This document is an excerpt from the EUR-Lex website
Document 52004PC0720
. Proposal for a Council Decision on trade in certain steel products between the European Community and Ukraine (presented by the Commission)
Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD betreffende de handel in bepaalde ijzer- en staalproducten tussen de Europese Gemeenschap en Oekraïne
Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD betreffende de handel in bepaalde ijzer- en staalproducten tussen de Europese Gemeenschap en Oekraïne
Brussel, 28.10.2004 COM(2004) 720 definitief 2004/0259 (ACC) Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD betreffende de handel in bepaalde ijzer- en staalproducten tussen de Europese Gemeenschap en Oekraïne (door de Commissie ingediend) TOELICHTING In de partnerschaps- en samenwerkingsovereenkomst tussen de Europese Gemeenschappen en hun lidstaten, enerzijds, en Oekraïne, anderzijds, wordt in artikel 22, lid 1, bepaald dat de handel in bepaalde ijzer- en staalproducten wordt geregeld in een bijzondere overeenkomst betreffende kwantitatieve regelingen. De vorige bilaterale overeenkomst tussen de Europese Gemeenschap voor Kolen en Staal (EGKS) en de regering van Oekraïne inzake de handel in bepaalde staalproducten is op 31 december 2001 afgelopen. Na het verstrijken van het EGKS-Verdrag heeft de Europese Gemeenschap alle rechten en plichten overgenomen die uit internationale overeenkomsten van de EGKS voortvloeien. Aangezien er geen geldende overeenkomst was, zijn autonome maatregelen genomen waarin de kwantitatieve beperkingen voor de jaren 2002, 2003 en 2004 zijn bepaald. Uit inleidende besprekingen tussen de partijen is echter gebleken dat beide voornemens zijn een nieuwe overeenkomst te sluiten voor 2005 en de daaropvolgende jaren. In afwachting van de ondertekening en inwerkingtreding van de nieuwe overeenkomst zijn autonome maatregelen nodig waarin de kwantitatieve beperkingen voor 2005 bepaald worden. Aangezien de omstandigheden waarop de kwantitatieve beperkingen voor 2004 waren gebaseerd onveranderd zijn, is het passend de kwantitatieve beperkingen voor het jaar 2005 op hetzelfde niveau als voor 2004 vast te stellen, echter rekening houdend met de uitbreiding van de EU. Dit besluit van de Raad wordt automatisch ingetrokken zodra de nieuwe overeenkomst in werking treedt. 2004/0259 (ACC) Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD betreffende de handel in bepaalde ijzer- en staalproducten tussen de Europese Gemeenschap en Oekraïne DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE, Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap, en met name op artikel 133, Gezien het voorstel van de Commissie, Overwegende hetgeen volgt: In de Partnerschaps- en Samenwerkingsovereenkomst tussen de Europese Gemeenschappen en hun lidstaten, enerzijds, en Oekraïne, anderzijds[1], wordt in artikel 22, lid 1, bepaald dat de handel in bepaalde ijzer- en staalproducten geregeld wordt door een specifieke overeenkomst inzake kwantitatieve regelingen. De vorige bilaterale overeenkomst tussen de Europese Gemeenschap voor Kolen en Staal (EGKS) en de regering van Oekraïne inzake de handel in bepaalde staalproducten is op 31 december 2001 afgelopen. De Europese Gemeenschap heeft na het aflopen van het EGKS-Verdrag de internationale verplichtingen van de EGKS overgenomen en maatregelen inzake de handel in ijzer- en staalproducten met derde landen vallen nu onder het handelsbeleid van de Gemeenschap. Uit inleidende besprekingen tussen de partijen is gebleken dat beide voornemens zijn een nieuwe overeenkomst te sluiten voor 2005 en de daaropvolgende jaren. In afwachting van de ondertekening en de inwerkingtreding van de nieuwe overeenkomst moeten kwantitatieve beperkingen voor het jaar 2005 worden vastgesteld. Aangezien de omstandigheden waarop de kwantitatieve beperkingen voor 2004 waren gebaseerd onveranderd zijn, is het passend de kwantitatieve beperkingen voor het jaar 2005 op hetzelfde niveau als voor 2004 vast te stellen, echter rekening houdend met de uitbreiding van de EU. Er dient te worden voorzien in middelen voor het beheer van deze regeling in de Gemeenschap, zodanig dat door zoveel mogelijk gelijkaardige bepalingen in deze regeling de invoering van de nieuwe overeenkomst vergemakkelijkt wordt. Er dient te worden voorzien in controle van de oorsprong van de betrokken producten en in passende regelingen voor administratieve samenwerking daartoe. Producten die in een vrije zone worden ondergebracht of die worden ingevoerd met toepassing van de regeling douane-entrepots, de regeling tijdelijke invoer of de regeling actieve veredeling (schorsingssysteem), dienen niet te worden afgeboekt op de voor deze producten vastgestelde hoeveelheden. Voor de doeltreffende toepassing van dit besluit is voor het in het vrije verkeer brengen in de Gemeenschap van de betrokken producten een communautaire invoervergunning vereist. Om te waarborgen dat de kwantitatieve beperkingen niet worden overschreden, dient een procedure voor het beheer daarvan te worden ingesteld, waarbij de bevoegde autoriteiten van de lidstaten pas invoervergunningen afgeven nadat zij van de Commissie bevestiging hebben verkregen dat binnen de betrokken hoeveelheid nog voldoende ruimte beschikbaar is. BESLUIT: Artikel 1 1. Dit besluit is van toepassing op de invoer van de in bijlage I genoemde ijzer- en staalproducten van oorsprong uit Oekraïne, vanaf de datum van inwerkingtreding tot en met 31 december 2005. 2. De ijzer- en staalproducten worden ingedeeld in de in bijlage I vastgestelde productgroepen. 3. De indeling van de in bijlage I vermelde producten geschiedt op basis van de gecombineerde nomenclatuur (GN), ingesteld bij Verordening (EEG) nr. 2658/87 van de Raad[2]. 4. De oorsprong van de in lid 1 bedoelde producten wordt vastgesteld overeenkomstig de terzake in de Gemeenschap geldende bepalingen. Artikel 2 1. De invoer in de Gemeenschap van de in bijlage I vermelde ijzer- en staalproducten van oorsprong uit Oekraïne is onderworpen aan de in bijlage V vastgestelde kwantitatieve beperkingen. Bij het in de Gemeenschap in het vrije verkeer brengen van de in bijlage I vermelde producten van oorsprong uit Oekraïne dient een door de autoriteiten van de lidstaten overeenkomstig artikel 4 afgegeven invoervergunning te worden overgelegd. 2. Teneinde erop toe te zien dat de hoeveelheden waarvoor invoervergunningen worden afgegeven nooit het totale kwantitatieve maximum voor elke productgroep overschrijden, geven de in bijlage IV genoemde bevoegde autoriteiten de invoervergunningen pas af nadat zij van de Commissie de bevestiging hebben verkregen dat de maximale hoeveelheden voor de betrokken productgroepen van ijzer- en staalproducten ten aanzien van het exporterende land, waarvoor één of meer importeurs aanvragen bij genoemde autoriteiten hebben ingediend, nog niet zijn bereikt. 3. De onder geleide van een vergunning ingevoerde producten worden afgeboekt op de maximale hoeveelheden die zijn vastgesteld voor het jaar waarin de producten uit het exporterende land zijn verzonden. De goederen worden geacht te zijn verzonden op de datum waarop zij werden geladen in het vervoermiddel waarmee de uitvoer plaatsvindt. Artikel 3 1. De in bijlage V bedoelde kwantitatieve beperkingen zijn niet van toepassing op producten die in een vrije zone of een vrij entrepot worden ondergebracht of die worden ingevoerd onder het stelsel van douane-entrepots, de regeling tijdelijke invoer of de regeling actieve veredeling (schorsingssysteem). 2. Wanneer de in lid 1 bedoelde producten nadien in het vrije verkeer worden gebracht, hetzij in ongewijzigde staat, hetzij na be- of verwerking, is artikel 2, lid 2, van toepassing, en worden de aldus in het vrije verkeer gebrachte producten afgeboekt van de desbetreffende in bijlage V vastgestelde hoeveelheid . Artikel 4 1. Voor de toepassing van artikel 2, lid 2, geven de in bijlage IV genoemde bevoegde autoriteiten van de lidstaten, voordat zij invoervergunningen afgeven, de Commissie kennis van de hoeveelheden waarvoor zij met originele uitvoervergunningen gestaafde aanvragen voor invoervergunningen hebben ontvangen. De Commissie geeft per omgaande aan of de aangevraagde hoeveelheden beschikbaar zijn voor invoer, in de volgorde waarin zij de kennisgevingen van de lidstaten heeft ontvangen. 2. De in de kennisgevingen aan de Commissie vervatte aanvragen zijn geldig indien daarin voor elk geval duidelijk is vermeld: het land van uitvoer, de betrokken productcode, de in te voeren hoeveelheden, het nummer van de uitvoervergunning, het contingentjaar en de lidstaat waar de producten in het vrije verkeer zullen worden gebracht. 3. Voorzover mogelijk geeft de Commissie de autoriteiten bevestiging van de volledige hoeveelheid die in de ter kennis gebrachte aanvragen voor elke productgroep is aangegeven. 4. Wanneer de bevoegde instanties ervan kennisnemen dat hoeveelheden tijdens de geldigheidsduur van de invoervergunning niet worden gebruikt, delen zij dit de Commissie onmiddellijk mede. Dergelijke ongebruikte hoeveelheden worden automatisch overgeboekt naar de resterende hoeveelheden van de communautaire maximale hoeveelheid voor elke betrokken productgroep. 5. De in de leden 1 tot en met 4 bedoelde kennisgevingen worden verricht langs elektronische weg over het voor dit doel opgezette geïntegreerde netwerk, tenzij het om dwingende technische redenen noodzakelijk is tijdelijk andere communicatiemiddelen te gebruiken. 6. De invoervergunningen of gelijkwaardige documenten worden afgegeven overeenkomstig het bepaalde in de artikelen 12 tot en met 16. 7. De bevoegde autoriteiten van de lidstaten melden de Commissie wanneer zij reeds afgegeven invoervergunningen of gelijkwaardige documenten annuleren in gevallen dat de overeenkomstige uitvoervergunningen door de bevoegde autoriteiten van Oekraïne zijn ingetrokken of geannuleerd. Indien de Commissie of de bevoegde autoriteiten van een lidstaat echter door de bevoegde autoriteiten van Oekraïne van de intrekking of annulering van een uitvoervergunning in kennis worden gesteld wanneer de betrokken producten reeds in de Gemeenschap zijn ingevoerd, worden de betrokken hoeveelheden afgeboekt op het kwantitatieve maximum voor het jaar waarin de producten zijn verzonden. Artikel 5 1. Indien de Commissie aanwijzingen heeft dat bij de invoer in de Gemeenschap van de in bijlage I vermelde producten van oorsprong uit Oekraïne de in artikel 2 genoemde kwantitatieve beperkingen door middel van overlading, routeverlegging of anderszins zijn ontdoken, en dat derhalve de nodige aanpassingen moeten worden verricht, verzoekt zij om overleg, teneinde tot overeenstemming te kunnen komen over de nodige aanpassing van de overeenkomstige maximale hoeveelheden. 2. In afwachting van de resultaten van het in lid 1 bedoelde overleg kan de Commissie Oekraïne verzoeken de nodige voorzorgsmaatregelen te nemen om ervoor te zorgen dat de maximale hoeveelheden als overeengekomen worden aangepast. 3. Indien de Gemeenschap en Oekraïne geen bevredigende oplossing kunnen vinden en de Commissie vaststelt dat duidelijk bewijs van ontduiking voorhanden is, brengt de Commissie een overeenkomstige hoeveelheid producten van oorsprong uit Oekraïne in mindering op de maximale hoeveelheden. Artikel 6 1. een door de bevoegde autoriteiten van Oekraïne af te geven uitvoervergunning is vereist voor alle zendingen van ijzer- en staalproducten waarop de in bijlage V vermelde kwantitatieve beperkingen van toepassing zijn, totdat de maximale hoeveelheden zijn bereikt 2. De importeur legt met het oog op de afgifte van de in artikel 12 bedoelde invoervergunning het origineel van de uitvoervergunning over. Artikel 7 1. De uitvoervergunning voor producten waarop een kwantitatieve beperking van toepassing is, wordt gesteld op een formulier van het in bijlage II opgenomen model en in deze vergunning moet onder meer zijn vermeld dat de betrokken hoeveelheid op de maximale hoeveelheid voor de betrokken productgroep is afgeboekt. 2. Elke uitvoervergunning bestrijkt slechts één van de in bijlage I vermelde productgroepen. Artikel 8 De uitvoer wordt afgeboekt op de hoeveelheden die zijn vastgesteld voor het jaar waarin de in de uitvoervergunning vermelde producten zijn verzonden in de zin van artikel 2, lid 3. Artikel 9 1. De in artikel 6 bedoelde uitvoervergunning mag in verscheidene exemplaren worden opgesteld, mits daarop duidelijk wordt aangegeven dat het om kopieën gaat. Zij worden in het Engels gesteld. 2. Indien de in lid 1 bedoelde documenten met de hand worden ingevuld, geschiedt dit met inkt en in blokletters. 3. De afmetingen van de uitvoervergunningen of gelijkwaardige documenten zijn 210 × 297 mm. Het te gebruiken papier is wit, houtvrij, zodanig gelijmd dat het goed te beschrijven is en weegt ten minste 25 g/m2. Elk deel is voorzien van een geguillocheerde onderdruk die elke vervalsing met mechanische of chemische middelen zichtbaar maakt. 4. Slechts het origineel wordt door de bevoegde autoriteiten van de Gemeenschap als geldig erkend voor de invoer van de betrokken producten overeenkomstig dit besluit. 5. Elke uitvoerverguning of gelijkwaardig document is ter identificatie van een al dan niet gedrukt, gestandaardiseerd volgnummer voorzien. 6. Het volgnummer bestaat uit: - twee letters om het land van uitvoer als volgt aan te geven: UA= Oekraïne; - twee letters die de lidstaat van bestemming aangeven: BE = België CZ = Tsjechië DK = Denemarken DE = Duitsland EE = Estland EL = Griekenland ES = Spanje FR = Frankrijk IE = Ierland IT = Italië CY = Cyprus LV = Letland LT = Litouwen LU = Luxemburg HU = Hongarije MT = Malta NL = Nederland AT = Oostenrijk PL = Polen PT = Portugal SI = Slovenië SK = Slowakije FI = Finland SE = Zweden GB = Verenigd Koninkrijk; - een getal van één cijfer dat het contingentjaar aangeeft en dat met het laatste cijfer van dat jaar overeenkomt, bijvoorbeeld "4" voor 2004; - een getal van twee cijfers dat het kantoor van afgifte in het land van uitvoer aanduidt; - een uit vijf cijfers bestaand volgnummer uit de reeks van 00001 tot 99999, dat aan de lidstaat van bestemming wordt toegekend. Artikel 10 De uitvoervergunning mag worden afgegeven na verzending van de producten waarop zij betrekking heeft. In een dergelijk geval wordt op de vergunning de vermelding "issued retrospectively" aangebracht. Artikel 11 In geval van diefstal, verlies of vernietiging van een uitvoervergunning kan de exporteur bij de bevoegde instantie die de vergunning heeft afgegeven een duplicaat aanvragen dat wordt opgesteld aan de hand van de exportdocumenten die hij in zijn bezit heeft. Op het aldus afgegeven duplicaat wordt het woord „duplicate" vermeld. Het duplicaat draagt de datum van de oorspronkelijke vergunning. Artikel 12 1. Voorzover de Commissie overeenkomstig artikel 4 heeft bevestigd dat de gevraagde hoeveelheid nog beschikbaar is, geven de bevoegde autoriteiten van de lidstaten een invoervergunning af binnen vijf werkdagen na de datum waarop de importeur het origineel van de overeenkomstige uitvoervergunning heeft overgelegd. De uitvoervergunning moet uiterlijk op 31 maart van het jaar volgende op het jaar van verzending van de goederen worden overgelegd. Invoervergunningen worden afgegeven door de bevoegde autoriteiten van elke lidstaat, ongeacht de lidstaat van bestemming die op de uitvoervergunning is vermeld, voorzover de Commissie overeenkomstig artikel 4 heeft bevestigd dat de gevraagde hoeveelheid binnen het betrokken maximum beschikbaar is. 2. Invoervergunningen zijn vanaf de datum van afgifte vier maanden geldig. Op met redenen omkleed verzoek van de importeur kunnen de bevoegde autoriteiten van een lidstaat de geldigheidsduur met ten hoogste vier maanden verlengen. 3. Invoervergunningen worden gesteld op een formulier van het in bijlage III opgenomen model en zijn geldig in het gehele douanegebied van de Gemeenschap. 4. De aangifte of de aanvraag voor een invoervergunning van de importeur bevat de volgende gegevens: a) de volledige naam en het volledige adres van de exporteur; b) de volledige naam en het volledige adres van de importeur; c) een nauwkeurige omschrijving van de goederen en de TARIC-code(s); d) het land van oorsprong van de goederen; e) het land van verzending; f) de productgroep en de hoeveelheid van de betrokken producten; g) het nettogewicht voor elke TARIC-post; h) de cif-waarde van de producten franco grens Gemeenschap per TARIC-post; i) de vermelding of het goederen van tweede keuze of mindere kwaliteit betreft; j) in voorkomend geval de data van betaling en levering en een afschrift van de vrachtbrief en het koopcontract; k) de datum en het nummer van de uitvoervergunning; l) eventuele voor administratieve doeleinden gebruikte interne codes; m) de datum en de handtekening van de importeur. 5. Importeurs zijn niet verplicht de totale hoeveelheid waarop een invoercertificaat betrekking heeft in een enkele zending in te voeren. Artikel 13 De door de autoriteiten van de lidstaten afgegeven invoervergunningen zijn geldig voor de hoeveelheid die is vermeld in de aan deze vergunningen ten grondslag liggende, door de bevoegde Oekraïense autoriteiten afgegeven uitvoervergunningen, mits deze uitvoervergunningen geldig zijn. Artikel 14 De invoervergunningen of gelijkwaardige documenten worden door de bevoegde autoriteiten van de lidstaten overeenkomstig het bepaalde in artikel 2, lid 2, zonder onderscheid aan elke importeur in de Gemeenschap afgegeven, ongeacht de plaats waar deze in de Gemeenschap gevestigd is en onverminderd de verplichting tot naleving van de andere terzake geldende bepalingen. Artikel 15 1. Indien de Commissie constateert dat Oekraïne voor een bepaalde productgroep uitvoervergunningen heeft afgegeven voor een hoeveelheid die de voor die productgroep vastgestelde maximale hoeveelheid overschrijdt, worden de bevoegde autoriteiten van afgifte in de lidstaten onmiddellijk gelast de afgifte van invoervergunningen op te schorten. In dat geval leidt de Commissie onverwijld overleg in. 2. De bevoegde autoriteiten van een lidstaat geven geen invoervergunningen af voor producten van oorsprong uit Oekraïne die niet door overeenkomstig artikel 6 tot en met 11 afgegeven uitvoervergunningen worden gedekt. Artikel 16 1. De formulieren die door de bevoegde autoriteiten van de lidstaten voor de afgifte van de in artikel 12 bedoelde invoervergunningen worden gebruikt, dienen in overeenstemming te zijn met het model van de invoervergunning in bijlage III. 2. De invoervergunningen en de uittreksels worden opgesteld in twee exemplaren, waarvan het ene, dat het nummer 1 draagt en van de vermelding "exemplaar voor de vergunninghouder" voorzien is, de aanvrager ter hand wordt gesteld, terwijl het andere, dat het nummer 2 draagt en van de vermelding "exemplaar voor de autoriteit van afgifte" voorzien is, wordt bewaard door de autoriteit die de vergunning heeft afgegeven. De bevoegde autoriteiten kunnen voor administratieve doeleinden aan formulier nr. 2 extra exemplaren toevoegen. 3. De formulieren worden gedrukt op wit, houtvrij papier, zodanig gelijmd dat het goed te beschrijven is, met een gewicht van 55 tot 65 g/m². De afmetingen zijn 210 × 297 mm.; de regelafstand bedraagt 4,24 mm.; de indeling van de formulieren moet strikt in acht worden genomen. Beide zijden van exemplaar nr. 1, dat de eigenlijke vergunning vormt, zijn bovendien voorzien van een rode geguillocheerde onderdruk die elke vervalsing met mechanische of chemische middelen zichtbaar maakt. 4. De lidstaten dragen zorg voor het drukken van de formulieren. De formulieren kunnen eveneens worden gedrukt door drukkerijen die daartoe zijn erkend door de lidstaat waarin zij zijn gevestigd. In dit geval dient op elk formulier een verwijzing naar deze erkenning voor te komen. Voorts worden op elk formulier de naam en het adres van de drukker vermeld of een teken aan de hand waarvan deze kan worden geïdentificeerd. 5. Bij afgifte worden de invoervergunningen of de uittreksels van een door de bevoegde autoriteiten van de betrokken lidstaten toegekend afgiftenummer voorzien. Het nummer van de invoervergunning wordt de Commissie langs elektronische weg, via het overeenkomstig artikel 4 opgezette geïntegreerde netwerk, medegedeeld. 6. De vergunningen en de uittreksels worden gesteld in de officiële taal of een van de officiële talen van de lidstaat van afgifte. 7. In vak 10 vermelden de bevoegde autoriteiten de productgroep van de betrokken ijzer- en staalproducten. 8. De tekens van de met de afgifte belaste instanties en die van de met de afboeking belaste autoriteiten worden door middel van een stempel aangebracht. Het stempel van de autoriteiten van afgifte mag evenwel worden vervangen door een droogstempel, in combinatie met letters en cijfers die door perforatie van de vergunning worden verkregen of die daarop worden gedrukt. De toegewezen hoeveelheid wordt door de autoriteit van afgifte op zodanige wijze vermeld dat geen vervalsing mogelijk is en geen cijfers of tekens kunnen worden toegevoegd. 9. De keerzijde van de exemplaren nr. 1 en nr. 2 is voorzien van een vak waarin de hoeveelheden kunnen worden vermeld, hetzij door de douaneautoriteiten bij het vervullen van de invoerformaliteiten, hetzij door de bevoegde administratieve autoriteiten bij de afgifte van een uittreksel. Indien de voor de afboekingen op een vergunning of uittreksel bestemde ruimte ontoereikend is, kunnen de bevoegde autoriteiten daaraan één of meer verlengstroken bevestigen met dezelfde vakken als op de keerzijde van de exemplaren nr. 1 en nr. 2 van de vergunning of het uittreksel. De autoriteiten die de afboeking verrichten, brengen hun stempel op een zodanige wijze aan dat deze zich voor de helft op de vergunning of het uittreksel en voor de helft op de verlengstrook bevindt. Indien meer dan één verlengstrook wordt gebruikt, wordt elke verlengstrook en de daaraan voorafgaande verlengstrook op dezelfde wijze gestempeld. 10. De door de autoriteiten van een lidstaat afgegeven invoervergunningen en uittreksels of aangebrachte vermeldingen en visa hebben in alle lidstaten dezelfde rechtsgevolgen als de door de autoriteiten van deze lidstaten afgegeven documenten of door hen aangebrachte vermeldingen en visa. 11. Indien nodig kunnen de bevoegde autoriteiten van de betrokken lidstaten een vertaling van de op de vergunningen of uittreksels aangebrachte vermeldingen in de officiële taal of in een van de officiële talen van die lidstaat verlangen. Artikel 17 Dit besluit treedt in werking op de dag van zijn bekendmaking in het Publicatieblad van de Europese Unie . Het is van toepassing met ingang van 1 januari 2005. Gedaan te Brussel, op […] Voor de Raad De Voorzitter […] BIJLAGE I +++++ TABLE +++++ +++++ TABLE +++++ BIJLAGE II EXPORT LICENCE +++++ TABLE +++++ EXPORT LICENCE +++++ TABLE +++++ BIJLAGE III Communautaire invoervergunning +++++ TABLE +++++ +++++ TABLE +++++ Communautaire invoervergunning +++++ TABLE +++++ +++++ TABLE +++++ BIJLAGE IV LISTA DE LAS AUTORIDADES NACIONALES COMPETENTES SEZNAM PŘÍSLUŠNÝCH VNITROSTÁTNÍCH ORGÁNŮ LISTE OVER KOMPETENTE NATIONALE MYNDIGHEDER LISTE DER ZUSTÄNDIGEN BEHÖRDEN DER MITGLIEDSTAATEN PÄDEVATE RIIKLIKE ASUTUSTE NIMEKIRI ΔΙΕΥΘΥΝΣΕΙΣ ΤΩΝ ΑΡΧΩΝ ΕΚΔΟΣΗΣ ΑΔΕΙΩΝ ΤΩΝ ΚΡΑΤΩΝ ΜΕΛΩΝ LIST OF THE COMPETENT NATIONAL AUTHORITIES LISTE DES AUTORITES NATIONALES COMPETENTES ELENCO DELLE COMPETENTI AUTORITA NAZIONALI VALSTU KOMPETENTO IESTAŽU SARAKSTS ATSAKINGŲ NACIONALINIŲ INSTITUCIJŲ SĄRAŠAS AZ ILLETÉKES NEMZETI HATÓSÁGOK LISTÁJA LISTA TA' L-AWTORITAJIET KOMPETENTI NAZZJONALI LIJST VAN BEVOEGDE NATIONALE INSTANTIES LISTA WLAŒCIWYCH ORGANÓW KRAJOWYCH LISTA DAS AUTORIDADES NACIONAIS COMPETENTES ZOZNAM PRÍSLUŠNÝCH ŠTÁTNYCH ORGÁNOV SEZNAM PRISTOJNIH NACIONALNIH ORGANOV LUETTELO TOIMIVALTAISISTA KANSALLISISTA VIRANOMAISISTA FÖRTECKNING ÖVER BEHÖRIGA NATIONELLA MYNDIGHETER +++++ TABLE +++++ BIJLAGE V KWANTITATIEVE BEPERKINGEN (in ton) +++++ TABLE +++++ [1] PB L 49 van 19.2.1998, blz. 3. [2] PB L 256 van 7.9.1987, blz. 1. Verordening laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 2344/2003 van de Commissie (PB L 346 van 31.12.2003, blz. 38).