Use quotation marks to search for an "exact phrase". Append an asterisk (*) to a search term to find variations of it (transp*, 32019R*). Use a question mark (?) instead of a single character in your search term to find variations of it (ca?e finds case, cane, care).
Verordening (EG) nr. 1339/2001 van de Raad breidt het toepassingsgebied van de verordening uit tot lidstaten die niet tot de eurozone behoren.
Hoofdlijnen van het systeem ter bescherming van de euro
Technische gegevens over valse eurobiljetten en -munten worden door de autoriteiten van lidstaten (met name nationale centrale banken) systematisch aan de ECB doorgegeven; de ECB is verantwoordelijk voor de opslag en verwerking ervan.
Autoriteiten van lidstaten moeten toestaan dat bankbiljetten waarvan wordt vermoed dat zij vals zijn door hun nationaal analysecentrum worden onderzocht en dat munten waarvan wordt vermoed dat zij vals zijn door het nationaal analysecentrum voor munten worden onderzocht. Deze instanties moeten elk nieuw type verdachte bankbiljetten doen toekomen aan de ECB en elk nieuw type verdachte munten aan het Europees Technisch en Wetenschappelijk Centrum (ETWC).
Kredietinstellingen, andere betalingsdienstaanbieders en andere instellingen die deelnemen aan de verwerking en verstrekking aan het publiek van bankbiljetten en muntstukken hebben bepaalde verplichtingen. Lidstaten moeten voorzien in doeltreffende, evenredige en afschrikkende sancties jegens instellingen die hun verplichtingen niet nakomen.
Lidstaten moeten een lijst van autoriteiten die zij aanwijzen als zijnde bevoegd om valse bankbiljetten en munten te identificeren, doen toekomen aan de Commissie en de ECB.
De Commissie heeft de Deskundigengroep eurovalsemunterij opgericht voor de volgende doeleinden:
helpen bij het opstellen van voorstellen voor rechtshandelingen of beleidsinitiatieven met betrekking tot de vervalsing van bankbiljetten en munten;
nauw samenwerken met de Commissie, lidstaten, het ETWC, de ECB en Europol;
informatie uitwisselen en goede praktijken opstellen inzake het voorkomen en bestrijden van valsemunterij, en de gevolgen ervan analyseren;
de Commissie adviseren inzake de uitvoering van Verordening (EG) nr. 1338/2001 en het Periclesprogramma.
VANAF WANNEER IS DE VERORDENING VAN TOEPASSING?
Het besluit is sinds van toepassing. Ze was evenwel van toepassing vanaf voor bankbiljetten en munten die nog niet uitgegeven waren, maar waarvan het de bedoeling was ze uit te geven.
ACHTERGROND
Verordening (EG) nr. 1338/2001, die voorafgaande aan de invoering van de euro in 2002 werd aangenomen, is bedoeld ter bescherming van eurobankbiljetten en -munten tegen valsemunterij.
De verordening vormt een aanvulling op een reeks eerder genomen besluiten:
oprichting van nationale analysecentra en nationale centra voor de analyse van muntstukken;
de verzameling van technische gegevens over vervalsing van de euro door de ECB en door het Europees Technisch en Wetenschappelijk Centrum dat verantwoordelijk is voor de analyse van euromunten;
Verordening (EG) nr. 1338/2001 van de Raad van tot vaststelling van maatregelen die noodzakelijk zijn voor de bescherming van de euro tegen valsemunterij (PB L 181 van , blz. 6-10).
Achtereenvolgende wijzigingen aan Verordening (EG) nr. 1338/2001 zijn opgenomen in het oorspronkelijke document. Deze geconsolideerde versie is enkel van documentaire waarde.
GERELATEERDE DOCUMENTEN
Verordening (EU) nr. 2021/840 van het Europees Parlement en de Raad van tot vaststelling van een programma inzake uitwisselingen, bijstand en opleiding voor de bescherming van de euro tegen valsemunterij voor de periode 2021-2027 (het ““Pericles IV””-programma) en tot intrekking van Verordening (EU) nr. 331/2014 (PB L 186 van , blz. 1-11).
Besluit van de Commissie van tot oprichting van de deskundigengroep eurovalsemunterij (PB C 58 van , blz. 5-7).
Overeenkomst tussen de Europese Politiedienst (Europol) en de Europese Centrale Bank (ECB) (PB C 123 van , blz. 1-5).
Richtlijn 2014/62/EU van het Europees Parlement en de Raad van betreffende de strafrechtelijke bescherming van de euro en andere munten tegen valsemunterij en ter vervanging van Kaderbesluit 2000/383/JBZ van de Raad (PB L 151 van , blz. 1-8).
Besluit 2013/211/EU van de Europese Centrale Bank van betreffende de denominaties, specificaties, reproductie, vervanging en het uit circulatie nemen van eurobankbiljetten (herschikking) (ECB/2013/10) (PB L 118 van , blz. 37-42).
Besluit 2010/597/EU van de Europese Centrale Bank van inzake echtheids- en geschiktheidscontroles en het opnieuw in omloop brengen van eurobankbiljetten (ECB/2010/14) (PB L 267 van , blz. 1-20).
Verordening (EU) nr. 1210/2010 van het Europees Parlement en de Raad van betreffende de echtheidscontrole van euromunten en de behandeling van euromunten die ongeschikt zijn voor circulatie (PB L 339 van , blz. 1-5).
Beschikking 2003/861/EG van de Raad van betreffende de analyse van valse euromunten en de samenwerking terzake (PB L 325, , blz. 44).
Verordening (EG) nr. 1339/2001 van de Raad van houdende uitbreiding van de werking van Verordening (EG) nr. 1338/2001 tot vaststelling van maatregelen die noodzakelijk zijn voor de bescherming van de euro tegen valsemunterij, tot de lidstaten die de euro niet als munteenheid hebben aangenomen (PB L 181 van , blz. 11).
Besluit 2001/887/JBZ van de Raad van inzake de bescherming van de euro tegen valsemunterij (PB L 329 van , blz. 1-2).
Besluit 2001/912/EG van de Europese Centrale Bank van betreffende bepaalde voorwaarden met betrekking tot toegang tot het Volgsysteem voor Valsemunterij (VSV) (ECB/2001/11) (PB L 337 van , blz. 49-51).