Choose the experimental features you want to try

This document is an excerpt from the EUR-Lex website

Document 52000PC0825

Voorstel voor een Besluit van de Raad betreffende de sluiting van de Overeenkomst in de vorm van een briefwisseling tussen de Europese Gemeenschap en de Republiek Tunesië inzake de liberaliseringsmaatregelen voor het onderlinge handelsverkeer en de wijziging van de landbouwprotocollen bij de Associatieovereenkomst tussen de EG en de Republiek Tunesië

/* COM/2000/0825 def. - ACC 2000/0334 */

52000PC0825

Voorstel voor een Besluit van de Raad betreffende de sluiting van de Overeenkomst in de vorm van een briefwisseling tussen de Europese Gemeenschap en de Republiek Tunesië inzake de liberaliseringsmaatregelen voor het onderlinge handelsverkeer en de wijziging van de landbouwprotocollen bij de Associatieovereenkomst tussen de EG en de Republiek Tunesië /* COM/2000/0825 def. - ACC 2000/0334 */


Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD betreffende de sluiting van de Overeenkomst in de vorm van een briefwisseling tussen de Europese Gemeenschap en de Republiek Tunesië inzake de liberaliseringsmaatregelen voor het onderlinge handelsverkeer en de wijziging van de landbouwprotocollen bij de Associatieovereenkomst tussen de EG en de Republiek Tunesië

(door de Commissie ingediend)

TOELICHTING

1. Artikel 16 van de Euro-Mediterrane Overeenkomst waarbij een associatie tot stand wordt gebracht tussen de Europese Gemeenschap en haar lidstaten, enerzijds, en de Republiek Tunesië, anderzijds, die op 1 maart 1998 in werking is getreden, bepaalt dat de Gemeenschap en Tunesië geleidelijk een grotere liberalisering instellen van het onderlinge handelsverkeer in landbouw- en visserijproducten.

2. Volgens artikel 18 van de Euro-Mediterrane Overeenkomst onderzoeken de Gemeenschap en Tunesië met ingang van 1 januari 2000 de situatie met het oog op de vaststelling van de door de Gemeenschap en Tunesië met ingang van 1 januari 2001 toe te passen liberaliseringsmaatregelen.

3. De Raad heeft de Commissie gemachtigd met het Koninkrijk Marokko, de Republiek Israël en de Republiek Tunesië onderhandelingen aan te knopen om het handelsverkeer van landbouwproducten met de betrokken landen sterker te liberaliseren, conform de geest van de associatieovereenkomst en het Barcelona-proces.

4. Overeenkomstig het aan de overeenkomst gehechte protocol nr. 1 betreffende de regeling die bij de invoer in de Gemeenschap van landbouwproducten uit Tunesië van toepassing is, geldt voor olijfolie uit Tunesië een bijzondere regeling. Volgens deze regeling wordt in de periode van 1 januari 1996 tot en met 31 december 1999 voor ruwe olijfolie van oorsprong uit Tunesië een verlaagd douanerecht toegepast voor ten hoogste 46 000 ton per verkoopseizoen. Deze regeling is verlengd met een termijn van een jaar, die op 31 december 2000 afloopt. Bijgevolg moet in een definitieve regeling worden voorzien om een onderbreking van de traditionele handel in olijfolie te vermijden, en moet de concessie voor olijfolie in het protocol worden opgenomen.

5. De beide partijen zijn het er in het kader van de gevoerde onderhandelingen over eens geworden de landbouwprotocollen nr. 1 en nr. 3 aan te passen met het oog op een sterkere liberalisering van de handel in landbouwproducten, conform de geest van de associatieovereenkomst en het Barcelona-proces.

6. De Raad wordt verzocht zijn goedkeuring te hechten aan het onderhavige voorstel tot wijziging, door middel van een overeenkomst in de vorm van een briefwisseling, van de aan de Associatieovereenkomst gehechte protocollen nr. 1 en nr. 3.

2000/0334 (ACC)

Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD betreffende de sluiting van de Overeenkomst in de vorm van een briefwisseling tussen de Europese Gemeenschap en de Republiek Tunesië inzake de liberaliseringsmaatregelen voor het onderlinge handelsverkeer en de wijziging van de landbouwprotocollen bij de Associatieovereenkomst tussen de EG en de Republiek Tunesië

DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE,

Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap, inzonderheid op artikel 133, juncto artikel 300, lid 2, eerste zin,

Gezien het voorstel van de Commissie [1],

[1] PB C van, blz.

Overwegende hetgeen volgt:

(1) Artikel 16 van de Euro-Mediterrane Overeenkomst [2] waarbij een associatie tot stand wordt gebracht tussen de Europese Gemeenschap en haar lidstaten, enerzijds, en de Republiek Tunesië, anderzijds, die op 1 maart 1998 in werking is getreden, bepaalt dat de Gemeenschap en Tunesië geleidelijk een grotere liberalisering instellen van het onderlinge handelsverkeer in landbouw- en visserijproducten.

[2] PB L 97 van 30.3.1998, blz. 1.

(2) Volgens artikel 18 van de Euro-Mediterrane Overeenkomst onderzoeken de Gemeenschap en Tunesië met ingang van 1 januari 2000 de situatie met het oog op de vaststelling van de door de Gemeenschap en Tunesië met ingang van 1 januari 2001 toe te passen liberaliseringsmaatregelen.

(3) De Gemeenschap en de Republiek Tunesië zijn het erover eens geworden de landbouwprotocollen nr. 1 en nr. 3 te wijzigen via een overeenkomst in de vorm van een briefwisseling. Het is dienstig deze overeenkomst goed te keuren.

(4) Aangezien de maatregelen die nodig zijn voor de tenuitvoerlegging van deze verordening beheersmaatregelen zijn in de zin van artikel 2 van Besluit 1999/468/EG van de Raad van 28 juni 1999 tot vaststelling van de voorwaarden voor de uitoefening van de aan de Commissie verleende uitvoeringsbevoegdheden [3], moeten deze maatregelen worden vastgesteld volgens de beheersprocedure van artikel 4 van bovengenoemd besluit.

[3] PB L 184 van 17.7.1999, blz. 23.

BESLUIT:

Artikel 1

De overeenkomst in de vorm van een briefwisseling tussen de Europese Gemeenschap en de Republiek Tunesië inzake de liberaliseringsmaatregelen voor het onderlinge handelsverkeer van landbouwproducten wordt namens de Gemeenschap goedgekeurd.

De tekst van de Overeenkomst is aan dit besluit gehecht.

Artikel 2

1. De Commissie wordt bijgestaan door het Comité van beheer voor granen dat is ingesteld bij artikel 23 van Verordening (EEG) nr. 1766/92 van de Raad [4] of, naargelang van het geval, door de comités die zijn ingesteld bij de overeenkomstige bepalingen van de andere verordeningen houdende gemeenschappelijke ordening van de markten of door het Comité douanewetboek dat is ingesteld bij artikel 248bis van Verordening (EEG) nr. 2913/92 [5].

[4] PB L 181 van 1.7.1992, blz. 21. Verordening laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 1666/2000 (PB L 193 van 29.7.2000, blz. 37).

[5] PB L 302 van 19.10.1992, blz. 1.

2. In de gevallen waarin naar dit lid wordt verwezen, is de beheersprocedure van artikel 4 van Besluit 1999/468/EG met inachtneming van artikel 7, lid 3, van dat besluit van toepassing.

3. De in artikel 4, lid 3, van Besluit 1999/468/EG bedoelde termijn wordt vastgesteld op één maand.

Artikel 3

De voorzitter van de Raad wordt gemachtigd de persoon aan te wijzen die bevoegd is om de overeenkomst te ondertekenen teneinde daardoor de Gemeenschap te binden.

Artikel 4

Dit besluit wordt bekendgemaakt in het Publicatieblad van de Europese Gemeenschappen.

Gedaan te Brussel, op

Voor de Raad

De Voorzitter

BIJLAGE

OVEREENKOMST

in de vorm van een briefwisseling tussen de Europese Gemeenschap en de Republiek Tunesië inzake de liberaliseringsmaatregelen voor het onderlinge handelsverkeer en de wijziging van de landbouwprotocollen bij de Associatieovereenkomst tussen de EG en de Republiek Tunesië

Brief nr. 1

Brief van de Europese Gemeenschap

Brussel, .........

Mijnheer,

Ik heb de eer te verwijzen naar de onderhandelingen die zijn gevoerd met betrekking tot artikel 16 van de Euro-Mediterrane Overeenkomst waarbij een associatie tot stand wordt gebracht tussen de Europese Gemeenschap en haar lidstaten, enerzijds, en de Republiek Tunesië, anderzijds, die op 1 maart 1998 in werking is getreden, bepalende dat de Gemeenschap en Tunesië geleidelijk een grotere liberalisering instellen van het onderlinge handelsverkeer in landbouw- en visserijproducten.

Deze onderhandelingen hebben plaatsgevonden ter uitvoering van artikel 18 van de Euro-Mediterrane Overeenkomst, bepalende dat de Gemeenschap en Tunesië met ingang van 1 januari 2000 de situatie onderzoeken met het oog op de vaststelling van de door de Gemeenschap en Tunesië met ingang van 1 januari 2001 toe te passen liberaliseringsmaatregelen.

Ten vervolge op deze onderhandelingen is door de partijen het volgende overeengekomen:

1. De in artikel 1, lid 5, van het Protocol nr. 1 genoemde data worden vervangen door: "vanaf 1 januari 2002 tot 1 januari 2005".

2. In artikel 2:

a) wordt in de tweede alinea de benaming « Coteaux de Teboura » vervangen door « Coteaux de Tebourba »;

b) wordt de volgende alinea toegevoegd: "Wijnen uit Tunesië die een gecontroleerde oorsprongsbenaming dragen, moeten vergezeld zijn van een oorsprongscertificaat overeenkomstig het in de preferentiële overeenkomst opgenomen model of van een document V I 1 of V I 2 waarin de vermeldingen als bedoeld in artikel 9 van Verordening (EEG) nr. 3590/85 betreffende het bij invoer van wijn, druivensap en druivenmost voorgeschreven attest en analyseverslag zijn aangebracht".

3. Artikel 3 van Protocol nr. 1 wordt vervangen door:

"Artikel 3

1. Met ingang van 1 januari 2001 mag, tot een hoeveelheid van ten hoogste 50 000 ton, geheel in Tunesië verkregen en rechtstreeks van dit land naar de Gemeenschap vervoerde ruwe olijfolie van de onderverdelingen 1509 10 10 en 1509 10 90 van de gecombineerde nomenclatuur vrij van recht in de Gemeenschap worden ingevoerd.

2. Deze hoeveelheid wordt met ingang van 1 januari 2002 gedurende een periode van vier jaar met telkens 1500 ton per jaar verhoogd, zodat zij vanaf 1 januari 2005 56 000 ton per jaar bedraagt.

3. Indien de invoer van olijfolie in het kader van deze regeling het evenwicht op de markt van de Gemeenschap dreigt te verstoren, met name in het licht van de verbintenissen die de Gemeenschap ten aanzien van dit product in het kader van de Wereldhandelsorganisatie is aangegaan, dan plegen de overeenkomstsluitende partijen met elkaar overleg over passende, voor beide partijen acceptabele maatregelen om deze dreiging weg te nemen."

4. De bijlagen bij de protocollen nr. 1 en nr. 3 worden vervangen door de bijlagen 1A en 1B respectievelijk bij deze overeenkomst, en aan protocol nr. 1 wordt een bijlage 2 toegevoegd met het model van het voor wijnen met gecontroleerde oorsprongsbenaming te gebruiken certificaat.

5. Met ingang van 1 januari 2005 onderzoeken de Gemeenschap en Tunesië de situatie met het oog op de vaststelling van de door de Gemeenschap en Tunesië met ingang van 1 januari 2006 toe te passen liberaliseringsmaatregelen in overeenstemming met de in artikel 16 opgenomen doelstelling.

Deze overeenkomst zal door elk van de overeenkomstsluitende partijen volgens zijn eigen procedures worden goedgekeurd.

De bepalingen van deze Overeenkomst zijn van toepassing met ingang van 1 januari 2001.

Ik moge U verzoeken te willen bevestigen dat Uw regering met de inhoud van deze brief instemt.

Gelieve, Mijnheer, de verzekering van mijn bijzondere hoogachting te aanvaarden.

Namens de Raad van de Europese Unie

Brief nr. 2

Brief van de Republiek Tunesië

Brussel, .........

Mijnheer,

Ik heb de eer U de ontvangst te bevestigen van Uw brief van heden, welke als volgt luidt:

"Ik heb de eer te verwijzen naar de onderhandelingen die zijn gevoerd met betrekking tot artikel 16 van de Euro-Mediterrane Overeenkomst waarbij een associatie tot stand wordt gebracht tussen de Europese Gemeenschap en haar lidstaten, enerzijds, en de Republiek Tunesië, anderzijds, die op 1 maart 1998 in werking is getreden, bepalende dat de Gemeenschap en Tunesië geleidelijk een grotere liberalisering instellen van het onderlinge handelsverkeer in landbouw- en visserijproducten.

Deze onderhandelingen hebben plaatsgevonden ter uitvoering van artikel 18 van de Euro-Mediterrane Overeenkomst, bepalende dat de Gemeenschap en Tunesië met ingang van 1 januari 2000 de situatie onderzoeken met het oog op de vaststelling van de door de Gemeenschap en Tunesië met ingang van 1 januari 2001 toe te passen liberaliseringsmaatregelen.

Ten vervolge op deze onderhandelingen is door de partijen het volgende overeengekomen:

1. De in artikel 1, lid 5, van het Protocol nr. 1 genoemde data worden vervangen door: "vanaf 1 januari 2002 tot 1 januari 2005".

2. In artikel 2:

a) wordt in de tweede alinea de benaming « Coteaux de Teboura » vervangen door « Coteaux de Tebourba ».

b) wordt de volgende alinea toegevoegd: "Wijnen uit Tunesië die een gecontroleerde oorsprongsbenaming dragen, moeten vergezeld zijn van een oorsprongscertificaat overeenkomstig het in de preferentiële overeenkomst opgenomen model of van een document V I 1 of V I 2 waarin de vermeldingen als bedoeld in artikel 9 van Verordening (EEG) nr. 3590/85 betreffende het bij invoer van wijn, druivensap en druivenmost voorgeschreven attest en analyseverslag zijn aangebracht".

3. Artikel 3 van Protocol nr. 1 wordt vervangen door:

"Artikel 3

1. Met ingang van 1 januari 2001 mag, tot een hoeveelheid van ten hoogste 50 000 ton, geheel in Tunesië verkregen en rechtstreeks van dit land naar de Gemeenschap vervoerde ruwe olijfolie van de onderverdelingen 1509 10 10 en 1509 10 90 van de gecombineerde nomenclatuur vrij van recht in de Gemeenschap worden ingevoerd.

2. Deze hoeveelheid wordt met ingang van 1 januari 2002 gedurende een periode van vier jaar met telkens 1500 ton per jaar verhoogd, zodat zij vanaf 1 januari 2005 56 000 ton per jaar bedraagt.

3. Indien de invoer van olijfolie in het kader van deze regeling het evenwicht op de markt van de Gemeenschap dreigt te verstoren, met name in het licht van de verbintenissen die de Gemeenschap ten aanzien van dit product in het kader van de Wereldhandelsorganisatie is aangegaan, dan plegen de overeenkomstsluitende partijen met elkaar overleg over passende, voor beide partijen acceptabele maatregelen om deze dreiging weg te nemen."

4. De bijlagen bij de protocollen nr. 1 en nr. 3 worden vervangen door de bijlagen 1A en 1B respectievelijk bij deze overeenkomst, en aan protocol nr. 1 wordt een bijlage 2 toegevoegd met het model van het voor wijnen met gecontroleerde oorsprongsbenaming te gebruiken certificaat.

5. Met ingang van 1 januari 2005 onderzoeken de Gemeenschap en Tunesië de situatie met het oog op de vaststelling van de door de Gemeenschap en Tunesië met ingang van 1 januari 2006 toe te passen liberaliseringsmaatregelen in overeenstemming met de in artikel 16 opgenomen doelstelling.

Deze overeenkomst zal door elk van de overeenkomstsluitende partijen volgens zijn eigen procedures worden goedgekeurd.

De bepalingen van deze Overeenkomst zijn van toepassing met ingang van 1 januari 2001.

Ik zou het op prijs stellen indien u mij zou willen bevestigen dat uw regering met de inhoud van deze brief instemt".

Ik heb de eer U de instemming van de Republiek Tunesië te bevestigen.

Gelieve, Mijnheer, de verzekering van mijn bijzondere hoogachting te aanvaarden.

Namens de Republiek Tunesië

BIJLAGE -1 A

Protocol nr. 1

1. Regeling van toepassing op de invoer in de Gemeenschap van landbouwproducten van oorsprong uit Tunesië

2. Certificaat van oorsprongsbenaming

>RUIMTE VOOR DE TABEL>

(*) Het verlagingspercentage is uitsluitend van toepassing op het ,ad valorem"-recht

(1) Vanaf de datum van toepassing van een EG-verordening voor de sector aardappelen wordt deze periode verlengd tot en met 15 april en wordt de verlaging van het douanerecht buiten het tariefcontingent op 50% gebracht.

(2) Indeling onder deze onderverdeling is onderworpen aan de voorwaarden die door de bevoegde communautaire instanties worden vastgesteld [zie art. 291 tot en met 300 van Verordening (EEG) nr. 2454/93 (PB L 253 van 11.10.1993, blz. 71) en latere wijzigingen daarvan].

>RUIMTE VOOR DE TABEL>

(3) Deze concessie betreft uitsluitend zaaigoed overeenkomstig de voorschriften betreffende het in de handel brengen van zaaizaad en pootgoed.

(4) De hoeveelheid tomatenpuree zal op 4000 ton worden gebracht volgens het volgende tijdschema: 1.1.2001 - 2500 ton; 1.1.2002 - 2 875 ton; 1.1.2003 - 3 250 ton; 1.1.2004 - 3 625 ton; met ingang van 1.1.2005 - 4000 ton.

(*) Het verlagingspercentage is uitsluitend van toepassing op het ,ad valorem"-recht.

>RUIMTE VOOR DE TABEL>

(5) Voor de zes posten betreffende mengsels van vruchten geldt één enkel tariefcontingent.

>RUIMTE VOOR DE TABEL>

(*) Het verlagingspercentage is uitsluitend van toepassing op het ,ad valorem"-recht.

>RUIMTE VOOR DE TABEL>

15. Hierbij wordt bevestigd dat de wijn waarop dit certificaat betrekking heeft, in het wijnbouwgebied ...... ...... ...... is geproduceerd en volgens de Tunesische wetgeving recht heeft op de oorsprongsbenaming'............................'. De aan deze wijn toegevoegde alcohol is uit wijnbouwproducten verkregen.

16. (1)

(1) Vak gereserveerd voor aanvullende gegevens die door het land van uitvoer worden verstrekt.

BIJLAGE 1 B

PROTOCOL Nr. 3

betreffende de regeling die van toepassing is bij de invoer in Tunesië van landbouwproducten van oorsprong uit de Gemeenschap

Enig artikel

Voor de in de bijlage vermelde producten van oorsprong uit de Gemeenschap zijn de douanerechten bij invoer in Tunesië niet hoger dan de rechten vermeld in kolom a in het kader van de tariefcontingenten vermeld in kolom b

>RUIMTE VOOR DE TABEL>

(*) De hoeveelheden die worden ingevoerd in het kader van het door Tunesië in WTO-verband geopende tariefcontingent uit hoofde van de referentietoegang (,current access"), worden in mindering gebracht op het preferentiële tariefcontingent.

(1) De hoeveelheid van 8 000 ton geldt voor de vier postonderverdelingen samen.

(2) Van 1 juli tot eind februari.

(3) De hoeveelheid van 9 700 ton geldt voor de drie posten samen.

>RUIMTE VOOR DE TABEL>

(*) De hoeveelheden die worden ingevoerd in het kader van het door Tunesië in WTO-verband geopende tariefcontingent uit hoofde van de referentietoegang (,current access"), worden in mindering gebracht op het preferentiële tariefcontingent.

(**) Globaal contingent voor de acht posten.

(4) Het tarief wordt tussen 1 januari 2001 en 1 januari 2005 in vijf gelijke tranches verlaagd tot 0%.

(5) Van 1 oktober tot en met 31 mei.

(6) Contingent bovenop het bestaande, waarvoor een douanerecht van 17% geldt.

>RUIMTE VOOR DE TABEL>

Top