This document is an excerpt from the EUR-Lex website
Document 31990R3729
Council Regulation (EEC) No 3729/90 of 13 December 1990 opening and providing for the administration of Community tariff quotas for certain agricultural products originating in Algeria, Morocco, Tunisia or Egypt (1991)
VERORDENING ( EEG ) NR. 3729/90 VAN DE RAAD VAN 13 DECEMBER 1990 BETREFFENDE DE OPENING EN DE WIJZE VAN BEHEER VAN COMMUNAUTAIRE TARIEFCONTINGENTEN VOOR BEPAALDE LANDBOUWPRODUKTEN VAN OORSPRONG UIT ALGERIJE, MAROKKO, TUNESIE EN EGYPTE ( 1991 )
VERORDENING ( EEG ) NR. 3729/90 VAN DE RAAD VAN 13 DECEMBER 1990 BETREFFENDE DE OPENING EN DE WIJZE VAN BEHEER VAN COMMUNAUTAIRE TARIEFCONTINGENTEN VOOR BEPAALDE LANDBOUWPRODUKTEN VAN OORSPRONG UIT ALGERIJE, MAROKKO, TUNESIE EN EGYPTE ( 1991 )
PB L 363 van 27.12.1990, pp. 1–9
(ES, DA, DE, EL, EN, FR, IT, NL, PT)
No longer in force, Date of end of validity: 31/12/1991
VERORDENING ( EEG ) NR. 3729/90 VAN DE RAAD VAN 13 DECEMBER 1990 BETREFFENDE DE OPENING EN DE WIJZE VAN BEHEER VAN COMMUNAUTAIRE TARIEFCONTINGENTEN VOOR BEPAALDE LANDBOUWPRODUKTEN VAN OORSPRONG UIT ALGERIJE, MAROKKO, TUNESIE EN EGYPTE ( 1991 )
Publicatieblad Nr. L 363 van 27/12/1990 blz. 0001 - 0009
VERORDENING (EEG) Nr. 3729/90 VAN DE RAAD van 13 december 1990 betreffende de opening en de wijze van beheer van communautaire tariefcontingenten voor bepaalde landbouwprodukten van oorsprong uit Algerije, Marokko, Tunesie en Egypte (1991) DE RAAD VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN, Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Economische Gemeenschap, inzonderheid op artikel 113, Gezien het voorstel van de Commissie, Overwegende dat in de Samenwerkingsovereenkomsten tussen de Europese Economische Gemeenschap enerzijds en de Democratische Volksrepubliek Algerije (1), het Koninkrijk Marokko (2), de Republiek Tunesië (3) en de Arabische Republiek Egypte (4) anderzijds, vervolledigd door de Aanvullende Protocollen bij deze Overeenkomsten (5) (6) (7) (8), is voorzien in de opening door de Gemeenschap van communautaire tariefcontingenten van: - 39 000 ton en 98 000 ton nieuwe aardappelen (primeurs), van GN-code ex 0701 90 51, respectievelijk van oorsprong uit Marokko en Egypte (1 januari tot en met 31 maart), - 86 000 ton tomaten, vers of gekoeld, van GN-code ex 0702 00 10, van oorsprong uit Marokko (15 november tot en met 30 april) waarvan 15 000 in april, - 10 000 ton uien, vers of gekoeld, van de GN-codes ex 0703 10 11, ex 0703 10 19 en ex 0709 90 90, van oorsprong uit Egypte (1 februari tot en met 15 mei), - 4 900 ton uien, van GN-code 0712 20 00, van oorsprong uit Egypte, - 265 000, 28 000 en 7 000 ton sinaasappelen, vers, van GN-code ex 0805 10, van oorsprong uit Marokko, Tunesië respectievelijk Egypte (1 juli tot en met 30 juni), - 8 700 ton erwten en sla- en snijbonen, bereid of verduurzaamd, van de GN-codes 2004 90 50, 2005 40 00 en ex 2005 59 00, van oorsprong uit Marokko, - 8 250 ton en 4 300 ton pulp van abrikozen, van GN-code ex 2008 60 91, respectievelijk van oorsprong uit Marokko en Tunesië, - 15 000 ton sinaasappelsap, van de GN-codes 2009 11 11, 2009 11 19, 2009 19 11, 2009 19 19, 2009 19 91 en 2009 19 99 van oorsprong uit van oorsprong uit Marokko, waarbij de hoeveelheid sap die wordt ingevoerd in verpakkingen met een inhoud van 2 liter of minder niet meer dan 4 500 ton mag bedragen, - 200 000 hl en 50 000 hl bepaalde wijnen met een benaming van oorsprong in verpakkingen inhoudende 2 liter of minder, van de GN-codes ex 2204 21 25, ex 2204 21 29, ex 2204 21 35, ex 2204 21 39, respectievelijk van oorsprong uit Algerije en Tunesië; Overwegende dat in de Samenwerkingsovereenkomst met de Republiek Tunesië evenwel is bepaald dat de bereidingen en conserven van bepaalde soorten sardines, vallende onder de GN-codes ex 1604 13 10 en ex 1604 20 50, van oorsprong uit Tunesië, voor invoer in de Gemeenschap worden toegelaten met vrijstelling van douanerechten; dat de voorwaarden voor deze regeling vastgesteld dienen te worden door middel van een briefwisseling tussen de Gemeenschap en Tunesië; dat aangezien deze briefwisseling nog niet heeft plaatsgevonden, het dienstig is de in 1990 toegepaste communautaire regeling tot en met 31 december 1991 te verlengen voor een hoeveelheid van 100 ton; Overwegende dat voor de betrokken wijn referentieprijzen franco grens van toepassing zijn; dat deze wijn alleen voor dit tariefcontingent in aanmerking kan komen onder de voorwaarde dat artikel 54 van Verordening (EEG) nr. 822/87 (9), laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EEG) nr. 1325/90 (10) in acht wordt genomen; dat deze wijnen moeten ¹ worden aangeboden in verpakkingen met een inhoud van 2 liter of minder; dat deze wijn vergezeld dient te gaan van een certificaat van benaming van oorsprong, conform het model in bijlage D bij de Overeenkomst, of wel bij wijze van afwijking, van een document VI 1 of van een uittreksel VI 2, voorzien van de vermeldingen bedoeld in artikel 9 van Verordening (EEG) nr. 3590/85 (1); Overwegende dat krachtens een gemeenschappelijke verklaring van de overeenkomstsluitende partijen, die een integrerend deel van de Overeenkomsten tussen de Europese Economische Gemeenschap en Marokko, Tunesië respectievelijk Egypte uitmaakt, de boekhouding van de hoeveelheden verse sinaasappelen moet ingaan op 1 juli van ieder jaar; dat, om aan deze verbintenis te voldoen, de contingenten dienen te worden geopend voor hoeveelheden die, volgens de pro rata temporis-clausule, zijn vastgesteld op 44 166, 4 666 respectievelijk 3 500 ton; dat anderzijds de tariefafbraak voor tomaten en uien, vers of gekoeld, toepasselijk is respectievelijk van 1 januari tot en met 30 april 1991 en van 1 tot en met 15 mei 1991; dat de betrokken tariefcontingenten derhalve dienen te worden geopend voor hoeveelheden die, berekend volgens de pro rata temporis-regel, moeten worden vastgesteld respectievelijk op 62 545 ton en 4 524 ton; Overwegende dat de douanerechten binnen deze tariefcontingenten geleidelijk in de loop van dezelfde periodes en in hetzelfde tempo als bepaald in de artikelen 75, 243 en 268 van de Akte van Toetreding van Spanje en Portugal worden afgeschaft; dat evenwel voor wijnen met een benaming van oorsprong een vrijstelling van invoerrechten geldt krachtens de betreffende Aanvullende Protocollen; dat Spanje en Portugal, binnen de grenzen van deze tariefcontingenten, douanerechten toepassen die berekend worden volgens de bepalingen ter zake van Verordening (EEG) nr. 3189/88 van de Raad van 14 oktober 1988 tot vaststelling van de regeling die van toepassing is op het handelsverkeer van Spanje en Portugal met Marokko (2) en van Verordening (EEG) nr. 2573/87 van de Raad van 11 augustus 1987 tot vaststelling van de regeling die van toepassing is op het handelsverkeer van Spanje en Portugal met Algerije, Egypte en Tunesië (3); dat de betrokken communautaire tariefcontingenten dus voor het jaar 1991 dienen te worden ge- opend; Overwegende dat bij Verordening (EEG) nr. 2573/90 van de Commissie van 5 september 1990 houdende volledige schorsing van bepaalde door de Gemeenschap van de Tien op de invoer uit Spanje en Portugal toe te passen douanerechten (4) is bepaald dat voor de in bijlage II van het Verdrag bedoelde produkten de genoemde rechten volledig worden geschorst zodra zij het niveau van 2 % of minder bereiken; dat het dienstig is hetzelfde invoerrecht toe te passen op de invoer van dezelfde produkten van oorsprong uit Marokko, Tunesië en Egypte; Overwegende dat met name dient te worden gewaarborgd dat alle importeurs van de Gemeenschap te allen tijde en in gelijke mate van genoemde contingenten gebruik kunnen maken en dat de aan deze contingenten verbonden rechten in alle Lid-Staten zonder onderbreking op alle invoer van de betrokken produkten worden toegepast tot op het tijdstip waarop de contingenten geheel zijn uitgeput; dat het dienstig is de nodige maatregelen te treffen ter verzekering van een communautair en doeltreffend beheer van deze tariefcontingenten, waarbij de Lid-Staten de mogelijkheid wordt geboden overeenkomstig de werkelijk geconstateerde invoer uit de contingent de nodige hoeveelheden op te nemen; dat deze wijze van beheer een nauwe samenwerking tussen de Lid-Staten en de Commissie vergt; Overwegende dat, aangezien het Koninkrijk België, het Koninkrijk der Nederlanden en het Groothertogdom Luxemburg verenigd zijn in en vertegenwoordigd worden door de Benelux Economische Unie, elke handeling met betrekking tot het beheer van de contingenten kan worden verricht door een van haar leden, HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD: Artikel 1 1. a) De douanerechten bij invoer in de Gemeenschap van de hierna genoemde produkten van oorsprong uit Algerije, Marokko, Tunesië en Egypte, worden gedurende de aangegeven periodes geschorst tot de niveaus en binnen de grenzen van de bij elk van deze produkten vermelde communautaire tariefcontingenten: >RUIMTE VOOR DE TABEL> b) Binnen de grenzen van deze tariefcontingenten passen Spanje en Portugal douanerechten toe die berekend worden overeenkomstig de bepalingen ter zake van de Verordening (EEG) nr. 3189/88 en (EEG) nr. 2573/87. 2. Voor de betrokken wijn zijn referentieprijzen franco grens van toepassing. Deze wijn kan alleen voor deze tariefcontingenten in aanmerking komen onder de voorwaarde dat artikel 54 van Verordening (EEG) nr. 822/87 in acht wordt genomen. 3. Bij de invoer moet elk van deze wijnen vergezeld gaan van een certificaat van benaming van oorsprong, afgegeven door de bevoegde Algerijnse autoriteit, conform het aan deze verordening gehechte model, of, bij wijze van afwijking, van een document VI 1 of een uittreksel VI 2, voorzien van de vermeldingen bedoeld in artikel 9 van Verordening (EEG) nr. 3590/85. Artikel 2 De in artikel 1 bedoelde tariefcontingenten worden beheerd door de Commissie, die alle administratieve maatregelen met het oog op een doeltreffend beheer kan nemen. Artikel 3 Indien een importeur in een Lid-Staat voor een produkt bedoeld in deze verordening, een aangifte tot het in het vrije verkeer brengen indient waarin een aanvraag om voor een preferentie in aanmerking te komen is opgenomen, en indien deze aangifte door de douaneautoriteiten wordt aanvaard, gaat de betrokken Lid-Staat, door middel van een kennisgeving aan de Commissie, over tot opneming uit het contingent van een gedeelte dat met de behoeften overeenstemt. De verzoeken tot opneming met opgave van de datum waarop de betrokken aangiften zijn aanvaard, worden onverwijld aan de Commissie meegedeeld. De opnemingen worden door de Commissie toegestaan met inachtneming van de datum waarop de aangiften tot het in het vrije verkeer brengen zijn aanvaard door de douane- autoriteiten van de betrokken Lid-Staat, voor zover het saldo dit toelaat. Indien een Lid-Staat de opgenomen hoeveelheden niet benut, stort hij deze zo spoedig mogelijk terug in het betrokken contingent. Indien de gevraagde hoeveelheden hoger zijn dan het beschikbare saldo van het contingent, geschiedt de toedeling pro rata van de verzoeken. De Lid-Staten worden dienovereenkomstig door de Commissie ingelicht over de verrichte opnemingen. Artikel 4 Elke Lid-Staat waarborgt de importeurs van de betrokken produkten dat zij te allen tijde en in gelijke mate gebruik kunnen maken van de contingenten zolang het saldo van het desbetreffende contingent zulks toelaat. Artikel 5 De Lid-Staten en de Commissie werken nauw samen om te bereiken dat deze verordening wordt nagekomen. Artikel 6 Deze verordening treedt in werking op 1 januari 1991. Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke Lid-Staat. Gedaan te Brussel, 13 december 1990. Voor de Raad De Voorzitter P. ROMITA (1) PB nr. L 263 van 27. 9. 1978, blz. 2. (2) PB nr. L 264 van 27. 9. 1978, blz. 2. (3) PB nr. L 265 van 27. 9. 1978, blz. 2. (4) PB nr. L 266 van 27. 9. 1978, blz. 2. (5) PB nr. L 297 van 21. 10. 1987, blz. 2. (6) PB nr. L 224 van 13. 8. 1988, blz. 17. (7) PB nr. L 297 van 21. 10. 1987, blz. 36. (8) PB nr. L 297 van 21. 10. 1987, blz. 11. (9) PB nr. L 84 van 27. 3. 1987, blz. 1. (10) PB nr. L 132 van 23. 5. 1990, blz. 19. (1) PB nr. L 343 van 20. 12. 1985, blz. 20. (2) PB nr. L 287 van 20. 10. 1988, blz. 1. (3) PB nr. L 250 van 1. 9. 1987, blz. 1. (4) PB nr. L 243 van 6. 9. 1990, blz. 19. BIJLAGE I BIJLAGE II >RUIMTE VOOR DE TABEL>