This document is an excerpt from the EUR-Lex website
Document 52006PC0017
Opinion of the Commission pursuant to Article 251 (2), third subparagraph, point (c) of the EC Treaty, on the European Parliament's amendments to the Council's common position regarding the proposal for a Directive of the European Parliament and of the Council on batteries and accumulators and waste batteries and accumulators repealing Directive 91/157/EEC amending the proposal of the Commission pursuant to Article 250 (2) of the EC Treaty
Advies van de Commissie overeenkomstig artikel 251, lid 2, derde alinea, onder c), van het EG-Verdrag over de amendementen van het Europees Parlement op het gemeenschappelijk standpunt van de Raad betreffende het voorstel voor een richtlijn van het Europees Parlement en de Raad inzake batterijen en accu’s, alsook afgedankte batterijen en accu’s, houdende intrekking van richtlijn 91/157/EEG houdende wijziging van het voorstel van de Commissie overeenkomstig artikel 250, lid 2, van het EG-Verdrag
Advies van de Commissie overeenkomstig artikel 251, lid 2, derde alinea, onder c), van het EG-Verdrag over de amendementen van het Europees Parlement op het gemeenschappelijk standpunt van de Raad betreffende het voorstel voor een richtlijn van het Europees Parlement en de Raad inzake batterijen en accu’s, alsook afgedankte batterijen en accu’s, houdende intrekking van richtlijn 91/157/EEG houdende wijziging van het voorstel van de Commissie overeenkomstig artikel 250, lid 2, van het EG-Verdrag
/* COM/2006/0017 def. - COD 2003/0028 */
Advies van de Commissie overeenkomstig artikel 251, lid 2, derde alinea, onder c), van het EG-Verdrag over de amendementen van het Europees Parlement op het gemeenschappelijk standpunt van de Raad betreffende het voorstel voor een richtlijn van het Europees Parlement en de Raad inzake batterijen en accu’s, alsook afgedankte batterijen en accu’s, houdende intrekking van Richtlijn 91/157/EEG houdende wijziging van het voorstel van de Commissie overeenkomstig artikel 250, lid 2, van het EG-Verdrag /* COM/2006/0017 def. - COD 2003/0028 */
[pic] | COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN | Brussel, 17.1.2006 COM(2006) 17 definitief 2003/0282 (COD) ADVIES VAN DE COMMISSIE overeenkomstig artikel 251, lid 2, derde alinea, onder c), van het EG-Verdrag over de amendementen van het Europees Parlement op het gemeenschappelijk standpunt van de Raad betreffende het voorstel voor een RICHTLIJN VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD inzake batterijen en accu’s, alsook afgedankte batterijen en accu’s, houdende intrekking van Richtlijn 91/157/EEG HOUDENDE WIJZIGING VAN HET VOORSTEL VAN DE COMMISSIEovereenkomstig artikel 250, lid 2, van het EG-Verdrag 2003/0282 (COD) ADVIES VAN DE COMMISSIE overeenkomstig artikel 251, lid 2, derde alinea, onder c), van het EG-Verdrag over de amendementen van het Europees Parlement op het gemeenschappelijk standpunt van de Raad betreffende het voorstel voor een RICHTLIJN VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD inzake batterijen en accu’s, alsook afgedankte batterijen en accu’s, houdende intrekking van Richtlijn 91/157/EEG 1. INLEIDING Overeenkomstig artikel 251, lid 2, derde alinea, onder c), van het EG-Verdrag moet de Commissie advies uitbrengen over de door het Europees Parlement in tweede lezing voorgestelde amendementen. Hieronder geeft de Commissie haar advies over de 23 door het Europees Parlement voorgestelde amendementen. 2. ACHTERGROND Het voorstel (COM(2003) 723 definitief) van de Commissie werd op 24 november 2003 bij het Europees Parlement en de Raad ingediend overeenkomstig de medebeslissingsprocedure van artikel 175, lid 1, van het EG-Verdrag. Het was gebaseerd op artikel 95, lid 1, en artikel 175, lid 1, van het EG-Verdrag. Het Economisch en Sociaal Comité heeft zijn advies uitgebracht op 28 april 2004. Het Comité van de Regio's heeft zijn advies uitgebracht op 22 april 2004. Het Europees Parlement heeft in eerste lezing advies uitgebracht op 20 april 2004. Ingevolge het advies van het Europees Parlement en krachtens artikel 251, lid 2, van het EG-Verdrag heeft de Commissie op 18 juli 2005 zijn gemeenschappelijk standpunt formeel vastgesteld. De mededeling van de Commissie over het gemeenschappelijk standpunt (COM(2005) 378 def.) is op 23 augustus 2005 goedgekeurd en het Europees Parlement heeft zijn standpunt in tweede lezing op 13 december 2005 vastgesteld. 3. DOEL VAN HET VOORSTEL Het voorstel van de Commissie heeft tot doel het storten van afgedankte batterijen en accu's te vermijden door een kringloopsysteem ("gesloten-lussysteem") voor alle in de Gemeenschap in de handel gebrachte batterijen en accu's tot stand te brengen. De voornaamste elementen van dit "gesloten-lussysteem" zijn (i) een inzamelstreefcijfer voor draagbare batterijen en accu's (160 gram), (ii) een aanvullend inzamelstreefcijfer voor draagbare cadmiumbatterijen (wat monitoring van de afvalstroom kan vereisen), (iii) een verbod op het storten/verbranden van industriële en autoaccu's en (iv) minimumrecyclingseisen voor alle ingezamelde batterijen en accu's. Voorts worden in het voorstel minimumregels vastgesteld voor de functionering van de nationale inzamelings- en recyclingssystemen teneinde de goede werking van de interne markt te bevorderen en ervoor te zorgen dat voor alle operatoren die bij een of andere fase van de levenscyclus van batterijen en accu’s zijn betrokken, gelijke concurrentievoorwaarden gelden. Krachtens de voorgestelde richtlijn moeten de producenten te dien einde verantwoordelijkheid dragen voor het afvalbeheer met betrekking tot alle in de Gemeenschap in de handel gebrachte batterijen en accu's. Wanneer het voorstel is aangenomen, komt de nieuwe richtlijn in de plaats van de bestaande communautaire wetgeving inzake batterijen en accu's (Richtlijn 91/157/EEG, als gewijzigd, en Richtlijn 93/86/EEG). In eerste lezing wenste het Europees Parlement (i) een beperking van het gebruik van cadmium en lood in batterijen en accu's, liever dan het voorgestelde gesloten-lussysteem, en (ii) hogere inzamelstreefcijfers (50% en 60%). De Commissie kon deze wijzigingen niet aanvaarden aangezien de uitgebreide effectbeoordeling (UEB) heeft aangetoond dat het voorgestelde gesloten-lussysteem eenzelfde niveau van milieubescherming kan waarborgen tegen lagere kosten. Wat de inzameldoelstellingen betreft, heeft de Commissie aanvaard om van een op gewicht gebaseerd streefcijfer over te stappen op een op de verkoop gebaseerd streefcijfer. Aangezien uit haar UEB echter is gebleken dat een inzamelstreefcijfer van 160 gram (of 40%) het meest kostenefficiënt is, kon de Commissie geen verhoging aanvaarden. In zijn gemeenschappelijk standpunt heeft de Raad gekozen voor (i) een afgezwakte beperking van het gebruik van cadmium- en draagbare batterijen en accu's in plaats van het voorgestelde gesloten-lussysteem en (ii) lagere inzamelstreefcijfers (25% en 45%). De Commissie heeft aanvaard dat uit de nieuwe gegevens van de effectenbeoordeling van de Raad blijkt dat het voorgestelde gesloten-lussysteem aanzienlijke organisationele en administratieve kosten meebrengt waardoor dit systeem in verhouding duurder wordt. Daarom ondersteunt de Commissie de beperking van het gebruik van cadmium, als bedoeld in het gemeenschappelijk standpunt. De Commissie is tevreden met de hogere inzameldoelstelling voor de langere termijn (45%), maar geeft aan dat het tijdschema voor het behalen van de kortetermijndoelstelling (25%) ambitieuzer kan zijn, in lijn met haar oorspronkelijke voorstel. 4. COMMENTAAR VAN DE COMMISSIE OP DE DOOR HET EUROPEES PARLEMENT VOORGESTELDE AMENDEMENTEN Op 13 december 2005 heeft het Europees Parlement 23 van de 59 ingediende amendementen aangenomen. Van de 23 door het Parlement aangenomen amendementen kan de Commissie er 12 volledig en 1 gedeeltelijk overnemen. 10 van de aangenomen amendementen zijn voor de Commissie onaanvaardbaar. 4.1. Door de Commissie aanvaarde amendementen 4.1.1. Volledig aanvaarde amendementen Amendement 3 behelst een nieuwe overweging waarin wordt verwezen naar de resolutie van de Raad van 1988 betreffende cadmium. Dit is een nuttige verduidelijking die in overeenstemming is met artikel 4 van de voorgestelde richtlijn. Amendement 9 heeft tot doel in overweging 17 de mogelijkheid van een "de minimis"-regel op basis van een comitéprocedure te schrappen en voorziet in een verplichte registratie van alle producenten. De Commissie kan de schrapping van deze "de minimis"-mogelijkheid aanvaarden aangezien een dergelijke regel kan leiden tot zogenaamde free riders op de markt en de geloofwaardigheid van elk nationaal inzamelsysteem kan aantasten. De gevraagde registratie van producenten is in lijn met artikel 14 van de voorgestelde richtlijn en kan dus door de Commissie worden aanvaard. Bij amendement 12 worden knoopcellen en batterijpakken toegevoegd aan de definitie van draagbare batterijen en accu's. Deze verduidelijking is aanvaardbaar voor de Commissie. Krachtens amendement 15 wordt in de definitie van 'inzamelingspercentage' de formulering "aan de eindgebruiker verkocht" vervangen door "in de handel gebracht". De Commissie is van mening dat dit een nuttige verduidelijking is waardoor monitoring door de lidstaten vergemakkelijkt wordt. Bij amendement 17 wordt de verplichting ingevoerd voor de lidstaten om het onderzoek te bevorderen met het oog op de verbetering van de milieuprestaties van batterijen en accu's. Dit amendement spoort met het oorspronkelijke Commissievoorstel en kan dus worden overgenomen. Krachtens amendement 19 worden de lidstaten verplicht om de nodige maatregelen te nemen om de inzameling van afgedankte batterijen en accu's te maximaliseren en het storten ervan te voorkomen. Dit amendement stemt overeen met het door het Europees Parlement in eerste lezing voorgestelde amendement 27 dat door de Commissie werd aanvaard. De Commissie aanvaardt ook amendement 25 waarbij voor de definitie van "inzamelingspercentage" wordt verwezen naar artikel 3. Dit is een nuttige verduidelijking. Bovendien is de Commissie van mening dat de eis voor de lidstaten om hun inzamelingspercentage voor de eerste maal vanaf het vierde kalenderjaar na de inwerkingtreding van de richtlijn te berekenen een nuttige verduidelijking is. Dit maakt het voor de lidstaten en de Commissie mogelijk ervaring op te doen met de methode voor de berekening van het inzamelingspercentage, twee jaar voordat de feitelijke doelstelling wettelijk bindend wordt. In amendement 29 wordt gespecificeerd dat de in artikel 10 van de voorgestelde richtlijn genoemde "beste beschikbare technieken" betrekking hebben op de bescherming van de gezondheid en het milieu en dat de in dit artikel bedoelde systemen in overeenstemming moeten zijn met de communautaire wetgeving. Aangezien dit amendement nuttige verduidelijkingen bevat, kan de Commissie het overnemen. De Commissie aanvaardt amendement 31 waarbij artikel 17 van het oorspronkelijke Commissievoorstel opnieuw wordt ingevoerd. Ook de in amendement 32 vervatte schrapping van de term 'grosso modo' in artikel 12, lid 2, van de voorgestelde richtlijn strookt met het oorspronkelijke Commissievoorstel en kan dus worden aanvaard. In lijn met amendement 9 aanvaardt de Commissie ook amendement 36 waarbij de mogelijkheid van een "de minimis"-regel op basis van een comitéprocedure wordt geschrapt. De Commissie aanvaardt amendement 38 dat inhoudt dat op batterijen en accu's de capaciteit moet worden vermeld. Dit amendement spoort met de IPP-mededeling (Zie hoofdstuk 5.3 "Consumenten de informatie geven om te kunnen beslissen"). Het is ook samenhangend met artikel 5 van het oorspronkelijke Commissievoorstel. 4.1.2. Gedeeltelijk aanvaarde amendementen Bij amendement 41 wordt de term 'recyclingsdoelstelling' vervangen door 'recyclingsrendement', wordt verduidelijkt dat de lidstaten de recyclingsrendementen moeten bereiken, wordt een 'gesloten lus' voor de gerecycleerde zware metalen geëist, wordt de doelstelling voor het recyclingsrendement voor niet-schadelijke batterijen verhoogd van 50% tot 55% en wordt gesteld dat de recyclingrendementen op basis van een comitéprocedure kunnen worden aangepast. Dit amendement kan gedeeltelijk worden overgenomen. De verwijzing naar een 'gesloten lus'-systeem kan niet worden aanvaard aangezien de Commissie ermee heeft ingestemd dat dit qua tenuitvoerlegging en kostenbeheersing onpraktisch kan zijn. De andere onderdelen van dit amendement worden door de Commissie aanvaard. De verwijzing naar het recyclingsrendement en de verhoging van de rendementsdoelstelling tot 55% voor niet-schadelijke batterijen en accu's stemmen overeen met het oorspronkelijke Commissievoorstel dat gebaseerd was op de uitgebreide effectbeoordeling van de Commissie. De verwijzing naar technische aanpassingen op basis van een comitéprocedure is in lijn met artikel 10, lid 5, onder b), van de voorgestelde richtlijn. 4.2. Door de Commissie verworpen amendementen Bij amendement 11 wordt de "onderwerp"-bepaling vervangen door een bepaling betreffende de milieudoelstellingen van de voorgestelde richtlijn; dit is onaanvaardbaar aangezien dit indruist tegen de interinstitutionele schrijfwijzer voor wetgevingsbesluiten. Amendement 14 heeft tot doel te verduidelijken wat in artikel 3, lid 8, van de voorgestelde richtlijn wordt bedoeld met "terugwinning van energie". Dit amendement kan door de Commissie niet worden overgenomen. In de voorgestelde richtlijn staat de recycling van afgedankte batterijen en accu's centraal, niet de terugwinning van energie. Bovendien kan het begrip 'terugwinning van energie' opnieuw worden behandeld in het kader van de thematische strategie betreffende afvalpreventie en -recycling. Amendement 18 heeft tot doel de eis toe te voegen dat batterijen en accu's gemakkelijk door de consument kunnen worden verwijderd, met een lijst van uitzonderingen gegeven in amendement 40 . Deze amendementen moeten worden verworpen. Uit milieuoogpunt is deze eis overbodig aangezien het krachtens de AEEA-richtlijn (afval van elektrische en elektronische apparaten) nu reeds verplicht is om in toestellen ingebouwde batterijen en accu's in te zamelen. In technisch opzicht kan deze eis de technologische ontwikkeling belemmeren van toepassingen waarbij het noodzakelijk is de batterij of accu in het apparaat te solderen. Via amendement 20 wordt de verwijzing naar de bevolkingsdichtheid met betrekking tot het opzetten van een nationaal systeem van inzamelpunten voor afgedankte batterijen en accu's geschrapt. Voorts wordt gespecificeerd dat voor dergelijke inzamelpunten geen registratie of vergunning uit hoofde van Richtlijn 75/442/EEG of Richtlijn 91/689/EEG vereist is. De schrapping, in eerste lezing door het Parlement, van de verwijzing naar de bevolkingsdichtheid werd door de Commissie niet aanvaard. De bepaling dat voor de inzamelpunten geen vergunning overeenkomstig Richtlijn 75/442/EEG vereist is, is overbodig aangezien dit reeds geregeld is bij artikel 7, lid 2, van de voorgestelde richtlijn. Amendement 23 verplicht distributeurs om draagbare batterijen terug te nemen. Dit kan door de Commissie niet worden overgenomen aangezien dit punt al is behandeld in artikel 7, lid 2, onder b), van de voorgestelde richtlijn, waarbij het bepalen van de rol van de distributeurs bij de inzameling van draagbare batterijen en accu's overeenkomstig het subsidiariteitsbeginsel wordt overgelaten aan het oordeel van de lidstaten. Amendement 24 schrapt de mogelijkheid voor de lidstaten om statiegeldsystemen op te zetten en behelst specifieke voorwaarden voor de vaststelling van economische instrumenten. De Commissie heeft dit amendement niet aanvaard omdat het aan de lidstaten is om economische instrumenten vast te stellen. De voorwaarden voor de vaststelling van nationale economische instrumenten zijn reeds vastgelegd via basiswetgeving van de EG. De Commissie kan amendement 33 , dat de producenten verantwoordelijk maakt voor de kosten van voorlichtingscampagnes voor het publiek, niet aanvaarden. Gezien het subsidiariteitsbeginsel is de Commissie van mening dat deze kwestie, die al wordt behandeld in artikel 17, lid 2, moet worden overgelaten aan het oordeel van de lidstaten. Amendement 34 , waardoor de producenten verantwoordelijk worden gemaakt voor de kosten met betrekking tot het 'historisch afval', kan door de Commissie niet worden aanvaard, aangezien zij er de voorkeur aan geeft deze kwestie overeenkomstig het subsidiariteitsbeginsel over te laten aan het oordeel van de lidstaten. Bij amendement 37 worden de distributeurs ertoe verplicht de eindgebruikers op de hoogte stellen van de mogelijkheid afgedankte draagbare batterijen en accu's op hun verkooppunten in te leveren. De Commissie kan dit amendement niet overnemen, aangezien deze kwestie krachtens artikel 17, lid 2, van de voorgestelde richtlijn, overeenkomstig het subsidiariteitsbeginsel beter wordt overgelaten aan de lidstaten. 5. CONCLUSIE Overeenkomstig artikel 250, lid 2, van het EG-Verdrag wijzigt de Commissie haar voorstel zoals hierboven aangegeven.