Glossarium van samenvattingen

Help PDF exporteren Deze pagina afdrukken 

Uniforme verkiezingsprocedure voor het Europees Parlement

Artikel 223 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie (VWEU) vereist dat het Europees Parlement (EP) de bepalingen voorstelt die nodig zijn voor de verkiezing van zijn leden via rechtstreekse algemene verkiezingen volgens een uniforme procedure in alle landen van de EU of volgens principes die in alle landen gelden. De noodzakelijke bepalingen worden vastgesteld door de Raad en worden van kracht na goedkeuring door de landen van de EU.

Besluit van de Raad „2002/772/EG, Euratom” introduceerde de principes van proportionele vertegenwoordiging (met gebruik van een lijst of een enkele overdraagbare stem) en incompatibiliteit tussen nationale en Europese mandaten (een lid van het Europees Parlement mag bijvoorbeeld geen deel uitmaken van de regering van een land van de EU). Dit besluit bepaalt nog steeds de procedure gelet op de moeilijkheid om een akkoord te bereiken over de harmonisatie van nationale tradities.

Het recht om te stemmen en zich kandidaat te stellen bij de verkiezingen is een fundamenteel recht onder artikel 39 van het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie. Artikel 22, lid 2 geeft burgers van de Unie die in een ander EU-land wonen het recht om te stemmen en zich verkiesbaar te stellen bij verkiezingen voor het EP (tenzij ze zijn onderworpen aan een andersluidende individuele gerechtelijke of administratieve beslissing).

Nationale regels hebben betrekking op aspecten zoals de toewijzing van zetels, de grenzen van de kieskringen, de kiesgerechtigde leeftijd, de verkiezingsdatums en het kandidaatstellingsproces.