This document is an excerpt from the EUR-Lex website
Document 32021D0874
Decision (EU) 2021/874 of the European Central Bank of 26 May 2021 amending Decision (EU) 2019/1743 on the remuneration of holdings of excess reserves and of certain deposits (ECB/2021/25)
Besluit (EU) 2021/874 van de Europese Centrale Bank van 26 mei 2021 tot wijziging van Besluit (EU) 2019/1743 inzake de rentevergoeding op aangehouden extra reserves en bepaalde deposito’s (ECB/2021/25)
Besluit (EU) 2021/874 van de Europese Centrale Bank van 26 mei 2021 tot wijziging van Besluit (EU) 2019/1743 inzake de rentevergoeding op aangehouden extra reserves en bepaalde deposito’s (ECB/2021/25)
PB L 191 van 31.5.2021, pp. 43–44
(BG, ES, CS, DA, DE, ET, EL, EN, FR, HR, IT, LV, LT, HU, MT, NL, PL, PT, RO, SK, SL, FI, SV)
In force
|
31.5.2021 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
L 191/43 |
BESLUIT (EU) 2021/874 VAN DE EUROPESE CENTRALE BANK
van 26 mei 2021
tot wijziging van Besluit (EU) 2019/1743 inzake de rentevergoeding op aangehouden extra reserves en bepaalde deposito’s (ECB/2021/25)
DE RAAD VAN BESTUUR VAN DE EUROPESE CENTRALE BANK,
Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie, en met name artikel 127, lid 2, het eerste streepje,
Gezien de statuten van het Europees Stelsel van centrale banken en van de Europese Centrale Bank, en met name artikel 3.1, het eerste streepje, en de artikelen 17 tot en met 19,
Overwegende hetgeen volgt:
|
(1) |
Uitvoeringsbesluit C(2021) 2502 final van de Commissie van 14 april 2021 tot vaststelling van de noodzakelijke regelingen voor het beheer van de transacties tot het opnemen van leningen uit hoofde van Besluit (EU, Euratom) 2020/2053 van de Raad en voor leningstransacties die verband houden met overeenkomstig artikel 15 van Verordening (EU) 2021/241 van het Europees Parlement en de Raad (1) verstrekte leningen voorziet onder meer in het beheer van opgenomen leningen in het kader van NextGenerationEU, dat is vastgesteld om herstelinitiatieven in verband met de COVID-19-crisis te financieren en tegelijkertijd de groene en digitale overgang van de economie van de Unie te vergemakkelijken. |
|
(2) |
De Raad van bestuur is van oordeel dat de liquiditeitsbuffer die overeenkomstig artikel 13, lid 2, van Uitvoeringsbesluit C(2021) 5202 final op een daartoe bestemde rekening bij de Europese Centrale Bank (ECB) worden aangehouden, moet worden vrijgesteld van negatieve rentetarieven. |
|
(3) |
Overeenkomstig artikel 22 van Uitvoeringsbesluit C(2021) 2502 final worden de verrichtingen voor het opnemen, schuldmanagement en verstrekken van leningen door NextGenerationEU pas uitgevoerd op de datum van inwerkingtreding van Besluit (EU, Euratom) 2020/2053 van de Raad. Aangezien de verrichtingen voor het opnemen, schuldmanagement en verstrekken van leningen door NextGenerationEU evenwel naar verwachting in juni 2021 van start zullen gaan, is het noodzakelijk het ECB-rechtskader voor die tenuitvoerlegging voor te bereiden en is het derhalve passend Besluit (EU) 2019/1743 (ECB/2019/31) vóór de datum van inwerkingtreding van Besluit (EU, Euratom) 2020/2053 van de Raad te wijzigen om in dergelijke vrijstellingen te voorzien. Dit besluit moet derhalve onverwijld in werking treden. |
|
(4) |
Derhalve moet Besluit (EU) 2019/1743 (ECB/2019/31) dienovereenkomstig worden gewijzigd, |
HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:
Artikel 1
Wijziging
Artikel 2 van Besluit (EU) 2019/1743 (ECB/2019/31) wordt vervangen door:
“Artikel 2
Rentevergoeding op bepaalde bij de ECB aangehouden deposito’s
1. Op bij de ECB aangehouden rekeningen overeenkomstig Besluit ECB/2003/14 van de Europese Centrale Bank (*1), Besluit ECB/2010/31 van de Europese Centrale Bank (*2), Besluit ECB/2010/17 van de Europese Centrale Bank (*3) en Verordening (EU) 2020/672 (*4) van de Raad blijft de depositorente als rentevergoeding van toepassing. Indien evenwel op die rekeningen deposito’s aangehouden moeten worden vóór de datum waarop een betaling moet worden gedaan overeenkomstig op de betrokken faciliteit toepasselijke wettelijke of contractuele regels, is de rentevergoeding op die deposito’s gedurende deze voorafgaande periode nul procent of, indien deze hoger is, de rente op de depositofaciliteit.
2. De speciale rekening die bij de ECB wordt aangehouden overeenkomstig artikel 13, lid 2, van het Uitvoeringsbesluit C(2021) 2502 final van de Commissie van 14 april 2021 tot vaststelling van de noodzakelijke regelingen voor het beheer van de transacties tot het opnemen van leningen uit hoofde van Besluit (EU, Euratom) 2020/2053 van de Raad en voor leningstransacties die verband houden met overeenkomstig artikel 15 van Verordening (EU) 2021/241 van het Europees Parlement en de Raad verstrekte leningen (*5) wordt, met het oog op de in dat artikel bedoelde liquiditeitsbuffer, vergoed tegen nul procent of, indien deze hoger is, de rente op de depositofaciliteit, behalve wanneer het totale bedrag van de op die specifieke rekening aangehouden deposito’s hoger is dan 20 miljard EUR, in welk geval het hogere bedrag wordt vergoed tegen de rente op de depositofaciliteit.
Artikel 2
Inwerkingtreding
Dit besluit treedt in werking op de twintigste dag volgende op de publicatie ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie.
Gedaan te Frankfurt am Main, 26 mei 2021.
Voor de Raad van bestuur van de ECB
De president van de ECB
Christine LAGARDE
(1) C(2021) 2502 final.