TOELICHTING
1.ACHTERGROND VAN DE GEDELEGEERDE HANDELING
Het doel van deze gedelegeerde verordening is Gedelegeerde Verordening (EU) 2022/30 van de Commissie 1 (“gedelegeerde verordening inzake cyberbeveiliging tot aanvulling van de richtlijn radioapparatuur”) met ingang van 11 december 2027 in te trekken.
De richtlijn radioapparatuur (Richtlijn 2014/53/EU 2 ) stelt een wettelijk kader vast voor het op de eengemaakte markt in de handel brengen van radioapparatuur. Het betreft voorwaarden waaraan radioapparatuur moet voldoen om tot de markt toegelaten te worden. De richtlijn radioapparatuur heeft betrekking op elektrische en elektronische apparatuur die het radiospectrum kan gebruiken voor communicatie- en/of radiodeterminatiedoeleinden. De lidstaten moeten via hun nationale markttoezichtautoriteiten corrigerende maatregelen nemen tegen niet-conforme radioapparatuur.
Artikel 3 van de richtlijn radioapparatuur bevat de essentiële eisen waaraan radioapparatuur die in de Unie in de handel wordt gebracht, moet voldoen. Artikel 3, lid 1, punt a), bevat essentiële eisen met betrekking tot gezondheid en veiligheid, artikel 3, lid 1, punt b), bevat essentiële eisen met betrekking tot elektromagnetische compatibiliteit en artikel 3, lid 2, bevat essentiële eisen met betrekking tot het effectieve en efficiënte gebruik van radiospectrum. Daarnaast voorziet artikel 3, lid 3, in aanvullende essentiële eisen die van toepassing zijn op de categorieën of klassen van radioapparatuur die zijn gespecificeerd in de op basis van die bepaling vastgestelde gedelegeerde handelingen van de Commissie. Tot slot omvat artikel 3, lid 4, essentiële eisen voor de compatibiliteit van bepaalde klassen of categorieën radioapparatuur met een universele lader.
De essentiële eisen van artikel 3, lid 3, eerste alinea, punten d), e) en f), van de richtlijn radioapparatuur houden verband met de bescherming tegen schade aan het netwerk, de bescherming van persoonsgegevens en de persoonlijke levenssfeer van gebruikers en abonnees en de bescherming tegen fraude. Zij houden derhalve verband met aspecten die de bescherming tegen cyberbeveiligingsrisico’s ondersteunen.
Door de gedelegeerde verordening inzake cyberbeveiliging tot aanvulling van de richtlijn radioapparatuur zijn de essentiële eisen van artikel 3, lid 3, eerste alinea, punten d), e) en f), van de richtlijn radioapparatuur met ingang van 1 augustus 2025 van toepassing geworden op bepaalde categorieën of klassen radioapparatuur, omdat de vrees bestond dat die categorieën of klassen radioapparatuur geen bescherming tegen aspecten van cyberbeveiligingsrisico’s waarborgden.
Op 23 oktober 2024 is de verordening cyberweerbaarheid 3 vastgesteld, met daarin horizontale vereisten op het gebied van productveiligheid in verband met markttoegang. De bij bijlage I van de verordening cyberweerbaarheid vastgestelde essentiële cyberbeveiligingsvereisten omvatten alle elementen van de in artikel 3, lid 3, punten d), e) en f), van Richtlijn 2014/53/EU bedoelde essentiële eisen. De verordening cyberweerbaarheid zal vanaf 11 december 2027 volledig van toepassing zijn.
Om overlapping van regelgeving op het gebied van cyberbeveiliging te voorkomen, moet voor radioapparatuur die onder de gedelegeerde verordening inzake cyberbeveiliging tot aanvulling van de richtlijn radioapparatuur valt, die gedelegeerde verordening worden ingetrokken met ingang van de datum van toepassing van alle relevante bepalingen van de verordening cyberweerbaarheid.
2.RAADPLEGING VOORAFGAAND AAN DE AANNEMING VAN DE HANDELING
De deskundigengroep Radioapparatuur (E03587) is geraadpleegd tijdens haar vergadering van 12 en 13 juni 2025.
Het ontwerp van gedelegeerde handeling werd op het portaal voor betere regelgeving gepubliceerd en was vier weken lang – van 10 december 2025 tot 7 januari 2026 – beschikbaar voor feedback. De raadpleging, die openstond voor alle belanghebbenden, waaronder burgers en bedrijven, leverde in totaal 19 bijdragen op 4 .
In het algemeen is er steun uitgesproken voor dit initiatief, aangezien dubbele regelgeving op het gebied van cyberbeveiliging voor dezelfde categorieën radioapparatuur geen zin zou hebben en alleen tot rechtsonzekerheid zou leiden.
In sommige bijdragen werden vragen gesteld, voornamelijk over de overgang naar de verordening cyberweerbaarheid en de toekomstige geldigheid van de ter ondersteuning van de richtlijn radioapparatuur aangehaalde geharmoniseerde normen inzake cyberbeveiliging. Kwesties in verband met de overgang naar de verordening cyberweerbaarheid worden besproken in de deskundigengroep Radioapparatuur 5 . Wat de in het kader van de richtlijn radioapparatuur aangehaalde geharmoniseerde normen op het gebied van cyberbeveiliging betreft, is het de bedoeling dat de referenties ervan na de intrekking van de gedelegeerde verordening inzake cyberbeveiliging tot aanvulling van de richtlijn radioapparatuur worden geschrapt uit bijlage I bij Uitvoeringsbesluit (EU) 2022/2191 van de Commissie 6 . Er zij op gewezen dat de toepassing van geharmoniseerde normen in het kader van de richtlijn radioapparatuur vrijwillig blijft.
3.JURIDISCHE ELEMENTEN VAN DE GEDELEGEERDE HANDELING
In artikel 1 van de gedelegeerde verordening wordt bepaald dat Gedelegeerde Verordening (EU) 2022/30 wordt ingetrokken met ingang van 11 december 2027.
Artikel 2 bepaalt de datum van inwerkingtreding van de gedelegeerde verordening.
GEDELEGEERDE VERORDENING (EU) …/... VAN DE COMMISSIE
van 16.2.2026