This document is an excerpt from the EUR-Lex website
Document 52025IE0634
Opinion of the European Economic and Social Committee – A challenge for the single market: a European defence policy well balanced with the needs of citizens (own-initiative opinion)
Advies van het Europees Economisch en Sociaal Comité — Een uitdaging voor de eengemaakte markt: een Europees defensiebeleid dat in verhouding staat tot de behoeften van de burgers (initiatiefadvies)
Advies van het Europees Economisch en Sociaal Comité — Een uitdaging voor de eengemaakte markt: een Europees defensiebeleid dat in verhouding staat tot de behoeften van de burgers (initiatiefadvies)
EESC 2025/00634
PB C, C/2026/4, 16.1.2026, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2026/4/oj (BG, ES, CS, DA, DE, ET, EL, EN, FR, GA, HR, IT, LV, LT, HU, MT, NL, PL, PT, RO, SK, SL, FI, SV)
|
Publicatieblad |
NL C-serie |
|
C/2026/4 |
16.1.2026 |
Advies van het Europees Economisch en Sociaal Comité
Een uitdaging voor de eengemaakte markt: een Europees defensiebeleid dat in verhouding staat tot de behoeften van de burgers
(initiatiefadvies)
(C/2026/4)
Rapporteur:
Angelo PAGLIARA|
Adviseur |
Simone D'ALESSANDRO (van de rapporteur) |
|
Besluit van de voltallige vergadering |
23.1.2025 |
|
Rechtsgrond |
Artikel 52, lid 2, van het reglement van orde |
|
Bevoegde afdeling |
Interne Markt, Productie en Consumptie |
|
Goedkeuring door de afdeling |
2.9.2025 |
|
Goedkeuring door de voltallige vergadering |
18.9.2025 |
|
Zitting nr. |
599 |
|
Stemuitslag (voor/tegen/onthoudingen) |
134/0/2 |
1. Conclusies en aanbevelingen
|
1.1. |
Het Europees Economisch en Sociaal Comité (EESC) herhaalt dat bij de versterking van de defensiecapaciteiten van de Europese Unie haar fundamentele waarden geëerbiedigd moeten worden. Daarbij staan economische, sociale en territoriale samenhang centraal, zoals bepaald in artikel 3 VEU. Een defensiebeleid kan alleen doeltreffend zijn als het deel uitmaakt van een Europees project dat het welzijn van de bevolking ter harte neemt. |
|
1.2. |
Met het oog op haar eigen veiligheid heeft de EU een gezamenlijk defensiebeleid nodig als onderdeel van een gemeenschappelijk buitenlands en veiligheidsbeleid. Zij moet een sterke Europese defensiepijler opbouwen die de nationale modellen overstijgt en korte metten maakt met de versnipperde uitgaven. De wetgevende en financiële maatregelen die hiervoor nodig zijn, moeten met spoed en binnen een gemeenschappelijk kader worden genomen, mede gelet op de risico’s waarmee de Europese landen die grenzen aan Rusland en Belarus te maken krijgen. |
|
1.3. |
Het EESC pleit voor een geïntegreerde benadering van de Europese veiligheid, waarbij er niet alleen met militaire aspecten, maar ook met sociale, industriële, ecologische en gezondheidsaspecten rekening wordt gehouden. De veerkracht van de EU is afhankelijk van sterke openbare stelsels en het vertrouwen van de burgers. Het welzijn van Europese burgers kan in de huidige geopolitieke context niet worden gewaarborgd zonder voldoende defensiecapaciteiten en maatschappelijke paraatheid. Echte veerkracht berust niet alleen op het vermogen om te reageren op externe agressie, maar evenzeer op sterke openbare systemen die burgers in alle aspecten van het leven beschermen. |
|
1.4. |
De eengemaakte markt moet dringend worden versterkt door de versnippering van de defensiemarkt ongedaan te maken en een gemeenschappelijk Europees industriebeleid te bevorderen dat het concurrentievermogen van de industrie versterkt, met inachtneming van de beginselen van transparantie, efficiëntie en duurzaamheid. Daarnaast moeten er specifieke instrumenten voor gemeenschappelijke financiering worden ingevoerd. |
|
1.5. |
De defensie-investeringen zouden de Europese technologische en industriële defensiebasis (EDTIB) moeten versterken. Daarbij moet consequent rekening worden gehouden met de sociale partners en de kleine en middelgrote ondernemingen als belangrijke spelers in de lokale productieketens. Het is absoluut belangrijk dat banen voor geschoolde werknemers worden bevorderd en dat schadelijke dumping- of offshoringpraktijken worden voorkomen, zodat er gezorgd wordt voor een positieve impact op de hele Europese productiesector. |
|
1.6. |
Het EESC acht het van essentieel belang dat de Europese financieringsinstrumenten en het begrotingskader van de EU goed op elkaar worden afgestemd. Daarom zijn er regels nodig die ervoor zorgen dat strategische investeringen, ook die in de defensiesector, niet worden meegeteld bij de berekening van het tekort, via fiscale vrijwaringsclausules die aansluiten bij de doelstellingen van de Unie. |
|
1.7. |
Het EESC roept de Commissie en de lidstaten op om volledige transparantie over de herkomst, de bestemming en het beheer van defensiemiddelen te waarborgen, zodat de verhoging van de uitgaven niet ten koste gaat van andere belangrijke doelstellingen van de EU, van openbare diensten en gezondheidszorg. |
|
1.8. |
Het EESC zou graag zien dat er een interinstitutioneel observatorium voor geïntegreerde veiligheid wordt opgericht (waarin het EESC, het CvdR, de Commissie en het Parlement zitting hebben) om de impact van het Europese defensiebeleid op lokaal niveau te monitoren en systematisch na te gaan hoe dit beleid wordt ervaren en in hoeverre het publiek er vertrouwen in heeft. |
2. Algemene opmerkingen
|
2.1. |
De grootschalige invasie van Oekraïne door Rusland in februari 2022 en de geopolitieke gebeurtenissen van de afgelopen maanden hebben de Europese instellingen ertoe aangezet om de kwestie van de Europese defensie bovenaan de politieke agenda te plaatsen. De oorlog heeft duidelijk gemaakt hoe sterk Europa afhankelijk is van Amerikaanse steun voor zijn defensie en bracht tegelijkertijd aan het licht dat Europa niet over voldoende capaciteit beschikt. Door de zorgwekkende onzekerheid in de trans-Atlantische betrekkingen ziet de EU zich tevens op dramatische wijze gedwongen om snel en vastberaden te reageren op de vele uitdagingen en potentiële bedreigingen op het gebied van defensie, handel, technologie en bevoorrading. In dit verband moet bijzondere aandacht worden besteed aan EU-lidstaten die grenzen aan Rusland en Belarus bijzondere aandacht, aangezien zij het meest rechtstreeks worden blootgesteld aan acute crisissituaties en hybride dreigingen. |
|
2.2. |
De Europese Unie heeft al een aantal mislukte pogingen tot integratie op defensiegebied achter de rug. De oprichting van de Europese Defensiegemeenschap (EDG) in 1954 was een eerste. Dit advies is bedoeld als bijdrage aan het Europese debat, aangezien de geopolitieke situatie doortastende maatregelen vereist om het gemeenschappelijke defensiesysteem te versterken. De uitdaging bestaat erin om in gemeenschappelijke defensie te investeren en tegelijkertijd de eengemaakte markt te voltooien, de sociale cohesie en de investeringen in het welzijn van de Europese burgers niet in gevaar te brengen en daarbij de verdragen na te leven. |
|
2.3. |
In artikel 3 van het Verdrag betreffende de Europese Unie (VEU) wordt erop gewezen dat de Unie tot doel heeft het welzijn van haar burgers, de economische en sociale samenhang en een evenwichtige en harmonieuze ontwikkeling van de lidstaten te bevorderen. Daarom wordt van het Europees defensiebeleid verwacht dat het deze aspecten integreert en bijdraagt aan het realiseren van deze doelstellingen, zodat de EU-burgers een vreedzaam en veilig leven kunnen leiden. |
|
2.4. |
In dit advies verwijst het Comité naar tal van andere documenten die het eerder heeft aangenomen of die momenteel in voorbereiding zijn op het gebied van defensie en veiligheid, met name een reeks adviezen waarin dit onderwerp uitvoerig en gedetailleerd wordt behandeld (1). Deze adviezen geven een samenhangend en coherent beeld van de rol die defensie kan spelen bij het opbouwen van Europese soevereiniteit in overeenstemming met waarden zoals vrede, democratie en sociale rechtvaardigheid. |
|
2.5. |
Het vermogen van de Unie om haar gemeenschappelijke defensie te versterken en geopolitieke en industriële uitdagingen het hoofd te bieden, hangt nauw samen met een verdergaande Europese integratie. Het EESC roept de Commissie en de Raad op om alle mechanismen waarin de Verdragen voorzien te onderzoeken teneinde zo snel mogelijk institutionele hervormingen in gang te zetten en het integratieproces te voltooien. |
|
2.6. |
De politieke discussies en de verdeeldheid binnen de EU over de recente voorstellen van de Commissie op het gebied van defensie laten zien dat het van cruciaal belang is om een evenwicht te vinden tussen defensie-uitgaven en sociale investeringen. Een Unie die militair sterker is, moet ook rechtvaardiger, coherenter en veerkrachtiger zijn voor haar burgers. |
3. Specifieke opmerkingen
|
3.1. |
Uit het rapport-Draghi (2) blijkt dat in de periode 2022-2023 78 % van de Europese militaire uitgaven naar leveranciers buiten de EU ging, waarvan 63 % naar de VS. Deze afhankelijkheid beperkt de strategische autonomie van de EU, verhoogt het geopolitieke risico en stelt de Europese veiligheid bloot aan de industriële en politieke beslissingen van derde partijen. Bovendien bemoeilijkt de versnippering van de aankopen tussen de lidstaten de totstandkoming van een eengemaakte markt voor defensie. Op die manier blijft de Europese industrie in een ondergeschikte positie ten opzichte van de grote wereldmachten en wordt de vaststelling van gemeenschappelijke normen die nodig zijn voor interoperabiliteit en industriële efficiëntie belemmerd. |
|
3.2. |
Het gebrek aan coördinatie bij de aankoop van defensiemateriaal verstoort de eengemaakte markt, bevoordeelt de industrie buiten Europa en remt de groei van productie en de ontwikkeling van onderzoek in Europa. Volgens het Italiaanse centrum voor toezicht op de overheidsfinanciën lagen de totale militaire uitgaven van de EU in 2024, uitgedrukt in koopkrachtpariteit (KKP), aanzienlijk hoger dan die van Rusland (3). Het ontbreken van een gezamenlijke strategie van de lidstaten vermindert echter de algehele doeltreffendheid ervan. De versnippering van de productie en de bevoorrading verhindert dat de middelen strategisch worden ingezet. Dat maakt de Europese defensiesector minder concurrerend dan die van Rusland, die meer gecentraliseerd is. In dit verband vormt het gebrek aan standaardisering van technische vereisten en wapensystemen een concreet obstakel voor interoperabiliteit, logistieke efficiëntie en kostenverlaging (in deze context is het evenzeer belangrijk te zorgen voor afstemming op de NAVO-normen). Om deze afhankelijkheid te verminderen en de strategische autonomie van de EU te versterken, moet in de eerste plaats de eengemaakte markt voor defensie sneller tot stand worden gebracht. Daartoe is het noodzakelijk de voorschriften te harmoniseren, te investeren in onderzoek en ontwikkeling, de interoperabiliteit tussen de nationale systemen te verbeteren en een stabiel gemeenschappelijk aanbestedingsmechanisme op te zetten dat de lidstaten in staat stelt voorrang te geven aan Europese leveranciers en versnippering van middelen te voorkomen. |
|
3.3. |
De EU heeft een solide defensiekader nodig dat onmiddellijke crises het hoofd kan bieden, maar ook langetermijnuitdagingen kan aangaan. Hiervoor is een sterke industriële basis nodig die technologische ontwikkeling kan ondersteunen, strategische autonomie kan garanderen en ervoor kan zorgen dat investeringen een positief effect hebben op de economische groei en de werkgelegenheid. Zonder een duidelijk industriebeleid kunnen defensieplannen hun doel voorbijschieten. Het is noodzakelijk om meer te investeren in het industriebeleid, onder meer door de oprichting van een Europees staatsfonds, waarmee gezamenlijke strategische projecten kunnen worden gefinancierd. |
|
3.4. |
Bovendien moeten het EESC en het Comité van de Regio’s op een gestructureerde manier worden betrokken bij de strategie voor de Europese defensie-industrie, die de totstandkoming van veerkrachtige territoriale productieketens moet ondersteunen. Het werkgelegenheidspotentieel van de industriële reconversie kan alleen worden omgezet in stabiele, hoogwaardige banen als dumping- of offshoringpraktijken worden voorkomen en eerlijke en inclusieve voorwaarden voor alle Europese economische actoren worden gewaarborgd. |
|
3.5. |
Het EESC is van mening dat de nodige wetgevende en financiële maatregelen ter versterking van de Europese defensie binnen een communautair kader moeten worden genomen. Een gemeenschappelijk financieringssysteem, gebaseerd op de coördinatie van de uitgaven en de optimalisering van de middelen, zou de eengemaakte markt verbeteren, verspilling voorkomen en de investeringen doeltreffender maken. Tegelijkertijd zou de afhankelijkheid van niet-Europese leveranciers hierdoor verminderen. Uit de meest recente macro-economische prognoses blijkt dat defensie-uitgaven op zich geen grote structurele effecten op de economie kunnen teweegbrengen. Daarom moet de impact ervan worden gezien als onderdeel van een bredere strategie die gecoördineerde overheidsinvesteringen op sociaal en industrieel gebied omvat (4). |
|
3.6. |
In tien jaar tijd zijn de militaire uitgaven in Europa gemiddeld met 50 % gestegen: van 145 miljard EUR in 2014 tot 215 miljard EUR in 2023 (5). Het EESC benadrukt dat het versterken van de defensiecapaciteit van de EU ook een kans biedt om de Europese industriële en technologische basis nieuw leven in te blazen. Uit sommige analyses, waaronder het rapport-Draghi en de economische voorjaarsprognoses 2025 van de Europese Commissie, blijkt dat gecoördineerde verhogingen van de defensie-uitgaven kunnen bijdragen aan de groei van het bbp, werkgelegenheid en innovatie. Zo schat een simulatie met behulp van het QUEST-model dat een geleidelijke toename van de defensie-uitgaven van de lidstaten tot 1,5 % van het bbp tegen 2028, het bbp van de EU tegen het einde van die periode met ongeveer 0,5 % zou kunnen verhogen, met een gelijktijdige stijging van de schuldquote met ongeveer 2 procentpunten. De effectiviteit van dergelijke uitgaven is echter niet vanzelfsprekend: de impact ervan hangt in hoge mate af van de mate van industriële coördinatie en de ontwikkeling van een geïntegreerde interne defensiemarkt. Zonder een gemeenschappelijke strategie dreigt het economische rendement van defensie-uitgaven beperkt te blijven, vooral door het grote aandeel import van buiten de EU, zoals recente input-outputanalyses aantonen. Gemeenschappelijke normen, interoperabiliteit en gezamenlijke aanbestedingsmechanismen zijn van essentieel belang om ervoor te zorgen dat defensie-investeringen blijvende voordelen opleveren en op zinvolle wijze bijdragen tot de strategische autonomie van de EU. |
|
3.7. |
Investeringen in defensie moeten deel uitmaken van een strategie die gericht is op het versterken van de Europese productieketens, het stimuleren van innovatie en het aantrekken van gekwalificeerd personeel. Meer industriële samenwerking op Europees niveau — via gemeenschappelijke normen, interoperabiliteit en gezamenlijke aanbestedingen — kan het economische rendement van defensie-uitgaven vergroten. Zonder deze aanpak blijft dat rendement waarschijnlijk beperkt, door het grote aandeel import van buiten de EU, zoals recente input-outputanalyses aantonen (6). De ontwikkeling van een geïntegreerde interne defensiemarkt is dan ook van prioritair belang om de strategische autonomie van de Unie te ondersteunen. |
|
3.8. |
Uit het meest recente rapport over de levensomstandigheden in 2024 blijkt dat de situatie over het algemeen is verslechterd: 19,1 % van de Europese gezinnen heeft moeite om rond te komen (in 2020 was dat 16,8 %); het percentage mensen dat het risico loopt op armoede of sociale uitsluiting is gestegen tot 16,5 % (tegenover 14,3 % in 2019); de inkomensongelijkheid is toegenomen van 28,7 % tot 29,6 %; het percentage mensen dat in materiële en sociale deprivatie leeft is nog verder opgelopen, nl. van 6,7 % tot 6,8 %, en 33,5 % van de gezinnen kan onvoorziene uitgaven niet betalen (in 2020 was dat 30,2 %). De gemiddelde levensverwachting is gedaald van 81,3 jaar in 2019 tot 80,1 jaar in 2023 (7). De Eurobarometer-enquête van het Parlement voor 2024 bevestigt dat de situatie is verslechterd. Hieruit blijkt dat de stijgende prijzen en de kosten van levensonderhoud (42 %) en de economische situatie (41 %) de belangrijkste zorgen zijn van de Europese burgers. Uit deze cijfers blijkt dat de sociale omstandigheden erop achteruit zijn gegaan. Als er niets aan wordt gedaan, zou dit de fundamenten van de Europese veiligheid aan het wankelen kunnen brengen. |
|
3.9. |
De versterking van het Europese gezondheidszorgstelsel moet worden beschouwd als een pijler van het Europese defensiesysteem. De meest recente rapporten wijzen erop dat de nationale gezondheidszorgstelsels nog steeds kampen met structurele problemen: personeelstekorten, ontoereikende infrastructuur en ongelijke toegang tot diensten (8). In de huidige geopolitieke context is de noodzaak om meer te investeren in gezondheidszorg naar de mening van het EESC niet verenigbaar met het huidige stabiliteits- en groeipact, dat een belemmering vormt voor het nastreven van de doelstellingen van de EU op het gebied van veiligheid en sociale veerkracht. |
|
3.10. |
In tijden van crisis is de steun van de Europese burgers en het maatschappelijk middenveld voor de instellingen van cruciaal belang. Het EESC roept de Commissie op om na te gaan of het mogelijk is om een interinstitutioneel observatorium met vertegenwoordigers van het EESC, het CvdR, de Commissie en het Parlement op te richten dat de specifieke taak zou moeten krijgen om te monitoren hoe Europese besluiten in de lidstaten worden ontvangen. Het zou ook een concept van gemeenschappelijke Europese defensie moeten bevorderen dat rekening houdt met sociale, economische en gezondheidsaspecten. Transparantie, democratische verantwoordingsplicht en burgerparticipatie zijn essentiële voorwaarden om het vertrouwen van de burgers in de Europese instellingen op te bouwen. Zonder vertrouwen dreigen zelfs de meest geavanceerde veiligheidsmaatregelen hun doeltreffendheid en legitimiteit te verliezen. Het observatorium moet niet alleen helpen bij het monitoren van de lokale impact van Europese defensiekeuzes, maar ook van het vertrouwen van het publiek daarin en hoe deze door de samenleving worden ervaren. |
|
3.11. |
Het EESC benadrukt dat de Europese veiligheid gebaseerd is op een geïntegreerde aanpak, waarbij defensiecapaciteiten worden gecombineerd met de “soft power” van de EU: samenwerking, diplomatie en het bevorderen van ontwikkeling en stabiliteit. Het behouden en versterken van dit evenwicht is essentieel voor de EU om een geloofwaardige en autonome rol te kunnen spelen op het wereldtoneel. |
Brussel, 18 september 2025.
De voorzitter
van het Europees Economisch en Sociaal Comité
Oliver RÖPKE
(1) PB C 100 van 16.3.2023, blz. 132; PB C, C/2024/4663, 9.8.2024, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2024/4663/oj; PB C, C/2024/4662, 9.8.2024, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2024/4662/oj; PB C, C/2025/2013, 30.4.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/2013/oj; PB C, C/2024/2489, 23.4.2024, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2024/2489/oj; PB C, C/2024/4056, 12.7.2024, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2024/4056/oj; PB C 486 van 21.12.2022, blz. 168; PB C, C/2025/5162, 28.10.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/5162/oj.
(2) Rapport-Draghi over het Europese concurrentievermogen.
(3) Facciamo chiarezza: nel 2024 la spesa militare europea eccedeva quella russa del 58 %.
(4) Europese Commissie (2025), The economic impact of higher defence spending, speciaal hoofdstuk in de economische voorjaarsprognose 2025.
(5) Stamegna, M., Bonaiuti, C., Maranzano, P., & Pianta, M. (2024). The economic impact of arms spending in Germany, Italy, and Spain. Peace Economics, Peace Science and Public Policy, vol. 30, nr. 4, blz. 393-422.
(6) Stamegna, M., Bonaiuti, C., Maranzano, P., & Pianta, M. (2024). The economic impact of arms spending in Germany, Italy, and Spain. Peace Economics, Peace Science and Public Policy, vol. 30, nr. 4, blz. 393-422.
(7) Key figures on European living conditions – Editie 2024.
(8) Key figures on European living conditions – Editie 2024.
ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2026/4/oj
ISSN 1977-0995 (electronic edition)