Choose the experimental features you want to try

This document is an excerpt from the EUR-Lex website

Document 32023D2193

Besluit (EU) 2023/2193 van de Raad van 28 september 2023 over het standpunt dat namens de Europese Unie moet worden ingenomen in werkgroepen die opgericht zijn bij, of later opgericht zijn krachtens, de Handels- en samenwerkingsovereenkomst tussen de Europese Unie en de Europese Gemeenschap voor Atoomenergie, enerzijds, en het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland, anderzijds, met betrekking tot de vaststelling van hun reglement van orde

ST/13012/2023/INIT

PB L, 2023/2193, 16.10.2023, ELI: http://data.europa.eu/eli/dec/2023/2193/oj (BG, ES, CS, DA, DE, ET, EL, EN, FR, GA, HR, IT, LV, LT, HU, MT, NL, PL, PT, RO, SK, SL, FI, SV)

Legal status of the document In force

ELI: http://data.europa.eu/eli/dec/2023/2193/oj

European flag

Publicatieblad
van de Europese Unie

NL

Serie L


2023/2193

16.10.2023

BESLUIT (EU) 2023/2193 VAN DE RAAD

van 28 september 2023

over het standpunt dat namens de Europese Unie moet worden ingenomen in werkgroepen die opgericht zijn bij, of later opgericht zijn krachtens, de Handels- en samenwerkingsovereenkomst tussen de Europese Unie en de Europese Gemeenschap voor Atoomenergie, enerzijds, en het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland, anderzijds, met betrekking tot de vaststelling van hun reglement van orde

DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE,

Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie, en met name artikel 217, in samenhang met artikel 218, lid 9,

Gezien het voorstel van de Europese Commissie,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

De Handels- en samenwerkingsovereenkomst tussen de Europese Unie en de Europese Gemeenschap voor Atoomenergie, enerzijds, en het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland, anderzijds (1) (de “handels- en samenwerkingsovereenkomst”), is door de Unie bij Besluit (EU) 2021/689 van de Raad (2) gesloten, op 1 mei 2021 in werking getreden en sinds 1 januari 2021 voorlopig toegepast.

(2)

De handels- en samenwerkingsovereenkomst stelt een institutioneel kader in, waaronder een Partnerschapsraad, 19 comités en 4 werkgroepen.

(3)

Artikel 9, lid 1, van de handels- en samenwerkingsovereenkomst stelt de Werkgroep organische producten in, onder toezicht van het Gespecialiseerd Handelscomité voor technische handelsbelemmeringen; de Werkgroep motorvoertuigen en onderdelen, onder toezicht van het Gespecialiseerd Handelscomité voor technische handelsbelemmeringen; de Werkgroep geneesmiddelen, onder toezicht van het Gespecialiseerd Handelscomité voor technische handelsbelemmeringen, en de Werkgroep coördinatie van de sociale zekerheid, onder toezicht van het Gespecialiseerd Comité voor coördinatie van de sociale zekerheid.

(4)

In artikel 8, lid 2, punt h), van de handels- en samenwerkingsovereenkomst is bepaald dat het Comité voor het handelspartnerschap bevoegd is om werkgroepen op te richten, te superviseren, te coördineren en op te heffen, of het toezicht erop te delegeren aan een gespecialiseerd handelscomité, met betrekking tot aangelegenheden die verband houden met deel twee, rubriek een, titels I tot en met VII, titel VIII, hoofdstuk 4, titels IX tot en met XII, deel twee, rubriek zes en bijlage 27. Evenzo is in artikel 8, lid 4, punt f), van die overeenkomst bepaald dat gespecialiseerde comités bevoegd zijn om werkgroepen op te richten, te superviseren, te coördineren en op te heffen, met betrekking tot aangelegenheden die verband houden met hun bevoegdheidsgebied.

(5)

Overeenkomstig artikel 9, lid 2, van de handels- en samenwerkingsovereenkomst moeten de werkgroepen, die onder toezicht staan van comités, de comités in de uitvoering van hun taken bijstaan, en in het bijzonder de werkzaamheden van de comités voorbereiden en alle taken uitvoeren die hen door de comités worden opgedragen.

(6)

Krachtens artikel 9, lid 3, van de handels- en samenwerkingsovereenkomst moeten de werkgroepen uit vertegenwoordigers van de Unie en van het Verenigd Koninkrijk bestaan en worden ze gezamenlijk voorgezeten door een vertegenwoordiger van de Unie en een vertegenwoordiger van het Verenigd Koninkrijk.

(7)

Overeenkomstig artikel 9, lid 4, van de handels- en samenwerkingsovereenkomst moeten de werkgroepen in onderlinge overeenstemming hun eigen reglement van orde vaststellen.

(8)

Voor de goede werking van de werkgroepen is een reglement van orde nodig voor hun activiteiten en moet dit gebaseerd zijn op het reglement van orde in bijlage 1 bij de handels- en samenwerkingsovereenkomst, naar behoren aangepast aan het doel en de werking van de werkgroepen.

(9)

Een werkgroep kan verdere aanpassingen van het modelreglement van orde doorvoeren, betreffende niet-essentiële elementen, indien dergelijke aanpassingen noodzakelijk zijn voor het doel en de werking van die specifieke werkgroep.

(10)

Het is dan ook passend het standpunt te bepalen dat namens de Unie moet worden ingenomen met betrekking tot de vaststelling van het reglement van orde van werkgroepen.

(11)

Om de werkgroepen in staat te stellen het reglement van orde tijdig vast te stellen, moet dit besluit in werking treden op de datum van de vaststelling ervan,

HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:

Artikel 1

1.   Het namens de Unie in te nemen standpunt met betrekking tot de vaststelling van het reglement van orde van werkgroepen die opgericht zijn bij, of later opgericht zijn krachtens, de Handels- en samenwerkingsovereenkomst tussen de Europese Unie en de Europese Gemeenschap voor Atoomenergie, enerzijds, en het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland, anderzijds, is opgenomen in deel I van het aan dit besluit gehechte document.

2.   Het standpunt dat namens de Unie moet worden ingenomen met betrekking tot de aanpassingen voor een specifieke werkgroep betreffende niet-essentiële elementen van het reglement van orde dat is opgenomen in deel I van het aan dit besluit gehechte document, indien dergelijke aanpassingen noodzakelijk zijn voor het doel en de werking van die specifieke werkgroep, wordt nader bepaald overeenkomstig deel II van het aan dit besluit gehechte document.

Artikel 2

Dit besluit treedt in werking op de datum van de vaststelling ervan.

Gedaan te Brussel, 28 september 2023.

Voor de Raad

De voorzitter

F. GRANDE-MARLASKA GÓMEZ


(1)   PB L 149 van 30.4.2021, blz. 10.

(2)  Besluit (EU) 2021/689 van de Raad van 29 april 2021 betreffende de sluiting, namens de Unie, van de Handels- en samenwerkingsovereenkomst tussen de Europese Unie en de Europese Gemeenschap voor Atoomenergie, enerzijds, en het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland, anderzijds, en van de Overeenkomst tussen de Europese Unie en het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland inzake beveiligingsprocedures voor de uitwisseling en bescherming van gerubriceerde gegevens (PB L 149 van 30.4.2021, blz. 2).


DEEL I

Model reglement van orde voor werkgroepen die opgericht zijn bij, of later opgericht zijn krachtens, de handels- en samenwerkingsovereenkomst

Handels- en samenwerkingsovereenkomst

Werkgroepen

Reglement van orde

Artikel 1

Voorzitters

De Unie en het Verenigd Koninkrijk stellen elkaar in kennis van de naam, de functie en de contactgegevens van hun respectieve aangewezen medevoorzitters van de werkgroep. Een medevoorzitter wordt geacht te zijn gemachtigd om respectievelijk de Unie of het Verenigd Koninkrijk te vertegenwoordigen tot de datum waarop aan de andere Partij kennis is gegeven van een nieuwe medevoorzitter.

Een medevoorzitter kan voor een bepaalde vergadering of een deel daarvan worden vervangen door een aangewezen persoon. De medevoorzitter, of zijn aangewezen persoon, stelt de andere medevoorzitter en het secretariaat van de werkgroep zo vroeg mogelijk in kennis van de aanwijzing. In dit reglement van orde wordt hierna onder medevoorzitters ook een aangewezen persoon verstaan.

Artikel 2

Secretariaat

Het secretariaat van de werkgroep bestaat uit een ambtenaar van de Unie en een ambtenaar van de regering van het Verenigd Koninkrijk. Het secretariaat verricht onder toezicht van het bevoegde comité de taken die het bij dit reglement van orde heeft gekregen.

De Unie en het Verenigd Koninkrijk stellen elkaar in kennis van de naam, de functie en de contactgegevens van de ambtenaar die lid is van het secretariaat van de respectieve werkgroep. Die ambtenaar wordt geacht als lid van het secretariaat voor de Unie of voor het Verenigd Koninkrijk op te treden tot de datum waarop de Unie of het Verenigd Koninkrijk kennis heeft gegeven van een nieuw lid.

Artikel 3

Vergaderingen

Elke vergadering van de werkgroep wordt door het secretariaat bijeengeroepen op een door de medevoorzitters overeengekomen datum en tijdstip. Wanneer hetzij de Unie, hetzij het Verenigd Koninkrijk om een vergadering heeft verzocht, neemt de andere Partij dit verzoek naar behoren in overweging en antwoordt zij binnen 30 dagen.

De werkgroep houdt haar vergaderingen afwisselend in Brussel en Londen, tenzij de medevoorzitters anders besluiten.

In afwijking van het tweede lid kunnen de medevoorzitters overeenkomen dat een vergadering van de werkgroep via videoconferentie, teleconferentie of in hybride vorm zal plaatsvinden.

Artikel 4

Deelname aan vergaderingen

De Unie en het Verenigd Koninkrijk stellen elkaar een redelijke tijd vóór elke vergadering via het secretariaat in kennis van de voorgenomen samenstelling van hun respectieve delegaties en vermelden de naam en functie van elk lid van de delegatie.

Waar passend kunnen de medevoorzitters met wederzijdse instemming deskundigen (d.w.z. personen die geen ambtenaar zijn) uitnodigen voor een vergadering van de werkgroep om informatie te verstrekken over een specifiek onderwerp, en alleen voor de delen van de vergadering tijdens welke die specifieke onderwerpen worden besproken.

Artikel 5

Documenten

Schriftelijke documenten die ten grondslag liggen aan de beraadslagingen van de werkgroep, worden door het secretariaat genummerd en aan de Unie en het Verenigd Koninkrijk bezorgd.

Artikel 6

Correspondentie

De Unie en het Verenigd Koninkrijk zenden hun voor de werkgroep bestemde correspondentie aan het secretariaat. Die correspondentie kan worden toegezonden in welke vorm van schriftelijke communicatie dan ook, met inbegrip van e-mail.

Het secretariaat ziet erop toe dat de correspondentie die aan de werkgroep is gericht, aan de medevoorzitters wordt verstrekt en in voorkomend geval overeenkomstig artikel 5 wordt bezorgd.

Alle correspondentie van of rechtstreeks gericht aan de medevoorzitters wordt doorgestuurd naar het secretariaat en waar passend overeenkomstig artikel 5 bezorgd.

Artikel 7

Agenda voor de vergadering

Voor elke vergadering stelt het secretariaat een voorlopige ontwerpagenda op. Dit ontwerp wordt, samen met de desbetreffende documenten, uiterlijk vijf dagen voor de datum van de vergadering aan de medevoorzitters toegezonden.

Op de voorlopige agenda staan de punten waarvoor de Unie of het Verenigd Koninkrijk een verzoek tot plaatsing op de agenda hebben gedaan. Verzoeken daartoe dienen, vergezeld van alle relevante documenten, uiterlijk zeven dagen voor het begin van de vergadering bij het secretariaat te worden ingediend.

Uiterlijk drie dagen voor de datum van de vergadering stellen de medevoorzitters de voorlopige agenda voor een vergadering vast.

De agenda wordt aan het begin van iedere vergadering door de werkgroep vastgesteld. Op verzoek van de Unie of het Verenigd Koninkrijk kunnen punten die niet op de voorlopige agenda stonden, bij consensus aan de agenda worden toegevoegd.

De medevoorzitters mogen, met wederzijdse instemming, de in het eerste, tweede en derde lid vermelde termijnen inkorten of verlengen als zulks in een bepaald geval vereist is.

Artikel 8

Notulen

De ambtenaar die fungeert als lid van het secretariaat voor de Partij die de vergadering organiseert, stelt binnen zeven dagen na het einde van de vergadering ontwerpnotulen daarvan op, tenzij de medevoorzitters anders besluiten. De ontwerpnotulen worden voor commentaar toegezonden aan het lid van het secretariaat van de andere Partij. Laatstgenoemde mag binnen vijf dagen na de datum van ontvangst van de ontwerpnotulen opmerkingen kenbaar maken.

De notulen geven in de regel een samenvatting van elk agendapunt, met in voorkomend geval vermelding van:

de aan de werkgroep voorgelegde documenten;

elke verklaring waarvan een medevoorzitter om de opneming in de notulen heeft verzocht; en

operationele conclusies die met betrekking tot specifieke punten zijn vastgesteld.

De notulen bevatten als bijlage een deelnemerslijst met daarin voor elk van de delegaties de namen en functies van alle personen die de vergadering hebben bijgewoond.

Het secretariaat past de ontwerpnotulen aan op basis van de ontvangen opmerkingen; de herziene ontwerpnotulen worden door de medevoorzitters goedgekeurd binnen 28 dagen na de datum van de vergadering of op een andere door de medevoorzitters overeengekomen datum.

Na goedkeuring worden kopieën van de notulen ondertekend door de leden van het secretariaat en worden deze toegezonden aan de Unie en het Verenigd Koninkrijk, evenals aan het toezichthoudend comité. De medevoorzitters kunnen overeenkomen dat de ondertekening en uitwisseling van elektronische kopieën in dit verband volstaan.

Artikel 9

Vertrouwelijkheid

Tenzij anders besloten door de medevoorzitters, zijn de vergaderingen van de werkgroep vertrouwelijk.

Indien de Unie of het Verenigd Koninkrijk aan de werkgroep informatie voorlegt die vertrouwelijk is, of die uit hoofde van haar respectievelijk zijn wet- en regelgeving niet openbaar mag worden gemaakt, behandelt de andere Partij die informatie als vertrouwelijk.

De medevoorzitters kunnen besluiten voorlopige agenda’s openbaar te maken voor aanvang van de vergadering van de werkgroep. De medevoorzitters kunnen ook besluiten de notulen van de vergadering openbaar te maken nadat deze overeenkomstig artikel 8 zijn goedgekeurd.

De bekendmaking van de in het derde lid bedoelde documenten geschiedt overeenkomstig de toepasselijke gegevensbeschermingsregels van beide Partijen.

Artikel 10

Talen

De werktaal van de werkgroep is het Engels. Tenzij anders besloten door de medevoorzitters, beraadslaagt de werkgroep op basis van in het Engels opgestelde documenten.

Artikel 11

Kosten

De Unie en het Verenigd Koninkrijk dragen elk hun eigen kosten in verband met deelname aan de vergaderingen van de werkgroep.

Uitgaven in verband met de organisatie van de vergaderingen en de reproductie van documenten komen ten laste van de Partij die de vergadering organiseert.

De kosten in verband met vertolking van en naar de werktaal van de werkgroep bij de vergaderingen zijn ten laste van de Partij die om vertolking vraagt.

Artikel 12

Rapportage

De werkgroep stelt het toezichthoudend comité ruim voor haar bijeenkomsten in kennis van haar vergaderrooster en -agenda en meldt de resultaten en conclusies van elke vergadering aan het toezichthoudend comité.

DEEL II

Standpunt van de Unie betreffende specifieke aanpassingen van het reglement van orde van werkgroepen

Voordat een werkgroep aanpassingen vaststelt betreffende niet-essentiële elementen van zijn reglement van orde, zoals vastgesteld in deel I, indien dergelijke aanpassingen noodzakelijk zijn voor het doel en de werking van die specifieke werkgroep, moet de Commissie tijdig voor de vergadering van die werkgroep of de schriftelijke procedure in die werkgroep, en in elk geval niet later dan acht werkdagen vóór de aanvang van de desbetreffende vergadering of schriftelijke procedure, een schriftelijk document met de bijzonderheden van de voorgestelde nadere bepaling van het namens de Unie uit te drukken standpunt toezenden aan de Raad, teneinde deze in staat te stellen de bijzonderheden van dit standpunt te bespreken en te bekrachtigen.


ELI: http://data.europa.eu/eli/dec/2023/2193/oj

ISSN 1977-0758 (electronic edition)


Top