This document is an excerpt from the EUR-Lex website
Document 31987R1180
Commission Regulation (EEC) No 1180/87 of 29 April 1987 amending Regulation (EEC) No 2730/79 laying down common detailed rules for the application of the system of export refunds on agricultural products
Verordening (EEG) nr. 1180/87 van de Commissie van 29 april 1987 tot wijziging van Verordening (EEG) nr. 2730/79 houdende gemeenschappelijke uitvoeringsbepalingen inzake het stelsel van restituties bij uitvoer voor landbouwprodukten
Verordening (EEG) nr. 1180/87 van de Commissie van 29 april 1987 tot wijziging van Verordening (EEG) nr. 2730/79 houdende gemeenschappelijke uitvoeringsbepalingen inzake het stelsel van restituties bij uitvoer voor landbouwprodukten
PB L 113 van 30.4.1987, pp. 27–30
(ES, DA, DE, EL, EN, FR, IT, NL, PT)
No longer in force, Date of end of validity: 31/12/1988
Verordening (EEG) nr. 1180/87 van de Commissie van 29 april 1987 tot wijziging van Verordening (EEG) nr. 2730/79 houdende gemeenschappelijke uitvoeringsbepalingen inzake het stelsel van restituties bij uitvoer voor landbouwprodukten
Publicatieblad Nr. L 113 van 30/04/1987 blz. 0027 - 0029
***** VERORDENING (EEG) Nr. 1180/87 VAN DE COMMISSIE van 29 april 1987 tot wijziging van Verordening (EEG) nr. 2730/79 houdende gemeenschappelijke uitvoeringsbepalingen inzake het stelsel van restituties bij uitvoer voor landbouwprodukten DE COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN, Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Economische Gemeenschap, Gelet op Verordening (EEG) nr. 2727/75 van de Raad van 29 oktober 1975 houdende een gemeenschappelijke ordening der markten in de sector granen (1), laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EEG) nr. 1579/86 (2), en met name op artikel 16, lid 6, alsmede op de overeenkomstige bepalingen van de overige verordeningen houdende een gemeenschappelijke ordening der markten voor landbouwprodukten, Overwegende dat bij Verordening (EEG) nr. 2730/79 van de Commissie (3), laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EEG) nr. 3903/86 (4), bepalingen inzake de proviandering van schepen en luchtvaartuigen zijn vastgesteld; Overwegende dat landbouwprodukten die in derde landen als boordproviand aan schepen of luchtvaartuigen worden gebruikt, slechts in aanmerking komen voor de laagste restitutie die voor de betrokken produkten geldt; dat voor bepaalde produkten de laagste restitutie gelijk staat met niet-vaststelling van een restitutie; Overwegende dat het wenselijk wordt geacht dat voor landbouwprodukten die als boordproviand aan schepen of luchtvaartuigen worden gebruikt, dezelfde restitutie geldt, ongeacht of ze aan boord van een schip of luchtvaartuig worden gebracht dat zich in de Gemeenschap of daarbuiten bevindt; Overwegende dat voor de proviandering in derde landen directe of indirecte leveranties zijn toegestaan; dat voor iedere vorm van leverantie een specifieke controleregeling moet worden vastgesteld; Overwegende dat de in deze verordening vervatte maatregelen in overeenstemming zijn met het advies van alle betrokken Comités van beheer, HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD: Artikel 1 Verordening (EEG) nr. 2730/79 wordt als volgt gewijzigd: 1. Het volgende artikel 19 quater wordt ingevoegd: »Artikel 19 quater 1. Leveranties voor de proviandering buiten de Gemeenschap worden voor de vaststelling van de toe te kennen restitutievoet gelijkgesteld met de in artikel 5, lid 1, onder a), bedoelde leveranties. 2. Het bepaalde in lid 1 is van toepassing, op voorwaarde dat overeenkomstig lid 3 wordt bewezen dat de feitelijk aan boord gebrachte goederen dezelfde zijn als die welke met dit doel het geografisch gebied van de Gemeenschap hebben verlaten. 3. a) Het bewijs van directe leverantie aan boord voor proviandering wordt geleverd met een douanedocument of een document dat is geviseerd door de douaneautoriteiten van het derde land waar de goederen aan boord zijn gebracht; dit document kan worden opgesteld volgens het model in bijlage IV. Voor de toepassing van dit artikel wordt onder »directe leverantie" verstaan de levering van een container of een niet-gesplitste partij produkten die aan boord van een schip wordt gebracht. b) Wanneer de uitgevoerde produkten niet voor directe leverantie bestemd zijn en in het derde land van bestemming onder een regeling voor douanetoezicht worden geplaatst alvorens ze aan boord voor proviandering worden afgeleverd, kan het bewijs dat ze aan boord zijn gebracht worden geleverd met de volgende documenten: - een douanedocument of een document dat door de douaneautoriteiten van het derde land is geviseerd en waarin wordt verklaard dat de produkten in een bevoorradingsdepot zijn geplaatst en dat zij uitsluitend voor proviandering zullen worden gebruikt; dit document kan worden opgesteld volgens het model in bijlage IV; en - een douanedocument of een document dat is geviseerd door de douaneautoriteiten van het derde land waar de goederen aan boord zijn gebracht en waarin wordt verklaard dat de produkten aan boord zijn afgeleverd; dit document kan worden opgesteld volgens het model in bijlage IV. c) Indien de onder a) of onder b), tweede streepje, bedoelde documenten niet kunnen worden overgelegd, kan de Lid-Staat ermee instemmen dat het bewijs wordt geleverd met een door de scheepskapitein of een andere scheepsofficier van dienst ondertekend certificaat van ontvangst dat is voorzien van het scheepsstempel. Indien de onder b), tweede streepje, bedoelde documenten niet kunnen worden overgelegd, kan de Lid-Staat ermee instemmen dat het bewijs wordt geleverd met een door een beambte van de luchtvaartmaatschappij ondertekend certificaat van ontvangst dat is voorzien van het stempel van deze maatschappij. d) de bovengenoemde documenten mogen slechts door de Lid-Staten worden aanvaard indien zij volledige gegevens over de aan boord geleverde produkten bevatten en indien de leveringsdatum, alsmede de naam en de vlag van het schip of het registratienummer van het luchtvaartuig erin zijn vermeld. Om te garanderen dat de als boordproviand geleverde hoeveelheden overeenstemmen met de normale behoeften van de bemanningsleden en de passagiers van het betrokken schip of luchtvaartuig, mogen de Lid-Staten eisen dat aan hen nadere inlichtingen en aanvullende documenten worden verstrekt. 4. In alle gevallen moeten bij het verzoek om betaling een kopie of fotokopie van het vervoerdocument alsmede het document waaruit blijkt dat de voor proviandering bestemde produkten zijn betaald, worden gevoegd. 5. De produkten of goederen die onder het in artikel 26 bedoelde stelsel zijn geplaatst, mogen niet voor de in lid 3, onder b), bedoelde leveranties worden gebruikt. 6. Artikel 23 is van overeenkomstige toepassing. 7. De Lid-Staten doen de Commissie in de derde maand van elk halfjaar mededeling van de hoeveelheden van elk produkt waarvoor dit artikel in het voorafgaande halfjaar is toegepast, alsmede van de bedragen die in het in lid 3, onder b), bedoelde geval zijn betaald. De Commissie brengt deze gegevens ter kennis van de andere Lid-Staten.". 2. De bijlage bij deze verordening wordt als bijlage IV toegevoegd. Artikel 2 Deze verordening treedt in werking op 1 juli 1987. Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke Lid-Staat. Gedaan te Brussel, 29 april 1987. Voor de Commissie Frans ANDRIESSEN Vice-Voorzitter (1) PB nr. L 281 van 1. 11. 1975, blz. 1. (2) PB nr. L 139 van 24. 5. 1986, blz. 29. (3) PB nr. L 317 van 12. 12. 1979, blz. 1. (4) PB nr. L 364 van 23. 12. 1986, blz. 13.