This document is an excerpt from the EUR-Lex website
Document 52013PC0409
Proposal for a REGULATION OF THE EUROPEAN PARLIAMENT AND OF THE COUNCIL amending Regulation (EC) No 216/2008 in the field of aerodromes, air traffic management and air navigation services
Voorstel voor een VERORDENING VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD tot wijziging van Verordening (EG) nr. 216/2008 op het gebied van luchtvaartterreinen, luchtverkeersbeheer en luchtvaartnavigatiediensten
Voorstel voor een VERORDENING VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD tot wijziging van Verordening (EG) nr. 216/2008 op het gebied van luchtvaartterreinen, luchtverkeersbeheer en luchtvaartnavigatiediensten
/* COM/2013/0409 final - 2013/0187 (COD) */
Voorstel voor een VERORDENING VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD tot wijziging van Verordening (EG) nr. 216/2008 op het gebied van luchtvaartterreinen, luchtverkeersbeheer en luchtvaartnavigatiediensten /* COM/2013/0409 final - 2013/0187 (COD) */
TOELICHTING 1. ACHTERGROND VAN HET VOORSTEL De oprichting van het Europees Agentschap voor
de veiligheid van de luchtvaart (het EASA)[1],
zoals met name vastgelegd in Verordening (EG) nr. 216/2008, is direct
gekoppeld aan de ontwikkeling van het gemeenschappelijk Europees luchtruim. Het
doel van het gemeenschappelijk Europees luchtruim (Single European Sky, SES) is
de algehele efficiëntie van de manier waarop het Europees luchtruim wordt
georganiseerd en beheerd te verbeteren door een hervorming van de sector
luchtvaartnavigatiediensten (Air Navigation Services, ANS). De ontwikkeling van
het gemeenschappelijk Europees luchtruim is gebaseerd op twee uitgebreide
wetgevingspakketten – SES I en SES II, die zijn samengesteld uit vier
verordeningen, te weten Verordening (EG) nr. 549/2004, Verordening (EG)
nr. 550/2004, Verordening (EG) nr. 551/2004 en Verordening (EG)
nr. 552/2004[2]
– en daarnaast een uitgebreid project ter modernisering van de uitrusting en de
systemen voor luchtvaartnavigatiediensten, SESAR[3]
genaamd. In 2009 zijn bij Verordening (EG) nr. 1108/2009
de bevoegdheden van het EASA uitgebreid tot luchtverkeersbeheer en
luchtvaartnavigatiediensten (ATM/ANS). Hoewel dit betekende dat het EASA ook
bevoegd werd voor diverse aspecten van de technische regelgeving op het gebied
van ATM/ANS, werden de overeenkomstige wijzigingen in de vier SES-verordeningen
niet gelijktijdig afgerond. Het Europees Parlement en de Raad gaven er
daarentegen de voorkeur aan om de overeenkomstige bestaande bevoegdheden in de
voornoemde vier SES-verordeningen intact te laten, teneinde hiaten tijdens de
overgang van het oude wetgevingskader naar het nieuwe te voorkomen en tevens
het idee te ondersteunen dat het nieuwe EASA-kader op basis van bestaande
SES-beginselen zou worden ontwikkeld. De wetgevers regelden deze overlapping in de
verordeningen door een nieuw artikel 65 bis in Verordening (EG)
nr. 216/2008 op te nemen. Op grond van dit artikel moet de Commissie
wijzigingen van de vier SES-verordeningen voorstellen, teneinde de vereisten
van Verordening (EG) nr. 216/2008 in aanmerking te nemen. Ten tweede wordt voor luchtverkeersbeheer
(ATM/ANS) niet dezelfde benadering gevolgd als voor de andere domeinen van de
luchtvaart waarvoor het EASA bevoegd is (luchtwaardigheid, vergunningen voor de
bemanning, vluchtuitvoering enz.). In grote lijnen houdt deze benadering in dat
alle technische regels onder de bevoegdheid van het EASA worden samengebracht,
teneinde te voldoen aan de doelstellingen van artikel 2 van Verordening
(EG) nr. 216/2008, en dat de Commissie verantwoordelijk is voor de
economische regelgeving. Wat ATM/ANS (d.w.z. het SES) betreft, is het beeld
echter meer gemengd, aangezien technische regels uit diverse bronnen afkomstig
zijn[4]. Het zou daarom bevorderlijk
zijn om te zorgen voor een geharmoniseerde aanpak van dit belangrijke
regelgevingsgebied, zodat alle overleg met dezelfde nauwgezetheid wordt
verricht, alle regels binnen dezelfde structuur passen en dezelfde
doelstellingen dienen, waardoor het voor alle verantwoordelijken eenvoudiger
wordt de regels toe te passen. Tot slot moet er ook voor worden gezorgd dat de
aankomende golf van technologische innovaties die voortvloeit uit het
SESAR-initiatief op gecoördineerde wijze ten uitvoer kan worden gelegd voor wat
alle uitrusting en procedures betreft, zowel in de lucht als op de grond. Het doel van dit regelgevingsinitiatief is aan
de eisen van artikel 65 bis te voldoen door de overlappingen tussen
de SES- en de EASA-regelgeving weg te nemen en de grens tussen de
wetgevingskaders van het EASA en het SES te vereenvoudigen en te verhelderen.
Aldus ondersteunt de wijziging eveneens de politieke doelstelling om te zorgen
voor een duidelijke scheiding van taken tussen de Commissie, het EASA en
Eurocontrol: de Commissie focust op de economische en technische regelgeving,
het EASA treedt op als het agentschap van de Commissie dat is belast met het
opstellen van en toezien op de technische regelgeving, en Eurocontrol focust op
de operationele taken, met name in het kader van het concept van
"netwerkbeheerder"[5]. In het kader van de SES-herschikking zijn niet
alleen SES-bepalingen geschrapt, maar ook enkele kleine aanpassingen aan
Verordening (EG) nr. 216/2008 aangebracht. De tekst van deze verordening
was immers gebaseerd op de terminologie van sommige SES-bepalingen – met name
op het gebied van interoperabiliteit – en daarom moet de terminologie uit de
vier geschrapte SES-verordeningen worden overgenomen in Verordening (EG)
nr. 2016/2008. 2. RESULTATEN VAN RAADPLEGINGEN
VAN DE BETROKKEN PARTIJEN EN EFFECTBEOORDELINGEN Het dg MOVE heeft een effectbeoordeling
uitgevoerd om de wetsvoorstellen ter verbetering van de efficiëntie, de
veiligheid en het concurrentievermogen van het gemeenschappelijk Europees
luchtruim te ondersteunen. De wijzigingen van Verordening (EG) nr. 216/2008
in dit pakket zijn echter gericht op kwesties die nog waren blijven liggen na
een eerdere wijziging aan de hand van Verordening (EG) nr. 1108/2009, met
name artikel 65 bis. Deze wijzigingen vielen onder de effectbeoordeling
die in 2008 is uitgevoerd in het kader van de goedkeuring van Verordening (EG)
nr. 1108/2009. Hoewel geen specifieke raadpleging heeft
plaatsgevonden over de wijzigingen die betrekking hebben op het EASA, is tussen
september en december 2012 op de website van het DG MOVE wel een drie maanden
durende raadpleging inzake de SES-wijzigingen gehouden. Daarnaast werden twee
evenementen op hoog niveau georganiseerd – een conferentie in Limassol en een
hoorzitting in Brussel – en hebben tal van bilaterale bijeenkomsten met alle
betrokken belanghebbenden plaatsgevonden. De kwestie van de rol van het EASA is
gedurende deze evenementen eveneens aangekaart en belanghebbenden hebben
gewezen op de noodzaak te zorgen voor een meer gecoördineerd ontwerp van de
technische voorschriften. 3. JURIDISCHE ASPECTEN VAN HET
VOORSTEL 3.1. Toepassingsgebied
(artikel 1 van Verordening (EG) nr. 216/2008) De EU heeft van oudsher zeer beperkte
bevoegdheden ten aanzien van militaire aangelegenheden en de scheidslijn binnen
het SES is traditioneel zo bepaald dat indien een dienstverlener op een
luchthaven of een en-route-luchtverkeersleidingscentrum primair (d.w.z. voor
meer dan 50 %) burgerverkeer bedient, deze dienstverlener moet voldoen aan
dezelfde voorschriften die voor overige dienstverleners gelden. Militaire
luchtruimgebruikers hebben daarentegen de keuze gehad om te vliegen
overeenkomstig de ICAO-voorschriften of overeenkomstig de SES-voorschriften
(gedefinieerd als de voorschriften voor algemeen luchtverkeer). Om operationele
redenen kunnen zij ervoor kiezen deze voorschriften niet te gebruiken door te
verklaren dat de desbetreffende vluchtuitvoering wordt verricht als
operationeel luchtverkeer. In dat geval zijn de SES-voorschriften immers niet
van toepassing op deze gebruikers. Op deze wijze waarborgt de scheiding de
veiligheid van het burgerverkeer, maar blijft de mogelijkheid voor militairen
behouden om volgens hun eigen missievereisten te opereren. De goedkeuring van
Verordening (EG) nr. 1108/2009 heeft geresulteerd in een scheiding tussen
de SES- en de EASA-voorschriften, hetgeen bijvoorbeeld tot een situatie leidt
waarin dezelfde aanbieder en diens luchtverkeersleiders op grond van de
SES-voorschriften een certificering moeten hebben, terwijl op grond van de
EASA-voorschriften certificering niet vereist is. De huidige wijziging brengt
de toepassingsgebieden van de basisverordening van het EASA (nr. 216/2008)
en de SES-verordeningen (nrs. 549-552/2004) weer met elkaar in
overeenstemming, teneinde dergelijke inconsistenties weg te werken. Aldus wordt
de toepassing van de voorschriften terug in overeenstemming gebracht met het
beoogde concept, waarbij de dienstverlener onder de EU-voorschriften valt
indien meer dan 50 % van diens verkeer onder de voorschriften voor algemeen
luchtverkeer vliegt. 3.2. Doelstellingen (artikel 2) De ontwikkeling en uitvoering van het
ATM-masterplan (SESAR[6])
vereist regelgevingsmaatregelen voor een breed scala aan luchtvaartkwesties.
Voorheen heeft de coördinatie en afstemming van voorschriften (bijvoorbeeld
tussen luchtverkeersleiding en luchtwaardigheid) voor problemen gezorgd, omdat
er geen centrale coördinator was die de consistentie tussen de door beide
bijdragende partijen opgestelde documenten waarborgde. Dit probleem doet zich
op andere terreinen dan ATM/ANS niet voor, omdat het EASA alle technische
voorschriften opstelt en coördineert, terwijl ATM/ANS nog steeds tussen twee
kaders is verdeeld. De wijziging van artikel 2 onderstreept dat ATM/ANS op
dezelfde wijze als de overige sectoren moet worden behandeld. Meer in het
bijzonder moet het EASA, wanneer het de Commissie ondersteunt bij het opstellen
van technische voorschriften, een evenwichtige benadering hanteren om de
verschillende activiteiten te reguleren op basis van hun specifieke eigenschappen,
aanvaardbare veiligheidsniveaus en een vaststaande risicohiërarchie van
gebruikers, teneinde een allesomvattende en gecoördineerde ontwikkeling van de
luchtvaart te garanderen. 3.3. Verklaringen (artikel 3
en verder in de verordening) Verordening (EG) nr. 1108/2009
introduceert de mogelijkheid van het opstellen van een eigen verklaring in
plaats van certificering van bepaalde vluchtinformatiediensten. De tekst van
Verordening (EG) nr. 216/2008 is, op de diverse plaatsen waar sprake is
van certificering, geheel aangepast teneinde rekening te houden met deze
mogelijkheid. 3.4. Definities (artikel 3) Teneinde de intrekkingen in de vier
SES-verordeningen (Verordeningen (EG) nrs. 549-552/2004), zoals eerder
uitgelegd, te dekken, de twee kaders op elkaar af te stemmen en de tekst van
Verordening (EG) nr. 216/2008 te verduidelijken, zijn de definities van
"gekwalificeerde entiteit" en "ATM/ANS" aangepast.
Bovendien zijn de definities van "ATM-masterplan" en "algemeen
luchtverkeer" uit de SES-verordeningen naar deze verordening gekopieerd. 3.5. ATM/ANS (artikel 8 ter) Artikel 8 ter is gewijzigd om de
formulering in lijn te brengen met het voorstel tot intrekking van Verordening
(EG) nr. 552/2004. Zo blijven de bestaande beginselen en concepten van de
interoperabiliteitsverordening (Verordening (EG) nr. 552/2004) behouden. 3.6. Essentiële eisen
(bijlage Vb) In deel 2, onder c), iv), is een
fout gecorrigeerd om ervoor te zorgen dat deze tekst weer overeenstemt met de
bepalingen van de Internationale Burgerluchtvaartorganisatie (de ICAO) en de
bestaande EU-voorschriften. Het betreft een onbedoelde vergissing bij het
opstellen van Verordening (EG) nr. 1108/2009. De fout heeft geleid tot een
onuitvoerbare eis voor luchtverkeersleiders om luchtvaartuigen zelfs buiten het
manoeuvreerterrein van een luchtvaartterrein tegen obstakels te beschermen. Verder zijn er in deel 2, onder g)
en h), evenals in deel 3, stukken tekst ingevoegd die afkomstig zijn uit
Verordening (EG) nr. 552/2004, teneinde het feit te benadrukken dat de gehanteerde
benadering om deze zaken te reguleren niet onnodig wordt gewijzigd ten opzichte
van hoe die nu is. Deze toevoegingen brengen geen wijziging mee voor het
toepassingsgebied, maar dienen ter verdere afstemming van de SES- en
EASA-kaders. 3.7. Diversen Er zijn enkele tikfouten verbeterd
(bijvoorbeeld in artikel 7) en een paar kleine redactionele aanpassingen
aangebracht in de voorschriften (in de artikelen 9, 19 en 33), waar de
tekst na de voorgaande wijzigingen van de verordeningen geen juiste weergave
meer vormde van de werkelijke situatie. Bovendien zijn in de hele tekst een
paar kleine veranderingen aangebracht (bijvoorbeeld in de artikelen 52 en 59
en in bijlage Vb) om onbedoelde veranderingen te voorkomen in de
SES-beginselen die sinds 2004 zijn overeengekomen. De verordening is tevens in overeenstemming
gebracht met de regeling die is vastgesteld ingevolge de artikelen 290 en 291
VWEU en Verordening (EG) nr. 182/2011 betreffende het gebruik van
uitvoeringshandelingen en gedelegeerde handelingen. Bovendien zijn de
kernelementen opgenomen van de overeengekomen standaardbepalingen voor de
oprichtingsbesluiten van agentschappen, overeenkomstig het stappenplan van de
Commissie voor de tenuitvoerlegging van de Gezamenlijke verklaring van het
Europees Parlement, de Raad van de EU en de Europese Commissie inzake
gedecentraliseerde agentschappen (juli 2012). Deze overeenkomst heeft ook
betrekking op de standaardisering van de namen van de EU-agentschappen,
waardoor de naam van het EASA wordt gewijzigd in "Luchtvaartagentschap van
de Europese Unie" (European Union Agency for Aviation, EAA). 4. FACULTATIEVE ELEMENTEN Aangezien een afzonderlijke toelichting is
opgesteld bij de voorgestelde herschikking van de vier SES-verordeningen
nrs. 549-552/2004, bevat dit document voornamelijk de wijzigingen die in
Verordening (EG) nr. 216/2008 nodig zijn om te zorgen voor continuïteit
van de huidige SES-benadering na de wijziging van de vier SES-verordeningen
overeenkomstig artikel 65 bis van Verordening (EG) nr. 216/2008. 2013/0187 (COD) Voorstel voor een VERORDENING VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN
DE RAAD tot wijziging van Verordening (EG) nr. 216/2008
op het gebied van luchtvaartterreinen, luchtverkeersbeheer en
luchtvaartnavigatiediensten (Voor de EER relevante tekst) HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD VAN
DE EUROPESE UNIE, Gezien het Verdrag betreffende de werking van
de Europese Unie, en met name artikel 100, lid 2, Gezien het voorstel van de Europese Commissie, Na toezending van het ontwerp van
wetgevingshandeling aan de nationale parlementen, Gezien het advies van het Europees Economisch
en Sociaal Comité[7], Gezien het advies van het Comité van de
Regio's, Handelend volgens de gewone
wetgevingsprocedure, Overwegende hetgeen volgt: (1) Om rekening te houden met de
wijzigingen die zijn geïntroduceerd in Verordening (EG) nr. 1108/2009 van
het Europees Parlement en de Raad van 21 oktober 2009 tot wijziging van
Verordening (EG) nr. 216/2008 op het gebied van luchtvaartterreinen,
luchtverkeersbeheer en luchtvaartnavigatiediensten en tot intrekking van
Richtlijn 2006/23/EG[8]
en in Verordening (EG) nr. 1070/2009 van het Europees Parlement en de Raad
van 21 oktober 2009 tot wijziging van Verordeningen (EG) nr. 549/2004, (EG) nr.
550/2004, (EG) nr. 551/2004 en (EG) nr. 552/2004 teneinde de prestaties en de
duurzaamheid van het Europese luchtvaartsysteem te verbeteren[9], is het noodzakelijk om de
inhoud van Verordening (EG) nr. 216/2008 van het Europees Parlement en de Raad
van 20 februari 2008 tot vaststelling van gemeenschappelijke regels op het
gebied van burgerluchtvaart en tot oprichting van een Europees Agentschap voor
de veiligheid van de luchtvaart in overeenstemming te brengen met Verordening
(EG) nr. 549/2004 van het Europees Parlement en de Raad van 10 maart 2004
tot vaststelling van het kader voor de totstandbrenging van het
gemeenschappelijke Europese luchtruim ("de kaderverordening")[10], Verordening (EG)
nr. 550/2004 van het Europees Parlement en de Raad van 10 maart 2004
betreffende de verlening van luchtvaartnavigatiediensten in het
gemeenschappelijk Europees luchtruim ("de
luchtvaartnavigatiedienstenverordening")[11],
Verordening (EG) nr. 551/2004 van het Europees Parlement en de Raad van 10
maart 2004 betreffende de organisatie en het gebruik van het
gemeenschappelijk Europees luchtruim ("de luchtruimverordening")[12] en Verordening (EG) nr. 552/2004
van het Europees Parlement en de Raad van 10 maart 2004 betreffende de
interoperabiliteit van het Europese netwerk voor luchtverkeersbeheer ("de
interoperabiliteitsverordening")[13]. (2) De ontwikkeling en uitvoering
van het ATM-masterplan vereist wetshandelingen ten aanzien van een breed scala
aan luchtvaartonderwerpen. Het Agentschap moet, wanneer het de Commissie
ondersteunt bij het opstellen van technische voorschriften, een evenwichtige
benadering hanteren om de verschillende activiteiten te reguleren op basis van
hun specifieke eigenschappen, aanvaardbare veiligheidsniveaus en een
vaststaande risicohiërarchie van gebruikers om te zorgen voor een
allesomvattende en gecoördineerde ontwikkeling van de luchtvaart. (3) Om rekening te houden met
alle technische, operationele en veiligheidsvereisten – door wijziging of
aanvulling van de bepalingen inzake luchtwaardigheid, milieubescherming,
piloten, vluchtuitvoeringen, luchtvaartterreinen, ATM/ANS,
luchtverkeersleiders, marktdeelnemers uit derde landen, toezicht en handhaving,
flexibiliteitsbepalingen, boetes en dwangsommen, en tarieven en vergoedingen –
dient de bevoegdheid om handelingen aan te nemen overeenkomstig artikel 290
van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie te worden
gedelegeerd aan de Commissie. Het is van bijzonder belang dat de Commissie
tijdens de voorbereiding passend overleg pleegt, onder meer met deskundigen.
Bij het voorbereiden en opstellen van gedelegeerde handelingen dient de
Commissie erop toe te zien dat de desbetreffende documenten gelijktijdig,
tijdig en op passende wijze bij het Europees Parlement en de Raad worden
ingediend. (4) Om eenvormige voorwaarden
voor de tenuitvoerlegging van deze verordening te waarborgen, moeten
uitvoeringsbevoegdheden aan de Commissie worden toegekend. Deze bevoegdheden
moeten worden uitgeoefend overeenkomstig Verordening (EU) nr. 182/2011 van
het Europees Parlement en de Raad van 16 februari 2011 tot vaststelling van de
algemene voorschriften en beginselen die van toepassing zijn op de wijze waarop
de lidstaten de uitoefening van de uitvoeringsbevoegdheden door de Commissie
controleren. (5) De Commissie moet
onmiddellijk van toepassing zijnde uitvoeringshandelingen vaststellen waar, in
terdege gerechtvaardigde gevallen met betrekking tot uitzonderingen voor
luchtvaartterreinen en besluiten om de toepassing van flexibiliteitsbepalingen
niet toe te staan, dwingende redenen van urgentie dit vereisen. (6) Bepaalde beginselen met
betrekking tot het bestuur en de werking van het Agentschap moeten worden
aangepast aan de Gemeenschappelijke benadering van de EU inzake
gedecentraliseerde agentschappen, zoals bekrachtigd door het Europees
Parlement, de Raad en de Commissie in juli 2012. (7) Bijgevolg dient Verordening
(EG) nr. 216/2008 dienovereenkomstig te worden gewijzigd, HEBBEN DE VOLGENDE VERORDENING
VASTGESTELD: Artikel 1 Verordening (EG) nr. 216/2008 wordt als
volgt gewijzigd: (1)
Artikel 1 wordt als volgt gewijzigd: (a)
lid 2 wordt als volgt gewijzigd: i) punt b) wordt vervangen door: "b) luchtvaartterreinen of een gedeelte
daarvan, alsook de in lid 1, onder c) en d), bedoelde apparatuur,
personeel en organisaties die worden beheerd en gebruikt door het leger, indien
het verkeer dat wordt bediend primair ander verkeer is dan algemeen
luchtverkeer;" ii) in punt c) komt de eerste zin als volgt te
luiden: "ATM/ANS, inclusief de in lid 1,
onder e) en f), bedoelde systemen en onderdelen, personeel en organisaties
die worden verleend of beschikbaar gesteld door het leger, primair voor
bewegingen van andere luchtvaartuigen dan algemeen luchtverkeer." (b)
lid 3 wordt vervangen door: "Onverminderd van lid 2, zorgen de
lidstaten ervoor dat militaire faciliteiten die openstaan voor algemeen
luchtverkeer en diensten die door militair personeel aan het publiek worden
verleend, voor zover deze niet onder het toepassingsgebied van lid 1
vallen, een veiligheidsniveau bieden dat ten minste even doeltreffend is als
het veiligheidsniveau zoals voorgeschreven door de essentiële eisen van de
bijlagen Va en Vb." (2)
Artikel 2 wordt als volgt gewijzigd: (a)
Aan lid 2 worden de volgende punten g) en h)
toegevoegd: "g) de doeltreffende ontwikkeling en
uitvoering van het ATM-masterplan te steunen; h) de burgerluchtvaart te reguleren op een manier
die de ontwikkeling, prestaties, interoperabiliteit en veiligheid het meest
bevordert en op een manier die in verhouding staat tot de aard van elke
specifieke activiteit." (b)
Lid 3, punt c), wordt vervangen door: "c) de oprichting van een onafhankelijk
Luchtvaartagentschap van de Europese Unie (hierna "het Agentschap"
genoemd);" (3)
Artikel 3 wordt als volgt gewijzigd: (a)
punt a) komt als volgt te luiden: ""permanent toezicht": de taken die
moeten worden verricht om te verifiëren dat te allen tijde gedurende de
geldigheidsperiode van het certificaat wordt voldaan aan de voorwaarden
waaronder het certificaat is afgegeven, alsmede het nemen van
veiligheidsmaatregelen." (b)
punt d bis) wordt vervangen door: "d bis) "ATM/ANS-onderdelen":
onderdelen als gedefinieerd in artikel 2, punt 19, van Verordening
(EU) nr. [Pb gelieve het nummer van de herschikte SES-verordening in te
vullen] betreffende de uitvoering van het gemeenschappelijk Europees
luchtruim;" (c)
het volgende punt e bis) wordt ingevoegd: "e bis) "verklaring": elke
schriftelijke verklaring met betrekking tot ATM/ANS: –
inzake de conformiteit of geschiktheid voor gebruik
van systemen of onderdelen, welke is afgegeven door een organisatie die zich
bezighoudt met het ontwerp, de productie en het onderhoud van ATM/ANS-systemen
en -onderdelen; –
over de naleving van toepasselijke vereisten van
een in gebruik te nemen dienst of systeem, welke is afgegeven door een
dienstverlener; –
over het vermogen en de middelen om zich te kwijten
van de verantwoordelijkheden met betrekking tot bepaalde
vluchtinformatiediensten." (d)
punt f) wordt vervangen door: "f) "gekwalificeerde entiteit":
een orgaan waaraan het Agentschap of een nationale luchtvaartautoriteit, onder
hun respectieve beheer en verantwoordelijkheid, specifieke certificerings- of
toezichtstaken kan toevertrouwen;" (e)
de punten q) en r) worden vervangen door: "q) "ATM/ANS": de diensten voor
luchtverkeersbeheer als gedefinieerd in artikel 2, lid 10, van
Verordening (EG) nr. [Pb gelieve het nummer van de herschikte SES-verordening
in te vullen], luchtvaartnavigatiediensten als gedefinieerd in artikel 2,
lid 4, van de verordening, met inbegrip van netwerkbeheersdiensten zoals
genoemd in artikel 17 van die verordening, en diensten die bestaan uit het
voortbrengen, verwerken, formatteren en leveren van gegevens met het oog op
algemeen luchtverkeer ten behoeve van veiligheidskritieke luchtvaartnavigatie; r) "ATM/ANS-systeem": elke combinatie
van uitrusting en systemen als gedefinieerd in artikel 2, lid 33, van
Verordening (EG) nr. [Pb gelieve het nummer van de herschikte
SES-verordening in te vullen];" (f)
de volgende punten t) en u) worden toegevoegd: "t) "algemeen luchtverkeer": alle
bewegingen van burgerluchtvaartuigen, alsmede alle bewegingen van
staatsluchtvaartuigen (met inbegrip van militaire, douane- en
politieluchtvaartuigen), voor zover deze bewegingen worden uitgevoerd in
overeenstemming met de procedures van de ICAO; u) "ATM-masterplan": het plan dat is
bekrachtigd bij Besluit 2009/320/EG van de Raad[14], overeenkomstig artikel 1,
lid 2, van Verordening (EG) nr. 219/2007 van de Raad[15]." (4)
Artikel 4 wordt als volgt gewijzigd: (a)
lid 3 ter wordt vervangen door: "In afwijking van het bepaalde in lid 3 bis
mogen de lidstaten een ontheffing van de bepalingen van deze verordening verlenen
aan een luchtvaartterrein dat: –
niet meer dan 10 000 passagiers per jaar
afhandelt, en –
niet meer dan 850 vliegbewegingen per jaar uitvoert
voor vrachtoperaties, op voorwaarde dat de ontheffing voldoet aan de
algemene veiligheidsdoelstellingen van deze verordening en alle overige
voorschriften van de EU-wetgeving. De Commissie beoordeelt of aan de onder het eerste
streepje genoemde voorwaarde is voldaan en stelt, indien zij van oordeel is dat
dit niet het geval is, stelt zij een daartoe strekkend besluit vast. Deze
uitvoeringshandelingen worden vastgesteld volgens de in artikel 65,
lid 2, bedoelde procedure. Om naar behoren gemotiveerde, dwingende redenen
van hoogdringendheid die verband houden met de veiligheid stelt de Commissie
onmiddellijk van toepassing zijnde uitvoeringshandelingen vast volgens de in
artikel 65, lid 4, bedoelde procedure. De desbetreffende lidstaat trekt de ontheffing in
na kennisgeving van het in de tweede alinea genoemde besluit." (b)
lid 3 quater, eerste zin, wordt vervangen
door: "3 quater. ATM/ANS die worden verleend
in het luchtruim van het grondgebied waarop het Verdrag van toepassing is en in
enig ander luchtruim waar de lidstaten Verordening (EG) nr. [Pb gelieve
het nummer van de herschikte SES-verordening in te vullen] toepassen
overeenkomstig artikel 1, lid 4, van die Verordening, moeten aan deze
verordening voldoen." (5)
Artikel 5 wordt als volgt gewijzigd: (a)
lid 2, punt d), eerste zin, wordt
vervangen door: "Organisaties die verantwoordelijk zijn voor
het onderhoud en het beheer van de permanente luchtwaardigheid van producten,
onderdelen en uitrustingsstukken moeten aantonen dat zij de mogelijkheden en de
middelen bezitten om zich te kwijten van de verantwoordelijkheden die aan hun
rechten verbonden zijn." (b)
lid 5 wordt vervangen door: "Ten aanzien van de luchtwaardigheid als
genoemd in artikel 4, lid 1, onder a), b) en c), is de Commissie
bevoegd gedelegeerde handelingen vast te stellen overeenkomstig artikel 65 ter,
teneinde gedetailleerde voorschriften vast te leggen met betrekking tot: a) de voorwaarden voor de vaststelling en de
kennisgeving aan een aanvrager van de typecertificeringsgrondslag voor een
product; b) de voorwaarden voor de vaststelling en de
kennisgeving aan een aanvrager van de gedetailleerde luchtwaardigheidsspecificaties
voor de onderdelen en uitrustingsstukken; c) de voorwaarden voor de vaststelling en de
kennisgeving aan een aanvrager van de specifieke luchtwaardigheidsspecificaties
voor luchtvaartuigen die in aanmerking komen voor een beperkt luchtwaardigheidsbewijs; d) de voorwaarden voor het verstrekken en het
verspreiden van verplichte informatie om te waarborgen dat producten permanent
luchtwaardig blijven, alsmede de voorwaarden voor alternatieve middelen om deze
bepalingen inzake verplichte informatie na te leven; e) de voorwaarden voor de afgifte, handhaving,
wijziging, opschorting of intrekking van typecertificaten, beperkte
typecertificaten, de goedkeuring van wijzigingen in typecertificaten,
aanvullende typecertificaten, de goedkeuring van reparatieontwerpen,
afzonderlijke luchtwaardigheidsbewijzen, beperkte luchtwaardigheidsbewijzen,
vliegvergunningen en certificaten voor producten, onderdelen of
uitrustingsstukken, daaronder begrepen: i) de voorwaarden betreffende de
geldigheidsduur van die certificaten, en de voorwaarden voor de verlenging van
certificaten wanneer er een beperkte geldigheidsduur is vastgesteld; ii) de beperkingen op de afgifte van
vliegvergunningen. Die beperkingen dienen met name betrekking te hebben op: –
het doel van de vlucht; –
het voor de vlucht gebruikte luchtruim; –
de kwalificaties van het cockpitpersoneel; –
het vervoer van andere personen dan het
cockpitpersoneel; iii) de luchtvaartuigen die in aanmerking komen
voor beperkte luchtwaardigheidsbewijzen met de daaraan verbonden beperkende
voorwaarden; iv) de gegevens voor operationele geschiktheid,
daaronder begrepen: –
het minimumopleidingsprogramma voor het verkrijgen
van een certificaat voor vrijgave na onderhoud, teneinde te voldoen aan
lid 2, onder f); –
het minimumopleidingsprogramma voor het verkrijgen
van de typekwalificatie piloot en de referentiegegevens voor de bijbehorende
vluchtnabootsers, teneinde te voldoen aan artikel 7; –
de basisminimumuitrustingslijst, voor zover van
toepassing; –
de gegevens over het type luchtvaartuig die
relevant zijn voor het cabinepersoneel; –
en aanvullende luchtwaardigheidsspecificaties voor
een bepaald soort vluchtuitvoering ter ondersteuning van de permanente
luchtwaardigheid en verbetering van de veiligheid van het luchtvaartuig; f) de voorwaarden voor de afgifte, handhaving,
wijziging, opschorting of intrekking van de goedkeuringen van organisaties die
overeenkomstig lid 2, onder d), e) en g), vereist zijn, en de
voorwaarden waaronder die goedkeuringen niet te hoeven worden gevraagd; g) de voorwaarden voor afgifte, handhaving,
wijziging, opschorting of intrekking van de personeelscertificaten die
overeenkomstig lid 2, onder f), vereist zijn; h) de verantwoordelijkheden van de houders van
certificaten; i) de wijze waarop voor in lid 1 bedoelde
luchtvaartuigen die niet onder lid 2 of lid 4 vallen en voor de in artikel 4,
lid 1, onder c), bedoelde luchtvaartuigen, overeenstemming met de essentiële
eisen wordt aangetoond; j) de voorwaarden voor het onderhoud en het
beheer van de permanente luchtwaardigheid van producten, onderdelen en
uitrustingsstukken. Ten aanzien van de luchtwaardigheid als genoemd
in artikel 4, lid 1, onder a), b) en c), is de Commissie bevoegd
om door middel van gedelegeerde handelingen overeenkomstig artikel 65 ter,
waar nodig bijlage I te wijzigen of aan te vullen als gevolg van
technische, operationele of wetenschappelijke ontwikkelingen of nieuwe
aanwijzingen van veiligheidsproblemen op het gebied van luchtwaardigheid,
teneinde en voor zover nodig de doelstellingen van artikel 2 te
verwezenlijken." (6)
In artikel 6 worden de leden 2 en 3
vervangen door: "2. De Commissie wordt gemachtigd om door
middel van gedelegeerde handelingen overeenkomstig artikel 65 ter de
in lid 1 genoemde eisen te wijzigen, teneinde deze in overeenstemming te
brengen met latere wijzigingen van het Verdrag van Chicago en de bijlagen
daarbij, die na de vaststelling van deze verordening in werking treden en in
alle lidstaten toepasselijk worden. 3. Indien nodig om een hoog en uniform niveau van
milieubescherming te waarborgen en uitgaande van de inhoud van de aanhangsels
van bijlage 16, als genoemd in lid 1, is de Commissie, waar van
toepassing, gerechtigd om door middel van gedelegeerde handelingen
overeenkomstig artikel 65 ter gedetailleerde voorschriften vast te
stellen ter aanvulling van de in lid 1 vermelde eisen." (7)
Artikel 7 wordt als volgt gewijzigd: (a)
lid 2, vierde alinea, wordt vervangen door: "Met betrekking tot het bewijs van
bevoegdheid als recreatief vlieger kan, niettegenstaande de derde alinea en als
de nationale wetgeving dit toestaat, een huisarts die de medische
voorgeschiedenis van de aanvrager voldoende in detail kent, optreden als
luchtvaartgeneeskundig keuringsarts. De Commissie neemt gedetailleerde
voorschriften aan voor het gebruik van een huisarts die optreedt als
luchtvaartgeneeskundig keuringsarts, met name om te waarborgen dat het niveau
van veiligheid wordt aangehouden. Deze uitvoeringshandelingen worden
vastgesteld volgens de in artikel 65, lid 3, bedoelde
procedure." (b)
lid 2, zesde alinea, wordt vervangen door: "Voor piloten die betrokken zijn bij
vluchtuitvoeringen met de in artikel 4, lid 1, onder b) of c),
bedoelde luchtvaartuigen kan aan de eisen van de tweede en derde alinea van het
onderhavige lid worden voldaan door de aanvaarding van de door of namens een
derde land afgegeven bewijzen van bevoegdheid en medische verklaringen." (c)
in lid 6 wordt het inleidende deel vervangen door: "Wat betreft piloten die betrokken zijn bij
vluchtuitvoeringen met de in artikel 4, lid 1, onder b) en c),
bedoelde luchtvaartuigen en vluchtnabootsers, en de personen en organisaties
die betrokken zijn bij de opleiding, toetsing, controle en medische keuring van
deze piloten, is de Commissie bevoegd gedelegeerde handelingen vast te stellen
overeenkomstig artikel 65 ter om gedetailleerde voorschriften vast te
leggen met betrekking tot: (d)
lid 6, punt d), wordt vervangen door: "d) de voorwaarden voor de omzetten van
bestaande nationale bewijzen van bevoegdheid voor piloot of voor
boordwerktuigkundige in bewijzen van bevoegdheid voor piloot, alsmede de
voorwaarden voor de omzetting van nationale medische verklaringen;" (e)
Lid 6, punt f), wordt vervangen door: "f) de wijze waarop piloten van
luchtvaartuigen als genoemd in de punten a), onder ii), en d) en h) van
bijlage II, zoals gebruikt voor commercieel luchtvervoer, voldoen aan de
relevante essentiële eisen van bijlage III." (f)
aan het einde van lid 6 wordt de volgende
nieuwe alinea toegevoegd: "Wat betreft piloten die betrokken zijn bij
vluchtuitvoeringen met de in artikel 4, lid 1, onder b) en c),
bedoelde luchtvaartuigen en vluchtnabootsers, en de personen en organisaties
die betrokken zijn bij de opleiding, toetsing, controle en medische keuring van
deze piloten, is de Commissie bevoegd om door middel van gedelegeerde
handelingen overeenkomstig artikel 65 ter, waar nodig,
bijlage III te wijzigen of aan te vullen als gevolg van technische,
operationele of wetenschappelijke ontwikkelingen of nieuwe aanwijzingen van
veiligheidsproblemen inzake het verlenen van licenties aan piloten, teneinde en
voor zover nodig om de doelstellingen van artikel 2 te
verwezenlijken." (8)
Artikel 8 wordt als volgt gewijzigd: (a)
in lid 5 wordt het inleidende deel vervangen
door: "Wat betreft de in artikel 4, lid 1,
onder b) en c), bedoelde vluchtuitvoering met luchtvaartuigen, wordt de
Commissie gemachtigd gedelegeerde handelingen vast te stellen overeenkomstig
artikel 65 ter om gedetailleerde voorschriften vast te leggen met
betrekking tot:" (b)
lid 5, punt g), wordt vervangen door: "g) de wijze waarop de in punt a),
onder ii), en de punten d) en h) van bijlage II, vermelde
vluchtuitvoering met luchtvaartuigen, wanneer deze worden gebruikt voor de
commercieel luchtvervoer, voldoen aan de relevante essentiële eisen van bijlage IV
en, indien van toepassing, bijlage Vb." (c)
in lid 5 worden de volgende punten h) en
i) toegevoegd: "h) voorwaarden en procedures op grond
waarvan gespecialiseerde vluchtuitvoeringen zijn onderworpen aan een
vergunning; i) voorwaarden op grond waarvan vluchtuitvoeringen
worden verboden, beperkt of onderworpen aan bepaalde voorwaarden in het belang
van de veiligheid, overeenkomstig artikel 22, lid 1." (d)
aan het einde van lid 5 wordt de volgende
nieuwe alinea toegevoegd: "Wat betreft de in artikel 4, lid 1,
onder b) en c), bedoelde vluchtuitvoering met luchtvaartuigen, wordt de
Commissie gemachtigd om door middel van gedelegeerde handelingen overeenkomstig
artikel 65 ter bijlage IV en, indien van toepassing,
bijlage Vb te wijzigen of aan te vullen als gevolg van technische, operationele
of wetenschappelijke ontwikkelingen of nieuwe aanwijzingen van
veiligheidsproblemen inzake vluchtuitvoering met luchtvaartuigen, teneinde en
voor zover nodig om de doelstellingen van artikel 2 te
verwezenlijken." (9)
Artikel 8 bis wordt als volgt gewijzigd: (a)
in lid 5 wordt het inleidende deel vervangen
door: "Wat betreft luchtvaartterreinen,
luchtvaartterreinapparatuur en luchtvaartterreinactiviteiten, wordt de
Commissie gemachtigd gedelegeerde handelingen vast te stellen overeenkomstig
artikel 65 ter, teneinde gedetailleerde voorschriften vast te leggen
met betrekking tot:" (b)
in lid 5 worden de volgende punten toegevoegd
na punt j): "k) de voorwaarden voor de afgifte,
handhaving, wijziging, opschorting of intrekking van certificaten voor
aanbieders van platformbeheerdiensten; l) de voorwaarden voor het verstrekken en het
verspreiden van verplichte informatie om de veiligheid van
luchtvaartterreinactiviteiten en luchtvaartterreinapparatuur te waarborgen; m) de in lid 2, onder 2), vermelde
verantwoordelijkheden van dienstverleners; n) de voorwaarden voor de afgifte, handhaving,
wijziging, opschorting of intrekking van goedkeuringen van organisaties en de
voorwaarden voor het toezicht op organisaties die betrokken zijn bij het
ontwerp, de productie en het onderhoud van veiligheidskritieke
luchtvaartterreinapparatuur; o) de verantwoordelijkheden van organisaties die
betrokken zijn bij het ontwerp, de productie en het onderhoud van
veiligheidskritieke luchtvaartterreinapparatuur." (c)
aan het einde van lid 5 wordt de volgende
nieuwe alinea toegevoegd: "Wat betreft luchtvaartterreinen,
luchtvaartterreinapparatuur en luchtvaartterreinactiviteiten, wordt de
Commissie gemachtigd om door middel van gedelegeerde handelingen overeenkomstig
artikel 65 ter bijlage Va en, indien van toepassing, bijlage Vb
te wijzigen of aan te vullen als gevolg van technische, operationele of
wetenschappelijke ontwikkelingen of nieuwe aanwijzingen van
veiligheidsproblemen inzake luchtvaartterreinen, teneinde en voor zover nodig
om de doelstellingen van artikel 2 te verwezenlijken." (10)
Artikel 8 ter wordt als volgt gewijzigd: (a)
leden 4 en 5 worden vervangen door: "4. Krachtens de in lid 6 bedoelde
maatregelen mag een certificaat of verklaring verplicht worden gesteld voor het
ontwerp, de productie of het onderhoud van ATM/ANS-systemen en -onderdelen
waarvan de veiligheid en de interoperabiliteit afhankelijk zijn. Het
certificaat wordt verstrekt aan die organisaties die kunnen aantonen dat zij de
mogelijkheden en middelen bezitten om zich te kwijten van de verantwoordelijkheden
die aan hun rechten zijn verbonden. De verleende rechten worden in het
certificaat gespecificeerd. 5. Krachtens de in lid 6 bedoelde maatregelen
mag certificering ofwel validering of een verklaring door de ATM/ANS-verlener
of de organisatie die betrokken is bij het ontwerp, de productie of het
onderhoud van ATM/ANS-systemen en -onderdelen verplicht worden gesteld, in
verband met ATM/ANS-systemen en -onderdelen waarvan de veiligheid en de
interoperabiliteit afhankelijk zijn. Het certificaat of de verklaring voor die
systemen en onderdelen wordt afgegeven, of de validering daarvoor wordt
verleend, indien de aanvrager heeft aangetoond dat de systemen en onderdelen
voldoen aan gedetailleerde specificaties die zijn vastgesteld om de naleving
van de in lid 1 bedoelde essentiële eisen te waarborgen." (b)
lid 6 wordt als volgt gewijzigd: i) het inleidende deel wordt vervangen door: "Wat betreft het verlenen van ATM/ANS, wordt
de Commissie gemachtigd gedelegeerde handelingen vast te stellen overeenkomstig
artikel 65 ter, teneinde gedetailleerde voorschriften vast te leggen
met betrekking tot:" ii) punt e) wordt vervangen door: "de voorwaarden en procedures voor de
verklaring door en het toezicht op dienstverleners en organisaties die
betrokken zijn bij het ontwerp, de productie en het onderhoud van
ATM/ANS-systemen en -onderdelen als genoemd in de leden 3 tot en met 5." iii) de volgende punten g), h) en i) worden
toegevoegd: "g) de voorwaarden voor het verstrekken en
het verspreiden van verplichte informatie om de veiligheid bij het verlenen van
ATM/ANS te waarborgen; h) de voorwaarden voor de validering en de
verklaring als genoemd in lid 5 en voor het toezicht op de naleving van
deze voorwaarden; i) operationele voorschriften en
ATM/ANS-onderdelen die vereist zijn voor het gebruik van het luchtruim." iv) aan het einde van het lid wordt de volgende
nieuwe alinea toegevoegd: "Wat betreft de verlening van ATM/ANS, wordt
de Commissie gemachtigd om door middel van gedelegeerde handelingen
overeenkomstig artikel 65 ter, waar nodig bijlage Va te wijzigen
of aan te vullen als gevolg van technische, operationele of wetenschappelijke
ontwikkelingen of nieuwe aanwijzingen van veiligheidsproblemen inzake ATM/ANS,
teneinde en voor zover nodig de doelstellingen van artikel 2 te
verwezenlijken." (c)
lid 7, punt a), wordt vervangen door: "a) zijn in overeenstemming met de stand van
de techniek en met de beste praktijken op het gebied van ATM/ANS, met name
overeenkomstig het ATM-masterplan en in nauwe samenwerking met ICAO." (11)
Artikel 8 quater wordt als volgt
gewijzigd: (a)
in lid 10 wordt het inleidende deel vervangen
door: "Wat betreft luchtverkeersleiders alsook
personen en organisaties die betrokken zijn bij de opleiding, toetsing,
controle of medische keuring van luchtverkeersleiders, wordt de Commissie
gemachtigd om gedelegeerde handelingen vast te stellen overeenkomstig
artikel 65 ter, teneinde gedetailleerde voorschriften vast te leggen
met betrekking tot:" (b)
In lid 10 worden de volgende punten e),
f) en g) toegevoegd: "e) onverminderd de bepalingen van de
bilaterale overeenkomsten die zijn gesloten overeenkomstig artikel 12, de
voorwaarden voor acceptatie van vergunningen van derde landen; f) de voorwaarden waaronder het
verstrekken van on-the-job-opleiding is verboden, beperkt of onderworpen aan
bepaalde voorwaarden in het belang van de veiligheid; g) de voorwaarden voor het verstrekken en
het verspreiden van verplichte informatie om de veiligheid bij het verstrekken
van on-the-job-opleiding te waarborgen;" (c)
aan het einde van lid 10 wordt de volgende
nieuwe alinea toegevoegd: "Wat betreft luchtverkeersleiders alsook
personen en organisaties die betrokken zijn bij de opleiding, toetsing,
controle of medische keuring van luchtverkeersleiders, wordt de Commissie
gemachtigd om door middel van gedelegeerde handelingen overeenkomstig
artikel 65 ter, waar nodig bijlage Vb te wijzigen of aan te
vullen als gevolg van technische, operationele of wetenschappelijke
ontwikkelingen of nieuwe aanwijzingen van veiligheidsproblemen inzake opleidingsorganisaties
en luchtverkeersleiders, teneinde en voor zover om nodig de doelstellingen van
artikel 2 te verwezenlijken." (12)
Artikel 9 wordt als volgt gewijzigd: (a)
in lid 4 wordt het inleidende deel vervangen
door: "Wat betreft de in artikel 4, lid 1,
onder d), bedoelde luchtvaartuigen, alsmede de bemanning van en de
vluchtuitvoering met die luchtvaartuigen, wordt de Commissie gemachtigd om
gedelegeerde handelingen vast te stellen overeenkomstig artikel 65 ter,
teneinde gedetailleerde voorschriften vast te leggen met betrekking tot:" (b)
lid 4, punt a), wordt vervangen door: "a) de autorisatie van in artikel 4,
lid 1, onder d), bedoelde luchtvaartuigen of bemanningen, die geen
houder zijn van een standaard-ICAO-certificaat van luchtwaardigheid of een
vergunning om te vliegen naar, in of vanuit de Gemeenschap;" (c)
lid 4, punt e), wordt vervangen door: "e) de voorwaarden voor de verklaring door en
het toezicht op de in lid 3 bedoelde exploitanten;" (d)
Aan lid 4 wordt het volgende punt g)
toegevoegd: "g) alternatieve voorwaarden voor gevallen
waarin naleving van de onder lid 1 bedoelde normen en eisen niet mogelijk
is of een onevenredige inspanning vereist, waarbij wel gezorgd wordt dat aan de
doelstellingen van de desbetreffende normen en eisen wordt voldaan." (e)
in lid 5, punt e), wordt het woord
"veiligheidsaspecten" vervangen door "aspecten". (13)
Artikel 10 wordt als volgt gewijzigd: (a)
lid 2 wordt vervangen door: "2. Ter uitvoering van lid 1 doen de
lidstaten, naast het toezicht op de door hen afgegeven certificaten of de door
hen ontvangen verklaringen, onderzoek, inclusief platforminspecties, en nemen
zij maatregelen, waaronder een vliegverbod voor luchtvaartuigen, om te
voorkomen dat een overtreding wordt voortgezet." (b)
in lid 5 wordt het inleidende deel vervangen door: "De Commissie wordt gemachtigd om
overeenkomstig artikel 65 ter gedelegeerde handelingen vast te stellen om
gedetailleerde voorschriften met betrekking tot de voorwaarden voor de in lid 1
bedoelde samenwerking vast te leggen, in het bijzonder betreffende: " (c)
aan lid 5 worden de volgende punten d) en e)
toegevoegd: "d) de voorwaarden voor de kwalificaties van
inspecteurs die platforminspecties uitvoeren en de organisaties die betrokken
zijn bij de opleiding van deze inspecteurs; e) de voorwaarden voor het beheer en de uitvoering
van het toezicht en de handhaving, met inbegrip van
veiligheidsbeheersystemen." (14)
Artikel 11 wordt als volgt gewijzigd: (a)
de leden 1 en 2 worden vervangen door: "1. De lidstaten erkennen de in
overeenstemming met deze verordening en de op grond daarvan vastgestelde
gedelegeerde handelingen en uitvoeringshandelingen afgegeven certificaten,
zonder nadere technische eisen te stellen of een beoordeling uit te voeren.
Indien de oorspronkelijke erkenning een bijzonder doel of bijzondere doelen
dient, geldt elke latere erkenning slechts voor hetzelfde doel of dezelfde
doelen. 2. De Commissie besluit, op eigen initiatief of op
verzoek van een lidstaat of van het Agentschap, of een in lid 1 bedoeld
certificaat voldoet aan deze verordening en de op grond daarvan vastgestelde
gedelegeerde handelingen en uitvoeringshandelingen. Deze uitvoeringshandelingen
worden vastgesteld volgens de in artikel 65, lid 2, bedoelde procedure. Om naar
behoren gemotiveerde, dwingende redenen van hoogdringendheid die verband houden
met de veiligheid stelt de Commissie onmiddellijk van toepassing zijnde
uitvoeringshandelingen vast volgens de in artikel 65, lid 4, bedoelde
procedure." (15)
Artikel 12, lid 2, punt b), laatste alinea, wordt
vervangen door: "kan zij van de betrokken lidstaat vereisen
dat deze de overeenkomst wijzigt, de toepassing ervan opschort of de
overeenkomst opzegt, overeenkomstig artikel 351 van het Verdrag betreffende de
werking van de Europese Unie. Deze uitvoeringshandelingen worden vastgesteld
volgens de in artikel 65, lid 2, beschreven procedure." (16)
Artikel 13 wordt vervangen door: "Artikel 13 Gekwalificeerde entiteiten "Wanneer een gekwalificeerde entiteit wordt
belast met een specifieke certificerings- of toezichtstaak, draagt het
Agentschap of de betrokken nationale luchtvaartautoriteit er zorg voor dat deze
instantie voldoet aan de criteria van bijlage V. Gekwalificeerde entiteiten geven geen certificaten
of vergunningen af en ontvangen geen verklaringen." (17)
Artikel 14 wordt als volgt gewijzigd: (a)
lid 1 wordt vervangen door: "1. De bepalingen in deze verordening en de
op grond daarvan vastgestelde gedelegeerde handelingen en
uitvoeringshandelingen beletten een lidstaat niet onmiddellijk te reageren
wanneer zich een veiligheidsprobleem voordoet met betrekking tot een product,
systeem, persoon of organisatie, mits de onmiddellijke actie noodzakelijk is om
de veiligheid te waarborgen en het niet mogelijk is om het probleem op te
lossen overeenkomstig deze verordening en de op grond daarvan vastgestelde
gedelegeerde handelingen en uitvoeringshandelingen." (b)
lid 3 wordt vervangen door: "De Commissie beoordeelt of aan de in lid 1
bedoelde voorwaarden is voldaan en neemt, indien zij van mening is dat dit niet
het geval is, een daartoe strekkend besluit. Deze uitvoeringshandelingen worden
vastgesteld volgens de in artikel 65, lid 2, bedoelde procedure. Om naar
behoren gemotiveerde, dwingende redenen van hoogdringendheid die verband houden
met de veiligheid, stelt de Commissie onmiddellijk van toepassing zijnde
uitvoeringshandelingen vast volgens de in artikel 65, lid 4 bedoelde procedure.
Na de kennisgeving van het in de eerste alinea van
dit lid bedoelde besluit trekt de betrokken lidstaat de krachtens lid 1 genomen
maatregel in. Indien nodig als gevolg van de vaststelling van een
veiligheidsprobleem als bedoeld in lid 1, wordt de Commissie gemachtigd
overeenkomstig artikel 65 quater gedelegeerde handelingen vast te stellen om
deze verordening te wijzigen of aan te vullen." (c)
lid 4 wordt vervangen door: "4. De lidstaten kunnen in geval van
onvoorziene dringende operationele omstandigheden of operationele behoeften van
beperkte duur ontheffing verlenen van de essentiële eisen die zijn
voorgeschreven in deze verordening en de op grond daarvan vastgestelde
gedelegeerde handelingen en uitvoeringshandelingen, mits de veiligheid daardoor
niet in het gedrang komt. Het Agentschap, de Commissie en de andere lidstaten
worden van de ontheffingen in kennis gesteld als die bij herhaling of voor
langer dan twee maanden worden verleend." (d)
lid 5, tweede alinea, wordt vervangen door: "De Commissie beoordeelt of de ontheffing
voldoet aan de voorwaarden van lid 4 en neemt, indien zij van mening is dat dit
niet het geval is, een daartoe strekkend besluit. Deze uitvoeringshandelingen
worden vastgesteld volgens de in artikel 65, lid 2, bedoelde procedure. Om naar
behoren gemotiveerde, dwingende redenen van hoogdringendheid die verband houden
met de veiligheid, stelt de Commissie onmiddellijk van toepassing zijnde
uitvoeringshandelingen vast volgens de in artikel 65, lid 4 bedoelde procedure. De betrokken lidstaat trekt de ontheffing in na
ontvangst van de in de tweede alinea bedoelde kennisgeving." (e)
lid 6, eerste alinea, wordt vervangen door: "6. Indien met andere middelen een
beschermingsniveau kan worden bereikt dat gelijkwaardig is aan het niveau dat
wordt bereikt door de toepassing van de op grond van deze verordening
vastgestelde gedelegeerde handelingen en uitvoeringshandelingen, kunnen de
lidstaten, zonder onderscheid naar nationaliteit, goedkeuring verlenen in
afwijking van die gedelegeerde handelingen en uitvoeringshandelingen,
overeenkomstig de in de tweede alinea en lid 7 vastgestelde procedure." (f)
aan het einde van lid 7 wordt de volgende alinea
toegevoegd: "Indien de Commissie vaststelt, rekening houdend
met de in de eerste alinea bedoelde aanbeveling, dat aan de voorwaarden van lid
6 is voldaan, verleent zij onverwijld de afwijking door de desbetreffende op
grond van deze verordening vastgestelde gedelegeerde handelingen en
uitvoeringshandelingen dienovereenkomstig te wijzigen." (18)
In artikel 15, lid 2, wordt het inleidende deel
vervangen door: "2. Onverminderd het recht van het publiek op
toegang tot de documenten van de Commissie, zoals vastgesteld in Verordening
(EG) nr. 1049/2001, stelt de Commissie gedetailleerde voorschriften vast voor
de verspreiding, op haar eigen initiatief, van de in lid 1 van dit artikel
bedoelde informatie onder belanghebbenden. Die uitvoeringshandelingen worden
vastgesteld volgens de in artikel 65, lid 3, bedoelde procedure. Deze
maatregelen houden rekening met de noodzaak:" (19)
De titel van hoofdstuk III wordt vervangen door: "HET LUCHTVAARTAGENTSCHAP VAN DE EUROPESE
UNIE" (20)
Artikel 17 wordt als volgt gewijzigd: (a)
Lid 1 wordt vervangen door: "Met het oog op de tenuitvoerlegging van deze
verordening wordt een Luchtvaartagentschap van de Europese Unie
opgericht." (b)
lid 2, eerste zin, wordt vervangen door: "Om de goede werking en verdere ontwikkeling
van de burgerluchtvaart te waarborgen, dient het Agentschap:" (c)
aan lid 2 wordt het volgende punt f) toegevoegd: "f) de bevoegde autoriteiten in de
lidstaten te ondersteunen bij de uitvoering van hun taken door een forum voor
de uitwisseling van informatie en deskundigen aan te bieden." (21)
Artikel 19, lid 2, tweede alinea, wordt vervangen
door: "Deze documenten zijn in overeenstemming met
de stand van de techniek en de beste praktijken op de betrokken gebieden en
worden geactualiseerd aan de hand van de wereldwijde ervaring op
luchtvaartgebied en de vooruitgang van de wetenschap en techniek." (22)
Artikel 21, lid 2, punt b), onder i), wordt
vervangen door: "i) vluchtnabootsers die worden geëxploiteerd
door opleidingsorganisaties die door het Agentschap zijn gecertificeerd;" (23)
Artikel 22 wordt als volgt gewijzigd: (a)
in lid 2, punt c), worden de woorden "een maand"
vervangen door "drie maanden". (b)
lid 2, punt e), wordt vervangen door: "e) indien een lidstaat het niet eens is met
de conclusies van het Agentschap inzake een afzonderlijk schema, verwijst het
de zaak naar de Commissie. De Commissie besluit of dat schema voldoet aan de
veiligheidsdoelstellingen van deze verordening. Deze uitvoeringshandelingen
worden vastgesteld volgens de in artikel 65, lid 2, bedoelde procedure;" (24)
In Artikel 22 bis wordt het volgende punt c bis)
ingevoegd: "c bis) zorgt het Agentschap voor de
afgifte en verlenging van certificaten of de aanvaarding van verklaringen van
conformiteit of geschiktheid voor gebruik en overeenstemming overeenkomstig
artikel 8 ter, leden 4 en 5, van organisaties die pan-Europese diensten of
systemen aanbieden, en op verzoek van de betrokken lidstaat ook van andere
dienstverleners en organisaties die zich bezighouden met het ontwerp, de
productie en het onderhoud van ATM/ANS-systemen en -onderdelen;" (25)
Artikel 24, lid 5, wordt vervangen door: "5. Rekening houdend met de in de artikelen 52
en 53 vastgelegde beginselen, stelt de Commissie gedetailleerde voorschriften
vast inzake de werkmethoden van het Agentschap voor het uitvoeren van de in de
leden 1, 3 en 4, genoemde taken. Deze uitvoeringshandelingen worden vastgesteld
volgens de in artikel 65, lid 2, bedoelde procedure." (26)
Artikel 25 wordt als volgt gewijzigd: (a)
in lid 3 wordt het inleidende deel vervangen door: "Op grond van de leden 1 en 2 stelt de
Commissie, bij overeenkomstig artikel 65 ter vastgestelde gedelegeerde
handelingen, het volgende vast:" (b)
lid 3, punt b), wordt vervangen door: "b) gedetailleerde voorschriften voor
onderzoeken, bijbehorende maatregelen en meldingen, alsmede besluitvorming,
waaronder bepalingen inzake recht van verdediging, toegang tot dossiers,
juridische vertegenwoordiging, vertrouwelijkheid en termijnbepalingen en de
vaststelling van de hoogte en de invordering van boetes en dwangsommen." (27)
Artikel 29, lid 2, wordt geschrapt. (28)
Artikel 30 wordt vervangen door: "Het Protocol inzake voorrechten en
immuniteiten van de Europese Unie is van toepassing op het Agentschap en zijn
personeel." (29)
Artikel 33 wordt als volgt gewijzigd: (a)
lid 2, punt a), wordt vervangen door: "a) benoemt overeenkomstig de artikelen 39
bis en 39 ter de uitvoerend directeur en de adjunct-uitvoerend
directeuren;" (b)
lid 2, punt c), wordt vervangen door: "c) stelt vóór 30 november van elk jaar,
en na advies van de Commissie, het jaarlijkse werkprogramma en het meerjarige
werkprogramma van het Agentschap voor het komende jaar of de komende jaren
vast; deze werkprogramma's worden vastgesteld onverminderd de jaarlijkse
begrotingsprocedure van de Unie en het wetgevingsprogramma van de Unie op de
betrokken gebieden van de luchtvaartveiligheid; het advies van de Commissie
wordt bij de werkprogramma's gevoegd;" (c)
lid 2, punt h), wordt vervangen door: "h) treedt als tuchtraad op ten aanzien van
de uitvoerend directeur en, in overleg met deze, ten aanzien van de
adjunct-uitvoerend directeuren;" (d)
aan lid 2 worden de punten n), o), p) en q) toegevoegd: "n) oefent, overeenkomstig lid 6, ten aanzien
van het personeel van het Agentschap de bevoegdheden uit die het Statuut
toekent aan het tot aanstelling bevoegde gezag, en die de Regeling welke van
toepassing is op de andere personeelsleden toekent aan het tot het sluiten van
contracten bevoegde gezag[16]
("de bevoegdheden van het tot aanstelling bevoegde gezag"); o) zorgt voor passende follow-up van de resultaten
en aanbevelingen in de interne en externe controleverslagen en beoordelingen,
alsook van de resultaten en aanbevelingen die voortvloeien uit de onderzoeken
van het Europees Bureau voor Fraudebestrijding (OLAF); p) stelt passende uitvoeringsregels vast voor de
uitvoering van het Statuut en de Regeling welke van toepassing is op de andere
personeelsleden, overeenkomstig artikel 110 van het Statuut." q) stelt regels vast voor om belangenconflicten
bij zijn leden en bij de leden van de kamer(s) van beroep te voorkomen en te
beheren; (e)
het volgende lid 6 wordt toegevoegd: "6. De raad van beheer neemt overeenkomstig
artikel 110 van het Statuut een besluit dat is gebaseerd op artikel 2, lid 1,
van het Statuut en artikel 6 van de Regeling welke van toepassing is op de
andere personeelsleden, waarin hij de nodige bevoegdheden van het tot
aanstelling bevoegde gezag delegeert aan de uitvoerend directeur en de
voorwaarden vastlegt voor de opschorting van deze gedelegeerde bevoegdheden. De
uitvoerend directeur is bevoegd om deze bevoegdheden op zijn beurt te
delegeren. De raad van beheer kan in uitzonderlijke gevallen
door middel van een besluit de delegatie van bevoegdheden van het tot
aanstelling bevoegde gezag aan de uitvoerend directeur en de bevoegdheden die
hij op zijn beurt heeft gedelegeerd, tijdelijk opschorten en deze bevoegdheden
zelf uitoefenen of delegeren aan een van zijn leden of aan een ander
personeelslid dan de uitvoerend directeur." (30)
Artikel 34 wordt als volgt gewijzigd: (a)
in lid 1 worden de woorden "één
vertegenwoordiger van de Commissie" vervangen door "twee
vertegenwoordigers van de Commissie, allen met stemrecht"; (b)
in lid 1, tweede alinea, worden de woorden
"een vertegenwoordiger en een plaatsvervanger" vervangen door
"haar vertegenwoordigers en hun plaatsvervangers"; (c)
in lid 1, tweede alinea, wordt het woord
"vijf" vervangen door "vier"; (d)
aan het einde van lid 1 wordt de volgende nieuwe
alinea toegevoegd: "De leden van de raad van beheer en hun
plaatsvervangers worden aangesteld op basis van hun kennis op luchtvaartgebied,
rekening houdende met relevante management-, administratieve en budgettaire vaardigheden.
Alle partijen die in de raad van beheer zijn vertegenwoordigd trachten het
verloop van hun vertegenwoordigers te beperken, om de continuïteit van de
werkzaamheden van de raad van beheer te garanderen. Alle partijen streven naar
een evenwicht tussen mannen en vrouwen in de raad van beheer." (31)
Artikel 37, lid 1, wordt als volgt gewijzigd: –
de woorden "meerderheid van twee derde van de
leden" worden vervangen door "eenvoudige meerderheid". –
de volgende tweede zin wordt ingevoegd: "Voor besluiten met betrekking tot de
vaststelling van de werkprogramma's, de jaarlijkse begroting, de benoeming, de
verlenging van de ambtstermijn of de ontzetting uit het ambt van de uitvoerend
directeur is echter een meerderheid van twee derde van de leden van de raad van
beheer vereist." (32)
Het volgende artikel 37 bis wordt ingevoegd: "Artikel 37 bis Uitvoerende raad 1. De raad van beheer wordt bijgestaan door een
uitvoerende raad. 2. De uitvoerende raad: a) bereidt door de raad van beheer te nemen
besluiten voor; b) draagt zorg, samen met de raad van beheer, voor
een passende opvolging van de resultaten en aanbevelingen in de interne en
externe controleverslagen en beoordelingen, alsook van de resultaten en
aanbevelingen die voortvloeien uit de onderzoeken van het Europees Bureau voor
Fraudebestrijding (OLAF); c) ondersteunt en adviseert de uitvoerend
directeur bij de tenuitvoerlegging van de besluiten van de raad van beheer,
onverminderd de verantwoordelijkheden van de uitvoerend directeur als
omschreven in artikel 38, teneinde het toezicht op het administratief en
begrotingsbeheer te versterken. 3. In spoedgevallen kan de uitvoerende raad indien
nodig bepaalde voorlopige besluiten namens de raad van beheer nemen, in het
bijzonder met betrekking tot aangelegenheden van administratief beheer, met
inbegrip van schorsing van de delegatie van de bevoegdheden tot aanstelling, en
begrotingsaangelegenheden. 4. De uitvoerende raad bestaat uit de voorzitter
van de raad van beheer, één vertegenwoordiger van de Commissie in de raad van beheer
en drie andere leden die door de raad van beheer onder zijn leden met stemrecht
zijn aangesteld. De voorzitter van de raad van beheer is tevens de voorzitter
van de uitvoerende raad. De uitvoerend directeur neemt deel aan de
vergaderingen van de uitvoerende raad, maar heeft geen stemrecht. 5. De ambtstermijn van de leden van de uitvoerende
raad is gelijk aan die van de leden van de raad van beheer. De ambtstermijn van
de leden van de uitvoerende raad eindigt wanneer hun lidmaatschap van de raad
van beheer eindigt. 6. De uitvoerende raad komt ten minste eenmaal per
drie maanden in gewone vergadering bijeen. Daarnaast komt het bijeen op
initiatief van zijn voorzitter of op verzoek van de leden. 7. De raad van beheer stelt het reglement van orde
van de uitvoerende raad vast." (33)
Artikel 38 wordt als volgt gewijzigd: (a)
lid 1 wordt vervangen door: "1. Het Agentschap wordt geleid door zijn
uitvoerend directeur, die volledig onafhankelijk is in de uitoefening van zijn
taken. Onverminderd de bevoegdheden van de Commissie, de raad van beheer en de
uitvoerende raad, verlangt noch aanvaardt de uitvoerend directeur instructies
van geen enkele regering of enige andere instantie." (b)
lid 3, punt g), wordt geschrapt. (c)
lid 3, punt i), wordt vervangen door: "i) hij kan zijn bevoegdheden aan andere
personeelsleden van het Agentschap delegeren. De Commissie stelt de
modaliteiten van deze delegaties vast. Deze uitvoeringshandelingen worden
vastgesteld volgens de in artikel 65, lid 2, bedoelde procedure;" (d)
lid 3, punt k), wordt vervangen door: "k) hij bereidt het jaarlijkse werkprogramma
en de meerjarige werkprogramma's voor en dient ze, na overleg met de Commissie,
in bij de raad van beheer;" (e)
de volgende punten m), n), o) en p) worden
toegevoegd aan lid 3: "(m) hij voert het jaarlijkse werkprogramma
en de meerjarige werkprogramma's uit en brengt bij de raad van beheer verslag
uit over de tenuitvoerlegging ervan; (n) in navolging van de conclusies van interne en
externe auditverslagen en onderzoeken van het Europees Bureau voor fraudebestrijding
(OLAF) stelt hij een actieplan op en brengt hij tweemaal per jaar bij de
Commissie en regelmatig bij de uitvoerende raad en de raad van beheer verslag
uit over de geboekte vooruitgang; (o) hij beschermt de financiële belangen van de
Unie door preventieve maatregelen te nemen en effectieve controles uit te
voeren tegen fraude, corruptie en alle andere illegale activiteiten. In het
geval onregelmatigheden worden vastgesteld, vordert hij onterecht uitbetaalde
bedragen terug en zorgt hij, voor zover passend, voor een verbetering van de
doeltreffende, evenredige en afschrikkende administratieve en financiële
sancties; (p) hij stelt een fraudebestrijdingsstrategie op
voor het Agentschap en legt deze ter goedkeuring voor aan de raad van beheer; (34)
Artikel 39 wordt geschrapt. (35)
De volgende artikelen 39 bis en 39 ter worden
ingevoegd: "Artikel 39 bis Benoeming van de uitvoerend directeur 1. De uitvoerend directeur wordt aangesteld als
tijdelijk functionaris van het Agentschap overeenkomstig artikel 2, onder a),
van de Regeling welke van toepassing is op de andere personeelsleden. 2. De uitvoerend directeur wordt na een open en
transparante selectieprocedure door de raad van beheer uit een lijst van door
de Commissie voorgedragen kandidaten benoemd op grond van verdienste en voor de
burgerluchtvaart relevante en door bewijsstukken aangetoonde bekwaamheid en
ervaring. Voor het sluiten van de arbeidsovereenkomst met de
uitvoerend directeur wordt het Agentschap vertegenwoordigd door de voorzitter
van de raad van beheer. Voordat hij/zij wordt benoemd, kan de door de raad
van beheer geselecteerde kandidaat worden verzocht om voor de bevoegde
commissie van het Europees Parlement een verklaring af te leggen en alle vragen
van de commissieleden te beantwoorden. 3. De ambtstermijn van de uitvoerend directeur
bedraagt vijf jaar. Aan het einde van deze termijn stelt de Commissie een
beoordeling op waarin rekening wordt gehouden met de evaluatie van de
resultaten van de uitvoerend directeur en de toekomstige taken en uitdagingen
van het Agentschap. 4. Op voorstel van de Commissie, waarin rekening
wordt gehouden met de beoordeling als bedoeld in lid 3, kan de raad van beheer
de ambtstermijn van de uitvoerend directeur eenmaal verlengen met ten hoogste
vijf jaar. 5. Wanneer de raad van beheer voornemens is de
ambtstermijn van de uitvoerend directeur te verlengen, stelt hij het Europees
Parlement daarvan in kennis. In de maand die voorafgaat aan de verlenging van
zijn of haar ambtstermijn kan de uitvoerend directeur worden gevraagd een
verklaring voor de bevoegde commissie van het Europees Parlement af te leggen
en vragen van de commissieleden te beantwoorden. 6. Een uitvoerend directeur van wie de
ambtstermijn is verlengd, is aan het einde van de volledige termijn uitgesloten
van een andere selectieprocedure voor dezelfde functie. 7. De uitvoerend directeur kan uitsluitend uit
zijn of haar ambt worden ontheven bij besluit van de raad van beheer op
voorstel van de Commissie. 8. De raad van beheer neemt besluiten met
betrekking tot de benoeming, de verlenging van de ambtstermijn of de ontzetting
uit het ambt van de uitvoerend directeur en/of adjunct-uitvoerend directeuren
met een meerderheid van twee derde van zijn leden met stemrecht. Artikel 39 ter Benoeming van adjunct-uitvoerend
directeuren 1. De uitvoerend directeur kan worden bijgestaan
door een of meer adjunct-uitvoerend directeuren. 2. De adjunct-uitvoerend directeur of
adjunct-uitvoerend directeuren worden benoemd of hun ambtstermijn wordt
verlengd of ze worden uit hun ambt ontzet overeenkomstig artikel 39 bis, na
raadpleging van de uitvoerend directeur en, indien van toepassing, de verkozen
uitvoerend directeur." (36)
Artikel 40, lid 3, wordt vervangen door: "3. De kamer of kamers van beroep komen
bijeen indien zulks noodzakelijk is. De Commissie stelt het aantal kamers van
beroep en het hun toegewezen werk vast. Deze uitvoeringshandelingen worden
vastgesteld volgens de in artikel 65, lid 2, bedoelde procedure." (37)
Artikel 41, lid 5, wordt vervangen door: "5. De Commissie stelt de voor de leden van
elke kamer van beroep vereiste kwalificaties, de bevoegdheden van de
afzonderlijke leden in de voorbereidingsfase van de beslissingen en de regels
voor stemming vast. Deze uitvoeringshandelingen worden vastgesteld volgens de
in artikel 65, lid 3, bedoelde procedure." (38)
Artikel 52, lid 1, punt b), wordt vervangen door: "b) waar nodig, deskundigen van de betrokken
belanghebbenden worden ingeschakeld of gebruik wordt gemaakt van deskundigheid
van de desbetreffende Europese normalisatie-instanties, Eurocontrol of andere
gespecialiseerde instanties;" (39)
Artikel 56 wordt vervangen door: "Jaarlijks werkprogramma en meerjarig
werkprogramma 1. Uiterlijk op 30 november van elk jaar,
overeenkomstig artikel 33, lid 2, onder c), neemt de raad van beheer een
programmeringsdocument aan dat de meerjarige en de jaarlijkse programmering
omvat, op basis van een door de uitvoerend directeur ingediend ontwerp,
rekening houdend met het advies van de Commissie. Dit document wordt
toegezonden aan het Europees Parlement, de Raad en de Commissie. Het programmeringsdocument wordt definitief na de
definitieve vaststelling van de algemene begroting en wordt, indien nodig,
dienovereenkomstig aangepast. Het jaarlijkse werkprogramma en het meerjarige
werkprogramma hebben tot doel de permanente verbetering van de veiligheid van
de Europese luchtvaart te bevorderen en beantwoorden aan de in deze verordening
vastgestelde doelstellingen, opdrachten en taken van het Agentschap. 2. Het jaarlijkse werkprogramma omvat een
gedetailleerde beschrijving van de doelstellingen en de beoogde resultaten, met
inbegrip van prestatie-indicatoren. Het bevat ook een beschrijving van de te
financieren activiteiten en een indicatie van de financiële en personele
middelen die aan iedere activiteit worden toegewezen overeenkomstig de
beginselen die gelden voor activiteitsgestuurde begroting en management. Het
jaarlijkse werkprogramma is consistent met het meerjarige werkprogramma als
bedoeld in lid 4. Het vermeldt duidelijk de taken die zijn toegevoegd, gewijzigd
of geschrapt ten opzichte van het vorige begrotingsjaar. In het programma wordt ook de strategie opgenomen
voor de betrekkingen met derde landen en internationale organisaties als
bedoeld in artikel 27, lid 2, en de maatregelen die verband houden met deze
strategie. 3. Wanneer het Agentschap een nieuwe taak krijgt
toegewezen, wijzigt de raad van beheer het vastgestelde jaarlijkse
werkprogramma. Iedere wezenlijke verandering van het jaarlijkse
werkprogramma wordt vastgesteld volgens dezelfde procedure als die voor het
oorspronkelijke jaarlijkse werkprogramma. De raad van beheer kan aan de
uitvoerend directeur de bevoegdheid delegeren om niet-wezenlijke veranderingen
door te voeren in het jaarlijkse werkprogramma. 4. Het meerjarige werkprogramma omvat een
beschrijving van de algemene strategische programmering, met inbegrip van
doelstellingen, beoogde resultaten en prestatie-indicatoren. Het behelst ook de
programmering van de middelen, met inbegrip van de meerjarige begroting en
personeel. Deze programmering wordt jaarlijks bijgewerkt. De
strategische programmering wordt voor zover noodzakelijk bijgewerkt, in het
bijzonder om de resultaten van de in artikel 62 bedoelde evaluatie in
aanmerking te nemen." (40)
Artikel 57, eerste alinea, wordt vervangen door: "In het algemene jaarverslag wordt beschreven
hoe het Agentschap zijn jaarlijkse werkprogramma heeft uitgevoerd. Het vermeldt
duidelijk welke opdrachten en taken van het Agentschap ten opzichte van het
voorgaande jaar zijn toegevoegd, gewijzigd of geschrapt." (41)
Aan artikel 59, lid 1, wordt het volgende punt f)
toegevoegd: "f) overeenkomstig artikel 13 van
Verordening (EU) nr. [SES-verordening] betaalde heffingen voor door het
Agentschap verrichte taken in verband met ATM/ANS." (42)
Artikel 62 wordt als volgt gewijzigd: (a)
in lid 1 worden de woorden "raad van
beheer" vervangen door "Commissie" (b)
het volgende lid 4 wordt toegevoegd: "4. Bij elke tweede evaluatie worden ook de
bereikte resultaten van het Agentschap getoetst aan zijn doelstellingen,
mandaat en taken. Als de Commissie van oordeel is dat het niet langer
gerechtvaardigd is om de doelstellingen, het mandaat en de taken die aan het
Agentschap zijn toegekend, voort te zetten, kan zij voorstellen deze
verordening dienovereenkomstig te wijzigen of in te trekken." (43)
Artikel 64 wordt als volgt gewijzigd: (a)
de titel "Tarieven- en
vergoedingenregeling" wordt vervangen door "Tarieven en
vergoedingen". (b)
lid 1 wordt vervangen door "De Commissie wordt
gemachtigd om overeenkomstig artikel 65 ter gedelegeerde handelingen vast te
stellen om, op grond van de leden 3, 4 en 5, gedetailleerde voorschriften met
betrekking tot tarieven en vergoedingen vast te stellen." (c)
lid 3 wordt vervangen door: "De in lid 1 bedoelde voorschriften bepalen
in het bijzonder de zaken waarvoor de in artikel 59, lid 1, onder c) en d),
bedoelde tarieven en vergoedingen verschuldigd zijn, de hoogte van de tarieven
en vergoedingen en de wijze waarop zij moeten worden betaald." (d)
lid 5 wordt vervangen door: "5. De hoogte van de tarieven en vergoedingen
wordt bepaald op een niveau waarmee wordt gewaarborgd dat de desbetreffende
ontvangsten in principe voldoende zijn om de volledige kosten van de geleverde
diensten te dekken. Deze kosten omvatten met name alle uitgaven van het
Agentschap voor personeel dat betrokken is bij de in lid 3 vermelde
activiteiten, inclusief de pro-rata-werkgeversbijdrage aan het pensioenstelsel.
De tarieven en vergoedingen, inclusief die welke in 2007 zijn geïnd, zijn
bestemmingsontvangsten voor het Agentschap." (44)
Artikel 65 wordt vervangen door: "Comité 1. De Commissie wordt bijgestaan door een comité.
Dat comité is een comité in de betekenis van Verordening (EU) nr. 182/2011. 2. Wanneer naar dit lid wordt verwezen, is artikel
4 van Verordening (EU) nr. 182/2011 van toepassing. 3. Wanneer naar dit lid wordt verwezen, is artikel
5 van Verordening (EU) nr. 182/2011 van toepassing. 4. Wanneer naar dit lid wordt verwezen, is artikel
8, in samenhang met artikel 4, van Verordening (EU) nr. 182/2011 van
toepassing." (45)
Artikel 65 bis wordt geschrapt. (46)
De volgende artikelen 65 ter en 65 quater worden
toegevoegd: "Artikel 65 ter Uitoefening van de bevoegdheidsdelegatie 1. De bevoegdheid om gedelegeerde handelingen vast
te stellen, wordt volgens de voorwaarden van dit artikel aan de Commissie
toegekend. 2. De in artikel 5, lid 5, artikel 6, lid 2,
artikel 6, lid 3, artikel 7, lid 6, artikel 8, lid 5, artikel 8 bis, lid 5,
artikel 8 ter, lid 6, artikel 8 quater, lid 10, artikel 9, lid 4, artikel 10,
lid 5, artikel 14, lid 3, artikel 14, lid 7, artikel 25, lid 3, en artikel 64,
lid 1, bedoelde bevoegdheidsdelegatie wordt voor onbepaalde tijd aan de
Commissie toegekend. 3. Het Europees parlement of de Raad kan de in
artikel 5, lid 5, artikel 6, lid 2, artikel 6, lid 3, artikel 7, lid 6, artikel
8, lid 5, artikel 8 bis, lid 5, artikel 8 ter, lid 6, artikel 8 quater, lid 10,
artikel 9, lid 4, artikel 10, lid 5, artikel 14, lid 3, artikel 14, lid 7,
artikel 25, lid 3, en artikel 64, lid 1, bedoelde bevoegdheidsdelegatie te
allen tijde intrekken. Het besluit tot intrekking beëindigt de delegatie van de
in dat besluit genoemde bevoegdheid. Het treedt in werking op de dag na die van
de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie of
op een daarin genoemde latere datum. Het laat de geldigheid van de reeds van
kracht zijnde gedelegeerde handelingen onverlet. 4. Zodra de Commissie een gedelegeerde handeling
heeft vastgesteld, doet zij daarvan gelijktijdig kennisgeving aan het Europees
Parlement en de Raad. 5. Een overeenkomstig artikel 5, lid 5, artikel 6,
lid 2, artikel 6, lid 3, artikel 7, lid 6, artikel 8, lid 5, artikel 8 bis, lid
5, artikel 8 ter, lid 6, artikel 8 quater, lid 10, artikel 9, lid 4, artikel 10,
lid 5, artikel 14, lid 3, artikel 14, lid 7, artikel 25, lid 3, en artikel 64,
lid 1, vastgestelde gedelegeerde handeling treedt alleen in werking indien het
Europees Parlement noch de Raad daartegen binnen een termijn van twee maanden
na de kennisgeving van de handeling aan het Europees Parlement en de Raad
bezwaar heeft gemaakt, of indien zowel het Europees Parlement als de Raad vóór
het verstrijken van die termijn de Commissie hebben meegedeeld dat zij
daartegen geen bezwaar zullen maken. Deze termijn wordt op initiatief
van het Europees Parlement of de Raad met twee maanden verlengd. Artikel 65 quater Spoedprocedure 1. Een overeenkomstig dit artikel vastgestelde
gedelegeerde handeling treedt onverwijld in werking en is van toepassing zolang
geen bezwaar wordt gemaakt overeenkomstig lid 2. In de kennisgeving van de
gedelegeerde handeling aan het Europees Parlement en de Raad wordt vermeld om
welke redenen gebruik wordt gemaakt van de spoedprocedure. 2. Het Europees Parlement of de Raad kan
overeenkomstig de in artikel 65 ter, lid 5, bedoelde procedure bezwaar maken
tegen de gedelegeerde handeling. In dat geval trekt de Commissie de handeling
onverwijld in na de kennisgeving van het besluit waarbij het Europees Parlement
of de Raad bezwaar maakt." (47)
Het volgende artikel 66 bis wordt ingevoegd: "Artikel 66 bis Vestigingsovereenkomst en voorwaarden
voor de werking van het Agentschap 1. De bepalingen betreffende de huisvesting van
het Agentschap in de gastlidstaat en de door deze lidstaat ter beschikking
gestelde installaties, alsook de specifieke voorschriften die in de
gastlidstaat gelden voor de uitvoerend directeur, de leden van de raad van
beheer, het personeel van het Agentschap en hun gezinsleden, worden vastgesteld
in een vestigingsovereenkomst tussen het Agentschap en de lidstaat waar de
zetel van het Agentschap zich bevindt, die wordt gesloten nadat de raad van
beheer daarmee heeft ingestemd en niet later dan twee jaar na de
inwerkingtreding van de onderhavige verordening. 2. De gastlidstaat van het Agentschap zorgt ervoor
dat het Agentschap in optimale omstandigheden kan werken, onder andere door het
aanbieden van meertalig onderwijs met een Europese dimensie en adequate
vervoersverbindingen." (48)
Het volgende artikel 66 ter wordt toegevoegd: "Artikel 66 ter Beveiligingsregels voor de bescherming
van gerubriceerde gegevens en gevoelige niet-gerubriceerde gegevens Het Agentschap past de beginselen toe van de
beveiligingsregels van de Commissie voor de bescherming van gerubriceerde
gegevens en gevoelige niet-gerubriceerde gegevens van de Europese Unie, die
zijn uiteengezet in de bijlage bij Besluit 2001/844/EG, EGKS, Euratom. Deze
beginselen hebben onder meer betrekking op de uitwisseling, verwerking en
opslag van dergelijke gegevens." (49)
Bijlage V, punten 2 en 3, worden vervangen door: "2. De instantie en het personeel dat met de
certificerings- en toezichtstaken is belast, moeten hun taken met de grootste
beroepsintegriteit en technische bekwaamheid uitvoeren; zij dienen vrij te zijn
van alle druk en beïnvloeding, met name van financiële aard, die hun
beoordeling of de uitkomst van hun onderzoeken kan beïnvloeden, inzonderheid
door personen of groepen die bij de resultaten van de certificerings- en
toezichtwerkzaamheden belang hebben. 3. De instantie dient te beschikken over het
nodige personeel en de nodige middelen te bezitten om de met de uitvoering van
het certificerings- en toezichtsproces verbonden technische en administratieve
taken op passende wijze te vervullen; tevens dient de instantie toegang te
hebben tot het nodige materiaal voor bijzondere keuringen." (50)
Bijlage Vb wordt als volgt gewijzigd: (a)
lid 2, punt c), onder iv), wordt vervangen door: "Luchtverkeersleidingsdiensten en de hieraan
gerelateerde processen dienen voor een adequate separatieafstand te zorgen
tussen luchtvaartuigen en, op manoeuvreerterrein van het luchtvaartterrein,
botsingen tussen hindernissen en luchtvaartuigen te voorkomen en, waar nodig en
haalbaar, bij te dragen tot de bescherming tegen obstakels en andere gevaren in
de lucht. Deze diensten en processen dienen te zorgen voor prompte en tijdige
coördinatie met alle relevante gebruikers en aangrenzende
luchtruimsectoren." (b)
In lid 2, punt g), worden aan het einde de volgende
woorden toegevoegd: "Bij het beheren van luchtverkeersstromen
wordt beoogd de beschikbare capaciteit bij het gebruik van het luchtruim te
optimaliseren en de processen voor het beheer van de luchtverkeersstromen te
verbeteren. Het beheer wordt gebaseerd op transparantie en efficiency, zodat de
capaciteit op flexibele en efficiënte wijze ter beschikking wordt gesteld, in
lijn met de aanbevelingen van het ICAO Regional Air Navigation Plan, European
Region. De in artikel 8 ter, lid 6, bedoelde maatregelen
inzake het beheer van luchtverkeersstromen ondersteunen de operationele
besluiten van verleners van luchtvaartnavigatiediensten, luchthavenexploitanten
en luchtruimgebruikers en hebben betrekking op de volgende gebieden: a) vluchtplanning; b) gebruik van de beschikbare luchtruimcapaciteit
tijdens alle fasen van de vlucht, met inbegrip van de slottoewijzing; c) routegebruik door het algemeen luchtverkeer,
met inbegrip van –
de opstelling van één enkele publicatie voor routes
en verkeersoriëntering, –
opties voor de omleiding van het algemeen
luchtverkeer, weg van gebieden waar congestie optreedt, en –
voorrangsregels voor toegang tot het luchtruim voor
het algemeen luchtverkeer, met name in tijden van congestie en crisis; d) afstemming tussen de vluchtplannen en de
aankomst- en vertrektijden op de verschillende luchthavens, en de noodzakelijke
coördinatie tussen aangrenzende regio's." (c)
in lid 2, punt h), worden aan het einde de volgende
woorden toegevoegd: "Rekening houdend met de organisatie van de
militaire aspecten die onder de verantwoordelijkheid van de lidstaten vallen,
ondersteunt het luchtruimbeheer tevens de uniforme toepassing van het concept
van flexibel luchtruimgebruik, zoals dat door de ICAO is omschreven en ten
uitvoer is gelegd bij Verordening (EG) nr. 551/2004, teneinde het beheer van
het luchtruim en het luchtverkeersbeheer binnen het kader van het
gemeenschappelijk vervoersbeleid te faciliteren. De lidstaten brengen jaarlijks verslag uit aan het
Agentschap over de toepassing, in het kader van het gemeenschappelijk
vervoersbeleid, van het concept van flexibel luchtruimgebruik op het luchtruim
dat onder hun verantwoordelijkheid valt." (d)
in lid 3, punt a), worden aan het einde de volgende
woorden toegevoegd: "De systemen omvatten met name: 1. Systemen en procedures voor het
luchtruimbeheer. 2. Systemen en procedures voor het beheer
van luchtverkeersstromen. 3. Systemen en procedures voor
luchtverkeersdiensten, met name vluchtgegevensverwerkingssystemen,
surveillancegegevensverwerkingssystemen en mens/machine-interfacesystemen. 4. Communicatiesystemen en -procedures
voor grond-grond-, lucht-grond- en lucht-luchtcommunicatie. 5. Navigatiesystemen en -procedures. 6. Surveillancesystemen en -procedures. 7. Systemen en procedures voor
luchtvaartinlichtingendiensten. 8. Systemen en procedures voor het
gebruik van meteorologische informatie." (e)
in lid 3, punt b), worden aan het einde de volgende
woorden toegevoegd: "ATM/ANS-systemen en de onderdelen daarvan
worden, met inachtneming van de passende en goedgekeurde procedures, op een
zodanige wijze ontworpen, gebouwd, onderhouden en geëxploiteerd dat de naadloze
werking van het Europese netwerk voor luchtverkeersbeheer te allen tijde en
voor alle vluchtfasen is gewaarborgd. Naadloze werking kan met name worden
uitgedrukt in termen van informatie-uitwisseling, waaronder relevante
informatie over de operationele status, een gemeenschappelijke interpretatie
van informatie, vergelijkbare verwerkingsprestaties en de bijbehorende
procedures welke gemeenschappelijke operationele prestaties mogelijk maken die
zijn overeengekomen voor het geheel of voor delen van het Europese netwerk voor
luchtverkeersbeheer. Het Europese netwerk voor luchtverkeersbeheer en
de systemen en de onderdelen daarvan bieden op gecoördineerde wijze
ondersteuning aan nieuwe overeengekomen en goedgekeurde operationele concepten
die de kwaliteit, duurzaamheid en doeltreffendheid van
luchtvaartnavigatiediensten verbeteren, met name wat betreft veiligheid en
capaciteit. Voor zover dat nodig is voor het effectieve beheer
van het luchtruim en de regeling van luchtverkeersstromen en het veilige en
efficiënte gebruik van het luchtruim door alle gebruikers, ondersteunen het
Europese netwerk voor luchtverkeersbeheer en de systemen en onderdelen daarvan
de geleidelijke invoering van civiel-militaire coördinatie, door toepassing van
het concept van flexibel luchtruimgebruik. Om die doelen te bereiken, moeten het Europese netwerk
voor luchtverkeersbeheer en de systemen en onderdelen daarvan de tijdige
uitwisseling van correcte en consistente informatie, in alle vluchtfasen,
tussen de civiele en de militaire partijen ondersteunen." Artikel 2 Deze verordening treedt in werking op de
twintigste dag volgende op die van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad
van de Europese Unie. Deze verordening is verbindend in al
haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat. Gedaan te Straatsburg, Voor het Europees Parlement Voor
de Raad De voorzitter De
voorzitter [1] Krachtens het stappenplan van de Commissie voor de
tenuitvoerlegging van de Gezamenlijke verklaring van het Europees Parlement, de
Raad van de EU en de Europese Commissie inzake gedecentraliseerde agentschappen
(juli 2012) moeten de namen van alle EU-agentschappen worden gestandaardiseerd
volgens hetzelfde formaat, maar om duidelijkheidsredenen wordt in deze
toelichting de huidige naam van het Europees Agentschap voor de veiligheid van
de luchtvaart (het EASA) gebruikt in de hele tekst. In de tekst van het
wetgevingsvoorstel zelf wordt de gestandaardiseerde naam
"Luchtvaartagentschap van de Europese Unie" (European Union Agency
for Aviation, EAA) gebruikt, overeenkomstig de nieuwe gezamenlijke verklaring
en het stappenplan. [2] Verordening (EG) nr. 549/2004 tot vaststelling van het
kader voor de totstandbrenging van het gemeenschappelijke Europese
luchtruim ("de kaderverordening"); Verordening (EG) nr. 550/2004
betreffende de verlening van luchtvaartnavigatiediensten in het
gemeenschappelijk Europees luchtruim ("de
luchtvaartnavigatiedienstenverordening"); Verordening (EG) nr. 551/2004
betreffende de organisatie en het gebruik van het gemeenschappelijk
Europees luchtruim ("de luchtruimverordening"); Verordening (EG) nr. 552/2004
betreffende de interoperabiliteit van het Europese netwerk voor
luchtverkeersbeveiliging ("de interoperabiliteitsverordening"). [3] Verordening (EG) nr. 219/2007 van de Raad; SESAR
(Single European Sky ATM Research Programme) is de technische pijler van het
SES - een programma voor de verbetering van het luchtverkeersbeheer waarbij
alle sectoren van de luchtvaart betrokken zijn. [4] Momenteel worden de technische voorschriften niet alleen
opgesteld door het EASA, maar ook door Eurocontrol en diverse
normalisatie-instellingen, zoals Eurocae. [5] Zie artikel 19 van het SES-herschikkingsvoorstel. [6] Single European Sky ATM Research programme. Zie http://ec.europa.eu/transport/modes/air/sesar/ [7] PB C.. van.., blz.... [8] PB L 309 van 24.11.2009, blz. 51. [9] PB L 300 van 14.11.2009, blz. 34. [10] PB L 96 van 31.3.2004, blz. 1. [11] PB L 96 van 31.3.2004, blz. 10. [12] PB L 96 van 31.3.2004, blz. 20. [13] PB L 96 van 31.3.2004, blz. 26. [14] PB L 95 van 9.4.2009, blz. 41. [15] PB L 64 van 2.3.2007, blz. 1. [16] Verordening (EEG, Euratom, EGKS) nr. 259/68 van de Raad
van 29 februari 1968 tot vaststelling van het Statuut van de ambtenaren van de
Europese Gemeenschappen en de regeling welke van toepassing is op de andere personeelsleden
van deze Gemeenschappen, alsmede van bijzondere maatregelen welke tijdelijk op
de ambtenaren van de Commissie van toepassing zijn (PB L 56 van 4.3.1968, blz. 1).