Choose the experimental features you want to try

This document is an excerpt from the EUR-Lex website

Document 52000PC0018

Voorstel voor een Verordening van het Europees Parlement en de Raad betreffende een communautair energie-efficiëntie-etiketteringsprogramma voor kantoor- en communicatieapparatuur

/* COM/2000/0018 def. - COD 2000/0033 */

PB C 150E van 30.5.2000, pp. 73–78 (ES, DA, DE, EL, EN, FR, IT, NL, PT, FI, SV)

52000PC0018

Voorstel voor een Verordening van het Europees Parlement en de Raad betreffende een communautair energie-efficiëntie-etiketteringsprogramma voor kantoor- en communicatieapparatuur /* COM/2000/0018 def. - COD 2000/0033 */

Publicatieblad Nr. C 150 E van 30/05/2000 blz. 0073 - 0078


Voorstel voor een VERORDENING VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD betreffende een communautair energie-efficiëntie-etiketteringsprogramma voor kantoor- en communicatieapparatuur

(door de Commissie ingediend)

TOELICHTING

1. Inleiding

1.1. Informatie- en communicatietechnologie (ICT)-apparatuur neemt een aanzienlijk deel van het elektriciteitsverbruik in de tertiaire en huishoudelijke sector in de Gemeenschap voor haar rekening. De Commissie heeft samen met onafhankelijke experts en de industrie onderzocht welke de beste beleidsinstrumenten zijn om dit verbruik te verminderen. De Commissie kwam tot de conclusie dat de meest doeltreffende en kostenefficiënte manier om het energieverbruik van ICT-apparatuur te verminderen de invoering van een vrijwillig etiketteringsprogramma is, waarbij een logo wordt gebruikt om de meest efficiënte apparatuur op de markt aan te duiden. Verder besloot de Commissie in 1994, in overleg met deskundigen uit de lidstaten en Europese fabrikanten, dat de beste manier om het energieverbruik van ICT-apparatuur te verminderen erin bestaat het Energy Star-programma, een vrijwillig etiketteringsprogramma dat in 1993 in de Verenigde Staten is ingevoerd, in de Gemeenschap over te nemen. Een communautair programma op basis van het Energy Star-logo zou voor een maximale participatie van de industrie en dus een maximale energiebesparing zorgen, aangezien verscheidene fabrikanten het Amerikaanse Energy Star-programma reeds goed kennen. Bovendien zou dit programma de internationale handel stimuleren en het ontstaan van handelsbelemmeringen vermijden door een vereenvoudiging van de procedures voor bedrijven die willen deelnemen aan een gemeenschappelijk etiketteringsprogramma in de VS en de Gemeenschap.

1.2. Op 14 februari 1996 vroeg de Commissie een mandaat [1] voor onderhandelingen over een overeenkomst met de VS en Japan inzake de coördinatie van etiketteringsprogramma's voor energie-efficiënte kantoorapparatuur. In september 1996 machtigde de Raad de Commissie [2] om met de VS en Japan over een overeenkomst te onderhandelen en stelde hij een reeks onderhandelingsrichtsnoeren vast. In februari 1998 besloot Japan zich uit de onderhandelingen terug te trekken. In overleg met de Raad onderhandelde de Commissie vervolgens op basis van hetzelfde mandaat verder met de VS over een bilaterale overeenkomst.

[1] SEC(96)224 def.

[2] Doc. 9485/1/96 ENER 120 ENV 280 RELEX 30 REV1.

1.3. De onderhandelingen leidden tot een ontwerpovereenkomst tussen de Gemeenschap en de VS, die op 2 juli 1999 door de Commissie aan de Raad werd voorgelegd, samen met een voorstel voor een besluit van de Raad betreffende de sluiting van de overeenkomst [3]. De Commissie wees er in het bijzonder op dat het voorgelegde Energy Star-programma zou bijdragen tot de door de Gemeenschap geplande vermindering van de CO2-uitstoot, dat het de gebruikers van ICT-apparatuur aanzienlijke besparingen zou opleveren, dat het de consumenten in staat zou stellen bij te dragen aan een duurzamer gebruik van energiebronnen en dat het de internationale handel in dit soort apparatuur zou bevorderen. Bovendien hield het voorstel van de Commissie rekening met de economische belangen van de EU en werd het volledig gesteund door de ICT-industrie in de Gemeenschap. De behoefte aan en de voordelen van een communautair energie-efficiëntie-etiketteringsprogramma voor ICT-apparatuur dat gebruik maakt van het Energy Star-logo worden duidelijk uiteengezet in de toelichting bij het verzoek van de Commissie om een mandaat voor onderhandelingen over de overeenkomst alsook in het voorstel van de Commissie voor een besluit van de Raad betreffende de sluiting van de overeenkomst.

[3] COM(1999)328.

1.4. Tijdens de onderhandelingen over de overeenkomst bleek duidelijk de behoefte aan een communautaire verordening betreffende de tenuitvoerlegging van de bepalingen van deze overeenkomst. In de toelichting bij het voorstel betreffende de sluiting van de overeenkomst wees de Commissie erop dat zij een voorstel zou indienen voor een verordening van de Raad inzake een communautair etiketteringsprogramma voor ICT-apparatuur. Daarnaast houdt de ontwerpovereenkomst in dat het gemeenschappelijke logo (het Energy Star-logo) door de communautaire wetgeving in de Gemeenschap wordt ingevoerd als merkteken. In het onderhavige voorstel voor een verordening van de Raad is dan ook voorzien in de ontwerpovereenkomst, omdat het voor een correcte tenuitvoerlegging ervan nodig is.

2. De behoefte aan een communautaire verordening

2.1. Een communautaire verordening is nodig omdat een aantal bepalingen van de ontwerpovereenkomst enkel kunnen worden uitgevoerd door de invoering van communautaire wetgeving. De ontwerpovereenkomst behelst de volgende bepalingen:

- De aanwijzing van de Commissie als beheersinstantie voor de Europese Gemeenschap. De Commissie is met name bevoegd om de ontwerpovereenkomst namens de Gemeenschap te wijzigen. Daarnaast wordt de Commissie belast met het beheer van het Energy Star-etiketteringsprogramma in de Gemeenschap. Dit omvat het bijhouden van de lijst van de deelnemers aan het programma en die van de goedgekeurde producten, alsook de uitwisseling van gegevens met de VS.

- Het nemen van effectieve maatregelen om de consumenten voor te lichten over het Energy Star-logo en de vraag op te markt te stimuleren.

- De bescherming van het logo en het toezicht op het correcte gebruik ervan door de industrie.

- De wijziging van de technische specificaties en de productgroepen die onder de overeenkomst vallen.

2.2. De ontwerpovereenkomst geeft het Energy Star-logo een dubbele functie: die van een door het US EPA geregistreerd certificeringsmerk op de Amerikaanse markt en die van een bij communautaire wetgeving ingevoerd merkteken in de Gemeenschap. Het U.S. Environmental Protection Agency (US EPA) is de eigenaar van het Energy Star-logo; als eigenaar van het Energy Star-logo heeft het US EPA het merkteken op de Amerikaanse markt laten registreren en onderzoekt het de mogelijkheid om het in de Gemeenschap te laten registreren. In de Gemeenschap wordt het Energy Star-logo beschouwd als een bij de onderhavige verordening ingevoerd merkteken. Dat stelt de Commissie en de lidstaten in staat om door administratieve regelgeving op een doeltreffende manier toe te zien op het correcte gebruik van het logo, zonder een beroep te moeten doen op het merkenrecht om het logo in de Gemeenschap te beschermen. Het onderhavige voorstel maakt zo de invoering van het communautaire merkteken voor het voorgestelde etiketteringsprogramma mogelijk.

2.3. De tweede belangrijke reden voor een communautair wetgevend initiatief is dat een procedure moet worden vastgesteld voor de wijziging van de technische specificaties en de producten die onder de ontwerpovereenkomst vallen. Tijdens deze procedure vertegenwoordigt de Commissie de Gemeenschap tegenover het US EPA. Het is duidelijk dat de lidstaten moeten worden betrokken bij de besluitvorming die leidt tot het standpunt van de Gemeenschap (zowel inzake voorstellen tot wijziging aan het US EPA als inzake antwoorden op door het US EPA voorgestelde wijzigingen). Deze "interne" procedures, die duidelijk niet onder de ontwerpovereenkomst vallen, worden uitvoerig beschreven in de voorgestelde verordening. Dit komt tegemoet aan de vraag van de lidstaten om bij de wijzigingsprocedure te worden betrokken.

3. Doelstellingen en hoofdlijnen van de voorgestelde verordening

3.1. De voorgestelde verordening beoogt de tenuitvoerlegging van de ontwerpovereenkomst in de Gemeenschap en de invoering van een communautair energie-etiketteringsprogramma op vrijwillige basis (het "Energy Star"-programma). De belangrijkste doelstellingen van de voorgestelde verordening zijn de invoering van het Energy Star-logo als merkteken in de Gemeenschap, de beschrijving van de gebruiksregels, het verbieden van misbruik en de vaststelling van de algemene regels en procedures voor het communautaire Energy Star-etiketteringsprogramma, onder andere de procedures voor de in de ontwerpovereenkomst bedoelde wijzigingen.

3.2. Hoewel de ontwerpovereenkomst in principe op alle soorten apparatuur van toepassing zou kunnen zijn, blijft het voorstel van de Commissie beperkt tot informatie- en communicatietechnologie (ICT)-apparatuur, zoals oorspronkelijk gevraagd in het mandaat. De lijst van de producten die onder het onderhavige voorstel vallen, wordt bijgewerkt bij de wijzigingen van de ontwerpovereenkomst en wordt na elke wijziging door de Commissie in het Publicatieblad gepubliceerd (artikel 11).

3.3. Het hoofdkenmerk van beide gecoördineerde Energy Star-programma's is dat het vrijwillige etiketteringsprogramma's zijn, met een gemeenschappelijk logo dat alleen mag worden gebruikt op producten die voldoen aan de technische specificaties. De deelnemers treden op vrijwillige basis toe tot een van beide programma's door zich als deelnemer in te schrijven bij een van beide beheersinstanties. De deelnemers mogen het logo gebruiken op producten die aan de specificaties voldoen, ofwel na eigen certificering ofwel na onafhankelijke tests. Elke beheersinstantie kan de gewaarmerkte producten op de eigen markt controleren. Producten die bij een van beide beheersinstanties zijn geregistreerd, moeten door de andere worden erkend. Deze punten worden uitvoerig beschreven in het onderhavige voorstel (artikelen 4 en 5).

3.4. De apparatuur waarop de voorgestelde verordening van toepassing is, is onderhevig aan snelle technologische ontwikkelingen. Daarom biedt de ontwerpovereenkomst de mogelijkheid veranderingen aan te brengen in de technische specificaties en de productgroepen waarop deze van toepassing is. De "interne" procedures voor wijzigingen moeten flexibel en snel uitvoerbaar zijn, zodat snel kan worden gereageerd op marktontwikkelingen, technologische veranderingen en voorstellen van het US EPA. Bovendien is ervoor gezorgd dat nationale onafhankelijke experts, de industrie en andere betrokken partijen de mogelijkheid hebben om de Commissie advies te geven over technische aangelegenheidje. De algemene verantwoordelijkheid voor het beheer van het communautaire energie-etiketteringsprogramma berust bij de Commissie (de beheersinstantie), die wordt bijgestaan door een technische instantie, het EU-Energy Star-bestuur.

3.5. De voorgestelde verordening bepaalt dat de lidstaten een "nationale" instantie aanwijzen (verwacht wordt dat de lidstaten hiervoor het nationale energie-agentschap aanwijzen, maar deze rol kan ook door verscheidene nationale instanties worden vervuld) (artikel 9). De voornaamste taak van de nationale instantie is het geven van technisch advies aan de Commissie ter voorbereiding van het EU-standpunt bij de wijziging van de specificaties en de betrokken producten. Andere functies van de nationale instantie zijn: optreden als lokaal informatiepunt dat de bevolking algemene informatie geeft over het Energy Star-programma, deelnameformulieren van kandidaat-deelnemers aan het programma in ontvangst nemen en doorsturen naar de Commissie en het promoten van het Energy Star-programma (artikelen 5, 6 en 14).

3.6. Samen met vertegenwoordigers van de industrie en andere betrokken partijen vormen de nationale instanties het EU-Energy Star-bestuur ("EUESB") (artikel 8). Het EUESB is de instantie die de technische kwesties bespreekt met betrekking tot de huidige specificaties, de EU-voorstellen tot wijziging van de technische specificaties en tot opname van nieuwe productgroepen, en de voorbereiding van het standpunt van de Gemeenschap ten aanzien van technische voorstellen van het US EPA. Het EUESB is verantwoordelijk voor de wijziging van de huidige specificaties en de opgenomen productgroepen, stelt verbeteringen in de tenuitvoerlegging van het Energy Star-programma voor, levert commentaar op de voorstellen van de VS en adviseert de Commissie bij de onderhandelingen. Zowel de Commissie als het EUESB kunnen kwesties op de agenda van het EUESB plaatsen. Aangezien de wijziging van de technische specificaties een hoge graad van specialisatie vereist, is het noodzakelijk dat de Commissie wordt bijgestaan door een "technische" en onafhankelijke instantie. Daarom neemt het EUESB deze taak van de Commissie over. De Commissie zal een voorstel presenteren voor het reglement van orde van het EUESB. Het EUESB wordt voorgezeten door een vertegenwoordiger van de Commissie.

3.7. De procedures die beide beheersinstanties moeten volgen bij de wijziging van de technische specificaties en de opgenomen productgroepen worden uitvoerig beschreven in de ontwerpovereenkomst. De voorgestelde verordening beschrijft de interne procedures voor de voorbereiding van het EU-voorstel dat aan het US EPA wordt voorgelegd (artikel 11). De voorgestelde verordening bepaalt dat de Commissie het EUESB een mandaat geeft. In het mandaat wordt de strekking van het EU-voorstel tot wijziging van de technische specificaties en de opgenomen producten beschreven. De Commissie stelt het mandaat op eigen initiatief of op verzoek van het EUESB op. Daarnaast geeft de Commissie het EUESB een mandaat telkens wanneer zij een voorstel van het US EPA ontvangt. Het EUESB bereidt binnen de in het mandaat bepaalde termijn het ontwerpvoorstel van de EU voor, dat door de Commissie wordt gebruikt in de onderhandelingen met het US EPA. Tijdens de onderhandelingen wordt de Commissie bijgestaan door een speciaal comité, dat door de Raad wordt aangewezen overeenkomstig het ontwerp-besluit betreffende de sluiting van de overeenkomst. Wanneer de wijziging door beide beheersinstanties is goedgekeurd, publiceert de Commissie de nieuwe technische specificaties en opgenomen productgroepen in het Publicatieblad.

3.8. Het is zeer belangrijk dat de technische specificaties worden aangepast aan de technologische ontwikkelingen, die voor dit soort apparaten vrij snel kunnen zijn. De voorgestelde verordening bepaalt (artikel 10) dat de Commissie binnen zes maanden na de inwerkingtreding van de voorgestelde verordening een werkprogramma aan de Raad en het Parlement voorlegt, na overleg met het EUESB. In het werkprogramma wordt de strategie van de Commissie voor de ontwikkeling van het Energy Star-programma gedetailleerd beschreven. Het werkprogramma bevat in het bijzonder een voorstel voor de volgende drie jaar met betrekking tot de doelstellingen voor de verbetering van de energie-efficiëntie, het beoogde marktaandeel per productgroep, een niet-limitatieve lijst van producten die prioritair in het programma moeten worden opgenomen en concrete plannen voor coördinatie en samenwerking tussen het Energy Star-programma en andere vrijwillige energie-etiketteringsprogramma's in de lidstaten die betrekking hebben op dezelfde productgroepen (bv. het vrijwillige etiketteringsprogramma van de GEA). Het werkprogramma beschrijft ook de maatregelen die de Commissie voorstelt voor de tenuitvoerlegging van de in de ontwerpovereenkomst vastgestelde maatregelen (bv. voorlichtingscampagnes) en geeft duidelijke informatie over de financiering van deze activiteiten. Aangezien het voorstel betrekking heeft op producten die onderhevig zijn aan snelle technologische veranderingen en marktontwikkelingen, wordt het werkprogramma regelmatig opnieuw bekeken.

3.9. Andere nationale of regionale etiketteringsprogramma's kunnen verder worden gebruikt of ingevoerd, voor zover zij door de overheid van de lidstaat erkend of toegelaten zijn en betrekking hebben op specifieke nationale of regionale doelstellingen of strengere vereisten vastleggen dan het Energy Star-programma. De Commissie wenst bovendien zo veel mogelijk samen te werken met de nationale en regionale programma's om de gunstige effecten ervan te vergroten. Deze samenwerking is noodzakelijk om mogelijke negatieve effecten van een wildgroei van ongecoördineerde programma's te vermijden. Daarnaast komt er een nauwe samenwerking met ander communautaire etiketteringsprogramma's, in het bijzonder met het communautaire milieukeursysteem [4] en energie-etiketteringssysteem [5]. Er wordt ook volledige samenwerking beoogd met de internationale normalisatie-instanties (bv. IEC) en waar mogelijk zullen mandaten worden verleend om internationale normen voor de energie-efficiëntie van ICT-apparatuur vast te stellen.

[4] PB L 99 van 11.4.1992, blz.1.

[5] PB L 297 van 13.10.1992, blz. 16.

3.10. Alle activiteiten waarin dit voorstel voorziet of die voor de tenuitvoerlegging ervan nodig zijn, worden gefinancierd door het SAVE-programma. De Commissie financiert met name mede de activiteiten van de lidstaten met betrekking tot de promoting en verspreiding van het Energy Star-programma via de procedures en het budget van het SAVE-besluit. De Commissie neemt zelf de kosten op zich die verbonden zijn aan de taken van de beheersinstantie, zoals bepaald in de ontwerpovereenkomst.

3.11. Om de deelname van fabrikanten aan het programma te bevorderen en om het goede voorbeeld te geven, wordt aanbevolen (artikel 6) dat de EU-instellingen, wanneer zij ICT-apparatuur kopen, in hun aanbesteding vragen dat de apparatuur aan de specificaties van het Energy Star-programma voldoet. Dezelfde aanbeveling geldt voor de overheidsdiensten van de lidstaten.

4. Conclusies

Gezien de bijdrage die het Energy Star-programma aan de energie-efficiëntie in de Europese Unie kan leveren en rekening houdend met de in de ontwerpovereenkomst vastgelegde verplichtingen, is het nu noodzakelijk dat een communautaire verordening wordt goedgekeurd voor de tenuitvoerlegging ervan, met de volgende doelstellingen:

- de tenuitvoerlegging van het Energy Star-programma als vrijwillig etiketteringsprogramma in de Gemeenschap, zoals bepaald in de ontwerpovereenkomst;

- het vaststellen van de procedurele principes voor de werking van het Energy Star-programma, in het bijzonder met het oog op een efficiënt en doorzichtig verloop van de wijziging van de technische specificaties;

- het verzekeren van de participatie van de lidstaten in het wijzigingsproces van de technische specificaties en de lijst van de productgroepen;

- het toewijzen van de taak van de vaststelling van de technische vereisten aan een technisch bekwame instantie, het EUESB, die daartoe door de Commissie wordt gemachtigd;

- het verzekeren van de complementariteit tussen het communautaire programma en andere, nationale energie-etiketteringssystemen in de EU;

- de naleving van het correcte gebruik van het Energy Star-logo en de voorkoming van misbruik;

- de bevordering van de aankoop door openbare instellingen van efficiënte apparatuur die aan de vereisten voldoet.

Het onderhavige voorstel heeft geen financiële gevolgen aangezien alle uitgaven door het SAVE-programma worden gedragen.

2000/0033 (COD)

Voorstel voor een

VERORDENING VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD

betreffende een communautair energie-efficiëntie-etiketteringsprogramma voor kantoor- en communicatieapparatuur

HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE,

Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap, en met name op artikel 95,

Gezien het voorstel van de Commissie [6],

[6] PB C ...

Gezien het advies van het Economisch en Sociaal Comité [7],

[7] PB C ...

Gezien het advies van het Comité van de Regio's [8],

[8] PB C ...

Volgens de procedure van artikel 251 van het Verdrag [9],

[9] PB C ...

Overwegende hetgeen volgt:

(1) Het is belangrijk om de goede werking van de interne markt te bevorderen;

(2) Informatie- en communicatietechnologie-apparatuur neemt een aanzienlijk deel van het totale elektriciteitsverbruik voor haar rekening; de meest doeltreffende maatregel om het elektriciteitsverbruik van deze apparatuur te verminderen is het verbruik in de wachtstand te verminderen; de verschillende modellen die in de Gemeenschap verkrijgbaar zijn, hebben zeer uiteenlopende verbruiksniveaus in de wachtstand;

(3) Sommige lidstaten staan mogelijk op het punt om maatregelen te nemen met betrekking tot de energie-etikettering van informatie- en communicatietechnologie-apparatuur, waardoor de handel in deze producten in de Gemeenschap kan worden belemmerd; het is wenselijk om deze initiatieven te harmoniseren om het effect op de industrie zou klein mogelijk te houden;

(4) In voorstellen ter harmonisatie van de wettelijke of bestuursrechtelijke bepalingen van de lidstaten op het gebied van gezondheid, veiligheid, milieu- en consumentenbescherming dient te worden uitgegaan van een hoog beschermingsniveau; deze verordening zorgt voor een hoog niveau van milieu- en consumentenbescherming door te streven naar een aanzienlijke verbetering van de energie-efficiëntie van dit soort apparatuur;

(5) De Gemeenschap is bevoegd om dergelijke maatregelen te treffen; de bepalingen van deze verordening gaan niet verder dan nodig is om de doelstellingen ervan te bereiken, zodat wordt voldaan aan de bepalingen van artikel 5 van het Verdrag;

(6) Krachtens artikel 174 van het Verdrag maken milieubescherming en -verbetering en een verstandig en rationeel gebruik van de natuurlijke hulpbronnen deel uit van de doelstellingen van het communautaire milieubeleid; elektriciteitsproductie en -verbruik vertegenwoordigen 30% van de door de mens veroorzaakte uitstoot van kooldioxide (CO2) en ongeveer 35% van het primaire energieverbruik in de Gemeenschap; deze percentages stijgen;

(7) Beschikking 89/364/EEG van de Raad van 5 juni 1989 betreffende een communautair actieprogramma ten behoeve van een efficiënter elektriciteitsgebruik [10] heeft tot doel om de consumenten aan te moedigen om bij voorkeur apparaten met een hoog elektrisch rendement te kopen en om de efficiëntie van de apparaten te verbeteren;

[10] PB L 157 van 9.6.1989, blz. 32.

(8) In Kyoto is in het protocol bij het Raamverdrag van de Verenigde Naties inzake klimaatverandering van 10 december 1997 (UNFCCC) overeengekomen dat de Gemeenschap de uitstoot van broeikasgassen tegen het jaar 2012 met 8% moet verminderen; om deze doelstelling te bereiken zijn strengere maatregelen nodig om de CO2-uitstoot in de Gemeenschap te stabiliseren;

(9) Bij Beschikking 91/565/EEG van de Raad [11] is een programma ter bevordering van de energie-efficiëntie in de Gemeenschap ingesteld (het SAVE-programma); bij Beschikking 96/737/EEG [12] is een nieuw meerjarenprogramma (het SAVE II-programma) ingesteld om de acties van het eerste SAVE-programma voort te zetten en te versterken;

[11] PB L 307 van 8.11.1991, blz. 34.

[12] PB L 335 van 24.12.1996, blz. 50.

(10) In Besluit nr. 2179/98/EG van het Europees Parlement en de Raad van 24 september 1998 betreffende de herziening van het beleidsplan en actieprogramma van de Europese Gemeenschap inzake het milieu en duurzame ontwikkeling "Op weg naar duurzame ontwikkeling" [13] werd energie-efficiëntie-etikettering van apparaten als een van de prioriteiten voor de integratie van milieuvereisten met betrekking tot energie genoemd;

[13] PB L 275 van 10.10.1998, blz. 1.

(11) In de Resolutie van de Raad van 7 december 1998 inzake energie-efficiëntie in de Europese Gemeenschap [14] werd aangedrongen op meer etikettering van apparaten;

[14] PB C 394 van 17.12.1998, blz. 1.

(12) De meeste energie-efficiënte informatie- en communicatietechnologie-apparatuur is verkrijgbaar zonder of tegen een kleine meerprijs en de initiële kosten kunnen dankzij de uitgespaarde elektriciteit binnen enkele jaren worden terugverdiend;

(13) In het belang van de internationale handel moeten de energie-efficiëntievereisten, de labels en de testmethoden waar nodig worden geharmoniseerd;

(14) Informatie- en communicatietechnologie-apparatuur wordt wereldwijd verhandeld; de Gemeenschap en de Verenigde Staten hebben een overeenkomst gesloten over de coördinatie van energie-efficiëntie-etiketteringsprogramma's, het "Energy Star"-programma; deze bij het Besluit van de Raad van ... [15] gesloten overeenkomst zal de internationale handel in deze apparatuur bevorderen; deze verordening heeft tot doel om de bovengenoemde overeenkomst in de Gemeenschap ten uitvoer te leggen;

[15] PB L ...

(15) Er is een doeltreffend handhavingssysteem nodig om ervoor te zorgen dat het Energy Star-programma correct ten uitvoer wordt gelegd, eerlijke mededingingsvoorwaarden garandeert en de rechten van de consument beschermt;

(16) Deze verordening blijft beperkt tot informatie- en communicatietechnologie-apparatuur;

(17) Richtlijn 92/75/EEG betreffende de vermelding van het energieverbruik en het verbruik van andere hulpbronnen op de etikettering en in de standaard-productinformatie van huishoudelijke apparaten [16] is niet het meest geschikte instrument voor informatie- en communicatietechnologie-apparatuur; de meest doeltreffende maatregelen om de energie-efficiëntie van informatie- en communicatietechnologie-apparatuur te bevorderen, is een vrijwillig etiketteringsprogramma;

[16] PB L 297 van 13.10.1992, blz. 16.

(18) De taak van de vaststelling en wijziging van de technische specificaties moet worden toegewezen aan een daartoe geschikte instantie, het EU-Energy Star-bestuur (EUESB), met het oog op een efficiënte en neutrale tenuitvoerlegging van het systeem; het EUESB dient te worden samengesteld uit de nationale instanties;

(19) Het Energy Star-programma moet verenigbaar zijn en gecoördineerd worden met de prioriteiten van de Gemeenschap en met andere etiketterings- of kwaliteitscertificeringssystemen zoals vastgesteld door Richtlijn 92/75/EEG van de Raad van 22 september 1992 betreffende de vermelding van het energieverbruik en het verbruik van andere hulpbronnen op de etikettering en in de standaard-produktinformatie van huishoudelijke apparaten en door Verordening (EEG) nr. 880/92 van de Raad van 23 maart 1992 inzake een communautair systeem voor de toekenning van milieukeuren [17];

[17] PB L 99 van 11.4.1992, blz. 1.

(20) Er moeten bepalingen worden vastgesteld om ervoor te zorgen dat het communautaire Energy Star-programma verenigbaar en complementair is met ander energie-etiketteringsprogramma's in de Gemeenschap; zo raken de consumenten niet in de war, wordt de markt niet verstoord en wordt het Energy Star-programma aantrekkelijker voor mogelijke kandidaat-deelnemers;

(21) Er moet worden gezorgd voor een transparante tenuitvoerlegging van het programma en verenigbaarheid met de desbetreffende internationale normen, zodat fabrikanten en exporteurs van buiten de Gemeenschap gemakkelijk aan het programma kunnen deelnemen;

HEBBEN DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:

Artikel 1

Doelstellingen

1. Deze verordening stelt de regels vast voor het communautaire vrijwillige energie-etiketteringsprogramma (hierna "het Energy Star-programma"), zoals omschreven in de overeenkomst tussen de Gemeenschap en de Verenigde Staten van Amerika over de coördinatie van energie-efficiëntie-etiketteringsprogramma's (hierna "de overeenkomst").

2. De overeenkomst heeft tot doel om de internationale handel in informatie- en communicatietechnologie-apparatuur te bevorderen door een vereenvoudiging van de procedures voor bedrijven die aan het Energy Star-programma willen deelnemen. Het Energy Star-programma beoogt maximale energiebesparing en voordelen voor zowel de consument als het milieu door het bevorderen van het aanbod aan en de vraag naar energie-efficiënte informatie- en communicatietechnologie-apparatuur.

3. Het Energy Star-programma wordt gecoördineerd met andere communautaire etiketterings- of kwaliteitscertificatiemaatregelen en andere systemen, met name het bij Verordening (EEG) nr. 880/92 van de Raad ingestelde communautaire systeem voor de toekenning van milieukeuren.

Artikel 2

Werkingssfeer

1. Deze verordening is enkel van toepassing op productgroepen van informatie- en communicatietechnologie-apparatuur. Onder productgroep worden alle goederen verstaan die voor gelijkaardige doeleinden dienen, op dezelfde manier worden gebruikt en door de consument als gelijkwaardig worden ervaren.

2. De lijst van de productgroepen waarop deze verordening van toepassing is, is opgenomen in bijlage C van de overeenkomst.

Artikel 3

Definities

De volgende definities uit de overeenkomst worden in deze verordening overgenomen:

(a) Het "Energy Star-logo" is het merkteken dat wordt beschreven in bijlage A van de overeenkomst en is weergegeven in bijlage I;

(b) De "deelnemers aan het programma", zoals omschreven in artikel 2 van de overeenkomst, zijn de fabrikanten, leveranciers of verkopers van als energie-efficiënt gemerkte producten die voldoen aan de specificaties van het Energy Star-programma en die hebben gekozen voor deelname aan dit programma door zich in te schrijven bij de Commissie;

(c) De "specificaties" zijn de in artikel 2 en bijlage C van de overeenkomst vermelde eisen inzake energie-efficiëntie en prestaties, alsook de testmethodes, aan de hand waarvan wordt bepaald of energie-efficiënte producten in aanmerking komen voor het Energy Star-logo.

Artikel 4

Algemene beginselen

1. De deelnemers aan het programma mogen het Energy Star-logo gebruiken op de afzonderlijke producten die zij in de Gemeenschap fabriceren of verkopen.

2. Producten die aan de specificaties voldoen en die van het "United States Environmental Protection Agency" (US EPA) toestemming hebben gekregen om het Energy Star-logo te gebruiken, worden geacht te voldoen aan deze verordening, tenzij er bewijs is van het tegendeel.

3. Voor zover is voldaan aan de bepalingen van deze verordening, kunnen de lidstaten het op de markt brengen van informatie- en communicatietechnologie-apparatuur niet verbieden of beperken omdat deze het Energy Star-logo draagt; dit belet echter niet dat zij het op de markt brengen van apparatuur die niet aan andere vereisten van de communautaire wetgeving voldoet, kunnen verbieden of beperken.

4. Onverminderd de communautaire voorschriften voor conformiteitsbeoordeling en conformiteitsmarkering en/of de internationale overeenkomsten tussen de Europese Gemeenschap en derde landen over de toegang tot de communautaire markt, mogen producten waarop deze verordening van toepassing is en die op de communautaire markt worden gebracht, worden getest om na te gaan of ze voldoen aan de vereisten van deze verordening.

Artikel 5

Registratie van de deelnemers aan het programma

1. Fabrikanten, importeurs en detailhandelaars kunnen een verzoek tot deelname aan het programma indienen bij de in artikel 9 bedoelde nationale instanties of bij de Commissie. De nationale instanties sturen het verzoek door naar de Commissie.

2. De beslissing om een verzoek om deelneming aan het programma in te willigen, wordt genomen door de Commissie, nadat is nagegaan of de aanvrager heeft verklaard de richtsnoeren voor de gebruikers van het logo te zullen naleven die zijn vermeld in bijlage B van de overeenkomst.

Artikel 6

Promoting van het Energy Star-logo

1. De lidstaten en de Commissie promoten, in samenwerking met de leden van het EUESB zoals bedoeld in artikel 8, het gebruik van het Energy Star-logo door bewustmakingsacties en voorlichtingscampagnes voor consumenten, fabrikanten, verkopers en het grote publiek, om de ontwikkeling van het Energy Star-programma te ondersteunen.

2. Om de aankoop van Energy Star-producten te bevorderen gebruiken de Commissie, de andere instellingen van de Europese Gemeenschap alsook andere, nationale overheidsdiensten, onverminderd de communautaire wetgeving, de Energy Star-specificaties bij het bepalen van hun vereisten voor informatie- en communicatietechnologie-apparatuur.

Artikel 7

Andere vrijwillige energie-etiketteringsprogramma's

1. Naast het Energy Star-programma kunnen in de lidstaten ook andere, bestaande of nieuwe, vrijwillige energie-etiketteringsprogramma's bestaan, voor zover zij door de overheid van de lidstaat erkend of toegelaten zijn en betrekking hebben op specifieke nationale of regionale doelstellingen of strengere vereisten vastleggen dan het Energy Star-programma.

2. De Commissie en de lidstaten zorgen voor de nodige coördinatie tussen het Energy Star-programma en de nationale programma's in de lidstaten, in het bijzonder wat betreft de keuze van productgroepen en de ontwikkeling en wijziging van de specificaties.

Artikel 8

EU-Energy Star-bestuur

1. De Commissie stelt een EU-Energy Star-bestuur (hierna "EUESB" genoemd) in, dat bestaat uit vertegenwoordigers van de in artikel 9 bedoelde nationale instanties en de relevante betrokken partijen. Het EUESB werkt met name mee aan de wijziging van de specificaties en de opgenomen productgroepen. Ook geeft het EUESB de Commissie advies over gemeenschappelijke voorlichtings- en opvoedingscampagnes, die het zo nodig coördineert.

2. De Commissie zal er zoveel mogelijk voor zorgen dat het EUESB bij zijn activiteiten voor elke productgroep een evenwichtige participatie mogelijk maakt van alle relevante betrokken partijen, zoals fabrikanten, importeurs, verkopers, milieugroepen en consumentenorganisaties.

3. Het reglement van orde van het EUESB wordt door de Commissie vastgesteld.

Artikel 9

Nationale instanties

Elke lidstaat duidt de instantie(s) (hierna "nationale instantie(s)" genoemd) aan die verantwoordelijk is/zijn voor de uitvoering van de bij deze verordening bepaalde taken. Wanneer verscheidene nationale instanties worden aangeduid, bepaalt de lidstaat welke respectieve bevoegdheden deze krijgen en hoe zij worden gecoördineerd.

Artikel 10

Werkprogramma

Overeenkomstig de in artikel 1 bepaalde doelstellingen stelt de Commissie binnen zes maanden na de inwerkingtreding van deze verordening een werkprogramma op, dat na advies van het EU-Energy Star-bestuur (EUESB) aan de Raad en het Parlement wordt voorgelegd. Het werkprogramma bevat een strategie voor de ontwikkeling van het Energy Star-programma over drie jaar, die de volgende elementen omvat:

- de doelstellingen voor de verbetering van de energie-efficiëntie, rekening houdend met de noodzaak van het nastreven van een hoog niveau van consumenten- en milieubescherming, en voor de marktpenetratie die het Energy Star-programma op communautair niveau wil bereiken;

- een niet-limitatieve lijst van productgroepen die prioritair in het Energy Star-programma moeten worden opgenomen;

- plannen voor voorlichtings- en promotiecampagnes en andere noodzakelijke acties die voornamelijk door het SAVE-programma worden medegefinancierd;

- plannen voor de coördinatie en de samenwerking tussen het Energy Star-programma en andere vrijwillige energie-etiketteringsprogramma's in de lidstaten.

Het werkprogramma wordt regelmatig opnieuw bekeken.

Artikel 11

Procedures voor de wijziging van de overeenkomst

Voor de wijziging van de specificaties en de in de overeenkomst opgenomen productgroepen wordt, alvorens een ontwerpvoorstel of een antwoord naar het US EPA wordt gestuurd volgens de in de overeenkomst bepaalde procedures, de volgende procedure gevolgd:

1. De Commissie kan de procedure op eigen initiatief of op verzoek van het EUESB starten. Indien nodig verzoekt de Commissie het EUESB om voorstellen te doen voor de wijziging van de specificaties en de in het Energy Star-programma opgenomen productgroepen. In het verzoek wordt een tijdslimiet voor de voltooiing van de werkzaamheden bepaald. Bij het opstellen van het verzoek houdt de Commissie rekening met het in artikel 10 vermelde werkprogramma.

2. De Commissie stuurt het EUESB een verzoek telkens wanneer zij van het US EPA een voorstel tot wijziging ontvangt.

3. Op basis van het verzoek stelt het EUESB een ontwerpvoorstel tot wijziging van de specificaties en de in het Energy Star-programma opgenomen productgroepen op, waarbij het rekening houdt met de resultaten van haalbaarheidsstudies en marktonderzoek en met de beschikbare technologie om het energieverbruik te verminderen, overeenkomstig artikel X van de overeenkomst.

4. Bij de onderhandelingen met het US EPA houdt de Commissie rekening met het voorstel van het EUESB voor de wijziging van de specificaties en de opgenomen productgroepen.

5. Wanneer de onderhandelingen overeenkomstig de procedures van het besluit van de Raad [18] zijn beëindigd, publiceert de Commissie de nieuwe lijst met specificaties en in het Energy Star-programma opgenomen productgroepen in het Publicatieblad.

[18] PB L. ...

Artikel 12

Toezicht op de markt en preventie van misbruik

1. Het Energy Star-logo mag alleen worden gebruikt op producten die onder de overeenkomst vallen en overeenkomstig de in bijlage B van de overeenkomst vermelde richtsnoeren voor het gebruik van het logo.

2. De lidstaten stellen een toezichtssysteem in om te zorgen voor de naleving van de voorschriften van deze verordening.

3. Bedrieglijke of misleidende reclame of het gebruik van keurmerken of logo's die tot verwarring met het door deze verordening ingevoerde Energy Star-logo kunnen leiden, is hierbij verboden.

4. Indien de voorschriften van deze verordening niet worden nageleefd, treffen de lidstaten effectieve, evenredige en ontradende sancties en delen zij deze mee aan de Commissie.

Artikel 13

Informatie

Elke lidstaat zorgt ervoor dat de consumenten en de bedrijven op gepaste wijze over de volgende elementen worden geïnformeerd:

(a) de doelstellingen van het Energy Star-programma;

(b) de in het programma opgenomen productgroepen;

(c) de specificaties voor elke productgroep;

(d) de registratiedures voor kandidaat-deelnemers aan het Energy Star-programma;

(e) de nationale instantie(s) in de lidstaat.

De lidstaten kunnen naast het logo de volgende verklarende tekst laten aanbrengen: "Toegekend aan producten die voldoen aan de energie-efficiëntievoorschriften van het Energy Star-programma".

Artikel 14

Tenuitvoerlegging

De lidstaten brengen de Commissie binnen zes maanden na de inwerkingtreding van deze verordening op de hoogte van de maatregelen die zij hebben getroffen om aan de verordening te voldoen.

Artikel 15

Wijziging

1. Binnen vijf jaar na de inwerkingtreding van deze verordening en vóór het hernieuwen van de overeenkomst maakt de Commissie een evaluatie van het Energy Star-programma, rekening houdend met de tijdens de werking ervan opgedane ervaring.

2. Indien nodig stelt de Commissie vervolgens wijzigingen in deze verordening voor, met name indien de overeenkomst wordt stopgezet.

Artikel 16

Slotbepalingen

Deze verordening treedt in werking dertig dagen na de publicatie ervan in het Publicatieblad van de Europese Gemeenschappen.

Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.

Gedaan te Brussel, op [...]

Voor het Europees Parlement Voor de Raad

De voorzitter De voorzitter

BIJLAGE 1

Energy Star-logo

>REFERENTIE NAAR EEN GRAFIEK>

Zwart-witversie

>REFERENTIE NAAR EEN GRAFIEK>

Kleurenversie

TOELICHTING INZAKE DE GEVOLGEN EVALUATIE VAN DE GEVOLGEN VAN HET VOORSTEL VOOR HET BEDRIJFSLEVEN, MET NAME HET MIDDEN- EN KLEINBEDRIJF (MKB)

Titel van het voorstel: VOORSTEL VOOR EEN VERORDENING VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD BETREFFENDE EEN COMMUNAUTAIR ENERGIE-EFFICIËNTIE-ETIKETTERINGSPROGRAMMA VOOR KANTOOR- EN COMMUNICATIEAPPARATUUR

Referentienummer van het document: 99013

Het voorstel

1. Waarom is, rekening houdend met het subsidiariteitsbeginsel, communautaire wetgeving op dit gebied noodzakelijk en wat zijn de hoofddoelstellingen daarvan-

Het voorstel bestaat uit de communautaire verordening die nodig is voor de tenuitvoerlegging van de ontwerpovereenkomst inzake de coördinatie van etiketteringsprogramma's voor energie-efficiënte kantoorapparatuur (OCTE) tussen de Europese Gemeenschap en de USA.

OCTE (personal computers, monitors, faxmachines, scanners, kopieerapparaten en printers) is verantwoordelijk voor een groot gedeelte van het elektriciteitsverbruik in de tertiaire sector. Het huidige elektriciteitsverbruik van OCTE bedraagt circa 50 TWh per jaar. Het voorgestelde gecoördineerde etiketteringsprogramma (het Energy Star-programma) zal naar verwachting goed zijn voor een elektriciteitsbesparing van circa 10 TWh (en circa 5 M ton CO2-emissies) per jaar in het jaar 2015 op een zeer kosteneffectieve wijze.

Deskundigen uit de lidstaten en onafhankelijke deskundigen hebben aangegeven dat de meest effectieve en kosteneffectieve maatregel om het energieverbruik van OCTE terug te brengen de invoering is van een vrijwillig etiketteringsprogramma onder gebruikmaking van een logo om de meest efficiënte OCTE op de markt te identificeren. Door deze deskundigen zijn ook enkele andere belangrijke punten aan de orde gesteld: OCTE is een snel veranderend productgebied waar technologische ontwikkelingen in een zeer snel tempo plaatsvinden. Om de technologische ontwikkelingen te volgen is daarom een vrijwillig etiketteringsprogramma, gebaseerd op zelfevaluatie, de aanbevolen optie. Bovendien wordt OCTE wereldwijd verhandeld (b.v. de industrie produceert monitors in een land en verscheept deze over de gehele wereld), daarom is het voor de producenten van essentieel belang dat de energie-efficiëntie-eisen, testmethoden en keurmerken worden geharmoniseerd om te voorkomen dat zij aan veel tegenstrijdige technische criteria moeten voldoen. Energie-efficiënte OCTE kan leiden tot een vermindering van het energieverbruik wanneer zij in stand-by staat, de betrokkenheid van de gebruikers en de IT-managers van de bedrijven is echter nodig om dit mogelijk te maken; daarom is het nodig dat de etikettering vergezeld gaat van een krachtige voorlichtingsactie om de gebruikers op te voeden om de energiebesparingsmaatregelen mogelijk te maken. In de Verenigde Staten van Amerika heeft US EPA in 1993 een vrijwillig etiketteringsprogramma voor kantoorapparatuur ingevoerd, het Energy Star Programme. Dit programma is vanaf het begin zeer succesvol geweest en heeft geleid tot een grote deelname van de producenten, tot de invoering van energiebesparingsmaatregelen door de overgrote meerderheid van de producenten en tot een grotere bewustmaking van de consumenten van het energieverlies van kantoorapparatuur in stand-by. De Commissie heeft daarom voorgesteld het Energy Star Programme in de Gemeenschap in te voeren en heeft daarom aan de Raad in 1996 een onderhandelingsmandaat gevraagd. De Commissie heeft met de USA onderhandeld over een overeenkomst inzake de coördinatie van een etiketteringsprogramma, gebaseerd op het Energy Star-logo en in juli 1999 heeft zij bij de Raad een voorstel voor een besluit betreffende de sluiting van de overeenkomst ingediend.

Overeenkomstig het subsidiariteitsbeginsel zou de voorgestelde actie de beste resultaten in termen van milieu-effect boeken, als zij ten minste op het niveau van de Gemeenschap werd uitgevoerd. Bovendien zouden potentiële handelsbelemmeringen, waartoe de invoering van nationale keurmerken aanleiding zou geven, kunnen worden vermeden. Bovendien wordt overeenkomstig artikel 5 van het Verdrag, dat bepaalt dat het optreden van de Gemeenschap niet overdreven belastend en indringend mag zijn, een vrijwillig systeem voorgesteld dat, zoals gesuggereerd door de producenten, wordt gecoördineerd met andere initiatieven in derde landen, met name de USA.

De effecten op het bedrijfsleven

2. Op welke bedrijven is het voorstel van invloed-

- welke sectoren-

Producenten van personal computers, monitors, printers, faxmachines, multimedia-terminals, scanners en kopieerapparaten; alsook producenten van informatietechnologiecomponenten, zoals microprocessors, netvoedingen, enz., en software.

- bedrijven van welke grootte (wat is de concentratie van kleine en middelgrote bedrijven)-

De markt voor OCTE, waarop het voorgestelde programma betrekking heeft, wordt beheerst door grote multinationale bedrijven. Deze grote multinationale bedrijven neigen ertoe de producten te vervaardigen in verscheidene landen over de gehele wereld, waaronder verscheidene lidstaten. Vooral voor personal computers bestaan er verscheidene kleine en middelgrote bedrijven; de zeer kleine verkopen producten alleen op hun plaatselijke markten of voor zeer specifieke taken. Er moet een onderscheid worden gemaakt tussen kleine/middelgrote bedrijven die ertoe neigen door henzelf ontworpen producten te ontwikkelen en kleine bedrijven waarvan de voornaamste activiteit erin bestaat elders ontworpen en vervaardigde onderdelen te assembleren. Het voorgestelde etiketteringsproject is vooral gericht op middelgrote en grote bedrijven, hoewel ook kleine bedrijven kunnen deelnemen, als zij zulks wensen. Voor de andere producten waarop het voorstel betrekking heeft, bestaan er vooral middelgrote bedrijven, met enige uitzonderingen voor printers.

- zijn er bepaalde geografische gebieden in de Gemeenschap waar deze bedrijven zijn gevestigd-

De producenten van personal computers zijn gevestigd in bijna alle lidstaten (hoewel zij minder aanwezig zijn in Portugal en Griekenland); de grote multinationale bedrijven hebben hun productie-installaties overgeplaatst naar lageloonlanden, terwijl zeer kleine bedrijven gelijkelijk over het grondgebied zijn verspreid, gezien het feit dat zij ertoe neigen de plaatselijke markt te bedienen; monitors, kopieerapparaten en printers worden meestal buiten de Gemeenschap geproduceerd.

3. Welke maatregelen moeten de bedrijven nemen om aan de eisen van het voorstel te voldoen-

De voorgestelde coördinatie van het etiketteringsproject beoogt de vermindering van de energieverliezen van kantoorapparatuur die ook wordt aan gelaten wanneer zij niet in gebruik is. OCTE die een laag stand-by-energieverbruik heeft en aan de specificaties van het programma voldoet, zal worden geëtiketteerd : op die manier zal de bewustmaking van de consument worden vergroot en kan een markt voor deze producten worden geschapen. In de USA is het Energy Star-keurmerk door het US Environmental Protection Agency ingevoerd. Omdat het werd gesteund door de US-regering en grote US-bedrijven is het de facto het "wereldwijde" keurmerk geworden. Sommige lidstaten hebben de wens uitgesproken om energiekeurmerken voor dit type apparatuur in te voeren. Tijdens de discussies met de producenten over mogelijke maatregelen ter vermindering van het energieverbruik is de Commissie gewaarschuwd voor de moeilijkheden waarmee zij worden geconfronteerd als gevolg van het bestaan van verschillende keurmerken, normen en meetmethoden; de producenten hebben gevraagd om de wereldwijde normen en keurmerken zoveel mogelijk te harmoniseren. Daarom beoogt het voorstel de coördinatie van de energie-etiketteringsprogramma's tussen de twee grootste marktgebieden : de Europese Gemeenschap en de USA.

Verschillende technische oplossingen (gebaseerd op zowel hardware als software) zijn beschikbaar om het verbruik van niet in gebruik zijnde apparatuur te verlagen; voor personal computers zijn deze oplossingen eerst toegepast bij lap-top-modellen met batterijvoeding. Thans zijn verscheidene modellen van personal computers, printers, monitors, faxapparaten en kopieerapparaten beschikbaar met energiebesparende voorzieningen voor gebruik in stand-by zonder extra kosten. De onderdelen zijn uit verschillende bronnen beschikbaar en zijn vaak reeds beschikbaar in de microprocessors: in de meeste gevallen hoeven de producenten deze voorzieningen slechts aan te zetten of hun gebruikers te vertellen hoe zij dat moeten doen (bijvoorbeeld in hun gebruiksaanwijzing).

Wanneer producenten voldoen aan de criteria voor een van hun producten, kunnen zij aan het vrijwillige project deelnemen en het etiket op dat product aanbrengen, als zij zulks wensen.

4. Welke economische effecten zijn van het voorstel te verwachten-

- voor de werkgelegenheid

Omdat er geen aanzienlijke stijging van de productiekosten zal plaatsvinden voor apparatuur die aan de criteria voor de etikettering voldoet, wordt niet verwacht dat de verkopen daaronder zullen lijden; producenten die het keurmerk gebruiken, kunnen daarentegen beschikken over een extra verkoopargument voor hun producten. Daarom zullen er geen negatieve effecten voor de werkgelegenheid optreden.

- voor de investeringen en de oprichting van nieuwe bedrijven

De deelname aan het vrijwillige etiketteringsproject door bedrijven zal geen extra investeringen vereisen, noch de oprichting van nieuwe bedrijven.

- voor het concurrentievermogen van het bedrijfsleven

Door deel te nemen aan het etiketteringsproject kunnen de producenten beschikken over een extra verkoopargument voor hun producten. Sommige lidstaten en grote bedrijven, zoals banken, verzekeringsmaatschappijen, enz., eisen reeds dat van een energie-efficiëntie-etikettering voorziene apparatuur wordt geleverd; daarom zou door de toepassing van het project op Europese bedrijven hun concurrentievermogen kunnen worden verbeterd. Bovendien kunnen de belangen van de Europese bedrijven beter worden behartigd, aangezien de Gemeenschap een officiële partij zou worden bij de uitvoering van het Energy Star-programma.

5. Bevat het voorstel maatregelen om rekening te houden met de specifieke situatie van het midden- en kleinbedrijf (minder strenge of andere eisen, enz.)-

Door deel te nemen aan de coördinatie van de etiketteringsprogramma's zou de Gemeenschap ervoor kunnen zorgen dat het Energy Star-etiketteringsproject kleine en middelgrote Europese producenten absoluut niet benadeelt.

Raadpleging

6. Geef een overzicht van de organisaties die over het voorstel zijn geraadpleegd en de hoofdlijnen van hun standpunten.

Er zijn verscheidene vergaderingen gehouden met deskundigen van de nationale energiebureaus, vertegenwoordigers van de lidstaten en producenten. Een omvattende studie is door een studiegroep onder leiding van de universiteit van Bordeaux uitgevoerd en met alle belanghebbende partijen besproken. Europese computerproducenten zijn tijdens de studie geraadpleegd. Zij toonden belangstelling voor deelname aan een vrijwillig energiekeurmerk, hun enige aanbeveling was zo mogelijk een wereldwijd etiketteringsysteem te overwegen, omdat hun goederen voor een wereldwijde markt werden geproduceerd; zij waren gekant tegen de oprichting van een nieuw Europees keurmerk en waarschuwden de Commissie voor de negatieve gevolgen van een proliferatie van nationale keurmerken. Naast de raadpleging van afzonderlijke producenten zijn ook Eurobit (European Association of Manufacturers of Business Machines and Information Technology Information Industry) en EPMI (European Printers Manufacturers Association) geraadpleegd, die beide zeer positief tegenover het initiatief van de Commissie stonden.

Contactpunt

Voor een exemplaar van voornoemde studie en voor vragen om inlichtingen, opmerkingen en nadere informatie kunt u contact opnemen met:

De heer Paolo BERTOLDI

Europese Commissie, DG ENER/C1

Wetstraat 200

B-1049 Brussel

Tel: +32-2-2952204

Fax: +32-2-2964254

E-mail: Paolo.Bertoldi@cec.eu.int

Top