (tiende EOF), BESLUIT: Enig artikel De Gemeenschap stelt voor binnen de ACS-EG-Raad van Ministers het volgende standpunt in te nemen met betrekking tot het financiële meerjarenkader voor de periode 2008-2013, op grond van het ontwerpbesluit van de ACS-EG-Raad van Ministers in de bijlage. In dit ontwerpbesluit kunnen kleine wijzigingen worden aangebracht zonder een nieuw besluit van de Raad. Gedaan te Brussel, Voor de Raad De voorzitter BIJLAGE Ontwerp voor een Besluit van de ACS-EG-Raad van Ministers van … tot vaststelling van het financiële meerjarenkader voor de periode 2008-2013 door wijziging van de herziene partnerschapsovereenkomst tussen de leden van de groep Staten in Afrika, het Caribisch gebied en de Stille Oceaan enerzijds en de Europese Gemeenschap en haar lidstaten anderzijds, ondertekend te Cotonou op 23 juni 2000 en herzien in Luxemburg op 25 juni 2005 DE ACS-EG-RAAD VAN MINISTERS, Gelet op de partnerschapsovereenkomst tussen de leden van de groep Staten in Afrika, het Caribisch gebied en de Stille Oceaan, enerzijds, en de Europese Gemeenschap en haar lidstaten, anderzijds, ondertekend te Cotonou, Benin, op 23 juni 2000 en herzien in Luxemburg (Groothertogdom Luxemburg) op 25 juni 2005 (hierna “de ACS-EG-overeenkomst” genoemd[4], en met name op punt 3 van bijlage I bis Overwegende hetgeen volgt: (1) Op grond van bijlage I bis van de herziene overeenkomst die op 25 juni 2005 in Luxemburg werd ondertekend, die betrekking heeft op het financiële meerjarenkader voor de samenwerking in het kader van de herziene ACS-EG-overeenkomst na afloop van het negende EOF, belooft de Europese Unie haar steun voor de ACS-landen minstens op hetzelfde niveau als gedurende het negende EOF te handhaven en aan te passen aan de inflatie, de groei in de Europese Unie en de uitbreiding met tien nieuwe lidstaten in 2004, maar er wordt niets gezegd over de exacte looptijd (vijf of zes jaar), het bedrag of het financieringsmechanisme (algemene begroting van de Europese Unie of nieuw EOF). (2) Bij de afronding van de onderhandelingen over de herziene ACS-EG-partnerschapsovereenkomst in Brussel op 23 februari 2005 beloofde de Europese Unie zo snel mogelijk een voorstel te doen over het exacte bedrag en de looptijd van de overeenkomst. (3) Volgens bijlage I bis van de herziene ACS-EG-partnerschapsovereenkomst worden “ alle noodzakelijke wijzigingen van het meerjarige financiële kader of de daarmee samenhangende delen van de Overeenkomst, in afwijking van het bepaalde in artikel 95 van de Overeenkomst, vastgesteld door de Raad van Ministers ”. (4) De Europese Raad van 16 december 2005 heeft besluiten vastgesteld over de looptijd (zes jaar), het bedrag (22,682 miljard euro, in lopende prijzen) en het financieringsmechanisme (tiende EOF), BESLUIT: Enig artikel De ACS-EG-Raad van Ministers hecht zijn goedkeuring aan de in de bijlage vermelde wijzigingen in de partnerschapsovereenkomst tussen de leden van de ACS-groep enerzijds en de Europese Gemeenschap en haar lidstaten anderzijds, ondertekend te Cotonou op 23 juni 2000 en herzien in Luxemburg op 25 juni 2005. Gedaan te Port Moresby, Voor de Raad De voorzitter Bijlage bij het besluit van de ACS-EG-Raad van Ministers tot vaststelling van het financiële meerjarenkader voor de periode 2008-2013 door wijziging van de overeenkomst tot herziening van de partnerschapsovereenkomst tussen de leden van de groep Staten in Afrika, het Caribisch gebied en de Stille Oceaan enerzijds en de Europese Gemeenschap en haar lidstaten anderzijds, ondertekend te Cotonou op 23 juni 2000 en herzien in Luxemburg op 25 juni 2005 a) Artikel 95, lid 2, van de ACS-EG-overeenkomst wordt vervangen door: “De ACS-EG-Raad van Ministers stelt voor periodes van meerdere jaren financiële protocollen vast.” b) Bijlage I (Financieel Protocol), punt 1, van de ACS-EG-overeenkomst wordt vervangen door: “1. Voor de doelstellingen vermeld in deze overeenkomst en voor de periode van 1 maart 2000 tot 31 december 2007 bedraagt de totale financiële steun van de Gemeenschap 15,2 miljard euro. Overeenkomstig bijlage I bis, punt 3, kan deze periode worden gewijzigd bij besluit van de ACS-EG-Raad van Ministers.” c) Aan de ACS-EG-overeenkomst wordt de volgende bijlage I ter toegevoegd: “ Bijlage I ter – Financieel meerjarenkader voor de periode 2008-2013 1. Voor de doelstellingen vermeld in deze overeenkomst en voor de periode vanaf 1 januari 2008 bedraagt de totale financiële steun van de Gemeenschap 22,682 miljard euro uit hoofde van het tiende Europees Ontwikkelingsfonds. 2. Dit bedrag is onmiddellijk beschikbaar op het moment van inwerkingtreding van het financiële meerjarenkader. Het bedrag wordt verdeeld over de volgende samenwerkingsterreinen: 1. 18,94 miljard euro voor de financiering van nationale en regionale indicatieve programma’s . Hiermee worden gefinancierd: i. de nationale indicatieve programma’s van de ACS-landen, overeenkomstig de artikelen 1 tot en met 5 van bijlage IV inzake de procedures voor de tenuitvoerlegging en het beheer; ii. regionale indicatieve programma’s ter ondersteuning van de regionale en interregionale samenwerking en integratie van de ACS-landen, overeenkomstig de artikelen 6 tot en met 11, artikel 13, lid 1, en artikel 14 van bijlage IV inzake de procedures voor de tenuitvoerlegging en het beheer; 2. 2,242 miljard euro voor de financiering van samenwerking tussen de ACS-landen en -regio’s ten gunste van verschillende of alle ACS-landen, waaronder institutionele ondersteuning van het COB en het TCLP, zoals bedoeld in bijlage III bij de overeenkomst, en van de Paritaire Parlementaire Vergadering, zoals bedoeld in artikel 17 van de overeenkomst, overeenkomstig artikel 12, artikel 13, lid 2, en artikel 14 van bijlage IV inzake de procedures voor de tenuitvoerlegging en het beheer; 3. 1,5 miljard euro voor de financiering van de investeringsfaciliteit , overeenkomstig de procedures en voorwaarden zoals vermeld in bijlage II inzake de financieringsvoorwaarden, waarvan 400 miljoen euro voor rentesubsidies zoals bedoeld in de artikelen 2 en 4 van de genoemde bijlage II. 3. De in het kader van de investeringsfaciliteit gefinancierde acties en de daarmee verband houdende rentesubsidies worden beheerd door de Europese Investeringsbank. In aanvulling op het tiende EOF zal de Europese Investeringsbank een bedrag van ten hoogste 1,7 miljard euro beschikbaar stellen in de vorm van leningen uit eigen middelen. Deze middelen worden verstrekt voor de doeleinden die uiteen worden gezet in bijlage II (Financieringsvoorwaarden) bij deze overeenkomst, overeenkomstig de voorwaarden van de statuten van de EIB en de desbetreffende bepalingen van de voorwaarden voor de financiering van investeringen, zoals die zijn vastgesteld in bovengenoemde bijlage. Alle andere middelen in het kader van dit protocol worden door de Commissie beheerd. 4. De resterende bedragen van het negende EOF of eerdere EOF’s kunnen na 31 december 2007 of na de inwerkintreding van het onderhavige financiële meerjarenkader (als dat later is) niet meer worden vastgelegd; hetzelfde geldt voor middelen die aan projecten waren toegewezen, maar na de genoemde datum worden geannuleerd, met uitzondering van de resterende STABEX-middelen (het stelsel voor de stabilisatie van de exportopbrengsten van landbouwproducten) in verband met EOF’s voorafgaand aan het negende EOF en resterende bedragen van middelen die waren toegewezen aan de investeringsfaciliteit, met uitzondering van de daarmee verband houdende rentesubsidies, die zullen worden overgedragen naar het tiende EOF, waarna ze zullen worden besteed overeenkomstig de voorwaarden van de huidige herziene overeenkomst. 5. Het totaalbedrag voor het onderhavige financiële meerjarenkader is bestemd voor de periode van 1 januari 2008 tot en met 31 december 2013. De middelen uit hoofde van het tiende EOF kunnen worden vastgelegd tot uiterlijk 31 december 2013, met uitzondering van middelen voor de investeringsfaciliteit, daarmee verband houdende rentesubsidies niet inbegrepen. 6. Het ACS-EG-Comité van Ambassadeurs kan namens de ACS-EG-Raad van Ministers binnen het totaalbedrag van het financiële meerjarenkader passende maatregelen nemen om te voldoen aan de programmeringsbehoeften op de in punt 2 beschreven samenwerkingsterreinen, waaronder de herverdeling van middelen tussen de verschillende portefeuilles. 7. De Gemeenschap en de lidstaten kunnen op ieder moment besluiten het totaalbedrag van het onderhavige financiële meerjarenkader te verhogen, met name op het moment waarop de communautaire begroting van 2008-2009 wordt herzien en met het oog op de verbintenissen die de lidstaten tijdens de duur van het financiële meerjarenkader aangaan met betrekking tot de verhoging van hun officiële ontwikkelingshulp. Overeenkomstig bijlage I bis, punt 3, van de ACS-EG-partnerschapsovereenkomst beslist de ACS-EG-Raad van Ministers hoe deze middelen worden verdeeld over de verschillende portefeuilles die in punt 2 worden beschreven. Voordat dergelijke extra middelen worden toegekend, kan de Raad de resultaten van de samenwerking onderzoeken op basis van een door de Commissie opgestelde prestatie-evaluatie. Voor eind 2010 zal de Commissie in ieder geval een dergelijke evaluatie opstellen en aan de Raad voorleggen. In deze evaluatie worden de vastleggings- en uitbetalingspercentages vermeld en worden ook de resultaten en effecten beschreven. Op basis van deze evaluatie zal ook worden beoordeeld hoeveel nieuwe middelen noodzakelijk zijn voor de financiële samenwerking uit hoofde van de onderhavige overeenkomst na afloop van het tiende EOF. 8. De lidstaten kunnen daarnaast op ieder moment besluiten het tiende EOF volledig of gedeeltelijk in de begroting te integreren. Overeenkomstig bijlage I bis, punt 3, bij deze overeenkomst worden noodzakelijke wijzigingen van het meerjarige financiële kader of de daarmee samenhangende delen van de overeenkomst vastgesteld door de Raad van Ministers.” [1] PB L 287 van 28.10.2005. [2] PB L 287 van 28.10.2005. [3] PB L 156 van 18.6.2005. [4] PB L 209 van 11.8.2005 en PB L 287 van 28.10.2005.