Choose the experimental features you want to try

This document is an excerpt from the EUR-Lex website

Document 52003PC0513

Voorstel voor een Besluit van de Raad ter goedkeuring van maatregelen in bijzonder dringende gevallen en tot wijziging van Besluit nr. 2002/274/EG van de Raad

/* COM/2003/0513 def. */

52003PC0513

Voorstel voor een Besluit van de Raad ter goedkeuring van maatregelen in bijzonder dringende gevallen en tot wijziging van Besluit nr. 2002/274/EG van de Raad /* COM/2003/0513 def. */


Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD ter goedkeuring van maatregelen in bijzonder dringende gevallen en tot wijziging van Besluit nr. 2002/274/EG van de Raad

(door de Commissie ingediend)

TOELICHTING

1. De veiligheidssituatie in Liberia is de afgelopen maanden in rap tempo verslechterd. De rebellengroepering "Liberians United for Reconciliation and Democracy" (LURD), die sinds 1999 in het noordoosten van het land actief is, bereikte in juli 2003 de buitenwijken van Monrovia, en sindsdien wordt er tussen de rebellen en de regeringstroepen hevig gevochten om de controle over de stad. De LURD-rebellen kregen steun van een nieuwe rebellenorganisatie, de "Movement for Democracy in Liberia" (MODEL), die in het eerste kwartaal van 2003 in het zuidoosten van Liberia ontstond. MODEL is ook betrokken bij gevechten om de Buchanan-haven, in het zuidoosten van Monrovia.

2. De strijd in Liberia, en met name in en rond Monrovia, heeft geleid tot catastrofale gevolgen voor de humanitaire situatie. Een onbekend aantal onschuldige mensen is omgekomen bij de strijd. De bevolking van de stad is toegenomen na de komst van tienduizenden ontheemden en zit in de val omdat de uitvals- en aanvoerwegen afgesloten zijn. Er is gebrek aan voedsel en veilig drinkwater en met de huidige tropische regens bestaat er reëel gevaar voor een cholera-epidemie of andere ziekten.

3. Tijdens vredesonderhandelingen in Accra bereikten de strijdende partijen op 17 juni een staakt-het-vuren onder leiding van de Economische Gemeenschap van West-Afrikaanse Staten (ECOWAS), maar deze overeenkomst werd na inwerkingtreding algauw gebroken. De handhaving van de staakt-het-vuren-overeenkomst door middel van de inzet van een interventiemacht zou een einde moeten maken aan de vijandelijkheden en hierdoor zouden hulporganisaties kunnen beginnen met hulpverlening aan de bevolking. Hierdoor zouden ook de kansen toenemen op een brede vredesovereenkomst, waarover in Accra nog steeds onderhandeld wordt door de regering van Liberia, de rebellen, maatschappelijke organisaties en politieke partijen, wat moet leiden tot de vorming van een overgangsregering.

4. ECOWAS heeft aangeboden een dergelijke vredesmacht in te zetten. In dit verband bereidt Nigeria zich voor op de uitzending van een eerste troepenmacht van 1500 soldaten naar Monrovia. In een later stadium zou deze uitgebreid moeten worden naar 2795 soldaten. Op een nader te bepalen tijdstip zal de ECOWAS-vredesmacht vervangen worden door een stabilisatiemacht onder VN-gezag, overeenkomstig resolutie 1497 van de VN-Veiligheidsraad. ECOWAS kan de financiële lasten van een dergelijke operatie niet dragen en heeft steun van de internationale gemeenschap nodig.

5. De Europese Unie zou aan het vredesproces in Liberia kunnen bijdragen door steun uit de voor Liberia gereserveerde middelen uit hoofde van het Europees Ontwikkelingsfonds, waaronder financiële steun voor een vredesmacht, een programma voor demobilisatie en reïntegratie, institutionele opbouw en het herstel van goed functionerende democratische structuren. Deze middelen zouden op middellange termijn beschikbaar kunnen worden gesteld. Hiertoe moet het besluit van de Raad houdende afsluiting van de overlegprocedure met Liberia in het kader van artikel 96 en 97 van de ACS-EG-partnerschapsovereenkomst, met name de daarin vermelde passende maatregelen in verband met de voorwaarden en bestemming van de toewijzing in het kader van het 8e EOF gewijzigd worden.

6. De Commissie stelt daarom de Raad voor het eerdergenoemde besluit van 25 maart 2002 te wijzigen en het aangehechte besluit goed te keuren.

Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD ter goedkeuring van maatregelen in bijzonder dringende gevallen en tot wijziging van Besluit nr. 2002/274/EG van de Raad

DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE,

Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap, inzonderheid op artikel 300, lid 2,

Gelet op het intern akkoord inzake maatregelen en procedures voor de tenuitvoerlegging van de ACS-EG-Partnerschapsovereenkomst [1], inzonderheid artikel 3,

[1] PB L 317, 15.12.2000, blz. 376.

Gezien het voorstel van de Commissie,

Overwegende hetgeen volgt:

(1) In Besluit nr. 2002/274/EG van de Raad van 25 maart 2002 houdende afsluiting van de overlegprocedure met Liberia in het kader van artikel 96 en 97 van de ACS-EG-partnerschapsovereenkomst is bepaald dat passende maatregelen genomen kunnen worden in de zin van artikel 96, lid 2, onder c), en artikel 97, lid 3, van de ACS-EG-partnerschapsovereenkomst;

(2) De in artikel 9 van de ACS-EG-partnerschapsovereenkomst genoemde essentiële elementen worden bij herhaling geschonden door de regering van Liberia en in de huidige omstandigheden zijn in Liberia eerbiediging van de mensenrechten, de democratische beginselen en de rechtsstaat niet gegarandeerd;

(3) Sinds de goedkeuring van Besluit nr. 2002/274/EG van de Raad van 25 maart 2002 is de situatie op het gebied van politiek en veiligheid in Liberia ingrijpend verslechterd. Deze situatie vormt een bijzonder dringend geval in de zin van artikel 96, lid 2, onder b), van de ACS-EG-Partnerschapsovereenkomst;

(4) Het is daarom noodzakelijk de voorwaarden voor het toekennen van middelen aan Liberia te herzien zodat steun verleend kan worden aan het vredesproces, met name door middel van eventuele steun voor een vredesmacht, een programma voor demobilisatie en reïntegratie, institutionele opbouw en het herstel van goed functionerende democratische structuren.

BESLUIT:

Artikel 1

De in artikel 2 van Besluit nr. 2002/274/EG van de Raad van 25 maart 2002 genoemde maatregelen worden vervangen door de maatregelen zoals beschreven in de aangehechte ontwerpbrief aan de minister van Buitenlandse Zaken van Liberia. Deze maatregelen vervallen op 31 december 2004. Deze datum geldt onverminderd enige specifieke vervaldatum zoals vermeld in de financiële instrumenten waarop dit besluit betrekking heeft.

Artikel 2

Besluit 2002/274/EG wordt als volgt gewijzigd:

De tweede zin van artikel 2 wordt vervangen door:

Deze maatregelen vervallen op 31 december 2004. Deze datum geldt onverminderd enige specifieke vervaldatum zoals vermeld in de financiële instrumenten waarop dit besluit betrekking heeft.

Artikel 3

Dit besluit treedt in werking op de dag waarop het wordt goedgekeurd.

Artikel 4

Dit besluit wordt bekendgemaakt in het Publicatieblad van de Europese Unie.

Gedaan te Brussel, op

Voor de Raad

De Voorzitter

BIJLAGE

ONTWERPBRIEF AAN DE MINISTER VAN BUITENLANDSE ZAKEN

Zijne Excellentie de heer Monie Captan

Minister van Buitenlandse Zaken

Liberia

Excellentie,

De Europese Unie maakt zich grote zorgen over de huidige veiligheidssituatie in uw land en wil u helpen de vrede en de stabiliteit te herstellen. Daarom is zij van plan financiële steun te verlenen aan een vredesoperatie in Liberia. De Europese Unie wil ook middelen beschikbaar stellen voor andere maatregelen ter ondersteuning van de vredesproces zodra een brede vredesovereenkomst ondertekend is.

De Europese Gemeenschap heeft daarom besloten de maatregelen in de zin van artikel 96, lid 2, onder c), en artikel 97, lid 3, zoals beschreven in brief nr. SGS27 2745 van 27 maart 2002, te vervangen door de volgende nieuwe maatregen, gebaseerd op dezelfde artikelen wat betreft de uitvoering van de steun:

- regelmatige follow-up door middel van een intensieve politieke dialoog, waarbij het Voorzitterschap van de Europese Unie en de Europese Commissie zullen worden betrokken, en halfjaarlijkse politieke evaluaties;

- voortzetting van de lopende projecten in het kader van artikel 72 van de ACS-EG-partnerschapsovereenkomst, momenteel voor een bedrag van EUR 25 miljoen, gericht op ontheemden;

- de bijdragen ten behoeve van regionale projecten, maatregelen van humanitaire aard, handelssamenwerking en handelsgerelateerde preferenties worden niet aangetast;

- institutionele steun kan worden verleend ten behoeve van de uitvoering van maatregelen die gericht zijn op de naleving van de verbintenissen die bij het overleg zijn aangegaan;

- hoofdstuk 1 van bijlage 4 bij de ACS-EG-partnerschapsovereenkomst wordt opgeschort. De resterende tegoeden voor Liberia uit hoofde van het 8e EOF zullen met onmiddellijke ingang beschikbaar gesteld worden. Deze middelen zullen besteed worden aan onder andere steun voor de vredesoperatie in Liberia, een programma voor demobilisatie en reïntegratie, institutionele opbouw en het herstel van goed functionerende democratische structuren;

- deze opschorting eindigt en de kennisgeving van het 9e EOF zal plaatsvinden zodra alle partijen een brede vredesovereenkomst ondertekend hebben;

- de Commissie zal in dit verband de functie van nationale ordonnateur blijven uitoefenen wat betreft de besteding van de resterende tegoeden uit hoofde van het 8e EOF, zoals bepaald in punt 5.

De Commissie blijft de situatie in Liberia van nabij volgen. Wij stellen voor onze intensieve politieke dialoog voort te zetten op basis van artikel 8 van de ACS-EG-partnerschapsovereenkomst.

Hoogachtend,

Voor de Commissie

Voor de Raad

Top