This document is an excerpt from the EUR-Lex website
Document 52003DC0812
Communication from the Commission to the Council and the European Parliament - Biannual update of the scoreboard to review progress on the creation of an area of "freedom, security and justice" in the European Union (second half of 2003)
Mededeling van de Commissie aan de Raad en het Europees Parlement - Halfjaarlijkse bijwerking van het scorebord van de vorderingen op het gebied van de totstandbrenging van een ruimte van "vrijheid, veiligheid en rechtvaardigheid" in de Europese Unie (Tweede halfjaar van 2003)
Mededeling van de Commissie aan de Raad en het Europees Parlement - Halfjaarlijkse bijwerking van het scorebord van de vorderingen op het gebied van de totstandbrenging van een ruimte van "vrijheid, veiligheid en rechtvaardigheid" in de Europese Unie (Tweede halfjaar van 2003)
/* COM/2003/0812 def. */
Mededeling van de Commissie aan de Raad en het Europees Parlement - Halfjaarlijkse bijwerking van het scorebord van de vorderingen op het gebied van de totstandbrenging van een ruimte van "vrijheid, veiligheid en rechtvaardigheid" in de Europese Unie (Tweede halfjaar van 2003) /* COM/2003/0812 def. */
MEDEDELING VAN DE COMMISSIE AAN DE RAAD EN HET EUROPEES PARLEMENT - HALFJAARLIJKSE BIJWERKING VAN HET SCOREBORD VAN DE VORDERINGEN OP HET GEBIED VAN DE TOTSTANDBRENGING VAN EEN RUIMTE VAN "VRIJHEID, VEILIGHEID EN RECHTVAARDIGHEID" IN DE EUROPESE UNIE (TWEEDE HALFJAAR VAN 2003) INHOUDSOPGAVE 1. Samenvatting 2. Een gemeenschappelijk Europees asiel- en migratiebeleid 2.1. Partnerschap met de landen van herkomst en doorreis 2.2. Een gemeenschappelijk Europees asielstelsel 2.3. Eerlijke behandeling van derdelanders 2.4. Beheer van migratiestromen 3. Een ware Europese rechtsruimte 3.1. Een betere toegang tot de rechter in Europa 3.2. Wederzijdse erkenning van rechterlijke beslissingen 3.3. Grotere convergentie inzake burgerlijk recht 4. Criminaliteitsbestrijding op het niveau van de Unie 4.1. Criminaliteitspreventie op het niveau van de Unie 4.2. Intensievere samenwerking bij de bestrijding van de criminaliteit 4.3. Bestrijding van specifieke vormen van criminaliteit 4.4. Speciaal optreden tegen het witwassen van geld 5. Beleid op het gebied van de binnen- en buitengrenzen en visumbeleid, tenuitvoerlegging van art. 62 VEG en omzetting van het Schengenacquis 6. Burgerschap van de Unie 7. Samenwerking ter bestrijding van drugs 8. Krachtdadiger extern optreden 9. Andere lopende initiatieven 1. Samenvatting Tijdens zijn bijeenkomst in Tampere op 15 en 16 oktober 1999 heeft de Europese Raad de Commissie verzocht een scorebord op te stellen waaronder voortdurend kan worden toegezien op de vorderingen bij de uitvoering van de nodige maatregelen en op de inachtneming van het tijdschema dat met het Verdrag van Amsterdam, het actieplan van Wenen en de conclusies van Tampere is vastgesteld met het oog op de totstandbrenging van een ruimte van vrijheid, veiligheid en rechtvaardigheid. Naar aanleiding van dit verzoek heeft de Commissie in maart 2000 haar eerste scorebord opgesteld. Op het eerste scorebord zijn geregelde halfjaarlijkse bijwerkingen gevolgd, waarin geleidelijk ook rekening werd gehouden met de doelstellingen die tijdens de Europese Raad van Laken (2001), Sevilla (2002) en Thessaloniki (juni 2003) werden vastgesteld. Aangezien in het Verdrag van Amsterdam als uiterste termijn voor de voltooiing van de eerste fase van de totstandbrenging van een ruimte van vrijheid, veiligheid en rechtvaardigheid mei 2004 werd vastgesteld, is deze versie de voorlaatste halfjaarlijkse bijwerking van het op grond van de initiële agenda van Tampere opgestelde scorebord. De Commissie is voornemens in juni 2004 een mededeling in te dienen, waarin een algemene en objectieve evaluatie zal worden gegeven van de verwezenlijkingen en uiteindelijke tekortkomingen bij de uitvoering van de agenda van Tampere en bij de nakoming van de door het Verdrag van Amsterdam opgelegde verplichtingen. In de beoordeling zal rekening worden gehouden met het resultaat van een on line-raadpleging van de Europese burgers en belanghebbende partijen waarmee binnenkort van start wordt gegaan, alsmede met het standpunt van andere instellingen, met name het Europees Parlement. Die mededeling zal vergezeld gaan van een laatste bijwerking van het scorebord van Tampere. In de mededeling zullen tevens de eerste richtsnoeren worden voorgesteld voor de tweede fase van de ontwikkeling van een ruimte van vrijheid, veiligheid en rechtvaardigheid, de agenda "Tampere II". Als uitgangspunt hiervoor zal de tekst van het constitutionele verdrag dienen. In deze op een na laatste bijwerking van het scorebord wordt, zoals in de vorige versies, onderzocht op welk gebied de belangrijkste vooruitgang werd geboekt bij de uitvoering van de conclusies van de Europese Raad van Tampere, waar vertragingen in het wetgevingsproces werden opgelopen en wat nog moet worden verwezenlijkt. Daartoe wordt een lijst van de belangrijkste voorstellen van de Commissie en van de initiatieven van de lidstaten die een follow-up bij de andere EU-instellingen moeten krijgen als bijlage bij de inleiding gevoegd. Dit scorebord omvat voorts de voornaamste voorstellen die, zoals door de Commissie in haar wetgevings- en werkprogramma voor 2004 is gepland, in 2004 op het gebied van justitie en binnenlandse zaken zouden moeten worden ingediend. Het tweede halfjaar van 2003 is een sleutelperiode geweest voor de toekomstige totstandbrenging van de ruimte van vrijheid, veiligheid en rechtvaardigheid, vooral wat de tweede fase daarvan betreft. Dit halfjaar werd gekenmerkt door de afronding van de werkzaamheden van de Conventie over de toekomst van Europa en de start van de intergouvernementele conferentie in Rome op 4 oktober 2003. De Conventie heeft zeer grondig en positief werk verricht bij het opstellen van de bepalingen van het ontwerp van de constitutionele verdragen in verband met justitie en binnenlandse zaken. Zoals de Commissie heeft aangegeven in het advies van 17 september 2003, dat zij overeenkomstig artikel 48 van het Verdrag betreffende de Europese Unie heeft uitgebracht, staat zij zeer positief tegenover de door de Conventie voorgelegde ontwerp-bepalingen. Deze bepalingen moeten leiden tot doeltreffender, doorzichtiger en democratischer besluitvormingsmethoden en tot een welkome versterking van de beleidsdoelstellingen zelf. In het kader van de huidige agenda van Tampere heeft het ontwikkelingsproces dat moet leiden tot een ruimte van vrijheid, veiligheid en rechtvaardigheid een nieuw elan gekregen door de Europese Raad van Thessaloniki van juni 2003, waarvan de conclusies de richtsnoeren hebben bevestigd die een jaar daarvoor in Sevilla werden gegeven, en tevens de strategische prioriteiten van de Unie op het gebied van immigratie, asiel en het beheer van de buitengrenzen hebben versterkt. Onder deze prioriteiten is specifiek verwezen naar de integratie van onderdanen van derde landen die legaal in de Europese Unie verblijven en tevens naar de noodzaak de externe dimensie van het migratiebeleid verder te stimuleren. Een aantal van deze richtsnoeren hebben ten doel het pad te effenen voor toekomstige acties die na de in het Verdrag van Amsterdam vastgestelde uiterste termijn, d.w.z. mei 2004, zullen worden uitgevoerd. Deze maatregelen worden in afzonderlijke alinea's van de inleiding van deze mededeling behandeld. De Europese Raad van Brussel van 16 en 17 oktober 2003 heeft een hoofdstuk van zijn conclusies gewijd aan de versterking van de vrijheid, de veiligheid en de rechtvaardigheid. In dit hoofdstuk wordt vooral aandacht besteed aan de follow-up van de Europese Raad van Sevilla en van Thessaloniki, waarbij in het bijzonder het beheer van de gemeenschappelijke grenzen van de Unie en de beheersing van de migratiestromen centraal staan. Er wordt echter ook op aangedrongen de inspanningen voort te zetten om een nauwere samenwerking op het gebied van politie, justitie en douane te verwezenlijken en de samenwerking op het gebied van de rechtshandhaving te versterken, in het bijzonder wat de operationele aspecten van de bestrijding van ernstige vormen van criminaliteit en terrorisme aangaat. Aan de vooravond van de grootste uitbreiding van de Europese Unie en zes maanden voor de uiterste termijn die in het Verdrag van Amsterdam is vastgesteld, is het kortom duidelijk dat de totstandbrenging van de eerste fase van een ruimte van vrijheid, veiligheid en rechtvaardigheid, alsmede de verdere ontwikkeling ervan, meer dan ooit bovenaan de politieke agenda van de staatshoofden en regeringsleiders staan. Bij de werkzaamheden is sinds de vorige bijwerking van het scorebord door de Commissie op 22 mei 2003 op alle fronten vooruitgang geboekt, maar het risico bestaat dat bepaalde belangrijke wetgevingsteksten volgend jaar tegen het ogenblik dat de uiterste termijn afloopt, niet klaar zullen zijn. De Commissie verzoekt de Raad daarom opnieuw dringend zijn inspanningen de komende maanden op te drijven en dringt er bij de lidstaten op aan hun nationale bezwaren ten aanzien van een aantal dossiers te laten varen. Een gemeenschappelijk asiel- en migratiebeleid van de EU In de vorige versie van het scorebord, die betrekking had op het eerste halfjaar van 2003, werd de geleidelijke voltooiing van de eerste fase van het gemeenschappelijk Europees asielstelsel overwegend positief beoordeeld. Deze positieve beoordeling was gebaseerd op de invoering van de regeling inzake tijdelijke bescherming, de goedkeuring van een instrument inzake normen voor de opvangvoorzieningen voor asielzoekers, de goedkeuring van de verordening ter vervanging van de Overeenkomst van Dublin, betreffende de vaststelling van het land dat verantwoordelijk is voor de behandeling van een asielaanvraag, en het feit dat het Eurodac-systeem sinds het begin van het jaar functioneert. Teneinde deze eerste fase van het gemeenschappelijk Europees asielstelsel af te ronden is het - zoals door de Europese Raad van Thessaloniki werd gememoreerd - absoluut noodzakelijk dat overeenstemming wordt bereikt over twee nog resterende belangrijke onderdelen van dit stelsel. Het eerste voorstel betreft de gemeenschappelijke definiëring van de vluchtelingenstatus en een gemeenschappelijke aanpak van een subsidiaire bescherming. Het tweede voorstel, waarvoor het Italiaanse voorzitterschap de nodige druk heeft uitgeoefend met het oog op de goedkeuring ervan, heeft betrekking op de asielprocedures, onder meer op een gemeenschappelijke lijst van veilige landen van herkomst. Ondanks het feit dat door de Europese Raad als uiterste termijn om tot overeenstemming te komen het einde van 2003 werd vastgesteld en ondanks de positieve inspanningen van het Italiaanse voorzitterschap, was het de Raad nog niet mogelijk een akkoord over de beide voorstellen te bereiken. De Commissie zal begin 2004 een beschikking van de Raad indienen betreffende de volgende generatie van het Europees Vluchtelingenfonds voor de periode 2005-2010. Wat immigratie betreft, is een van de belangrijkste verwezenlijkingen van het tweede halfjaar van 2003 de goedkeuring van de richtlijn betreffende de status van langdurig ingezeten onderdanen van derde landen. Een van de belangrijkste stappen voorwaarts dankzij deze richtlijn is de mogelijkheid de status van langdurig ingezetene te verwerven na vijf jaar legaal in het land te hebben gewoond en de erkenning van de gelijkheid van behandeling op verschillende terreinen van het sociaal-economisch leven. Deze richtlijn geeft langdurig ingezetenen bovendien de mogelijkheid om naar een andere lidstaat te verhuizen om daar, onder geharmoniseerde voorwaarden, te werken of te studeren. Naar aanleiding van de mededeling van de Commissie van 3 juni over immigratie, integratie en werkgelegenheid heeft de Europese Raad van Thessaloniki er de nadruk op gelegd dat het noodzakelijk is dat de lidstaten een integratiebeleid ontwikkelen binnen een samenhangend EU-kader, de Commissie verzocht jaarverslagen over de integratie op te stellen en erop gewezen dat het belangrijk is de samenwerking en de uitwisseling van informatie te ontwikkelen in het kader van de onlangs ingestelde groep van nationale contactpunten voor integratie. Terwijl de werkzaamheden van de nationale contactpunten vorderen, heeft de Commissie in de zomer een proefproject inzake de integratie van onderdanen van derde landen opgezet, dat een zeer positieve respons kreeg van het maatschappelijk middenveld. De Commissie heeft bovendien de werkzaamheden van het Europees netwerk inzake migratie (dat in 2002 bij wijze van proefproject werd opgezet) bespoedigd. Voorts werd de richtlijn inzake gezinshereniging formeel goedgekeurd op 22 september 2003. Gezien de constructieve inspanningen van het Italiaanse voorzitterschap, kon door de Raad op 6 november 2003 een politiek akkoord worden bereikt over de richtlijn betreffende de verblijfstitel met een korte geldigheidsduur die wordt afgegeven aan de slachtoffers van mensenhandel die met de bevoegde autoriteiten samenwerken. Er werd evenwel slechts moeizaam vooruitgang geboekt ten aanzien van het voorstel voor een richtlijn betreffende de toelating van arbeidsmigranten van juli 2001, zoals op 27 november 2003 door de Raad werd vastgesteld. Het voorstel voor een richtlijn inzake de toelating van studenten zal binnenkort worden aangevuld met een voorstel van de Commissie voor een richtlijn over de toelating van onderzoekers. De Europese Raad van Thessaloniki heeft onderstreept dat moet worden gezocht naar legale middelen voor derdelanders om naar de Unie te migreren, met inachtneming van de opvangcapaciteit van de lidstaten, binnen het kader van een versterkte samenwerking met de landen van herkomst die voor beide partijen voordelig zal blijken te zijn. In dit verband heeft de Europese Raad van Brussel van oktober er kennis van genomen dat de Commissie opdracht heeft gegeven voor een studie over het verband tussen legale en illegale immigratie en de lidstaten, de toetredende landen en de kandidaat-lidstaten verzocht daartoe ten volle met de Commissie samen te werken. Overeenkomstig het door de Commissie vastgestelde programma zou de studie in het voorjaar van 2004 moeten zijn afgerond. De bestrijding van illegale immigratie blijft een belangrijke plaats innemen op de politieke agenda en de algemene aanpak die is voorgesteld in de mededeling van de Commissie van 3 juni betreffende de ontwikkeling van een gemeenschappelijk beleid inzake illegale immigratie, mensensmokkel en mensenhandel, buitengrenzen en de terugkeer van illegaal verblijvende personen is door de Europese Raad van Thessaloniki bekrachtigd. Recente besprekingen hadden voornamelijk betrekking op de ontwikkeling van een strategie voor het beheer van de buitengrenzen (dit specifieke aspect wordt behandeld in de rubriek over het "Beleid op het gebied van de binnen- en buitengrenzen en visumbeleid, Schengen" van deze inleiding). In antwoord op het verzoek van de Europese Raad van Thessaloniki heeft de Raad op 3 oktober 2003 in beginsel een akkoord bereikt over het opzetten van een netwerk van immigratieverbindingsfunctionarissen (ILO), dat naar verwachting tegen het einde van het jaar officieel zal zijn goedgekeurd. In het kader van de uitvoering van een gemeenschappelijk beleid inzake de terugkeer van illegale immigranten is in de conclusies van Thessaloniki vastgesteld dat een grotere doeltreffendheid kan worden bereikt door de bestaande samenwerking te intensiveren. In november werd een politiek akkoord bereikt over het Italiaanse initiatief inzake het organiseren van gezamenlijke vluchten van twee of meer lidstaten voor de verwijdering van onderdanen van derde landen die illegaal op hun grondgebied verblijven. De Raad heeft in november ook een richtlijn van de Raad goedgekeurd betreffende de ondersteuning bij doorgeleiding in het kader van maatregelen tot verwijdering door de lucht. Op de Raad van 6 november is tevens een politiek akkoord bereikt over de beschikking van de Raad tot vaststelling van de criteria en uitvoeringsvoorschriften voor de compensatie van de verstoringen van het financiële evenwicht die voortvloeien uit de toepassing van Richtlijn 2001/40/EG van de Raad betreffende de onderlinge erkenning van besluiten inzake de verwijdering van onderdanen van derde landen. In de conclusies van de Europese Raad van Thessaloniki wordt er ook op gewezen dat het nodig is mechanismen op het gebied van het terugkeerbeleid, met inbegrip van een financiële component, te ontwikkelen. De Europese Raad van Brussel van oktober stond bijgevolg positief tegenover het voornemen van de Commissie om een voorstel in te dienen om, met inachtneming van de financiële vooruitzichten, financiële steun voor terugkeer te verlenen. In dit verband zal de Commissie binnenkort voorstellen een financieel instrument voor het terugkeerbeheer op het gebied van migratie te ontwikkelen. Voorts zal de Commissie in 2004 een voorstel indienen voor een voorstel van de Raad inzake terugkeerprocedures en de wederzijdse erkenning van terugkeerbesluiten. Wat de integratie van migratievraagstukken in de betrekkingen van de Unie met derde landen betreft, moet de globale aanpak die in juni in Tampere werd vastgesteld en werd bevestigd te Sevilla, Thessaloniki en op de Europese Raad van Brussel van oktober 2003 verder ten uitvoer worden gelegd. De Commissie heeft de integratie van met migratie verband houdende kwesties in de communautaire regionale samenwerkingsprogramma's met derde landen voortgezet. Daarnaast heeft de Commissie in juni 2003 een voorstel ingediend inzake de instelling van een programma voor financiële en technische bijstand aan derde landen op het gebied van migratie en asiel. De werkzaamheden bij de Raad en het Europees Parlement vorderen snel, teneinde dit begin volgend jaar te kunnen goedkeuren. Voorts zou de Raad, teneinde concreet uitdrukking te geven aan de conclusies van Thessaloniki, tegen het einde van het jaar een evaluatiemechanisme moeten goedkeuren voor de follow-up van de betrekkingen met derde landen op het gebied van de bestrijding van illegale immigratie. Ten slotte is het duidelijk dat het van essentieel belang is dat de Gemeenschap, wil zij doeltreffend zijn en bij de onderhandelingen over overnameovereenkomsten met derde landen tijdig resultaten bereiken en zodoende tot een betere beheersing van de immigratiestromen komen, met één stem spreekt, waarbij wordt uitgegaan van een multidisciplinaire aanpak die verscheidene beleidsmaatregelen van de EU omvat. Onlangs is vooruitgang geboekt door de ondertekening van een overnameovereenkomst met Macao in oktober 2003 en zeer binnenkort zal de overeenkomst met Sri Lanka worden ondertekend. Aangenomen wordt dat de overeenkomst met Hongkong, die in november 2002 werd ondertekend, en die met Macao begin 2004 in werking zullen treden. Voorts is begin november tijdens onderhandelingen met Albanië een overeenkomst bereikt. Er wordt derhalve overwogen de overnameovereenkomst in december 2003 te paraferen. Wat China betreft, is op de Top EU-China van 30 oktober een memorandum van overeenstemming geparafeerd en verwacht wordt dat dit vóór het einde van het jaar zal worden ondertekend. Dit memorandum, dat ten doel heeft het groepstoerisme naar Europa te vergemakkelijken, bevat een overnameclausule waardoor China ertoe wordt verplicht personen wier verblijfsvergunning is verlopen in het kader van de overeenkomst terug te nemen, alsmede bepalingen die vereist zijn voor een snelle terugkeer van die personen. Voorts gaf China tijdens de raadplegingen op hoog niveau over illegale immigratie en mensensmokkel te kennen bereid te zijn de terugkeerproblematiek te bespreken tijdens een vergadering in het kader van de raadplegingen op hoog niveau over terugkeer en legale migratie, die in de loop van het eerste halfjaar van 2004 zal worden gehouden. De Commissie zal China zo snel mogelijk een ontwerp-tekst voor een toekomstige overnameovereenkomst verstrekken en hoopt dat de eerste formele onderhandelingsronde over een overnameovereenkomst kort na de vergadering over terugkeer kan worden gehouden. Wat Rusland en Oekraïne betreft, hebben drie onderhandelingsrondes over overname plaatsgehad. Uit de gemeenschappelijke verklaring die werd goedgekeurd op de Top EU-Rusland van 6 november blijkt dat er een akkoord bestaat om de werkzaamheden voort te zetten met het oog op een tijdige afronding ervan. De Commissie is vastbesloten snel overeenstemming te bereiken met beide landen. In oktober 2003 werden met Pakistan voorbereidende technische besprekingen gehouden en verwacht wordt dat begin 2004 onderhandelingen over een overeenkomst kunnen beginnen. De Commissie zal, zoals haar door de Europese Raad van Brussel in oktober werd verzocht, begin 2004 een verslag over het gemeenschappelijke overnamebeleid indienen. Naar een Europese ruimte van rechtvaardigheid en veiligheid Op burgerrechtelijk gebied Op het gebied van de justitiële samenwerking in burgerlijke zaken is goede vooruitgang geboekt in het kader van het programma inzake wederzijdse erkenning. De recente goedkeuring van de verordening inzake ouderlijke verantwoordelijkheid en huwelijkszaken zal een rechtstreekse invloed hebben op het dagelijkse leven van de burgers, omdat met name, zoals op de Europese Top van Brussel van 16 en 17 oktober 2003 werd onderstreept, nationale beslissingen in de hele Gemeenschap zullen kunnen worden erkend en ten uitvoer gelegd, waardoor de toegang van de burgers tot justitie in sterke mate zal worden verbeterd. Deze verordening vormt een belangrijke stap die bijdraagt tot de erkenning en de tenuitvoerlegging van beslissingen inzake het gezag over en de bescherming van minderjarigen in de hele Unie en de Commissie staat ook zeer positief tegenover het feit dat tegelijk goede vooruitgang is geboekt met het oog op de ratificatie door de lidstaten van het Verdrag van Den Haag van 1996 inzake de ouderlijke verantwoordelijkheid. Op het gebied van het familierecht is de Commissie voorts voornemens in de nabije toekomst aandacht te besteden aan het patrimoniaal familierecht. Een ander belangrijk instrument is de richtlijn inzake de schadeloosstelling door de staat van slachtoffers van misdrijven, inclusief de slachtoffers van terrorisme, ten aanzien waarvan onder het Italiaanse voorzitterschap belangrijke vooruitgang is geboekt. De Commissie is van mening dat dit voorstel een belangrijke eerste stap betekent, omdat minimumnormen worden vastgesteld en aldus een eerlijke behandeling van slachtoffers van misdaad wordt gegarandeerd. Teneinde het publiek beter vertrouwd te maken met de gelijke toegang tot de rechter is een voorlichtingscampagne inzake justitiële samenwerking in burgerlijke en handelszaken op touw gezet. Voorts heeft de Commissie, in samenwerking met de Raad van Europa, 25 oktober ingesteld als de Europese dag van het civiel recht en zijn publieksevenementen georganiseerd om deze dag te promoten. Na de goedkeuring in januari 2003 van de richtlijn inzake rechtsbijstand heeft de Commissie, zoals aangekondigd, de nodige uitvoeringsmaatregelen genomen door in juni 2003 een besluit tot invoering van een formulier voor het verzenden van verzoeken goed te keuren. Vóór het einde van het jaar zal een voorstel tot invoering van een Europese betalingsbevelprocedure worden ingediend, dat tevens geharmoniseerde formulieren zal omvatten. Wat het voorstel van de Commissie inzake niet-betwiste schuldvorderingen aangaat, wordt verwacht dat tegen eind december 2003 in de Raad een gemeenschappelijk standpunt zal worden goedgekeurd met het oog op toezending ervan aan het Europees Parlement en definitieve goedkeuring vóór het einde van de huidige legislatuur van het Parlement. Ten slotte heeft de Commissie op 22 juli 2003 haar goedkeuring gehecht aan een voorstel voor een verordening betreffende het recht dat van toepassing is op niet-contractuele verbintenissen (Rome II). Dit voorstel, dat het resultaat is van uitgebreide raadplegingen, heeft ten doel ervoor te zorgen dat de rechters in alle lidstaten dezelfde regels toepassen om vast te stellen welk materieel recht van toepassing is op geschillen die aansprakelijkheid uit onrechtmatige daad impliceren. Het zal bijgevolg bijdragen tot een grotere doorzichtigheid en voorspelbaarheid van de wijze waarop deze soorten geschillen zullen worden opgelost. Op strafrechtelijk gebied Na de indiening, in februari 2003, van het Groenboek betreffende procedurele waarborgen voor verdachten en beschuldigden in strafrechtzaken in de hele Europese Unie, een openbare hoorzitting op 16 juni 2003 en het advies van het Europees Parlement van november 2003, staat de Commissie op het punt een voorstel voor een kaderbesluit inzake procedurele waarborgen in te dienen. Deze maatregel wordt als een eerste stap beschouwd en zal worden gevolgd door andere maatregelen ter uitvoering van het programma inzake wederzijdse erkenning. De Commissie zal met name binnenkort twee groenboeken voorleggen, waarvan het ene betrekking heeft op voorlopige hechtenis en de erkenning en tenuitvoerlegging van maatregelen ter vervanging van hechtenis, en het andere op de harmonisatie, erkenning en tenuitvoerlegging van straffen in de Europese Unie. Voorts heeft de Raad de besprekingen over het Griekse initiatief inzake het "ne bis in idem"-beginsel voortgezet. De Commissie werd in dit verband verzocht verdere initiatieven met betrekking tot het voorkomen van jurisdictiegeschillen in te dienen. In december 2003 zal de Commissie haar eerste verslag over de uitvoering van het kaderbesluit inzake de status van het slachtoffer in de strafprocedure indienen. Wat de toepassing betreft van de wederzijdse erkenning op het aan het proces voorafgaande gerechtelijke bevelen, heeft de Raad in juli 2003 zijn goedkeuring gehecht aan het kaderbesluit inzake de bevriezing van vermogensbestanddelen en bewijsstukken. In november 2003 heeft de Commissie een voorstel ingediend voor een kaderbesluit betreffende het Europees bewijsverkrijgingsbevel ter verkrijging van voorwerpen, documenten en gegevens voor gebruik in strafprocedures. Onder dit Europees bevel wordt een bevel verstaan dat door een gerechtelijke autoriteit in een lidstaat wordt gegeven en onmiddellijk door een gerechtelijke autoriteit in een andere lidstaat wordt erkend en ten uitvoer gelegd. Eén van de doelstellingen van Tampere is dat het misdadigers niet langer mogelijk mag zijn gebruik te maken van veilige toevluchtsoorden die ontstaan door verschillen in de nationale wetgevingen. In dit verband, en tevens in verband met de bestrijding van terrorisme, is het van belang erop te wijzen dat de lidstaten het kaderbesluit betreffende het Europees aanhoudingsbevel vóór 31 december 2003 ten uitvoer zullen moeten leggen. Tot nog toe hebben slechts enkele lidstaten de vereiste maatregelen genomen. In 2004 zal de Commissie een verslag over de tenuitvoerlegging op nationaal niveau van dit kaderbesluit indienen. Bestrijding van de criminaliteit in de Unie in haar geheel Op de bijeenkomst van de Europese Raad in Brussel in oktober 2003 werd erop aangedrongen dat onafgebroken inspanningen zouden worden geleverd met het oog op een nauwere samenwerking op het gebied van politie, justitie en douane en een versterking van de samenwerking op het gebied van de rechtshandhaving, in het bijzonder wat de operationele aspecten van de bestrijding van ernstige vormen van criminaliteit en terrorisme betreft. Op het gebied van de bestrijding van terrorisme zal de Commissie binnenkort een verslag indienen over de tenuitvoerlegging van het kaderbesluit inzake de bestrijding van terrorisme, dat in december 2002 werd goedgekeurd. De Commissie is voorts voornemens tegen het einde van het jaar een mededeling uit te brengen betreffende de bestrijding van de financiering van terrorisme, vergezeld van een voorstel voor een besluit betreffende de uitwisseling van informatie over terrorisme. Wat de operationele samenwerking betreft, zijn tijdens het Italiaanse voorzitterschap vorderingen gemaakt bij de werkzaamheden betreffende het project inzake multinationale ad hoc-teams voor de uitwisseling van informatie over terroristen, namelijk met betrekking tot het functioneren van dergelijke teams. Wat Europol betreft, zal de akte van de Raad tot wijziging van de Europol-Overeenkomst op talrijke gebieden teneinde de doeltreffendheid ervan te vergroten, naar verwachting in november 2003 worden goedgekeurd. In oktober 2003 is een resolutie over een strategie voor douanesamenwerking goedgekeurd. De Commissie van haar kant is voornemens binnenkort een mededeling over de toekomst van de samenwerking op het gebied van politie en douane binnen de EU uit te brengen. Wat de bestrijding van financiële criminaliteit betreft, zal de Commissie binnenkort een mededeling indienen over de preventie en bestrijding van de georganiseerde criminaliteit in de financiële sector. Voorts is kortgeleden een verslag opgesteld - dat in januari 2004 zal worden ingediend - over de tenuitvoerlegging van het kaderbesluit over de bestrijding van fraude en vervalsing in verband met andere betaalmiddelen dan contanten, dat in juni 2003 door de lidstaten ten uitvoer had moeten worden gelegd. Voorts zal de Commissie binnenkort haar goedkeuring hechten aan het verslag over de tenuitvoerlegging van het kaderbesluit inzake het witwassen van geld, de identificatie, opsporing, bevriezing, inbeslagneming en confiscatie van hulpmiddelen en van opbrengsten van misdrijven. Wat de bestrijding van corruptie betreft, heeft de Raad in juli 2003 zijn goedkeuring gehecht aan het kaderbesluit inzake corruptie in de privé-sector. De Commissie heeft haar mededeling inzake een gemeenschappelijk beleid ter bestrijding van corruptie goedgekeurd in mei 2003. Voorts heeft de Commissie in december 2003 een voorstel ingediend voor een besluit van de Raad waarbij de Gemeenschap wordt gemachtigd het VN-Verdrag inzake corruptie te ondertekenen. Wat de resterende belangrijke instrumenten ter bestrijding van criminaliteit aangaat, betreurt de Commissie dat de voorbije maanden geen vooruitgang is geboekt op de weg naar de goedkeuring van het kaderbesluit betreffende racisme en vreemdelingenhaat. Onder het Italiaanse voorzitterschap is een aantal nieuwe initiatieven genomen en snel door de Raad goedgekeurd, namelijk op het gebied van de openbare orde en hooliganisme. De eerste resolutie betreft de veiligheid bij bijeenkomsten van de Europese Raad en andere vergelijkbare evenementen en de tweede gaat over de ontzegging door de lidstaten van toegang tot plaatsen waar voetbalmatchen met een internationale dimensie plaatshebben. Wat de preventie van criminaliteit betreft, zal de Commissie binnenkort haar goedkeuring hechten aan een mededeling waarbij de prioriteiten op dit gebied voor de komende vijf jaar worden vastgesteld. Wat het Europees netwerk inzake criminaliteitspreventie betreft, werd in november 2003 in Rome een conferentie gehouden die ten doel had beproefde methoden uit te wisselen. Het forum inzake preventie van georganiseerde misdaad is een aantal keer bijeengekomen. Met name de volgende onderwerpen werden besproken: de bestrijding van piraterij en namaak; de bestrijding van corruptie; de bestrijding van mensenhandel; het witwassen van geld; de bestrijding van illegale wapenhandel; het bestand maken van producten tegen criminaliteit; regionale ontwikkeling en preventie van criminaliteit; statistieken over criminaliteit. Beleid op het gebied van de binnen- en buitengrenzen en visumbeleid, Schengen Op de Europese Raad die in 2002 in Sevilla en in 2003 in Thessaloniki en Brussel werd gehouden, werd de nadruk erop gelegd en gememoreerd dat het in het gemeenschappelijk belang van alle lidstaten is dat een doeltreffender beheer van de buitengrenzen tot stand wordt gebracht, in het bijzonder teneinde de veiligheid van de burgers op het grondgebied van de EU te bevorderen. De Commissie heeft op dit gebied een zeer actieve rol gespeeld, hetgeen op 11 november 2003 uiteindelijk heeft geleid tot een voorstel voor de oprichting van een agentschap voor het beheer van de buitengrenzen. Met dit agentschap wordt er in het bijzonder naar gestreefd de operationele samenwerking tussen de nationale diensten die verantwoordelijk zijn voor de controle en de bewaking van de buitengrenzen van de lidstaten te versterken. De ervaringen die zijn opgedaan met de Gemeenschappelijke instantie buitengrensdeskundigen hebben als uitgangspunt voor dit voorstel gediend. De Europese Raad van Brussel van oktober 2003 heeft de Raad verzocht vóór het einde van het jaar een politiek akkoord op de hoofdelementen ervan te bereiken. De Raad heeft een akkoord op de hoofdelementen voor het agentschap bereikt in zijn conclusies van 27 november 2003. Er is ook vooruitgang geboekt wat de oprichting van een centrum voor de luchtgrenzen betreft. Voor de maritieme grenzen zullen twee afzonderlijke centra worden opgericht, respectievelijk in Griekenland, voor het oostelijk deel van de Middellandse Zee, en in Spanje, voor het westelijk deel van de Middellandse Zee en voor alle andere aan de zee grenzende gebieden. Voorts heeft de Raad, op grond van de studie van de Commissie over de maritieme grenzen die in september 2003 werd ingediend, in november 2003 een akkoord bereikt over een werkprogramma over deze kwestie. Tegelijk daarmee verlopen de werkzaamheden voor de tenuitvoerlegging van het actieplan van de Raad inzake het beheer van de buitengrenzen ook op de andere fronten voorspoedig. De Commissie zal binnenkort een voorstel indienen voor een verordening over het visuminformatiesysteem (VIS) en heeft financiële middelen vrijgemaakt ter ondersteuning van de ontwikkeling van dit informatiesysteem, het beheer van de buitengrenzen en de uitvoering van het actieprogramma inzake terugkeer, de drie door de Europese Raad vastgestelde prioriteiten. Voorts zal de Commissie, in het kader van de huidige financiële vooruitzichten, de mogelijkheden voor verdere toewijzingen op deze gebieden tot 2006 nader onderzoeken. Andere voorstellen van de Commissie die in de loop van het voorbije halfjaar werden ingediend om tegemoet te komen aan de verzoeken van de Europese Raad betreffen het aanbrengen van stempels in paspoorten en plaatselijk grensverkeer. Een voorstel over de herschikking van het gemeenschappelijk handboek inzake de buitengrenzen wordt voorbereid. Gezien de noodzaak de beveiliging van documenten te garanderen, heeft de Europese Raad de Raad verzocht tegen het einde van het jaar een politiek akkoord te bereiken over de twee voorstellen van de Commissie die in september 2003 werden ingediend betreffende de opname van biometrische identificatiegegevens in de visa en verblijfstitels van onderdanen van derde landen. Op basis daarvan is de volgende doelstelling de aan burgers van de EU afgegeven documenten beter te beveiligen. Gezien de positieve reactie in het kader van de Raad op de noodzaak voorrang te geven aan deze kwestie, is de Commissie voornemens binnenkort nog een voorstel inzake de opneming van biometrische identificatiegegevens in paspoorten in te dienen. Deze werkzaamheden zullen ook de lopende besprekingen over deze kwestie op internationaal niveau en de samenwerking met derde landen vergemakkelijken. De werkzaamheden voor het opzetten van het nieuwe Schengeninformatiesysteem van de tweede generatie (SIS II) zijn aan de gang. Ter completering van de regelingen die vereist zijn om de bijzonder situatie van de enclave Kaliningrad op te lossen met het oog op de toekomstige buitengrenzen van de EU, zal de Commissie binnenkort, overeenkomstig het aan het toetredingsverdrag van 2003 gehechte Protocol nr. 5 betreffende de doorreis van personen over land tussen de regio Kaliningrad en andere delen van de Russische Federatie, een besluit goedkeuren over de compensatie van de extra kosten die voor Litouwen voortvloeien uit de toepassing van de verordeningen tot invoering van een specifiek doorreisfaciliteringsdocument (FTD) en doorreisfaciliteringsdocument voor treinreizigers (FRTD). Teneinde de veiligheidsnormen aan de buitengrenzen van de EU te verscherpen, wordt voor zeven van de tien landen die de toetredingsverdragen hebben ondertekend, een specifiek en aanvullend financieringsmechanisme opgezet om acties voor de tenuitvoerlegging van het Schengenacquis en de controle aan de buitengrenzen te financieren. De Commissie legt momenteel de laatste hand aan de noodzakelijke voorbereidende werkzaamheden en zal binnenkort haar goedkeuring hechten aan een besluit over het beheer en de toepassing van de Schengenfaciliteit. Ten slotte heeft de Raad in juli 2003 zijn goedkeuring gehecht aan de verordening ter vergemakkelijking van de afgifte van visa voor de leden van de olympische familie die deelnemen aan de spelen in Athene in 2004. Burgerschap van de Unie Er is goede vooruitgang geboekt op de weg naar de goedkeuring van de richtlijn betreffende het recht van de burgers van de EU en hun familieleden om zich vrij op het grondgebied van de Europese Unie te verplaatsen en er vrij te verblijven. In aansluiting op het gewijzigde voorstel van de Commissie van april 2003, heeft de Raad in september een politiek akkoord bereikt en zal hij binnenkort zijn goedkeuring hechten aan het gemeenschappelijk standpunt dat in december 2003 aan het Europees Parlement zal worden voorgelegd. Door deze maatregel wordt de volledige communautaire wetgeving inzake het vrij verkeer van personen omgewerkt tot een enkel instrument, waardoor de administratieve procedures die burgers van de Unie en hun familieleden moeten nakomen wanneer zij beslissen te verhuizen naar en te gaan wonen in een ander lidstaat van de EU, sterk zullen worden vereenvoudigd. Samenwerking op het gebied van de bestrijding van drugs De Europese Raad van Brussel in oktober 2003 heeft andermaal het belang bevestigd van de bestrijding van de drugshandel en de Raad verzocht het voorstel van de Commissie voor een kaderbesluit over dit onderwerp zo mogelijk tegen het einde van 2003 goed te keuren. In feite heeft de Raad in november 2003 een politiek akkoord bereikt over dit kaderbesluit betreffende de vaststelling van minimumvoorschriften met betrekking tot de bestanddelen van strafbare feiten en met betrekking tot straffen op het gebied van de illegale drugshandel. De Commissie beschouwt de goedkeuring van dit voorstel als een belangrijke verwezenlijking met het oog op de voltooiing van een ruimte van vrijheid, veiligheid en rechtvaardigheid. In november 2003 heeft de Commissie een mededeling over de coördinatie inzake drugs in de Europese Unie ingediend. Aangezien dit een complex probleem is met vele facetten waarbij een groot aantal partijen betrokken is, is een doeltreffende coördinatie tussen alle betrokkenen van essentieel belang. Dit houdt in dat een voldoende mate van coördinatie vereist is, zowel binnen als tussen de instellingen van de Europese Unie en de lidstaten. Dit is een van de hoofdpunten van het drugsbeleid, aangezien coördinatie de kern raakt van de nationale en Europese besluitvormingsprocessen. Het uitvoeringsprogramma met betrekking tot de terugdringing van de vraag naar en het aanbod van drugs, dat samenhangt met de uitvoering van het Actieplan voor drugsbestrijding (2000-2004), werd door de Raad in juni 2003 aangenomen. De acties in het kader van dat plan worden momenteel door de lidstaten, de Commissie, het EWDD en Europol uitgevoerd. In juni 2003 heeft de Raad de aanbeveling over de preventie en de beperking van de risico's die samenhangen met drugsverslaving goedgekeurd. In oktober 2003 heeft de Commissie een voorstel ingediend voor een besluit van de Raad tot wijziging en vervanging van het gemeenschappelijk optreden van 16 juni 1997 inzake synthetische drugs. Ten slotte stemde de Raad in november 2003 in met een besluit van de Raad houdende controlemaatregelen en strafrechtelijke sancties betreffende de nieuwe synthetische drugs 2C-I, 2C-T-2, 2C-T-7 en TMA 2. Krachtdadiger extern optreden Op 29 oktober 2003 werd de behandeling van hoofdstuk 24 inzake justitie en binnenlandse zaken met Bulgarije voorlopig afgesloten. Het monitoringproces zal worden voortgezet tot de toetreding. Met Roemenië wordt verder onderhandeld over hoofdstuk 24 en het is nog steeds mogelijk dat tegen het einde van het jaar een ontwerp voor een gemeenschappelijk standpunt wordt ingediend. De betrekkingen met Turkije inzake justitie en binnenlandse zaken worden intenser. Een aantal activiteiten, met name twinnings, seminars en technische werkgroepen, dragen bij tot de versterking van de dialoog op het gebied van justitie en binnenlandse zaken. Er is zeer positieve vooruitgang geboekt op de weg naar de tegen het einde van het jaar verwachte ondertekening van de overeenkomst tussen de EU en de Republiek IJsland en het Koninkrijk Noorwegen inzake de toepassing van sommige bepalingen van het Verdrag betreffende de wederzijdse rechtshulp van 2000 en het Protocol van 2001 daarbij. Justitie en binnenlandse zaken is momenteel vermoedelijk de allerbelangrijkste sector in de betrekkingen van de EU met de landen van de westelijke Balkan, zoals is aangegeven in de conclusies van de Europese Raad van Thessaloniki. De ontwikkeling van een strategie ter bestrijding van de georganiseerde misdaad staat bovenaan de agenda en de Commissie bereidt momenteel, als reactie daarop, nieuwe maatregelen op het gebied van de institutionele opbouw voor. Ook het beheer van de grenzen, justitiële aangelegenheden en migratie zijn belangrijke prioriteiten voor de technische bijstandsverlening. Op 28 november 2003 is een trojka gehouden van de ministers van Justitie en Binnenlandse Zaken. Daarnaast heeft de Raad in juni 2003 het actieplan van de EU inzake drugs voor de Balkanlanden goedgekeurd. De halfjaarlijkse Top met Rusland had plaats op 6 november 2003. Eén van de aangelegenheden die werden besproken, was de goede vooruitgang die in 2003 werd geboekt met betrekking tot de doorreis van personen via de enclave Kaliningrad. Verdere vooruitgang is nog vereist bij de uitvoering van het actieplan ter bestrijding van de georganiseerde misdaad. Wat Oekraïne betreft, is vooruitgang geboekt bij de uitvoering van het actieplan op het gebied van justitie en binnenlandse zaken en het scorebord terzake. Op 25 juni 2003 werd tussen de EU en de Verenigde Staten een overeenkomst ondertekend betreffende uitlevering en justitiële samenwerking in strafzaken. Er zijn onderhandelingen over overnameovereenkomsten aan de gang en uit bovenstaande rubriek "Een gemeenschappelijk asiel- en migratiebeleid" blijkt dat vooruitgang is geboekt. In oktober 2003 heeft de Raad, wat de multilaterale instrumenten betreft, conclusies aangenomen over de tenuitvoerlegging van het Europees aanhoudingsbevel en de verhouding daarvan tot de instrumenten van de Raad van Europa betreffende uitlevering. Het Verdrag van de Verenigde Naties tegen de grensoverschrijdende georganiseerde criminaliteit is op 29 september 2003 in werking getreden. Op 22 augustus 2003 heeft de Commissie haar goedkeuring gehecht aan een voorstel voor een besluit van de Raad betreffende de sluiting, namens de Europese Gemeenschap, van het Verdrag van de Verenigde Naties tegen de grensoverschrijdende georganiseerde criminaliteit en de daaraan gehechte protocollen inzake mensenhandel en de smokkel van migranten. Verwacht wordt dat het VN-Verdrag inzake corruptie tegen december 2003 zal worden ondertekend. Voorstellen van de Commissie en initiatieven van de lidstaten op het gebied van justitie en binnenlandse zaken die reeds zijn goedgekeurd, maar die nog in de andere EU-instellingen moeten worden behandeld In deze lijst zijn de belangrijkste voorstellen van de Commissie en initiatieven van de lidstaten opgenomen die nog in de andere EU-instellingen moeten worden behandeld of goedgekeurd na de intrekking van de nationale bezwaren. Gemeenschappelijk asielbeleid: - Voorstel voor een richtlijn van de Raad inzake minimumnormen voor procedures in de lidstaten betreffende de toekenning of intrekking van de vluchtelingenstatus; - Voorstel voor een richtlijn van de Raad betreffende minimumnormen voor de erkenning en de status van onderdanen van derde landen en staatlozen als vluchtelingen of als personen die anderszins internationale bescherming behoeven. Gemeenschappelijk immigratiebeleid en bestrijding van illegale immigratie: - Voorstel voor een richtlijn van de Raad betreffende de voorwaarden inzake toegang en verblijf van onderdanen van derde landen met het oog op arbeid in loondienst en economische activiteiten als zelfstandige; - Voorstel voor een richtlijn van de Raad betreffende de verblijfstitel met een korte geldigheidsduur die wordt afgegeven aan de slachtoffers van hulp bij illegale immigratie of mensenhandel die met de bevoegde autoriteiten samenwerken (politiek akkoord); - Voorstel voor een richtlijn van de Raad betreffende de voorwaarden voor toegang en verblijf van onderdanen van derde landen met het oog op studie, beroepsopleiding of vrijwilligerswerk; - Voorstel voor een beschikking van de Raad tot vaststelling van de criteria en uitvoeringsvoorschriften voor de compensatie van de verstoringen van het financiële evenwicht die voortvloeien uit de toepassing van Richtlijn 2001/40/EG van de Raad betreffende de onderlinge erkenning van besluiten inzake de verwijdering van onderdanen van derde landen (politiek akkoord); Binnen- en buitengrenzen, gemeenschappelijk visumbeleid: - Voorstel voor een richtlijn van de Raad betreffende de voorwaarden waaronder onderdanen van derde landen gedurende een periode van ten hoogste drie maanden vrij kunnen reizen op het grondgebied van de lidstaten, alsmede tot invoering van een specifieke reisvergunning en tot vaststelling van de voorwaarden voor toegang met het oog op een bezoek van ten hoogste zes maanden; - Initiatief van het Koninkrijk Spanje met het oog op de aanname van een richtlijn van de Raad betreffende de verplichting voor vervoerders om de gegevens van vervoerde personen door te geven; - Voorstel voor een verordening van de Raad tot wijziging van Verordening (EG) nr. 1683/95 betreffende de invoering van een uniform visummodel; - Voorstel voor een verordening van de Raad tot wijziging van Verordening (EG) nr. 1030/2002 betreffende de invoering van een uniform model voor verblijfstitels voor onderdanen van derde landen; - Voorstel voor een verordening van de Raad waarbij voor de bevoegde autoriteiten van de lidstaten de verplichting wordt ingevoerd om in de reisdocumenten van onderdanen van derde landen bij het overschrijden van de buitengrenzen van de lidstaten systematisch een stempel aan te brengen, en waarbij de Overeenkomst ter uitvoering van het te Schengen gesloten akkoord en het gemeenschappelijk handboek daartoe worden gewijzigd; - Voorstel voor een verordening van de Raad tot instelling van een regeling inzake klein grensverkeer aan de landbuitengrenzen van de lidstaten; - Voorstel voor een verordening van de Raad tot instelling van een regeling inzake klein grensverkeer aan de tijdelijke buitengrenzen tussen de lidstaten; - Voorstel voor een verordening van de Raad tot oprichting van een Europees Agentschap voor het beheer van de operationele samenwerking aan de buitengrenzen. EU-burgerschap: - Voorstel voor een richtlijn van het Europees Parlement en de Raad betreffende het recht van de burgers van de Unie en hun familieleden om zich vrij op het grondgebied van de lidstaten te verplaatsen en er vrij te verblijven. Een ware Europese rechtsruimte in burgerlijke zaken: - Voorstel voor een richtlijn van de Raad betreffende de schadeloosstelling van slachtoffers van misdrijven; - Voorstel voor een verordening van de Raad tot invoering van een Europese executoriale titel voor niet-betwiste schuldvorderingen; Bestrijding van misdaad en een ware ruimte van justitie in strafrechtelijke zaken: - Voorstel voor een kaderbesluit van de Raad ter bestrijding van seksuele uitbuiting van kinderen en kinderpornografie (politiek akkoord); - Voorstel voor een richtlijn van het Europees Parlement en de Raad betreffende de strafrechtelijke bescherming van de financiële belangen van de Gemeenschap; - Voorstel voor een kaderbesluit van de Raad tot vaststelling van minimumvoorschriften met betrekking tot de bestanddelen van strafbare feiten en met betrekking tot straffen op het gebied van de illegale drugshandel (politiek akkoord); - Voorstel voor een besluit van de Raad betreffende de bestrijding van racisme en vreemdelingenhaat; - Voorstel voor een kaderbesluit van de Raad over aanvallen op informatiesystemen (politiek akkoord); - Voorstel voor een richtlijn van het Europees Parlement en de Raad inzake milieubescherming door het strafrecht; - Voorstel voor een richtlijn inzake verontreiniging vanaf schepen en invoering van sancties, inclusief strafrechtelijke sancties, voor milieumisdrijven; - Voorstel voor een kaderbesluit van de Raad tot versterking van het strafrechtelijk kader voor de bestrijding van verontreiniging vanaf schepen; - Voorstel voor een besluit van de Raad betreffende de analyse van en de samenwerking inzake valse euromunten; - Voorstel voor een kaderbesluit van de Raad betreffende het Europees bewijsverkrijgingsbevel ter verkrijging van voorwerpen, documenten en gegevens voor gebruik in strafprocedures; - Initiatief van het Verenigd Koninkrijk, de Franse Republiek en het Koninkrijk Zweden voor de aanneming door de Raad van een kaderbesluit inzake de toepassing van het beginsel van wederzijdse erkenning op geldelijke sancties (politiek akkoord); - Initiatief van het Koninkrijk Denemarken met het oog op de aanneming van een kaderbesluit van de Raad inzake de confiscatie van opbrengsten, hulpmiddelen en voorwerpen van misdrijven (politiek akkoord); - Initiatief van het Koninkrijk Denemarken met het oog op de aanneming van een kaderbesluit van de Raad inzake de tenuitvoerlegging in de Europese Unie van beslissingen tot confiscatie; - Initiatief van het Koninkrijk Denemarken met het oog op de aanneming van een besluit van de Raad betreffende versterking van de samenwerking tussen de lidstaten van de Europese Unie met betrekking tot beslissingen inzake vervallenverklaringen; - Initiatief van de Republiek Griekenland betreffende de aanneming van een kaderbesluit inzake de toepassing van het "ne bis in idem"-beginsel. 2. Een gemeenschappelijk Europees asiel- en migratiebeleid Prioriteiten van Tampere: De afzonderlijke, maar onderling nauw verbonden vraagstukken van asiel en migratie vereisen dat een gemeenschappelijk EU-beleid wordt uitgewerkt. De Europese Raad van Sevilla heeft formeel herinnerd aan deze noodzaak en heeft de termijnen vastgesteld voor de goedkeuring van de wetgevingsinstrumenten. 2.1. Partnerschap met de landen van herkomst en doorreis De Europese Unie heeft behoefte aan een alomvattende aanpak van migratie, waarbij aandacht wordt besteed aan de politieke aspecten, de mensenrechten en de ontwikkelingsproblematiek in de landen en regio's van herkomst en doorreis. Beslissend voor het welslagen van dit beleid en voor het bevorderen van de gezamenlijke ontwikkeling zal ook het partnerschap met de betrokken derde landen zijn. Sedert de Europese Raad van Tampere werden de thema's in verband met justitie en binnenlandse zaken op specifieke wijze opgenomen in de programma's voor samenwerking met derde landen (bv. de documenten inzake nationale en regionale strategie die door de Commissie zijn goedgekeurd).Doelstelling: Evaluatie van de landen en regio's van herkomst en doorreis teneinde een land- of regiospecifieke geïntegreerde aanpak te formuleren. >RUIMTE VOOR DE TABEL> 2.2. Een gemeenschappelijk Europees asielstelsel Het is de bedoeling toe te zien op de volledige en niet-restrictieve toepassing van het Verdrag van Genève en zo te garanderen dat niemand wordt teruggestuurd naar het land van vervolging, d.w.z. dat het beginsel van non-refoulement wordt gehandhaafd. Er dient tevens een gemeenschappelijke asielprocedure en een uniforme status te worden vastgesteld voor personen die asiel hebben gekregen, welke in de hele Unie geldig is. Secundaire bewegingen van asielzoekers tussen lidstaten moeten worden beperkt. Op basis van de solidariteit tussen de lidstaten zal actief gezocht worden naar overeenstemming over een regeling voor tijdelijke bescherming van ontheemden. Doel: Het bepalen van de Staat die verantwoordelijk is voor de behandeling van een asielverzoek. >RUIMTE VOOR DE TABEL> >RUIMTE VOOR DE TABEL> >RUIMTE VOOR DE TABEL> >RUIMTE VOOR DE TABEL> >RUIMTE VOOR DE TABEL> 2.3. Eerlijke behandeling van derdelanders De voorwaarden voor toelating en verblijf van derdelanders, gebaseerd op een gezamenlijke evaluatie van de economische en demografische ontwikkelingen in de Unie alsook op de situatie in de landen van herkomst, zullen op elkaar worden afgestemd. Het integratiebeleid moet erop gericht zijn aan derdelanders die legaal op het grondgebied van de lidstaten verblijven (in het bijzonder bij langdurig verblijf), rechten toe te kennen en verplichtingen op te leggen die vergelijkbaar zijn met die van de EU-burgers. Het moet tevens de non-discriminatie en de bestrijding van racisme en vreemdelingenhaat bevorderen. >RUIMTE VOOR DE TABEL> >RUIMTE VOOR DE TABEL> >RUIMTE VOOR DE TABEL> >RUIMTE VOOR DE TABEL> 2.4. Beheer van migratiestromen Alle fasen van de migratiestromen moeten, in nauwe samenwerking met de landen van herkomst en doorreis, doeltreffender worden beheerd. De Europese Raad van Laken heeft herinnerd aan het belang van de integratie van het beleid op het gebied van de migratiestromen in het extern beleid van de Europese Unie, de intensivering van de bestrijding van de clandestiene immigratie, door de daarbij betrokken criminele netwerken te ontmantelen en tegelijkertijd de rechten van de slachtoffers te garanderen, en heeft gevraagd dat een actieplan wordt ontwikkeld dat gebaseerd is op de mededeling van de Commissie inzake illegale immigratie en mensenhandel. De Europese Raad van Sevilla heeft deze richtsnoeren bevestigd en gevraagd dat bij het nemen van maatregelen een goede balans tot stand wordt gebracht tussen een beleid van integratie van legaal gevestigde immigranten en een asielbeleid dat in overeenstemming is met de internationale verdragen, zoals met name het Verdrag van Genève van 1951. Bovendien moeten die maatregelen bijdragen tot een krachtige aanpak van illegale immigratie en mensenhandel. De Raad heeft de Commissie ook gevraagd een verslag in te dienen over de doeltreffendheid van de financiële middelen die op Gemeenschapsniveau beschikbaar zijn wat betreft de repatriëring van immigranten en uitgeprocedeerde asielzoekers, het beheer van de buitengrenzen en projecten inzake asiel en migratie in derde landen. Dit verslag is besproken tijdens de Europese Raad van Thessaloniki. >RUIMTE VOOR DE TABEL> >RUIMTE VOOR DE TABEL> >RUIMTE VOOR DE TABEL> >RUIMTE VOOR DE TABEL> >RUIMTE VOOR DE TABEL> >RUIMTE VOOR DE TABEL> 3. Een ware Europese rechtsruimte Prioriteiten van Tampere: Het is de bedoeling dat de burgers in de gehele Unie eenzelfde beeld krijgen van justitie. Justitie moet worden beschouwd als een middel om het dagelijkse leven van de burgers te vergemakkelijken en om degenen die de vrijheid en de veiligheid van de individuen en de maatschappij in gevaar brengen, voor het gerecht te brengen. Dit impliceert zowel een betere toegang tot de rechter als volledige justitiële samenwerking tussen de lidstaten. Op de top van Tampere is aangedrongen op concrete maatregelen met het oog op een betere toegang tot de rechter in Europa en op organisatorische voorzieningen ter bescherming van de rechten van de slachtoffers. Voorts is verzocht systemen te ontwikkelen voor wederzijdse erkenning van rechterlijke beslissingen. 3.1. Een betere toegang tot de rechter in Europa Een ware rechtsruimte moet garanderen dat burgers en bedrijven in alle lidstaten even gemakkelijk als in hun eigen land toegang kunnen hebben tot de rechter en de autoriteiten en niet door de complexiteit van de juridische en administratieve stelsels van de lidstaten worden verhinderd of ontmoedigd om hun rechten te doen gelden. >RUIMTE VOOR DE TABEL> >RUIMTE VOOR DE TABEL> >RUIMTE VOOR DE TABEL> 3.2. Wederzijdse erkenning van rechterlijke beslissingen Een ware Europese rechtsruimte dient rechtszekerheid te verstrekken aan personen en economische subjecten. Dit betekent dat rechterlijke beslissingen en vonnissen in de gehele Unie in acht moeten worden genomen en uitgevoerd. Een versterkte wederzijdse erkenning van rechterlijke beslissingen en vonnissen en de noodzakelijke onderlinge aanpassing van de wetgevingen zouden de samenwerking tussen de autoriteiten en de justitiële bescherming van de rechten van het individu ten goede komen en zal, zoals de Europese Raad van Laken heeft bevestigd, het mogelijk maken "de moeilijkheden te overwinnen die voortvloeien uit de verschillen tussen de rechtsstelsels". Het is de bedoeling dat het beginsel van wederzijdse erkenning in zowel burgerlijke als strafzaken de hoeksteen van de justitiële samenwerking binnen de Unie wordt. Op burgerrechtelijk gebied: >RUIMTE VOOR DE TABEL> >RUIMTE VOOR DE TABEL> >RUIMTE VOOR DE TABEL> >RUIMTE VOOR DE TABEL> >RUIMTE VOOR DE TABEL> 3.3. Grotere convergentie inzake burgerlijk recht Met het oog op een vlottere justitiële samenwerking en een betere toegang tot de rechter dient een grotere overeenstemming en convergentie tussen de verschillende rechtsstelsels te worden tot stand gebracht. >RUIMTE VOOR DE TABEL> 4. Criminaliteitsbestrijding op het niveau van de Unie Prioriteiten van Tampere en strategie van de EU ter bestrijding van de georganiseerde criminaliteit voor het begin van het nieuwe millennium: De Europese Raad van Tampere heeft erop aangedrongen op het niveau van de Unie een evenwichtige ontwikkeling van maatregelen te bewerkstelligen ter bestrijding van alle vormen van criminaliteit, met inbegrip van de ernstige vormen van georganiseerde en transnationale criminaliteit, waarbij tegelijkertijd de vrijheid en de wettelijke rechten van personen en economische subjecten worden beschermd. In deze context wordt speciale aandacht gevraagd voor de "Strategie van de Europese Unie voor het begin van het nieuwe millennium" inzake preventie van en controle op georganiseerde misdaad. Een aantal aanvullende acties, die verder gaan dan de conclusies van Tampere en waartoe werd opgeroepen in de aanbevelingen van deze strategie, zijn in dit hoofdstuk opgenomen. 4.1. Criminaliteitspreventie op het niveau van de Unie Een doeltreffend beleid op het gebied van de bestrijding van alle vormen van criminaliteit, al dan niet georganiseerd, moet ook preventieve maatregelen van multidisciplinaire aard omvatten. Criminaliteitspreventie moet een onderdeel worden van de maatregelen en programma's ter bestrijding van criminaliteit op het niveau van de Unie en van de lidstaten. De samenwerking tussen nationale criminaliteitspreventieorganisaties moet worden aangemoedigd en er moeten bepaalde prioritaire gebieden worden vastgesteld. >RUIMTE VOOR DE TABEL> >RUIMTE VOOR DE TABEL> 4.2. Intensievere samenwerking bij de bestrijding van de criminaliteit In een ware rechtsruimte mogen misdadigers niet de gelegenheid krijgen om voordeel te halen uit de verschillen in de rechtsstelsels van de lidstaten. De Europese Raad van Laken heeft, in het kader van de bescherming van de financiële belangen van de Europese Gemeenschap, nota genomen van de goedkeuring van het Groenboek inzake de instelling van een Europese officier van justitie en heeft de Raad verzocht dit zo spoedig mogelijk te onderzoeken. De Europese Conventie heeft aan de IGC voorgesteld in het toekomstig grondwettelijk verdrag de mogelijkheid op te nemen om een Europees parket in te stellen dat met name bevoegd is voor de bescherming van de communautaire financiële belangen. De voor de toepassing van de wetgeving verantwoordelijke autoriteiten dienen intensiever samen te werken om de burgers een hoog niveau van bescherming te bieden. Hiertoe moet bij onderzoeken inzake grensoverschrijdende criminaliteit optimaal profijt worden getrokken uit de samenwerking tussen de autoriteiten van de lidstaten. In het Verdrag van Amsterdam is door de uitbreiding van de bevoegdheden van Europol erkend dat dit orgaan een essentiële en centrale rol moet spelen bij de vergemakkelijking van de Europese samenwerking op het gebied van preventie en bestrijding van de georganiseerde criminaliteit. >RUIMTE VOOR DE TABEL> >RUIMTE VOOR DE TABEL> >RUIMTE VOOR DE TABEL> >RUIMTE VOOR DE TABEL> >RUIMTE VOOR DE TABEL> >RUIMTE VOOR DE TABEL> >RUIMTE VOOR DE TABEL> >RUIMTE VOOR DE TABEL> >RUIMTE VOOR DE TABEL> >RUIMTE VOOR DE TABEL> >RUIMTE VOOR DE TABEL> >RUIMTE VOOR DE TABEL> >RUIMTE VOOR DE TABEL> >RUIMTE VOOR DE TABEL> 4.3. Bestrijding van specifieke vormen van criminaliteit Wat het nationaal strafrecht betreft, dienen de inspanningen om overeenstemming te bereiken over gemeenschappelijke definities, strafbaarstelling en sancties in een eerste fase vooral gericht te zijn op een beperkt aantal sectoren van bijzonder belang. Er moet een akkoord worden bereikt over gemeenschappelijke definities, strafbaarstelling en sancties met betrekking tot ernstige vormen van georganiseerde en grensoverschrijdende criminaliteit teneinde de vrijheid en de wettelijke rechten van personen en economische subjecten te beschermen. Voorts heeft de Raad zich in zijn vergadering van 27-28 september 2001 ertoe verbonden onverwijld verder te gaan met de uitwerking van de algemene methodologie op het gebied van de harmonisatie van straffen en heeft hij op 25-26 april 2002 conclusies goedgekeurd over de manier waarop een dergelijke harmonisatie moet worden verwezenlijkt. >RUIMTE VOOR DE TABEL> >RUIMTE VOOR DE TABEL> >RUIMTE VOOR DE TABEL> >RUIMTE VOOR DE TABEL> >RUIMTE VOOR DE TABEL> >RUIMTE VOOR DE TABEL> >RUIMTE VOOR DE TABEL> >RUIMTE VOOR DE TABEL> 4.4. Speciaal optreden tegen het witwassen van geld Het witwassen van geld is nauw verweven met de georganiseerde criminaliteit. Om die reden moeten maatregelen worden genomen om het witwassen uit te roeien, waar het zich ook voordoet, teneinde ervoor te zorgen dat concrete maatregelen worden genomen om opbrengsten van misdrijven op te sporen, te bevriezen, in beslag te nemen en te confisqueren. De buitengewone Europese Raad van 21 september 2001 heeft tevens gewezen op het belang van de bestrijding van de financiering van het terrorisme. >RUIMTE VOOR DE TABEL> >RUIMTE VOOR DE TABEL> >RUIMTE VOOR DE TABEL> 5. Beleid op het gebied van de binnen- en buitengrenzen en visumbeleid, tenuitvoerlegging van art. 62 VEG en omzetting van het Schengenacquis >RUIMTE VOOR DE TABEL> >RUIMTE VOOR DE TABEL> >RUIMTE VOOR DE TABEL> >RUIMTE VOOR DE TABEL> >RUIMTE VOOR DE TABEL> >RUIMTE VOOR DE TABEL> >RUIMTE VOOR DE TABEL> >RUIMTE VOOR DE TABEL> 6. Burgerschap van de Unie >RUIMTE VOOR DE TABEL> >RUIMTE VOOR DE TABEL> 7. Samenwerking ter bestrijding van drugs Prioriteiten van het drugsbestrijdingsbeleid van de Europese Unie: Het drugsprobleem, dat een collectieve en individuele bedreiging vormt, dient op een globale, multidisciplinaire en geïntegreerde manier te worden aangepakt. De Commissie heeft in haar mededeling van november 2002, een tussentijdse evaluatie verricht van het EU-actieplan inzake drugs (2000-2004) dat door de Raad van Kopenhagen werd goedgekeurd. De evaluatie aan het eind zal worden uitgevoerd met de hulp van de lidstaten, het Europees Waarnemingscentrum voor Drugs en Drugsverslaving (EWDD) en Europol. >RUIMTE VOOR DE TABEL> >RUIMTE VOOR DE TABEL> >RUIMTE VOOR DE TABEL> 8. Krachtdadiger extern optreden Prioriteiten van de Europese Raden van Tampere en Feira: De Europese Unie onderstreept dat alle bevoegdheden en instrumenten die ter beschikking van de Unie staan, met name in de externe betrekkingen, op een geïntegreerde en consequente manier moeten worden gebruikt om een ruimte van vrijheid, veiligheid en rechtvaardigheid tot stand te brengen. Aangelegenheden op het gebied van justitie en binnenlandse zaken moeten geïntegreerd worden in de bepaling en de uitvoering van het beleid en de activiteiten van de Unie op andere gebieden. Wat betreft de landen die geen kandidaat zijn voor toetreding, heeft de Commissie getracht de thema's in verband met justitie en binnenlandse zaken specifiek (en volgens een meerjarenprogrammering) in haar programma's voor samenwerking met derde landen te integreren. >RUIMTE VOOR DE TABEL> 9. Andere lopende initiatieven >RUIMTE VOOR DE TABEL> >RUIMTE VOOR DE TABEL>