Choose the experimental features you want to try

This document is an excerpt from the EUR-Lex website

Vermindering van verontreiniging door microplastics uit kunststofgranulaat

SAMENVATTING VAN:

Verordening (EU) 2025/2365 inzake de voorkoming van het verlies van kunststofgranulaat om verontreiniging door microplastics te verminderen

WAT IS HET DOEL VAN DE VERORDENING?

Verordening (EU) 2025/2365 stelt Europese Unie (EU)-brede regels vast om het verlies van kunststofgranulaat geleidelijk tot nul terug te brengen1 in de hele toeleveringsketen en daarmee de verontreiniging door microplastics te verminderen. Zij legt verplichtingen vast voor marktdeelnemers, vervoerders en maritieme actoren die kunststofgranulaat binnen de EU hanteren, vervoeren of verzenden.

KERNPUNTEN

Context

Kunstofgranulaat bestaat uit polymeerhoudende vormmaterialen die worden gebruikt om plastic producten te maken. Wanneer ze verloren gaan, worden ze persistente microplastics die ecosystemen schaden en mogelijk gevolgen hebben voor de menselijke gezondheid. Granulaatverliezen zijn de op twee na grootste bron van onbedoelde verontreiniging door microplastics in de EU.

Toepassingsgebied

De verordening is van toepassing op:

  • exploitanten die in het voorgaande kalenderjaar vijf ton of meer granulaten hebben verwerkt;
  • exploitanten van installaties die worden gebruikt voor het reinigen van granulaatcontainers en -tanks;
  • EU- en niet-EU-vervoerders die granulaat vervoeren in de EU;
  • verladers, exploitanten, agenten en kapiteins van zeeschepen die lading innemen in of een EU-haven aandoen.

Operationele verplichtingen

Alle betrokken entiteiten moeten granulaatverliezen zonder vertraging voorkomen, inperken en opruimen, in die volgorde van prioriteit en met gebruikmaking van ecologisch duurzame praktijken.

Verladers moeten zorgen voor een stevige verpakking, vervoersinformatie verstrekken en speciale verzoeken voor plaatsing indienen.

Op de verpakking moeten een waarschuwing en een pictogram worden aangebracht.

Exploitanten, agenten en kapiteins van vaartuigen moeten granulaatcontainers vastzetten en benedendeks of op beschutte plaatsen stuwen.

Registratie en kennisgeving

Voordat granulaat wordt gehanteerd of vervoerd, moeten exploitanten en vervoerders de nationale autoriteiten in kennis stellen van installaties of vervoersactiviteiten.

Vervoerders van buiten de EU moeten een gemachtigde vertegenwoordiger aanstellen die gevestigd is in ten minste één EU-lidstaat.

Kennisgevingen moeten actueel worden gehouden, met inbegrip van sluitingen of wijzigingen in de verwerkte hoeveelheden.

Risicobeheer

Elke installatie moet beschikken over een risicobeheerplan waarin lozingspunten2, geraamde verliezen en een beschrijving worden opgenomen van procedures en apparatuur om morsen te voorkomen, in te dammen en op te ruimen, die geschikt zijn voor het type installatie, met toegewezen verantwoordelijkheden. De plannen moeten regelmatig worden bijgewerkt en kunnen op verzoek van de autoriteiten worden herzien. Exploitanten moeten gedurende vijf jaar gegevens bewaren over de verwerkte hoeveelheden en de geraamde verliezen.

Operationele en bedrijfsvereisten

Installaties moeten gebruikmaken van geschikte verpakkingen, insluitingssystemen, afscherming van afvoerkanalen en apparatuur voor het opruimen van morsingen.

Wanneer in installaties die eigendom zijn van grote en middelgrote ondernemingen, jaarlijks 1 500 ton of meer wordt verwerkt, moeten exploitanten ook:

  • jaarlijkse interne evaluaties uitvoeren;
  • opleidings- en bewustmakingsprogramma's aanbieden voor personeel en aannemers;
  • de risicobeheermaatregelen evalueren en de bevindingen vastleggen.

Vervoersverplichtingen

Vervoerders over de weg, per spoor en over de binnenwateren moeten ervoor zorgen dat voertuigen en containers vóór vertrek vrij zijn van granulaat, laad- en lossystemen sluiten wanneer zij faciliteiten verlaten en verliezen tijdens het vervoer en op overslagpunten zoals havens of terminals, beperken.

Verificatie van de naleving

De naleving wordt aangetoond door middel van:

  • een zelfverklaring van vijf jaar voor micro-ondernemingen en exploitanten die geen certificaat hoeven te verkrijgen, samen met een bijgewerkt risicobeheerplan; of
  • certificering door derden voor installaties die 1 500 ton of meer verwerken, vereist om de drie jaar voor grote ondernemingen, om de vier jaar voor middelgrote ondernemingen en slechts eenmaal voor kleine ondernemingen, afgegeven door geaccrediteerde certificeerders na steekproefsgewijze controles.

Certificeringstermijnen variëren naargelang de grootte van de onderneming:

  • grote ondernemingen moeten uiterlijk op gecertificeerd zijn, met verlenging om de drie jaar;
  • middelgrote ondernemingen uiterlijk op , met verlenging om de vier jaar;
  • kleine ondernemingen uiterlijk op , met certificaten die vijf jaar geldig zijn en daarna ofwel kunnen worden verlengd ofwel door een eigen verklaring kunnen worden vervangen.

Marktdeelnemers die geregistreerd zijn in het kader van het EU-milieubeheer- en milieuauditsysteem (EMAS) zijn vrijgesteld indien hun verificateur heeft bevestigd dat aan de verordening wordt voldaan. De lidstaten kunnen marktdeelnemers die gebruikmaken van gelijkwaardige geverifieerde systemen eveneens vrijstellen wanneer de uitvoering van de voorschriften is bevestigd en het systeem erkend is.

Voorlichting aan het publiek en handhaving

De lidstaten moeten openbare online registers van kennisgevingen, risicoplannen, eigen verklaringen, certificaten en vergunningen bijhouden, met inachtneming van de bescherming van vertrouwelijke gegevens.

Autoriteiten moeten risicogebaseerde inspecties uitvoeren en evenredige en afschrikkende sancties opleggen, met inbegrip van administratieve boetes of strafrechtelijke sancties voor ernstige inbreuken.

Personen die gezondheidsschade als gevolg van inbreuken lijden, hebben het recht om schadevergoeding bij de verantwoordelijke partij te vorderen.

De Europese Commissie zal tegen bewustmakings- en opleidingsmateriaal ontwikkelen en beschikbaar stellen.

De lidstaten moeten zorgen voor toegang tot informatie en bijstand en kunnen financiële en technische ondersteuning bieden aan kleinere ondernemingen, onder voorbehoud van de regels inzake staatssteun.

Monitoring en evaluatie

  • De lidstaten moeten hun eerste uitvoeringsverslag uiterlijk op indienen, en vervolgens om de drie jaar.
  • Uiterlijk op moet de Commissie de uitvoering en de bijdrage van de verordening aan de vermindering van de verontreiniging door microplastics met 30 % tegen 2030 evalueren.

VANAF WANNEER IS DE VERORDENING VAN TOEPASSING?

De belangrijkste verplichtingen in de verordening zijn van toepassing met ingang van .

Bepaalde bepalingen zijn sinds van toepassing, terwijl de eisen voor verladers en zeevervoer vanaf van toepassing zullen zijn.

ACHTERGROND

Zie voor meer informatie:

KERNBEGRIPPEN

  1. Verlies. Granulaat dat in het milieu terechtkomt.
  2. Morsing. Een eenmalige of langdurige ontsnapping van granulaat binnen een installatie of vervoermiddel.

BELANGRIJKSTE DOCUMENT

Verordening (EU) 2025/2365 van het Europees Parlement en de Raad van inzake de voorkoming van het verlies van kunststofgranulaat om verontreiniging door microplastics te verminderen (PB L, 2025/2365, ).

laatste update

Top