Choose the experimental features you want to try

This document is an excerpt from the EUR-Lex website

Document 31979R0346

    Verordening (EEG) nr. 346/79 van de Raad van 5 februari 1979 houdende omschrijving van de wijze van toepassing van vrijwaringsmaatregelen in de wijnsector

    PB L 54 van 5.3.1979, p. 72–74 (DA, DE, EN, FR, IT, NL)

    Dit document is verschenen in een speciale editie. (EL, ES, PT, FI, SV)

    Legal status of the document No longer in force, Date of end of validity: 31/07/2000; opgeheven door 31999R1493 ;

    ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/1979/346/oj

    31979R0346

    Verordening (EEG) nr. 346/79 van de Raad van 5 februari 1979 houdende omschrijving van de wijze van toepassing van vrijwaringsmaatregelen in de wijnsector

    Publicatieblad Nr. L 054 van 05/03/1979 blz. 0072 - 0074
    Bijzondere uitgave in het Fins: Hoofdstuk 3 Deel 10 blz. 0185
    Bijzondere uitgave in het Grieks: Hoofdstuk 03 Deel 24 blz. 0178
    Bijzondere uitgave in het Zweeds: Hoofdstuk 3 Deel 10 blz. 0185
    Bijzondere uitgave in het Spaans: Hoofdstuk 03 Deel 15 blz. 0222
    Bijzondere uitgave in het Portugees: Hoofdstuk 03 Deel 15 blz. 0222


    ++++

    VERORDENING ( EEG ) Nr . 346/79 VAN DE RAAD

    van 5 februari 1979

    houdende omschrijving van de wijze van toepassing van vrijwaringsmaatregelen in de wijnsector

    DE RAAD VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN ,

    Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Economische Gemeenschap ,

    Gelet op Verordening ( EEG ) nr . 337/79 van de Raad van 5 februari 1979 houdende een gemeenschappelijke ordening van de wijnmarkt ( 1 ) , inzonderheid op artikel 26 , lid 1 ,

    Gezien het voorstel van de Commissie ( 2 ) ,

    Overwegende dat Verordening ( EEG ) nr . 337/79 in artikel 26 , lid 1 , in de mogelijkheid voorziet , passende maatregelen te nemen als in de Gemeenschap de markt van een of meer van de in artikel 1 , lid 2 , bedoelde produkten als gevolg van invoer of uitvoer ernstige verstoringen ondergaat of dreigt te ondergaan , die de doeleinden van artikel 39 van het Verdrag in gevaar kunnen brengen ; dat deze maatregelen betrekking hebben op het handelsverkeer met derde landen en dat het einde van hun toepassing wordt bepaald door de verdwijning van de verstoring of de dreigende verstoring ;

    Overwegende dat de Raad tot taak heeft de wijze van toepassing van het vorengenoemde artikel 26 , lid 1 , alsmede de gevallen en de grenzen waarbinnen de Lid-Staten conservatoire maatregelen kunnen treffen , te bepalen ;

    Overwegende dat derhalve de belangrijkste factoren dienen te worden bepaald aan de hand waarvan kan worden beoordeeld of de markt in de Gemeenschap ernstig is of dreigt te worden verstoord ;

    Overwegende dat het noodzakelijk is , daar het beroep op vrijwaringsmaatregelen afhankelijk is van de invloed , uitgoefend door het handelsverkeer met de derde landen op de markt van de Gemeenschap , de toestand van deze markt te beoordelen door niet slechts rekening te houden met de elementen die aan deze markt eigen zijn , doch ook met de elementen die betrekking hebben op de ontwikkeling van dit handelsverkeer ;

    Overwegende dat dient te worden omschreven welke maatregelen kunnen worden getroffen in toepassing van artikel 26 van Verordening ( EEG ) nr . 337/79 ; dat deze maatregelen van zodanige aard dienen te zijn dat zij ernstige marktverstoringen kunnen verhelpen en dat zij de dreiging van dergelijke verstoringen kunnen doen verdwijnen ; dat zij op de omstandigheden afgestemd dienen te kunnen worden om te vermijden dat ze andere dan de gewenste gevolgen hebben ;

    Overwegende dat het marktmechanisme in de wijnsector een stelsel van invoercertificaten omvat ; dat het bestaan van dit stelsel leidt tot het vaststellen van regels aan de hand waarvan na een beknopt onderzoek van de situatie , conservatoire maatregelen op communautair niveau kunnen worden getroffen ;

    Overwegende dat het beroep door een Lid-Staat op artikel 26 van Verordening ( EEG ) nr . 337/79 beperkt dient te worden tot het geval waarin de markt van deze staat , na beoordeling gegrond op de bovengenoemde elementen , wordt beschouwd als te voldoen aan de voorwaarden van genoemd artikel ; dat de maatregelen die in dit geval kunnen worden genomen zodanig dienen te zijn dat de marktsituatie niet verder verslechtert ; dat zij evenwel een conservatoir karakter moeten bezitten ; dat ingevolge dit conservatoire karakter de toepassing der nationale maatregelen slechts is gerechtvaardigd tot de inwerkingtreding van een communautair besluit ter zake ;

    Overwegende dat de Commissie tot taak heeft te beschikken ter zake van de gemeenschappelijke vrijwaringsmaatregelen die dienen te worden genomen na een verzoek hiertoe door een Lid-Staat , zulks binnen een tijdvak van 24 uur na de ontvanst van dit verzoek ; dat ten einde de Commissie in staat te stellen de toestand op de markt zo doeltreffend mogelijk te beoordelen , het noodzakelijk is in bepalingen te voorzien , die waarborgen dat zij zo spoedig mogelijk op de hoogte wordt gebracht van het feit dat een Lid-Staat conservatoire maatregelen toepast ; dat derhalve dient te worden bepaald dat de Commissie wordt ingelicht zodra tot het nemen van deze maatregelen is besloten en dat deze kennisgeving dient te worden aangemerkt als een verzoek in de zin van artikel 26 , lid 2 , van Verordening ( EEG ) nr . 337/79 ,

    HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD :

    Artikel 1

    Bij de beoordeling of in de Gemeenschap de markt voor een of meer der in artikel 1 , lid 2 , van Verordening ( EEG ) nr . 337/79 bedoelde produkten als gevolg van in - of uitvoer ernstige verstoringen ondergaat of dreigt te ondergaan , die de doeleinden van artikel 39 van het Verdrag in gevaar kunnen brengen , wordt , behalve met de in artikel 26 , lid 1 , tweede alinea , van die verordening bepaalde criteria , in het bijzonder rekening gehouden :

    a ) met de omvang van de werkelijke of de te verwachten uitvoer ;

    b ) met de beschikbare hoeveelheden produkten op de markt van de Gemeenschap ;

    c ) met de prijzen geconstateerd op de markt van de Gemeenschap of met de te verwachten ontwikkeling van deze prijzen , en inzonderheid met hun neiging tot buitensporige stijging of , voor produkten waarvoor geen interventieregeling bestaat , met hun neiging tot buitensporige daling ;

    d ) met de hoeveelheden produkten waarvoor eventueel interventiemaatregelen moeten worden genomen , indien de in aanhef bedoelde situatie zich voordoet ten gevolge van invoer .

    Artikel 2

    1 . De maatregelen die kunnen worden genomen in toepassing van artikel 26 , lid 2 en lid 3 , van Verordening ( EEG ) nr . 337/79 indien de toestand , bedoeld in lid 1 van dit artikel zich voordoet , zijn :

    a ) volledige of gedeeltelijke stopzetting van de afgifte van invoercertificaten , die tot gevolg heeft dat nieuwe aanvragen niet ontvankelijk zijn ;

    b ) volledige of gedeeltelijke afwijzing van hangende aanvragen voor de afgifte van certificaten ;

    c ) opschorting van de uitvoer ;

    d ) toepassing van heffingen bij uitvoer .

    2 . Deze maatregelen mogen slechts worden getroffen in de mate en voor de tijdsduur die strikt noodzakelijk zijn . Zij mogen slechts betrekking hebben op produkten van herkomst uit of bestemd voor derde landen . Zij kunnen worden beperkt tot bepaalde herkomsten , oorsprongen , bestemmingen , kwaliteiten of aanbiedingsvormen . Zij kunnen worden beperkt tot de invoer bestemd voor bepaalde gebieden van de Gemeenschap of tot de uitvoer uit bepaalde gebieden van de Gemeenschap .

    3 . De afwijzing van de in lid 1 bedoelde aanvragen is van toepassing op de aanvragen die zijn ingediend gedurende de perioden waarin de in artikel 3 of in artikel 4 beoogde opschorting werd toegepast .

    Artikel 3

    De Commissie kan na een beknopt onderzoek van de situatie aan de hand van de in artikel 1 aangeduide factoren , bij beschikking constateren dat aan de voorwaarden voor de toepassing van artikel 26 , lid 2 , van Verordening ( EEG ) nr . 337/79 is voldaan . Zij stelt de Lid-Staten in kennis van haar beschikking en maakt deze bekend door aanplakking op de plaats waar zij gevestigd is .

    Deze beschikking heeft voor de betrokken produkten , met ingang van het daartoe vermelde uur , dat op een later tijdstip valt dan de kennisgeving , tot gevolg dat de afgifte van de vergunningen tijdelijk wordt opgeschort .

    Deze beschikking is , onverminderd het bepaalde in artikel 26 , lid 2 , tweede zin , van Verordening ( EEG ) nr . 337/79 , gedurende ten hoogste 48 uur van toepassing .

    Artikel 4

    1 . Een Lid-Staat kan , te conservatoiren titel , een of meer maatregelen nemen als hij , na een beoordeling gegrond op de in artikel 1 bedoelde factoren , van mening is dat de toestand bedoeld in artikel 26 , lid 1 , van Verordening ( EEG ) nr . 337/79 zich voordoet op zijn grondgebied .

    De conservatoire maatregelen bestaan uit :

    a ) gehele of gedeeltelijke opschorting van de afgifte van invoercertificaten ,

    b ) opschorting van de uitvoer ,

    c ) het opleggen van de verplichting tot consignatie van heffingen bij de uitvoer of borgstelling van het bedrag ervan .

    De maatregelen bedoeld onder c ) kan slechts de inning van heffingen ten gevolge hebben als aldus werd beslist in toepassing van lid 2 of lid 3 van artikel 26 van Verordening ( EEG ) nr . 337/79 .

    De bepalingen van artikel 2 , lid 2 , zijn van toepassing .

    2 . De conservatoire maatregelen worden per telex-bericht aan de Commissie ter kennis gebracht zodra tot het nemen ervan is besloten . Deze kennisgeving geldt als het verzoek bedoeld in artikel 26 , lid 2 , van Verordening ( EEG ) nr . 337/79 . Zij zijn slechts van toepassing totdat de op deze grondslag door de Commissie gegeven beschikking in werking treedt .

    Artikel 5

    1 . Verordening ( EEG ) nr . 958/70 van de Raad van 26 mei 1970 houdende omschrijving van de wijze van toepassing van vrijwaringsmaatregelen in de wijnsector ( 3 ) , wordt ingetrokken .

    2 . Verwijzingen naar de krachtens lid 1 ingetrokken verordening moeten worden gelezen als verwijzingen naar de onderhavige verordening .

    Artikel 6

    Deze verordening treedt in werking op 2 april 1979 .

    Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke Lid-Staat .

    Gedaan te Brussel , 5 februari 1979 .

    Voor de Raad

    De Voorzitter

    P . MEHAIGNERIE

    ( 1 ) Zie blz . 1 van dit Publikatieblad .

    ( 2 ) PB nr . C 276 van 20 . 11 . 1978 , blz . 1 .

    ( 3 ) PB nr . L 115 van 28 . 5 . 1970 , blz . 4 .

    Top