Use quotation marks to search for an "exact phrase". Append an asterisk (*) to a search term to find variations of it (transp*, 32019R*). Use a question mark (?) instead of a single character in your search term to find variations of it (ca?e finds case, cane, care).
Het protocol van Cartagena bij het verdrag inzake biologische diversiteit van 1993 (zie samenvatting) is gebaseerd op het voorzorgsbeginsel1. Het is erop gericht schade aan biologische diversiteit te voorkomen wanneer veranderde levende organismen2 worden overgedragen, behandeld of gebruikt, met name over grenzen heen (Verordening (EG) nr. 1946/2003 — zie samenvatting). Hierbij wordt rekening gehouden met de risico’s voor de gezondheid van de mens.
In het besluit van de Raad geeft de EU haar wettelijke goedkeuring aan het protocol.
KERNPUNTEN
Elke ondertekenende partij bij het protocol:
neemt de nodige en afdoende wettelijke, bestuursrechtelijke en andere maatregelen om aan haar verplichtingen te voldoen;
waarborgt dat de ontwikkeling, de behandeling, het vervoer, het gebruik, de overdracht en de introductie van veranderde levende organismen op zodanige wijze gebeuren dat risico’s voor de biologische diversiteit worden voorkomen of beperkt;
kan aanvullende maatregelen nemen ter bescherming van het behoud en het duurzame gebruik van biologische diversiteit;
wordt aangemoedigd rekening te houden met het werk en de deskundigheid van internationale organen die gespecialiseerd zijn in risico’s voor de gezondheid van de mens;
kan bilaterale, regionale en multilaterale akkoorden en regelingen sluiten, onder meer met landen die het protocol niet hebben ondertekend, mits deze akkoorden en regelingen niet leiden tot een lager beschermingsniveau;
moet adequate mechanismen, maatregelen en strategieën toepassen voor het beheersen van de gesignaleerde risico’s;
werkt samen om veranderde levende organismen te signaleren die schadelijke gevolgen kunnen hebben;
werkt samen om mankracht en institutionele capaciteiten te ontwikkelen met het oog op de bescherming van de bioveiligheid3 en bewustmaking;
moet de betrokken of mogelijkerwijs betrokken landen, het uitwisselingscentrum voor bioveiligheid en, indien nodig, betrokken internationale organisaties in kennis stellen van elke gebeurtenis onder haar rechtsmacht die grensoverschrijdende schade zou kunnen veroorzaken;
zorgt voor de veilige behandeling, verpakking en identificatie en het veilige vervoer van uitgevoerde veranderde levende organismen, naast de noodzakelijke documentatie;
verstrekt het uitwisselingscentrum voor bioveiligheid de gegevens betreffende haar nationale wetten, risicobeoordelingen, besluiten en andere informatie die het protocol voorschrijft;
neemt afdoende nationale maatregelen om de illegale handel in veranderde levende organismen te voorkomen en te bestraffen;
kan zich een jaar na schriftelijke kennisgeving uit het protocol terugtrekken.
Het protocol is van toepassing op de internationale verplaatsing, de doorvoer, de behandeling en het gebruik van alle veranderde levende organismen die nadelige gevolgen kunnen hebben voor de biologische diversiteit en de menselijke gezondheid, met uitzondering van geneesmiddelen voor de mens die onder andere internationale overeenkomsten of organisaties vallen.
Een procedure voor voorafgaande geïnformeerde instemming is van toepassing op de eerste uitvoer van veranderde levende organismen voor de doelbewuste introductie in het milieu, met uitzondering van die welke reeds zijn aangemerkt als onschadelijk voor de biodiversiteit of de menselijke gezondheid. Deze schrijft voor dat:
het land van uitvoer de relevante invoerautoriteiten vooraf schriftelijk in kennis stelt van specifieke gegevens (vermeld in bijlage I) van de zending;
de invoerautoriteiten de ontvangst van de kennisgeving binnen negentig dagen moeten bevestigen en moeten besluiten of de invoer mag plaatsvinden. Zij kunnen:
de invoer al dan niet onder voorwaarden goedkeuren,
de invoer weigeren,
om aanvullende informatie vragen,
besluiten dat er meer tijd nodig is om de kennisgeving te verwerken,
een eerder besluit wijzigen in het licht van nieuwe wetenschappelijke informatie,
in bepaalde omstandigheden een vereenvoudigde procedure toepassen,
toestaan dat bepaalde door de kennisgever ingediende informatie vertrouwelijk wordt behandeld. Dit geldt niet voor een algemene beschrijving van het veranderde levende organisme, een samenvatting van de risicobeoordeling of noodmaatregelen.
Er geldt een specifieke procedure voor veranderde levende organismen die bedoeld zijn om rechtstreeks als voedingsmiddel of diervoeding of voor be- of verwerking te worden gebruikt. Een land dat besluit dat een veranderd levend organisme op zijn binnenlandse markt mag worden gebruikt of verkocht, dat vervolgens ook uitgevoerd zou kunnen worden, moet via het uitwisselingscentrum voor bioveiligheid gedetailleerde informatie (vermeld in bijlage II) verstrekken aan de andere ondertekenende partijen.
Het protocol voorziet in risicobeoordelingen op basis van wetenschappelijk verantwoorde methoden (bijlage III).
In elk land is een nationaal contactpunt verantwoordelijk voor de contacten met het bij het verdrag opgerichte secretariaat. Gespecificeerde nationale autoriteiten verrichten de administratieve taken waartoe het protocol verplicht.
Er wordt een uitwisselingscentrum voor bioveiligheid opgericht om:
te zorgen voor de uitwisseling van wetenschappelijke, technische, milieukundige en juridische informatie;
de ondertekenende partijen, met name degenen die daar het meest behoefte aan hebben, te helpen bij de tenuitvoerlegging van het protocol.
De conferentie van de partijen, waarbij alle ondertekenaars van het verdrag betrokken zijn, toetst het protocol, beoordeelt het om de vijf jaar, beveelt te nemen maatregelen aan en stelt hulporganen in.
DATUM VAN INWERKINGTREDING
Het protocol is op in werking getreden.
ACHTERGROND
Het Verdrag inzake biologische diversiteit van het Milieuprogramma van de Verenigde Naties is op van kracht geworden.
Het Protocol van Cartagena inzake bioveiligheid bij het verdrag inzake biologische diversiteit is op in Montreal goedgekeurd.
Voorzorgsbeginsel: als er gevaar bestaat voor ernstige of onomkeerbare schade, mag het ontbreken van volledige wetenschappelijke zekerheid niet als argument worden gebruikt om kosteneffectieve maatregelen ter voorkoming van achteruitgang van het milieu uit te stellen (beginsel 15 van de Verklaring van Rio de Janeiro inzake milieu en ontwikkeling).
Veranderd levend organisme: een levend organisme dat een nieuwe combinatie van genetisch materiaal bezit, die is verkregen door het gebruik van moderne biotechnologie.
Bioveiligheid: de bescherming van de menselijke gezondheid en het milieu tegen de mogelijke nadelige gevolgen van de producten van moderne biotechnologie.
Besluit 2002/628/EG van de Raad van inzake de sluiting namens de Europese Gemeenschap van het Protocol van Cartagena inzake bioveiligheid (PB L 201 van , blz. 48-49)
Besluit 2013/86/EU van de Raad van betreffende de sluiting namens de Europese Unie van het Aanvullend Protocol van Nagoya-Kuala Lumpur inzake aansprakelijkheid en schadeloosstelling bij het Protocol van Cartagena inzake bioveiligheid (PB L 46 van , blz. 1-3)
Verordening (EG) nr. 1946/2003 van het Europees Parlement en de Raad van betreffende de grensoverschrijdende verplaatsing van genetisch gemodificeerde organismen (PB L 287 van , blz. 1-10)